dank aan alle dichters die inzonden. het nieuwe dichtseizoen op ‘de pom’ op bijzondere wijze geopend – leeswaardig en indringend – het eremetaal deze week voor 2 vrouwen – karlijn groet en vera van der horst – lees onder de gedichten waarom – vera en karlijn van harte!

Ergens
Een sterrenlicht gleed
door mijn kalk, ving
daar mijn schim en
zo ontstond ik als
portret van binnenuit;
een stramme kooi van
grijze rib, rondom een
bleke veeg. Een kil en
feitelijk rapport van
hoe het met mij gaat.
Het lijf gehoorzaamt
braaf de pomp, de
klok tikt stug en
plichtsgetrouw, er is
geen wolkje aan de lucht.
Maar zie die lichte
vlek, mijn lief, temidden
van de schaduwmij,
ergens in die holte
-daar woon jij.
Karlijn Groet
als we hierboven toch over ‘verstilling’ spreken – dan duiken we maar meteen de onvergankelijkheid in
(…)
hadden we moeten weten
dat als een mens
het ooit van stilte wint
zij in stilte heeft gewacht
heeft gedacht dat
in geluid groter gevaar
zoals je in een labyrinth
bij kanteling
nooit eerder dan het water
de uitgang vindt
Karlijn Groet
de dichter die de vergankelijkheid in onvergankelijke regels weet te treffen heeft weer eens in de taal toegeslagen. een subtiel spel van binnen en buitenwereld, van schaduwdonker en licht, wordt de lezer voorgetoverd. een opname in de buitenwereld van de binnenwereld legt de binnenwereld op onnavolgbare eenvoudige wijze bloot – in een bijna klassiek gedicht waarin de opbouw der strofen leidt tot die ene regel – de slotregel – ‘-daar woon jij.’

Er is een vreemde, matte stilte in mijn hoofd,
een schemergebied waar niets meer hoeft te heten,
een dragen van waarheid, die ik niet kan bewijzen.
Er is iets dat wacht, zacht en onvoltooid,
geen verdriet, maar overgave,
aan het onherstelbare van deze dag,
het ik dat loslaat en rust in zijn eigen donker.
Je hoort de uren elders vallen,
totdat gisteren niet verschilt van morgen.
Vera van der Horst
diepe gedachten verpakt in dichtregels die vera aan de oppervlakte
weet te krijgen zodat wij als lezers deze hele zondag nodig hebben om ze van een eigen betekenis te voorzien. “het ik dat loslaat en rust in zijn eigen donker…” – voor zo een regel heb ik wel een leven nodig om deze echt te doorgronden. vera is een dichter met onnavolgbare bijzondere regels. waar vind je schemer waar niets hoeft te heten? waar waarheden die niet te bewijzen zijn, waar vallen uren? ja in de verslavende poëzie van Vera van der Horst!
- Jorge Bolle – alles werd zo klein
- Karlijn Groet – ergens
- Rob Mientjes – totdat het eindigt
- Rik van Boeckel – betekenis aan de realiteit
- Frans Terken – dat het goed toeven is zo
- André Heijnekamp – Het is allemaal materiaal
- Bert Dekker – Ik rook al de frisse lucht
- Magda Haan – nooit zie je mijn ware ik
- Vera van der Horst – Er is iets dat wacht, zacht en onvoltooid,
- Anke Labrie – probeer je dromen te bewaren

een nogal breed thema biedt de site der sites u lieve dichter om het nieuwe dichtseizoen te openen en te dichten. de binnenwereld of de buitenwereld als u maar van de wereld bent – dan is het goed. ik zelf ging deze week de tuin in – nou ja of dat zo was is de vraag en ging ik niet – u kent de regels: gedichten niet te lang svp tenzij noodzaak – 20 regels is genoeg – insturen voor zondag 10 uur 30. stuur in op het u bekende gmail.com adres van pomgedichten@ – of benut de blauwe contact functie boven aan pagina. of laat onder dit item een reactie achter -ik zorg er voor dat uw gedicht in het item wordt geplaatst. commentaar als altijd verzekerd.

tuin
hier zou ik mijn naam kunnen schrijven
weglaten kan ook
want wat hebben we nou helemaal wel gelezen
pom wolff zit weer eens ergens in een tuin
is er eigenlijk wel een tuin
of zit meneer de boel toch weer bij elkaar te liegen
was het niet zo dat je ooit aan een tafeltje
het licht groen zag in al het groen
en was het niet zo dat een hand daar toen een hand zocht
pom wolff

gezeten in een vliegtuig
verdwijnt de wereld
en verschijnt achteloos
een eindeloos uitzicht
bij het kleine raam.
‘alles weg’,
riep ik als kind
met verwondering
over verdwaalde wolken
en verdwenen huizen
alles werd zo klein
dat zelfs het lawaai
van de vliegtuigmotoren
werd overstemd
door oorverdovende
stille verbazing
Jorge, September 2026
hoe een ‘eindeloos uitzicht’ de binnenwereld bereikt van een kind en van de herinnering en van de dichter die de herinnering weer oproept. kortom hoe je in de buitenwereld naar binnen gekeerd kunt raken. jorge weet altijd in de lezer – in ieder geval in deze hier – verstilling – neer te leggen – weet deze functie van poëzie als bijna geen ander te benutten.

Als een vis in het water
Zwemmen is mijn lot
van voor naar achter
van onder naar boven
kris kras op en neer
in een doolhof van glas
kom mezelf
tig keer tegen
stoot mijn neus
telkens weer
maar …
mijn keutel trek ik mooi niet in
never nooit niet
laat hem lekker hangen
achter mijn kont
zwem consequent en dapper
eeuwig rondjes
in een territorium
niet door mij gekozen
zoveel ik wil
zoveel ik kan
totdat het eindigt
op mijn rug
naakt de binnenwereld
bloot naar buiten
Rob Mientjes
wellicht een metafoor voor elk mensenleven – hoe ver menselijke stappen ook reiken – we leven ieder in onze eigen kom – kom daar maar eens om – zou dichter Mientjes in zijn spitsvondigheid kunnen dichten. elke maandag op de pom – prachtige foto’s en toepasselijke teksten van Robs hand.

Hier mijn bijdrage aan Van de binnenwereld of van de wereld buiten. Inmiddels terug in Nederland denk ik terug aan reizen. Mooie reis onlangs in Portugal gehad maar heb vroeger ook in andere landen gereisd zoals het nabije Spanje en vorig jaar in Marokko.
De realiteit van de reis
De reusachtige reistijd leidt
naar steden in verschillende landen
het blijft onduidelijk waar je zal stranden
tijdens wandelingen langs een rivier
het bezoek aan parken of aan de zee
zal wellicht herinnering oproepen
de dagen laten zoveel zien en oplossen
in de stad met vele straten en steegjes
zo gaat de buitenwereld naar binnen
geeft betekenis aan de realiteit van de reis.
Rik van Boeckel
5 september 2026
in 10 regels een gedicht dat alle reisverslagen overbodig maakt. het proces vastgelegd en beschreven – de buitenwereld opgenomen in de binnenwereld. de binnenwereld van deze dichter altijd gereed om verder te reizen – zijn binnenwereld bestaat uit 1001 megabytes en nog niet de helft daarvan is gebruikt. vermoed ik zo. hij reist zoveel dat ie bijna geen tijd heeft om te dichten.

Van binnen- en buitenwereld, terug uit de cocon van de hittegolven, ( wel nog even nazomeren); daar een plekje voor gezocht.
Warme groet weer,
Frans
Zomerhuisje
Tussen de boerderijen en akkers
een zomerhuisje – droom van elke dichter
om bij tijden in een eigen wereld te zijn –
daar woorden vinden die verscholen liggen
in het lange wuivende gras
nat van dauw om vers geplukt te worden
een oog gericht op wat lichtjes beweegt
een kopje dat voorzichtig opsteekt
en niet onder een voet wil verdwijnen
de tere oogst in een net bijeen scheppen
en uitstallen op een houten tafel
met timmermansoog op maat gemaakt
binnen de ruimte vullen met koffie en
klare taal die weerkaatst tegen de wanden
zo beeld en geluid van de zomer optekent
en zien dat het goed toeven is zo
met glanzende vruchten binnen handbereik
© FT 04.09.2026
de frans terken zo eigen taalwereld hier geétaleerd – hoe waarnemingen van kleine zaken in de buitenwereld voor de dichter beduidende regels in de taal opleveren. regels die van binnen uit de buitenwereld weer bereiken. wie het kleine niet eert is dichter frans terken niet weerd.

Museum
Het is allemaal materiaal
in een bepaalde houding
zonder enige functie
dat hier binnen ligt.
Ik wil niet begrijpen
of een uitleg geven aan
het waarom men dit achterliet
de wereld spiegelen op jezelf
is vragen om onbegrip.
Ik geloof dat het er is
en strijk mijzelf neer
over de dingen
die beginnen te leven
en ik word.
André Heijnekamp
volgens mij heeft André al een heel leven van ‘worden’ achter de rug – en gelukkig hij ‘wordt’ nog steeds. nooit is een/het dichterschap directer beschreven als/dan hier – ‘ik word’ –
niets meer aan toe te voegen! – (behalve dan dat ik zelf ook graag zou willen ‘worden’)

Het lawaai bonkte in mijn
Buik als een dolgedraaide
Amateurbokser
Die de laatste
Tien seconden
Alles uit de kast trekt
Om te overwinnen
Langzaam achteruit schuifelend
Tussen bezwete hossende lichamen
Probeerde ik de uitgang
Te bereiken
Ik rook al de frisse lucht
Toen een vuist
Mij uitschakelde
En ik dromerig
Mijn ogen opendeed
In de stevige armen
Van de portier
Bert Dekker
Bertje toch -in welke kringen begeef je je? niet doen. dichters moeten schrijven – alleen zijn – niet tussen de mensen – desnoods elke dichtregel met een hoofdletter beginnen.

anders
jij hebt de kleuren van
de regenboog
een bijzonder kleurenpalet
anders dan de gewenste
in de burgermaatschappij
kleuren net zo lief
de smaak is niet anders
nooit zie je mijn ware ik
want mijn as zal dan worden
uitgestrooid zodat mijn kleuren
verdwijnen in de wind
Magda Haan
wat magda precies wil zeggen is niet helemaal duidelijk hier – van het leven en de dood het gedicht – de regels – een geliefde wellicht en een ik persoon – en niet alles wordt geweten. een gedicht waar de regels de uitgesproken inhoud niet geheel mogen dragen.

mits een geschikte bodem
kun je met geluk wat oogsten
je kunt tijdig dijken bouwen
voordat het water komt
sterke legers samenstellen
voordat de vijand komt
je hebt de wereld in bedwang
denk je in je overmoed
mits je een kind kon zijn
probeer je dromen te bewaren
diep van binnen in je oude hart
dromen die je ziet in kinderogen
voordat hun buitenwereld brak
anke labrie
2026
dat dromen van de binnen wereld is en dat alle dromen helaas na verloop van tijd verloren gaan in wat de buitenwereld de mensheid biedt. een buitenwereld beheerst door mensen wel te verstaan.














dodennis
-TING- hoort hij al niet meer
de mensen stappen in
gaat u omhoog
ik moet naar drie
gynaecologie
hoort hij nog wel
zijn vrouw komt even
in hem op tien
soorten kanker overleefd
nog een trekje dan
houdt hij zijn adem in
dit gat in de muur
ml