Zoeken
Google
Google
Hoofdmenu
Poëzielinks
Bekijk alle poëzielinks...
Forum
Laatste reacties op http://www.pomgedichten.nl
Inloggen
Gebruikersnaam:

Wachtwoord:


Wachtwoord vergeten?

Registreer nu!
Online
13 gebruiker(s) zijn online (10 gebruiker(s) zijn op Gedichten, nieuws, rellen)

Leden: 0
Gasten: 13

meer...
Google ads
Gedichten : BLAUWFRAU - ''Op de bodem van een ven drijven rondborstige vrouwen en naakte mannen groot van geslacht' - en we hebben ook meteen een wedstrijd. ALJA SPAAN wint de enige echte virtuele BLAUWFRAU trofee op pomgedichten - anke, anne, martin zilver
Gepost door Pom Wolff op 2012/5/27 10:00:00 (420 keer gelezen)

ALJA SPAAN zegt hem de waarheid - pom 15, peter 25
KATJA BRUNING ver-heer-lijkt blauwfrau - pom 10, peter 10
JOSSE KOK beminde haar langer dan hem was beloofd - pom 15,
MELVIN VAM ELDIK lust haar broodjes niet meer - pom 10, peter 5
FRANS TERKEN in de trein - pom 10, peter 5
ARIE VAN EGMOND in het 'Algemeen Beschoft' - pom 15, peter 5
ANKE LABRIE laat hem gewoon gaan - pom 5, peter 20
ANNE BORSBOOM niet - pom 10, peter 15
JAKO FENNEK vreest haar ontucht - je zal er maar mee zitten
MARTIN BEVERSLUIS en de pinkpopmeisjes - pom 10, peter 15
KAATJE WHARTON tot slot.

wedstrijd gesloten, webmaster en peter le nobel verdelen ieder 100 punten. dank jullie wel voor insturen. rond 12 uur de uitslag.

juryvoorzitter le nobel is streng vandaag: "Dag Pom, Ik ben in een strenge bui: de seks moet goed zijn. Niet iedereen krijgt punten. 5 voor een mooie regel. Groetjes, Peter.




'Op de bodem van een ven drijven rondborstige vrouwen en naakte mannen groot van geslacht' zo maakte zij haar entree hier op pomgedichten. 2008 was dat! – blauwfrau –
het is even wachten geweest, ze leeft nog gelukkig maar, we kunnen een nieuw werk van haar aanschouwen. Geniet blauwfrau en negeer haar niet:



Wat maak je me nou mijn lief?
Onttrek je je? Bedek je je?
Je huid en je geslacht?

Geneer je je? Negeer je me?
Mijn kozen en mijn liefdeskracht?
Wat maak je me nou mijn lief?

Laat me je toch broodjes bakken, zoet en kruidig, zalig zacht.
Mild en zuiver is mijn liefde,
diep en donker als de nacht.


blauwfrau




hebben we ook meteen de wedstrijd te pakken lieve lezer. voor zondag 1100 uur inzenden want dan wordt het ruigoord. HET THEMA: Wat maak je me nou mijn lief? of wie beantwoordt blauwfraus vragen op verantwoord poëtische wijze, dat mag ook natuurlijk - zodat zelfs juryvoorzitter peter le nobel van zijn stoeltje rolt. PETER LE NOBEL. de grote man achter nationale boekenblog. jury rapport verzekerd. gedichten niet te lang, tenzij noodzaak naar



http://aljaspaan.nl



ik noem je niet langer minnaar
ik noem je niet langer
ik noem je niet

ik wens je dood
jij zegt
balsem voor mijn gekwelde ziel

jij zegt
ik houd je op de hoogte
van het klimmen uit het dal

ik zei
er is niets om bang voor te zijn

ik zei
hier is het dal
tussen mijn benen
de spleet tussen mijn borsten

ik zei
kom dan

jij zei
helemaal niets

jij zei
ik houd je op de hoogte
niet
ik houd je
ik houd


Alja Spaan
http://www.pomgedichten.nl/modules/news/article.php?storyid=4119


beetje moeite met de balsem. Met het dal al veel minder. En dan komen die prachtige regels: 'ik zei kom dan'. Twee regels in vier woorden een hele wereld. Zo lees je de wereld niet vaak samengevat. Het verlangen naar eenheid van plaats, tijd en handeling zelden beknopter weergegeven. 'ik houd je op de hoogte' kan niet schrijnender als antwoord. Zo schuurt dit gedicht alles wat week is weer open.

peter: Een hele mooie variant op het oorspronkelijke gedicht. De eerste en de laatste strofe waarbij de vers steeds korter wordt en de betekenis zo verandert werkt hier goed. Het wordt geen taalspelletje door het middengedeelte. Het onderdeel: ‘hier is het dal / tussen mijn benen / de spleet tussen mijn borsten’ zorgt voor de nodige dierlijkheid in de taal van dit gedicht.






Man, wat een frau!

Wie kan men nog begeren
In dees verworden tijd?
Hoe klein hun jongeheren
Hoe snel slaat toe de spijt.

Hoe smaken hun cadetten
In deze voze eeuw?
Hoe slap, hoe licht te pletten
Ontlokkend menig’ geeuw.

Onnodig zo te balen.
Neem blauwfrau, (scroll omhoog).
Neem blauwfrau velen malen
U houdt het nimmer droog.

Veel liever blauwfrau lezen
Dan duizend malen kezen.


Katja Bruning



geestige en aangenaam lezend eerbetoon aan blauwfrau die hier eens in de vier jaar even langs komt. De belegen taal geeft hier wel een extra jolijte dimensie aan de voorkeur van de dichter. Wat de laatste twee regels betreft – Zelf houd ik meer van én én.

peter: Geestig gedicht in passend archaïsch taalgebruik.






Zeemansklucht


ik ontdekte
haar lichaam
van heuvels en dalen
van oksel tot navel
en alles werd nat
ik gleed weg
en verdween
in het diepe
ik deinde
een stomdronken schipper
ik was wie zij was
in een worsteling
schoner dan wat
ooit beschreven kon
zong zij mij klaar
en vertelde ik haar
via vingers en lippen
dat ik haar beminde
nog langer dan ons
was beloofd
en van ogen tot ogen
van dijen tot dijen
ontstond een belofte
een heilige wording
die wij daar bezwoeren
zo bloot en zo
kwetsbaar en dom
maar de vloot
werd belaagd
en sloeg om


Josse Kok



ik was wie zij was. Mooi. En dan dat hij haar langer beminde, langer dan hem was beloofd. Ook zo een hoogtepuntje. Lekker vochtig gedicht verder in dit weer met wat donkere gedachtenwolkjes die over drijven. Na 'dom' mag het gedicht voor mij wel klaar zijn.

peter: Je kunt natuurlijk het hele vrijprogramma beschrijven, maar sterker is een deeltje diep en ‘hartgrondig’ uit te werken.







seamen

op geen enkele bodem kan iets drijven
zelfs niet op de bodem van een ven
drijven kan alleen aan het oppervlak van een vloeistof
zoals mijn kussen en strelen

eens dreven op ontelbare tranen
die zeeën vormden
op jouw naakte, blanke huid
de bodem van één groot vrijersdis

waar minnaars aanschoven af en aan
bak mij geen zoete Judasbroodjes
ik proef ze niet, ik lust ze niet
ik slik het niet meer (van jou)


Melvin van Eldik


stoere zeebonk rekent af in harde woorden. Montessorilesje in de eerste strofe. Hier kunnen we wel wat mee. Een mooie vrouw heb je nooit alleen. En zeemannen zeker niet. Die zijn vaak weg. Maar met die heb ik geen medelijden. Zij compenseren zo dat het schuimt in verre landen. Hard en eerlijk gedicht. Een soort gijs ter haar die het voor gezien houdt. De stormvloed moet hier nog komen, wordt wel al aangekondigd in de laatste strofe.

peter: De scheikundeles in de eerste strofe detoneert te veel met de rest. Toch is ‘bodem’ een mooi gegeven voor de vrijersdis, wat ik het sterkste onderdeel vind van het gedicht. Verder is het allemaal duidelijk.





In haar hand


Dag meisje in de trein terug
als je naast me schuift
je bovenmatig open katoentje gunt
het vermoeden van een naakte schouder

in een vinger roep je hem tot de orde
gaan wij niet teveel wild vandaag denk ik
en was ik niet van de wereld gedronken
ik had door hoe het werkte

de vervoering die rust in je blote hand
als je hem op mijn bovenbeen legt je nagels
verleidelijk gelakt je ringen je blonde haar
een hele reis in de nacht als je vraagt hoe ver nog

en hoe laat we leven - ja! we leven!
tot je telefoon roept

onze verbinding verbroken
bestemming nog niet bereikt


Frans Terken 26052012


op de een of andere wijze val ik voor de eerste strofe, voor de meer anekdotische daarna minder. Dat komt omdat ik niet van de anekdote houd. Een prachtig openingswoord voor een lief meisje in de trein. Voor mij is die mooi genoeg. ik lees strofe 1 en strofe 2 én de titel. kan de telefoon weg.

peter: Het hoeft niet altijd van bonkerdebonk. Het bovenmatig open katoentje kan al de nodige zwoelheid oproepen, evenals de nagels en de ringen later. Met de telefoon zit ik wat in mijn maag: op zich een aardig gegeven, de verstoring van het betoverende moment, maar het gedicht krijgt daardoor iets ‘afgeraffelds’. ‘Bestemming nog niet bereikt’ zou zeker weg moeten.





Hoebedoelu?


Spreekt één van buiten
met iemand van de stad,
wordt het geuite
dikwijls niet gevat.

“Hoebedoelu? Hoebedoelu?”
“Hoebedoelu: ‘Hoebedoelu?’?”
“Hoebedoelu.”

Als dialecten
worden afgestoft,
krijg je ’t perfecte
‘Algemeen Beschoft’.

“Hoebedoelu? Hoebedoelu?”
“Hoebedoelu: ‘Hoebedoelu?’?”
“Hoebedoelu.”

Handen en voeten
doen het zelden fout.
Laat ze maar wroeten
in het onderhoud.

“Voeluvoelu? Voeluvoelu?”
“Hoebedoelu: ‘Voeluvoelu?’?”
“Voelu, voelu.”


Arie van Egmond

arie heeft er echt plezier in. Als je hem kent herken je arie in dit liedje. Het 'Algemeen Beschoft' is wel een hoogtepuntje. Strofe 1 wordt alleen in amsterdam gewaardeerd. Vermoed ik zo. En arie maakt er ook meteen maar een raadsel van: 'Ha pom, ik ga voor die blauvrauwtrophae. Plastisch en handtastisch genoeg, dit ouwe ding van me. Rafeltjes bijgeknipt, maar nog steeds gebaseerd op een bekend swingende hit uit de sixties (dus eerder een liedtekst dan gedicht). Uit het archief van mijn Nedereducatiecoverrockformatie De Beesten (1989-2009). Maar welk lied? Verklap ik nog even niet. Grarie'.
We horen het graag van arie nog. Of van joop komen. Die zat toch ook in het entertainment.

peter: ‘Algemeen beschoft’ en de hele strofe is de positieve knaller. Verder net teveel herhaling.






als zelfs de geur van stokbrood
half verbrand
op het kampvuur uit de tijd
toen het strand nog jullie bedding was
en de maan een veilig ijkpunt
hem al niets meer zegt
bak hem niet langer zoete broodjes

en als hij gaat
weet dan dat hij met honger gaat
een honger diep en donker als de nacht


© anke labrie


Goede raad is duur. Als de liefde voorbij is, of als ie dement geworden is, dat is moeilijk te duiden hier in de eerste strofe, hij kan alle kanten uit. Een woord van troost in de tweede strofe. Hoe hij ook gaat hij zal met honger gaan. Wel zielig een demente bejaarde die niet meer te eten krijgt, aan zoete broodjes hing nog wat leven. Dat is voorbij. Of is hier toch het voorbijgaan van de liefde aan de orde. De honger zelf beschreven. Honger mooi woord.

peter: Met subtiele beelden wordt een bodemloze put, blasé als hij is, beschreven. Dit zoete broodje eet ik op.









ik zou mij laten opsluiten met hem
ik zou mij als een boek vouwen
om hem om hem



Anne Borsboom


in eenvoud bloeiende.

peter: Eenvoudigweg mooi.






ontzegging


hoe haal je 't in je hoofd, liefste
dat ik me van het vocht
van je zinderende lippen wil zuiveren
me van de meug van je lijf
wil ontdoen
hoe haal je 't in je hoofd

het is de vrees voor de macht
van je liefde
ik voel me vogel aan de lijmstang
wil me vrijwaren
voor de ontucht in je wezen
voor de schending

ik vrees de martelgang
nadat de bok tot zondig wordt


jako fennek


zwitserse angsten. bindingsangst. overgeleverd zijn. probeer geen pindakaas. pindakaas plakt ook. doe maar ruigoord aan. dan ben je van dit alles af jako. of ga eens met loes praten. kus uit amsterdam.

peter: Te grootse woorden, te cerebraal, waardoor de vrouw niet meer luistert tijdens het theater.






Pinkpopmeisjes


Geef mij een veld vol
pinkpopmeisjes die met
de muziek mee willen
geef me het meisje dat
een camera vasthoudt
in de vorm van een
cassettebandje haar
blonde lokken zijn goud
zodra de zon ernaar kijkt
of geef me het meisje dat
nauwelijks durft te lachen
vanwege een beugel het
bedeesde meisje dat er
bijstaat als een naakte non geef
me vooral meisjes die dansen
meisjes met hoedjes en petjes
en rood haar kronkelen op
klanken wiegen hun heupen
hebben geen enkele rem
vandaag wil ik geen kleren maar
voor alle meisjes een tooi met veren
en dan ik met overslaande stem
klaar.


Martin Beversluis


als ze maar niet vals zing dat meisje met verentooi. grappig open luchtig.

peter: Een veld vol pinkpopmeisjes... Met zo’n start race je er wel doorheen. En het gedicht blijft hilarisch, met aan het eind die indianentooi. Waardoor we gelukkig niet meer aan ‘Indiana Joan’ hoeven te denken. Het beeld is weer geneutraliseerd.







inhoudloos


er was een tijd dat wij nog riepen
dat wij steeds elkander vonden
wij lachen vrijen lief zijn konden
in elkander graag verloren liepen

geen weg was ons te lang
en uren leken eindeloos
het samen zijn zo grandioos
het één zijn als een zwanenzang

tot jij die ene fout beging
het tij zich zo snel had gekeerd
dat ik mijn lessen heb geleerd
en nu een ander liedje zing


Kaatje Wharton



ik heb hier niet zo veel mee kaatje. welke fout? eerste strofe fruitig de tweede tot de zwanenzang. zoals het zo vaak gaat.

peter: Alles gaat hier fout. Ik word in de eerste strofe afgeleid door al die nodeloos door elkaar gehusselde zinsdelen en aan het eind een clichématige uitsmijter. Ik wil positief afsluiten: ‘Het één zijn als een zwanenzang’. Dat is een mooie regel.















De reacties zijn eigendom van de posters. We zijn niet voor de inhoud verantwoordelijk.

Poster Onderwerp
Pom
Gepost: 2012/5/27 11:40  geupdate: 2012/5/27 12:00
Webmaster
Geregistreerd sinds: 2006/7/30
Van:
Aantal posten: 8733
 Re: BLAUWFRAU - martin aart woedend- op tijd en toch te laat
Schandalig Wolff!!!

Ik stuurde dit gedicht ruimschoots binnen de tijd naar je toe. Slaan de poorten van dehel voor mijn neus dicht. Wel die onbegroeide beversluis toelaten en die excuusbelg Wharton.. maar voormalige columnisten de deur wijzen. Ach, tegenwoordig is iedereen columnist en schrijft iedereen gedichten. Het is een schande.

groetsels uit Leiden


Op 27 mei 2012 10:49 schreef Martin Aart de Jong <martindicht@gmail.com> het volgende:

misschien





misschien ooit wel eens soms

wanneer we spugen op de tijd

dat ik je tegen kom ergens in

mijn armen of onder stapels



warme dekens in de kast

ik was op zoek naar iets

dat niet geschreven stond

ik was op zoek naar iets



dat nooit gezongen was

ik had niet door dat jij

een bloem was ik een bij

die zomaar vloog je bloeien

zag onder de zon zo warm

was het dat ik zomaar landde.





Martin M Aart de Jong


red: conclusie moet zijn dat de klokken in leiden anders lopen dan in amsterdam



Geachte heer Wolff,

Het mag duidelijk zijn dat het enorme plofkipschandaal van Tessel hierbij vergeleken een lachterje van de eerste pikorde is. Dat de belangen van minderharige dichters en vrouwelijke Belgwezens hoger worden aangeslagen dan die van de inwoners van een respectabele stad als Leiden is volslagen onacceptabel en van een omvang die de natuurlijke rechtsorde te boven gaat. Dat de tijdsmeting in Amsterdam een middeleeuws gebeuren is, daar valt nog begrip voor op te brengen. Dat u niet inmiddels bent overgestapt op de Moderne Leidse Tijdsmeting is daarentegen onbegrijpelijk. Het MLT is een alom geprezen methode om op milieuvriendelijke wijze tijd te winnen. Standaard levert datde mens bovendien een kwartier langer op. Ik haddus tot 11.15 van de Achterlijke Amsterdamse Tijdsmeting kunnen inzenden.

We hopen u tijdig te mogen begroeten meneer Wolff, op 10 juni.

hoogachtend,

Martin M Aart de Jong,
aspirant voorzitter Leids Dichtersgilde.

Poster Onderwerp
tiefenthal
Gepost: 2012/5/28 9:45  geupdate: 2012/5/28 9:45
Home away from home
Geregistreerd sinds: 2006/12/20
Van: Temse, België
Aantal posten: 311
 Re: BLAUWFRAU - martin aart woedend- op tijd en toch te laat
de tijd speelde inderdaad enigszins parten. De aankondiging van de wedstrijd eerst op het smoelenboek en behoorlijk laat, alwaar ongeloof. later ook hier. ik dacht als mevrouw een baard opplakt, is ze blauwbaard en dan scheren we haar. maar daar zat nauwelijks poëzie in of aan te breien. opvallend weinig inzendingen, dan ook. overigens ligt het vuur op mijn tong rood en duurt het nog even tegen dat het daar blauwt