LISAN LAUVENBERG doet de HUISHOUDBEURS: “de pleisters-voor-om-je-vingers vrouw had heel dun door chemo aangetast haar en een zachte haast schorre stem en toch wilde je naar haar luisteren…”

Posted on Leave a commentPosted in Geen categorie

De huishoudbeurs en andere zaligheden.

Ingmar Heytze  zei in 2015 dat de Nacht van de Poëzie toch een jamboree van liefhebbers en lezers is, de Huishoudbeurs van de poëzie zeg maar. Daar wil je bij zijn.
En ik dacht misschien geldt het omgekeerde ook, dat er poëzie te vinden is op de huishoudbeurs, daar wil iedereen bij zijn, dus er moet iets te vinden zijn dat het tot een jamboree maakt. En zo trokken partner en ik op een stormachtige donderdagmiddag, tijdens storm Doris, met de tram, naar de huishoudbeurs. Via station RAI, daar kom ik anders nooit. Er waaiden flink wat mensen uit de trein en in grote drommen begaf men zich, gewapend met grote boodschappenkarren, naar de entree van het spektakel. Want een spektakel is het zeker. Samen met het gekakel van duizenden vrouwen, met hier en daar een man, de standhouders met microfoons, de muziekpodia en de dominee van de trouwkapel (in vol ornaat, reusachtig en zacht) was het een orkaan van geluid. Daar was Doris buiten, qua geluid, niets bij.
 .
Wat dapper, werd er tegen mijn man gezegd, door de kaartjesscheurder die dacht dat man alleen was én voor het eerst zo te zien. Hoe ziet u dat vroeg mijn heer aan de jonge man. Nou geen tas, geen rol koffer en geen vrouw, dus u weet niet wat u te wachten staat. Ik hoorde dat giechelend aan en dook naast mijn man op en zei, hij is niet alleen hoor, maar het was wél zijn idee. Oh gelukkig, zei de jongeman, u heeft begeleiding meegenomen. Lachend zochten we een standje met een tas, een gratis tas met kiwi’s erop, kregen we mee. Hij is lang leeg gebleven, totdat we een gratis krant kregen en we toch vielen voor oh zo handige pleisters, die op een rolletje zitten en die je zelf om je vingers kunt winden. Twee kleurtjes mochten we zelf kiezen, maar de derde was de gratis verstrekte en die was fluoriserend oranje. “Als je dan in je vingers snijdt dan ziet iedereen dat in de disco, dan heb je oplichtende vingertoppen. Want ik weet niet hoe dat bij u zit, maar ik snij me zelden in een vinger, als het mis gaat, dan is het er ook al gauw een tweede met een klein of groter sneetje. En ze zijn ook handig als je veel wandelt, dan kun je ze om je voet wikkelen tegen de blaren” En onverdroten deed ze het voor. Steeds weer opnieuw wikkelde ze stukjes pleister om haar vingers. Ik stond haar vol bewondering aan te staren en dacht alleen maar hoe hou je dat in godschristusnaam de hele dag vol, in die herrie én maar dapper glimlachen én voordoen én steeds weer hetzelfde verhaal vertellen. Bij het afrekenen klopte ze liefdevol op mijn hand en zei: “U heeft zulke lieve ogen, dat zie ik niet vaak en heb een fijn leven”. Ik schoot helemaal vol.
 .
Want ook zij, dappere 55+ vrouw had hele lieve ogen en vocht daar in die heksenketel voor haar bestaan. Standwerker was ze niet, ze had geen microfoon en geen apparaatjes waar je dan handig je groentes mee in krullen trekt, of leegzuigt, of hakt in grote en kleine stukjes. Of zakjessluiters, die je halflege zakken chips voor uitdrogen beschermen. Blijft er bij u in huis wel eens een zak chips halfvol? Nee deze pleisters-voor-om-je-vingers vrouw had heel dun door chemo aangetast haar en een zachte haast schorre stem en toch wilde je naar haar luisteren. Na het afrekenen sloeg ik plots mijn armen om haar heen en fluisterde in haar oor : Het komt goed.
Man was ondertussen met krant ergens neergestreken om koffie te drinken en áchter de krant te zitten. De aanblik van de lelijke dames die verpakt in te krappe grijs en beige kledij, op gezondheidsschoenen, was hem teveel geworden. Hij was me kwijt, appte hij, waar ben je nu? Ik wist ook niet waar ik was. Welke hal, wel plein, in de kakafonie van geluiden, kleuren, muziek en om het hardst schreeuwend aanprijzers was ik hem kwijt. Niet voorgoed, gelukkig, we appten een duidelijke ontmoetingsplek.  We vonden elkaar bij de stand van Patty Brard waar Patty zelf haar van elastiek gemaakte, figuur corrigerende hempjes en onderbroeken luidkeels aanprees. Man zei ook zeer luid,  ze is vergeten er zelf een aan te trekken. Wat hem kwam te staan op een scheve bek van Patty en een paar boze blikken van haar bewonderaars. Raar maar waar, ook onderbroeken verkopende BN’ers hebben bewonderaars. 
 .
We besloten nog even naar de Pasar Aziatische afdeling te gaan om met een Indisch hapje dit avontuur af te sluiten, maar daar was het zo donker dat we elkaar weer kwijtraakten. Bij de paranormaal begaafde, met flink overgewicht gezegende, man op een podium gezeten met wandelstok, vond ik hem weer terug. Hehe zei hij, laten we even luisteren naar deze charlatan, die duidelijk niet kon voorspellen dat zijn knieën zouden gaan lijden onder die flinke extra kilo’s. Ja ja, als het om genuanceerde uitspraken gaat moet je niet bij mijn man zijn. Hij zou, als hij poëzie schreef, dan ook zelden zoete verzen bakken. De toeschouwers van de paranormaal gezegende man, wilden weten of hun geliefden de hemel hadden bereikt en hoe het nu met ze ging. Gelukkig was het meestal goed met ze en hadden ze Plaats van bestemming bereikt. Op een enkeling na, die niet los kon laten omdat het verdriet van de achterblijvers hun nog vasthield in het voorgedeelte voor ze naar hun hemel of het licht konden overgaan. 
 .
Ik zocht in mijn herinnering naar mensen die ik graag terug zou zien of waarover ik zoveel verdriet heb gehad bij hun overlijden, dat ze daarom niet naar hun hemel konden. Die zijn er niet en verdriet is er niet (meer).  Blijdschap om wie ze waren in mijn leven is er wel en denken aan ze doe ik vaak. Als ik me voorstel waar ze zijn, zijn ze ergens waar het fijn is. 
 Geheel en al gerustgesteld hebben we, als de wiedeweerga, de RAI, de drukte en de mensen achter ons kunnen laten. In de inmiddels flink aangewakkerde storm hebben we, samen innig verstrengeld, op de tram gewacht. Het was volbracht. 
 .
© Lisan Lauvenberg
24 februari 2017 
 

De middelen
 
Natuurlijk missen we het licht, maar nacht
en nevel zijn beter voor radiogolven.
 
In mijn jaszak dwaalt een zender rond
als tandpijn, zoekt een mast, een satelliet,
 
een hoofd om ziek te maken en iets hogers
is er niet. Grot, vuur ingewanden,
 
tempel, kruis, retinascherm. Denk niet
aan de fabrieken. Pixels, steeds meer pixels,
 
schreef een dichter, geboren voor de revolutie.
Ik zeg: het zijn de middelen die komen, gaan,
 
de vragen blijven waar ik ben, waar jij,
of iemand zich nog zoekt.
 
——————————————–
uit: ‘De man die ophield te bestaan’, 2015.
 
Ingmar Heytze

Share This:

POM WOLFF & BJORN VAN ROZEN IN NEDERLAND – ik wil je adem halen omdat ik de talen ken-die we samen spreken – zuurstof nodig heb

Posted on Leave a commentPosted in Geen categorie

POM WOLFF & BJORN VAN ROZEN

poëzie & piano – ik wil je adem halen omdat ik de talen ken – die we samen spreken – zuurstof nodig heb

februari de 24stede groote weiver – Wormerveer – 

maart de 19e  – Theater de Bres – Leeuwarden

 

april de 9e – Muziekcafé Oost, Café Chantant – Amsterdam – pom/bjorn + band

mei de 21ste – Amstelpark – Amsterdam

 

 

Share This:

ANNY 1917 – 2017

Posted on Leave a commentPosted in Geen categorie

 

ANNY 1917 – 2017

vandaag
een berichtje
dat anny dood is
bijna een eeuw anny

laat ik het eenvoudig zeggen
zonder anny
is de wereld anders
dan met anny

maar de zon zal warmer zijn
nu ze anny terug krijgt
menselijker ook
maar vooral warmer

pw

Share This:

in tijden van trump is ROMY HAAG het recept

Posted on Leave a commentPosted in Geen categorie

Share This:

VON SOLO over vrouw 1: ‘laat zich lezen als een Viva vol met jankverhalen’ en over vrouw 2: ‘Ze heeft geen designer vagina maar een yoni. Drinkt bier in de kroeg met verlopen mannen, van wie ze op sympathieke wijze het lijden beschouwt,…’

Posted on Leave a commentPosted in Geen categorie

 

POMgedichten presenteert de donderdag column:

VON SOLO, FEAR AND LOATHING IN POWEZIE LAND!!!

Openhartige openbaringen van de Jeff Koons van de vaderlandse powezie.

‘Ik heb vrouwen zien opbloeien als in lentes en vrouwen zien verwelken, seizoenen veronachtzamend’

 

Deel 169. Mooie vrouw

Ik zag deze week twee vrouwen van tegen de vijftig.

Vrouw 1

Ze bereidt een poging voor de straat over te steken. Een bontachtige zwarte korte jas. Zichtbaar een kont in een leren rok, overgaand in een te beperkte taille. Hoge hakken, stijlvol zwart. Blond haar, goed gekapt, doch verwaaid. Het was tochtig tussen de gebouwen. Tussen haar benen al lang niet meer. Blauwe ogen. Aangezet met eyeliner en mascara, verslordigd. Drukke werkdagen leiden tot meer drukke werkdagen om de dure kleren te kopen die haar zouden moeten dragen. Ze zwikt de stoep af. Tracht eens voor te stellen hoe ze ruikt. Melkachtig met uien. Een beetje bedorven. Foundation als zweterig plakpoeder, laag na laag. Dorst niet te denken wat het zou worden als ze haar benen opent voor je. In een Van der Valk hotel. En daarna huilt, omdat ze dat niet wilde. Maar haar kinderen zijn het huis uit. En zij en haar man succesvol. Of zo. Ze laat zich lezen als een Viva vol met jankverhalen. Een glanzend kantoorgebouw slokt haar op terwijl ze binnenstrompelt. Waar alle vinkjes kraaiepootjes worden.

Vrouw 2

Zomaar ergens anders. Rimpels om haar ogen en mondhoeken, verdwijnen achter een lachende stralenkrans. Het licht op de scène wordt aangepast, badend in een zacht gouden gloed. De spijkerbroek die ze aan heeft oogt losjes. De trui warm en oud. Ze beweegt als een vlinder van gesprek naar gesprek en houdt haar hoofd gebogen als een poes. Haar oneven tanden ontbloot ze schaterend, hoofd in haar nek. Sandelhout en kaneel schudt ze uit haar wilde haren. Ze heeft geen designer vagina maar een yoni. Drinkt bier in de kroeg met verlopen mannen, van wie ze op sympathieke wijze het lijden beschouwt, zonder er deelgenoot aan te hoeven zijn. Rust boven een wanhopige verzekering tegen alle mogelijke levensrisico’s. Vrije invulling boven verplicht hok of scherm. Ze laat zich lezen als een boek dat niet uit gaat en nooit af is. Vingertoppen voelen de stof van haar jeans. Er zit alleen leven onder. Verborgen.

Ze zeggen dat de jeugd niet aanhoudt. Een vrouw niet eeuwig vruchtbaar blijft. Biologisch zal dat wel.

Ze zeggen dat de geest jong blijft. Dat moet ze dan ooit wel worden. Ik heb vrouwen zien opbloeien en vrouwen zien verwelken. Ongeacht de leeftijd. En ach, ze zeggen zo veel. Maar zij! Zij spreekt voor zich.

 

 

VON SOLO

DICHTER, PERFORMER, COLUMNIST EN CINEAST

www.vonsolo.nl

Lees ook de wekelijkse column van VON SOLO op www.POMgedichten.nl 

En volg VON SOLO ook op Facebook, Twitter en LinkedIn!!!

Share This:

MERIK VAN DER TORREN aan het carnaval: “Bier schuimt van wand tot wand.”

Posted on Leave a commentPosted in Geen categorie
foto van Pom Wolff.
Hoi Pom, komend weekend begint in het Zuiden des lands het carnaval. Hierbij een pantoum geïnspireerd op dit feest, voor de woensdag op pom, hartelijke groet, Merik
.
Carnaval
 
“Er staat een paard in de gang”.
Bont gemaskerd host de boer.
Een klapzoen op je rode wang.
Een dronken zanger staat aan het roer.
 
Bont gemaskerd host de boer.
Bier schuimt van wand tot wand.
Een dronken zanger staat aan het roer.
Koeien loeien op het vlakke land.
 
Bier schuimt van wand tot wand.
Hef het glas met Weledelgeboren Prins.
Koeien loeien op het vlakke land.
Voor de hele kroeg een gratis pint!!
 
Hef het glas met Weledelgeboren Prins.
Schort uw rokken op in naam der Wet.
Voor de hele kroeg een gratis pint!!
En “Ik heb een potje, een potje met vet!”
 
Schort uw rok op in naam der Wet
“Er staat een paard in de gang”!!
en “Ik heb een potje, een potje met vet!”,
een klapzoen op je rode wang.
.
Merik van der Torren

Share This:

de dichter MAX LEROU zwaar gewond tussen de deuren van de RET – amputatie rechterhand niet uitgesloten – RET aanvaardt vooralsnog geen aansprakelijkheid

Posted on Leave a commentPosted in Geen categorie


maar waar was ik? ach het ov.
je neemt, ter lering ende vermaak,  je kind mee naar een concert van tv
smith (zoek op! it’s expensive being poor)) en uksubs;
je doet aan het meleu dus je vertrouwt ziel en zaligheid aan het ov en
moet dat bijna bekopen met amputatie van een arm.
mooier kan ik het niet maken. (mijn vader zou geschreven hebben ‘moeder
vraagt of het zo goed is’ of andersom dat weet ik niet meer).

 

 

.

010 weer eens in opspraak lieve lezer – de dichter Max Lerou tussen de plotseling dichtknallende deuren van de RET. (met de welluidende en aansprekende slogan: “aardig onderweg” –  jaja) het moet niet veel gekker worden in cultureel nederland, in 010 ben je met de RET je leven niet meer zeker.  nog levenslustig – mogen we van max begrijpen – stapt hij de tram in van de RET – gebroken, bont en blauw en hevig bloedend verlaat hij even later de tram van de RET. dat is toch niet de bedoeling van het openbaar vervoer in 010. lees hieronder van de praktijken van de RET – hoe men voorlopig tracht alle aansprakelijkheid te ontlopen.  de schrijfarm van de dichter kunnen we mogelijk straks geamputeerd in het letterkundig museum aanschouwen. nog nooit eerder vertoond.

 

rotzooi in rotterdam
 
er ligt hier van alles en nog wat op straat
niet alleen maar aangereden meisjes
 
ook dichters – vooral bij tramhaltes
én overal geamputeerde armen
 
je kunt het zo gek niet bedenken
nee mijn stad is het niet
 
 pw

 

 

gezellig ritje met de RET – kijkt u wel uit dat u uw hoofd niet verliest

En dan ga je na een overweldigende middag met TV Smith en the UKSubs weer op huis aan. Je stapt nietsvermoedend op de tram, bijna binnen, knallen de deuren zonder waarschuwing met een rot klap dicht.
Pols ertussen. Binnen een minuut bont en blauw. Nog een minuut later en de halve vloer zit onder het bloed.
Je wordt verbonden door een beveiliger, de bestuurder neemt je gegevens op met de mededeling dat je morgen gebeld wordt door iemand van de RET.
Je vervolgt je weg, gaat volgende dag naar de huisarts die hoofdschuddend de boel bekijkt, schoonmaakt en opnieuw verbindt.Inmiddels besluit je niet te wachten op het telefoontje namens de RET en stuurt die lui een e-mail met foto’s. Je neemt eerst nog de moeite de namen van de verantwoordelijke directeuren te achterhalen en richt voor de zekerheid je bericht aan hen persoonlijk. Want je ziet de bui al hangen, immers het enige e-mailadres dat zich achterhalen laat is dat van de klantenservice.

En klantenservice, tsja, die hebben zo hun instructies.
Je voelt hem aankomen, de bui die ik hangen zag ontlaadde zich in no time.Een mevrouw van de RET aan de lijn. Ja dat zag er niet best uit. Of het nog pijn deed en ja wat vervelend toch. De dame was van de afdeling ‘nazorg’ dus ze wist van wanten. Of ik misschien ook bloedverdunners gebruikte? Nou nee mevrouw, maar ik ben wel aardig wat bloed kwijtgeraakt in tram 2, halte Molenvliet
Ja heel vervelend. Nou. Tjongejonge wat een schrik. Of ik het misschien op prijs zou stellen als tante RET mij een bloemetje zou sturen?Kijk zo doen ze dat bij zo een bedrijf. De grootste vervoerder van Rotjeknor e.o. Een moloch. Niet eens een bloem, nee een bloemetje.
Ik heb de vriendelijke mevrouw vriendelijk bedankt en gevraagd mijn brief (een e-mail is toch niet anders dan een brief?) alsnog door te geleiden naar de heren aan wie hij is geadresseerd, te weten P.G. Peters, alg. directeur en J.P.M. Bakker, directeur exploitatie (o.a. verantwoordelijk voor veiligheid).Maar nee daar kon de vriendelijke mevrouw niet aan beginnen, daar zijn directeuren niet voor. Die hebben een afdeling nazorg, de afdeling die ervoor zorgt dat je een blommige trap na krijgt en dan opsodemieteren ja!
En ik had nog wel zo’n vriendelijke brief geschreven. Beleefd zoals mij door mijn ouders geleerd is. Uitgelegd dat het wel een nare ervaring was ja. Het deed pijn ook. Kijkt u maar naar de bijgevoegde foto’s.
Maar ook heb ik gevraagd hoe het ongeluk heeft kunnen gebeuren en, naar goed Nederlands gebruik, wat men gaat doen zulks in de toekomst te voorkomen en tenslotte, ook niet onbelangrijk, wilde ik graag weten hoe de mensen van de RET mij dachten te compenseren.Nou dat weten we inmiddels, de heren denken niets want weten niets. Een zorgvuldig aangewezen poortwachter met het mombakkes van barmhartigheid verspert de doorgang naar verantwoordelijke echelons.
Als je dan blijft rammelen aan de poort krijg je uiteindelijk een (e-mail)adres waarheen je dan je klacht c.q. claim kunt sturen.
Het mag ook een brief zijn. Bedoeld wordt een ‘echte’ brief in een enveloppe. Bureau schadezaken. Bonnetjes bijvoegen graag.

Nou dat ga ik dan maar eens doen. Een brief schrijven he. Gewoon gericht aan de directie.
Want ik heb niet gevraagd om een schadeformulier.
Ik heb behalve naar hun ideeën omtrent compensatie ook gevraagd hoe het kon gebeuren dat deuren zomaar zonder waarschuwing dichtklappen en hoe men herhaling denkt te voorkomen (ik zei nog tegen nazorgdame: veronderstel je gaat de tram in met je hondje en BAF, koppie eraf!
Dat zou niet zo leuk zijn voor die eigenaar. Voor het hondje ook niet denk ik zo)
Kijken jullie gezellig even wat plaatjes, ga ik ondertussen een enveloppe zoeken.

http://maxlerou.blogspot.nl/2017/02/gezellig-ritje-met-de-ret-kijkt-u-wel.html

Share This:

KAREL WASCH over het leven en de verslavingen van vrijbuiter Brendan Behan (1923-1964) – In Nederland tekenden Gerard Reve en Cees Nooteboom voor de vertalingen van zijn toneelstukken

Posted on Leave a commentPosted in Geen categorie

 

Karel Wasch: Gevangen vrijbuiter. Over het leven van Brendan Behan (1923-1964)

De Ierse schrijver Brendan Behan (1923-1964) heeft in zijn korte leven heel wat stof doen opwaaien. Hij was iemand van twaalf ambachten en dertien ongelukken. Zo probeerde hij zich in leven te houden als smokkelaar, huisschilder, bommenmaker en pooier.

Zijn (autobiografische) roman Borstal Boy maakte hem beroemd en rijk. Het is een van de eerste verslagen van het leven van een jonge gevangene in een opvoedingsgesticht. De hoofdpersoon weet de kunst van het leven te leren tegen de achtergrond van de sombere instituten waartoe hij is veroordeeld.

Een aantal toneelstukken van zijn hand – zoals The Quare Fellow en The Hostage – behandelt onderwerpen die ook vandaag de dag nog actueel zijn. En dus nog regelmatig worden opgevoerd. Deze toneelstukken zijn een aanklacht tegen de burgerlijkheid en gezapigheid. Behan durfde grote dilemma’s aan te roeren zoals de doodstraf, homoseksualiteit, de terugkeer van ontheemde veteranen van de slagvelden, de verdeeldheid van de zogenaamde revolutionairen van de IRA, het verschil tussen rijk en arm, het lot van kansarmen en het opsluiten van jonge gevangenen. In Nederland tekenden Gerard Reve en Cees Nooteboom voor mooie vertalingen van deze opmerkelijke stukken.

Cees Nooteboom herinnert zich Brendan Behan: ‘Te jong om te sterven, maar te dronken om te leven’

De grootste zwakte van Brendan Behan was de alcohol. Daaraan is hij uiteindelijk ten onder gegaan. Brendan Behan is nog steeds het klassiek geworden symbool van alles wat een Ier karikaturaal maakt: een vrijbuiter, die gevangen zat in zijn verslaving.

Met groot gevoel voor drama, psychologie en detail beschrijft Karel Wasch (1951) de opkomst en ondergang van deze Ierse schrijver. Hij bezocht de plaatsen waar Behan heeft gebivakkeerd en sprak met mensen die hem hebben gekend. ‘Het gevoel bekroop me dat het oppervlakkige beeld dat van hem bestond, niet klopte. Sterker, dat hij dat beeld welbewust en al te graag zelf in stand had weten te houden’, aldus Wasch die met deze biografie dan ook een mythe wil ontrafelen.

Eerder verscheen als deel 11 van de reeks PROMINENT KLASSIEK van de hand van Karel Wasch: Zo lang als voor altijd is over het leven van Dylan Thomas (1914-1953).

 

Karel Wasch: Gevangen vrijbuiter. Over het leven van Brendan Behan (1923-1964). ISBN 9789492395122, 140 pagina’s, verkoopprijs € 14,95.

Share This:

JOLIES HEIJ op schuimende kroegentocht door zeist – 2e druk bundel heij in de maak

Posted on Leave a commentPosted in Geen categorie
foto van Pom Wolff.
.

met het servokroatiese leraresje op schuimende kroegentocht door zeist. heeft zeist een nachtleven dan? vroeg ik haar verwonderd nadat ik haar geknakt en wel uit het rozenbed had geplukt en geheeld door haar in huize heij in de watten te leggen en te laten opbloeien. bij mij hoef je geen roosjes te begieten, zei ik, in mijn tuin groeien enkel distels. je hoeft de ramen niet te lappen, want beter dat niemand ziet wat erachter gebeurt. je hoeft het hondenhok niet te verschonen, want de bulldog ligt aan de toffels van de natuurgenezer gekluisterd. je hoeft enkel powezie te schrijven. à propos, hoe maakt de natuurgenezer het tegenwoordig aan de ketting? ik zou het niet weten, antwoordde het leraresje, hij heeft me buitengesloten en ik kan ook niet meer naar binnen gluren sinds ik de ramen niet meer lap. voor hem ben ik dood. ik ben zijn stiefdochtertje niet meer. hij moet zich concentreren op de familie-uitbreiding, ik ben te veel. met een beroemde schoonzoon die aan den lopenden band nageslacht produceert kan hij zich geen stiefdochtertje meer veroorloven. ik was slechts zunne aanlooppoesje en hij kan me naar buiten schoppen wanneer hij maar wil. hij kan me in het nachtleven van zeist laten verkommeren dat ik met de wilde katers moet vechten om een broodkorst en een flintertje aandacht en zorg van de mensheid, bedelend dat de nachtburgemeester mij onder zijn jas neemt.

 

heeft zeist een nachtburgemeester dan? vroeg ik alweer verwonderd. jazeker, en een stadsdichter, en een galerie waar ik wel eens voordraag, en een ellendige geitenwollensokkenschool waarop ik lesgeef. en de twaalf ambachten waar jij je bundel presenteert. krek dat je ut zegt, dat zou ik haast vergeten zijn, gaf ik waarop we ons erheen haastten en ik een voorstelling ten beste gaf waarop de bundels alras bijna uitverkocht raakten. jazeker, lieve lezertjes, het wordt alweer tijd voor een tweede druk, hoewel nog geen hordes mij hun woordenbrei toeschreeuwen die ik op rijm mag zetten, zoals menno smit laatst bij paul de leeuw. na de gedane arbeid deden we ons te goed bij het volle bord, de beste retrobistro van zeist. tis vandaag ook nog eens mijn verjaardag, zei het leraresje bedroefd, en ik heb geen enkele felicitatie van radovan ontvangen. zie je nu dat ik voor hem niet meer besta? en nou is het afgelopen, zei ik mijn coq au vin resoluut terzijde schuivend, as ie niet eens zunne roosje ken trakteren op een virtueel bloemetje terwijl hij mij volkweelt op valentijnsdag omdat ie zunne pis in mijn mond wil spuiten moet hij nodig onder handen worden genomen. nu is ie te ver gegaan. dattie aan de ketting ligt en zijn handen gebonden zijn is geen excuus. die stiefvader van jou krijgt veel te veelkapsones, zeker omdattie tot de elite van oorlogsmisdadigers behoort denkt hij dat hij alles kan maken omdat hij niets te verliezen heeft. maar hij heeft jou verloren. en straks loopt de geilsoldate bij um weg, en de bulldog, en mag hij in de isoleer met een gat in de grond zunne straf uitzitten.

kom mee, we zullen hem es trakteren! maar het arme kind durfde niet meer naar het tuinhuis en dook onder in het nachtleven van zeist. dus stapte ik stevig door het duin en zag nog net het halogene haar van de diva in nertsmantel met stola om de hoek verdwijnen. wat mot die platvloerse del hier? grauwde ik tegen de natuurgenezer die met een zelfvoldane glimlach aan de ketting lag. zij is mijn nieuwe patiënte, ronkte ie van tevredenheid. wij gebben veel gemeen. ik zei gaar, mijn carrière is ook verwoest sinds ik van oorlogsmisdaden ben beschuldigd, maar ik geb mijzelve gerpakt door mij voorbeeldig als get braafste jongetje van de klas bij get tribunaal te gedragen. zo moet jij dat ook doen. gedraag je als get poezeligste delletje en pleeg alleen nog plassex in de begandelkamer waar geen camera’s gangen en de ramen vuil en ondoorzichtelijk zijn sinds get servokroatiese leraresje ze niet meer lapt. en ik mag dan impotent zijn, plassex kan ik nog geel goed en richten des te meer! en mijn geilsoldate weet geus goe je een vibrator ganteert. ik geb mijn ideale sexmaatje gevonden… daarop was columniste zo verbouwereerd dat ze accuut vergat waarvoor ze was gekomen en achterwaarts het tuinhuis uit struikelde.

 
in het heetst van de strijd
 
dat je met de billen bloot en je mond open
laat het maar klateren en lik op stuk
 
ik heb toch niets anders te doen, zeg je
dan woorden doel te laten treffen
 
dat je tegenover elkaar met de tafel tussen jullie in
niet de juiste snaar weet te raken
 
geen handen die in elkaar haken
geen botsende lichamen en toch vervloeien
 
voor kogels is de lucht te dik
voor verwijten en vermaningen zijn we te oud
 
je houdt alle ballen het liefst in eigen hand
en stormen uit de lucht
 
maar als dan toch alles zo maar moet gebeuren
waarom niet een gedicht, een slippertje van de tong
 
een zweem van liefde in het aangezicht
in het heetst van de strijd zeggen dat je van me houdt
 
 Jolies Heij

Share This:

JOOP KOMEN luidt het voorjaar in

Posted on Leave a commentPosted in Geen categorie
Voorjaar
 
Gisterenmiddag was ik bezig met mijn tuin een cosmetische opknapbeurt te geven en waar nodig, een facelift aan te brengen.
Aan de andere kant van de heg achterin de tuin, hoorde ik de stemmen van een jongen en een meisje.
Ik kon ze niet zien doordat de heg bladhoudend is, maar ik vermoedde dat de twee in het gras van het park, dat aan mijn tuin grensde, van de zon zaten te genieten.
De jongen sprak over een film die hij de avond tevoren op de tv had gezien.
“En toen ging hij met zijn handen onder haar rok en trok haar slipje naar beneden.”
“O ja, en toen?”, klonk de  stem van het meisje.
“Nou, daarna ging hij met zijn hoofd onder haar rok en na een tijdje begon dat meisje te kreunen en te hijgen en begon ze door haar rok heen op zijn achterhoofd te drukken.”
Ik verwachtte weer een vraag van het meisje, maar het bleef stil en de jongen zweeg ook verder.
“Nou, het lijkt me niet zo’n spannende film”, klonk plotseling het meisje na enkele minuten.
“Nee”, antwoordde de jongen, “er zat geen spanning in, alleen maar seks en dat zie ik al zo vaak op de tv.”
“Kom” sprak het meisje, “over een half uur moet ik tennissen. Kom je kijken?”
“Natuurlijk”, zei de jongen, “we zijn toch op elkaar.”
Ik hoorde geritsel in het gras toen ze beiden opstonden en verder wandelden.
Na enkele seconden kon ik hen zien toen ik over de heg keek. Hand in hand wandelden ze naar de uitgang van het park. Zij een jaar of tien, hij omstreeks twaalf
Ach ja, ’t voorjaar komt er aan.
Ik weet het weer.
 
Joop Komen

Share This: