- Frans Terken – over ‘het verdorren dat ons wacht’
- Rik van Boeckel – onbewust van wat haar later wacht – RIK MELDT: Zondagmiddag 11 oktober presenteer ik vanaf 2 uur mijn derde poëziebundel Ballade van herinneringen bij boekhandel De Kler, Breestraat 161 in Leiden.
- Luk Paard – de liefde uit me drome
- Magda Haan – alleen jouw schouder even
- Cartouche – roeit zich de zon voor ogen
- Ditmar Bakker – slechts vrieskou is je metgezel
- Rob Mientjes – zij wil niet langer weten
- Anke Labrie – voor vrede en voor veiligheid
- Jorge Bolle – ik vergat te vergeten

de zondagochtendwedstrijd: wie wint de enige echte virtuele en waar kijkt zij of (U nog) naar uit – trofee op pomgedichten.nl? het uitzicht op iets van de eeuwigheid wellicht? die onbereikte plaats? en dat de vloed gaat liggen na verloop van tijd. de dichters kennen de regels hier: gedichten niet te lang svp tenzij noodzaak – 20 regels is genoeg – insturen voor zondag 10 uur 30. stuur in op het u bekende gmail.com adres van pomgedichten@ – of benut de blauwe contact functie boven aan pagina. of laat onder dit item een reactie achter -ik zorg er voor dat uw gedicht in het item wordt geplaatst. commentaar als altijd verzekerd.

over
schrijf mij over zwarte gaten licht
waarin de hele bliksemse bende opgaat
of schrijf mij over die ene geliefde
die maar niet over gaat
over dat bankje aan zee
met uitzicht op iets van eeuwigheid
misschien dat het niets betekent
anders dan die onbereikte plaats
een hoek omgaan en zwijgen
en dat de vloed gaat liggen
na verloop van tijd
pom wolff

Ach, de zomer weer voorbij, kijk ik alweer uit naar de volgende.
Voorlopig ons door najaar en winter heen bijten.Ten
troost hebben we de poëzie!
Weekendgroet, Frans
Uitzicht 3
Op het bankje onder de overkapping
kijken naar hoe de zomer vertrekt
in buien van golvend water
dat uit donkere wolken stort
om de droge grond te overspoelen
de rozen houden nog dapper stand
de hibiscus koestert een laatste bloem
de kattenstaarten verliezen al kleur
de hitte niet langer in het lijf
de eerste jas al aan de kapstok
voor de kou die later nadert
weer met alle winden meewaait
het verdorren dat ons wacht
dat er na de vloed nieuw leven groeit
verse bloei die de cirkel rond maakt
© FT 19.09.2026
het uitzwaaien van een seizoen en het uitkijken naar wat weerom zal komen – als het meezit – een mooi rond gedicht.

Achter de horizon heerst de toekomst
na het afscheid van het verleden
de eeuwigheid dringt niet door tot ‘t heden
behalve tot de behoefte van deze geliefde
zij kijkt vol verlangen naar de zee
hoopt dat de vloed spoedig overgaat
als zij opstaat om te zwemmen
want het water is bereikbaar
duikend in een golf denkt ze aan de plaats
op een ander continent die ze graag bereikt
maar het is nog te ver weg
zoals in Zuid-Amerika of Zuid-Afrika
terug op het bankje denkt ze aan die wereld
laat haar gedachten in zich op gaan
terwijl ze haar blik richt op de horizon
en haar hand op haar hart richt
de stille eb geeft rust aan haar gezicht
ze kijkt om zich heen met de juiste blik
let op de raad van de toekomst
onbewust van wat haar later wacht.
Rik van Boeckel
19 september 2026
RIK MELDT:
Zondagmiddag 11 oktober presenteer ik vanaf 2 uur mijn derde poëziebundel Ballade van herinneringen bij boekhandel De Kler, Breestraat 161 in Leiden.
De poëziebundel bestaat uit drie delen:
1.Stad van mijn hart. Met gedichten over Leiden en de beroemde in Leiden geboren schilder Rembrandt van Rijn.
2.Tijd om te zijn. Met algemene gedichten over seizoenen, de zee, de natuur, de liefde, weemoed, mantelzorg, kleuren en veranderingen. Een ander aspect is de wens voor vrede in Oekraïne.
3.Reis uit de comfortzone. Met reisgedichten over de Vogezen, Italië (Venetië), Spanje (Ibiza, Andalusië), Portugal (fado in Lissabon, Porto, Coimbra) en Marokko (Casablanca, Rabat en Tanger.
Een aantal gedichten zijn gepubliceerd op jouw website voor de zondagochtend wedstrijd.
Rik geeft woorden aan de foto aan het beeld – zoals hij altijd beelden weet te scheppen uit heden verleden en de toekomst die bij hem zoals altijd uit reizen bestaat naar oorden waar hij zijn klanken laat klinken om op te gaan in het al – in het poëtische al wat hem omringt.

“ jij “
de liefde uit me drome
aan me zijde dansend
jij kleedt ons
hangt om ons
jij streelt ons
zo zacht
we houde ons in hande
houde ons houde van
kleure naar de zon
we late kusse smachtend
op natte lippe dartele
worde huid aan huid
late ons drage door de tijd
‘et is’n lief me
lief me lief
dat jij tot mij
en me helemaal tot jou
die jij bent met ik
van helemaal wij
© luk paard
en’n bijpassend paard-artje
“ ik lief jou “ by luk paard
ha een ouderwets echte LUK – wat het thema ook het weekend brengt – er zal altijd een onstuimige dichter paard zijn die zijn liefde tegen de klippen op van de daken schreeuwt – waar ze ook naar uitkijkt – in elke golf golft het luk paard, golft luk zijn geliefde tegemoet. en het is zoals de zanger huub zong – als het golft dan golft het goed.

klein
ik verlang niet naar verre landen
maar naar zwarte koffie
in de vroege morgenstond
vers brood dat kraakt onder het mes.
naar zonlicht op de houten tafel,
waar we op hete zomeravonden
met een lach en traan proosten
ik verlang naar niets dat glanst van ver—
alleen jouw schouder even naast de mijne.
dat is genoeg,
dat kleine leven
Magda Haan
Dichter kijkt uit naar de lieflijke verstilde zondagochtend waar de woorden als het ware versmelten met de vers gezette koffie voor de geliefde.

De einder
Op zijn klapstoel in het zand
staart hij voor zich uit, de oude man
geeft zijn gedachten de vrije loop, ziet zichzelf
in golven van jonge god tot oude worden
in wat allemaal passeerde, een voortdurend
aanzetten en afremmen als vissen in
het water heen en weer schieten
zich jonassen of iets laten gezeggen
liet hij zich nooit, alleen de zee
stond altijd voor hem op nummer één
nog even blijft hij onbeweeglijk, voor zich zien
hoe zijn gedroomde binnen te halen
dan staat hij op, stapt in zijn bootje
zet zich aan de riemen en kijkt uit naar een
laatste vangst, een grote vis – de gemoedsrust
van een prozaïsch, woelig maar vervullend leven
en roeit zich de zon voor ogen, een glimlach
om de mond en begeleid door dolfijnen
naar waar lucht en water elkaar raken
19-09-2026 / Cartouche
in de ideale wereld gunt de dichter de oude man dolfijnen – op weg naar het einde hier vervolmaakt tot op weg naar de einder. ik weet niet zo goed wat ik met deze fictie aan moet. zoals het beschreven is – en op zich best goed – zo bestaat dit niet – oude mannen roeien nu eenmaal niet naar het einde van wat zichtbaar is en dolfijnen zitten in bakken in harderwijk. met strofe 1 is in wezen alles al gezegd. daarin is de zee een gegeven en de dolfijnen gelukkig nog niet. de dolfijnen zwemmen hier als het ware door de poëzie heen – ga weg jij! en jij ook! hup naar harderwijk jij! wegwezen.

Een Stop Onderweg
Hij woont in ’t dorp, die dit bos pacht,
dus ziet mij vast niet staan vannacht
waar sneeuw vult berk en hazelaar;
geen mens die hier een stop verwacht.
M’n arme paard vindt het vast raar
te stoppen bij… Ja, niks, en waar
slechts vrieskou is je metgezel
in deze langste nacht van ’t jaar.
Hij schudt zijn tuigje met de bel
als om te vragen: ‘klopt dit wel?’
Niets anders valt te horen, dan
de winterwind en ’t vlokkenspel.
Een zalig duister, daar niet van…
Maar ’n woord een woord, een man een man
en lang nog, eer ik slapen kan,
zo lang nog, voor ik slapen kan.
***[R.F./D.B.]
tsja een zalig duister – daar houden we allemaal wel van. de bewerking van de tekst door dichter bakker is in vertrouwde handen daar niet van – maar de inhoud van het gedicht op die ene duistere regel na boeit me minder. zo zie je maar weer poëzie is een persoonlijke zaak.

Zij kijkt uit
ik naar haar
vanachter glas
onbereikbaar
zij het beeld uit
onder parasol die wuift
weg het verdriet
wind woest
boot gemist
vaar achter haar aan
nog geen vijf centimeter
onder de kim
strakblauw de lucht
haal ik haar in
zij wil niet langer weten
van mij achter glas
Rob Mientjes
dichter kruipt als het ware in het afgebeelde wezen- maar wel op gepaste afstand.

Verzinsel
ooit dat gedicht te schrijven
waarin ook ik kan wonen
een ruimte sterk genoeg
hoe dreigend ook de tijd
om nieuwe woorden
te verzinnen
voor vrede en voor veiligheid
Anke Labrie
(2026)
was het de dichter slauerhoff niet die in zijn gedichten wilde wonen – dichter wil graag in vrede en veiligheid kunnen schrijven – net als slauerhoff op zoek – maar nog niet gevonden in deze wereld in deze tijd.

geweest
lang niet naar zee geweest
geen reden, geen tijd
overspoeld door berichten
uit het duister
geen stappen gemaakt
in die richting
opwaaiend zand
gevonden op mijn jas
en terug gebracht
op een dag dat ik vergat
te vergeten
Jorge, September 2026
mooie laatste regel natuurlijk in een heel persoonlijk gesteld gedicht – brengt deze site de dichte toch nog even terug naar de plek waar we als lezer helaas niets van te weten komen – is het mooi geweest ooit daar, of werd daar een afscheid bedacht of gevierd – wat moet vergeten worden – we willen meer weten – en is vergeten een werkwoord?




















