Lisan Lauvenberg treurt over wilgen en andere bomen

Memoriam voor de bomen.

Ik heb deze week niets meegemaakt.
Wel een heleboel mensen ontmoet die heel veel hadden meegemaakt.
Maar dat is hun verhaal en kan ik hier niet vertellen.
Dan schend ik hun privacy.
Er was wel een bliksem en donder storm. Die veel mensen wakker hield
En een massale boomomval heeft veroorzaakt. Die raadselachtig is.
Er is een boom op een woonboot gevallen.
En een tweede boom viel net naast de ernaast gelegen woonboot.
In de ene woonde niemand, in de andere een oude man.
Er zijn honderdvijftig bomen omgevallen in de stad.

Gek genoeg vaak een aantal naast elkaar.
Alsof ze er sámen genoeg van hadden om daar nog langer te staan.
Misschien vonden ze hun plek niet meer leuk, of waren ze moe.
Het luchtfilteren in een steeds viezere stad is een hels karwei.
Misschien konden ze niet meer tegen het geluid van rolkoffertjes.
Hoe zo’n praktische uitvinding tot zoveel geluidsoverlast in staat is.
Misschien hadden ze genoeg van al die zware vrachtauto’s.
Die bouwmateriaal brengen en uren staan te trillen op hun plek.
Wellicht knapt er dan wat, in hun binnenste, zo wortel voor wortel.
En dan kunnen ze zich niet meer staande houden bij windkracht tien.
Plots staan ze te dansen en zijn helemaal los, wuivend in het weerlicht.
De rollende zware donders als helse dansmuziek doet de rest.
Misschien was wel het een complot van de bomenmaffia.

Die kleine explosieven aanbracht bij hun wortels, het onweer als dekmantel.
Ze zeggen dat bomen kunnen communiceren.
Helaas verstaan wij nog geen bomen taal.
Ik zag in California, de grootste bomen van de wereld. De sequoia.
Die staan er al duizenden jaren, een grote gemeenschap van reuzen.
Een boom in de stad leeft nooit zo lang.
Maar beleeft wel veel meer. En dat is meer dan ze kunnen hebben.
Met hun fijn besnaarde zielen en hun doorgefokte genen.
Hun tijd komt eerder, hun diensten zijn zwaarder, hun plek beperkt.

En als er één gaat, gaan er meer.
Alleen sterven is zo eenzaam.
Dus fluistert hun communicatie netwerk in de bliksem en donder.
Dan vangen ze de wind, en wiegen tot ze kraken, om boem, krak
Boem krak beng. Dan wachten tot het zagen.
Blijft leegte, een gat, een plek waar iets moois was, wat er niet meer is.
Ook hier komt de waardering te laat, voor wat ze zijn en wat ze doen.

©Lisan Lauvenberg
7 juni 2019

Share This:

Gepubliceerd door Pom Wolff

Hoi, welkom op mijn site pomgedichten. De site is in langzame opbouw net als de dichter. Ik ben geboren in Amsterdam, ik leef daar en wil daar ook wel doodgaan. Ik studeerde Nederlands aan de Universiteit van Amsterdam, Rechten aan de Vrije Universiteit en werk als juridisch adviseur in de hoofdstad. Jan Arends is mijn favoriete dichter dan Kopland dan Menno Wigman. Paul van Ostaijen mijn dandyman. In slammersland geniet ik van Roop, Karlijn Groet, Peter M van der Linden - ACG natuurlijk, Ditmar Bakker, Jürgen Smit en Daan Doesborgh. En wat moet ik zeggen nog van Robin Block ( “hee ouwe wolf”) de wildemannen, lucky fonz III - Sander Koolwijk of Tom Zinger: "er is hier zeker 80 centimeter plant waar jij geen weet van hebt...." - mijn windroosmaatjes. Mijn optredens bezorgden mij eretitels: landelijk slamfinalist 2003, 2004, 2005 en brons in Tivoli in 2006, 2007 en 2010, 2011, 2012 en ook weer in 2013. - Dichter van het jaar in Delft 2005, voorts slamjaarwinnaar 2005 van de poëzieslag in Festina Len-te te Amsterdam, winnaar van Slamersfoort 2006. Jaarfinale Zeist 2007 en de BRUNA poézieprijs 2007 in mijn zak. Ik ben de hoogste nieuwe binnenkomer op de jaar-lijkse top-200 lijst van bekendste dichters Rottend Staal – Epibreren 2005. In 2008 kreeg Pom Wolff De Gouden Slamburger uitgereikt vanuit de Universiteit Utrecht – afdeling letteren en won hij het 2e Drentse open dichtfestival. op 19 april 2009 verscheen de bundel 'die ziekte van guigelton' - winnaar jaarfinale slamersfoort 2009. in 2010 won hij de dicht-slam-rap van boxtel en de dobbelslam van entiteit blauw te utrecht. in 2012 de grote prijs van Grimbergen én DE REBELPRIJS voor de poëzie van de REBELLENKLUP. Tot zover enig geronk. In 2014 presenteerde uitgeverij Douane op 22/11 in Café Eijlders de pracht bundel: 'een vrouw schrijft een jongen'. Sven Ariaans schreef in zijn juryjrapport Festina Lente Amsterdam: “Het is iemand die je zenuwen blootlegt om vervolgens op vaderlijke toon te zeggen dat die pijn jouw pijn moet zijn en dat er geen zalf bestaat. Elke cognitieve dissonantie die je voor jezelf op prettig hypocriete wijze had opgeheven, wordt je ingewreven, of zoals medejurylid Simon Vinkenoog het kernachtig zei: "hij verschaft illusieloos inzicht in de werkelijkheid". Ik voel me in deze omschrijving wel thuis.) 'je bent erg mens' van pom wolff verscheen in de befaamde Windroosserie in september 2005 en was in een mum van tijd uitverkocht. Nieuw werk - 'toen je stilte stuurde' verscheen op 18 november 2006 wederom bij Uitgeverij Holland te Haarlem. ook deze bundel was meteen uitverkocht. erik jan Harmens interviewde pom wolff over deze bundel in de avonden van villa VPRO.

Laat een reactie achter