Zoeken
Google
Google
Hoofdmenu
Poëzielinks
Bekijk alle poëzielinks...
Forum
Laatste reacties op http://www.pomgedichten.nl
Inloggen
Gebruikersnaam:

Wachtwoord:


Wachtwoord vergeten?

Registreer nu!
Online
19 gebruiker(s) zijn online (8 gebruiker(s) zijn op Gedichten, nieuws, rellen)

Leden: 0
Gasten: 19

meer...
Google ads

(1) 2 3 4 ... 1144 »
Gastcolumns : VON INTERVIEWT JEROEN OLYSLAEGERS: "Maar bezie die waanzin. (...) Europa is een stervende hoer." donderdag vonderdag - VON SOLO, FEAR AND LOATHING IN POWEZIE LAND!!! Openhartige openbaringen van de Jeff Koons van de vaderlandse powezie
Gepost door Pom Wolff op 2014/10/2 4:50:00 (60 keer gelezen)



POMgedichten presenteert de donderdag column:
VON SOLO, FEAR AND LOATHING IN POWEZIE LAND!!!
Openhartige openbaringen van de Jeff Koons van de vaderlandse powezie.


Van nature lijk ik een voorkeur te hebben voor alles behalve Nederlandse literatuur. Franse en Amerikaanse klassieken. Japanners, Britten en Schotten. In mijn kast geen Harry Mulish. Die hoort tussen andere planken. Wat ik wel verdraag blijken Vlamingen. Herman Brusselmans, Tom Lanoye om maar wat te noemen. En zo kwam ik vorig jaar twee titels te lezen van de voor mij tot dan toe onbekende Jeroen Olyslaegers. Ik durf intussen te zeggen dat het voor mij klassiekers zijn geworden. Als ik de kans eens zou zien deze schrijver van deze meesterwerken aan de tand te voelen. En die kans is er natuurlijk altijd. Dan ga je als dichter weer eens onder de oppervlakte.



Dichter onder de oppervlakte, deel 7 : Jeroen Olyslaegers


Het is kwart over drie. Na ons vierklauwens met de Volkswagen Polo Harlekino vanuit Brussel naar Antwerpen te hebben begeven, stappen we café Het Zeezicht aan de Dageraadsplaats binnen. Binnen is het rustig. Buiten gonst het in de zon. Maar wij hebben een missie. Een interview met de illustere Jeroen Olyslaegers. Ik heb net goed en wel een Spa Rood besteld voor mijn chauffeur van vandaag en de culturele paparazzo van Rotterdam, Theo Huijgens, en een Bolleke voor mezelf, of we zien Jeroen zijn fiets al parkeren buiten het estaminet.

Jeroen betreedt het pand en bestelt aan de toog een Ricard. Ik zie een man met een woest uiterlijk. Doodshoofden op zijn kledij. Handen vol ringen en een wilde baard en dito haartooi. Als hij zich omdraait herkent hij instinctmatig meteen het dynamische duo dat zich onderhand het beste mag gaan laten vergelijken met Barend Servet en Fred Haché. Na een korte kennismaking, wat huishoudelijk geneuzel en een toast wordt het vragenvuur geopend. En door de zenuwen (in combinatie met een chronisch slechte voorbereiding) schiet ik dan ook meteen zonder te mikken.

Von: ‘Wat vindt u eigenlijk van poëzie?’
Jeroen: ‘Tsjah, ik lees het veel. Momenteel ben ik druk bezig met theaterteksten voor Jan Fabre. Die zouden kunnen doorgaan voor poëzie. Ik heb een groot respect voor een ieder die met poëzie bezig is. Het is toch meer een hermetische kunstvorm. Elke dichter is vrijwel een raadsel.’
Von: ‘Zelfs voor zichzelf kan ik u vertellen. Wat is volgens u het verschil tussen een prozaschrijver als u zelf en een dichter?’
Jeroen: ‘Er is een verschil. Het is een gevoeligheid. Prozaschrijvers proberen te onthullen. Dichters proberen wellicht meer te verhullen.’
Von: ‘Als bijschrift bij uw columns voor De Morgen kunnen we lezen ‘Alles zal onthuld worden’. Bij een dichter zou je dus kunnen stellen ‘Alles zal verhuld worden’?’
Jeroen: ‘Ja.’

Met gezonde twijfel inzake de intellectuele capaciteiten van de interviewer vervolgt Jeroen: ‘Gedichten die bij blijven hangen, dat zijn gedichten die verhullen en een raadsel achterlaten. Dat komt wellicht wat raadselachtig over, maar als dat niet lukt is het niet interessant. Lukt om het te ontraadselen dan is het consumeren.’

De interviewer heeft een moment van intervisie met zichzelf, neemt een slok en tracht zich te herpakken: ‘Jeroen, als ineens al het schrijftalent verdwenen zou zijn, als niks meer zou lukken. Wat zou je dan doen?’
Jeroen: ‘Filmeditor betrachten te worden. Het is de almacht van het manipuleren van beeldmateriaal. Sfeer opbouwen, ritme in de beelden. Toen mijn eerste boek uitkwam heb ik zelf de promo gemaakt.
Ik had mijn neef mee met goedkope camera en ben na het filmen ruwweg beginnen monteren op twee VHS recorders. Door het te doen voel je dat het je in de vingers zit.’
Von: ‘Ik heb ook een film gemaakt.’
Theo: ‘Yo Von, voor wie zitten we nou hier?’

Jeroen laat zich niet van de wijs brengen en vervolgt: ‘Momenteel schrijf ik teksten voor een stuk van Jan Fabre. Alles in dat stuk gebeurt vierentwintig uur lang op één podium. Als je dergelijke teksten schrijft zijn de enjambementen erg belangrijk. Het heeft wat weg van de montage van de tekst. Op die wijze ben je in zekere zin ook met muziek bezig in schrijven. Daarom lees ik voor mijn vrouw mijn schrijfsels ook hardop voor. Het moet blijven klinken. Mijn ervaring na twintig jaar als schrijver is dat het moet lopen. Je moet de eigen stem kunnen horen.’
Von: ‘U klinkt als een perfectionist.’
Jeroen: ‘Beat en de muziek staan voor perfectionisme. Het is de oude tegenstelling tussen woord en beeld. Fixatie op woord en beeld zijn twee verschillende dingen. Het is allemaal veel fijnmaziger.
We weten simpelweg niet hoe verbeelding echt werkt. Onderzoekers bekijken symptomen, maar wat er aan ten grondslag ligt? We vatten het in tegenstellingen in de hoop dat we dat beter gaan begrijpen. Maar wellicht is alles nog veel radicaler. Neem bijvoorbeeld de kathedraal van Chartres. Dat is een opengeslagen stenen boek. Alle kennis van de cultuur van dat moment zit in de beelden. Het is een compleet andere manier van doorgeven van kennis. Het is deel van ons cultureel DNA.
Relatie tussen woord en beeld staat enkel op gespannen voet als men dat zo zegt.’
Von: ‘Ja, net als hoe bij het journaal vaak zaken gebracht worden.’
Jeroen: ‘Het journaal is een conditionerend narratief, dat voorwaarden oproept. Er wordt gesteld dat als je de werkelijkheid wil vatten, je journaal moet kijken. Het is je morele plicht op de hoogte te blijven. Maar is wat ons wordt getoond de waarheid, of een oproep tot hysterie. De andere kant van de werkelijkheid is heel eenvoudig. Neem de recente oorlogen. We hebben heel veel geïnvesteerd in die oorlogen. Een vriend van me is momenteel bezig met de productie van een opera over de eerste wereldoorlog. Daarin komt een thema terug dat er in Nederland een cocaïne fabriek staat die levert aan beide strijdende partijen. Ik wil maar zeggen dat een oorlog altijd draait om een of andere reden.
En als je aangeeft dat het moreel verwerpelijk is, dan zit je aan de foute zijde, want we gaan investeringen veilig stellen. Praktisch gezien zitten we in ‘1984’. We zitten in een ‘perpetual war’. Media werkt op die manier. Ze aanvaarden het paradigma waarin onze leiders opereren.’
Theo: ‘Hoe weet je nou uiteindelijk nog wat waar is?’
Von: ‘Theo! Dat was mijn vraag. Mond houden en foto’s nemen!’
Jeroen: ‘Tsjah. Wat is de realiteit? Dat is een versplinterd gegeven. Daarom hoeft mijn kind ook geen TV te kijken. Het enige dat je wel weet is dat er zoveel elementen zijn bij elke verslaggeving die vragen oproepen is dat je niet meteen de officiele lezing hoeft te geloven.’

Von: ‘Heeft u een auto en zoja, wat voor één?’
Jeroen: ‘Ik heb inderdaad een auto. Een zwarte Saab 93 decapotable. Maar geen rijbewijs. Ik vind het leuker als er een vrouw achter het stuur zit. Bij voorkeur mijn eigen lief.’
Von: ‘U heeft inderdaad een zeer aantrekkelijke vrouw. Hoe heeft u dat zo voor elkaar gekregen?’
Jeroen: ‘Ik was net een aantal maanden uit mijn vorige relatie. Wat dat betreft ben ik een vrij monogaam mens. En ook nogal trouw. Zij was achter mij aan het jagen. Ik was zomaar een pint aan het vatten en toen verscheen Nikkie ineens in de Hopper. En van het één kwam het ander. Ik heb wat seks betreft trouwens wel drie maanden de boot afgehouden. Dat was haar nog nooit overkomen. Intussen zijn we zes jaar samen en getrouwd.’
Theo: ‘Hoe oud bent u en hoe oud is zij?’
Jeroen: ‘Nikkie is vijftig en ik ben zesenveertig.’
Von: ‘U bent dus eigenlijk te grazen genomen door een cougar?’
Jeroen: ‘Zo zou je het kunnen stellen. Ik denk dat ze het wel leuk zal vinden als cougar te worden betiteld. MILF vindt ze niks. Maar cougar…’






Von: ‘Op Wikipedia staat u betiteld als het enfant terrible van de Vlaamse literatuur. Klopt dat?’
Jeroen: ‘Dat het er op staat klopt. Ik heb alleen geen idee welke lul dat gedaan heeft. Die heeft me daar niet een ongelofelijk plezier mee gedaan. Daarnaast denk ik dat degeen die me zo betiteld heeft geen idee heeft wat een enfant terrible is. Maar ja, zo zie je maar. Je hebt heel snel een reputatie.’

Jeroen vervolgt: ‘Van huis uit ben ik opgevoed met kritisch denken.’
Von: ‘Komt u uit een rood nest?’
Jeroen.: ‘Nee. Eerder rechts Vlaams nationalistisch. Net als Hugo Claus. Vergelijkbaar met wat ik beschrijf in mijn roman ‘Wij’. Nu was mijn moeder echter wel altijd feministisch ecologistisch. Saillant detail is dan weer dat mijn grootvader heeft nog gecollaboreerd in de oorlog. Wat bij ons thuis zoals gezegd eigenlijk van groter belang was, was kritisch nadenken. Bij ons thuis ging het om verhalen vertellen en kritisch denken. Zeker van de kant van mijn moeder. Leren de ‘werkelijkheid’ te wantrouwen.’

Von: ‘En wat heeft u met Antwerpen?’
Jeroen: ‘Ik heb haat-liefde verhoudingen met Anwerpen, België, Vlaanderen en Europa. Ja, hoe dicht kunnen haat en liefde soms bij elkaar liggen. Voor wat Antwerpen betreft zitten mijn wortels zo diep dat verhuizen lastig zou zijn. En toch heb ik een streep in het zand getrokken. Als de nieuwe ring doorgaat, dan ben ik weg. Dan denk ik dat de stad zichzelf haat. Ik vind het al vervelend genoeg dat ik mijn zoon hier heb opgevoed met al die luchtvervuiling. Luchtvervuiling is de elephant in the room. Iedereen weet dat hij er zit, maar niemand rept er over of durft een punt te maken. Dan ben je een economische saboteur.






Maar bezie die waanzin. ’s Ochtends file. ’s Avonds file. Waarom moet een mens die de wagen in. Om op kantoor te zitten. Waar een baas op hem let. Arbeid en toezicht. Werkloosheid is schaamte. Arbeid is trots. Europa is een stervende hoer. Over een paar generaties zijn we niet meer dan een toeristisch paradijs. We zouden avant garde kunnen zijn, maar we nemen die rol niet op jammer genoeg.´

Even denk ik aan het First International Underground Poetry Fest in Brussel en put nog wat hoop. Jeroen is nu echter op dreef en jaagt door.

Jeroen: ‘Neem de socialisten hier in Vlaanderen. Laatst pleitten ze zelfs nog voor arbeidstijdverlenging in plaats van arbeidstijdverkorting. En recentelijk werd ik gevraagd te spreken op een partijbijeenkomst en wel over solidariteit. Een socialist die je vraagt of je ze komt uitleggen wat solidariteit is. Dan is er in de basis iets goed mis.’
Von: ‘Niet zo lang geleden had ik met meneer Wolff een discussie over engagement onder publieke figuren als schrijvers en dichters. Hoe zit u daarin?’
Jeroen: ‘Ik houd me bezig met onderwerpen die ik belangrijk acht. Iedereen moet doen wat hij belangrijk acht. En dat dat dan in literatuur en poëzie ineens zou niet mogen. Dat is toch ook geen weg. Daarbij, literatuur MOET helemaal niks. Bespaar me gewoon al die debatten. Als dat eindeloos praten engagement moet betekenen, dan zou ik op zo’n moment liefst met een vlammenwerper buiten gaan. Ik zeg doen in plaats van lullen.’
Von: ‘Nu begin ik meneer Wolff ook weer beter te snappen. Je doet iets, of je doet niets.’

Op dat moment is het de hoogste tijd nog een portie pikante worstjes in Luikse stroop te bestellen en een rondje Ricard en Koninck en een Spa rood voor Theo. Theo wil opstaan om te betalen. Ik maan hem weer te gaan zitten gezien ik wel betaal. Waarop ik toevoeg: ‘Als ik nog geld heb.’ Dat blijkt niet het geval en Theo staat alsnog op onder de woorden: ‘Zie je nou wel dat het beter is zo.’ Enigszins beduusd tracht ik de draad weer op te pakken.

Von: ‘En TV?’
Jeroen: ‘Ja, TV?’
Von: ‘Oh, inderdaad, wat vindt u daarvan?
Jeroen: ‘Ik heb al zo’n twintig jaar geen kabelverbinding meer. Ik vertrok definitief bij mijn ouders en moest financieel prioriteiten stellen. Mijn vader zei altijd dat je beter in de kroeg kan gaan zitten dan TV kijken. Uiteindelijk mis je nooit iets. En als ik dan toch moest kiezen tussen een kabelabonnement of een frisse pint. Dan snap je het wel. Daarnaast wordt TV zwaar overschat. Het is maar één van de bronnen van werkelijkheid. Ik kijk liever films. Televisie heeft geen begin en geen eind. Het blijft maar gaan. Maar het feit dat ik geen kabel heb is dus geen statement. Het kwam zo uit.
Dan kon ik langer in de kroeg zitten.’

Von: ‘Kunstenaars wordt nog wel eens verweten dat ze vooral leven van subsidies en fondsen. Wat vindt u daarvan?’
Jeroen: ‘Ha, prachtig toch. Moet je trouwens eens naar de landbouw kijken. Als daar de subsidies weg zouden vallen is er geen boer meer die het land nog op gaat. En wat denk je van de overheid en alle aanpalende sectoren zoals de consultancy en lobbies. Die leven de facto net zo wel op subsidies. Nee, dat kunstenaars van subsidies leven kan ik nauwelijks als een verwijt zien. De wereld draait er op.’

Von: ‘Jeroen, ik heb hem intussen aardig zitten en mijn concentratie dreigt er ernstig mee uit te scheien. Nog een vraagt tot slot. Wat zou u doen als u morgen Bart de Wever zou zijn?’
Jeroen: ‘Terugtreden uit de politiek. Voor zijn eigen zielenheil. Als de man aangeeft dat hij geen talent heeft om gelukkig te zijn, maar wel de hoop anderen gelukkig te maken, dan is het goed mis. Voor zijn eigen goed zou het beter zijn terug te treden.’
Von: ‘Veel mensen in Vlaanderen haten Bart de Wever echt. U komt me in deze toch wel over als een milde praktische man.’
Jeroen: ‘Ach, ik ben ook wel eens razend op de wereld. In de kern ben ik echter een optimist. Echt een hippie. Liefde als transformatiekracht.’
Von: ‘Ja, liefde.’
Theo: ‘Von, zit je nog wel op te letten?’

Theo heeft het inderdaad goed gezien. Ik zit te staren naar de billen van een vrouw buiten op terras. Haar derrière is fraai ingepakt in een strak blauw kleed. Ze zit met een holle rug en haar billen naar achter. Nu staren we er met z’n drieën naar. Theo vraagt of hij een foto moet nemen. Ik geef aan dat hij dat beter zou doen, gezien dat zijn business is. Tevens vraag ik of iedereen nog een drink wil en of Theo nog centen heeft. Dat heeft hij. Onder het genot van een laatste drankje delibereren we nog wat door over geefpleinen en hoop, het leven, pad en financiën van het schrijversbestaan, Mickey Rourke en natuurlijk Jeroen’s nieuwste roman in de maak. Dat valt echter allemaal als vertrouwelijk te classificeren dus leest u hier niet.

Als de glazen leeg zijn staat Jeroen op. Ik bedank hem en vraag hem de groeten te doen aan zijn deerne. We schudden handen en even kwiek als hij gekomen was, is hij weer verdwenen.
Ik had verwacht een radicale woesteling aan te treffen. Maar zo zie je dat alleen plaatjes op internet nooit het hele verhaal vertellen. Ik trof een milde man aan die met beide voeten op de grond staat en positief kritisch zaken benadert. Jeroen Olyslaegers is een man die wel zeker verhaalt. En al zittende daar werd de waarheid die hij sprak ook mijn waarheid. En tegelijkertijd niet, daar mijn waarheid voor mij de enige waarheid zal moeten zijn. Altijd.


‘…Mijn commentaar viel massaal in de smaak. Ik kon hier een eind weg uit mijn nek lullen over de kunst. Plots vonden mensen dat ik een eigen televisieprogramma diende te krijgen. Plots laaide een interesse op voor een onderwerp dat buiten in de wereld nog nauwelijks beroering veroorzaakte en elke televisiezender nog nauwelijks aan bod liet komen. Is het mogelijk dat er in ieder een kunstliefhebber zit verborgen die doorgaans strikt aan de leiband wordt gehouden, net zoals we in ons allen een roofzuchtig dier verankerd houden, dat soms onverwachts de teugels overneemt? In de kern deugen we niet. Geld was toen al alle waarde aan het verliezen, en wij dus ook.’

(Jeroen Olyslaegers, 2012, uit de roman ‘Winst’)
http://www.wpg.be/auteurs/jeroen-olyslaegers


Het vervolg van deze eindeloze reeks vol positiviteit, liefde, drank, mooie mensen en veel overbodige letters elke donderdag op POMgedichten in VON SOLO, FEAR AND LOATHING IN POWEZIE LAND!!!

Eerdere afleveringen van FEAR AND LOATHING IN POWEZIE LAND leest u nog eens rustig na via de volgende links:




zie HIER voor alle eerdere bijdragen
én
Deel 35. Fear and Loathing in Eindhoven
Deel 36. No more heroes
Deel 37. Toppertjes
Deel 38. Judge and jury
Deel 39. IKEA
Deel 40. Anaïs
Deel 41. Fertig
Deel 42. Bodhisattva
Deel 43. Vanilla Sky
Deel 44. Don’t ask. Don’t tell.
Deel 45. Als je niks meer kan.
Deel 46. Grand départ.
Deel 47. Om te kotsen
Deel 48. For a few dollars more
Deel 49. Once you go black
Deel 50. Het grote gelijk
Deel 51. Als het regent
Deel 52. Soldier boy
Deel 53. Irgendwie, irgendwo, irgendwann
Deel 54. Veertig
Deel 55. Too big to fail
Deel 56. Ik geloof niet meer
Deel 57. WK
Deel 58. The Geordie Shore
Deel 59. Papadag
Deel 60. Buiten de pot.
Deel 61. Paul Verhoeven
Deel 62. De zin der dingen
Deel 63. Spelletje spelen
Deel 64. Fear and Loathing in Belgium

Interviews:
Dichter onder de oppervlakte, deel 1 : Akim AJ Willems
Dichter onder de oppervlakte, deel 2 : Kobus Carbon
Dichter onder de oppervlakte, deel 3 : Josse Kok
Dichter onder de oppervlakte, deel 4 : Philip Meersman
Dichter onder de oppervlakte, deel 5 : Miquel Santos
Dichter onder de oppervlakte, deel 6 : Stella Bergsma


Addendum 17. Breezer sletje
Addendum 18. Kerst
Addendum 19. Burger King
Addendum 20. Scheiss Egal
Addendum 21. Sletvrees
Addendum 22. Vrede in onze tijd
Addendum 23.Romantiek
Addendum 24.Op Texel
Addendum 25.Uit eten, alleen...
Addendum 26. Luchtig


VON SOLO
www.vonsolo.nl








Commentaar?
Gastcolumns : MAX LEROU gaat dieper in op de kwestie 'Chrétien Breukers -inmiddels- ondergedoken'
Gepost door Pom Wolff op 2014/10/1 17:30:00 (37 keer gelezen)





Chrétien Breukers ondergedoken:
(http://nederlandsepoezie.eu/?p=2031)

ik wil niet stoken maar

Die Chrétien Breukers vertoont toch wel opmerkelijke overeenkomsten met Bert van der Roest.
Zou hij nu ook vervolgd worden denk je? (http://www.nrc.nl/next/van/2014/september/26/straatkrant-om-vervolgt-stelend-pvda-raadslid-utre-1421391)

De schade voor dichters, drukkers en andere goedgelovigen lijkt me aanzienlijk en het Gilde (UDG) moet ook maar zien hoe het eigen smoel toonbaar te poetsen, wil het regenten en subsidieverleners weer om een gunst kunnen vragen, ik bedoel, d'r zit nu toch een smetje op.

En je moet er niet aan denken dat straks ook nog een of ander dichtertje van buiten de domstad, ineens bij hen de trappen van de toren bestijgt om daar een beetje aan de klokken te gaan hangen. Zo van ding dong ding dong...ik heb nog wel wat voor dat groeigedicht van jullie. Leuke naam vooral, hoe kom je erop? (http://www.boekendingen.nl/wp-nieuws/?p=10778)

Dat dan blijkt dat dichtertje van buiten de domstad bij de dood van Mies Bouhuys in 2008 een gedicht publiceerde onder de titel 'absent - een groeigedicht'.
Nee dat moeten we niet hebben.
In vredesnaam.


absent - een groeigedicht

namen die we lezen in
de sterflijst van de dag
het zijn altijd de verkeerde

nooit staat er mark ivo
stef of henk voor mijn part
was het diederik geweest nee

lezen we godverdomme weer van cor
na eerst al lou maarten rutger gerrit adriaan harry
rudy ramses en simon martin mies gerard jan hugo
en anders is het johnny wel die van de kicks en dan

zal je altijd zien dat morgen ineens wel
de naam van een klootzak opduikt en
dat ik er dan niet ben
om die te lezen

ml
(versie november 2013, bij de dood van cor jaring)





Commentaar?
Gastcolumns : JOLIES HEIJ helemaal dinsdag - 'frau kanzlerin, sprak ik verrast, sie hier? en in zo’n frisgeblondeerde uitgave?'
Gepost door Pom Wolff op 2014/9/30 2:10:00 (51 keer gelezen)


http://joliesheij.punt.nl



columniste in de babyloniese regionen van de oba, alwaar ik achter de duitse kraam angie merkel met badmuts aantrof. overal zong het naar meertaligheid, maar angie was eenvoudigweg niet over het hoofd te zien als gauleiterin van gansch europa. mach mit! stond er in neonletters op deur voorgevel. frau kanzlerin, sprak ik verrast, sie hier? en in zo’n frisgeblondeerde uitgave? u lijkt werkelijk geen dag ouder dan 20. jawohl, ooit was ik een echte dirndl en heb munne borstjes voor genosse honecker zwiepen lassen. dat was mijn daad van verzet in de socialistiese boeren- en arbeidersstaat, want van mein vater der pfarrer mocht ik geen vreemde mannen pijpen, dus ging ik maar naar honecker en vroeg: herr genosse, mag ik dan tenminste munne gleufje tegen uw neusje aandrukken, zodat u mij tot uwe persoonlijke sekretärin benoemt?

later deed ik hetzelfde bij kohl, die antwoordde nors dat ie al een affaire met zunne secretaire had, maar als ik het echt niet lassen kon mocht ik als een kuise tochter aan zunne tietjes sabbelen en kijk waar ik nu steh. europa is mein en alle machen mit! wir deutsche zijn de grondleggers van de participaatsiewet, wij hebben de arbeitseinsatz ingevoerd, alsmede het concentratiekamp waar mensen lekker in de open lucht konden werken om kleur op hun bleke gaskamerwangetjes te krijgen. ik heb nu bereikt wovon der adolf slechts kon träumen! en binnenkort spreekt gansch die welt deutsch! heel fijn, frau kanzlerin, zei ik, maar nu moet ik verder naar de volgende spraakverwarring.

komrij in het bengaals. marten janse in het papiaments. wat een geweldig slamduo vormde hij met de arubaanse jeanine winklaar. het was een dronken worden aan powezie, klanken en woorden uit diverse uithoeken van de wereld. alles zong en stampte en drensde. geen servokroaat te bekennen, geen bermbommetjes, geen hagel in columnistes bips, alleen parelende zinnen. moet jij niet een mondje servokroaties spreken? vroeg ik aan het servokroatiese leraresje. ik durf niet meer, snifte ze. radovan denkt dat ik jouw spionne ben. hij heeft me aan den dijk gezet. ik heb hem gezworen dat ik nooit heb doorverteld dat hij wax op de billetjes van zunne geilsoldate laat sissen, maar dat geloofde hij niet. hij zei dat het zijn proces bij het tribunaal schaadt als de hele pom het weet. alsof de pom zo veel gewicht in de schaal legt! nounou, daar moet je niet te licht over denken, sprak ik, er zijn mensen aan de schandpaal genageld door de kleinste lekkage. hij zei ook dat jij hem hebt gekwetst door lelijke dingen over zijn geilsoldate te schrijven, snotterde het leraresje verder, dat ze gifrood draagt ipv karmijn en een karabijn hanteert ipv de mattenklopper. jij klopt alles zo vreselijk op. en ik ben daar de dupe van, want nu mag ik niet meer zunne tunieken en borsthaartjes opstrijken. en ze begon hartverscheurend te huilen.

komkom, troostte ik, je weet toch dat radovan een humeurtje heeft, dan gooit ie alles het huis uit tot en met de zilveren theepot van zunne moeder. ken ik weer de scherven oprapen. raap ze dan niet alleen op, maar lijm ze ook es! brulde het leraresje ziedend. goedgoed, zei ik geschrokken door haar uitval en spoedde me naar des natuurgenezers tuinhuisje. en ja hoor, de theepot lag in vol ornaat op het gazon, maar hij was nog heel. de ramen waren geblindeerd en de bulldog sloeg niet aan toen ik aanbelde. ik gluurde door het sleutelgat, maar binnen was alles donker. toe radovan, doe open, smeekte ik door het sleutelgat. het spijt me dat ik jou en je geilsoldate zo negatief heb afgeschilderd. laten we het goedmaken. laten we met een schone lei beginnen. ik vergeef je al je zonden en je misdaden. ik zal ordentelijk jouw taal leren spreken. de deur zwaaide open, de natuurgenezer stond wankelend in de opening. zijn haren rezen te berge, zijn ogen waren rood en zijn baard een week oud. naast hem stond de bulldog eveneens te schommelen op deur poten. munne leven geeft geen zin meer, snotterde hij met dubbele tong. jij gebt mij gekwetst. ik kan niet met jou omgaan. get tribunaal eist levenslang. munne geilsoldate eist levenslang. ik kan nergens geen. ik ben de gevangene van get tribunaal, jouw column en munne geilsoldate die iedere keer als ik in jouw column verschijn munne billetjes met de mattenklopper striemt. laat me toch ajb rustig get goekje omgaan als jouw personage. en schrijf niet dat ik dronken ben maar ziek. en met onvaste doch ferme hand sloot hij de deur.




Knipperlicht

Je zou willen dat er minder
Fingerspitzen waren en tenen lang
genoeg om te krullen van plezier.
Een zondoorlatend glas en een dronken

eend die zich voor het slotaccoord
tot zwaan verheft. Dat kogels
zich vertalen in hagel. Het is geen
kwestie van een gebrek aan liefde

maar van beton. Je wilt terug
naar hoe het begon van voor de kaatsende
woorden werden gepot en als uilenballen
verteerd in je strot. Je wilt niet

die messenslijper zijn. Als hij zegt ik voel
dezelfde pijn doe je alsof er niets
mist, trekt je tenen in. Je hebt nog
niet geleerd hoe muizenissen te vangen.


Jolies Heij






Lees verder... | 1 reactie
Nieuws : nationale SLAMTOP present bij de eerste enige echte APELDOORNSE POETRY SLAM op 19 oktober – met Cato Fluitsma nederlandse liedjes
Gepost door Pom Wolff op 2014/9/29 18:00:00 (43 keer gelezen)


Jelmer van Lenteren
Michiel van Rooij
Arnoud Rigter
Amber Helena Reisig
Tessa de Swart
ACG Vianen
We grasduinen eens even op deze site:





zonder titel

er zijn veel omstandigheden waaronder
iemand buigt – of barst of breekt

ik zei ooit dat in dagen van verlangen
er verlangen zou woeden in mij
en ook om mij - zo hard, zo belangeloos
dat hij zou weten dat

toch ik heb geleerd hoe een lichaam
trillen kan, huilen en schokken kan
hoe pijnlijk een lichaam woorden
inhouden kan als het moet
en dat het tomeloos is

het breken is onverklaarbaar
en soms zou je willen
dat je kon liefhebben zoals
je breken kunt

en dat dat dan genoeg was.



Amber-Helena Reisig

www.amberhelenareisig.nl








MIJN HART ZAL DOORGAAN

Ik was bang dat als ik heel lang naar je keek
ik jou daarmee zou breken. Maar ik deed het.
Ik was bang dat als ik je zou aanraken, jij zou
vragen: waarom aai je me. Dus koosde ik je stiekem lief.

Toen ik dan toch je hand beetpakte, bleek die even slank,
fragiel en lang als je gezicht, je torso en je tenen.
Ik moest denken aan een grapje dat ik lang geleden
schreef: over een meisje dat tot in haar voeten voelde

hoe een man haar streelde, terwijl ze leefde zonder benen.
Je was gevoelig en bent de hele avond met je zwarte kleren
in de donkere muur verdwenen.

Op het laatst zei je: tot ziens. Ik vroeg of je dat meende.
Je zweeg en sloeg me met de neerslag van je ogen
hard in het gezicht.



Jelmer van Lenteren








MISS ORAAL

in plaats van aan je stijgende
bloedsuikerspiegel te proeven
vlucht je nogmaals in je bonbonhongertong

je klessebest eigen oren tot tuut, lacht
bolbuikig maar buikademloos en smeert
je hypermobiele gestel in met afschraapbaar geschater

ondanks je lippenstiftsporen op vastgoed
vind je de weg niet terug naar bankschroefschoenen
die je op de hielen zitten en dreigen jezelf te intimideren

jouw giebelporievel jent in mijn
terugtreknek, waarin ik nogmaals vlucht
terwijl ik op het droge naar je bloedsuiker lig te goudvishappen


ik houd niet van wat je doet
maar van je manier van doen


Arnoud Rigter








DE REGELS VOOR DE SLAM – je hebt alle kans op 19 oktober en 23 november

Elke deelnemer verzorgt 3 ronden van 2 a 3 minuten. (liefst 2'!)
Na elke ronde wijzen jury én ook het publiek ieder 1 winnaar aan van die ronde.
Je kunt je dus herstellen in de tweede ronde of in de derde wedstrijdronde. Steeds wordt er per ronde een jurywinnaar en een publiekswinnaar aangewezen. Alle ron-dewinnaars doen mee in de finaleronde. Er zijn in de finaleronde zes winnaars of minder als iemand meerdere voorronden wint.
In apeldoorn word je niet weggestuurd, je valt niet af. Pak je de eerste ronde van de wed-strijd niet, pak dan de tweede of de derde – en knal in de finaleronde.
Deze finale ronde staat op zich – jury wijst de jurywinnaar aan en het publiek de publiekswin-naar. Beiden staan in de grande finale van APELDOORN op 21 decem-ber.







Commentaar?
Gedichten : De Kift doet Jan Arends - wie praat zo mager met de taal als ik
Gepost door Pom Wolff op 2014/9/29 9:30:00 (12 keer gelezen)







Ik
schrijf gedichten
als dunne bomen.

Wie
kan zo mager
praten
met de taal
als ik?

[…]

Om pijn
te schrijven
heb je
weinig woorden
nodig.


Jan Arends
Lunchpauzegedichten, uitgever De Bezige Bij, 1974





Commentaar?
(1) 2 3 4 ... 1144 »