onder het gedicht van Max Lerou leest u waarom het goud deze week toekomt aan de grootmeester uit Den Haag. van Harte. hebben we nog de beschikking over twee eremetalen. dank allereerst aan alle inzenders. wereldreiziger Bolle schuiven wij het zilver toe – voor het subtiele gedicht waarin hij pijn en geluk naast elkaar laat bestaan. voor de overwegingen bij de liefde het brons voor Elbert Gonggrijp.

ben ik stoer genoeg nu het bloed mijn ogen zonder
mededogen breekt of moet ik wachten tot de kolere
zijn vlag plant op mijn kookpunt voordat ik u vertel
zeg ik hier dan eerst maar tot de heren
dat de gel in jullie haar mij niet bevalt
of dat het stijfsel in die net te strak
gestreken smoelen en het gesteven hemd
zo quasi losjes niets om het lijf
mij spontaan doen overlopen van respect
voor zuur verdiende centiemen
en u lieve dames – door jullie kerels ook wel
wijven genoemd – vergeet de lomschoolvermomming
u die zich zo gaarne laat beroeren door de wimpers
van het geitenoog en exquis talent met afgekloven woorden
lucht te binden aan lucht
-en het was nog wel zulk zacht weer- snottert u
en voelt zich geringeloord in valkuil muil
waar kniezelstenen tederheid vergruizen
ja mijn verfpoppetjes de avonden razen voort
seconden glijden mee de maan die de tijd duwt om
dan geruisloos te vertrekken als water in zand
bevallen deze woorden beter of hoort u toch liever
van het bloed dat stolt waar het niet kan gaan
tot u allen zeg ik nu dit leven is geen leven
uw vlees geen mensenvlees en toch
u maakt een leven als mens van vlees en bloed
in dit schaduwrijk waar u zich een twijg weet
met hooguit een vermoeden van de boom waaruit u spruit
en de wereld
de wereld ziet het voetstuk stuk gaan onder uw voeten
teenrot en schimmel woekeren het blok aan uw been
waarheen, waarheen
ml
de ‘verfpoppetjes’ met een lichte glimlach in de nacht weer welkom geheten – het ultiem ‘dit leven is geen leven’ gedicht van de grootheid uit den Haag – de dichter max lerou die hier even het zo troostrijke ‘waarheen waarheen’ gedicht voor ons heeft uitgelegd en voorgelegd – dat we het zullen weten dat zekerheden in het leven nooit hebben bestaan en ook niet zullen bestaan – hoeveel verf of stijfsel ook! de eerlijkheid gebiedt! vandaag kan er alleen gestreden worden hier op de pom om zilver en brons. Max van harte. (we gaan op weg – ik denk dat MartinB van dit gedicht wel opkikkert.)

Nu ik van twee walletjes eet,
draag ik huizen op mijn rug
als ik vlieg in niemandsland
ben ik ergens nergens en gelukkig
met jou
zonder jou
met jullie
zonder jullie
onderweg naar onderweg
down under
met een hoofd
dat geboren aan zee
meeuwen en kangoeroes mee neemt
naar een nieuwe plaats
Jorge Bolle
ja een heel subtiel bekentenisgedicht – minder dramatisch het geheel verwoord dan het inspiratiegedicht van B – maar toch –
ergens nergens en gelukkig
met jou
zonder jou
met jullie
zonder jullie
klinkt dramatisch genoeg om de pijn door het geluk heen te voelen. als Jorge schrijft zit ik altijd rechtop – hij komt binnen. en is welkom.

De dag waarop de maan begint te verdwijnen, de
bomen enkel kruinen in de lucht – vind ik mijzelf
terug, hoef ik mij niet uit te proberen, kleurt de
campanula weer in een laatste hemelsblauw.
Had ik jou even zeldzaam gezien,
Ben jij desondanks de sleutel tot de liefde of heb
ik je eertijds te laten varen – nu je nog slaapt, de
morgen weer eens een grijze morgen – het
moment is waarop ook ik jou bemin.
Dat wat er uiteindelijk is, dat je weet wat het is
geweest – hier was het, heb ik gezien hoe het
zich afspeelde, hoe die bomen en die morgen,
even langzaam en besluiteloos als altijd –
Elbert Gonggrijp,
Egmond aan den Hoef,
zaterdag 6 december 2025
mooie overwegingen bij de liefde en het leven van Elbert. het zijn van die gedichten die je wil declameren met een geliefde liggend in je armen – dat je de woorden zachtjes voorleest – en dat twee mensen bij elkaar en in elkaar wegdromen in de taal der liefde.
- Max Lerou – tot u allen zeg ik nu dit leven is geen leven
- Jorge Bolle – onderweg naar onderweg
- Cartouche – een dodelijk gegeven
- Vera van der Horst – of je eigen hart nog durft
- Ingrid E. Noppen – Leven voor jou
- Ien Verrips – laten we toch proberen
- Rik van Boeckel – beleeft het rijke poëzie festival Bassamat
- Luk Paard – zodat’k voel hoe groot
- Elbert Gonggrijp – de campanula weer in een laatste hemelsblauw
- Rob Mientjes – Me, myself and I
- Ditmar Bakker – de wijzen moeten leven als vroeger dwazen

MartinB eindigde deze week zijn zo spraakmakende column met de woorden – zijn woorden onze inspiratie deze week: ‘En als ik ooit weer wakker word in een cel, of in een berm, of in de ogen van iemand die me liefheeft, dan wil ik dat het iemand is die eindelijk trots kan zijn. Want dit is mijn bodem. Alles daaronder is geen plek om te leven.’

leven
laten we het
nog één keer uitpakken
en bewonderen
waar we zo goed in waren
een leven over deden
het verbergen
achter onze veilige schaduw
de held uit hangen
wat zo makkelijk is
dat je eraan voorbij gaat
het jachten en jagen
het hollen en vliegen
in hoeveel gedichten
stond het niet beschreven
in hoeveel ongelezen gedichten wél
dat je eerst bijna sterven moet
om het lief te zien
om het ademloos lief te hebben
pom wolff

leven is een gegeven
‘das gewisse etwas’ waar
niet om gevraagd of verzocht
het overkomt je gewoon in een
golf van verbijstering – te zijn
op een plek, een stip
op een blinde landkaart waar je
op goed geluk je weg dient te vinden
naar wat in zichzelf van waarde is
uit eigen schaduw te treden
en het ware licht te zien van wat
liefde, zo mateloos bezongen
en overdreven neergepend
in werkelijkheid vermag
meer zijn
dan een dodelijk gegeven
waar leven voor gehouden wordt
een lange les, een reis zonder einde
zo lees ik in jouw ogen
06-12-2025 / Cartouche
in de laatste twee strofen lezen we de onverwoestbare cartouche – de onverwoestbare romanticus. de beschrijvingen uit de eerste strofen geloof ik wel – of eigenlijk niet – de dichter moet liever niet benoemen – beleven moet ie. en dat doet ie in de laatste 5 regels.

Soms is leven niets meer
dan een kamer
waar het licht aarzelend binnenvalt,
alsof het eerst wil weten
of het het welkom is.
En soms, op een onverwachte middag,
ligt het leven in een gebroken straathoek
te glinsteren alsof iets dat gevallen is
niet altijd verloren hoeft te zijn.
Wie naast je staat,
is minder bepalend dan
of je eigen hart nog durft
te antwoorden wanneer het vraagt
waar het wil blijven.
Vera van der Horst
ja ze kan niet elke week winnen hoor – de strofen twee en drie zijn gouden strofen. om jaloers op te worden – of B aan deze woorden iets heeft? ik vermoed van niet – zijn hart zal sneller kloppen gaan maar een hartaanval ligt tegelijkertijd op de loer – onregelmatige hart-slag-ritme zal de cardioloog vaststellen. of liegen – het zijn dichters mijnheer – bij die gasten weet je het nooit zeker of het nog wel klopt. het hart.

LEVEN VOOR JOU
Jouw adem zijn
mij vlijen in jouw dromen
horen met jouw oren
en met jouw ogen zien
de dagen niet meer tellen
maar in de rijpheid van de uren
beseffen dat ik leef voor jou
waar jij de eindstreep niet mocht halen
plaats ik mij straks voor de finale
jouw warme hartklop in mijn lijf
ik loop die marathon voor jou
Ingrid E. Noppen
ja wel mooi maar ik heb toch wat te morren hoor – ik vind de overgang van regel 1 naar regel 2 een beetje stroef gaan – en ik houd niet van sommige woorden – rijpheid en hartklop bijvoorbeeld – maar los daarvan geeft het gedicht wat de titel van het gedicht belooft. heten we Ingrid welkom – ook al staat ze natuurlijk op haar achterste benen – ze heeft er twee – bij dit commentaar, zo goed ken ik haar wel – het gedichtje komt binnen – laat ik zo eindigen – misschien kan ik de mattenklopper nog net ontlopen dan.

laten we toch
laten we toch proberen
de zin te zien
het zijn
te weten
wat te delen
al wordt het weer geen witte kerst
’t geloof verloren
met jou wil ik het wel proberen
IEN VERRIPS – dec 2025
geen witte kerst – mooi gevonden keerpunt in een gedicht dat anders te zwaar geworden zou zijn – van het zijn het leven en het wezen – lekker kort gehouden – we kunnen Ien binnenkort genieten – tijdens een optreden in de groote weiver – vijdagavond – een plaats waaraan de dichters van pomgedichten warme herinneringen hebben – alwaar een peter nobel als juryvoorzitter de pomgedichtentrofee in duizend stukken liet spatten om alle dichters een scherf te gunnen – een virtuele scherf vandaag voor Ien- mooi dingetje. en nee een witte onschuldige kerst zal het nooit meer worden.

Leven thuis en elders
Leven in poëzie en muziek
is vaak thuis met beelden van elders
zoals Senegal, Portugal, Cuba en Casablanca
landen en steden met herinneringen
thuis is leven een mentale gebeurtenis
met liefde voor steden en bossen
reizen verspreidt de comfort zone
over een wereld van gevoelens
beweeg nu als een strateeg
naar Tanger de Noord Afrikaanse stad
met het poëzie festival Bassamat
om een rijke geschiedenis te beleven.
Rik van Boeckel
5 december 2025
Schiphol
fijn gedicht van Rik die momenteel in het land van zyech zijn poëzie en zijn ritmes ten gehore brengt – een samenvatting van zijn belevenissen zullen we zeker te lezen krijgen – in een euforisch ritmisch geheel samengevat.

“ met jou’et draaie “
hoeveel hande had ik
met alle vingers elke keer
om af te likke
dat ‘k je lief en zo
en jij door alle drome
dans na dans in me wereld
ontwaak dan toch
dans en proef aan
alles wat ik rake’ kan
zodat’k voel hoe groot
met jou’et draaie
lang
tot’n dag nie meer van tel
en’r alleen nog aan jij en mij
gevlijd zo lief
© luk paard
Luk heeft de zware operatie overleefd en het hart heeft alles doorstaan – wat zeg ik en wat mogen wij lezen – het hart kent meer zuurstof dan ooit eerder – het is één hart – slag en ritme dat dit hart de taal in pompt. op de pom op een vroege zondagochtend zijn we blij met zijn woorden.

Het leven is verrukkelijk
met alles erop en eraan
een fris geschoren koppie
gaan met de banaan
rijkdom in mijn armen
goud in beide benen
mirakels in het hoofd
een hart vol bonken
fijn om bij mezelf te zijn
overal en elders
genieten van het huis
jarenlang gebouwd
voelt als een warme jas
de kachel brandt als nooit te voren
nestel mezelf in een warme trui
en zomers draag ik Adam zijn kostuum
verrukkelijk mijn leven
wie wil er nou niet bij mij zijn
bevrijd van weeklaag en gezeur
altijd open deur
Rob Mientjes
gedurfd om het thema aan te vliegen met het ultieme geloof in jezelf. leuk gevonden – en inderdaad het is ‘gaan met die banaan’ – het gedicht leest als een trein door een bananenplantage.

VEREENIGDE STATEN
Te lande zagen interpreten ’t baken
traag constelleren in de paarse lucht.
Ze zijn het onheilsteken snel ontvlucht;
wie gek werd, zou men later beter maken…
…en later kwam: in fraaie woorden spraken
zij van hoe ’t vroeger beter was, dat tucht
kledij noch voeding gaf… En niet beducht
op zottenklap, die hen direct zou raken.
Voortaan zouden de wijzen moeten leven
als vroeger dwazen—duikend voor de dood:
de grootste gek kon iedereen doen sneven.
’t Verstand bleef binnenskamers enkel groot,
want en public werd naam en daad bedreven
van één of and’re zot, of die zeloot.
***[T.C., vert. D.B.]
een buitenbeentje dit gedicht. de liefhebber zal bij de woorden en de vertaalwoordvondsten genieten. het is mij een beetje te vroeg allemaal op de maag. ik ga voor de derde strofe. het buitenbeentje van Ditmar is altijd ook hier en nu weer van een aangename bijzonderheid.
