VON SOLO: “Ik kan als het eropaan komt Sartre niet vaak genoeg aanhalen: ‘De hel, dat zijn de anderen.’”



Er is een slopende ziekte bij je vastgesteld. Je hebt niet lang meer te leven. Van binnenuit wordt je lichaam verteerd door kwaadaardige cellen. De pijn is zo hevig, dat alleen morfine nog soelaas biedt. Je organen verliezen hun werking en je hoest bloed op. Er wordt een besluit genomen. Het einde wordt ingeleid en je sluit je ogen voor de laatste keer.

Aan je bed zitten mensen, die bij leven van je gehouden hebben. Het zijn de laatste uren van je doodsstrijd. Niemand weet wat er in je om gaat. Of er nog wat in je om gaat. Ze kijken naar je. Ze luisteren naar je stokkende ademhaling. Ze denken hulpeloze gedachten. Wachtend op die finale doodsrochel.
 
Uit ervaring kan ik meedelen dat er voor de toeschouwer niets romantisch aan is. Niets heroïsch. In een ziekenhuisbed, gekluisterd aan slangen, wegkwijnen terwijl de monitor steeds minder piept. Toch is het dagelijkse kost. Honderdvijfentwintig keer per dag gemiddeld in Nederland. In meer of mindere mate zoals zojuist door mij geschetst. Dat is dagelijks vergelijkbaar met wat COVID-19 veroorzaakte tijdens de piek in april 2020. Maar dan elke dag. Elke week. Elke maand. Elk jaar. We zijn er aan gewend geraakt. Zo zijn er ook nog hart en vaatziekten. Die eisen dagelijks rond de honderd doden.
 
De situatie die ik beschreven heb, beschrijf ik niet graag. Maar ik voel me genoopt het toch te doen, als ik in de krant weer een tweetal artikelen zie over ‘onnodige, onschuldige slachtoffers van het virus, die de strijd verloren hebben’. Artikelen met een verwijtende toon, die lijken te insinueren, dat het niet zo had hoeven zijn. Gebracht als journalistiek worden de casussen beschreven, waarin oude mensen sterven aan ‘het coronavirus’. Wat vooral te lezen valt is hoe erg het allemaal is. Dit nooit meer! Als ging het over een door de mens veroorzaakte oorlog of rampspoed. Met als adagium tussen de regels: ‘U allen zijd verantwoordelijk.’
 
Het valt op dat ik diverse mensen spreek, die allen dezelfde ‘huil’- of ‘horror’-verhalen uit de media aanhalen. Deze verhalen ook te vuur en te zwaard verdedigen. Het lijken wel of ze er martelaren van willen maken. Religieuze iconen, die ons bijstaan in ons geloof aan de heilige regels van het RIVM en het Outbreak Management Team. De stralenkrans met doornenkroon rond het hoofd van minister De Jonge wordt per dag zichtbaarder. Er wordt geappelleerd aan de kudde. Democratie naar christelijke traditie. En terwijl in de marge van de samenleving standbeelden worden neergehaald, steeds meer historie verdwijnt, elke tegenstem wordt verketterd, sterft de laatste generatie die nog onvrijheid heeft meegemaakt en wordt een heilige schrift herschreven. Een leidraad met een nieuwe religie en nieuwe parabels. De tien geboden worden grondig geglobaliseerd. Een nieuwe overtuiging die zich niet alleen schraagt op zijn leefregels, maar ook op een juridische basis, nietsontziende controlemechanismen, verstikkende sanctionering en een hersenloos handhavingsapparaat.
 
Nu u een kijkje in de nieuwe afgrond hebt mogen nemen, geven zij u de hemel.
Of kiest u toch zo nodig zelf voor de hel? Met een voet al tussen de deur wordt u aangestaard. U voelt de schuld wegen op uw schouders en buigt het hoofd.
 
Ik kan als het eropaan komt Sartre niet vaak genoeg aanhalen: ‘De hel, dat zijn de anderen.’

VON SOLO
DICHTER, COLUMNIST,  PERFORMER EN CINEAST
Check de actualiteiten van VON SOLO op www.vonsolo.nl
Lees ook de wekelijkse column van VON SOLO op www.POMgedichten.nl 
 

Share This:

Gepubliceerd door Pom Wolff

Hoi, welkom op mijn site pomgedichten. De site is in langzame opbouw net als de dichter. Ik ben geboren in Amsterdam, ik leef daar en wil daar ook wel doodgaan. Ik studeerde Nederlands aan de Universiteit van Amsterdam, Rechten aan de Vrije Universiteit en werk als juridisch adviseur in de hoofdstad. Jan Arends is mijn favoriete dichter dan Kopland dan Menno Wigman. Paul van Ostaijen mijn dandyman. In slammersland geniet ik van Roop, Karlijn Groet, Peter M van der Linden - ACG natuurlijk, Ditmar Bakker, Jürgen Smit en Daan Doesborgh. En wat moet ik zeggen nog van Robin Block ( “hee ouwe wolf”) de wildemannen, lucky fonz III - Sander Koolwijk of Tom Zinger: "er is hier zeker 80 centimeter plant waar jij geen weet van hebt...." - mijn windroosmaatjes. Mijn optredens bezorgden mij eretitels: landelijk slamfinalist 2003, 2004, 2005 en brons in Tivoli in 2006, 2007 en 2010, 2011, 2012 en ook weer in 2013. - Dichter van het jaar in Delft 2005, voorts slamjaarwinnaar 2005 van de poëzieslag in Festina Len-te te Amsterdam, winnaar van Slamersfoort 2006. Jaarfinale Zeist 2007 en de BRUNA poézieprijs 2007 in mijn zak. Ik ben de hoogste nieuwe binnenkomer op de jaar-lijkse top-200 lijst van bekendste dichters Rottend Staal – Epibreren 2005. In 2008 kreeg Pom Wolff De Gouden Slamburger uitgereikt vanuit de Universiteit Utrecht – afdeling letteren en won hij het 2e Drentse open dichtfestival. op 19 april 2009 verscheen de bundel 'die ziekte van guigelton' - winnaar jaarfinale slamersfoort 2009. in 2010 won hij de dicht-slam-rap van boxtel en de dobbelslam van entiteit blauw te utrecht. in 2012 de grote prijs van Grimbergen én DE REBELPRIJS voor de poëzie van de REBELLENKLUP. Tot zover enig geronk. In 2014 presenteerde uitgeverij Douane op 22/11 in Café Eijlders de pracht bundel: 'een vrouw schrijft een jongen'. Sven Ariaans schreef in zijn juryjrapport Festina Lente Amsterdam: “Het is iemand die je zenuwen blootlegt om vervolgens op vaderlijke toon te zeggen dat die pijn jouw pijn moet zijn en dat er geen zalf bestaat. Elke cognitieve dissonantie die je voor jezelf op prettig hypocriete wijze had opgeheven, wordt je ingewreven, of zoals medejurylid Simon Vinkenoog het kernachtig zei: "hij verschaft illusieloos inzicht in de werkelijkheid". Ik voel me in deze omschrijving wel thuis.) 'je bent erg mens' van pom wolff verscheen in de befaamde Windroosserie in september 2005 en was in een mum van tijd uitverkocht. Nieuw werk - 'toen je stilte stuurde' verscheen op 18 november 2006 wederom bij Uitgeverij Holland te Haarlem. ook deze bundel was meteen uitverkocht. erik jan Harmens interviewde pom wolff over deze bundel in de avonden van villa VPRO.

Laat een reactie achter