Ik wou dat ik een jeugdig Belgisch dichteresje was Dan werd ik vast een keertje uitgenodigd voor De Nacht Om daar te gaan staan murmelen, koket en íets te zacht En dat ik dan mijn allerbeste kutgedichten las
Met knappe metaforen: paarse visjes aan de rand Van mijn bestaan die knabbelen mijn hersenspinsels af Tot in mijn ziel. En dan nog iets met bomen en een graf- En nog iets heel erg Vlaams want dat is schattig en charmant
Het liefste in de jij-vorm want dat heb je zo geleerd Toen je in Dendermonde op de schrijfopleiding zat Je werd daar door docenten al geroemd om je gebabbel
Je bent aanstormend, energiek en zeer getalenteerd Al weet je donders goed: ik sta hier en ik lul maar wat Je staart poëtisch naar een paar A4’tjes vol gekrabbel
Vandaag zag ik een meisje van etnisch Nederlandse afkomst voorbij schuifelen in de kantine. Ze droeg een hijab en een lang zwart gewaad. Keek dromerig en onbevangen uit haar ogen en hield een bidkoordje met fleurige kralen vast, dat vrolijk onder bord bungelde. Onwillekeurig moest ik denken aan een programma dat ik onlangs zag op de televisie. Het ging over strenge moslims en hoe zij tegen een leven in Nederland aan kijken. Er was een salafist aan het woord. Hij wilde niet dat zijn kinderen naar westerse normen zouden opgroeien. Aan de ene kant snap ik dat, want veel ‘westerse normen’ zijn pervers te noemen. Toen hij opperde, dat hij trots zou zijn, als zijn kinderen zouden opgroeien in een Nederland, waar alcohol verboden zou zijn. Dat was bij mij tegen het zere been. Het programma bevatte meerdere prikkelende stellingen. Onbewust doet dat iets met me.
Twintig jaar geleden speelden er natuurlijk ook al allerlei politieke kwesties ronde moslims. De Twin Towers, de moord op Theo van Gogh. De meningen van Pim Fortuyn en de opkomst van Geert Wilders. Dat alles vatte ik toen vrij luchtig op. Mijn adagium was, dat hoe sterk de godsdienst ook zou zijn, de religie van het kapitalisme altijd zou overwinnen. Dat hadden we bij het Christendom ook al gezien. Zo zou het de Islam ook vergaan.
Nu bestaat de Islam net als het Christendom uit meer of minder gematigde stromingen. De fanatici hebben de neiging om als Jehova’s te betrachten iedereen te bekeren, of uit de weg te ruimen. Nog slechts zo’n vijfhonderd jaar geleden liep er in Nederland een Spaanse Inquisitie rond, die je zo een kopje kleiner maakte als je niet Katholiek was. Die strijdbaarheid zie je bij het Christendom al lang niet meer. Bij de Islam is ze echter nog volledig actueel, getuige de diverse jihads die als een gesel over de wereld trekken. De militante tak is voorlopig nog niet gepacificeerd, maar lijkt eerder groeiende.
Intussen denk ik weer aan mijn vroegere uitspraak. Zou het kapitalistisch geloof inderdaad de Islam overwinnen? Dat brengt meteen de volgende vraag met zich mee: als je moest kiezen, zou je in een wereld van Totaalkapitalisme willen leven of in een islamitische staat? En dat is een lastige. Het meisje die ik in de kantine zag, zou geen vlieg kwaad doen. Maar haar wereld zou de mijne niet kunnen zijn. Ik hoef als man niet persé alles te bepalen. Het kapitalisme echter, kent geen enkele genade. Alles zonder monetaire waarde moet kapot. Ik met mijn idealen dus ook. Het is een keuze die ik nu niet kan en hoef te maken. Ik kan slechts twee dingen concluderen. Ik ben geen gelovig man, in de institutionele zin van het woord. En het kapitalisme is dus wel degelijk een religie. Ten slotte viel me bij redactie van dit stukje nog op dat de spellingscontrole de woorden hijab en salafist niet kent. Totaalkapitalisme kent ze wel. Mag jij zeggen wie er aan de knoppen zit. God only knows.
VON SOLO DICHTER, COLUMNIST, PERFORMER EN CINEAST Check de actualiteiten van VON SOLO op www.vonsolo.nl Lees ook de wekelijkse column van VON SOLO op www.POMgedichten.nl
Volgens Yoko Ono staat de grapefruit symbool voor de band tussen oost en west. Is ook steeds minder populair bij de consument: een ode aan de grapefruit
De wereldvruçht: de grapefruit de vrucht van tussen noord en zuid die oost en west verbindt niet te zuur en niet te zoet maar fris en bitterzuur met wat suiker, zout of puur
de citrus Paradiso, de Ruby of de Rio red verdwijnen langzaam uit de schappen afgedankt en weggezet.
Dank aan alle dichters die instuurden bij het gevraagde thema – mooi bezongen door alex roeka – zeer herkenbaar thema. gisterenavond de inzendingen besproken met een andere dichter(es) – en we waren het eens – nouja eens ik vond twee gedichten eruit springen – zij dezelfde twee en nog een die van Frans Terken. dus we hebben twee winnaars bij een gelijkgestemde jury vandaag – feliciteren wij van hier LUK PAARD – onder het gedicht leest u waarom en dan ook ja hoor CARTOUCHE ons bloedeigen poëtisch wonderkind dat altijd net even meer schrijft dan nodig is. maar alaaf wat ie schrijft is prachtig – zie ook het commentaar onder zijn pracht. VAN HARTE!
De loop der dingen
hoe hij zich koning te rijk rekende op de meewind die hij kreeg, een zachte vrouw, woning aan de wal, wolk van een kind de slimste in een programma van beeld en klank
tot op een dag de dijk brak en het zout dat hij zich waande -hemel op aarde -verwaterde wind aanlandig, inpandig werd, storm het overnam van de wolk waarop en de zon waarmee hij gezegend
de blikseminslag, ineens alles anders was, hoe breekbaar al wat je bedacht en denkt te zijn streling of geseling en welk een misverstand dat je alleen kunt leven vanuit de hoogte
en met de wereld aan je voeten naar de filistijnen, je lief die je aankijkt met grote ogen, het kind dat in je verweesde hoor je in een keer de stilte – zoals niet eerder
zie je de ander, voel je haar, de omvang van je eigen pijn in haar blik – vind je vrede een van velen te zijn, eenzaam maar niet alleen in de loop der dingen
01-02-2025 / Cartouche
een prachtig gedicht – laat ik daarmee beginnen. een paar woorden storen mij – maar dat is particulier – ‘gezegend’ is zo een woord. laat ik een poging doen – bescheiden als ik ben om van dit prachtige de mensheid omvattende gedicht een wereld gedicht te maken – met enig schrapwerk – in der beschänkung zeigt sich der meister – you know lieve Cartouche:
De loop der dingen
hoe hij zich koning te rijk rekende op de meewind die hij kreeg, een zachte vrouw, woning aan de wal, wolk van een kind
tot op een dag de dijk brak en het zout dat hij zich waande -hemel op aarde -verwaterde wind aanlandig, inpandig werd, storm het overnam
de blikseminslag, ineens alles anders was, hoe breekbaar al wat je bedacht en denkt te zijn en met de wereld aan je voeten
naar de filistijnen, je lief die je aankijkt met grote ogen, het kind dat in je verweesde hoor je in een keer de stilte – zoals niet eerder
zie je de ander, voel je haar, de omvang van je eigen pijn in haar blik – vind je vrede een van velen te zijn, eenzaam maar niet alleen
in de loop der dingen
(de rockdichter): dat’et allemaal geen sinecure is…’et lijkt altijd wel asof’n schreeuw….de bevrijding uit de angst…de angst die verlamt….de schreeuw as’n lelijk en de schreeuw as’n nieuw geborene ‘et schone…peis en vree…of’et knalle tot’et breekt en barst…wie zal’et zegge…’et is steeds’n zoektocht………………………………………………………………………………………………………………………………………………………..“
schreeuw om’et leve “ luk paard
ze hadde je’t leve ingetrokke je kreeg de wortels mee en wat licht vanuit de moederwond met de tijd zou je voete zette te hore as’n ruige wind
vele hande zoude naar je slaan en grijpe om elke pas te stuite terwijl’et vuur zich onder jou
‘et schreeuwe om’et leve de vlam ‘et vuur en later wie weet die mens in’n nieuw begin
zelden zag ik de eerste levensjaren mooier of korter samengevat als in de eerste strofe hier:
ze hadde je’t leve ingetrokke je kreeg de wortels mee en wat licht vanuit de moederwond met de tijd zou je voete zette te hore as’n ruige wind
om vervolgens een maal het leven ingetrokken in drie regels het leven te beschrijven.
vele hande zoude naar je slaan en grijpe om elke pas te stuite terwijl’et vuur zich onder jou
eigenlijk zou de dichter nu het gevraagde thema moeten loslaten na strofe 1 en 2 en zou hij met een derde strofe de dood genadeloos moeten laten oplichten – dan heb je het leven in een notendop beschreven. prachtig!
Frans Terken – wat vertrouwd was
Max Lerou – de pleurop voor al uw graftakken
Karlijn Groet – ’n laatste laatste keer
Rik van Boeckel – leven na de donkere tijd
Luk Paard – die mens in’n nieuw begin
Rob Mientjes – niemand meer aan zet
Cartouche – hoor je in een keer de stilte – zoals niet eerder
Ien Verrips – het was al tijden aan de gang
Anke Labrie – toen hij haar bij de hand nam
wie wint de enige echte virtuele – naar een regel van dichter/zanger alex roeka – ineens is alles anders – trofee op pomgedichten.nl?
de zondagochtendwedstrijd onder de klanken van alex roeka – ineens is alles anders, je zekerheden weg, een lied over oorlog en vrede, een lied over leven en liefde, en lied over zoeken en vinden, een lied over het goede en het kwade – over donkere tijden en een nieuw begin. u kent de regels: gedichten niet te lang svp tenzij noodzaak – 20 regels is genoeg – insturen voor zondag 10 uur 30. stuur in op het u bekende gmail.com adres van pomgedichten@ – of benut de blauwe contact functie boven aan de pagina. of laat onder dit item een reactie achter -ik zorg er voor dat uw gedicht in het item wordt geplaatst. commentaar als altijd verzekerd.
nu ze
het waren tijden toen waarin de gaten nog moesten vallen
nu ze er niet meer zijn en je hun zwijgen niet meer hoort en ook hun kleren zijn vergaan hoor je overal dezelfde taal weer
kon ik maar schrijven zoals jij kunt kijken ik zou niet aarzelen en schrijven over de vrede een prachtig lied maar kijken zoals jij kunt kijken ik vermoed ik kan dat niet
pom wolff
Wat vertrouwd was
Vandaag even geen dingen aan mijn hoofd dacht je maar opeens voelt alles anders dat binnenin het lijf plots onrust groeit als een onverwachte slag van buitenaf
je zoekt het eerst in vage gedachten haperende antwoorden op vragen van strijd tussen lichaam en geest oorlog en vrede in een zin genoemd
van de kalme rust van gisteren tot groot ongemak en last vandaag waarvan je de oorzaak nog niet kent het dringt zich onderhuids aan je op
alsof het vertrouwde zich van je afkeert je wereld meer en ruimer uit zijn baan
zeer invoelend beschreven in de meest letterlijke zin van het woord – invoelend. waar een mens het meest afhankelijk van is – het lichaam – nouja als we ze even scheiden – lichaam en geest -ja meneer wolluf gaat u maar even zitten – zit u goed – het is niet zo mooi met u – en dan de mededeling – dichter terken geeft het ons allemaal op een briefje en houdt het gelukkig algemeen. in die zin dat de je-vorm in het gedicht elke lezer zou kunnen betreffen. de laatste twee regels de mooiste. inderdaad ineens is alles anders.
valentijn zegt
ik weet nog dat ik haar bloemen stuurde de gouden gids een gouden greep en de benzine die het scheelt
fleurop maakt het meleu betaalbaar maar soms gebeurt er wat je raakt haar zat het komt in alle kringen voor
nog enigszins verward start je de zoekmachine op en vindt je weg door de google archipel naar de pleurop voor al uw graftakken
ml
zeer geestig – ‘fleurop maakt het meleu betaalbaar’ – een gedicht met een haags tintje. in de slamwereld is dit een winnend gedicht – nouja zo zou het vroeger geweest zijn. nu winnen net te vaak meisjes met meisjeproblemen of jongens met in moralisme gedrenkte zinnen die hun wereldje betreffen. en dat wereldje bestaat uit heel veel rijm of pogingen daartoe. ik bedoel dat goedbedoelde krachteloze proza verhaaltjes het net te vaak het goed doen in de wereld van de (slam)poëzie. als het feest der herkenning voor de lezer of de toeschouwer maar oprecht gebracht is lijkt een norm te zijn. maar het feestje is net te vaak overwerkt particulier leed. op wat opgeklopte lijfelijkheid na.
alles anders
hij spoedt zich naar omstandigheden onder andermans momenten door
kijkt nog ’n laatste laatste keer naar die verloren achterblijft iemands verleden
hij strekt zijn hand naar moederborst en vaderland en groet
Karlijn Groet
een vrij kriptiese tekst voor de buitenstaander. we zien een hij in beweging, op de vlucht wellicht voor god mag weten wat. in ieder geval hij gaat er vandoor. wel fijn dat ie nog effe omkijkt en – de mogelijke rampspoed – wellicht – die hij heeft aangericht – wellicht – nog een maal onder ogen ziet – ‘en groet’ * hier grappig dubbelzinnig – in de laatste strofe – de hij persoon zegt dag – dat kan er nog net vanaf – zeg maar – tegen alles wat hij achterlaat. (en iedereen) aan het einde van het gedicht alles anders – mooi zoekplaatje – cartouche zal jaloers zijn.
* had ik maar een zo een been sprak bomans over marlene dietrich – had ik maar zo een achternaam zou ie vandaag zeggen – de ouwe snoeperd –
Hallo Pom Wat een mooi diepzinnig lied van Alex Roeka. Het heeft me geïnspireerd tot dit gedicht. Met dichterlijke groet Rik van Boeckel
Het perspectief van elke tijd
Als alles echt diepgaand zo anders is lijkt de tijd na oorlog opnieuw te beginnen wordt vrede een mooi woord binnen alle zinnen verbonden hopelijk met de eeuwigheid
dat is een goede reden voor levende lijfelijkheid en wordt het liefdeslied nooit vermeden zo verandert het duistere perspectief in het licht van het klassieke gezicht van Bach en Mozart
en volgt de vredesduif het leven na de donkere tijd in de wereld van de ruimdenkende mensheid nu de fouten van vervreemding zijn verzaakt en iedereen de kans grijpt om door vrede te worden geraakt
doch als een machtige heerser geen fouten achterlaat met agressie decreten tekent en critici slaat wordt licht waarachtig en gewis weer even duisternis tot achter de horizon vrede daar een einde aan maakt.
Rik van Boeckel 31 januari 2025
rik schuwt de grote woorden en begrippen niet. en hier door alex roeka geïnspireerd slaat de dichter de grote trom – hunkerend in een explosieve wereld naar vrede. eigenlijk zegt de dichter alles al in de eerste en de mooiste strofe van het gedicht –
Als alles echt diepgaand zo anders is lijkt de tijd na oorlog opnieuw te beginnen wordt vrede een mooi woord binnen alle zinnen verbonden hopelijk met de eeuwigheid
daarna strijkt hij zijn vredesbriefje glad. walst hij zijn vredesboodschappen naar heel veel strofen uit.
Goedenavond Pom, Even puzzelen, aan de randen beginnen en naar het midden toewerken. Op kleur, op vorm, op karakter. En dan … ja … het ultieme puzzelstukje vinden. Eureka. Een wereld opent en alles is ineens anders. Hoe dan?
Fijn weekend, Groet, Rob
Puzzelstukken
stukken liggen op tafel jarenlange verzameling van waar en waarom
stukken zoeken pasvorm schuiven langzaam ineen vallen op hun plek
stukken worden beetjes vreten elkaar op schoppen waarheden onderuit
stukken gaan twijfelen aan zichzelf en aan de ander zeker wordt onzeker
totdat een stuk het begeeft van daken schreeuwt en kermt harten pijnigt tongen bijt
een stuk met rafelranden ruw zacht en onverbiddellijk recht door zee het leven schertst
een laatste stuk niemand meer aan zet
Rob Mientjes
rob beschrijft het speelveld – beeldend zelfs voor de niet puzzel-aar – ik puzzel nooit – ik weet niet eens hoe je puzzel schrijft. als je de strofen als puzzelstukjes beschouwt en je legt ze in de goede volgorde zoals het een goed dichter betaamt dan ontstaat vanzelf een min of meer beangstigend wereldbeeld.
een kind gaat naar school schiet negen klasgenoten dood en de juf vluchtelingen boeken een bootje sterven bij bosjes een kind omringd door zorg maar ongehoord wordt ongezien gedood ‘twas niet opeens anders dan het was toen Trump gekozen werd of Wilders het was al tijden aan de gang
maar zolang Mozart leeft naast John Lennon zich laat horen zolang….
IEN VERRIPS
het was al tijden aan de gang – is op de een of andere manier een van de weinige regels hier met poëziewaarde. de andere regels zijn me net te werelds, te prozaïsch – en dat ongehoord ongezien gedood wordt – bevalt me ook erg. de opdracht van de meester luidt: begin een gedicht met die prachtige regels van dichter ien verrips:
dat ongehoord ongezien gedood werd het was al tijden aan de gang …
hoe vaak is ze niet verdwaald op de paadjes van de liefde de wegwijzers te verweerd of haar ogen te vermoeid
maar ineens werd alles anders toen hij haar bij de hand nam en de weg wel bleek te weten in het voor hem bekend terrein
hij gaf haar nieuwe vergezichten liet alle klanken dieper klinken op zijn oude langspeelplaten waar nachten op werd gedanst
maar ineens werd alles anders toen de wrede werkelijkheid ongevraagd en onverwacht ook hun leven binnentrad
uitzichtloze tijd nu zonder klank toch proberen dichters altijd weer hun eigen vergezichten te creëren ook al is het dan maar op papier
anke labrie (1-2-2025)
anke schetst in een paar strofen de kortstondigheid van levens geluk dat zomaar ineens blijkt te liggen in een nachtelijke dans met een geliefde. momenten die een leven lang- meegaan – momenten die ook zomaar ineens worden weggespoeld door een ‘wrede werkelijkheid’ – laten we de dansende geliefden anke nog maar even laten dansen – laten we de liefdesdans nog maar even koesteren en nog even laten bestaan – dans maar dans maar tot aan de vroege zondagochtend dans.
Zo probeer ik, in het prille begin van een jaar waarin roofridders in toenemende mate de wereld naar hun hand trachten te zetten, de losgeknipte draad van mijn Pomverhaal weer aan elkaar te knopen. Tijdje weggeweest lieve poëten, ouder en nog steeds niet wijzer geworden. En met argusogen bezie ik de wereld, waarin wij in toenemende mate kwetsbaar rondploeteren.
Het grote verhaal kennen we uit de krant. De autocraten die plotseling van onder stenen vandaan gekropen komen. En die ruim baan krijgen van een morrend, verongelijkt volk, dat gelijk Mozes’ Israëlieten in de woestijn, om het gouden kalf wenst te dansen. Ondankbare honden! Goed te begrijpen dat Mozes de stenen tafelen met tien geboden aan gruzelementen smeet. Ben benieuwd hoe het eenentwintigste-eeuwse volk de trekken thuiskrijgt. Het zal zelf een en ander aan gruzelementen moeten smijten om de wereld weer leefbaar te krijgen, vrees ik.
Maar nee, dat verhaal kennen we. We hoeven de krant maar open te slaan. Daarin staat ook regelmatig het verhaal van dapper strijdende burgermoeders. Een Femke Halsema, een Sharon Dijkstra en sinds kort een Carola Schouten werken hard om hun rumoerige, multiculturele stad tot harmonieus paradijs op te stoten. Ga er maar aan staan, die kolkende massa van tegenstellingen, die desondanks, wat de boven ons gestelden ook mogen beweren, meestal functioneert.
‘Laten we vooral niet bang zijn’ , sprak Halsema in haar nieuwjaarstoespraak. ‘Laten we elkaar ontmoeten, laten we elkaar treffen, ook als we denken dat we niet zoveel met elkaar te maken hebben.’ Prachtig! Ik heb groot respect voor Femke Halsema! Femke for president!! Intussen ontploffen er wel explosieven her en der, vindt een argeloze voorbijganger nogal eens een al of niet verwarde messentrekker op zijn pad en moeten jonge uitgaande vrouwen zich naar huis laten begeleiden vanwege ongure types die de straten afschuimen. En dit onder een regering die…… nee dat is te erg.
Dan liever even wat goed Nederlandse gezelligheid. We mochten er onlangs weer van genieten, de kerstvreugde. Lange tafels met zichtbaar genietende mensen aan de dis. De gebraden ganzen danwel kalkoenen vliegen ze zo de mond in. Zijn die overigens ook te krijgen in de voedselbank? Huisdieren, hamster of hond, kijken vergenoegd toe en als het even kan barst men los in kerstsamenzang. Niet lang erna gevolgd door het opvlammen van een oude vete waarna de familie slechts door bemiddeling van de EO weer samen aan tafel kan.
Onlangs kwam ik de bovenbuurman tegen met zijn nieuwe vriend, een Vlaming. We babbelden even en per ongeluk ontviel mij de uitroep ‘gezellig’. De Vlaming bekeek mij met afkeer en riep, de trap afdalend: ‘Die Nederlanders altijd met hun gezelligheid!’ Maar je moet toch wat, in gure tijden?
het waren tijden toen waarin de gaten nog moesten vallen
nu ze er niet meer zijn en je hun zwijgen niet meer hoort en ook hun kleren zijn vergaan hoor je overal dezelfde taal weer
kon ik maar schrijven zoals jij kunt kijken ik zou niet aarzelen en schrijven over de vrede een prachtig lied maar kijken zoals jij kunt kijken ik vermoed ik kan dat niet