|
Zoeken
Google
Hoofdmenu
Poëzielinks
Forum
Laatste reacties op http://www.pomgedichten.nl
 |
Re: billy bob is gearriveerd in Nederland - vanochtend om... |
Gedichten, nieuws, rellen |
Gijs |
2010/9/6 16:30 |
 |
Re: vrouw uit dedemsvaart houdt dichter sjoerd bakker zev... |
Gedichten, nieuws, rellen |
SjoerdB |
2010/9/4 8:35 |
 |
Re: vrouw uit dedemsvaart houdt dichter sjoerd bakker zev... |
Gedichten, nieuws, rellen |
Pom |
2010/9/4 7:31 |
 |
Re: vrouw uit dedemsvaart houdt dichter sjoerd bakker zev... |
Gedichten, nieuws, rellen |
SjoerdB |
2010/9/4 1:52 |
 |
Re: vrouw uit dedemsvaart houdt dichter sjoerd bakker zev... |
Gedichten, nieuws, rellen |
Pom |
2010/9/4 1:18 |
Inloggen
Online
8 gebruiker(s) zijn online ( 7 gebruiker(s) zijn op Gedichten, nieuws, rellen) Leden: 1 Gasten: 7 Pom, meer... Google ads
|

| Recensies : aandacht voor imre bak in de nynade nummer 12 - nizza! |
| Gepost door Pom Wolff op 2010/8/20 7:00:00 (210 keer gelezen) |

in de reklame zojuist nizza, de reklame voor het nieuwe koekje van verkade – niet is zo zalig afgebakken. voor me de nieuwe NYNADE tijdschrift voor kunst en letteren – op de voor pagina ‘the face of the night’ van imre bak – een tijdschrift in couleurendruk dit maal – ik zou zeggen NIZZA. neem er een koekje bij – niets is zo zalig afgebakken. eindredactie loes essen. dus dat zit wel goed. een dubbeldik vakantienummer met veel poezie van oa joop scholten, frouke arns de onvolprezen rudi lejaeghere en een gedicht van de naar paraquai uitgeweken iris van de casteele. we missen johnN. het hart van nynade bestaat dit keer uit een beschouwing van jos kool - een vertelling waarin twee heren stilstaan bij het werk van imre bak. alleen daarom al heeft nummer 12 van nynade bestaansrecht. voor de liefhebber van deze in 1939 geboren Hongaarse kunstenaar lees ook het het interview van kees bakker.
‘De kermis kwam niet meer op gang. De paarden van de draaimolen hingen verlamd in de lucht.’ ik citeer karel wasch uit zijn verhaal ‘paarden’. met een beetje fantasie lezen we een gedicht van vijf bladzijden in verhaalvorm. zo is er veel in de nynade. gedichten, verhalen, columns, kunst. een op pomgedichten niet onbekende mix van dingen die er in het leven toe doen. wij hebben bettie, zij hebben loes essen. info@nymfaeum.nl daar moet u zijn voor bijdragen en voor een abonnement. ik maak geen reklame hier – ik zeg alleen maar NIZZA. we staan heel dichtbij elkaar en ook heel ver van elkaar af. hier schieten de items van dag tot dag virtueel langs je heen. heb je nauwelijks tijd om je te verbazen. met de nynade in je hand heb je nog dat vertrouwde gevoel van papier. dat je terug kunt bladeren, dat je in een verhaal kunt opgaan. of dat je even voor je uitstaart na wat woorden van Gerda Posthumus:
IV
misschien dat dat het is
V
gewoon verdergaan waar we zijn verlaten
niet boos, niet verdrietig
ik blader voor de vijfde keer terug naar deze woorden. kom het werk van imre bak in kleur weer tegen. en lees opnieuw het gedicht “Verder” van Gerda Posthumus. ik hang als een paard in een draaimolen verlamd in de lucht. ik laat de ochtendwandeling voor wat zij is vandaag. in de nynade kunnen vele ochtendwandelingen gemaakt. het appelgebak in het kalfje maar eens gelaten voor een koekje van verkade. nynade, niets is zo zalig afgebakken.
|
|
| Recensies : nu ook sporen ontdekt in het werk van LOES ESSEN – een beschouwing over het surrealistisch automatisme in de hedendaagse poezie |
| Gepost door Pom Wolff op 2010/8/5 20:30:00 (179 keer gelezen) |
 sporen van surrealistisch automatisme ontdekt in het werk van LOES ESSEN
Briefje
door denken niet getemd blijf ik je lippen kussen woel ik mij dieper dieper verstrikt in eigen lussen o sper mij wijder wijder de hete ogen open en sla mijn handen neer die bevend blijven hopen op meer dan slechts jouw naam
Loes Essen
nu het gedicht een tijdje heeft kunnen liggen lieve lezer en er veel over heen is gegaan de afgelopen tijd – en nu we in een fase zijn gekomen hier te pomgedichten waarin wij de aangereikte literaire werken meer wetenschappelijk tegemoet willen treden – en nu wij ineens overal sporen ontdekken in gedichten en nu ook de naam loes essen weer eens gevallen is – ontkomen wij niet aan ontleding. was het bij sjoerd bakker nog het sceptisch realisme dat de boventoon voerde – een vrij ongevaarlijk spulletje – door de dichter overigens gediskwalificeerd als romantiek , bij een martin aart de jong moesten wij al spreken over een uiterst gevaarlijk leids soort nihilisme waarbij giftig zwarte en zware diesel & kolenwalmen zich boven leiden samen trokken, zo erg dat het gehele treinverkeer stil kwam te liggen – bij loes essen ontdekten wij in haar poezie sporen die zich niet zo eenvoudig laten benoemen. daarvoor moet eerst heel veel worden blootgelegd. en houd je dan nog wel wat over vraagt de wetenschapper in me zich hardop af. zou het hier dan handelen om een geval van het door de stadsdichter van hengelo zo aangehangen ‘introvert realisme’? nee lieve lezer uitgebreid onderzoek in de VU heeft vanmiddag uitgewezen dat het werk van loes essen geen sporen bevat van introvertheid.
o sper mij wijder wijder
willen we niet als een voorbeeld brengen van specifieke introvertheid. dat gaat er hier niet in reinier. sorry. nee hier hebben we meer een specimen te pakken van het zogeheten surrealistisch automatisme – een moderne stroming in de letterkunde aan de oppervlakte gebracht in de werken van loes essen. het is een stroming die lange tijd onder belicht is gebleven in de kunst, met name figuren als martin aart de jong hebben daaraan aan bijgedragen. zelf zo nihilistisch als de pest gunnen ze een ander het surrealistische automatische licht niet in de ogen.
eerst maar eens een definitie dan weten we waarnaar we op zoek zijn. van het zogeheten surrealistisch automatisme vinden we onder wikipedia een doeltreffende beschrijving. men leze http://nl.wikipedia.org/wiki/Automatisme - populair gezegd gewoon lekker voor de kat zijn kut weg schrijven zonder na te denken. “écriture automatique” mogen we lezen. maar hier hebben we te maken met de variant essen, die in haar werken een verbinding weet te bereiken tussen wat haar zo automatisch afgaat en het ons allen wel bekende maar niet zo erg geliefde surrealisme. weg met die scepsis van een bakker, lijkt loes ons toe te schreeuwen, weg met die zwarte galbakkerij van een de jong, we willen verse broodjes in de ochtend. automatisch opverende vers gebakken broodjes. maar wel vreemde broodjes. schrijf dat maar op je briefje.
in het gedicht lezen we dan ook het automatisme van loes zoals zij dat heeft weten te bereiken in haar werken met die hele speciale surrealistische touch die elk gedicht tot een loes essen gedicht maakt. zonder titel zouden we spreken van het door velen aangehangen automatisme. met titel bereikt loes precies datgene waarom velen in de letterkunde en daarbuiten haar rekenen tot het surrealistisch automatisme – een stroming die op papier, op briefjes, op blocnoten, op velletjes perkament, op bierviltjes, het maakt niet uit, het zogeheten droogneuken tot een kunst weet te verheffen. velen zijn op weg lieve lezer. het meer directe automatisme van de hedendaagse dichters sjoerd bakker, de jong, roop, vogelezang, heytze, alexis de roode, maar ook van een henk van zuiden, benders, breukers, jolies heij, ibunda, max lerou, reinier de rooie, erica de stercke, mag bijna spreekwoordelijk genoemd worden – het stadium van het door loes essen inmiddels bereikte surrealistisch automatisme is bij lange na nog niet gehaald door de dames en heren. het doet maar raak elke nacht maar het gaat wel ten koste van de poezie. laat ons allen loes tot voorbeeld zijn.
|
|
| Recensies : een leids soort nihilisme aangetroffen in de werken van MARTIN AART de JONG |
| Gepost door Pom Wolff op 2010/7/19 13:30:00 (174 keer gelezen) |
 Martin Aart de Jong
Hallo Pom, Mijn wreedheid ten opzichte van de medemenselijke dichter is wijd en zijd bekend. Alleen al in Leiden is er minimaal een dichter die regelmatig de slijterij bezoekt om te vragen of mijn bloed al in vijf liter flessen verkrijgbaar is. Bovendien beschouw ik mijzelf als de grootste dichter die ik ooit gekend heb, en ik ken vele dichters, behalve mijzelf. Ik geloof niet dat er een door U=IxR te bepalen stroming door mij loopt, of het moet die van het universeel humanitair pragmatisme zijn. Martin Aart de Jong
ook hier weer hebben we te maken met de klassieke fout van de dichter. het is niet aan de dichter zelf om te bepalen tot welke school hij hoort of welke stroming in hem huist. dat is aan de ander. in een inspirerend debat – vanwege privacy zal ik niet citeren uit mails maar plaats ik de gehele mail – allemaal naar aanleiding van de sporen sceptisch realisme die zijn aangetroffen in de werken van de belangwekkende dichter sjoerd bakker, momenteel verblijvende te zwolle, heb ik de dichter de jong gewezen op het feit dat ook zijn dichtwerken wel degelijk gerekend kunnen worden tot een nieuwe stroom in het huidig letterkundig landschap. het is de school van het leids nihilisme.
eerst maar weer een definitie van het geheel: ‘een begrip dat wordt gebruikt om de ontkenning van het bestaan van betekenis of waarde in de wereld aan te duiden. Het woord komt van het Latijnse "Nihil" dat letterlijk "Niets" betekent. De term is sterk verbonden met de filosoof Friedrich Nietzsche, die in zijn werk veel met Nihilisme bezig is geweest.” – bij de dichter aart de jong hebben we te maken met de leidse variant daarvan. erger kan niet.
zoals iedereen hier duidelijk moge zijn maken we graag onderscheid tussen de dichter enerzijds en zijn werken anderzijds. de werken kunnen ook los bestaan van de dichter. wat de heer de jong privé allemaal uitspookt, waartoe hij zich zelf rekent is volstrekt irrelevant. zijn visie op leidse medegenoten, zijn psychische onvolkomenheden, het feit dat zijn moeder onmiddellijk na zijn geboorte er een eind aan heeft gemaakt, het feit dat loes essen niet meer rustig over het leidseplein kan paraderen op haar zo volstrekt eigen wijze als meneer de jong Amsterdam bezoekt – HET MAAKT NIET UIT – hier beschouwen we liever en beperken ons liever tot de literaire werken van meneer de Jong – die zich graag als illegaal stadsdichter van leiden afficheert. dat kunnen ze in Emmen wel waarderen. daar kennen ze dat fenomeen ook. hoe dan ook – zijn werken staan hier centraal en niet de persoon.
het barst van het nihilisme in de werken van meneer de jong. niets is goed of het deugt niet – populair gezegd. en dan moet het ook nog eens allemaal in een gedicht gepropt. als u lekker wil eten vanavond op een lommerijke plaats lees dan vanmiddag geen gedichten van martin aart de jong lieve lezer. mag ik het nihilisme in jouw werken zo samenvatten martin?
wat bedoelt ge dan met de leidse variant zult u roepen thuis lieve lezer. dan zeg ik u het woord kwadraat. nihilisme in het kwadraat staat gelijk met het zogeheten leids nihilisme waar we vandaag stil bij staan. het is het nihilisme van martin aart de jong zoals hij dat in zijn gedichten uitvent. in een van zijn topwerken herkennen we alle hierboven besproken elementen. je wil van alles, je wil overal heen, maar alles is kapot of is op slot of doet het niet. we kennen dat hopeloze onbeholpen gevoel soms zelf ook wel maar in de werken van de jong is het een permanent gegeven. je wordt er doodziek van. het is alsof er oude walmende trein met zware stookolie door je lichaam dendert . het zogeheten leids nihilisme van de jong is in geuren en kleuren aanwezig in zijn prachtige gedicht hieronder. en ja hoor daar heb je het weer - de trein doet het niet - we zijn weer thuis in leiden:

Er gaat geen trein naar Kathmandu.
Alleen een bus waarin je zit of staat of ligt.
De ochtend baadt in eigen licht je ogen zijn een berg wit je bent een vreemde ver verbrand.
Er loopt een hond een eindje met je mee door stof en zand en wat de weg moet zijn.
Maar dan een kleine hand die smeekt. Je mond is droog, je hart een week geworden stuk beton,
er moet nog een stuk aan gebouwd zoals de meeste huizen hier het vlechtwerk is er al maar de manier
waarop het staat is de manier waarop het gaat;
morgen vandaag of volgend jaar.
Alleen de bergen zijn al af.
Er gaat geen trein naar Kathmandu.
Dus neem het leven zoals het is.
De revolutie is geweest, maar in het westen
is er niemand die het weet:
er gaat geen trein naar Kathmandu.
Er gaat geen trein naar Kathmandu.
Er gaat geen trein naar Kathmandu.
Martin Aart de Jong
|
|
| Recensies : het sceptisch realisme van jan arends, sjoerd bakker en pom wolff - 'heb je eindelijk geld voor de trein kun je er niet meer roken' - NU met een reactie van Chrétien Breukers |
| Gepost door Pom Wolff op 2010/7/16 12:00:00 (180 keer gelezen) |

mogelijk met enige overdrijving schreef ik: ‘vooralsnog sta je met mij op eenzame hoogte als vertegenwoordiger van het sceptisch realisme. ik zal deze stelling een beetje onderbouwen. het is in ieder geval een stroming die velen doet lezen en gruwen tegelijkertijd. maar zij die gruwen moeten juist ook gruwen. dat is goed voor ze. dan komt het er tenminste uit. anderen lezen en gruwen niet. ja voor die mensen schrijf je ook. de onderbouwing komt eraan.’ kortom lieve lezer het sceptisch realisme van sjoerd bakker en pom wolff is aan de orde.
eerst maar eens even brainstormen. het is hier wel wetenschap maar we zijn ook populair. dat verplicht. een paar aspecten van ons onderwerp lieve lezer. bettie hou jij eens effe op met prikken, meneer wolluf is even bezig met een wetenschappelijk betoog – ken dat ook effe bettie in de VU? mag dat even? dank je wel. niet iedereen hoeft naar god vandaag!
een paar aspecten lieve lezer: -eerst maar eens even een definitie, -dan bespreken we het thema: de werkelijkheid en de kunstgrepen daaruit van de sceptisch realistische dichter, -enige kenmerken van sceptisch realistische teksten -en toch vergeten we ook de lezer van de sceptisch realistische teksten niet en de waardering voor het sceptisch realisme.
beginnen we met het sceptisch realisme in een historisch perspectief te plaatsen. de grondlegger van deze stroming was jan arends, enerverend dichter. ongewild en toen nog in 1974 onbegrepen en onbedoeld. meestal wordt de kale taal van deze dichter centraal gesteld – eigenlijk zoals een sjoerd bakker zichzelf rekent tot de school van de totaalromantiek – opvallende essentials van de dichtwerken, waarin we toch niet moeten blijven hangen. zo hebben we nog nooit over de dichter jan arends een beschouwing gelezen waarin zijn sceptisch realisme centraal werd gesteld. en ook het werk van een sjoerd bakker is nooit tegen deze achtergrond belicht. en over mijn eigen werk moet ik het zelf opschrijven. het is werkelijk bij de konijnen af de stand van de huidige poëziekritiek. stekeblind, historisch onderontwikkeld, eigen ego strelend – zo kunnen we nog wel even doorgaan. maar dat is een ander thema lieve lezer.
we zijn het eens lieve lezer. niet over veel maar wel over de huidige stand van zaken in de poeziekritiek. manmoedig heeft Chrétien Breukers zijn stoute schoenen aangetrokken. in een hartverwarmend schrijven richt deze liefhebber van de slam en van mariabeeldjes zich tot pomgedichten:
Poëziekritiek in crisis
De poëziekritiek is niet dood, maar wel heel ziek. In de kranten is de wekelijkse poëzierubriek verdwenen en de overgebleven recensenten hebben het gezag van een leraar met een ordeprobleem. Quizvraag: noem de poëzierecensenten van De Volkskrant, Trouw en Vrij Nederland. Het raadplegen van google is verboden. Of nee, google maar wel. Het is toch nergens te vinden. De literaire bladen – die lieve, net nog levende Dino's – besteden soms aandacht aan het • kuch • betere essay, maar voordat je het weet zit je dan in een verhandeling van Hans Groenewegen vast, als een konijn in een strik. Het web zou de rol van de dagbladen kúnnen overnemen, als natuurlijke buffer tussen het lezerspubliek en de saaie kletslap van Groenewegen cum suis. Treurig dieptepunt in de webkritiek is De Recensent, de algemeen-culturele website die maar liefst twee poëzierecensenten in dienst heeft: Tim Donker (een pseudoniem van iemand die een Gilles de La Tourette-patiënt imiteert) en Edwin Fagel. Het web biedt, als geen ander medium, mogelijkheden te over om gedichten en bundels onder de aandacht te brengen. Dat wil niet zeggen dat een enkelvoudige kopie van de dagbladrecensie daartoe de juiste drager is. Het web vraagt om iets anders, - om stijl, brille en originaliteit. Om een aanpak zoals, bijvoorbeeld op pomgedichten.
Chrétien Breukers
een definitie is snel gegeven. de term sceptisch realisme laat aan duidelijkheid niets te wensen over. het is de twijfel die toeslaat als verschijnselen uit de werkelijkheid zich aan de dichter voordoen. of iets precieser geformuleerd: het is de twijfel die toeslaat als verschijnselen uit de werkelijkheid zich aan de dichter voordoen en de dichter deze twijfel transformeert naar een nieuwe realiteit waarin hij universeel geldende waarden en essenties op kunstzinnige wijze vorm geeft.
we kennen allemaal karst t – vreselijk allemaal – op de tv spreken ze er schande van tot majesteit aan toe, maar zie hoe de sceptisch realist bakker het verschijnsel karst t tegemoet treedt: “Het eerste gedicht is trouwens mede wat ter nagedachtenis aan types als Karst T (..) ik mag dat denk ik nu wel zeggen, nu de spanning van de actualiteit er weer af is. ” de dichter heult niet mee met de wolven in het bos. niet met balkenende, niet met de majesteit. de dichter denkt iets te kunnen zeggen en zegt dat dan ook. in een gedicht op zijn wonderbaarlijke kunstzinnige manier. de twijfel getransformeerd tot een andere werkelijkheid, een kunstzinnige.
Zeventig - I
Wie kent Koos Vink nog of het Lenin huis mijn moeder had ook een Suzuki
revolutie voeren doe je zelf je rukt je af of steekt de Rijksdag in de fik
heb je eindelijk geld voor de trein kun je er niet meer roken
goud om staal ik geen huis zij geen feest
Sjoerd Bakker
de dichter past zijn eigen kunstgrepen toe. arends in kaalheid geslagen, sjoerd bakker in een romige totaalromantische saus. ach als het maar een naam heeft. het gaat om het gedicht. het gedicht als een kunstzinnige samenvatting waaraan iets uit de werkelijkheid ten grondslag heeft gelegen. iets universeels uitgelicht om door te geven aan volgende generaties. en dan kun je beter over vagina’s dichten dan over oude romeinse potjes. dat zeg ik er maar meteen bij. de sceptisch realist leeft nu eenmaal in de tijd die hem of haar gegeven is.
voor de kenmerken in de gedichten moet u maar even zelf in de gedichten kijken. zoek eens naar de getransformeerde twijfel in de poezie van een sjoerd bakker raad ik u aan neergelegd in een nieuwe realiteit waarin universeel geldende waarden en essenties op kunstzinnige wijze vorm zijn gegeven. het is misverstand dat de sceptisch realistische dichter een mening op tafel legt. hij dient slechts de kunst. wanneer ik schrijf over een te sterk geurende vlaamse dichteres, of over hoe dirty een mind wel niet moet zijn om een dode in zijn reet te kruipen, of over de onverkoopbare ‘poezie’ van een 'dichter' als Anker of Breukers, dan zal de minder ontwikkelde medemens onder ons (drente, mulo drie niet afgemaakt) van zijn gebrek aan abstractievermogen getuigen, schreeuwend en kolkend van de daken of in de volkskrant.
alleen per mud (in de volksmond ook wel 'een mud anker' genaamd)
genadige vrouwe reikt u mij de aardappeleters eens aan van de hier te lande als belangwekkend bekend staande dichter A en doet u mij meteen ook maar een van die beroemde mariabeeldjes van de dichter B - dat hoor je nooit in de betere boekenzaak
de titel 'meest uitverkochte dichter' zal de uit opperdoezer klei getrokken dichter A noch dichter B van de heilige land stichting snel treffen
nee wat je hoort als je naar A vraagt of naar B is het woord straatstenen en het woord prullaria en heel vaak ook nog een welgemeend gramstorig gerochel aanzwellend bij het opmaken van de kas na sluitingstijd
©pw
komen we bij de lezer lieve lezer. de ware lezer is natuurlijk de lezer die mulo drie wel heeft afgemaakt en niet in drenthe woont. die een nieuwe poëtische realiteit waarin universeel geldende waarden en essenties op kunstzinnige wijze vorm zijn gegeven, aankan. oog heeft voor poezie zoals de poezie door de eeuwen heen wordt doorgegeven door dichters in de tijd die deze dichters is gegeven. arends, bakker en Wolff, ze deden en doen niet anders. dat deze dichters iets uit de werkelijkheid lichten om hun prachtig handwerk uit te oefenen vindt alleen geen waardering bij diegenen die zelf van de werkelijkheid een rotzooi maken en/of zich betrapt weten. het bestaat, we leven er mee. het is niet anders. het is van alle tijden. het is geen toeval dat jan arends gewaardeerd werd door latere generaties, door zijn tijdgenoten niet. die tijdgenoten zijn vergeten, de sceptisch realistische dichter jan arends leeft als nooit tevoren.
pw
|
|
| Recensies : MURK A.J. POPMA - ‘Ik woon in een ansichtkaart,” over de eerste regels in TRANSPARANT - (nymfaeum pers) |
| Gepost door Pom Wolff op 2010/5/4 17:00:00 (231 keer gelezen) |

MURK A.J. POPMA - TRANSPARANT - (nymfaeum pers)
bettie van de VU heeft er naar uitgekeken lieve lezer. de recensie van TRANSPARANT – gedichten - MURK A.J. POPMA, voor zijn pensionering bibliothecaris aan de VU. Hij ontworstelde zich aan zijn christelijke opvoeding, was redacteur bij het vrijzinnige literaire blad RUIM. Kan me herinneren dat jacques kruithof ook regelmatig in RUIM publiceerde.
we zijn er voor gaan zitten lieve lezer – ‘transparant’ een bundel uitgekomen ter gelegenheid van zijn zeventigste verjaardag. 36 gedichten. murks veertiende bundel, deze bij NYMFAEUM PERS in vertrouwde handen, een mooie uitgave, de bundel gewikkeld in transparant rijstpapier. ik leg de lat hoog. hij is een dichter, kent de literaire wereld en zoals starik weleens de 78jarige aachenende recenseerde in een slam met de woorden – ja zo langzamerhand moet hij het wel kunnen, hij heeft er immers lang genoeg de tijd voor gehad, zo wil ik ook murk popma recenseren. kortom hij krijgt niets kado.
het eerste dat me opvalt is dat popma de dichter is van de eerste regels. de wijsheid van de jaren heeft hem blijkbaar geleerd dat de eerste klap een daalder waard is. deze slamwet zien we toegepast in heel veel van zijn gedichten. je bent als lezer meteen wakker. hier is geen dichter aan het woord die met heel veel omhaal toewerkt naar die ene prachtige laatste regel.
‘Ik woon in een ansichtkaart,” – de eerste regel van het eerste gedicht “Ouderkerk” - ja die regel is raak dan moet er worden doorgelezen. “Ik ben je na ons afscheid gaan beminnen.” schrijft popma in het tweede gedicht – haar stem zweeft om hem heen, nu zonder strijd der zinnen. de EX keert in een aantal gedichten terug. popma houdt de poezie dicht bij zichzelf. veel ik gedichten, thema leven en ook de dood is een levend gegeven.
het is zo beschouwd wel een bundel om te weten hoe het is als je 70 bent. een persoonlijk verslag, in die zin dat in het leven popma individuele en unieke dingen tot poezie zijn verheven op een hele eigen wijze. daaroverheen legt de dichter wat geldt voor iedereen. en het klopt wat karel wasch op de flaptekst heeft geschreven – de dichter hanteert veel rijm maar storen doet het niet. dat is het vakmanschap dat we van een zeventigjarige mogen verwachten – maar we krijgen het ook.
er zijn kinderen en er zijn bejaarden en pillen tegen de pijn. de dode wordt op handen gedragen door de dochters in het gedicht i.m. Mathilde E , zo zweeft de kist - dat is murks. sterker kan het leven niet verdicht. geen valse pathetiek en toch lees je in acht regels hoe het leven door haar aan haar dochters doorgegeven is.
“Ik heb wel talent voor bejaarde,” weer zo een eerste regel in het titel gedicht ‘Transparant’ – zo overwint popma de slag om de oude dag. hij dicht, beschouwt en legt met een dichterlijke precisie vaak empathie soms woede op de woorden, dood op leven, leven op de dood. en ook bettie de ziekenverzorgster van de VU wordt niet vergeten. de wijsheid der jaren uitgedrukt in het laatste gedicht ‘Speelweide’, het is alsof we even Reve horen:
(..) Overzicht is des ouderdoms loon, belangeloos.
Murk A.J. Popma, Transparant - gedichten Nymfaeum Pers, leerdam 2010 ISBN 978 9079 92304 5
|
|
|
|