Ditmar Bakker – afscheid van Prof. Dr. Yra van Dijk hoogleraar moderne letterkunde LEIDEN: ‘Bedankt voor je colleges. Bedankt dat je me niet de collegezaal uitgemept hebt…’

P {margin-top:0;margin-bottom:0;}
Prof. Dr. Yra van Dijk deed vrijdagmiddag middels een mail via de onderwijsadministratie aan alle studenten Nederlandse Taal & Cultuur aan de universiteit Leiden kond te vertrekken als hoogleraar moderne letterkunde.

Beste Yra,

Zojuist las ik de e-mail die je gestuurd hebt aan alle studenten Nederlands. Ondanks het aspect van relatieve geriatrie dat aan mij kleeft vergeleken bij de overigen, behoor ik hen nog steeds toe. Daarnaast ben ik in emplooi geraakt bij een lokale middelbare school—het adagium ‘zij die kunnen, doen, zij die níet kunnen, doceren’ schalt zo nu & dan nog door mijn hoofd, maar gezien mijn conditie kunnen dat ook gewoon de stemmen zijn; zoals je je vast nog mijn wat demonstratieve houding in door jou gegeven colleges herinnert voor wat betreft het dichterschap dat ik zo nastreef, herinneren zij mij eraan dat ik wel dichter wezen moet zijn—futiel of fou, blijft dan een vraag.
Hoewel de dichter in mij zich altijd verzette tegen wat die ervoer als Derridaëske indoctrinatie en ontmanteling van het ambacht, heeft de student het nodige van je opgestoken. Daar bedank ik je bij dezen voor; ik wil niet pretenderen dat ik de gang van je gedachten altijd kon volgen, ook niet toen ik je proefschrift over het WIT in de poëzie doorwerkte, noch vermoed ik ooit te kunnen tippen aan de encyclopedische literaire kennis die je bezit—ik heb je altijd gezien als één der kanonnen van de vakgroep en het spijt me afscheid te moeten nemen van de persoon, al heeft je literaire politiek, of politieke literatuur, me zelden gezind. Echter, misschien valt de moderne letterkunde door mijn persoon eenvoudigweg niet te doorgronden en had ik een deemoediger pad moeten kiezen—ik weet nog hoe mijn brutaliteit in één van onze eerste colleges, over die dommelse brug (“Waar haalt u die kruisen vandaan?!”), je een lach ontlokte. Dichters worden vreselijke wezens wanneer ze geconfronteerd worden met letterkundigen; toch wil ik ooit afstuderen in de richting Oudere Letterkunde en zet daar kleine stapjes toe, wat een punt zuigt aan een toch al schizoïde staat.
Ik wens je goeds op je pad. Weet dat je emancipatoire signatuur mijn visie heeft veranderd en ik die betrachten zal door te geven aan de jongste generatie lezers, schrijvers, studenten die door mij als in haast nog embryonale staat in onderbouwklassen wordt gemunt en geslepen tot zij misselijk zijn van kofschiptaxi’s en Komrij’s ‘lesbisch negerinnencollectief’. Walgen zullen ze als probate primaten.
Bedankt voor je colleges. Bedankt dat je me niet de collegezaal uitgemept hebt. Bedankt dat je te verstandig was om de ruzie die ik steeds opzocht te beantwoorden. Bedankt voor je goedhartigheid. Bedankt voor je introductie van liminale ruimtelijkheid en grijze gebieden. Bedankt voor je scherpzinnigheid.
De reden laat je ongemoeid en mij zegt dit genoeg; het is de dichter in mij die je, deels apologetisch maar vooral om je een hart onder de riem te steken, twee vertalingen opdist: één vanuit Robert Frosts “Acquaintence With The Night”; het andere vanuit het gedicht dat Mary Stuart schreef in de nacht voor haar executie.

KENNIS VAN DE NACHT
Ik ben bekend met nacht en duisternis.
‘k Ben regen ín, en er doorheen gegaan.
‘k Weet vanaf waar de stad elk baken mist.

Zo zag ‘k de meest ellendig zaken aan,
en zag mij een bewaker, in zo’n nacht,
zou ‘k niets verklaren, maar mijn blik neerslaan.

Soms stond ik stil, stopte mijn tred, want zacht
klonk ergens uit een straat, een huis, een kreet
die stokte in een halve jammerklacht,

want niet ter afscheid, noch die welkom heet;
iets verder nóg, onwerelds hoog, gewis
stelde één klok, die lichtend lucht doorsneed:

de tijd is fout noch goed, geschieden is.
Ik ben bekend met nacht en duisternis.
***[R.F.]

O God Allemachtig, mijn hoop rust op u;
O goedhartig Christus, verlos mij toch nu;
zwaarmoedig geketend, geen uitweg meer wetend
verlang ik naar u.
Mijn ogen op ’t Hoge, mijn knieën gebogen…
Erberme, hoort kermen dit individu.
***[M.S.]

Ditmar

Share This:

Rik van Boeckel wint de enige echte virtuele – voor je het weet heb je poppen aan het dansen – trofee op pomgedichten punt nl

Ik denk dat we deze week toch de eer – de gouden eer moeten gunnen aan de enige echte ware poppenbespeler in ons midden: Rik Van Boeckel. GOUD! heel weinig verschil in kwaliteit bij de ingezonden gedichten – dichters dank voor het inzenden – het is meer de smaak en de gemoedsgesteldheid van het moment die de doorslag geven voor eremetaal deze week. we kunnen wel wat van Riks levendige opgewektheid gebruiken. laten we mengele mengele, de kluwen touw de kluwen touw, het vuur het vuur, de brakende kat de brakende kat – kiezen we voor de aanstekende vrolijkheid – de blijmoedigheid en levenslust die Rik aan de poppen meegeeft, aan de kids en aan ons. van harte!

Pom nog wat aanvullende info bij mijn gedicht. Dat weet je niet van mij maar ik ben in kindervoorstellingen ook poppenspeler. Deze voorstelling heet De boerderij van oom Arie en we beelden alle dieren uit met poppen! Hier een ruzie tussen geit en schaap. De haan uit mijn gedicht hangt links aan de zijkant van de tractor!

Groeten,
Rik


Levend tableau

Hij is uit Odense vertrokken
dansend over bruggen en zeeën

Hans Christian tekent de voeten
zijn lach als hij haar ogen ziet

zij trekken door het ganse land
duiken dorpen in met frivole tred

ze worden getekend door de tijd
de poppenspeler slaat ze aan

kinderen kijken naar de man met de haan
koekeloeren vrolijk in de morgen

zij zingen met de hand op ‘t hart
zwervend door dagen en jaren

als de tijd stil zou staan
wordt de dans een levend tableau.


Rik van Boeckel
18 september 2021

–>
thema de poppen aan het dansen en ja hoor we kregen de poppen aan het dansen. de  lieve poppetjes van onze corrie brengen van alles en nog wat – ook mengele – boven – in dichters. mengele en rotterdam – wat een toestanden allemaal op de zo gewijde zondagochtend in dit gereformeerde kikkerlandje vol van politici die elkaar tot op het bot haten. maar wel heerlijk al die tegenstellingen – de lieflijke poppetjes en de keiharde woorden. ik heb maaike ouboter op staan – kijk me niet aan kijk door me heen – zingt ze. vang me niet op als ik naar beneden val – zo is ook het vaak met dichters. geef ze een poppetje en de hele wereld stort in. daar zijn dichters ook voor.
 
Rik van Boeckel schetst het leven van de poppenspeler door de landen en de jaren heen. na de levenslust, vandaag een prachtige plaats en tijd fixatie – een pas op de plaats door Rik – maar wel levendig.
  • Rik van Boeckel: ze worden getekend door de tijd de poppenspeler slaat ze aan
  • Ditmar Bakker: opdat wij niet vergeten
  • Frans Terken: marionetten aan een kluwen van touw
  • Cartouche: een soort van mensen maar dan heel hart en ziel
  • Anke Labrie: waar ze haar verloren had
de zondagochtendwedstrijd !!!
wie wint de enige echte virtuele – voor je het weet heb je poppen aan het dansen – trofee op pomgedichten punt nl?
of je alles nog mag zeggen in dit land? of dat je meteen poppen aan het dansen hebt – op de foto’s de prachtpoppen van Corrie – ook bij haar te bestellen voor minder dan een tientje geloof ik – stuk voor stuk handwerk – maar dat terzijde – de voor je het weet heb je de poppen aan het dansen trofee – een ruim thema voor de zondagochtendwedstrijd deze week – dichters willen heel vaak heel veel zeggen – met zeggingskracht – laat de poppen dan maar dansen!
u kent de regels: gedichten niet te lang svp tenzij noodzaak  – 20 regels is genoeg – insturen voor zondag 10 uur 30. stuur in op het u bekende gmail.com adres van pomgedichten@ – of benut de blauwe contact functie boven aan de pagina. of laat onder dit item een reactie achter -ik zorg er voor dat uw gedicht in het item wordt geplaatst. commentaar als altijd verzekerd.



rotzooi in rotterdam

er ligt hier van alles op straat
moeders en dochters
met een pop nog in hun armen
geamputeerden

je kunt het zo gek niet bedenken
of het ligt er

en ook dichters
heel veel dichters – overal dichters
vooral bij tramhaltes allemaal dichters
maar laten we over dichters zwijgen

voor je het weet heb je de poppen aan het dansen
nee – mijn stad is het niet

pom wolff
OPDAT WIJ NIET VERGETEN

Arm Anne Frank
ligt op een schrank,
want zij is krank
in ’t kamp.

Zuster Margot
vindt het zo-zo.
Dan, irgendwo,
gestamp:

’t is dr. Mengele!
Meisjes verstrengelen,
spoedig slechts engelen
en damp…

Joodse plus nazi
leidt–aberratie!
Tot de crematie
der vamp.


***[Ditmar Bakker]


–>
in een goed gevormd dichtwerk danst Ditmar nog even door de geschiedenis heen – dat we niet vergeten. ditmar houdt elke herinnering levend – hoe dood ze ook zijn. geef ditmar een pen en ja hoor je hebt de poppen aan het dansen.  
Het spel gespeeld

Soms raakt een naam je weer
een oude vlam die vroeg gedoofd
al kwam er geen water aan te pas

van naar en uit elkaar gedreven
alsof iemand er een hand in had
marionetten aan een kluwen van touw

en hoe daar gedonder van kwam
alle strengen aan en in elkaar geknoopt
luidruchtig zwaaiend met armen en benen

dat je zo een flinke schop kon krijgen
alsof met handen praten niet genoeg was
nog achter een scherm was je niet beschut

met een mes sneed ze de lijnen door
het was maar spel zoals ze zei
ze zou mij wel in de touwen hangen
de regels bedacht ik er zelf maar bij

© FT 18.09.2021


–>
eerst dacht ik even dat hier een inhoudelijk lijnenspel van mevrouw kaag beschreven werd –

‘alle strengen aan en in elkaar geknoopt
luidruchtig zwaaiend met armen en benen…’


maar ik moet toch bijstellen. uit de verwarde kluwen doemt het door maaike ouboter bezongen beeld van een dichter op. (lees hierboven) – kijk me niet aan kijk door me heen – zingt ze. vang me niet op als ik naar beneden val – de dichter frans terken kiest de poëzie als vangnet.


An und für sich
 
houden Ad en Eefje niet
van iets als teefjes- bits of reuen-bars
 
zij zijn zot op hebben-dingen
als houten klazen en poppenspel
 
bitcherige speeltjes nee en toys voor boys
niets daarvan voor hen veel te slappe kost
 
liever spelen zij
met vuur als ware het echt
 
een droomleven, niet verkleind,
maar eigen zinnig als wind
 
zaken zijn zaken, speeltjes van grote mensen
onverbeterlijk in hun poppenkast
 
poppen daarentegen zijn
een soort van mensen maar dan heel hart en ziel

dat is nu eenmaal-god
gegeven – categorisch leven óns ding

dansen, niet met janssen
maar alles uit de kast
 
19-09-2021
Cartouche


Cartouche leest als een trein – maar waarover hij schrijft. zijn het zijn honden, zijn het de kinderjaren, zijn het de poppen van neefjes en nichtjes, leeft hij zich in in poppen ik weet het echt niet  —   in ieder geval
 
‘een droomleven, niet verkleind,
maar eigen zinnig als wind..’

 
centraal gesteld door de dichter. mooi!
zou ik poëzieles geven ik dit gedicht kiezen om uit te leggen dat een dichter met hele gewone woorden een volkomen niet te begrijpen geheel tot stand kan brengen waaruit je weer regel voor regel het gewone leven kan destilleren.
ik wacht op het mailtje waarin Gérard mij altijd achteraf uitlegt wat ik nu weer heb gemist in zijn gedicht.



 
de poppen aan het dansen
 
die dure pop
met rare gaatjes in haar buik
een eng geluid
als ze bewogen werd
alsof de kat moest braken
 
die buik keihard
of het mes te bot
 
ze wist echt niet meer
waar ze haar verloren had
 
anke labrie
(19-09-2021)

een herinnering in woorden van poëzie gegoten. de pop, de harde buik, een kat een mes een eng geluid. ja die lieflijke popjes die weten wat. de kinderen nemen haar een leven mee. in het gunstigste geval maken ze poëzie van haar. de kindergeheimen kun je wel aan haar kwijt. veel terug zei ze niet. niet meer dan de kat – mogen we begrijpen uit ankes woorden.
 
 
 
 
 

Share This:

Yvonne Koenderman in 2014: ‘De poëzie is dood, en wij beminnen niet meer, maar neuken ons te pletter,…’

De poëzie is dood, en wij beminnen niet meer, maar neuken ons te pletter,

Nee we meanderen niet meer
zeker niet na gisteren.
We meanderen niet door bochten
maar slingeren, waarschijnlijk
van het rijkelijk vloeiende spraakwater,
wat natuurlijk ook gewoon alcohol is
De poëzie is dood, en
wij beminnen niet meer,
maar neuken ons te pletter,
krijgen geen vlinders meer
maar zijn gewoon geil
tot in het diepst van onze ziel
Liefhebben, vogelen…
we gooien het overboord en
rampetampen, palen pezen of
poepen zelfs zoals onze zuiderburen dat noemen,
hoewel ik die benaming aan mij voorbij laat gaan.
De poëzie is dood
wat overblijft is het
rauwe, grove, ruwe woeste leven,
en ach….
dat is zo slecht nog niet.


Yvonne Koenderman

Share This:

VON SOLO over Kensington en andere bedrijfsmodellen. ‘Op zich een goede band, zoals er nog honderd zijn. De muziekindustrie koopt zo’n band en maakt er een ‘uniek product’ van, dat opgedrongen wordt aan de menigte…’



Als ‘weinig succesvol amateurdichter’ ben je wel gewend voor lege zalen te staan. Ook ben je gewend op te draven voor twee consumptiebonnen. De reiskosten die je maakt, dek je door de schaarse betaalde optredens, waarvan je de opbrengst opzij zet. De vergoedingen die je wel krijgt zijn vaak afkomstig uit de subsidiepotjes die, terwijl de rechtse bestuurders een oogje dicht knijpen,  door linkse cultuurambtenaren gecreëerd worden. Voor de dichter is commercieel succes een utopie. Daarvoor interesseert het de massa gewoon niet genoeg. Er is geen ‘positieve business case’ op te schrijven. En dat is helemaal niet erg. Want waarom groter maken wat klein al helemaal in orde is?
 
Het is eigenlijk raar, dat er met een schuin oog naar je gekeken wordt, als je er ‘niet je werk van gemaakt hebt’. En dat terwijl er in Nederland geen enkele dichter financieel rond kan komen van de poëzie. Kort door de bocht geldt dat overigens ook voor kunstenaars, schrijvers, modellen, gamers, muzikanten, sporters en influencers. Er zijn er altijd wel een paar, die in de spotlights staan en die altijd en overal op elke affiche staan. Daar tegenover staat 99,9% die daar ergens op afstand onder zweeft. In de ene scene zijn de verschillen wat groter dan in de andere, maar de 99,9% regel gaat zeker op. Het is interessant daar eens dieper in te duiken. Het is namelijk heel simpel uit te leggen waar de drang vandaan komt, om toch te proberen bij die 0,1% te horen.
 
Alles in de huidige kapitalistische economie is er op gericht de ongelijkheid zo groot mogelijk te maken, middels zogenaamde competitie. Wat je daar voor nodig hebt zijn succesverhalen en sterren. Die creëer je met geld. Je koopt een ster en exploiteert deze. En je streeft er naar je investering te vermenigvuldigen. Het is een simpele rekensom. Wat er vooral voor nodig is zijn twee dingen. Een als uniek gestempeld product en veel consumenten. Een goed voorbeeld hiervan is de band Kensington. Op zich een goede band, zoals er nog honderd zijn. De muziekindustrie koopt zo’n band en maakt er een ‘uniek product’ van, dat opgedrongen wordt aan de menigte, door andere muzikanten aan de kant te schuiven. Ineens hoor je op radio 3 niet anders. Op alle festivals komt het voorbij. Het ligt om maar zo te zeggen voor in het schap van de grote muzieksupermarkt. En zo levert het zijn geld op. Ongetwijfeld heeft dat succes zijn prijs, maar daar zal je nooit iemand over horen. Het is een Faustiaans pact, waar men zich gedwee aan de regels houdt.
 
We zouden allemaal wel een ambachtelijke bakker om de hoek willen, maar kopen brood bij de Albert Heijn. Vinden het prachtig als een meubelmaker een kunstige kast maakt, maar kopen spullen bij de Ikea. Een festival in de wijk is echt een super initiatief, maar helaas zijn we die dag al met duizenden op een megafestijn met sterren voor de massa. Dat komt omdat we het collectief wel best vinden zo. Nou, ik niet. Ik kots en kak er op. Het is de manier om de wereld naar de kloten te helpen. De management uitspraak, ‘dat het bedrijfsmodel wel op te schalen moet zijn’, is tekenend voor deze tijden. We hebben de mond vol van lokaal en ambachtelijk, maar tegelijkertijd zijn we slaven van de megasystemen die ons gedoseerd en gecontroleerd voorzien van brood en spelen. We hebben het niet eens door.
 
Binnenkort wil ik gewoon weer eens voor een bijna lege zaal staan. En dan hoop ik dat enkele van de weinige toehoorders de zaal verlaten uit puur degout. En dat er dan een iemand blijft zitten en aan het einde van de rit hard zit te lachen. Dan weet ik dat er nog hoop is.P {margin-top:0;margin-

VON SOLO
DICHTER, COLUMNIST,  PERFORMER EN CINEAST
Check de actualiteiten van VON SOLO op www.vonsolo.nl
 Lees ook de wekelijkse column van VON SOLO op www.POMgedichten.nl 

Share This:

Merik van der Torren: over stilte en over de alles verwoestende herrie van hondje Betty


Hoi Pom,
 
Hierbij weer een tekstje geschreven op Schrijfgroep de Klus. Het thema was “Geluid”. Betty liep rondjes onder de tafel. Je hoorde haar nagels tikken op het parket, groet, Merik



Geluid

Hoor je nagels tikken op het parket
en het ruisen van pennen op papier.
 
Wie weet wat voor ontboezemingen,
verklaringen en hartenkreten.
 
De tap-dans van Betty duurt,
meer inkt voor woorden vult het wit,
 
muziek, tonen van piano en trompet
klinken onhoorbaar
 
bij de dans van Betty op het parket
als in de avond de zangeres invalt.

Merik van der Torren

Share This:

IEN VERRIPS op de dinsdag: ‘..de wijzers van de klok gericht op jouw eindigheid..’

de wijzers van de klok gericht op jouw eindigheid


ik heb het niet en ‘t heeft geen zin
‘t is niet de moeite waard
zei je regelmatig
steeds vaker
 
oud nog niet
maar nooit meer jong
kniesoor op de loer
 
totdat voor jou
de leerling werd geworpen
de wijzers van de klok gericht
op jouw eindigheid
vanitas niet oud nooit jong
maar eeuwig met het laatste woord



Ien Verrips

Share This:

Karin Beumkes donderdag in GOUDA! vandaag op de pom: “doodsbang kleven wij met chocoladepasta aan elkaar…”

Dear Pom

Je kunt wel stellen dat ik mezelf een rare freak vind, maar een aantal jaren geleden heb ik iets meegemaakt wat ik nooit meer zou willen meemaken. Er was hier een geest in huis. Ik heb voetstappen gehoord, vingers die op de deur klopten. Bij een goed glas water zal ik je wel eens de details ervan willen vertellen. Nu komt Heel Holland bakt. Ik vind André van Duin een leuke vent.

By the way: donderdag treed ik op bij Dichters op Donderdag in Gouda.


Liefs Karin


Geruchten

 Ze houdt van knoflook, zegt ze
het is bijna volle maan, hapert ze
er zwerft een leegzuiger aan de deur
de honden zijn erg onrustig.

Ik weet het en ik voel het ook,
ik spreek mijn woorden waakzaam uit.
Niemand kan er nog de vinger opleggen,
en niemand deelt het samen.
Gisteren heb ik een aantal bijbels gekocht,
de Openbaringen zweven als tafels om ons heen,
zou het nog goed komen fluistert de dominee.
De leegzuiger aan de deur heeft rare tanden
en negen krolse katers in zijn stem,
ook piept de ijzeren poort vrij ernstig.
We worden des nachts vele malen opgebeld
en het is altijd drie uur in de vroege ochtend.
Dove Willem kwam er gisteren mee van zolder,
ik heb het relikwie nog nimmer gezien.

 Zij ook niet fluistert ze,
en doodsbang kleven wij met chocoladepasta aan elkaar.

Muziek: Bauhaus – Bela Lugosi’s dead https://youtu.be/OKRJfIPiJGY

Share This:

Ien Verrips wint de enige echte virtuele – waarom toch zo een meisje verbannen – trofee op pomgedichten punt nl – Erika de Stercke zilver en Conny Lahnstein brons

in het juryrapport vandaag worden dames met eremetaal omhangen. een lastig thema – zo een meisje en wat moet je met zo een meisje. Conny duikt de recente geschiedenis van Alkmaar in – Erika schept een dreigende sfeer om het verbannen meisje heen en Ien haalt het meisje terug en houdt het dicht tegen haar aan. ze kan ook niet anders. ‘ het leven als optelsom van geleefde en overleefde meisjes maar hoe sommige meisjes altijd deel van je blijven uitmaken. ‘ schreef ik en zo is het verbannen meisje van IEN een heel bijzonder meisje gebleken en geworden. een meisje op afstand maar toch zo heel dichtbij. prachtig – ik zeg goud! doen we Erika zilver en Conny brons. onder de gedichten leest u waarom. eervolle vermelding voor Cartouche omdat ie nou eenmaal dichten als geen ander kan. alle dichters een lief dankjewel voor de bijdragen.


ik zie haar staan
alleen
afgezonderd van de rest
druipende verlegenheid
eager to play maar niet weten
hoe dat moet hoe je invoegt
hoe je vraagt als je niet wordt gevraagd
nooit gevraagd
ik heb getracht haar uit te bannen
maar als ik in de spiegel kijk
zie ik nog steeds een glimp van haar

Ien Verrips


–>
een treffend bericht uit het vooronder. bijzondere perspectiefwisseling als kado-tje gegeven bij de woorden van het gedicht. vanuit de eerste persoon wordt ons een blik gegund op de derde persoon – het verbannen meisje – blijkt de derde persoon toch de eerste persoon te zijn.
de woorden raken in een soort boemerangbeweging zowel dichter als de lezer – hoe ver dichter ze ook tracht te gooien ze keren terug. het leven als optelsom van geleefde en, overleefde meisjes maar hoe sommige meisjes altijd deel van je blijven uitmaken.
 
  • Conny Lahnstein: dit symbool van wellust, verbannen uit dit straatje…
  • Ien Verrips: hoe je vraagt als je niet wordt gevraagd
  • Erika De Stercke: je bent ver, meisje
  • Cartouche: het meisje in haar – dochterlief
  • Frans Terken: al zijn zusters zijn hem even lief
  • Anke Labrie: uit zijn gedachten was wat lastiger
  • wedstijd gesloten
wie wint de enige echte virtuele – waarom toch zo een meisje verbannen – trofee op pomgedichten punt nl? och arme – arm kind – zomaar zonder reden wellicht verbannen – wellicht met een reden maar is verbannen dan echt nodig? wat is dat voor meisje? een meisje als thema deze week – al dan niet om te verbannen. we lezen graag hier dichtregels over verbannen meisjes – dat zijn meisjes om van te houden. u kent de regels: gedichten niet te lang svp tenzij noodzaak  – 20 regels is genoeg – insturen voor zondag 10 uur 30. stuur in op het u bekende gmail.com adres van pomgedichten@ – of benut de blauwe contact functie boven aan de pagina. of laat onder dit item een reactie achter -ik zorg er voor dat uw gedicht in het item wordt geplaatst. commentaar als altijd verzekerd.

zeeuws meisje  

de ons allen zo inspirerende
en zelfs tot voorbij goes geprezen dichteres J.H.
mag zich dan wel bezighouden
met de diepere gevoelens van de medemens
ook haar eigen gemoed wil nog wel eens ontploffen

sommigen noemen het een deinen op wat heeft overleefd
anderen spreken weer over een drijvend waterbed
in een volgelopen tranendal

ik zeg prachtig allemaal!
wel worstelen maar bovenkomen ho maar
majesteit

©pw
Kinky
 
Hoeren die gewaagd lokkend hun benen spreiden of ons achteloos
negeren vanwege gebrek aan klandizie, terwijl de gids ons met
het schaamrood op de kaken langs hun rood verlichte ramen voert.
 
Daar ergens stond die bronzen sloerie, prijkend met haar blote boezem,
wulps tuitend haar lippen, maar ze wilden haar daar niet, weg moest
ze dit symbool van wellust, verbannen uit dit straatje vol bordelen,
 
zonder vooroordelen zegt men, maar ondertussen. Zij kon het
lonken niet laten en is verkast. Nu kan elke voorbijganger zich
vergapen voor de etalage van de plaatselijke kapper en wie het
 
waagt kan binnen niet alleen de wilde haren, maar ook
zijn geile zoenen kwijt.
 
Conny Lahnstein
10 september 2021


–>
Conny houdt het verhaal levend in haar poëtische bijdrage deze week – een gedicht bij de foto genomen in het centrum van Alkmaar en “Daar ergens stond die bronzen sloerie, prijkend met haar blote boezem,…” – een niet welkom meisje – en het uithangbord een teken van verzet tegen de verbanning. het is me al vaker opgevallen dat beeldend kunstenares Lahnstein van verhalend proza poëzie weet te maken waarin een werkelijkheid dichtbij de werkelijkheid wordt gesitueerd. een soort treffend poëtisch realisme dat bijna als poëtische geschiedschrijving aangenaam te lezen is. en dat bij een moeilijk thema als deze week is gegeven.

waar dan ook

je bent ver, meisje
ik die aanraken wil
onder de wol 
van gewillige schapen 
om warmte te voelen 
wat ons verbindt

woorden vertrappeld 
op het jonge gras 
de afgrond loert 
we blijven op afstand 
een zoen verdwaalt 
lippen wachten af 

de laatste trein
op tijd om te zwijgen 
in het grillige licht 
ik zal bloemen plukken
zonder omzien
wat waait het hard  


Erika De Stercke 


–>
een ook bijna middeleeuws mystiek gedicht – dichter komt en staat voor een onmogelijkheid om het zo geliefde meisje nog te benaderen. ze is te ver lijkt het. de afgrond in de tweede strofe als dreigend gegeven. de ik persoon plukt bloemen. een gedicht waarin dood en leven – de afgrond en de laatste trein aan de lezer bekend worden gemaakt – dichteres verlaat de locatie ‘zonder omzien.’
ik moet aan de schilder carel willink denken  – die schilderde dreiging zoals Erika hier dreiging weet te verwoorden.


Wat blijft

Bij de demarcatie -lijn
van Panmoenjon ligt een land
te zuchten in besneeuwde najaarszon
 
aan de horizon
                    ziet hij haar – in de ban van tao –
gebogen hoofd in spiegelende straten
 
schuilgaan onder een pagode
pauwenogen die zich willen laven
aan vergezichten, ongekende tinten
 
geel en rood – gespannen
als een draad volgt hij het spoor
dat zij in vlak vaderlandschap schreef
 
de onverdichte winterreis
van al wat hij aan scherven sneed
het meisje
 
in haar – dochterlief
dat hij zo te ontheiligen wist
als het zijne in ballingschap te drijven
 
dat er nooit voldoende smelt
water zal zijn om te kunnen wassen
 
 12-09-21 / Cartouche

–>
aha Cartouche weer eens op een vakantiereisje – zo lezen we – meneer richting de KOREA’s en wij mogen meegenieten. wat overblijft of de dichter is bijgebleven mogen we lezen. of is het een gedicht bij een lied, bij een foto, een schilderij. dichter creëert in ieder geval een – minder lieflijk – oosters sfeertje van oorlog, oorlogsdreiging en verderf. de laatste 7 regels vol verderf. arm meisje. arme meisjes. het is poëzie – en natuurlijk met  indringende cartouche – poëzie –  maar toch is het me net teveel een zoekplaatje.
Buiten de orde

Zoals zij een meisje met diep decolleté wil zijn
terwijl in deze vrome nonnenorde
het kloosterlingen schudden hun hoofden bij dit teken van verval

het vraagt om verbanning
maar moeder overste strijkt over haar
hart
dat zij wild ziet kloppen onder de linkerborst
en gebiedt haar te blijven

zij knielt voor de kale brits
en bidt tot de Heer dat iemand
een koorknaap wellicht
zich over haar zal ontfermen

de Heer verbant niet zegt de moeder
hij verbindt het aardse met het hemelse
al zijn zusters zijn hem even lief

een gevallene nog het meest
hij noodt haar bij zich aan tafel
wrijft de onschuld in haar ziel

© FT 12.09.2021

‘al zijn zusters zijn hem even lief …’ de verbindende tekst deze week – de zwarte schapen in de kerk welkom geheten. de vroomheid – in wezen van en door moeder overste en haar beschermHeer de les gelezen. een lesje ook voor het CDA – Omzigt had natuurlijk gewoon beter behandeld gemoeten. mevrouw spies is nu eenmaal geen moeder overste met een hart. met zo een naam verwacht je ook niet veel anders dan een dolkstoot in je rug.

ruimte
 
eerst uit het huis
had hij haar verbannen
voor een relatie
zoals zij hem zag
was hij nog veel te jong
en zijn studentenkamer
was trouwens ook te krap
 
uit zijn gedachten was wat lastiger
merkte hij na verloop van tijd
 
uiteindelijk bleek zijn hart
ruimer dan zijn kamer
 
anke labrie
(12-09-2021)

een wat meer persoonlijk gebeuren – we zijn getuige van een soort innerlijke tweestrijd bij de hoofdpersoon. ik lees meer een verhaal dan een gedicht. het is wat krap op de woningmarkt zullen we maar zeggen. ik vermoed dat de hier beschreven student vanmiddag meeloopt in de demonstratie.

Share This:

prachtcolumn van Yvonne Koenderman over het huis, over Hannelore: “Is het de dag vandaag – Moeten we klaar zijn -Is het de dag vandaag – Dit was de afspraak niet – Dit was de afspraak niet – Dit verdriet is te groot.”

Het was een zucht, een lichte trilling of toch een zachte fluistering door niemand gehoord, behalve door de google boxen, die zo nu en dan vanuit het niets aangeven dat ze de vraag niet begrepen hebben, terwijl er niets gevraagd werd. vanuit het niets klinkt in de stille kamer de stem van Hannelore Bedert zoals ook google achteraf zo mooi aangeeft. een lied met een tekst die gelijk aangrijpt. 

” Is het de dag vandaag Moeten we klaar zijn Is het de dag vandaag Dit was de afspraak niet Dit was de afspraak niet Dit verdriet is te groot”

door wie of wat google in het verdere lege huis aangestuurd werd, geen idee, maar het kwam even binnen en liet zinken in de stoel om te luisteren. stofzuiger aan de kant. ons huis ademt soms zijn eigen leven, deed dat altijd ongeacht waar we woonden. of het nu de Zware van Nelle lucht is die als een warme deken ineens om je heen kan hangen, terwijl ik hem sinds de dood van mijn vader nooit meer in mijn omgeving gerookt heb zien worden. De deurbel die ineens ging, terwijl we al 35 jaar in huizen wonen waar de bel standaard uit staat, of die klok die eeuwig stilstaat op half vier, maar zo nu en dan vanuit het niets slaat, zonder opgewonden te zijn. als je enigzins gespannen zou zijn, zou je er opgewonden van raken. logisch de woorden kunnen ook bijna niet zonder elkaar. Vandaag was het dus Hannelore die deed verwonderen met een lied over afspraken en een duidelijk hartverscheurend verlies in een week waarin afspraken best centraal staan net als hun eventuele gevolgen. Ik speel de YouTube clip nog even af en bedank stil even google of wie of wat dan ook, die Hannelore even binnen liet.

Yvonne Koenderman

https://youtu.be/M7hv4S0MOmA

Share This:

VON SOLO lekker in vorm op pomgedichten punt nl – “Bruce Hornsby zong het in negentienzessentachtig. Tupac was twaalf jaar daarna. In tweeduizendenentwintig is het niet anders…”


Het jaar was negentienachtennegentig. Ik scheurde rond in een donker blauwe Volkswagen Polo. Op de CD speler draaide Tupac met het nummer ‘Changes’. Eindelijk had ik een baan die fatsoenlijk wat geld verdiende. In ieder geval genoeg om in het weekend eens fatsoenlijke drank te kopen en een CD van Tupac. Het nummer ‘Changes’ was een Geuzenlied voor me. Eindelijk was ik er in geslaagd het punt te bereiken waarop ik meer verdiende dan ik uitgaf. Tijd om mijn schulden te beginnen aflossen. Tijd voor verandering. Zonder het verleden te verloochenen. Zonder mijn idealen los te laten. Ik was boven mezelf uitgestegen.
 
Afgelopen week heb ik het pleit verloren. Na maanden van innerlijke strijd heb ik mij dan toch laten vaccineren. Wel met het meest aftandse van de beschikbare vaccins, maar toch. Ik had mezelf beloofd de pandemie uit te zitten en ongevaccineerd mijn leven door te leven, maar heb me toch gedwongen gezien. De meningsverschillen met mevrouw Solo. Het steeds maar moeten zwijgen of liegen als ik de vraag kreeg of ik gevaccineerd was. En ten slotte de in meerdere landen al doorgevoerde legitimatieplicht middels een vaccinatiepaspoort. Afgezien van de medische waarheid, die wel ergens rechts van het midden zal liggen, waren voor mij principiële bezwaren de reden me niet te laten vaccineren. Dat ik het niet eens ben met de lijn die de regering en media volgen tijdens deze pandemie. Al vanaf het begin niet.
 
Maar wat me nog het meeste stoort is, wat ik een jaar geleden al voorspelde, toen ik na een paar maanden pandemie aangaf, dat ik het wel zou gaan missen. Toen ik vanmiddag door de stad fietste, stond alles weer muurvast. Om het half uur vertrekt er weer een vlucht van Zestienhoven. We zijn weer terug naar het oude normaal. We hebben alleen wat meer macht aan de Staat gegeven. En de angst en deugzucht zijn de heersende meerderheid aangewakkerd. Verder is er niets, maar dan ook niets veranderd. Geen enkele kans, die deze pandemie bood op wereldverbetering is aangegrepen. De ‘heldhaftige’ politici, bureaucraten en pillendraaiers zijn de enigen die er nog profijt bij getrokken hebben. De massaconsumptie is weer op volle toeren. Alleen sommige horeca en de festivals worden nog geknepen. We hebben hier zelf voor gekozen, omdat het de enige optie was, zullen mijn vijanden zeggen.
 
In mijn hoofd hoor ik de tonen van Tupac. De sample van de piano en ook de titel zijn afkomstig van het nummer ‘That’s just the way it is’ van Bruce Hornsby. Net als de cover geeft dit nummer een pessimistisch beeld van de maatschappij. Uitbuiting, verschil tussen arm en rijk, oorlog en ellende in de wereld. Bruce Hornsby zong het in negentienzessentachtig. Tupac was twaalf jaar daarna. In tweeduizendenentwintig is het niet anders.
 
Mijn vaccinatie verandert weinig aan de wereld. Het zorgt er juist voor dat niemand iets hoeft te veranderen. Dat men gewoon door kan zoals men gewoon is. Maar misschien bewijs ik, juist door mijn vaccinatie, dat het toch anders kan.
 
https://youtu.be/eXvBjCO19QY
 

Share This: