wedstrijd gesloten

en toch ga ik vandaag voor groet, gronggrijp en vlinderman – de namen bijna als in en uit het boek Bint van de schrijver Borderwijk. groet, gronggrijp en vlinderman weten als geen ander de teloorgang, de zachte weemoed en het niet te harden verlangen van een gouden glans te voorzien, van harte!

er zijn er
er zijn er zoals wij
van toen we honger waren
van toen een vinger aan een hand
dezelfde hand aan een gedicht
waarbij je afdaalt in een warmte
die naar buiten wordt gebracht
als ook naar binnen wordt gericht
er zijn er zoals wij
van toen we dapper waren
van toen we ondanks onze schaamte
onze naam geloofden
dezelfde naam die zonder adem
in en uit ons stroomde
als ook de diepte in verdwaalde
en er zijn er zoals wij
van toen we anders waren
van toen we meer dan van
elk ander van de ander waren
waarbij we elke punt een komma
nooit de zin afmaakten, maar
er zijn er zo als ook er zijn er niet.
Karlijn Groet
ja een mooie van onze groet – zoals we haar kennen – het verlangen in levensfasen getekend in subtiel bijna dromerige taal – je sluit je ogen en dan wordt de taal iets van wij – van wij samen – van wij toen – van wij ooit en van wij niet meer nee nooit meer zo – en ergens blijft het verlangen hangen in wat was – ooit schreef ik ook over verlaten – maar nooit verlaten van wat was – en zo is het

JOPIE HUISMAN
Het zou allemaal anders kunnen gaan, maar de
verroeste fiets met de lekke band, de sleetse
schoenen in de schuur – waartoe dient dan
het verlies, de tijd met jou mettertijd,
de alledaagse dingen.
De zon komt op, de zon gaat onder, er begint
geen wereld zonder, jij bent mij zo gewoon
en zo vreemd als ik nu. Niet dat ik niet naar
je heb geluisterd, niet naar je heb
omgekeken, weet ik je nooit helemaal zeker –
herinner ik mij jou, nog voor ik het je schreef,
nog voor ik je daadwerkelijk had kunnen
vergeten – lood om oud ijzer, heimwee
in wording te bestaan –
Elbert Gonggrijp
eigenlijk is het jammer dat het gedicht jopie huisman heet – in wezen lezen we een gedicht vol van liefde en liefdevolle herinnering – de teloorgang zo fraai vastgelegd in de doeken van huisman gewikkeld om de weemoed en het verlangen van de dichter die in poëzie iets van het volmaakte verlangen naar wat of wie hem lief is weet te benaderen.

Het pannetje bracht sudder, deed sidder, braakte verlangen, ik stuur je mijn bijdrage, lang geleden dat ik nog eens zo achterom keek, met jeuk en al erbij. Geniet van je paasontbijt, of paasbrunch, we kennen de vroegte van jouw vogel niet, en als ik het goed heb ook alweer tot zeer binnenkort.
verlang-man
het was hem niets te veel
uren vol onrustig getokkel
met vingers vol eelt
van het eindeloos herhalen
dat hij daar enkel maar
een ode op zijn gitaar voor haar
en hij daartussendoor en alleen
hengelend naar haar teder g’hoor
opdat ze hem weer wenken wou
in het weerlicht trekken zou
samen sterven in hun donderjacht
een nacht, een dag en waarom
niet nog een nacht
gebald in nano-tijd
zo daar zo
voorbij
nu rest er nog maar
dat wat ongrijpbaar
zo traag op taal te trekken
vlaag op vlaag van onbehaag
of anders – en juist om – het behaag
van het verlangen
naar toen
Groet-je
Frans V.
—
http://vlinderman.blogspot.com
het complete gevoel van verlangen uitgeschreven met alle gevoelens die ooit daarbij hoorden en ook later nog steeds zo smartelijk gevoeld – een compleet levensverhaal dat we zo op ons zelf kunnen leggen –
hoe dan ook je weet weer dat je leeft als het verlangen het zicht op de werkelijkheid voor even verdringt.
- Luk Paard – verlang mij
- Magda Haan – onrust en tranen ook
- Frans Terken -naar wat op je wacht
- Karlijn Groet -waarbij je afdaalt in een warmte
- Rik van Boekel – liefde en vrede drukken de waarheid uit
- André Heinekamp – Jij nog wel
- Elbert Gonggrijp – geen wereld zonder, jij bent mij zo gewoon..
- Frans Vlinderman – samen sterven in hun donderjacht
- Rob Mientjes – lekker verlangen
- Cartouche – reddeloos verlangen
- Erwin Troost – een verlangen naar de dood

ricky koole zingt het zo – verlangen o dat verlangen – de inspiratie – onze inspiratie – voor dit paasweekend in een mooi lied. kopland schreef over het verlangen naar een sigaret – is het verlangen zelf schreef hij – dichters ontkomen niet aan dit bijna in woorden niet te harden fenomeen verlangen – misschien onze dichters een beetje – we lezen het zo graag – u kent de regels: gedichten niet te lang svp tenzij noodzaak – 20 regels is genoeg – insturen voor zondag 10 uur 30. stuur in op het u bekende gmail.com adres van pomgedichten@ – of benut de blauwe contact functie boven aan pagina. of laat onder dit item een reactie achter -ik zorg er voor dat uw gedicht in het item wordt geplaatst. commentaar als altijd verzekerd.
na kopland
hoe moeten we na kopland
nog over verlangen schrijven
laat ik nou eens niet
en alleen maar schrijven
over een plaats in mijn hoofd
waar het verlangen niet heerst
het verlangen geen plaats kreeg
het eeuwige verlangen naar jou
én niet over jou
omdat ik altijd heb gewild
dat je bij mij zou blijven
pomwolff

“ verlang mij “
met de oge dicht stijgend
in hemelsblauwzacht
ik wieg…
buig me smachtend
duw aan dije
wieg je mee
op’et ritme van jouw adem
heen en weer over huid
en leg bene om
ik wil
langs je heen
wieg me zacht
doe je oge dicht
laat ons zweve
verlang mij
zoas ik aan jou
© luk paard
een bijna zwevend verlangen rond en in het liefdesbed van de poëzie opgemaakt door de dichter Luk Paard – nou wie zo de pasen wordt ingedragen heeft niet en niets meer te klagen. zachte en intens gevoelde paasromantiek in optima forma. wie zoveel verlangen weet te fluisteren schreeuwt als het ware de liefde de wereld in. ja dat is luk paard.

Alvast fijne Paasdagen
Duisternis
Als de ondergaande
zon dooft
alleen nog de bomen
zacht ruisen
sluipen verstopte gedachten
ongeoorloofd binnen
onrust en tranen ook
en het verlangen
naar het ochtendgloren
Magda Haan
zelf een beetje moeite met dat woord ‘ochtendgloren’ – kan eigenlijk best weg die laatste regel – dan houd je een kleinood in taal over – met zachte zeggingskracht.

Nog op de valreep van goede vrijdag.
Goed paasweekend,
groet, Frans
Het verlangen
om te blijven
is als drijven
het drijven zelf met
het hoofd boven water
ogen op de rand van zee
en lucht
wat drijft gaat niet onder
kijkt verder en houdt vast aan
waar je je zinnen op hebt gezet
het lijf klauwt slagen vooruit
trotseert moedig de diepte
die vanonder aan je trekt
je blaast het schuim
in vlokken voor je uit
vlindert op ruige golven
kijkt naar wat op je wacht
geeft je nooit gewonnen
© FT 03.04.2026
een bijna existentieel gedicht – het leven getekend in een enorm verlangen te overleven in een zee van zeg maar tijd. het hoofd boven water houden is waar het om gaat.

Hier is mijn bijdrage aan het thema verlangen.
Gisteravond opgetreden tijdens een benefietconcert voor de Oekraïne. Het verlangen naar vrede daar is duidelijk. Met mijn band Kamara hebben we ook een lied over vrede voor de Palestijnen gespeeld. Mijn gedicht is algemeen want er is veel oorlog nu. Zoals jij weet heb ik 4 mei 2024 in Katwijk meegespeeld in de voorstelling Oorlog en Vrede, gebaseerd op het boek van Tolstoi.
Verlangen naar vrede
Levende en dode mensen
verlangen naar de waardevolle
en troostrijke tijd van vrijheid en vrede
dat is de goede reden voor ons bestaan
Tolstoi schreef het boek Oorlog en Vrede
zo zingt de koerier voor de vrede dit lied
verhalen van vrijheid zingen het liefst
laat de onderdrukking varen
doe dit maanden, doe dit jaren
ze zingen dit trots en luid
verlangen naar liefde is de tweede reden
liefde en vrede drukken de waarheid uit
de waardevolle tijd van waarheid en geluk
mag nooit stuk door oorlog en haat
laat andere landen en volken met rust
verlangen naar vrede heeft dit gekust
zodat de komende tijd hopelijk goed gaat
voor de pacifistische mensheid.
Rik van Boeckel
4 april 2026
bijna een betoog – dit gedicht voor de vrede en voor de liefde – laten we zeggen het verlangen naar een vredige liefdevolle wereld – wellicht momenteel een naïeve gedachte geformuleerd in de taal van de poëzie – rik van boeckel weet deze gedachte jaar in jaar uit te etaleren in zijn poëtische winkel van de vrede

Jij nog wel
Het was laat in de ochtend
ik zag de buurman spitten
geel metselzand mengde
en lichtte de zwarte aarde.
Zijn woning leek nieuw
de gevel was vervangen
de omgeploegde tuin
voegde hij weer aan het huis.
Ik rook grond en sloot
geslepen steen en hout
en ik zag de appelboom
gezaagd in blokken liggen.
Ik hoorde ganzen kermen
boven een nieuwe omgeving
waar kinderen mij passeerden
die ik nog nooit had gezien.
Gelukkig kwam er iemand
naast mij staan, jij nog wel
met in je handen een twijg
van de gevallen appelboom.
André Heinekamp
dat subtiele ‘jij nog wel’ kleurt het hele gedicht rood vol met liefde. het handelskenmerk van André Heinekamp – de vaste lezers hier kennen mijn voorkeuren en mijn euforie voor de teksten van deze dichter.

Verlangen doen we allemaal, in veel opzichten. Hier is mijn opzichtig verlangen. Fijne Pasen overigens. Verlang er nu al naar. Naar verlangen? Nee hoor. Gewoon genieten.
Naar verlangen
Hebben we allemaal wel eens
een verlangen, naar verlangen
opzichtig soms en heel aanwezig
verlangen naar niets kan ook
gisteren nog ervaren
diep naar verlangen naar niets
dan ga ik rustig in een stoel zitten
en ga ik pas echt verlangen
de tijd verlang ik dan
seconden worden minuten
minuten uren heerlijk
sitting in a chair
juist ja … wasting time
niks niet on a dock of a bay
nee gewoon in mijn stoel
tijd verspillen … dag tijd
lekker verlangen
niks niet naar verlangen
Rob Mientjes het
naar een zalig nietsdoen hier uitgeschreven en geanalyseerd. zelfs in de praktijk gebracht mogen we lezen. pasen doet dichters goed.

aan bucketlisten doe ik niet, staren
in de lijst van mijn raam echter des te meer
naar hoe ze roepen, in de rondte hippen
tegen het asgrauw van de hemel
ik glimlach, knik naar het gezicht dat ik
met ogen dicht haarfijn uittekenen kan
en trekken zie aan de dag dat wij twee
vogels konden houden in één hand
wisten van vliegen, van zand en zee
van stranden, boeien en opkomende vloed
lijnen die vanuit een innerlijk-gedreven schrijven
zich over de rand van een doodsprent leggen
meer nog, hoe ik opveer, een trek neem
ons in het gloeien van mijn sigaret
als gedicht zie – opkringelen
in een wolk
redeloos reddeloos verlangen
04-04-2026 / Cartouche
een mooi naar het einde toegeschreven einde. van een droom wellicht – van een relatie – een hond – een geliefde – we weten het niet. Cartouche laat de taal in rook opgaan als het hem uitkomt en hier heeft ie geen keus aan zich zelf gelaten.

Nou zo voelde het wel. Ik had alles gedaan wat ik. Man, mijn mond zo droog vanwege
het beffen van de oceaan. Ik wilde alle plastiek eruit halen. En plots ging ik dood.
Ik had ook geheime fragmenten meegenomen in mijn hoofd. En ik hoorde een liedje
wat ik eerder heb geloofd en toen kwam dat. Dat ene leegte in mijn hoofd. Nee.
Ik ben een ei vanbinnen. Ik stopte mijn handen daar waar de aarde had moet zijn.
En ik zocht naar het donkerste. Ik slikte naar adem.
En nu laat ik zulke mooie bloemen na.
Bovenop de mest en het stinkt.
Erwin Troost –
de dichter Erwin Troost beschrijft een mogelijk verlangen naar de dood
