MARTIN WIJTGAARD – OORLOGSHONDEN

Senta

 

Oorlogshonden

We gaan dood. Niks nieuws onder de zon. Sinds het ontstaan van de mensheid zijn een dikke tienduizend generaties ons voorgegaan. Toch kunnen we er maar niet aan wennen. De wetenschap verandert daar niks aan. Naarmate we onze levensverwachting tot absurde proporties oprekken, wordt het einde almaar confronterender. Het gevolg is dat onze rouwrituelen langzaamaan een potsierlijk karakter krijgen. Vooral wanneer het sneven plotseling en massaal is. Een tros witte ballonnen in Parijs, knuffels en zonnebloemen, stille tochten, ‘Imagine’ in de hal van het Centraal, de ganzenpas van Russische soldaten, een toespraak van Mark Rutte op 4 mei – de Dood jaagt als een rover door het land, met Kolder als een aapje op z’n schouder. Het kan nog erger.

Het meest groteske oorlogsmonument ter wereld is misschien het Ossuaire de Douaumont. Het werd geopend in 1932, zestien jaar na de slag om Verdun. Het kolossale gebouw ligt zes kilometer ten noorden van die stad. Voor de deur liggen 16.142 Franse soldaten in keurige rijtjes begraven. Maar in het gebouw zelf liggen de botresten van ‘environ’ 130.000 onbekende soldaten, Fransen én Duitsers, door de geschiedenis broederlijk op een hoop gekwakt. Door 46 ruitjes, die in de loop van de tijd een beetje vettig uitgeslagen zijn, sta je oog in oog met massieve hoeveelheden botten, ribbenkasten en schedels van Boches en Poilus.

Wordt de dood hier verheerlijkt of verfoeid? Je komt er niet achter. Het ossuarium is een tweeslachtig monster, dat balanceert tussen patriottisch militarisme en het geïnstitutionaliseerd pacifisme dat vlak na de eerste wereldoorlog opgeld deed: ‘Plus jamais la guerre!’, ‘Nie wieder Krieg!’. De 46 meter hoge toren, voorzien van roterende schijnwerpers die ’s nachts de slagvelden belichten, steekt als een joekel van een vinger de lucht in. Duitsers noemen zoiets een ‘Mahnmal’, een term die in onze taal ontbreekt. (Natuurlijk zou je het woord ‘manument’ kunnen verzinnen, maar laten we Kees van Kooten niet het gras voor de voeten wegmaaien.)

Het andere uiterste vinden we dichter bij huis. Op de Utrechtse Heuvelrug ligt, in een mausoleumpje ter grootte van een garage, de laatste Duitse keizer. Het geval bevindt zich in de tuin van Huis Doorn, waar Kaiser Wilhelm zijn jaren in ballingschap sleet. Nog jaarlijks komen Duitse monarchisten er op zijn sterfdag bij elkaar. Af en toe komt een achterkleinhohenzollern de bloemen verversen. Verder ligt de keizer daar alleen.

Nou ja, niet helemaal alleen. In het grasveld voor het mausoleum, op gepaste afstand van ’s keizers tenen, liggen vijf kleine grafstenen. Niet van zijn kinderen, zijn vrouwen of zelfs van zijn adjudanten, maar van de vijf dashondjes die hem in Doorn gezelschap hielden. Wie door de ruitjes van Douaumont gekeken heeft, kan de ironie niet ontgaan. Keurig in het gelid liggen ze daar, met militaire eer lijkt het, en in het midden, onder de vleugels van een grote bronzen adelaar, het lievelingsteckeltje van de keizer:

‘Die treue SENTA 1907 – 1927 Begleitete Seine Majestät den Kaiser im Welt Kriege 1914-1918’

Twintig jaar, voor een dashond is het een hele leeftijd. De Frontschweine van Verdun mochten hun handen dichtknijpen als ze het haalden.

 

Senta
Senta

Al worden ze wat lager aangeslagen
dan koppelriemen en geroeste kruizen,
hun botten worden na een dikke eeuw
nog af en toe door ploegscharen geschud.

Door duizendponders uit elkaar gerukt
verbroedert het verstookt kanonnenvlees,
los gestort per kuub in knekelhuizen
en greppels bij Diksmuide of Douaumont.

De meer getalenteerde oorlogshonden,
die onder nederlaag en muiterij
stram in de houding pootjes bleven geven,
volgden de drilsergeant in ballingschap

om ongeschonden, ver achter het front,
nog één keer op commando om te rollen
en onder een gemanicuurd gazon
mooi dood te liggen in neutrale grond.

Martin Wijtgaard

Amsterdam

http://martinwijtgaard.blogspot.com

Share This:

JOOP KOMEN wint de enige echte virtuele – indachtig armand – kleurt het leven kleurt het mooi trofee op de nieuwe pom – Tiefenthal zilver

JOOP KOMEN opent het feestje – MARC TIEFENTHAL landt – DITMAR BAKKER nogal fleurig – RONALD M OFFERMAN vergelijkt – voor MAX LEROU geen rood/wit – RIK VAN BOECKEL met bloemen voor de bedelaar

wedstrijd gesloten. als we toch een winnaar moeten uitroepen roepen we joop komen deze week uit tot winnaar. hij verenigt max lerou, ronald offerman en zelfs het kindje van van boeckel  en zichzelf natuurlijk in één gedicht – een ware prestatie – voor tiefenthal het zilver – een wervelend gedicht. joop begint aan zijn tweede jeugd hier op de nieuwe site. van harte gefeliciteerd.

 

cees glastra van loonkleur

foto: Cees Glastra van Loon

webmeisje britt is de site nog aan het inrichten – langzaam maar zeker groeit de site in overweldigende schoonheid- met nog een prachtfoto van Cees Glastra van Loon – (klik eens op de foto en beleef de schoonheid van deze wonderfoto van Cees) – wat wil een mens nog meer? een wedstrijdje!
wie wint de enige echte virtuele – indachtig armand – kleurt het leven kleurt het mooi trofee op de nieuwe pom?  de positieve grondgedachte in welke vorm of waar ook. dat we leven – dat het kleurt –  en er kleur aan kunnen geven.  mogen wij mee genieten met uw gedicht?

de regels als vanouds – niet meer dan 20 regels. eens kijken of het lukt – u kunt uw gedicht als reactie plaatsen – leave a comment – (even registreren, dan inloggen en dan uw reactie) – ik zorg er voor dat uw gedicht in het item wordt geplaatst. commentaren verzekerd natuurlijk. insturen tot zondagochtend 1100 uur.

 

zij wil niets weten
hooguit van zijn schoenen
deze afrikaanse
je kan zien dat ze stijl heeft

en niet van de straat
haar voeten draagt

zoals zij ze droeg
naast elkaar
op de vooravond
dat ze zouden dansen

 

pw

 

cees glastra van loonkleur

 

vaders roes

de kinderverjaardag
brengt kleffe tantes
te veel alcohol
jaagt hem naar bed

gebakjes drank
en zoute haring
ontladen zich
op het kussen

beneden zingen de tantes
hard en vals
lang zal ie leven
en zoeken tevergeefs
hun erogene zones in de fles

joop komen

 

kleur het leven kleur het mooi. joop komen kleurt het leven voor ons met een randje van lerou. ik hoor het max gewoon zeggen – over de tantes die hun erogene zones tevergeefs zoeken in de fles – een vader boven tussen minder schone lakens en dan zoeken we ergens nog het kindje dat jarig is. het leven prachtig vorm weergegeven en binnen het thema gebleven – het witte laken op vaders bed kleurrijk gevuld en rood aanlopende tantes. waar gebeurd als in de gedichten van ronald m offerman. ja ik herken gendringen – met in elk huis een eigen tante – met buuf – die lakens ook – hoe het leven door de zondag geurt. fijn dat we joop nog hebben om te berichten.

 

cees glastra van loonkleur

 

Verdwijnen wij, we verschijnen ook
Hoe het soms voor ons uit holt,
ons soms even tot stilte stolt.

Vaker draait het ons een loer,
wekt duizeling in een kolk neerwaarts.

Nooit verschijnt ons enig beeld
of andere gelijkenis.

Heel even huilt de wolf met ons mee.

Hoe het ook meer uitgesproken
in een dreun en een kreun
ons vooruit stuwt bij de toppen van de tenen,

wij daarbij beeld
en geur en kleur krijgen

tot in een kluwen de sturing
ons weg schiet en eerder dan ons lief is
doet landen.

 

Marc Tiefenthal

 

alsof het gedicht in een draaikolk is geschreven. we hebben er even op moeten wachten maar dan heb je ook wat. een krachtige tiefenthal – over het leven – met vaart geschreven. en hoewel ons “nooit enig beeld verschijnt’ mogen we lezen in strofe 3 –  krijgen we vier regels later toch een beeld. in geur en kleur zelfs. niet dat poëzie niet tegenstrijdig zou mogen zijn maar ik zou de voorlaatste strofe laten vervallen – diet is toch al niet de schoonste. voor de rest een lekker razend gedicht. –

 

 

cees glastra van loonkleur

 

Prachtig, die fleurigheid!
Koopmarkt in Afrika:
Mensen in sepia,
Klederdracht bont.

Enkel M’bele (in
Okergeelkleurige
Dracht) is albino,
Afwezig, en blond.

 

Ditmar Bakker

 

weken achtereen heeft ditmar de buit binnen gehaald – vorige week nog die prachtbundel van Bob den Uyl – Gauw tevreden zijn is een gave – verzorgd door Nico Keuning de biograaf – een kadootje van uitgeverij Douane. weken achtereen was uw webmaster verblind door het slungelige lichaam dat elk weekend bij het ondanks de leeftijd toch goed in stand gehouden lijf de broodnodige warmte zocht – vandaag zit mneer ineens in Afrika. heb ik dat? en word ik even als een albino weggezet. ditmar richt deze week met en in zijn persoonlijke poëzie meer schade aan dan hij regels heeft geschreven. als jij zo nodig in die rimboe wil zitten doe dat dan maar – ze hebben godverdomme niet eens een stoel daar achter jongen. mneer bakker is tegenwoordig wel heel gauw tevreden! toen mneer zich nog niet zo erg lang geleden – vorige week – in mijn zijden ochtendjas naar de koelkast begaf om daar de laatste vette paling weg te rauschen – ik noem maar wat – nooit iets van gemerkt van die plotselinge hang naar gauwe tevredenheid. ja 6 keer per dag liefdeloos klaarkomen – maar nu spreken we even over iets anders ja. en wanneer komt mneer de ondergesmeerde le corbusier nog reinigen?

 

cees glastra van loonkleur

 

Een plein in de stad

Sinds die dag is alles anders
De stad is stil en donker
Mensen gaan als schimmen over straat
Naar huis, naar huis

De stad is anders sinds die dag
Alsof de kleuren zijn vervaagd
De klok nog sneller tikt
Alsof je huis je thuis niet is

Voor de duisters waren we ook bang
Zie hoe die geëindigd zijn

Ronald M.Offerman
Amsterdam 21-11-2015

 

ik las duitsers maar het zijn ‘de duisters’ dat maakt het allemaal minder erg. al weet ik niet wat duisters zijn. en al weer een plein was mijn eerste reactie – ronald heeft nu eenmaal met het veelvuldig door hem voorgedragen gedicht ‘de pleinen’ alle pleinen van europa – en daarbuiten – geconfisqueerd. een andere titel is daarom aan te raden – ‘die steden’ bijvoorbeeld. verder wordt hier de beklemming fraai en eenvoudig verwoord.

 

cees glastra van loonkleur

 

ajax kleuren

uitgekookt of onverhit
bonen in tomatensaus
blijven altijd wit

de saus is dan wel rood
maar in geblikte bonen
woont toch echt de dood

ml

 

rood wit niet de kleuren van max. een vrolijk en kleurrijk statement – in 020 zien ze er niet groengeel van.  de verlosser aan de chemo en de boer hij ploegt voort. zo is het goed. een echte lerou in twee statements – zo knal je ze af. ergens is max toch heel wat maagden misgelopen.

 

cees glastra van loonkleur

 

Gratie

De appel valt ver van de tak
het kind dat zich in de bloemen stak
raapt het op en voelt zich niettemin
niet te min het aan de bedelaar te schenken

deze speelt op zijn gitaar met een snaar
een lied over geven en nemen
het kind danst het ballet dat zij leerde
van een juffrouw vol gratie

zo gaan de zaken
zo staat het leven
nu eens niet op zijn kop.

 

Rik van Boeckel
22 november 2015

 

zonder opsmuk mooi opgeschreven eenvoud. ach ja zo een tafereeltje in tijden van duitsers die zomaar verdwijnen – we tasten op FB volledig in het duister nu – grapje hoor rik. je schreef een heerlijk gedicht in deze tijden van angst en spanning – met te hoge dreigingsnivo’s. een kind met een bloemetje voor een bedelaar met een gitaar en een snaar. die snaar weet jij te raken. dank je wel.

 

 

 

Share This:

max lerou eert ARMAND – bij de dood van

 

 

groeigedicht bij de dood van Armand (10 04 1946 – 19 11 2015)

absent

namen die we lezen in
de sterflijst van de dag
het zijn altijd de verkeerde

nooit staat er mark lodewijk
stef of jetta voor mijn part
was het diederik geweest nee

lezen we godverdomme weer van armand
na eerst al habakuk marnix joris gerrit met de grote snor
leo lou maarten rutger gerrit zonder snor adriaan harry
rudy ramses simon martin mies gerard jan hugo
en anders is het johnny wel die van de kicks

zal je zien dat morgen alsnog
de naam van een klootzak opduikt en
dat ik er dan niet ben om die te lezen

ml
20 11 2015

 

 

Share This:

GERDIN LINTHORST – ‘Beslagen ramen, geen sprankeltje zuurstof aanwezig, een bevredigende vochtbalans, een rokertje, een drukte van belang, dij aan dij en vele goede gesprekken. Nergens was het gezelliger dan in Eijlders’ rookruimte.’

bolo4

 

Goedendag poëten en anderen,

Zo hol je onbezorgd met je vlindernetje door de weilanden, zo bereikt je het bericht dat de site weer in de lucht is. Geen vlinders maar gemengde gevoelens buitelen opeens over de weide. Afgelopen met de vrije dagen, dat allereerst. Maar ook, geen vertrouwde aanklikcategorieen meer, geen begrijpelijke verwijzingen, links is niet meer links en rechts niet meer rechts en waar is ons verleden? Voorgoed in de virtualiteit opgelost?
De kleitabletten van de Phoeniciers worden nog steeds bestudeerd maar hoe moet men ooit in de toekomst onze mededelingen bestuderen? Alles verdwenen in een zwart digitaal gat waar niemand meer bijkan.
Vergeet niet je werk te printen hoor jongens; alles wat je maakt onmiddellijk op een solide stukje papier vastleggen! Dan maar een extra ladekast bij Ikea aangeschaft. Luister naar moeder.
Een nieuwe site. Dat wordt dolen als in een heropende, alles nieuw-en-nog-overzichtelijker supermarkt. Je bent voorgoed de weg kwijt. Het went niet meer. Ofwel, je wilt niet meer wennen.

Ik houd niet van veranderingen. En dat is vreemd want ooit was het zo dat een dag geleefd zonder verandering, niet geleefd was. Stilstand was achteruitgang. Drie keer per week moest het interieur gewijzigd, elk half jaar een nieuw vriendje, om het jaar een verhuizing, na twee jaar toch echt weer nieuw werk voor een nieuwe opdrachtgever. Als er al niet een geheel nieuwe carrière werd overwogen. Af en toe een nieuw kind gebaard. En je leefde tien jaar per jaar.
Dat is op een kwaad moment en ik weet niet wanneer, veranderd. Ik leef nu een jaar per, nou vooruit vijf jaar. Ach wat zit ik graag achter de geraniums in volledige stilstand en in een vertrouwde opstelling van meubelen. Geen fijner feest dan het feest der herkenning!
Geen groter genot dan een goed boek op schoot, geen groter gruwel dan de boekverkoopster die mij verwachtingsvol vraagt of ik interesse heb in de workshop snellezen. Dat doe je diagonaal, meen ik begrepen te hebben. Scheert u weg, riep ik. Ik lees niet graag diagonaal en vooral lees ik niet graag snel.

Ik houd niet meer van verandering.
Na lange afwezigheid was ik zondag weer eens in Eijlders. Het was hetzelfde als altijd maar toch anders. Kortere lontjes, zo concludeerde ik na enkele verbeten terechtwijzingen van het bedienend personeel. Een nieuw Dichtersmiddag-bestuur ook, met, dat gelukkig weer wel, een vertrouwde presentator.
Maar bovenal een appelig terrasje met uitzicht op een blinde muur, daar waar ooit de fameuze, in vele breinen als een monument van kunst en ongezond leven vastgeklonken
rooksalon was. De glazen serre van Eijlders, waar de habitué op de tast en letterlijk blindelings in de zware blauwe dampen van sigaren- en sigarettenrook zijn weg wist te vinden. Beslagen ramen, geen sprankeltje zuurstof aanwezig, een bevredigende vochtbalans, een rokertje, een drukte van belang, dij aan dij en vele goede gesprekken. Nergens was het gezelliger dan in Eijlders’ rookruimte. Voorgoed verdwenen. En met die rookruimte lijkt ook een even ruimdenkend als doodsverachtend joie de vivre tot het verleden te behoren.
Vind ik. Maar ik zit nogal veel achter de geraniums. Dat wel.

 

Met hartelijke groet,
Uw DinLin.

bootcat

de koningin van tafeltje 3, Gerdin Linthorst, voorheen de Volkskrant,

kunt u genieten op 9 december 2015 op de boot van Catelijne – aan

‘het einde van de wereld’.  Catelijne sluit het jaar af met ‘een sterk veld’.

Share This:

UW EIGEN MAX LEROU in een radiouitzending met een gedicht voor TINEKE van Café de Schouw 010

tineke nieuwe bar

http://maxlerou.blogspot.nl/2015/11/livin-blues-radio-010-fm-elke-woensdag.html

 

 

mulisch baby – ich habe angst

bij de buren slaat de klok
het uur onrust – even verderop
schreeuwt een moeder heil hitler
bij het ochtendorgasme

pas in de middag wordt ze anti-duits
eerst moeten ze nog de hond afknallen

ja er ligt een mooie dag
in het verschiet

©max lerou

 

reactie Gerdin Linthorst:

Gottegot…even tranen uit mijn ogen wissen.
Die gaat bij de favorieten!
Max’ vochtbalans zal wel dik in orde zijn geweest.

 

van de reiger en het vocht

de barman weet

zet een emmer water
op straat en er staat
meteen een reiger naast

dichters zijn net reigers
zet een vol glas op de toog
en jawel hoor…

ml
21-5-2015
 

Share This:

TAFELTJE 3 nu in BOLO

TAFELTJE 3 nu in BOLO

bolo1 bolo2 bolo3

voorheen de koningin van eijlders – columniste op de pom – voorheen de volkskrant – ‘vier ruggen mannen’ sprak zij vanavond tegen het mannenvolk dat haar omringde – een zekere martin wijtgaard, een zekere arie van egmond, een zekere pom wolff – vier ruggen martin pak ik op die site van mneer wolluf. ruggen ruggen? sprak martin in verviel even in het westfries van zijn geboortestreek.
het is niet deftig om over geld te praten gerdin trachtte ik nog. dan krijg ik die de jong met terugwerkende kracht, en heij ook over me heen, in 010 willen ze dan betaald worden – zeg dat je het uit liefde doet gerdin – we hebben altijd onze liefde nog zingt bjorn van rozen – zeg dat het de liefde is die je charmante vingers doet bewegen. zo heftig ook. zoals jonge meisjes ze bewegen bij jongensdromen.

 

bolo4
en toen moest max lerou gebeld. ik verdom het verder die site nog verder te columniseren pom sprak gerdin deftig en keek naar haar lenige vingers – gooide uit genegenheid een glas bier over me heen – alleen als max lerou meedoet pom doe ik de vrijdag verder – we hebben een prachtige briefwisseling.
ik belde max op middenin in een uitzending van radio rijnmond vanavond over de livin’ blues van ooit muskee en cornelisse en wist hem de toezegging te ontlokken. gerdin glom als een lentezonnetje en haalde nerveus haar jonge meisjeshanden door haar zachte glanzende haren dat het haarlak ervan knetterde.
het vijfde biertje werd besteld en ook van egmond kreeg er plezier aan. hij verhaalde over de tesselreis die hij deze zomer had aanvaard richting roop. over de dodelijke stiltes die in huize roop vielen toen hij zich daar aan een grapje waagde. martin wijtgaard trok de grandmarnierkaart en zegde toe tegen betaling van een rug (van gerdin) columns aan te leveren voor de nieuwe pomsite. het werd gezellig.
natuurlijk werd nog even stilgestaan bij dat rare mens aan tafel drie in cafe eijlders afgelopen zondag dat de hele boel op stelten wist te zetten met een gestoorde lach die alle glazen deed rinkelen – een lach die gerdin werd kwalijk genomen. tafeltje drie in BOLO haalde met gemak warm welkom geheten zonder enig verwijt de eindstreep van de avond. hebben wij 24 biertjes per persoon gedaan pom? nee kind 12 hoor – die andere 12 heb je om gekegeld en waren van het huis. wijtgaard verliet kaarsrecht nog het etablisement en arie van egmond verwelkomde de frisse lucht alsof er westenwind van tessel om zijn oren vloog. tafeltje drie in bolo wordt vervolgd.

 

9 december zal de koningin van tafeltje drie te bewonderen zijn op de boot bij CATELIJNE – aan het einde van de wereld – met een wel heel bijzondere singersongwriter ook op 9 DECEMBER.

bootcat

 

 

 

 

Share This:

WERNER THOLEN en het mooiste moment van zijn leven

waschnovember

 

De Blikken trommel.
Iemand vroeg me eens wat nu het mooiste moment van mijn leven was, tot nu toe. Ik noemde wat zaken op, eerste kind, grote liefde (nog steeds) doelpunt bij schoolvoetbal
Maar nu weet ik het echt.
Het was in de jaren ’50. Mijn ouders hadden een mooi huis in Amsterdam-Zuid. Maar vooral mijn vader was niet gelukkig, de oorlog, het kamp hadden diepe sporen achtergelaten. Hij probeerde het uit alle macht, maar kon het niet loslaten.

Op een dag had ik van een tante een blikken trommel gekregen, hij maakte veel lawaai als je erop sloeg. Mijn vader vouwde twee mutsen van papier en die zetten we op. We waren met z’n tweeën thuis.
Van een ander stuk krant rolde hij een toeter. Plotseling liepen we om de eettafel heen, hij voorop, de trompetter, ik de trommelaar, achter hem aan. Sneller en sneller liepen we, wilder en wilder werd onze muziek. En ik zag dat mijn vader lachte, keihard en met zijn armen zwaaide, tussen zijn getoeter door. Hij was alles even vergeten, kamp, vermoorde familieleden. Dat was het mooiste moment van mijn leven. We herhaalden ons spel niet meer, het was ons geheim. En dat bleef het. Tot nu.
Werner Tholen

Share This:

MIGUEL SANTOS – een gedicht voor je nieuwe site

 

 

schou2

Ha Pom,
Zoals beloofd een gedicht voor je nieuwe website, waar we weer poëzie op mogen ejaculeren. Proficiat en wellicht tot een volgende poëtische ontmoeting (digitaal of in levende lijve)!
Groet vanuit de nacht met Chet Baker op de achtergrond die zingt over My funny Valentine

 

Canvas

De ballen
speciaal geschoren
om ze in volle glorie
speels te laten hangen,

om ze te tonen
terwijl de pen
nog in de hand ligt,

om grip te krijgen
(vast te houden)
op de inspiratie die ze aftrekt,

nog maagd in wat
te kunnen verwachten.
De geur van voorpret
ruikt niet maar hijgt,

om de dichter in
hoog tempo op te winden,
de fantasie goed te prikkelen

om een spetterend
hoogtepunt te delen, om
het canvas voldaan te voltooien.

 

16-11-2015
 Miguel Santos

 

 

Share This:

JOLIES HEIJ over platenkamp met zunne vluchtelingenzwartjes en over blozende hollandsche refoknapen als daniël vis

heijtje

de pom under reconstruction. wat nu weer? hep bettie deur scharlakenrode nageltjes in ut stopcontact gedouwd? hep loodgieter lerou de verkeerde buis geraakt en staat het redactielokaal blank en is de stroom uitgevallen? hep terk zunne vlindertjes uit den onderbuik gelaten en zijn deze hopeloos in de moertjes en boutjes vastgelopen? columniste besloot om zelf maar poolshoogte te gaan nemen en trof de baas heel zielig en alleen met zunne tengels onder het bureau aan. ik geef mezelf maar effe een beurtje sinds jij het toch niet doet, verklaarde ie. wat kom je munne rust nou weer verstoren? eindelijk es een leeg en opgeruimd redactielokaal. ik keek om me heen en het zag er inderdaad verdacht ordentelijk uit. geen ruzies, geen rellen, bromde de baas tevree. geen lekkende lerou, geen terk aan den zwier, geen platenkamp met zunne vluchtelingenzwartjes. ik heb zelfs de bureaula van ma de jong leeggekiept en gekuisd van schimmige speeltjes. eindelijk heb ik es tijd om ongegeneerd de hand aan mezelf te slaan.

maar de lieve lezertjes dan? riep ik. hoe motten die zich bedruipen zonder von solo, merik, gerdin, mijn column? ga maar in retraite, net as die natuurgenezer van je. beter nog, geef hem nou eindelijk es dat welverdiende pijpbeurtje, wat niet weet dat niet deert. jaja, ik snap het wel, je houdt je in omdat je de ogen van de lieve lezertjes constant op je gericht weet, dus nu ken je eindelijk uit je dak. mot je nog speeltjes van ma mee? verwen die man toch es, de kwakzalverij is al zwaar genoeg en dan nog die aanklacht van het tribunaal. en zunne likdoorn. en zunne maagzweer. sinds wanneer bent u zo met de natuurgenezer begaan, baas? riep ik verbaasd. ach, hij is een beetje de underdog in jouw column, jouw vullisvat voor alles wat er in jouw ogen niet deugt en ik deug ook niet, dus motten wij klootpenissen elkander bijstaan. wel, verzuchtte ik, ik zou niets liever willen dan de natuurgenezer in munne armen sluiten, maar hij zit in een klooster in servië met een peniskoker voor schietgebedjes te doen terwijl de geilsoldate zunne vlees geselt. mij heppie uit zunne kop verbannen. dat zei de geilsoldate bij vertrek nog tegen um: dagelijks 30 zweepslagen om de vunziggeile gedachten aan columniste uit jouw goofd te krijgen.

 

heijtje

ach kind, dat wordt ie wel weer zat, sprak de baas troostend. deur zijn grenzen aan wat een man kan verdragen. soms is een eigenhandig rukbeurtje al avontuurlijk genoeg. goed, zei ik opgeruimd, sinds ik van u de vrije hand krijg ga ik naar de uslam om aldaar met ditmar kontje te wrijven. de baas liet terstond zunne lid los en maaide met de vuist door de lucht. jij zult ditmar niet bepotelen! ditmar is van mij! – maar columniste was al op weg naar café de bastaard en vlijde deur hijgende kont tegen ditmar aan die prompt as een gazelle opveerde. ga weg verdorven vrouw, ik ben van de baas! gilde ie. de site is uit de lucht, suste ik, wat niet weet dat niet deert. hoe durf je! reageerde ie nog altijd furieus. ik ben een nette jongen. wat is deur met die fluitekruidsnuiver van je gebeurd? ik vind ut anders wel lekker rustig, kwam jonathan griffioen, dat ik es niet tussen de serven sta, maar tussen blozende hollandsche refoknapen als daniël vis. hoho, wij hebben ook wel degelijk verstand van lijntjes, hoor, riep deze, op urk doen we niet anders. maar wee je gebeente als dit in de column komt! geen zorg, zei ik, de site is uit de lucht. nu is het trouwens wel zo, wendde ik me weer tot jonathan, dat er in montenegro meer dichters dan schapen wonen. waarom denk je dat karadzic dichter is? jazeker, beaamde vis, ik heb zunne bundel in een stiekeme la, evenals de landschapsschilderingen van adolf, alsook… jongens jongens laat toch dat geouweheer over powezie, riep ditmar uit, wat dachten jullie van een triootje? de grote baas hep deur toch geen weet van, kenne we eindelijk es een homo-erotiese boom opzetten. en ik dan? riep ik. jij hebt geen penis, ga jij jezelf maar bedruipen.

 

heijtje

 

Fata morgana op papier

Er bestaat een land waar alleen
dichters wonen. Het ligt opgerold
in een krant waar het virtuele
niet kan komen. Er worden nog altijd

bomen gekapt en jij staat fier rechtop
in mijn stoutste dromen. Je bent niet
de pennenlikker die je later werd
de cynicus voor iedere goedgelovige

huisvrouw, de scherpslijper voor iedere
afgestompte slippendrager. Ik had je lief
toen we nog in bladeren gehuld
door de duinen liepen, niet op dat kale

scherm waarlangs alles afglijdt.
Geef mij een stuk papier, al is het
een boodschappenlijstje, dan slacht ik
de gans, inhaleer jouw nestgeur.
Jolies Heij

Share This:

liefde in café eijlders – tafeltje drie lelijk in opspraak – bettie: mneer wolluf het is ook altijd hetzelfde liedje – waar u aanschuift is het hommeles

eij151

 

mneer wolluf? ja bettie? was u bij eijlders dichtmiddag? ja bettie daar was ik. mooie dingen allemaal – veel poezie ook. en er was liefde bettie – mooie liefde – schimmige liefde – heerlijke liefde – mocht er een fotootje van maken en heb de geliefden nog in het zonnetje gezet met mijn gedicht JA.

 
JA

had ik dit land verlaten
als ik van haar bestaan
geweten had
het gaat per uur nu
harder jij
wat is dat toch

ik zoek een mens van mens gemaakt
die mij de bodem
uit de hel laat schreeuwen
en die dan nog
ja dan nog naast me ligt

en als mond van tederhout
zou ik wijken voor je woorden
zou ik ?
misschien is ja
het mooiste woord

 

pw

 

eij152

 

veroverde een biertje van die twee. en volgende maand is het weer EIJLDERS bettie dan is er een bundel ter gelegenheid van EIJLDERS 75 jaar.  nee bettie ik had niet te klagen. kreeg een biertje van tafeltje twee van gerdi en merik en mirjam al, kreeg een biertje van tafelje een van loes essen. En u kreeg ook biertjes van tafeltje drie he mneer wolluf? ja bettie van catelijne, van gerdin, van arie, van martin wijtgaard, allemaal biertjes en allemaal vlammetje en vele bitterballen ook. ik ben bedolven onder de biertjes.

 

eij154

der zijn klachten over tafeltje drie binnen gekomen mneer wolluf – waar u aanschuift is het hommeles. tis toch niet waar bettie? het is wel waar mneer wolluf! het is een heel erg onrustig tafeltje geweest mneer wolluf.  ooooo bedoel je dat bettie. maar dan moet ik dat toch even uitleggen hoor. tafeltje drie werd bezeten door martin, gerdin, arie, catelijne en pom – stuk voor stuk kopstukken hoor.  totdat er iets vreemds gebeurde. een zekere onheilspellend uit der ogen kijkende vrouw plantte zichzelf op het bankje bij tafeltje drie. later begrepen we dat zij de prachtige naam Anne Caterina Zijlstra – heel veel aaa’s – in haar vaandel voerde. Anne Caterina een prachtnaam alsof ze zo weggelopen was uit een lied van cornelis vreeswijk. en toch was er iets vreemds aan anne caterina. anne caterina lachte plotsklaps – uit het niets dus – onbedaarlijk – aan tafeltje drie om zaken waarom een normaal mens niet zou lachen. amber helena was net bezig met het afstropen van haar huid – ja in der poezie natuurlijk – of anne schaterde het uit.  een luid gesis trof tafeltje drie. alle blikken gericht op gerdin en catelijne die zachtjes fluisterend de stand van zaken aan tafeltje drie analyseerden. ik keek arie aan. ik keek martin aan. EN JA HOOR –  zelfs een martin wijtgaard tijdens een diervriendelijk gedicht over duiven werd overschaterd door anne caterine. robin veen had last van anne caterine en wederom troffen boze blikken gerdin en catelijne. alleen ik wist hoe het werkelijk zat aan tafeltje drie bettie!  toen men achter de bar ontplofte in woede door alle herrie vanaf tafeltje drie smeerde onze anne caterine hem (nee haar) naar buiten.  de dingen moeten wel in het juiste kaarslicht worden geplaatst bettie. ander gaan we ZWIJGEND NAAR DE TERING – naar de titel van de nieuwe bundel van martin wijtgaard. alsof hij in de eerste twee regels van die bundel anne caterine al had voorzien:

 

Het malle kattenvrouwtje van vierhoog

houdt aan het dakraam lange monologen.

 

hoe dan ook een fijne middag in eijlders. met nieuwe accenten ook – willem mesman besprak de poëzie van ramsey nasr. paul lokkerbol op zijn vertrouwde plek als inleider der poëten. kees godefrooij binnenkort in eijlders met een nieuwe eigen bundel. zelf ben ik altijd bewogen door de enorm bewogen poezie van mirjam al.

 

eij153

 

gerdi kondigde het laatste open podium aan in HUIZE LYDIA, roelof hartplein 2a – 27 november – de laatste al weer dit jaar. en 9 december een wel heel bijzonder programma bij de CATELIJNE op de boot aan het einde van de wereld. en de mooiste regel van de middag mneer wolluf? de mooiste regel van de middag was een regel van Kees Leeuwerink: ‘het naakt nukkende NU’, niets tegen in te brengen bettie!

 

 

 

 

Share This: