jolies heij: “Jan Arends was zo gek als een deur. Kloos eveneens. Sylvia Plath was depressief, bipolair en borderline tegelijk…”

Over asperger & rock ’n roll

Een psychiatrisch verpleegkundige, die ook nog eens dichter was, wist mij ooit te vertellen dat tachtig procent van de dichters een psychiatrische stoornis heeft. Dat is best veel, vindt u niet, lieve lezer. En wie zijn dan die “normale” twintig procent? Zijn dat de betere of juist de slechtere dichters? Wel is het zo dat de lijst van (te) jong gestorven dichters, in de regel door inname van drugs/alcohol schier oneindig is. Maar of die verslavingen, of gewoon het “wilde leven” verband houden met een psychiatrische aandoening? Het kan natuurlijk een vorm van zelfmedicatie zijn, die jas van rock ’n roll die dichters maar al te graag aantrekken om hun gekte te verbloemen.

Anderen zijn het openlijk, of koketteren er zelfs mee. Jan Arends was zo gek als een deur. Kloos eveneens. Sylvia Plath was depressief, bipolair en borderline tegelijk volgens de literaire hobbypsychiaters op afstand. Ingmar Heytze heeft reisangst, hij durft Utrecht nauwelijks uit. Later had hij naar verluidt spijt als haren op zijn hoofd dat hij hieraan ruchtbaarheid had gegeven omdat hij in de media stilletjesaan als “die gek” werd bestempeld en alleen nog maar door zorginstellingen werd benaderd om lezingen over zijn gekte te geven. Dus misschien is het nu ook heel schadelijk voor mijn imago als ik op deze plek beken ook wel eens iets met psychiatrie uit te staan te hebben gehad. In mijn jonge jaren ben ik zelfs enige tijd opgenomen geweest, maar dat hadden mijn toenmalige psychiater en mijn moeder bekokstoofd toen ik nog te braaf was om ook maar ergens tegenin te gaan.

Zelf was ik van mening dat ik overspannen was van de studie, die me maar matig boeide en klonk een time out in een rusthuis in een uithoek van het land me wel aanlokkelijk in de oren. Nadeel was dat iedereen die er binnenwandelde het etiket borderline kreeg opgedrukt. Dat wordt dan in de boeken opgetekend en is de rest van mijn leven aan me blijven kleven. Tja, wat wilt u, u hebt immers borderline, dus u ervaart nu eenmaal persoonlijkheidsproblemen, was het steevast als ik me dan eens met een depressietje tot de hulpverlening wendde. Tot die borderline zo mijn keel, neus en oren uitkwam dat ik er maar over ging lezen. Toen wist ik dat ik het niet kon hebben. Een wezenlijk kenmerk van borderline is impulsiviteit en als ik nou iets níet ben, is het impulsief. Ik bedenk me honderd keer voordat ik een beslissing neem of tot actie overga.

Ik bijt liever mijn tong af dan er iets onverstandigs uit te floepen. Laatst had ik het in Eijlders met de ouwe Aachenende over asperger, een vorm van autisme. Ik scoorde in een aspergertest 31 van 50, wat bovengemiddeld is. Nu is autisme bij vrouwen geen thema, kennelijk komt het nog altijd alleen bij mannen voor. Bekende vrouwelijke autisten zijn er al helemaal niet, al had de nieuwzeelandse schrijfster Janet Frame – die werd misgediagnosticeerd met schizofrenie – onmiskenbaar autistische trekjes. De autistische heren kunnen zich dan tenminste nog optrekken aan beroemde autisten als Einstein en maarschalk Montgomery. Is het dat je een bepaalde psychiater ervan wilt overtuigen dat je geen borderline hebt dat je nu het autisme hebt omarmd? vroeg de historicus mij op het terras van het Kurhaus te Kleve en het voormalige atelier van Joseph Beuys. Daar had hij wel een puntje.

Ik ken een psychiater die zo rotsvast overtuigd is van mijn borderline dat hij daarvan heel autistisch geen millimeter vanaf wil wijken. Onzin, gaf ik, mijn vader heeft het ook. Die terroriseerde het hele gezin met zijn structuurdwang en woede-aanvallen als de dingen niet liepen zoals hij in zijn hoofd had geprent. Dat klinkt inderdaad wel heel autistisch, meende hij, maar zo ben jij in geen geval. O nee? riep ik. Ik leef mijn dagen volgens een vaste structuur en word kwaad als iets anders loopt dan ik had verwacht. Ik ben sociaal onhandig, ik kan niet met onuitgesproken boodschappen uit de voeten. De mensen moeten duidelijk tegen me zeggen wat ze van me verlangen. Maar ik ben uiteindelijk maar een halve asperger, voor de andere helft ben ik hoogsensitief.

 

Homo normalis

Ik ben met afstand de normaalste mens op
aarde. Ik sta ’s ochtends op, wandel en sla
een gat in de dag. Mijn werk is een hard gelag
op verjaardagen lach ik me een kriek om het

kazige gezelschap dat zich vergrijpt aan
borrelnootjes en nonalcoholische bowl en er
niet van opkijkt als ik op mijn kop sta.
Iemand die Allahu Akbar roept vind ik

verdacht, maar ik zal er niet onder lijden
laat staan het land bevrijden van roeptoeters
en clownsneuzen. Ik ben een heuse windbuil
zo lang ik wind mee heb. Als mijn hoofd

boven het maaiveld uitsteekt laat ik het
overwoekeren met onkruid. Net als de kinderen
die ik in de schoot geworpen kreeg door
een gebrek aan liefde maar met succesvolle

lustplanning en personeelsorganisatie. Mijn
testament is in de maak, maar ik heb geen
haast. Na mij de zondvloed of de eeuwige
droogte. Dan schrijf ik af en toe ook nog een vers.

Jolies Heij

Share This:

Gepubliceerd door Pom Wolff

Hoi, welkom op mijn site pomgedichten. De site is in langzame opbouw net als de dichter. Ik ben geboren in Amsterdam, ik leef daar en wil daar ook wel doodgaan. Ik studeerde Nederlands aan de Universiteit van Amsterdam, Rechten aan de Vrije Uni-versiteit en werk als juridisch adviseur in de hoofdstad. Jan Arends is mijn favoriete dichter dan Kopland dan Menno Wigman. Paul van Ostaijen mijn dandyman. In slammersland geniet ik van Roop, Karlijn Groet, Peter M van der Linden - ACG natuurlijk, Ditmar Bakker, Jürgen Smit en Daan Doesborgh. En wat moet ik zeggen nog van Robin Block ( “hee ouwe wolf”) de wildemannen, lucky fonz III - Sander Koolwijk of Tom Zinger: "er is hier zeker 80 centimeter plant waar jij geen weet van hebt...." - mijn windroosmaatjes. Mijn optredens bezorgden mij eretitels: landelijk slamfinalist 2003, 2004, 2005 en brons in Tivoli in 2006, 2007 en 2010, 2011, 2012 en ook weer in 2013. - Dichter van het jaar in Delft 2005, voorts slamjaarwinnaar 2005 van de poëzieslag in Festina Len-te te Amsterdam, winnaar van Slamersfoort 2006. Jaarfinale Zeist 2007 en de BRU-NA poézieprijs 2007 in mijn zak. Ik ben de hoogste nieuwe binnenkomer op de jaar-lijkse top-200 lijst van bekendste dichters Rottend Staal – Epibreren 2005. In 2008 kreeg Pom Wolff De Gouden Slamburger uitgereikt vanuit de Universiteit Utrecht – afdeling letteren en won hij het 2e Drentse open dichtfestival. op 19 april 2009 ver-scheen de bundel 'die ziekte van guigelton' - winnaar jaarfinale slamersfoort 2009. in 2010 won hij de dicht-slam-rap van boxtel en de dobbelslam van entiteit blauw te utrecht. in 2012 de grote prijs van Grimbergen én DE REBELPRIJS voor de poëzie van de REBELLENKLUP. Tot zover enig geronk. In 2014 presenteerde uitgeverij Douane op 22/11 in Café Eijlders de pracht bundel: 'een vrouw schrijft een jongen'. Sven Ariaans schreef in zijn juryjrapport Festina Lente Amsterdam: “Het is iemand die je zenuwen blootlegt om vervolgens op vaderlijke toon te zeggen dat die pijn jouw pijn moet zijn en dat er geen zalf bestaat. Elke cognitieve dissonantie die je voor jezelf op prettig hypocriete wijze had opgeheven, wordt je ingewreven, of zoals medejurylid Simon Vinkenoog het kernachtig zei: "hij verschaft illusieloos inzicht in de werkelijkheid". Ik voel me in deze omschrijving wel thuis.) * ‘JE BENT ERG MENS’ VAN POM WOLFF VERSCHEEN ALS WINDROOSDEEL IN SEPTEMBER 2005 EN WAS IN EEN MUM VAN TIJD UITVERKOCHT- *NIEUW WERK: TOEN JE STILTE STUURDE, 48 PAGINA’S WOLFFPOËZIE. VERSCHEEN OP 18 NOVEMBER 2006. ONLINE TE BELUISTEREN: ERIK JAN HARMENS INTERVIEWT POM WOLFF OVER ZIJN BUNDEL 'TOEN JE STILTE STUURDE' IN DE AVONDEN - VILLA VPRO http://www.vpro.nl/programma/deavonden/afleveringen/28361453/

Laat een reactie achter