
programma parade 2 aug. 20.00 uur in cafe IK van arthur mulder
In mijn leven.
Het was inderdaad memorabel gisteren in Arthur Mulders Café IK. En het mooiste is, zo leert ons de ervaring, het groeit met de dag. Zo weet je, het mooiste moet nog komen. Ik was in mijn nopjes. Maar de Parade wil ik het niet te lang over hebben, je moet gewoon komen kijken. Tekst is handig hoor, om weer te geven, maar sommige dingen laten zich niet omschrijven. Dus, kom en absorbeer. Sommige dingen laten zich wél omschrijven. Maar dan sla je eigenlijk altijd de plank mis. Je kan ze bekijken, aanraken, er mee lopen, pronken zelfs. Je mag ze kleden, ontkleden, met je ogen soms of fysiek. Je zal ze tegenkomen, achtervolgen, dragen, adoreren en verlaten. Maar je zal ze niet begrijpen.
Qua meisjes was het gisteren een topdag. Altijd op de Parade is schrammetjemeisje. Ze is zo lieflijk dat ik bij de aanblik van haar gelaat als vanzelf mijn vingers in mijn oren steek alsof ik daar mee zou kunnen voorkomen dat de vaste waarden in mijn leven naar buiten zouden glippen. Schrammetjemeisje is zo mooi, oorverdovend. Ze verft zich niet, of nauwelijks, het is haar eigen blik, ze heeft niemendalletjes aan en fladdert. Een duidelijk geval van overdruk ontstaat als ze ergens binnenkomt. Ze heeft altijd wel een schrammetje, het staat haar goed, over haar wang, het maakt haar aantrekkelijk. Ook kijkt ze, waarschijnlijk onbewust, met liefde vragende ogen. Ik heb liefde, geen seks hoor, niet voor schrammetjemeisje, ik zou haar nog beschadigen met mijn grote ego. Ze verwarmt met haar aanwezigheid mening mens. In verwondering kijken mensen naar haar als ze, als gewichtloos, achterloos rood schortje, ten tonele verschijnt en inneemt. Iedereen wil een stukje van haar. schrammetjemeisjes komen soms aan hun einde op de desserttafel. Soms op een lopend buffet. Maar ik vind haar haute cuisine, een hoofdgerecht. Dahag schrammetjemeisje.

zoals ze was
Dan was er gisten ook nog weetjenogmeisje. Die ken ik van vroeger, van binnen en van buiten. Ze was mijn buitenvrouw. Ze plaagde me wel met, bij jouw of bij mij? Waarop ze dan begon te rennen, soms strooide ze kledingstukken. Ik liep daar altijd in. Ik betuig geen spijt. Ik maak nou eenmaal graag mee. Ik rende achter haar aan naar haar piepkleine kamertje. We deden niet aan voorspel. Het was altijd ochtend. Soms gooide ze haar matrasje uit haar raampje. Weetjenogmeisje wilde dan in haar tuintje vrijen. Ik ben een buitenmens. Ze zit ergens in mijn hoofd nog, ik zie haar weinig. Soms denk ik aan haar. Gisteren keek ik naar een opvallend leuk meisje, was het weetjenogmeisje. Ik stond even te stamelen. Ze zei, wat zie je er goed uit Mike. Ik zei, moet jij zeggen. Haar ogen zeiden weet je nog. Ik vroeg of ze een telefoon bezat. Ze zei ik zie je morgen, of zo, wel een keer. Morgen, das vandaag. Ze weet het nog. Dahag weetjenogmeisje.
Als laatste vandaag, er waren er honderden, goede dingen komen altijd in meervoud, was daar kleinstoermeisje. Ze reisde zo, deed niet pocherig maar lekte een enorme kennis en wijsheid. Voor zo'n piepklein meisje was ze echt heel stoer. En knap, haar ogen spraken boekdelen, de werken nog niet in mijn taal vertaalt. Enthousiasme was haar middelnaam, ze vond niet alles leuk maar Hanneke van Eijken was haar ding. En Bjorn van Rozen natuurlijk. Die is van iedereen. Maar het meest van mij. Kleinstoermeisje dronk graag bier. Ze vertelde graag en ik luisterde met graagte. Ik bleek zo geďnteresseerd over te komen dat de anderen zich blijkbaar de tering ergerde. Ja hallo, dat leuke meisje wordt gewoon helemaal door die platenkamp ingenomen moeten mijn lieve Café IK naborreldichters gedacht hebben. Pom irriteerde zich er het meest aan want die riep kansverlagend hard: HEE PLATENKAMP! JIJ HEBT VROUW EN KINDEREN HOOR. Kleinstoermeisje riep meteen, zelfstandig als ze is: HIJ KAN MIJ NIET VERSIEREN HOOR. En toen, erachteraan, omdat ze ineens dacht, eh, das niet leuk voor die Platenkamp, dat bedoelde ik niet zo: NIEMAND KAN MIJ VERSIEREN HOOR. Zich blijkbaar niet realiserend dat ze daar nóg aantrekkelijker van werd. Ik ben een hobbyist hoor. Ik zou geen meisjes meer in huis halen. Ze leveren toch rare situaties op als je al een leuke vrouw en kinderen hebt. Gelukkig ben ik gefundeerd tegenwoordig. Ik moet wel, als ongediagnosticeerde ADHD-er zou ik anders in mijn eigen hart verdrinken. Maar alle drie de meisjes die ik aan u voorstelde zijn in staat om een tevreden huis te kraken. Ze zijn niet te kooien, niet te koop. Ze hebben een ziel zo oud als de weg naar Rome en ze hebben het leven nog voor zich. Ik ben driewerf ingepakt. Dahag kleinstoermeisje, dagah allemaal. Komen jullie snel weer voor?
in mijn leven
hebben ze me soms lief
dan weer is mijn stem te hard
als ik mijn wenkbrauwen optrek
maak ik meisjes angstig
ik lach het weg bij ze
als ik de kans krijg
ben ik wijzer, een man
maar die hit 'n run performances
de juiste toon, mijn honingzucht
'ik kook voor je',
'ik heb mijn kamer veranderd'
soms zelfs een briefje
frommelen in mijn kontzak
o lieve meisjes, die gekke dingen
en hoe jullie kijken met vragende ogen
als ik niet weet te passen, weer niet
ik heb het nodig in mijn leven
mp
http://www.youtube.com/watch?v=YTiktzvSSig