Geen categorie

DITMAR BAKKER over de Campanella meisjes – ‘Oh Sherry, ottusa fica seconda—jij valse vriendin! Sherry je bent lief maar wel simpel’ én over vertaalster Jenny van den Berg: “iedereen kan immers bagger maken zoals zij, gelijk een koningin Midas in negatief—raak het aan en het gaat mis…” –

ditmar vertaalt tomasso campanella

 

Pom, liefste,

De vertaalster van de Italiaans-Engelse editie der Thomassonnetten is een kreng—je merkt je valse vrienden op een gegeven moment gewoon kennen. Nee hoor Sherry je bent lief maar wel simpel voor een PhD vind ik. Of ik heb het kritieke punt overschreden dat Rita Rudner omschreef als “when you’re intelligent, at a certain point you go 360 and you’re stupid again.”

Thomas schrijft voortdurend over God en toch weer niet (maar wel). Hij heeft het over zichzelf vliegend naar God en hup—twee weken nadien kom je erachter dat je vertaling er zo raar gemangeld uit is gekomen omdat het een vlucht naar God is vanuit de kerker waarin hij gemarteld wordt en dát wat hij tevens beschrijft is. Hush hush natuurlijk want we zitten in de 16e eeuw en schrijven over een katholieke kerk die je martelt was niet bon ton, schijnt. Enfin, overnieuw maar weer en waarom heb je in godsnaam ooit voor amphibrachen gekozen en je daarmee een lettergreep ontnomen, ottusa fica!

Maar daar zijn we nog niet en bovendien is “Di Se Stesso” één van de sonnetten die ik niet verspreiden mag maar over de andere vijftigplus heeft ze niets gezegd dus puh. We zijn maar begonnen met nummer 1 en praten in koninklijk meervoud.

Dat werkje heeft hij A’ Poeti genoemd. Toepasselijk, niet? Aan alle dichters. Zoals ik je eerder zei: sommige werkjes laten zich vrij gemakkelijk overzetten en dat was, enkele strubbelingen ten spijt, hier ook het geval, leek het. Hoei! We rammen in een paar uur het octaaf erdoor, nemen een simpel vrouwelijk en mannelijk rijm zodat we werk- en zelfstandig naamwoorden te over hebben, roken tussendoor een sigaret en het leven is feest! Moraal van het verhaal: ‘dichters, schrijf weer zoals vroeger en vooral over de Natuur en God en geen rare fabels of verhalen met seks enzo. Foei!’ Easy!

Dan lees je weer deze of gene vertaling van zelfverklaard dichteres Jenny van den Berg op Facebook en bedenk je je dat voorzichtigheid geboden is: iedereen kan immers bagger maken zoals zij, gelijk een koningin Midas in negatief—raak het aan en het gaat mis—en ben je dat eigenlijk niet aan het doen? Nee, het gaat prachtig! Ironischerwijs begint het sonnet met “Moed tot hoogmoed” of iets dergelijks.

En dan het sextet. Het terribel, terribel sextet waarin je opeens ‘finger’ tegenkomt. Wasda? Zal wel iets leugenachtigs zijn, toch? Wel, dat dacht Sherry blijkbaar ook die er dadelijk ‘fib’ in moet hebben herkend (al wordt ‘fable’ ook genoemd, men weet het niet zeker, Sherry moet in haar handjes geklapt hebben) en ergens heeft dat bij mij ook geklikt—dat en ‘fingeren’, natuurlijk—maar Google translate, dat er middels input van duizenden toch echt voor geleerd heeft, maakt hardnekkig ‘vinger’ van de stam van fingere (liegen). Het Italiaans woordenboek wijst andere vertalingen ferm van de hand (hihi) en wijst op de betekenis ‘aanwijzen’ als werkwoord. Húh?

Oh Sherry, ottusa fica seconda—jij valse vriendin! Of je het niet weet of niet wil weten, Thomas laat soms vingerwijzingen achter in zijn titels. Die amper te doorzien zijn zonder het sonnet doorwrocht te hebben en dan is het te laat (de grappenmaker heeft 20 jaar in kerkers gezeten—dat was zijn straf blijkbaar), maar ik vraag me af of ik, geen Grieks in mijn pakket hebbend, ooit dit mopje begrepen had zonder etymologisch Internet. A’ Poeti! Aan de verzenschrijvers, no?

Bene e no bene! Campanella leefde in de tijd dat Italië grotendeels onder bewind van Spaanse Habsburgers stond—onthoud dat, het is van belang. Ging in de jaren ’90 de kerker ín, en moet voordien zijn eerste (ongedateerde—gloeiendegloeiende) sonnetten hebben geschreven. Poeti, enkelvoud poeta, is uiteindelijk gederiveerd uit ποιέω, wat een poeta maakt tot “colui che produce”. Zou de Dominicaner monnik wellicht wèl Grieks in zijn pakket hebben gehad? Fica!

Want plots vallen de schellen van de ogen en hoor je Thomas in een hoekje lachen met God. De paljas die het over scabreuze, ondeugdelijke fabels heeft ging er ongetwijfeld vanuit dat men het (post?)feodale favola wel herkennen zou als wat het eigenlijk zijn zou: namelijk, in het middeleeuwse recht, een hechte overeenkomst met leden van een burengemeenschap om relaties van gemeenschappelijk belang te reguleren, meestal om de landcultuur en de vrijheden en verplichtingen van de gebruikers te bepalen. Werken der Natuur? Vruchten des lands?! Thomas!

Enfin, Dr. Sherry heeft nog wat huiswerk te doen. Ik ook, we hebben in elk geval een eerste versie waarover ik nog in gesprek moet met Mensen. Hier Pom, voor je site. Misschien lust Raster het t.z.t. ook wel. Maar zonder noten als deze blijft het—in oorsprong en in vertaling—haast onleesbaar als je de ambiguïteit vatten wil. “Jokken” is een leuke vondst. De grammatica ook—of mijn Nederlands is inderdaad stuk. Misschien hebben sommige sonnetten twee vertalingen nodig in plaats van één—of een uitgebreid notenapparaat. Enfin—alsjeblieft.

-x-

D.

 

A’ poeti

In superbia il valor, la santitate
passò in ipocrisia, le gentilezze
in cerimonie, e ‘l senno in sottigliezze,
l’amor in zelo, e ‘n liscio la beltate,
mercé vostra, poeti, che cantate
finti eroi, infami ardor, bugie e sciocchezze,
non le virtù, gli arcani e le grandezze
di Dio, come facea la prisca etate.

Son più stupende di Natura l’opre
che ‘l finger vostro, e più dolci a cantarsi,
onde ogni inganno e verità si scuopre.
Quella favola sol dèe approvarsi,
che di menzogne l’istoria non cuopre
e fa le genti contra i vizi armarsi.

[T.C.]
<!–[if !supportLineBreakNewLine]–>
<!–[endif]–>

 

AAN DICHTERS; BOERDEN?
Hoogmoedige moed, vanuit heiligheid—schijn!
Goedhartigheid pleegt men verplichting te maken
’t verstand raakt verward met veel ijlere zaken
de liefde met ijver—mooi? Glad zal het zijn,

dank uwe ‘boerden’ bezingend ’t terrein
van walgwerk ten nephelden’ onzin te naken,
in plaats van ’t mysterie der grootsheid te raken,
valeur die de oudheid bezong: Gods domein.

’t werk der Natuur doet meer grootsheid verstrekken;
zingt strijdig uw jokken—het handwerk is zuur,
doet geen der gegevens, waar, onwaar, bedekken.

Verschaf enkel díe fabels accredituur,
die zaken hun mantels der leugens onttrekken,
En mensen bewapent: verkoop uw deugd duur.
[D.B.]

 

Share This:

Geef een reactie