- Rob Mientjes – waar waar weer waar is
- Rik van Boeckel – een vreemde werkelijkheid
- Karlijn Groet – wij zijn…
- Luk Paard – jouw naam tot diep onder de huid
- Max Lerou – de droomzondag van max
- Cartouche – droom van mij
dromen
over dat zeldzame gevoel
van samen gearmd
én van even onvergankelijk zijn
van een picknickmandje
op een kleedje
en jonge zwanen in de sloot
geef me je hand
dan raken we samen
zei ze
de onschuld aan – kom we dromen
en in die droom verzinnen we
wat van de werkelijkheid
pomwolff

Struikelend struikelen
diep de diepte in
wanend wanen
waar waar weer waar is
maan maan
rust te laten rusten
kindse kinderen
ouderen ouders
sussen zussen
broederen broers
hemels hemelen
dood richting hel
wit witregels
tex teksten
stuc stuk
droom droom
diggel diggelend
eeuwig eeuwigend
wakker de wakke
en slaap de slaap
Voor Dali … en daarna
Rob Mientjes

Het is inderdaad een heel mooi lied van Bjorn van Rozen.
Vannacht gedroomd over het luisteren naar muziek. Ik verwerk dromen soms in mijn muzikale poëzie. Ik heb donderdagavond met mijn band The Dub Ark in een café in Leiden opgetreden en alle liedjes van onze cd De dromende dansers ten gehore gebracht. Het lied De dromende dansers gaat over de ontmoeting tussen twee geliefden bij een rivier. Dat een man en een vrouw ervan dromen om elkaar lief te hebben door samen te dansen.
Het eerste vers van het gedicht De beelden van dromen gaat erover dat ik soms mijn moeder en mijn vader in een droom tegenkom nu ze al jaren geleden zijn overleden. Een droom was onlangs dat ik naar een boekpresentatie van mijn moeder ging. Maar zij heeft geen boeken geschreven maar had er wel heel veel. Sommige heb ik bewaard. En heb zelf twee poëziebundels en drie reisboeken geschreven. Dat maakt zo’n droom onverwacht en enigszins onverklaarbaar. Al probeer ik het wel te verklaren. Dat geldt ook voor andere dromen als ik ze niet vergeten ben.
De beelden van dromen
In dromen zien we beelden
die door de nacht heen trillen
zoals gezichten van overleden ouders
horen we geluiden uit het verleden
onbewust van wat ons wacht
herinneringen spelen hard of zacht
vanuit het hart en de hersenen
leiden dromen tot fantasierijke gedachten
af en toe vergeten tijdens het ontbijt
de nacht van de dromende ziel
verzamelt een vreemde werkelijkheid
die in stilte ontstaat en later ontwaakt
de richting is een lijn naar het komende
begint ‘s nachts met een voorbije tijd
die weemoedig door dromen heen reist
onverwachte en onverklaarbare beelden
brengen de diepte van de ziel naar boven
de ochtend brengt de droom tot leven.
Rik van Boeckel
11 april 2026
wij werden
alles vanuit niets
door zwaartekracht vertraagd
zullen wij tot stof vergaan
als ruimte lego
die zichzelf verplaatst
zo weinig weten wij
van ons bestaan
waarom we hier nu zijn
en straks weer gaan
en alles wat we zeker weten
is dat enkele gevoel
van mij voor jou
van jou voor mij
zo veel weet ik ervan
gelijk elk ander;
hoezeer wij liefde zijn
het licht dat lacht
dat nooit gedoofd wordt
en dat ons ons gevoel geeft
en altijd, altijd, in ons
verder leeft
Karlijn Groet

“ droom “
as’n vlucht
zo broos ben ik
in droomgedachte dag en nacht
dat ik in’n huis wil met lippe
vol gekleurd en verwarmd
door’n stroom uit 2 harte
zodat’k slechts hoef te graaie
waar ik ’n schildering maak
van met vingers jouw naam
tot diep onder de huid
as’et mooiste danskleed ooit
’n liefde van zacht as in’n sprookje
waar’k doorheen wandele kan
op je huid
en altijd voel en weet
ik kan nog verder in de droom
tot helemaal aan jou
© luk paard

vannacht wil ik jou steken in tuigleer
jouw benen bekleden met gitzwart
gladde zijde balancerend
op het scherp van de schede
dagen tover ik om
tot bruidsweken het zinken
van de zon een zinderende
dans de nacht een jaargetijde
sluit ik dan eindelijk
mijn uitgewoonde ogen
glip dan onderlangs mijn wimpers
denk nog even niet aan hem
ml

Droom
in mijn droom waande ik mij linde
in een oneindig lange laan. Zij aan zij
spraken wij van klare lucht, stamvaste
taal, de maan keek toe en lachte minzaam
maar bij de eerste daggrimas
zag ik de plataan daar aan het einde
van de rij weer bezijden haar
zijn afbladderende kroon
bast bedekt met grijze vlekken
van gekronkel ondergronds
naar worteling in samengrond
alleen ontgroeid
en geaard zoals dat gaat
in wind te fel en licht zo schel
hoorde ik hoe zij – in hemelsnaam
blijf bij die je denkt: droom van mij
11-04-2026 / Cartouche






















