SANDER MEIJ – NIEUW EILAND – debuut

Home Forums Algemeen SANDER MEIJ – NIEUW EILAND – debuut

Dit onderwerp bevat 1 reactie, heeft 1 stem, en is het laatst gewijzigd door  Pom Wolff 3 jaren, 1 maand geleden.

  • Auteur
    Berichten
  • #436

    Pom Wolff
    Sleutelbeheerder

    150601_NA_nieuw_eiland_brochure.indd

    SANDER MEIJ – NIEUW EILAND – debuut – Alsof alles een kwestie van benoemen is en toch niet te benoemen is, wellicht onbenoembaar moet blijven.
    • ISBN: 9789046820018 • NUR: 306 • Aantal pagina’s: 48
    http://www.nieuwamsterdam.nl/boekUitgave.aspx?ID=2721#.Vg9P6_TDFhY

     

    Ik ken Sander Meij nog als de grijnzende presentator van de maandelijkse poëzieslag in eetcafé festina lente – een beminnelijk mens – een vleugje cynisme – een min of meer charmante aankondiging – de poëzie zat hem als gegoten – in de kroeg.
    Een jaartje of 10 later – de bundel NIEUW EILAND – het debuut van SANDER MEIJ – Nieuw Amsterdam Uitgevers – 2015 – een foto van de dichter Meij (1980) grijnzend op de achterflap – je zou zeggen: niets verandert – niets veranderd – kies maar.
    In juli 2007 schreef ik op mijn site pomgedichten.nl over Sander Meij: publieksprijs Festina Lente ging naar Sander, u weet wel die dichter van het kerststalletje:

     

    en ergens kruipt een baby
    in wiens nek ik later
    een passer zou steken
    dit dan bij wijze van experiment

    © Sander Meij

     

    Maar…. alles is anders geworden. had ik het kunnen weten – ja ik had het kunnen weten. Wie in 2006 zo over baby’s schrijft en nog steeds schrijft in 2015 schrijft onvoorspelbaar. En zo is het ook – ik las een onvoorspelbare bundel poëzie maar dan een die van bladzijde tot bladzijde onvoorspelbaar bleef tot de laatste bladzijde aan toe. 40 gedichten. Ik spoelde op een nieuw eiland aan, mijn enige herkenningspunt, mijn reddingsboei het gedicht met de baby met de passer in de nek.

    Bijna kwam ik tot de conclusie dat ik mij op een eiland bevond waar alleen experimentele poëzie kon groeien. Er knaagde iets aan mij. Ik moest en zou de bundel herlezen. en heel langzaam ontsloot zich de poëzie van Sander voor mij. Ik dacht wel – dat worden niet heel veel recensies jongen – in deze tijd hebben de critici niet zoveel concentratie over voor een debutant. Na een keer lezen word je weggelegd. Het zou zeer ten onrechte zijn, kan ik u melden.

    Sander Meij moet je herlezen, het is niet anders. En het is, Sander Meij is, lieve lezer, de moeite van het herlezen meer dan waard. We komen terecht in een associatief opgebouwd verhaal van 40 gedichten met ontregelende regels. Steeds meer raakte ik ervan overtuigd dat de dichter – ik bedoel de ik-persoon in de bundel – opgesloten zit, in een kerker met eigen taal zoekend naar de betekenis van zijn woorden, ge-isoleerd als op een eiland:

     

    woorden lossen woorden af
    waar het om gaat ligt ertussen
    alles is mogelijk in dit wantij

     

    De laatste strofe uit het gedicht ‘nieuw eiland’. Alsof alles een kwestie van benoemen is en toch niet te benoemen is, wellicht onbenoembaar moet blijven. Zo laat zich deze bundel lezen. Je leest over een zeker onvermogen, waaraan niet is te ontkomen. De ik-persoon niet aan ontkomt. Waaraan wij lezers niet zullen ontkomen. Waar de dichter de lezer deelgenoot van maakt – ons met de neus op de feiten drukt. Zelfs een zwagermannetje wordt niet geschuwd – in “faalneiging”:

     

    ik voelde me schuldig
    vanwege mijn kaalheid
    en over hoe zonde alles was
    […]
    echt lukken deed het niet

     

    Dit houd je geen bundel vol zou je zeggen en dat weet Sander Meij ook en des te harder zet hij met enige regelmaat puntige statements in – die het weelderige lome bad van menselijk onvermogen doen opschuimen:

     

    zelden nog vang je gesprekken op
    over mensen zonder trauma’s
    [..]
    na de operatie wel beter in tennis

    of

    ‘ik zei nog hou het luchtig’

    of zoals ook de dichter Eus het ook had kunnen uitroepen:

    ‘en daar gaat al de eerste luxewagen’

     

    150601_NA_nieuw_eiland_brochure.indd

     

     

    Zo ontdekken we steeds weer iets nieuws op het eiland waar we aanspoelden. En verdekt – bijna achter de gedichten om – maar toch overal aanwezig en tussendoor duikt ZIJ op – van net aan tot nauwelijks en steeds heel even – speelt ZIJ haar onontkoombare rol in deze bundel. Je moet als lezer haar ont-dekken. Zo bevestigt de dichter ‘de resten van’ haar ‘nauwelijks bestaan’. Een ‘glimp’ ving hij op van haar winterjas. “we deden het goed op papier” schrijft de dichter.
    Het beschreven onvermogen om door woorden betekenis te geven aan de dingen die tussen de woorden liggen en tussen de woorden van betekenis zijn, krijgt in haar een tastbare vorm. (nouja tastbaar nauwelijks tastbaar). In haar ‘nauwelijks bestaan’ een o zo tere vorm. ja dat is zij! Je durft haar nauwelijks aan te raken.

    Laat ik eindigen met de laatste twee strofen van het gedicht ‘afstand’ – die over HAAR gaan – over het onvermogen om dichterbij te komen. Dan weet u meteen ook waarom dit debuut van Sander Meij onontkoombaar is. Een onontkoombaar debuut over menselijk (nouja menselijk) onvermogen:

     

    zeker, met wat fantasie
    kon ik naakt jouw foto in de krant
    zoenen tot mijn lippen zwart
    en pijnlijk van de drukinkt zagen

    of als je walgde van papier
    dan kon ik gorillaglas likken
    maar dichter bij jou kwam ik niet

     

     

     

  • #1273

    Pom Wolff
    Sleutelbeheerder

Je moet ingelogd zijn om een reactie op dit onderwerp te kunnen geven.

Één reactie op “SANDER MEIJ – NIEUW EILAND – debuut”

Reacties zijn gesloten.