jonkvrouwe de Graaf – onze fantje – terug op pomgedichten: ‘als je niets te zeggen hebt, zeg dan niets’ – ‘Ik dicht in mijn hoofd en mijn gedichten dansen op papier’

we kennen haar op de pom als de freule, als jonkvrouwe de graaf. zelf noemt ze zich nog steeds fantje. haar hele hebben en houwen deelt ze al jaren met iedereen die het wil lezen op internet. zo af en toe leven we mee. dan is haar weer iets vreselijks overkomen. en dan verhaalt ze en verhaalt ze. ik heb het vermoeden dat het momenteel goed met haar gaat. eigenlijk durf ik er niet naar te vragen omdat je dan meteen aan een roman vast zit. ze heeft weer werk. de vermageringscursus is met goed gevolg afgerond.

ze is ook niet te beledigen, ze blijft argumenteren, heeft overal een antwoord op – in die zin lijkt ze op een andere vrouw – een zekere ineke wolf –  die inmiddels van het poëzietoneel is verdwenen – die zwamde – werkelijk alles bij en op en over elkaar – op een gegeven moment toen iedereen met haar was uitgesproken begon ze met zich zelf te praten – http://inekewolf.blogspot.nl/U LEEST HET HIER.

even terzijde: en die ineke wolf leek dan weer  als twee druppels water op een zekere annemieke steenbergen. al was die nog wel wat gekker dan een deur. ze bemoeide zich met alles en iedereen op internet. schreef lappen brieven  – ze stierf elke dag 10 keer aan tal van ziektes om de volgende dag weer vrolijk het volgende leed te presenteren waar ze  dan ook weer slachtoffer van was. hoe vaak dat meisje in der eigen leed niet gestorven is – u wil het niet weten. maar ze leeft nog steeds.

jonkvrouwe de graaf heeft en had  daar ook een handje van. in zichzelf praten. onze FANTJE. waarom weet ik niet maar in slamwedstrijden verscheen ze altijd met een speelgoed olifantje – we zien op de foto dat der hobby inmiddels een beetje uit de hand is gelopen –  in mijn herinnering vloog ze er altijd meteen uit – in de drie minuten die haar in de wedstrijd werden toegemeten zong ze altijd een liedje en was ze  vervolgens zeer verbaasd dat de toegemeten tijd voorbij was. ze zong weer eens als een luid toeterende olifant door de poëtische porceleinkast van de gedreven slammers. zo werd haar optreden door minder invoelende juryleden omschreven.

dit weekend verscheen ze in een commentaar onder een gedicht van mij op FB met een opwekkend gedicht en later legde ze uit hoe zij als lezer van poëzie en dus – !! – elke lezer van poëzie leest. want zij is nog steeds elke lezer.  lees ik. wij – als lezer – wij weten weer waar we staan.

 

J.c. de Graaf –  Voor Pom :

 

Stap van je stoel
loop door de deur
zie toch de zon
stop je gezeur.

Dans door de wereld
weg dat papier
ga eerst iets beleven
en kom dan pas hier.

Kom dan pas weer schrijven
als de regen weer valt
want de Muze speelt buiten
wat haar beter bevalt.

Ze huppelt langs wolken
met een bloem in haar haar
en danst langs de oudjes
waarom zitten ze daar?

Want hier zijn de bloemen,
met hun kleur en hun geur
en de bries bruist van dromen
steeds te kust en te keur.

Dus zit niet te suffen
maar kijk om je heen
want struikelt een versvoet
stap dan op je andere been.

Groeten Fantje

 

J.c. de Graaf: Ach weet je Pom. Iedere lezer leest wat hij of zij leest. De tweede of derde inhoud kan vaak alleen gelezen/begrepen worden door anderen met ongeveer dezelfde ervaringen of door mensen, die de persoon kennen , die schrijft. Wat is een lezer met diepgang? Iemand met voldoende inlevingsvermogen om te snappen wat de dichter voelt/denkt/ wil uiten? Of iemand die het gelezene op zichzelf betrekt? In beide gevallen past mijn antwoord daarbij: De muze komt niet op commando en woorden komen vanzelf op het moment, dat je iemand iets zeggen wilt of voor jezelf iets evalueren wilt. Leg de gedachten in de week tot de woorden vanzelf komen. En als je niets te zeggen hebt, zeg dan niets. Op sommige momenten ben je zo druk met beleven , dat je domweg geen tijd hebt te schrijven. Maar misschien ben ik 1 van die 1 dimensionale schrijvers, die pas schrijven wanneer de woorden kant en klaar mijn computer inlopen. Ik dicht in mijn hoofd en mijn gedichten dansen het papier op. Bij het overlezen verander ik er van tijd tot tijd dan nog wat aan, maar echt worstelen om woorden te vinden hoef ik eigenlijk nooit. En of dat dan poëzie is of niet mogen anderen voor me beslissen: ik schrijf zoals ik gepend ben. Pas sowieso in geen enkel vakje: er blijft altijd een teen, een oor of een plukje witte kuif buiten het vakje steken , hoe mensen ook proppen.

 

Share This:

Gepubliceerd door Pom Wolff

Hoi, welkom op mijn site pomgedichten. De site is in langzame opbouw net als de dichter. Ik ben geboren in Amsterdam, ik leef daar en wil daar ook wel doodgaan. Ik studeerde Nederlands aan de Universiteit van Amsterdam, Rechten aan de Vrije Uni-versiteit en werk als juridisch adviseur in de hoofdstad. Jan Arends is mijn favoriete dichter dan Kopland dan Menno Wigman. Paul van Ostaijen mijn dandyman. In slammersland geniet ik van Roop, Karlijn Groet, Peter M van der Linden - ACG natuurlijk, Ditmar Bakker, Jürgen Smit en Daan Doesborgh. En wat moet ik zeggen nog van Robin Block ( “hee ouwe wolf”) de wildemannen, lucky fonz III - Sander Koolwijk of Tom Zinger: "er is hier zeker 80 centimeter plant waar jij geen weet van hebt...." - mijn windroosmaatjes. Mijn optredens bezorgden mij eretitels: landelijk slamfinalist 2003, 2004, 2005 en brons in Tivoli in 2006, 2007 en 2010, 2011, 2012 en ook weer in 2013. - Dichter van het jaar in Delft 2005, voorts slamjaarwinnaar 2005 van de poëzieslag in Festina Len-te te Amsterdam, winnaar van Slamersfoort 2006. Jaarfinale Zeist 2007 en de BRU-NA poézieprijs 2007 in mijn zak. Ik ben de hoogste nieuwe binnenkomer op de jaar-lijkse top-200 lijst van bekendste dichters Rottend Staal – Epibreren 2005. In 2008 kreeg Pom Wolff De Gouden Slamburger uitgereikt vanuit de Universiteit Utrecht – afdeling letteren en won hij het 2e Drentse open dichtfestival. op 19 april 2009 ver-scheen de bundel 'die ziekte van guigelton' - winnaar jaarfinale slamersfoort 2009. in 2010 won hij de dicht-slam-rap van boxtel en de dobbelslam van entiteit blauw te utrecht. in 2012 de grote prijs van Grimbergen én DE REBELPRIJS voor de poëzie van de REBELLENKLUP. Tot zover enig geronk. In 2014 presenteerde uitgeverij Douane op 22/11 in Café Eijlders de pracht bundel: 'een vrouw schrijft een jongen'. Sven Ariaans schreef in zijn juryjrapport Festina Lente Amsterdam: “Het is iemand die je zenuwen blootlegt om vervolgens op vaderlijke toon te zeggen dat die pijn jouw pijn moet zijn en dat er geen zalf bestaat. Elke cognitieve dissonantie die je voor jezelf op prettig hypocriete wijze had opgeheven, wordt je ingewreven, of zoals medejurylid Simon Vinkenoog het kernachtig zei: "hij verschaft illusieloos inzicht in de werkelijkheid". Ik voel me in deze omschrijving wel thuis.) * ‘JE BENT ERG MENS’ VAN POM WOLFF VERSCHEEN ALS WINDROOSDEEL IN SEPTEMBER 2005 EN WAS IN EEN MUM VAN TIJD UITVERKOCHT- *NIEUW WERK: TOEN JE STILTE STUURDE, 48 PAGINA’S WOLFFPOËZIE. VERSCHEEN OP 18 NOVEMBER 2006. ONLINE TE BELUISTEREN: ERIK JAN HARMENS INTERVIEWT POM WOLFF OVER ZIJN BUNDEL 'TOEN JE STILTE STUURDE' IN DE AVONDEN - VILLA VPRO http://www.vpro.nl/programma/deavonden/afleveringen/28361453/

Laat een reactie achter