Petra Maria & Max Lerou winnen de enige echte virtuele het duurt nu echt te lang trofee op pomgedichten

het goud en zilver  gaat deze week richting petra maria en richting max lerou. wie krijgt wat dat is wel nog even een dingetje. het duurt te lang wolluf!!! duurt echt te lang – die beslissing – jaja kind – alles aan jou duurt me ook veel te lang – leg je kleren asjeblieft terug in de kast – elke dag hier met jou hetzelfde liedje – dat duurt me echt te lang – we moeten door het spijt me – door met max en door met petra maria – goud en zilver naar max én petra vandaag – voor beiden al het eremetaal – dat is de oplossing vandaag. alle dichters bedankt!

het tijdelijke door max vorm gegeven waarin alle woorden verloren gingen én de oneindigheid van de liefde voor petra maria – en dat wij ons als lezers ergens daarbinnen bevinden – in al onze armoede een weg trachten te vinden in de tijd én de prachtwerken van petra maria & max mochten lezen. van harte en dank jullie wel!

 

Petra Maria die plek waar jij me vroeg

Marc Tiefenthal op wacht

Frans Terken diep in de ogen

Rik van Boeckel laat het hart bloeden

Erica de Stercke wacht het lege perron op mijn oude huid

Cartouche om tot elkaar te komen

Aratrios zacht was het zeker alles

Max Lerou weet nu meer dan ik bedenken kan

met een groet van jako fennek in de regen:

Groet uit de bergen

Hier eindelijk regen Pom. Het duurde lang, heel lang dit jaar. Dan begin te beseffen, dat water
één van de belangrijkste en noodzakelijkste levenselementen is. Ik sta in miin schoenen, ga de
natuur in. Een wandeling in het vocht, geen gedicht vandaag. Had een drukke zaterdag. Maar ik
lees wat jullie doen. Er zijn prachtige bijdragen bij. Verheug me op de uitslag.

Heb het goed vandaag, pas op jezelf.

Groet van Jako

 

 

https://youtu.be/PMFCzFIe8Ho

wie wint de enige echte virtuele het duurt nu echt te lang trofee op pomgedichten? onze davina verovert de lage landen met het – duurt te lang – liedje van glen en morien:

Het duurt te lang
We staan hier al een tijdje en we moeten door dus voor de laatste keer het spijt me
Het duurt te lang
Het duurt te lang
We staan stil
Wat jij wil, wat ik wil
Het duurt te lang
.

maar wat duurt de dichter te lang? dat is de vraag op pomgedichten punt en el. dat gaan we hieronder lezen – u kent de regels – de gedichten niet te lang svp – 20 regels is genoeg – insturen voor zondag 10.30 uur. stuur in onder ‘contact’. (zie hierboven in de zwarte kolom) – of op het u bekende gmail.com adres van pomgedichten@ – ik zorg er voor dat uw gedicht in het item wordt geplaatst.

 

terug naar de plaats
waar heftiger werd gezoend
dan god het ons leerde
de tuin!
.
god keek weg
het was teveel
engelen vlogen niet meer
mensen bleven staan
.
er werd gegild
er was vrede
wij deden waarvoor we bedoeld waren
en het zou nooit meer nee nooit meer zo
 .
pomwolff

HET PLEIN

als ik dichterbij kom
waar jij verder weg
een tijd terug
met lange benen
naast mij zat

je handen
koel rustend op mijn arm

de plek
waar jij me vroeg
verlaat me niet
en ik je zei
wat er ook gebeurt

weet ik
dat tijd in onze liefde
niet bestaat

PetraMaria

de hele wereld duurt te lang, haast, ongeduld, kloppend rijmen, ze rijdt te lang in deze tunnel zingt ze –  veel te lang natuurlijk – tijdje –  het spijt me – ja hoor wat zal je kloppend rijmen – duurt te lang – boeiend! –  iets van verwendheid heeft het allemaal wel – een heerlijk beeld van een generatie – en daarnaast die vreemde hang naar verhalen vertellen – story telling –  als tegenhanger – dat vloerkleed van moralisme dat in veelal onbeduidende levens wordt gelegd  gaat langer mee dan een mens zich zou wensen –  die onverslijtbare moderne tegenhanger – verhalen over verveeld leven – ze krijgen er geen genoeg van. heerlijk allemaal – dat we het nog mogen meemaken.

HET thema op pomgedichten vandaag opgepakt door dichters – vloggers en de moralistische verhalenvertellers let op – zo gaan dichters om met hun tijd. petra maria als eerste hierboven en de tekst zonder enig moralisme. we lezen over een arm, een plein, lange benen en over de tijd die niet heeft bestaan – een verademing deze tekst in een wereld waar 9 minuten  herhaald wordt dat het allemaal te lang duurt. dank je wel petra maria – in alle eenvoud de oneindigheid in een paar streken kleur gegeven.

Nul n’est d’or autre
que la patience accorde.

Onder dit opschrift
staan we
in de rij

te wachten.

Niemand is verguld dan
door het geduld geschonken.

wachten

en reiken onze hals uit
naar zalen
vol zaalwachters

zij waken over doeken
van Frans Hals
of over de Burgerwacht
of over doeken
van Mark Rothko
die niet kon wachten
of over doeken
van Willem de Kooning
die heel lang kon wachten

wachten we

Marc Tiefenthal

tiefenthal verplaatst het thema naar de wachters in een museum – hoe zij de uren van de dag doorkomen – met wachten – geduld over wint alles stond er op het bordje van oma – de wachters weten het – zelfs de tijd. duurt wel lang dit gedicht – hij staat er al een tijdje tief. gun de suppoost ook iets van een leven. ik zou zeggen – opdoeken allemaal!  hier. als titel dan – kan dit gedicht wel gebruiken. beetje leven in de brouwerij.

‘Wachten duurt lang’

Zoals je wacht op de wijnoogst
je ziet onder zon de druiven groeien
knipt weg wat te klein blijft
en blaast er warmte overheen

hoe het na stampen rijpt op het vat
je staat erbij te kijken hoe het gist
klaart het dat het in de fles mag
dan nog moet mond en keel wachten

het is voor geduld een neus hebben
laat ook die ruiken en genieten
van het walsen in het glas en
kijk intussen je lief diep in de ogen

goed dat er nog plat water is
om even de mond te spoelen

(‘Wachten duurt lang’, titel geleend van Bert en Ernie)

FT 10112018

langzaam werkt frans toe naar de geliefde van dienst maar ik geloof toch niet dat deze liefde een lang leven tegemoet gaat – de mond moet meteen al gespoeld. zowel letterlijk als figuurlijk – dit gaat niet lukken. zoveel is zeker. liefde moet als goede wijn … vermoed ik dat de dichter hier duidelijk maakt.

Vers van verandering

Niets blijft zoals het is
dagen wonen in herinnering
in huizen met vleugels van zilver

wolken leven als zotten boven daken
de wind neemt alles mee en af

dagen kruipen tergend langzaam voort
langs aders van leven en liefde
smeken hen zacht te worden

de zegen van verandering
laat het hart bloeden

en stralen met het gemak
van de dromer die ontwaakt.

Rik van Boeckel
10 november 2018

rik combineert wat te combineren is maar ook het onmogelijke – de wolken als zotten –  de dagen tergend langzaam – mooie tweede regel:  de herinnering en toch ook het verlangen naar wat de dromer droomt – dat het zacht mag zijn – de liefde – de verandering –  het leven.

het is één chaos – en rik maakt er al altijd het beste van in zijn kosmisch universum waarin hij mensen situeert die overal achteraan gaan maar nooit weten waar ze uitkomen –  waar de wolken en de wind de mensheid heen drijven – het is drijven en gedreven worden in de gedichten van rik van boeckel

Linie

Dat succes zich voedt als een slang
weggemoffeld op het podium.

Het publiek houdt zich stil. Zelfs
geen zuchtje gevaar aanwezig.

Druipend van geduld slaat onder
slinkse ogen de muil toe.

Hoe mijn waterkans wordt opgeslokt
bij de minste vreemde werveling.

Aan tafel zitten de koppensnellers
kurkdroog met punten te prutsen.

Ik stond er bij, zag gebroken tanden
in de overwinningsbeker bijten.

Vervelde verklaringen dimmen het licht
naar een gladde nacht.

Met grensoverschrijdend geduld wacht
het lege perron op mijn oude huid.

Erika De Stercke

wat ‘waterkans’ is – een vlaams woord vermoed ik – of een gerecht waterzooi altijd lekker – wat is hier aan de hand. ik vermoed dat onze erika verhaalt van een slamwedstrijdje en dat ze kijkt naar een veelkoppig monster – de drie juryleden achter een goedkoop tafeltje. want wie zich als jurylid uitgeeft is niet goed bij het hoofd – die pretenteert te weten wat er in een dichter gevaren is – lijkt erika hier in vlagen van toenemende woede op te schrijven. en dan is er nog dat beeld van een eenzaam perron – de slamdichteres moet gent nog halen – de valse muilen van de juryleden wat zou ze ze graag. lieve erika het leven is niet eerlijk – niet altijd – bijna nooit. en die juryleden je zou ze inderdaad. mee eens!

Lang

van november tot diep in mei
hebben ze gezwegen, zij lagen
te roesten in hun schedes, bloedeloos
de dagen verzadigde loopgraven

tot het krieken, de roep van de spriet
hem vermande, wakker riep
ontvlamde, hij zijn open graf verliet
en in het veld trad om haar
te tarten en te dagen

tot drank en nageslacht
geen lieve vrede maar tweestrijd
om te leven, te overleven
op het slagveld van zachtheid
delf je enkel onderspit

als man, als heilsoldaat
kun je niet te lang zonder strijd
blijven staan, spieden, draaien
wapens dienen – ingezet
om tot elkaar te komen

11-11-2018
Cartouche

wat cartouche toch allemaal weer aan elkaar rijgt? de loopkuilen van de 1e wereldoorlog als decor – lekker modern vandaag – en dan al die vogeltjes in mei – die kunnen er nog wel bij  – soldaten vogeltjes slagvelden – het is duidelijk cartouche wil in en met dit gedicht ergens heen – maar waar cartouche heen wil weet cartouche alleen.

Te lang voorbij
 
Er was die dijk
die geen dijk bleek,
die poort die geen poort bleek,
 
land dat geen land kon heten,
 
maar er stond bereid een
trein op een
terrein op een
klontering van palen.
 
Ik kon hiervan heen.
Hij was nog te halen.
 
Aan zee wachtte honkvast
de vogel in zilver
of leek het goud.
Zacht was het zeker alles
een warme jas. Toch
haar klapwieken
zinloos begonnen.
 
Aratrios

onze pseudoniem haalt de dichter van de chrysanten en de roeiers in huis – het is er allemaal maar het is er ook allemaal niet – petra maria beperkt dit gegeven tot de liefde die zij tijdloos verklaart in poëtische termen – bij arie van egmond bestaat er van alles en nog wat – (niet). als je zegt wie je niet bent houd je jezelf over – schreef ik eerder – maar haar houdt ie niet over  – ooit vloog ze weg en weg was ze – wat rest is de poëzie – egmond aan zee – het geluid van klapwieken in de verte. hoe alles toch ook weer samenvalt en samenkomt in de teksten van zangeresje. het duurt allemaal te lang man. hahaha. voor je het weet bestaat er niets meer.

vandaag bestaat niet

je ging al net zo vlug weg als toen
je voor het eerst met het paard
ook mijn leven binnen galoppeerde

je zei verdomme nog ik val niet zo snel
doe maar rustig aan time is on your side
dat klopte dan weer wel ik ben er nog

de klok was van ons de kosmos wist beter
tijd draagt het mombakkes van de dageraad
schoppenaas schuilt in de boezem van het licht

denk niet dat ik je nog een keer zal schrijven
jij weet nu meer dan ik bedenken kan
en ook de woorden zijn op

ml

zo goede morgen nederland – max lerou neemt eventjes de gelegenheid te baat om afscheid te nemen – het duurde net, net, net te lang – moet je net max lerou hebben – dichter is er klaar mee – er kunnen nog 12 regels vanaf maar dan ook geen woord meer. hahaha! heerlijk. de tijd wel even nog op haar ‘side’ gelegd, aan haar toegeschreven.  de ogen geopend & gapende kloven –  smeren maar dames! –  nee de meisjes van plezier hebben vandaag geen goede morgen.

Share This:

Gepubliceerd door Pom Wolff

Hoi, welkom op mijn site pomgedichten. De site is in langzame opbouw net als de dichter. Ik ben geboren in Amsterdam, ik leef daar en wil daar ook wel doodgaan. Ik studeerde Nederlands aan de Universiteit van Amsterdam, Rechten aan de Vrije Uni-versiteit en werk als juridisch adviseur in de hoofdstad. Jan Arends is mijn favoriete dichter dan Kopland dan Menno Wigman. Paul van Ostaijen mijn dandyman. In slammersland geniet ik van Roop, Karlijn Groet, Peter M van der Linden - ACG natuurlijk, Ditmar Bakker, Jürgen Smit en Daan Doesborgh. En wat moet ik zeggen nog van Robin Block ( “hee ouwe wolf”) de wildemannen, lucky fonz III - Sander Koolwijk of Tom Zinger: "er is hier zeker 80 centimeter plant waar jij geen weet van hebt...." - mijn windroosmaatjes. Mijn optredens bezorgden mij eretitels: landelijk slamfinalist 2003, 2004, 2005 en brons in Tivoli in 2006, 2007 en 2010, 2011, 2012 en ook weer in 2013. - Dichter van het jaar in Delft 2005, voorts slamjaarwinnaar 2005 van de poëzieslag in Festina Len-te te Amsterdam, winnaar van Slamersfoort 2006. Jaarfinale Zeist 2007 en de BRU-NA poézieprijs 2007 in mijn zak. Ik ben de hoogste nieuwe binnenkomer op de jaar-lijkse top-200 lijst van bekendste dichters Rottend Staal – Epibreren 2005. In 2008 kreeg Pom Wolff De Gouden Slamburger uitgereikt vanuit de Universiteit Utrecht – afdeling letteren en won hij het 2e Drentse open dichtfestival. op 19 april 2009 ver-scheen de bundel 'die ziekte van guigelton' - winnaar jaarfinale slamersfoort 2009. in 2010 won hij de dicht-slam-rap van boxtel en de dobbelslam van entiteit blauw te utrecht. in 2012 de grote prijs van Grimbergen én DE REBELPRIJS voor de poëzie van de REBELLENKLUP. Tot zover enig geronk. In 2014 presenteerde uitgeverij Douane op 22/11 in Café Eijlders de pracht bundel: 'een vrouw schrijft een jongen'. Sven Ariaans schreef in zijn juryjrapport Festina Lente Amsterdam: “Het is iemand die je zenuwen blootlegt om vervolgens op vaderlijke toon te zeggen dat die pijn jouw pijn moet zijn en dat er geen zalf bestaat. Elke cognitieve dissonantie die je voor jezelf op prettig hypocriete wijze had opgeheven, wordt je ingewreven, of zoals medejurylid Simon Vinkenoog het kernachtig zei: "hij verschaft illusieloos inzicht in de werkelijkheid". Ik voel me in deze omschrijving wel thuis.) * ‘JE BENT ERG MENS’ VAN POM WOLFF VERSCHEEN ALS WINDROOSDEEL IN SEPTEMBER 2005 EN WAS IN EEN MUM VAN TIJD UITVERKOCHT- *NIEUW WERK: TOEN JE STILTE STUURDE, 48 PAGINA’S WOLFFPOËZIE. VERSCHEEN OP 18 NOVEMBER 2006. ONLINE TE BELUISTEREN: ERIK JAN HARMENS INTERVIEWT POM WOLFF OVER ZIJN BUNDEL 'TOEN JE STILTE STUURDE' IN DE AVONDEN - VILLA VPRO http://www.vpro.nl/programma/deavonden/afleveringen/28361453/

Doe mee met de conversatie

4 reacties

  1. Als een kip ben ik erbij vooral daar ik er morgen niet bij zal zijn

    Nul n’est d’or autre
    que la patience accorde.

    Onder dit opschrift
    staan we
    in de rij

    te wachten.

    Niemand is verguld dan
    door het geduld geschonken.

    wachten

    en reiken onze hals uit
    naar zalen
    vol zaalwachters

    zij waken over doeken
    van Frans Hals
    of over de Burgerwacht
    of over doeken
    van Mark Rothko
    die niet kon wachten
    of over doeken
    van Willem de Kooning
    die heel lang kon wachten

    wachten we

  2. HET PLEIN

    als ik dichterbij kom
    waar jij verder weg
    een tijd terug
    met lange benen
    naast mij zat

    je handen
    koel rustend op mijn arm

    de plek
    waar jij me vroeg
    verlaat me niet
    en ik je zei
    wat er ook gebeurt

    weet ik
    dat tijd in onze liefde
    niet bestaat

    PM

  3. ‘Wachten duurt lang’

    Zoals je wacht op de wijnoogst
    je ziet onder zon de druiven groeien
    knipt weg wat te klein blijft
    en blaast er warmte overheen

    hoe het na stampen rijpt op het vat
    je staat erbij te kijken hoe het gist
    klaart het dat het in de fles mag
    dan nog moet mond en keel wachten

    het is voor geduld een neus hebben
    laat ook die ruiken en genieten
    van het walsen in het glas en
    kijk intussen je lief diep in de ogen

    goed dat er nog plat water is
    om even de mond te spoelen

    (‘Wachten duurt lang’, titel geleend van Bert en Ernie)

    FT 10112018

  4. Lang

    van november tot diep in mei
    hebben ze gezwegen, zij lagen
    te roesten in hun schedes, bloedeloos
    de dagen verzadigde loopgraven

    tot het krieken, de roep van de spriet
    hem vermande, wakker riep
    ontvlamde, hij zijn open graf verliet
    en in het veld trad om haar
    te tarten en te dagen

    tot drank en nageslacht
    geen lieve vrede maar tweestrijd
    om te leven, te overleven
    op het slagveld van zachtheid
    delf je enkel onderspit

    als man, als heilsoldaat
    kun je niet te lang zonder strijd
    blijven staan, spieden, draaien
    wapens dienen – ingezet
    om tot elkaar te komen

    11-11-2018
    Cartouche

Laat een reactie achter