VON SOLO: ‘Ik ga vandaag dan ook niets schrijven over Sylvana Simons. Behalve dat ik het een dom en irritant wijf vind. Altijd al gevonden.’

Posted on Leave a commentPosted in Geen categorie

rot

POMgedichten presenteert de donderdag column:

VON SOLO, FEAR AND LOATHING IN POWEZIE LAND!!!

Openhartige openbaringen van de Jeff Koons van de vaderlandse powezie.

Er is tegenwoordig zoveel om een mening over te hebben. Als columnist zit je nooit zonder onderwerpen. Als je de fora er op naslaat, dan zijn over elk trending topic daags erna, of zelfs dezelfde dag nog de opiniestukjes bijna niet te tellen.

 

Deel 131. Niets

Ik ga vandaag dan ook niets schrijven over Sylvana Simons. Behalve dat ik het een dom en irritant wijf vind. Altijd al gevonden. Even los van alle inhoud. Ook ga ik niets schrijven over Erdogan. Behalve dat ik het een fascistische opportunist vind met een slechte kledingsmaak. Even los van alle politieke ontwikkelingen. Kinderdagverblijven in Amsterdam, daar ga ik het ook niet over hebben. Wel snap ik dat al die Amsterdammers met kleine kinderen naar Rotterdam willen verhuizen. De grootste boot ter wereld? Ja, die lag in Rotterdam. Daardoor een kijkfile op de Zwaan. En zwalkende zombie toeristen op de fietspaden. Maar ook daar ga ik het ook niet over hebben. De roze trui in de Giro. Ik veeg er mijn reet mee af. IS? Ik weet niet eens wat dat is! Lekkende kerncentrales. Allemaal één grote hoax. En vluchtelingen. Vluchtgedrag voor wat er onder je eigen ogen gebeurt. Nieuwe Oostenrijkse president? Sinds Dolfuss volg ik het allang niet meer. Dus of ik het vandaag nog ergens over wil hebben. We zullen eens zien.

 

Sylvana
Surinaamse vrouwen lachen
Luid
West Kruiskade
 
Erdogan
Obese man eet
Broodje döner
Zwart Janstraat
 
Kinderdagverblijf
Gestresste moeder in Volvo station
Te laat
Schieweg
 
Cruise schip
Toeristisch stel in ANWB kleding
De wal ertussen
Maaskade
 
Roze trui
Mannen in strakke broeken fietsen
Samen
Straatweg, Hillegersberg
 
IS
Moskee gebouwd naast voetbaltempel
Van oliegeld
Colosseumweg
 
Kerncentrale
Leeg kantoor
Alle lichten aan
Coolsingel
 
Vluchteling
Massa’s rennen voor die tram
Anders ga je nergens heen
Stationsplein
 
Oostenrijkse president
Bestaat al lang niet meer
Schnitzeltent
Westzeedijk
 
Niets
Slaapwandelt
De wereld
Rotterdam
 
Daar word ik wakker
Daar moet het gebeuren
Daar telt
Alles wel
.

Dus geen gedicht vandaag. Geen column in de klassieke zin des woords. Vraag me verder gerust weer naar mijn menig volgende week. Of wanneer je me dan ook tegenkomt. En denk er eens over na.

 

Von Solo
Dichter, columnist en cineast
www.vonsolo.nl

Share This:

MARCO ARBOUW – MARTIN WIJTGAARD zoek de verschillen –

Posted on Leave a commentPosted in Geen categorie

wijtgaard0102wijtgaard0101

 

MARCO ARBOUW – zoek de verschillen – MARTIN WIJTGAARD

MARCO ARBOUW onthult in een – en hoe en vooral ook bij wie haal ik nou weer eens een wit voetje – artikeltje – de schuilnaam martin wijtgaard die hij de laatste tijd heeft gebruikt – ook op pomgedichten – de pot verwijt de ketel lieve lezer.  onze MARCO ARBOUW verwijt in het artikeltje de leden van het discreet genootschap het gapiaat dat zij hun namen nog even ‘bij hun eigen’ houden – zoals onze MARCO ARBOUW zijn naam ook even bij zich zelf heeft gehouden. wat marco mag mag een ander niet – dat vindt marco.  de redactie van pomgedichten dient alleen de vrede.

de bijdragen van bregje zonderland plaatsen we met liefde – maar we zijn wel op de hoogte van de identiteit van bregje. de bijdragen van het DISCREET genootschap het gapiaat sinds 2016 plaatsen we ook met liefde voor de medemens –  marcel kick weet nu tenminste als dichter hoe het beter moet – maar we zijn wel op de hoogte van de identiteit van de leden van het genootschap.

de bijdragen van martin wijtgaard heeft marco arbouw op valse naam en vanuit een vals bekend gemaakte identiteit op deze site weten te plaatsen. op zich knap –  een naam zwendelaar waardig. Onze MARCO ARBOUW is  natuurlijk de eerst aangewezene om te schreeuwen en te huilen over de identiteit van de leden van het genootschap – nou ja dat vindt MARCO ARBOUW.

 

 

Share This:

MERIK VAN DER TORREN – ‘Het laatste nieuws werd kleddernat. Los zweefden de wankele feiten.’

Posted on Leave a commentPosted in Geen categorie
merik3
Hoi Pom,
Je had gelijk zondag toen ik het gedicht “Ontmoeting” had ingezonden als “rustig” gedicht. “Ontmoeting” ademt 1 en al onrust  juist. Misschien dat “Idylle” wat rustiger is of de onrust  probeert te bedwingen. Voor de woensdag op pomgedichten, groet, Merik
Idylle
 
We zaten dronken in het gras,
praatten over het doet niet toe wat
aan de blauwe waterplas.
Het was een idylle in de grote stad.
 
We praatten over het doet niet toe wat,
veel gewicht en banaliteiten.
Het was de idylle van de grote stad,
los zweefden de wankele feiten.
 
Veel gewicht en banaliteiten.
Het laatste nieuws werd kleddernat.
Los zweefden de wankele feiten.
Een inktvlek vormde het zwarte gat.
 
Het laatste nieuws werd kleddernat,
babbelend aan de kant van de weg.
Een inktvlek vormde het zwarte gat
bij de kunstig aangelegde heg.
 
Babbelend aan de kant van de weg
zaten we dronken in het gras
bij die kunstig aangelegde heg
daar aan die blauwe waterplas
 
 
20 september 2013

Share This:

MANUEL SUURHOFF feliciteert webmaster op een bijzondere wijze – mooi te laat

Posted on Leave a commentPosted in Geen categorie
manuel
Ik weet niet, Pom. Felicitaties, zeker.
Met die extra dag? Nee.
Omdat je nog ademt? Nee.
Omdat er nog zoveel vóór jou ligt? Misschien.
 
Ik feliciteer je met de prachtige zonsopkomsten,
met een Amsterdam dat bruist,
met de vriendschappen,
met de poëzie.
 
Met de melancholie,
met de dronken tranen,
met een oude ziel.
 
Met de woorden die nog komen,
met de vrouwen af en toe,
met de dochters die begrijpen en van je houden.
 
Met het Vondelpark in de dauw,
de sigarettenrook die er neerslaat.
 
Hoe belangrijk is het dat ik te laat was…
of dat aan jou denkt wie om je geeft.
Gefeliciteerd en ik hoop nog vele malen te laat te zijn.
 
Manuel Suurhoff

Share This:

MARTIN WIJTGAARD blij met de opbouwende kritieken op deze site: “een frisse bries door poëzieland” – rake typeringen Marcel Kick: “een kamloos haantje, een slager met een Duits oorlogsverleden, een Medemblikse geilbaard…”

Posted on Leave a commentPosted in Geen categorie

 wijtgaard0101

dichter en columnist Martin Wijtgaard prijst op FB  deze site pomgedichten alwaar ruimte gegeven wordt aan de besprekingen aangeleverd door het ‘Discreet Genootschap Het Gapiaat’. MARCEL KICK mocht als eerste dichter een opbouwende kritiek vanuit het genootschap ontvangen. Jeannine Mercedes Winklaar zal binnenkort als eerste vrouwelijke dichter aan de beurt komen. Zo heeft het genootschap besloten en aan pomgedichten bericht.  Hieronder las u hoe het Discreet Genootschap Het Gapiaat over de werken van MARCEL KICK concludeerde in de serie opbouwende kritieken: “Tevens en vooral is het DGHG van mening dat de ‘werken Kick’ geen moment poëzie willen worden, dat de dichter veeleer zijn woorden tegen de beoogde strekking in als zaaddodende pasta over het papier uitsmeert.”  Martin Wijtgaard heeft er zo zijn pleziertjes bij:

 

 

wijtgaard0101

Beste Pom Wolff,  beste leden van ‘Discreet Genootschap Het Gapiaat’,

Het kan nooit kwaad om de staat van de poëzie der Lage Landen te peilen. Eerlijk gezegd gebeurt zoiets veel te zelden. Daarom is het goed dat Blaasorkest Het Gapiaat besloten heeft om een frisse bries door poëzieland te laten waaien. Het zou voor de hand liggen om, als men veel wind gaat maken, de Hoge Bomen van de Nederlandstalige poëzie aan te pakken.

 (…)

Natuurlijk is het een loffelijk streven om ze een hart onder de riem te steken, om ze opbouwende kritiek te geven, om ze waar nodig aanwijzingen te geven, waardoor ze hun gedichten kunnen verbeteren of desnoods naar de prullenmand kunnen verwijzen. Daarom is het edelmoedig dat u zich concentreert op één of twee gedichten van de dichter in kwestie die u niet bevallen.

(…)

In uw uitstekende recensie en analyse van de werken en het karakter van mijn collega-dichter Marcel Kick vind ik onder meer de volgende rake typeringen: diefachtig, een gnoom van wie je je het apelazarus schrikt, een kamloos haantje, een slager met een Duits oorlogsverleden, een Medemblikse geilbaard – en zo kunnen we nog een tijdje doorgaan. Die Marcel toch, dat had ik werkelijk niet achter hem gezocht. Uit de berichtgeving op het onvolprezen nieuwsmedium Pomgedichten.nl, waaraan ook ik af en toe mijn medewerking mocht verlenen, begrijp ik dat uw Genootschap van plan is om, na de recensie van werk & karakter van Kick, uw aandacht te richten op Jeannine Winklaar. Waarlijk, ik verheug me nu al op de verheffende commentaren.

 

Martin Wijtgaard

 

Share This:

JOLIES HEIJ op de dinsdag: “columniste heeft het wel even gehad met de dichters. en met de servokroaten. en de oorlogsmisdadigers….”

Posted on Leave a commentPosted in Geen categorie

IMG00299-20101127-1947

columniste heeft het wel even gehad met de dichters. en met de servokroaten. en de oorlogsmisdadigers. die taal is sowieso niet te harden met zeven naamvallen en dan wordt ook nog es alles vervoegd tot plaats- en persoonsnamen toe, te denken valt aan de aanduiding u scheveningu, wanneer de natuurgenezer uitlegt dattie in scheveningen muurvast zit, wat een mannelijke lokatiefuitgang is. hij zou ook kunnen zeggen u zatvoru scheveninga, dus in de gevangenis van scheveningen, waarbij de eerste uitgang mannelijk lokatief is en de tweede mannelijk genitief. en dat moet je je allemaal bedenken tijdens ut heggenpraatje met de buurvrouw as je hoofd eerder naar roddels dan naar naamvallen staat. daarbij vergeleken is het duits een lachertje, wat je met links neerpent en dat komt heel goed uit als linkshandige columniste. dus laten we het vandaag maar over taal hebben ipv dichters. overigens had ik altijd meer belangstelling voor vreemde talen dan het nederlands. nederlands was saai bij mneer van de zande van den ouwen stempel, waar de adjectieven en bijzinnen je om de oren vlogen. toch spreek en schrijf ik het uiteindelijk aardig goed en kan zelfs bij- van hoofdzinnen onderscheiden. later werd het interessanter bij pater pijnenborg die de dichters behandelde, al waren het de religieuze en de specifiek katholieke als gabriël smit. jawel, het griffermeerde meisje zat op een jezuïetencollege, waar opa de dominee schand van sprak, maar het was de dichtstbijzijnde school met een brede brugklas waar ik met mijn schamele mavo-advies in de gelegenheid werd gesteld om het tot academica in de teutoonse letteren te schoppen. en stiekem zo te willen schrijven als goethe, hölderlin, heine en gottfried benn, ware het niet dat ik opgesloten zit in dit al te alledaagse nederlands.

na dit minicollege aan de lieve lezertjes begaf ik mij naar des natuurgenezers tuinhuis, maar voordat ik de natuurgenezer an munne tietjes kon drukken riep hij: ca va pas ainsi! je ne mixe plus avec le peuple ordinaire, je suis important maintenant. maar radovan, riep ik onthutst, wat is er met je servokroatiese nederlands gebeurd? disparu. je ne le parle plus, le francais est plus facile pour moi avec le stupide g. j’ai marché sur le rouge tapis à cannes et maintenant je suis un poète maudit et un expert de baudelaire et rimbaud. tu, au contraire, est rien, personne, une petite bête poète néerlandaise qui ne pouvra jamais écrire comme goethe et geinrich geine. moi, je peux déjà écrire neoromantique comme martin vignoble et écrire comme baudelaire sera le prochain démarche. alors, j’ai des choses à faire. au revoir. en daar stond ik beduusd op ut stoepje, dichters en hun kapsones, ik had het er helemaal mee gehad. dan me maar aan een dode dichter gewijd. op naar het rustieke dorpskerkje van huizum te leeuwarden om naast het borstbeeld van slauerhoff de gedichten van bert, edith, simon, gerard en aurora voor te dragen. ook al moest ik ervoor via almere, maar als je gratis reizen hebt moet je je verheugen in zo’n omweggetje, want extra leestijd.

eenmaal in leeuwarden volgden we de toeristiese route langs rivier en door beemd. kijk die fuutjes met hun geile kuifjes! riep wijtgaard verlekkerd. zeg, we zijn hier niet om onze zoöfilie tentoon te spreiden, maar onze powezie, riep ik hem tot de orde. al kan ik even geen dichters meer velen en jij bent daarvan het levende bewijs, want wat heb jij radovan nu weer in de mond gelegd? nu denkt ie dattie frans kent en een poète maudit is. wat is dit voor aanstellerige malligheid? hij voelt zich ver boven mij verheven en wil as jou kenne schrijven. ik weet van niks, bromde wijtgaard, ik heb immers verzuimd om jou vorige week te vervangen omdat ik mij door gigi heb laten pijpen. bij mijn weten had ik de natuurgenezer in horizontale staat achtergelaten toen ik in haar gat afdaalde. jij was het die hem daarop naar cannes heeft afgevaardigd. dat deed hij zelf, zei ik, hij was uit de column ontsnapt. maar ik snap deur niks van, hij kent heel geen frans. dan zullen het zijn ingebeelde sterallures wel zijn, verzuchtte martin. dat doet veel met stervelingen, hoor, daardoor denken ze dat ze alles kunnen. wel, zei ik opgeruimd, nu heb ik echt genoeg van jullie dichters, ik ga in leeuwarden es een barkruk door een ruitje tikken. en ik stapte het café binnen en bestelde een berenburg of twee.

 

heijsoestdijk

 
Verdwaald in verre zinnen
 
Als het noordwaarts door vinexkazernes voert
kom je voorlopig niet weg. Druilerig de stad
van druipende poëzie, dichters staan vroeg
op om de kerkgangers te tergen en soms
 
gaan ze zelf uit bidden voor de oervader
van de Weltschmerz die de zeven zeeën
bevoer om bij zijn verloren prinses te
kunnen zijn en daar waar friese notabelen
 
werelden hadden gescheiden. Heren in
gestreepte jassen gaan voor, jij vertrouwt
me toe dat je geen dichter meer kunt zien
ik ben verdwaald in eigen zinnen, daarom
 
straal ik voor anderen, het is de enige
manier om mijn verre prins nabij te
wensen. De kerk gaat uit onder orgeltonen
vanuit de hoogste regionen zuig ik mij
 
aan het asfalt vast als de fluisterende regen
en omdat ik opzie tegen Almere Buiten vouw
ik aan de bar vergezichten open. Uitgestelde
terugkeer. Nog even in wanen kunnen wonen.
 
 
Jolies Heij

Share This:

DISCREET GENOOTSCHAP HET GAPIAAT (sinds 2016) besluit na Marcel Kick de werken van JEANNINE MERCEDES WINKLAAR te bespreken – neutronen, hart & warme oksels

Posted on Leave a commentPosted in Geen categorie

jeannine mercedes winklaar2

 

DISCREET GENOOTSCHAP HET GAPIAAT (sinds 2016) heeft in een speciaal (met broodjes) belegde vergadering en véél gruut besloten om de poëtische werken van Jeannine Mercedes Winklaar aan een bespreking te onderwerpen – sommigen zeggen te bespreken –  in de reeks ‘opbouwende kritieken’. De opbouwende teksten worden aan pomgedichten aangeboden.  U las hieronder reeds de eerste bespreking KICK – een ware ‘kick-off’.  Jeannine Mercedes heeft de eer de eerste vrouw te mogen  zijn in deze nu al veel besproken reeks.

“Maar u moet de tekst wel op een discrete wijze op uw site plaatsen…”  aldus het vrouwelijke lid van het genootschap. Wie zijn wij? sprak uw webmaster. vanzelfsprekend mevrouw! Binnenkort hier dus op de site wéér een feestje: de werken van Jeannine Mercedes Winklaar – laten we al genieten van een voorproefje uit een van haar vele werken:

 

jeannine mercedes winklaar

‘Ik dacht dat je zou blijven, dat je je zou / nestelen in de neutronen van mijn huid / kruipen in de spelonken van mijn hart, je / verborgen houden onder mijn warme oksels

 

oksels? ja,  oksels!

 

Share This:

DISCREET GENOOTSCHAP HET GAPIAAT (sinds 2016) ‘MIND THE GAP!’ of hoe te navigeren door de poëzie van… Marcel Kick – “Eindelijk een woord dat doel treft: zompig.” – in de serie opbouwende kritieken

Posted on Leave a commentPosted in Geen categorie

kick

Marcel Kick hier in volle glorie, tevreden glunderend over de opbouwende kritiek die hij heeft ontvangen vanuit het Discreet Genootschap Het Gapiaat (DGHG) op twee dichtwerken in het bijzonder maar toch ook op zijn oeuvre in het algemeen. Het discreet genootschap heeft pomgedichten aangeboden om zo om de week, een keer per maand, voor de site een gedegen bespreking van de poëzie van een belangrijk dichter te verzorgen. maar dan wel – daar stonden de leden van het genootschap op – “op discrete wijze”.  wie zijn wij lieve lezer om een dergelijk genereus aanbod niet te aanvaarden. de hier besproken prachtwerken “Billen” en “Drenthe rit” drukken wij  in het geheel onder de intense bespreking van het genootschap nogmaals af zodat u volledig zult genieten van de werken Kicks.

 

 

DISCREET GENOOTSCHAP HET GAPIAAT (sinds 2016)

‘MIND THE GAP!’ of hoe te navigeren door de poëzie van…

Marcel Kick

 

De staat van de poëzie der Lage Landen peilen, ga er maar aan- en instaan. Wij van het op 16 mei jl. opgerichte Gapiaat hebben met deze doelstelling de lat wel erg hoog gelegd. Of laag: de poëzie van Marcel Kick, waarvoor het DGHG voor het eerst discreet zou samenkomen, deed ons bij het leggen van die lat direct collectief door de rug gaan. Voor zijn werk is het echt héél zwaar bukken. Wat een Kick-off.

Om feestelijk uit de startblokken te schieten zouden we voorafgaand aan de eerste klus ergens samen wat eten. We zagen ervan af. Met de gedichten hadden we bij het inlezen al zoveel onwelriekend vlees op het bordje geserveerd gekregen, dat we geen hap meer door de keel zouden krijgen. Noch vleesch noch visch noch vleeschvervanger. Wij mannen hielden ons aanvankelijk groot, maar de dame in het Genootschap sprak uit wat wij eigenlijk al dachten en voorkwam daarmee een zuur drama in het horecacircuit. Bij ons onderzoeksdebuut geen gekokhals graag.

Kicks ‘billen’, een van de te analyseren gedichten, wilde(n) maar niet uit beeld verdwijnen. Maar ach, we moesten er toch aan geloven, niewaar? Dus troffen wij elkaar in een dranklokaal dat om zijn discretie goed bekend stond. Wel, hieronder een verslag van onze bevindingen. Om te beginnen dus het gedicht ‘billen’. We gaan over in de o.t.t.

 

Het gedicht begint al lekker:

‘begroet / de stille / warme stof  / zojuist / gestopt met trillen’

 

We stellen ons zo voor dat een en ander in een café plaatsvindt. Het werk van Kick schreeuwt namelijk om een herkenbaar kader. Anders hou je weinig over. Goed, Kick heeft een café betreden. Laten we bijvoorbeeld Eijlders nemen, op een derde zondagmiddag.

Het imperatief ‘begroet’ doet de vraag rijzen: spoort Kick zichzelf aan? Hij is wellicht op sneaky wijze het dichterscafé ingeslopen – diefachtig als helemaal niet had gehoeven, omdat je de gnoom pas ziet als je toevallig de ogen neerslaat (maar dan schrik je je wel gelijk het apelazarus) – en roept het kamloze haantje in hem op te genieten van de zichtbare effecten van zijn recente klapje op de billen van de eerste de beste deerne die hij weleens urenlang met zijn gezelschap zou kunnen vervelen. Na dat gelil krijgt de stille warme stof een even warme handdruk. Niet uitgesloten dat er aan het vlees op de barkruk ‘zojuist’ nog veel meer heeft getrild dan alleen het bilwerk. Dat er ook geen klapje voor nodig was. Dat de dame uit pure angst en wanhoop om wat komen gaat voor even aan het shaken is geslagen, een kwalijke reputatie indachtig. Dit angstscenario lijkt Het Gapiaat zelfs aannemelijk (voor zover er iets aannemelijks uit de poëzie is op te maken, maar ach, eerst het voordeel van de twijfel), want als een slager met een Duits oorlogsverleden vervolgt Kick:

 

‘lachende handpalmen / volgen / het lentevlees / gerijpt / op koude winterdagen’

 

Hoe lachen handpalmen? Iemand van ons ziet de handjes van de zangeressen van damesgroep Luv’ vrolijk wapperen: sja-la-la-la, Waldolalaaa! Maar zo zal Kick het niet bedoelen. Welk beeld meneer wél beoogt op te roepen is het Genootschap in alle discretie nog steeds niet duidelijk. Maar oké, de handpalmen lachen en volgen het lentevlees. Soit. Het vlees is dus in beweging gekomen. De arme deerne is opgestaan, naarstig op zoek naar ander gezelschap, gezelschap dat zich niet met lachende slagershanden en wartaal aan haar opdringt, en wordt in haar zoektocht van achter door diezelfde handen letterlijk op de huid gezeten? Kick loopt gewoon langs de bar voor aller oog achter haar aan, de handpalmen onder haar billen houdend, ze af en toe zogenaamd per ongeluk even aanrakend? Wat een schaamteloosheid dan! ‘Petje af, Kick!’ ben je geneigd te roepen. Of nee, hij kan de pet maar beter ophouden. De Medemblikse geilbaard handpalmlacht dus achter de vluchtende billen aan. Hongerig naar op koude winterdagen gerijpt lentevlees. Wij vragen ons af of dat nog eetbaar is. We hebben immers een paar warme dagen gehad. Het DGHG, niet bepaald thuis in Kicks vleesverwerking, bereidt zich er niettemin graag op voor Kicks eigen billen discreet met rolladetouwtjes in te snoeren. Maar net voor we ons opmaken de boel zo hard aan te trekken dat ie om genade smeekt (wensvol denken), komt hij met een geheel andere bilgril:

 

‘duw / haar volbloedbillen / op spanning’

 

Juist. Opblazen die handel. Een op koude winterdagen gerijpt en tot volbloedens toe opgevoerd plofkipachterwerk van de kiloknaller. Als je maar wat in handen hebt, denkt Kick? Het zou een passend einde zijn voor de vleesverwerkende industrie van ‘billen’. Maar nee, Kick moet, voor hij het Café der Poëzie en zonder afscheidsgroet aan de stille warme stof het gedicht zelf verlaat, nog wel even aan zijn gerief komen, zo lijkt het:

 

‘met baarklauwen / stik ik / in zoet gekreun’

 

Baarklauwen. Hm. Niet: barklauwen? Wil hij hier per ongeluk tóch iets uitdrukken? Baarklauwen… De slager is een verloskundige geworden. Mijn god, hij heeft een dame verkracht en met een kind opgescheept? En als het ter wereld is, moet ie schieten, onder het uitstoten van gekreun dat hij ook nog als zoet ervaart. Hij zou erin kunnen stikken. In baar-lijke nonsens ook.

 

kick2

 

Wat hebben we nog meer liggen? ‘Drenthe rit’. O gruwel. Het Genootschap constateert een gapend gat in de titel. Ach, dat is het minste. Stap eroverheen. ‘Drenthe rit’ is, zoals alles wat Kick aan het papier opdringt, in amechtig korte klanken verticaal uitgerekt. Je wordt er zeer kortademig van. Er steekt ook absoluut geen gedachte achter Kicks typografie. Armoedig noemen wij dit. Hij stoot zijn rekverzen, hoe verzadigd ook van hanig adjectief-substantieve tandems, als dooie spermatozooi de wereld in. Als Brussel een kind krijgt is het onmogelijk van hem.

We gaan er weer goed voor zitten… En waar?

 

‘op groen fluweel’

 

Groen fluweel, wow. Lekker zacht voor de billen.

 

‘op groen fluweel / ben ik toeschouwer van / Drentse dijen’

 

Zeg, is de hijgletter h opeens de provincie Drenthe ontvlucht? Nee, het hoort zo. Drents. We moeten niet op alle vleeshompen zout leggen. Maar Drenthe zal er ook aan moeten geloven. Kicks Medem-blik is al over Drents dijwerk gegleden. Het zal er niet bij blijven:

 

stamboek billen / zoeken / die eerste zoete schok

 

Agrarisch billenbestialisme! Nog een gaatje. Onnodig: ‘stamboekbillen’ zou het bestialisme zelfs krachtiger maken. Toch denken wij niet dat Kick een koe wenst te bestijgen. Het ‘stamboek’ kan overigens ook als adjectief bedoeld zijn, al zou dan iets als ‘stamboekige’ beter zijn. Ach, hij zal wel weer een vrouw willen lastigvallen. Qua Kick misschien een van de laatste nog niets vermoedende vrouwen in de laaglatse poëziewereld. Hoe het ook zij, hij moet een vrouw scoren. Of nee, meneer heeft inmiddels status verworven: ze vráágt hem zelfs om zoetschoksgewijs – opnieuw dat zoete – tot hogere sferen gebracht te worden. Nou, laat hij dan maar weer zijn schaterende handpalmen aan het werk zetten…  

 

‘handen wroeten / in losse pluche / wanneer jij daalt / naar kelderklanken’

 

De lidwoordvrees is opnieuw schrijnend. Of is zijn krantenkoppentaal slechts interessantdoenerij? Je weet het niet. Kick loopt zijn lidmaatschap achterna, maar niet zijn lidwoord, zoveel is wel duidelijk. Goed, Kicks klauwen zijn aan het werk. Huh? ‘Groen fluweel’ tot ‘losse pluche’ uiteengetrokken? Wat gebeurt hier? Beter mikken, Kick! Terwijl hij zich aan de zetelbekleding vergrijpt – iemand kreeg een beeld door van een woeste James Finlayson (zelfde haargrens), die in de Laurel&Hardyfilm ‘Big Business’ een kerstboom uit elkaar trekt – ligt z’n vleesentiteit al in de kelder te hijgen en te hunkeren naar een ruwe kutkutconfrontatie, al betreft die misschien niet eens de grijze driedagenkut om zijn smoelwerk.

[Te veel eer, veel te veel eer, deze aandacht. Hierna nooit meer Kick, we waren het eens. Volgende keer moesten we het hogerop zoeken. Het was hier ergens dat het DGHG zich ging bezatten, om te vergeten waar het mee bezig was. We konden het nauwelijks meer aan. Na een voorzichtig bittergarnituurtje en een tostietje ging het gelukkig weer een beetje.]

 

‘ritme dat jou inhaalt / laat ons brullen / in zompig land’

 

Eindelijk een woord dat doel treft: zompig. Kicks poëtische zomp als eufemisme voor ranzigheid. De twee komen na een valse start tot een gedeeld ritme, gevolgd door gezamenlijk gebrul in een moerasland waar een normaal mens niet dood gevonden wil worden. Oké, maar dat is dan iets, zou je kunnen zeggen. Gezien echter Kicks reputatie onder vrouwen durft het Genootschap in alle discretie deze tegelwijsheid wel aan: je hebt brullen en brullen.

 

Terug naar de o.v.t. In de nazit, de herstelfase, begonnen wij van het DGHG – flink boven het theewater, dat hielp – er plots lol in te krijgen. De twee gedichten waren geanalyseerd, maar we wilden zowaar meer. Meer billen, meer slagershanden, meer kelders, meer adjecsubstantieven. We wilden dat vlees in plakken snijden, een bomgordel om volbloed dijen spannen en en passant aan een rolladetouwtje trekken dat – oeps – bij die gordel hoorde. We wilden de dichter uitgegeven zien en zelfs een bundelpresentatiemiddag met hem meemaken: ’39 Kicks voor bijna niks’. Méér wilden we, méér. Er kwam iets extra’s uit de tas: ‘overspel in de trein’ en nog een gedicht.

 

‘gedrukt tegen het raam / van de trein / razen haar tepels / langs maisvelden // verleidt zij // dorpen in het zweet / knechten op stoom // draait billen naar rijpe frambozen // haar wimpers vallen / voor de man die haar vangt’

 

Tepels én de rest van de vrouw tegen het raam gedrukt, kostelijk! Hoe zagen we dat voor ons? Tepels, intussen ook langs maisvelden razend… Zouden ze daar opvallen? We bestelden nog een paar gerstenatten. Een van ons merkte scherp op dat die ‘zij’, samen met haar tepels tegen het raam gedrukt zijnde, álles óveral laat gebeuren. Dat ze vanuit die positie haar billen – yes! daar zijn ze weer! – naar rijpe frambozen laat draaien. Dat dat van grote lenigheid getuigt. En ‘haar wimpers vallen  / voor…’ Nee, dit was klaar. Billen wilden we! Next! Helaas – of gelukkig – greep de bardame in. Zij trok Billie the Kick niet meer. Tijdens de afrekening klonken van ‘mooi meisje’ nog flarden als ‘afdrukken van de lust’ en ‘dansen met krullen die echte mannen laten leven’. We hadden er vrede mee.

 

kick2

 

Ter afronding. Discreet Genootschap Het Gapiaat heeft niet alle gewrochten gelezen, maar durft vanaf zijn purperen pluche de conclusie aan dat het gedicht ‘billen’ geen hoogtepunt is in het oeuvre van Marcel Kick. Het heeft de stellige indruk dat carnivoor Kick het vooral op damesbillen heeft gemunt en dit gedicht maar een specimen van die obsessie is. Tevens en vooral is het DGHG van mening dat de ‘werken Kick’ geen moment poëzie willen worden, dat de dichter veeleer zijn woorden tegen de beoogde strekking in als zaaddodende pasta over het papier uitsmeert.

 

 

 

kick

billen

 
begroet
de stille
warme stof
zojuist
gestopt met trillen
 
lachende handpalmen
volgen
het lentevlees
gerijpt
op koude winterdagen
 
duw
haar volbloedbillen
op spanning
 
met baarklauwen
stik ik
in zoet gekreun
 
 
Marcel Kick
 
 
kick
 

Drenthe rit

 
op groen fluweel
ben ik toeschouwer
van Drentse dijen
 
stamboek billen
zoeken
die eerste zoete schok
 
handen wroeten
in losse pluche
wanneer jij daalt
naar kelderklanken
 
ritme dat jou inhaalt
laat ons brullen
in zompig land
 
Marcel Kick

Share This:

MIRJAM AL herdenkt MEERTJE KAAL

Posted on Leave a commentPosted in Geen categorie
eij752
Voor Meertje Kaal,
een bijzonder mens,
 
De avond daalde neer, er viel een stilte.
Vogels zwegen, de katten staakten het krijsend gekibbel in de tuinen.
Duizenden bloemblaadjes waaiden in de nachtwind.
Er verscheen een halo rond de zuchtende maan.
 
Het hart trok leeg, maar meer dan ooit is Meertje
Herinnering aan het lachen dat we deden.
Je legendarische gastvrijheid,
De Madame Jeannette in de poëzie.
 
 
Mirjam Al, 20 mei 2016

Share This:

Heeft u ook nog iets rustigs op de plank liggen?

Posted on 4 CommentsPosted in Geen categorie

 

ssst

JOLIES HEIJ doet het met liefde – FRANS TERKEN met mees- RONALD M OFFERMAN kijkt ook vogeltjes-JOOP KOMEN: koude stoel kille kamer – dinu lipatti speelt bach en een vogeltje – RIK VAN BOECKEL in een totale droomrust – MERIK VAN DER TORREN bestudeert roodwangschildpadden – CATELIJNE  in een zinderend zijn – JIP MANKO scoort tot rund – MARC TIEFENTHAL als een roos – CARTOUCHE met zijn aangeklede dood zet weer eens de hele boel op stelten: plotselinge aanval uit het niets op de lieve kleine schattige vogeltjes van onze joop komen en onze  ronald m offerman –
Heeft u ook  nog iets rustigs op de plank liggen?
volgende week de wedstrijd weer met juryvoorzitter bregje zonderland – deze week wel poëzie maar dan zonder wedstrijdkarakter. RUST RUST RUST is het thema. om even bij te komen – lounchepoëzie wellicht? muziekje erbij. ontspanningsoefeningen het is allemaal toegestaan als u het maar rustig weet te houden. dan lezen we het graag. of dat het onze GEMOEDSRUST goed doet. het mag ook gewoon mooi zijn. wij ontvangen u graag. u kunt uw gedicht als reactie plaatsen – onder ‘leave a comment’ – (even registreren, dan inloggen en dan uw reactie) – of stuur in onder ‘contact’. (zie rechtsboven) – ik zorg er voor dat uw gedicht in het item wordt geplaatst.Maar doe het vooral rustig aan.

 

toen je stilte stuurde 

 
niets
is me liever
dan eenvoudig mooi 

het bloemblauw
vers gescand
natuurlijk
in het licht

een meisje
drinkt in stilte woorden
denkt hem goddelijk lief

en ik
ik kan in stilte
niet meer denken
ik kan het denk ik niet

 


pw

 

ssst

ik schrijf je met liefde

.

nu we al zo lang in stilte liefde schrijven
jij houdt het boven de gordel, ik hou mijn plasklep voor
 
jeukend is slechts het verlangen
verleidelijk de vlinder niet in het net gestrikt
 
stel je voor dat de vonken eraf spatten
de golven die ons verdrinken, de gloed die verbrandt
 
liever vind ik het in de kleine dingen
als ik de slaap nog niet uit mijn ogen gewreven heb
 
en ik beeld me jou in een gekreukte pyjama in
die zich liefdevol om je gelooide vel plooit
 
het is zondag, de koffie gezet, het slaapmutsje ingeschonken
buiten ons valt de wereld stil

en hoe we dat later aan elkaar schrijven
voor als de afstand aanzienlijk wordt

 

Jolies Heij

de laatste 8 regels zijn van een schoonheid en een rust die alleen maar in de kleine dingen te vinden zijn. de ‘plasklep’ is natuurlijk een typisch heij-facet dat we niet graag missen in de poëzie (van Heij). maar ik word er een beetje onrustig van. gelukkig zijn er die laatste 8. even een momentje pakken voordat het weer oorlog wordt. mooi. dank je wel voor de bijdrage.
ssst
Je krijgt het maar cadeau
Kalm het hoofd openmaken
schemer wervelt door de kamer
tot het licht op en aan trekt
wat lag en ligt staat langzaam op
hoor het ritselen van de krant
het omslaan van een blad
kraken van cadeaupapier
dwarrelen van gekleurd lint
vlekken die met de ochtend wakker raken
je merkt hoe druk de mees het heeft
met het voederen van vijf jongen
in je luie stoel kijk je afwachtend toe
een halfopen oog laat de koffie lopen
FT 22052016

 

lekker lui de zondag in. vogeltje erbij. koffie. goed getroffen de ochtend zo. dank voor de bijdrage Frans. ik lees het als een antwoord op jolies met wie je al vaker schreef. ze ziet je gekreukte pyama lees ik. ‘nu we al zo lang in stilte liefde schrijven jij houdt het boven de gordel’  lees ik ook – en dan komt ze met der plasklep. gedaan is het met de zondagsrust! het is niet alleen goud dat in het ochtendgloren klatert.

 

 

ssst
Rust
Hoe meer lawaai er was
Hoe minder ik wilde zeggen
Hoe harder de mensen schreeuwden
Hoe rustiger ik werd
De kranten gingen weg
De televisie minder aan
Mensen die zich vrienden noemden
Verdwenen een voor een
Ik keek uren naar een kraai
Die voor het eerst moest vliegen
Zachtjes krassend op een tak
Nog niet klaar voor de sprong
Ronald M.Offerman
Amsterdam 21-05-2016

de wereld terug gebracht tot een jong vogeltje – zachtjes krassend? kunnen ze dat ook. kraaien en eksters doodschieten die handel. maar ronald situeert de rust bij de jonge pogingen van een lief klein zwart zacht krassend kraaitje. zo zie je maar weer de poëzie krijgt zelfs de natuur stil. en als beestje niet doet wat de poëzie gebiedt dan gaat ronald wel even op het beestje zitten. dank voor deze zacht krassende bijdrage. zo wordt de zondagochtend mooi.

 

ssst

 

verlossende haiku na vergeefse poging scheppen poëem
wat is troostelozer dan zondagmorgen
vier uur zeven
koude stoel kille kamer
dinu lipatti speelt bach
wat is naargeestiger dan eindeloos hopen
op straatgeluiden
zondagmorgen vijf uur tien
zwarte ramen
wat is onaangenamer dan doelloos staren
naar een beeldscherm
zondagmorgen zeven uur achttien
de zesde sigaret
wat is desolater dan talloze regendruppels
die langzaam neerglijden
langs de ruiten
zondagmorgen acht uur zeven
maar dan in de tuin
vraagt de merel om voedsel
verheugd pak ik brood
joop komen

 

prachtig deze merel – een prachtige rust op deze natte Nederlandse zondagochtend onweer met koude stoel en kille kamer – prachtig joop! je kunt hetnog – een bijzondere JOOP KOMEN – zoveel ellende en troosteloosheid en dan toch maar even dat vogeltje dat het leven in alle schoonheid aan ons openbaart.  joop aan zijn zesde sigaret om acht uur zeven. gendringen wel door rookt in prachtige ochtenddampen. dank je wel joop voor zoveel moois.

 

ssst

Droomrust
Stil is de nacht
met dromen van twinkelend goud
en snaren zonder ritme
zo tikt de klok de tijd voorbij
ben ik alleen met de lakens
rust mijn hart uit van zo veel liefde.
Rik van Boeckel
21 mei 2016
een prachtige gedachte neergelegd in de laatste strofe – een uitrustend hart – waar heb je die nog. bij rik van boeckel. was ook wel even nodig. zoveel aktiviteit deze man de wereld aanreikt in razende ritmes is nauwelijks bij te houden. zien we toch maar ineens rikkie tussen de lakentjes in een klein moment van stilte genietend van een overmaat aan voorbij gesnelde liefde. dank je wel rik.

 

ssstbij
 
Hoi Pom, of ik wat rustigs op de plank heb liggen?
Goede vraag. Bij het doorbladeren in eigen werk, merk ik dat juist min of meer hevige onrust mijn gedichten karakteriseert. Maar “Ontmoeting” ademt wel een zekere rust. Bij deze, groet, Merik
.
Voor Willem-Jan,
Ontmoeting
 
Op de plek waar die bronzen kop het gras uit duikt,
kom ik hem tegen.
”s Zomers zegt hij, heb je hier roodwangschildpadden,
je kan ze zien liggen aan de rand van de vijver.
Hoe het komt weet niemand,
maar ze overwinteren.”
 
En weer stapt hij op zijn fiets.
Langs de randen van de wolken rijdt hij
naar de uitgang van het Oosterpark.
 
Merik van der Torren, februari 2012

fijn merik dat een thema jou overzicht biedt van werken. dat je altijd zo onrustig schrijft. mij was het niet opgevallen. maar je hebt gelijk – zelfs in je meest rustige gedicht duiken bronzen koppen uit gras, kruipen schildpadden tot aan oevers, wordt er gefietst op spectaculaire wijze langs randen van wolken. noem het maar rustig. probeer eens een merel uit de tuin van joop komen of een zacht krassende kraai van ronald m.  een parkiet in een kooitje wil ook nog wel eens helpen. desnoods een dooie mus. die zijn echt stil. dank voor bijdrage en de schildpadjes ook.

 

ssst
zinderend zijn
Zin
Zin
Zinderend zijn
Moe
vermoeit
het rusteloze loeit
Kom nu tot adem
Natuur in je dalen
Laat ander toch komen
Geef vrij al dat moois
Catelijne

 

Catelijne in hogere sferen – de handen richting hemel geheven – een pleidooi – een schietgebed – GEEF VRIJ AL DAT MOOIS! zo horen we het graag. en ja hoor daar is het onweer en de bliksem, stortbuien op een fijne nederlandse natte zondagochtend. haar natuurgeluid meteen verhoord. ik kom tot adem kind – ik kan niet anders. dank je wel lieve catelijne voor zoveel natuur in de woorden.

 

 

ssst
play-off
 
bejuich
je ebben heupen
blaasjes
in je brakke zuigen
 
tot mijn
vloed verwit
 
met punter
diep passend
scoor ik je tot rund
in daverende dophei
 
van pramzuivele
jupiler leak
 
nee niets van dit al
 
het is rust
na jouw eerste
tevens laatste
fluitsignaal
 
niet eens
een kaart ontvangen
 
 
Jip Manko, 22 mei 2016
jip heeft zijn achternaam mee. een nieuwe ster in de pomgedichtenfamilie?  laat van gaal het allemaal maar niet lezen. ik zou zeggen derrel niemeijer nivo. een belofte – het kan nog wat worden. enige marcel kick elementen zijn jip niet vreemd zo te lezen. het is allemaal iets directer dan gemiddeld. jolies heij heeft daar een plasklep voor. kan jip zo in – met zijn verzen.
ssst

Havelange

Wie had je ooit gedacht
dan middelgroot en heimelijk steeds.
Je bent echter haveloos
en conglommereert hooguit wat dorpen.

Hier echter huist in stille vrede
een liefde die we enkel kunnen koesteren.

Hier staan de fel verlangende ezels in veld en onweer.
Hier woont met andere woorden B. thans samen met A.
Wie B zegt, zegt A. En B zegt A.

Wij hebben er gelegen in stilte en vree,
geslapen als rozen, gewassen als dozen
in de regen.

Marc Tiefenthal

 

havelange een gemeente in belgie. fijn dorpsgezicht. tiefenthal vond er zijn liefde, de rust en mogelijk tussen de ezeltjes in het veld later een meer definitieve rust. maar er moet eerst nog heel wat poëzie doorheen. mooie laatste strofe – zoals het was. dank voor de bijdrage deze week.

 

ssst
Lenteblues
 
Mei doet mij weinig
of niets al dat botten
en bloeien dat domme
gevogel, die pinkster-
bloem-zon, al dat licht
 
nee, geef mij maar zwaar
weer en donkere lucht
dan eerst adem ik rust
de dreiging voorbij
 
godsvrede,voel ik
de aangeklede
dood rondom mij
 
 
© Cartouche
 .
cartouche heeft het wel gehad met de vogeltjes lezen we. geen ei in mei voor cartouche. (zegt mn buurvrouw ook steeds).  daar sta je nou met je goede fatsoen joop, ronald.
meneer cartouche uit brabants land komt ons amsterdammers een beetje de waarheid voorlezen. wat denkt mneer wel. wij houden hier in 020 van mussen, duiven, kraaien en merels cartouche. dat u het weet. nog één aanval op mijn geliefde amsterdamse dichters joop komen en ronald m offerman of inderdaad – een aangeklede dood zal u omringen. weet meneer toch nog net op het laatst die prachtige lieve vredige stilte te verstoren en om te zetten in een luid klinkende oorlogsverklaring.groeten aan brabant, we houden van U!

Share This: