Geen categorie

VON SOLO meets KOBUS CARBON (in de herhaling)

POMgedichten presenteert de donderdag column:

VON SOLO, FEAR AND LOATHING IN POWEZIE LAND!!!
Openhartige openbaringen van de Jeff Koons van de vaderlandse powezie.

Vrijdagavond, 20:00. De kinderen liggen net op bed. Mijn vriendin is uit eten met een andere vriendin. Kortom, alle ingrediënten voor een avondje Solo. Het zoveelste blik Jupiler gaat open. Dan stopt er een scooter voor de deur. Terwijl er toch geen pizza was besteld?! Nee, dat niet. Maar wel hét moment om de quatro stagioni van de liefde eens door te gaan in het kader van de nu al gevreesde interview reeks ´Dichter onder de oppervlakte´.

Dichter onder de oppervlakte, deel 2 : Kobus Carbon

´Het maakt niet uit of ik lieg of dat ik de waarheid spreek, de waarheid ligt toch in het midden. De waarheid is relatief.´
En zo zaten we daar twee minuten later. Kobus Carbon en Von Solo, vredig in de achtertuin, met een fles bubbels in de koeler. Dat ijs moest verder gebroken.

Von: ‘Daar zitten we dan Kobus. Beiden een Ikea tuinstoel, drankje erbij. Maar stel je nu eens voor. We zitten er nog steeds zo bij. Maar dan in leren Chesterfields. En naakt. In een hotelkamer van het Bilderberg Parkhotel. En voor onze neus spelen twee in latex geklede dames een geil spel. Wat zou je daar van vinden?’
Kobus: ‘Tsjah, dat lijkt me wel wat. Moeten we doen. Dat doet me trouwens denken aan de tijd dat ik eens met zeven heren van mijn jaarclub in Thailand was, en we overwogen om twee hoertjes in te huren voor een live show op de hotelkamer…’
Von: ‘Ja, ga door…’
Kobus: ‘Geen happy ending.’
Von: ‘Goed, dan gaan we nu echt beginnen.’

Von: ‘Wat vind je van Frank Boeijen? Je weet wel, die zanger van vroeger.’
Kobus: ‘Mooie vraag, boeiend (gniffelt). Wat zong die ook al weer. Oh ja, zeikerige prutmuziek. En toch wel catchy. Het pakt je wel, tot schaamte van jezelf.’
Von: ‘Zou je het erop kunnen?’
Kobus: ‘Nee. Niet op Frank.’
Von: ‘Op zijn muziek bedoel ik.’
Kobus: ‘Nee, krijg er geen stijve van. Garantie voor een slappe lul. Die muziek moet ver van de liefde vandaan blijven.
Von: ‘Wist jij trouwens dat Frank een closet-racist was? Check zijn kledingstijl bijvoorbeeld maar eens. Dat nummer Zwart-Wit lijkt heel kies, maar eigenlijk is het zo polariserend als de pest. Wist je trouwens dat hij ooit verliefd was op een Indonesisch meisje en dat hij zich daar zo voor schaamde dat hij het nummer wat hij voor haar geschreven had geen ‘Pinda’ maar ‘Linda’ heeft genoemd? In dat nummer zingt hij bijvoorbeeld ‘gaan we naar Parijs, de Moulin Rouge, of naar New York, Broadway lights…we slapen 1001 nachten, in 1001 hotels’, kortom, mee naar huis of naar zijn rechtse vrienden durfde hij er niet mee.’
Kobus: ‘Oh.’

Von: ‘Maar nu weer even waar we hier voor zijn. Jij staat natuurlijk bekend als de liefdes poweet pur sang. Hoe sta jij vanuit die hoedanigheid tegenover bijvoorbeeld monogamie?’
Kobus: ‘Monogamie het meest achterlijke en tegennatuurlijke dat er bestaat. Het klopt evolutionair ook niet. Volgens de evolutie neuk je gewoon. En een goeie match is snel zwanger. Verliefdheid is na 7 jaar weer over.’
Von: ‘Na 7 jaar pas?’
Kobus: ‘Wetenschappelijk gezien wel. Na een jaar of 7 is de man overbodig. Ach, mensen zijn intelligenter dan ze zelf aankunnen. En omdat ze het niet aankunnen bedenken ze opperwezens en religies. Op de keper beschouwd is monogamie ook nog eens slecht voor de mens als soort.’
Von: ‘Zou het te ver gaan om te zeggen dat monogamie ook de reden is van de huidige economische crisis?’
Kobus: ‘Absoluut niet. Mensen blijven bij hetzelfde omdat dat veilig is. De beurs en de economie zijn ook gebaseerd op emotie. Niet op ratio. En daar gaat het mis. Als het anders moet, en dat doe je niet, omdat je niet durft af te stappen van het huidige, dan gaat het mis.’
Von: ‘Dus eigenlijk is de economie failliet, omdat iedereen bang is voor het grote failliet?’
Kobus: ‘Als de emotie komt, gaan we irrationeel handelen. Mensen zijn heel arrogant wat dat betreft, ik ook.’

Von: ‘Publiek geheim is dat u naast dichter ook nog dokter bent. Daarbij wordt van de vrouwelijke co-assistenten bijna een kwart sexueel geïntimideerd. Wat heb je daarop te zeggen?’
Kobus: ‘Geen commentaar…..ik word overigens zelf wel eens geïntimideerd. Want ook in de geneeskunde kun je je omhoogpijpen. Dat gebeurt ook wel eens. Van die types die geen injectie te ver gaat en die wel houden van invasief beleid. Je moet ze de kost geven.’

Von: ‘Stel dat jij een andere dichter zou mogen zijn, wie zou jij dan willen zijn? En je mag geen Josse Kok zeggen.’
Kobus: ‘Wat een kutvraag. Nasty! Zouden er lekkere dichtwijven zijn?
Von: ‘Shit, daar zeg je me wat. Het loopt niet over. Ik kan er zo geen 10 noemen.’
Kobus: ‘Misschien zou ik Anne van Winkelhof wel willen zijn. Volgens mij heeft die wel interessante seks.’
Von: ‘…’
Kobus: ‘Wel, misschien Sylvia Plath, een Amerikaanse dichters.’ http://en.wikipedia.org/wiki/Sylvia_Plath
Von: ‘Waarom?’
Kobus: ‘Omdat ze zelfmoord heeft gepleegd.’
Von: ‘Hoe?’
Kobus: ‘Weet ik eigenlijk niet. Met pillen denk ik. Echt zo’n wijvending.’
Von: ‘Tsjah, zelfs over het graf heen maken ze zich nog zorgen over schoonmaken.’
Kobus: ‘Ik vind het knap als mensen zelfmoord plegen vanuit een rationele gedachte. Kijk naar Herman Brood. Herman heeft het mooi gedaan. Zo gezegd, zo gegaan. Eigen verantwoordelijkheid nemen. Ik heb er minder respect voor als het niet weloverwogen is.’

Von: ‘Ik proef door het hele interview heen een voorkeur bij je van ratio boven emotie. Neuk jij nou met je hoofd of met je hart?’
Kobus: ‘Met mijn lul.’

Kobus: ‘Ratio, daar draait het toch om. Emoties hebben we nodig omdat we onze intelligentie niet aankunnen. Als de hele wereld uit autisten zou bestaan, dan zou dat in theorie nog best eens een werkend geheel kunnen zijn. Binnen drie jaar zou het hele universum gekoloniseerd zijn en zou de mens de vijfde dimensie kennen. De aarde is plat, zolang je dat gelooft. Wij zijn niet de enige intelligente levensvorm. Je moet alleen iets anders doen, om echt ergens anders uit te komen en niet als een aap het rijtje nootjes pakken. Maar ja, iemand met een IQ van 70 zal zich hier toch niet druk om maken. Toch?’
Von: ‘…’
Kobus: ‘Wat ik je zeg.’

Von: ‘Waren je ouders eigenlijk monogaam?’
Kobus: ‘Ja. Dan bedoel ik uiteraard mijn moeder en de melkboer.
Von: ‘En Kobus Carbon en de liefde hoe zit dat?’
Kobus: ‘Wist ik het zelf maar. Liefde, daar zijn we te dom voor om het te begrijpen. Terwijl het eigenlijk te simpel is. Het is pure voortplantingsdrang. En we labelen dat als liefde. En dat is doorgeevalueerd tot een merk of ‘brand’. Liefde is toch eigenlijk…ja, wat eigenlijk? Het gaat toch om voortplanten. Onze genen laten overleven. Nut is er verder niet. Verliefdheid is een moleculaire reactie. In The Matrix
Zei iemand het ook al. Verliefdheid is niet meer dan het eten van een grote dosis chocolade.’

Kobus: ‘Weet je, Von, dat we veel te danken hebben aan Ginsberg?’
Von: ‘Nee, vertel.’
Kobus: ‘Nou, dat we in de tijd waarin we leven kunnen dichten over neuken, tieten, penissen en ga zo maar voort.’
Von: ‘Zo had ik het eigenlijk nog nooit bewust bekeken.’
Kobus: ‘Nee, dat dacht ik al.’
Kobus: ‘Weet je wat ik denk? Dat de kinderen van de komende generaties erger worden dan wij, maar dan in de zin van kuisheid. Wat we nu doen mag dan allemaal niet meer. Als je kleinkind dan zegt mijn opa was dichter, dan houden gesprekken op. Als ze dat al durven zeggen. Denk daar maar eens over na met al je perverse gedichten’
Von: ‘Mmmmh. Fraaie tijd gaan we tegemoet, ouwe.’

Intussen ging de deur open. Mevrouw Solo was terug van haar uitje, en de vaart van het interview werd langzamerhand overgenomen door de snelheid van vertrouwen. Gedriëen gezeten onder een langzaam ontluikende sterrenhemel keuvelden we nog wat door over het leven. Nog een liedje in gedachten dokter?

Ik sluit m’n ogen, en denk na
En alles gaat dan door me heen
Dan zie ik heel m’n leven
Ik heb veel genoten, maar ook heel veel gehuild
Maar dat zal me echt nooit spijten
Het was altijd drank, en vrienden om me heen
Er waren altijd feesten
Maar het was leven, zoals ik dat toen wou
Daar had ik voor gekozen
We gingen wel eens door
De nachten waren lang, dan viel je zo je bed in
Geen cent op zak, geen kruimel meer in huis
Maar toch bleef je maar lachen

Ik kijk nu terug, en toch heb ik geen spijt
Het waren mooie jaren
Want wat ik deed, nooit deed ik iemand kwaad ermee
Het is mijn eigen leven
Ik begrijp ook niet waar een ander zich zo druk om maakt
Het is mijn leven, zoals ik het wil leven
Ik maak nooit ruzie, laat mij nu toch met rust

Ik leef m’n leven, zoals ik dat wil
Ik bemoei me toch ook niet met een ander
Ik leef m’n leven, zoals ik dat wil
Laat me gaan voordat ik nu toch verander
Laat mij nu gaan, laat mij nu gaan

(Andre Hazes, 1994)

Het vervolg van deze rickety, tickety roller coaster ride, waar iemand vergeten is de slotbouten vast te draaien elke donderdag op POMgedichten in VON SOLO, FEAR AND LOATHING IN POWEZIE LAND!!!

Share This:

Geef een reactie