CARTOUCHE wint de enige echte virtuele over de top trofee op pomgedichten – en de 1e in het nieuwe seizoen!

Geplaatst op Geplaatst in Geen categorie
– JOSSE KOK pruttelt na in het vet van de pan
– TIEFENTHAL dromend in zaligheden
– CARTOUCHE en een ruikertje
ANNAGRIET DIESMAN stapt gewoon het water in
 
we starten voorzichtig op met de eerste zondagochtendwedstrijd van het nieuwe seizoen – wie wint de enige echte virtuele OVER DE TOP trofee op pomgedichten? over twee weken keert ons aller bregje weerom – over welke top gaat u – wil u gaan – gaat uw gedicht – we gaan o zo  graag met u mee. JOSSE KOK *** die we zondagmiddag in dordrecht gaan meemaken mochten we hier op de pom eerder betrappen op een OVER DE TOP gedicht. kom maar op met UW over de top gedicht. u kent de belangrijkste regels:  gedichten niet te lang tenzij ze over de top zijn –
 u kunt uw gedicht als reactie plaatsen – onder ‘leave a comment’ – (even registreren, dan inloggen en dan uw reactie) – of stuur in voor zondag 1100 uur  onder ‘contact’. (zie rechtsboven) – ik zorg er voor dat uw gedicht in het item wordt geplaatst. het commentaar is verzekerd.
 .
Onder het koelkastmagneetje
 
.
slaap zacht, mijn lieveling
loze arbeid vergt een lijf
zodoende sluip ik als een dief
nog vol van onze vrijpartij
uit deze dunbevolkte haven
waar de boten zijn verankerd
en ik zal elk zuchtje wind
beschouwen als jouw hand
 
tot vanavond, lieveling
honderdduizend knuffels
twintig ellenlange zoenen
meer speeksel heb ik niet
 
denk aan de dubieuze kwinkslag
onze stoute frunniksessies
kleine likjes op je lippen
zachte kneepjes in je billen
en één quasi-forse tepelklem
met al mijn wulpse vingers
scherpe tanden in je memmen
onstuimig klotsende aderen
steigerende totempalen
botergeile hijgerspraatjes
schots en scheve schuttingstaal
nog schunniger dan gisteravond
harde ondoordachte stoten
die aan pompdruk refereren
kreunende belegeringen
losse flodders richting schede
klare taal van lichaamsdelen
golfslagbad van vleesballades
halsstarrige tangoles
wildwatervaren in jouw kano
zwemdiploma’s blijken nodig
vochtige catharsis eis ik
blozende bergen
zwetende velden
stoom uit de lendenen
galmende rookmelders
dwars door de kreet
van een naderend einde
iets orgasmatisch
tot Walhalla reikend
geef mij een wagen
ik raas naar het hoogste
eer het gedoogakkoord
bij elke poging
de paddenstoelwolk
in gewillige ogen
een antropofagische
kernexplosie
 
het vlees pruttelt na
in het vet van de pan
jij wilde een schrijver
dit krijg je ervan
 
rook nog maar goed
uit je vuurrode lappen
en vergeet niet
om de badeend te wassen
 
ik ben er
rond een uur of zes
je trouwe herder
oh, p.s.
 
de koelkast
nodigt bier
 
 
Josse Kok
gedicht buiten mededinging – volkomen over de top – op die ene tepelklem na natuurlijk.
.
***In Brandstof, het café van Bibelot, vindt op zondag 3 september Dichtbeideklank plaats. Een jamsessie waarin gitaristen, dichters en video elkaar vinden. Er wordt gefluisterd, geallitereerd en geamuseerd met poëtisch venijn. Veel bekroonde podiumdichters Josse Kok, Pom Wolff en Peter M. van der Linden vormen met gitaristen Ed van Dijk en Danny Versluis een plausibele reden om de kerkbanken over te slaan. Yoni komt ook wat liedjes zingen. Muzikanten en dichters zijn van harte welkom om ter plekke aan te haken, backline is aanwezig. Tijd: 15.30 uur – 18.30 uur. Toegang: Gratis. Locatie: Brandstof, Noordendijk 144 Dordrecht.

Hoog boven de wolken

Een verklaring lag voor de hand.
Commentaar hielden we achter
nagenoeg dezelfde hand.

Het werd hardop denken in onszelf.
Het had helemaal niets weg
van zoeken in een hooischelf
naar een speld of dwergerwt.

Akkers lappen dekens aan de rijgdraad.
Het zijn wegels en paden,
vol van kerosinevleugels vliegen we erover.

De zee zet zand af aan het strand.
Dagelijks produceer ik tandsteen
en oorsmeer en af en toe poëzie.

Soms verdienen we dromend
onze zaligheid.

(Boven Bordeaux en Portugal)

 

Marc Tiefenthal

 

inderdaad tiefenthal neemt alles letterlijk – over de top is bij hem hoog in de lucht. een luchtig gedicht het mag gezegd – fijne warme streken waar hij vertoeft – de titel laat niets te raden over. we heten de tief welkom in het nieuwe wedstrijd jaar. ‘Dagelijks produceer ik tandsteen en oorsmeer en af en toe poëzie.’  schrijft hij – wie zal het ontkennen. TIEFENTHAL brons gefeliciteerd!

Rozenkruiser

Altijd al wilde ik meer zijn
dan verspreider alleen, een
vermeerderaar en kweker
van geuren en hybride kleuren
bloemrijk als gedecanteerde wijn

één
in dode taal
zal ik er noemen

rosa rosae rosa rosam
rood – wit, roze, geel of blauw
bij ons mam, op school, in droom
waar ik je ook rook of dacht
rosae rosarum rosis sosas

ongenaakbaar
en nederig
erbij staan

zoals jij kunnen ontspringen
openen en rustig verder gaan
zonder kennis of verwachting
van wat was of komen zal
enkel zingen, leven, nu
zonder smachten groeien

een
in libben
libjende taal

pompeblêd oft lotusblomme
luchtkears die’t op fiedend focht fiebreart
in lykwicht as in drip ûnkundlich
die’t ús mei syn sinnehert sa lyts
wytgoud altyd wer ferbliid

read bekenne, waakse
moanne ferljocht
tebek gean
sûnder skouspul oft lúkse
deagean, oernij

bloeie en sjonge
mei stille stim
fan wetter en earde tegearre
yn kraft en wierheid
bestean

as krusing, als
Rosa Pompebledia Cartusia

meer moet dat niet zijn

 

© Cartouche
02-09-2017

 

‘meer moet dat niet zijn’ hahahaha. nee inderdaad dat heeft de dichter hier goed geconcludeerd – meer over de top is nauwelijks denkbaar in deze gymnasiaal ingekleurde opsomming en verbuiging. cartouche terug op het vertrouwde nest en we zijn hier blij met hem – we gaan het jaar door nog veel van hem genieten.  een heerlijk brabants accent lezen we ook nog ‘bij ons mam, ..’ – zo waart een guus meeuwis ook nog even door de woorden. dat de dichter in het tweede gedeelte zijn afkomst hoogtij laat vieren op een wijze die werkelijk alle werkelijkheid te buiten gaat – ‘je verstaat ze niet’ nemen we de dichter bij dit thema en gelet op het thema eenmalig niet kwalijk. alles is hier over de top – het taalgebruik – de invulling van het thema – de lengte van het gedicht – de titel met verwijzing naar een verleden – die mam die ineens aan een brabants keukentafeltje huishoudt, het perspectief in het gedicht dat alle kanten uitvliegt – nee cartouche legt hier een staaltje cartouche op de mat als bulgaarse yoghurt waar de gemiddelde nederlandse voetballer geen sjokoladevla van kan maken. een prachtgedicht. als ditmar bakker hem vandaag het goud niet afsnoept is cartouche een van mijn kanshebbers. CARTOUCHE GOUD! gefeliciteerd

 

Enkele gezellen hadden teveel gepraat bij het purperen water. De zwerm, in paniek, rende weg en ik stelde vast dat ik niet in staat was hen te volgen. Ik stapte het water in en de diepten werden lumineus; verre varens konden nog net gezien worden. De reflecties van andere, donkere planten belemmerden dat ze tot bij het oppervlak omhoog kwamen. Rode slierten namen allerlei vormen aan, gevangen in de onzichtbare en ongetwijfeld krachtige stromingen. Het naderen van een gipsen vrouw deed me een gebaar maken dat me ver zou brengen.

Annagriet Diesman

 

dat proza aan belang toeneemt – ook op een poëziesite – namen we al waar in de bijdragen van Roel Weerheijm – ook annagriet draagt met proza bij aan het poëtisch karakter van onze site. waarvoor grote dank. en lekker over de top ook. ze springt pardoes de sloot in – ongevraagd en kwiek door een rijk plantenrijk – mogen we het zo samen vatten. je verzint het niet maar annagriet wel. en daar gaat het om. een gipsen vrouw doemt op – ja zoiets willen we allemaal wel. ANNAGRIET zilver met deze bijdrage – gefeliciteerd.

Share This:

5 gedachten over “CARTOUCHE wint de enige echte virtuele over de top trofee op pomgedichten – en de 1e in het nieuwe seizoen!

  1. Hoog boven de wolken

    Een verklaring lag voor de hand.
    Commentaar hielden we achter
    nagenoeg dezelfde hand.

    Het werd hardop denken in onszelf.
    Het had helemaal niets weg
    van zoeken in een hooischelf
    naar een speld of dwergerwt.

    Akkers lappen dekens aan de rijgdraad.
    Het zijn wegels en paden,
    vol van kerosinevleugels vliegen we erover.

    De zee zet zand af aan het strand.
    Dagelijks produceer ik tandsteen
    en oorsmeer en af en toe poëzie.

    Soms verdienen we dromend
    onze zaligheid.

    (Boven Bordeaux en Portugal)

  2. Rozenkruiser

    Altijd al wilde ik meer zijn
    dan verspreider alleen, een
    vermeerderaar en kweker
    van geuren en hybride kleuren
    bloemrijk als gedecanteerde wijn

    één
    in dode taal
    zal ik er noemen

    rosa rosae rosa rosam
    rood – wit, roze, geel of blauw
    bij ons mam, op school, in droom
    waar ik je ook rook of dacht
    rosae rosarum rosis sosas

    ongenaakbaar
    en nederig
    erbij staan

    zoals jij kunnen ontspringen
    openen en rustig verder gaan
    zonder kennis of verwachting
    van wat was of komen zal
    enkel zingen, leven, nu
    zonder smachten groeien

    een
    in libben
    libjende taal

    pompeblêd oft lotusblomme
    luchtkears die’t op fiedend focht fiebreart
    in lykwicht as in drip ûnkundlich
    die’t ús mei syn sinnehert sa lyts
    wytgoud altyd wer ferbliid

    read bekenne, waakse
    moanne ferljocht
    tebek gean
    sûnder skouspul oft lúkse
    deagean, oernij

    bloeie en sjonge
    mei stille stim
    fan wetter en earde tegearre
    yn kraft en wierheid
    bestean

    as krusing, als
    Rosa Pompebledia Cartusia

    meer moet dat niet zijn

    © Cartouche
    02-09-2017

    1. Even voor de goede orde/de puntjes op de i: het tweede deel, functioneel ‘niet te verstaan’ staat hier niet in mijn moedertaal, het Limburgs, maar in volbloed Frysk, zoals de goede verstaander begrijpt, maar dat is bijzaak. Hoofdzaak is en blijft het samen polyglot of niet te zijn en over de top te geraken, nietwaar 🙂

  3. Enkele gezellen hadden teveel gepraat bij het purperen water. De zwerm, in paniek, rende weg en ik stelde vast dat ik niet in staat was hen te volgen. Ik stapte het water in en de diepten werden lumineus; verre varens konden nog net gezien worden. De reflecties van andere, donkere planten belemmerden dat ze tot bij het oppervlak omhoog kwamen. Rode slierten namen allerlei vormen aan, gevangen in de onzichtbare en ongetwijfeld krachtige stromingen. Het naderen van een gipsen vrouw deed me een gebaar maken dat me ver zou brengen.

  4. Mooi zo, brons. Nu, de opkomst was eerder klein alsof de meeste dichters nog moeten bekomen van het offerfeest of nog niet terug zijn van de bedevaart. Overigens vond Roop dit gedicht maar niets. Daar waar ik speels word, ga ik volgens hem de mist in. Nou ja, zijn mening is van weinig tel, inmiddels, ik leg ze dan ook naast me neer. Die mijnheer heeft inmiddels zodanige beperkingen dat het een wonder heet als hij met een gedicht van zijn hand uit de band springt.

Geef een reactie