Geen categorie

JOLIES HEIJ: ‘Het is kennelijk de tijd van het liegen, lieve lezer, of beter, van het onthullen van de leugen.

Geplaatst op

Het is kennelijk de tijd van het liegen, lieve lezer, of beter, van het onthullen van de leugen. We leven tenslotte in een transparante wereld. De mens liegt al sinds hij erop werd gezet, vooral autoriteiten hebben er een handje van. Sommigen verdienen er hun brood mee – of doen het op de pof, dan heet het fictie. Wat ik in deze columnreeks al niet bij elkaar gelogen heb, dat wilt u niet werkelijk niet weten, lieve lezer, want dat zou afbreuk doen aan de betovering. En fictie of een goed verhaal is vaak waarder en authentieker dan de werkelijkheid. Persoonlijk zit ik niet zo met een leugen. Ik heb me er nooit over opgewonden dat Boudewijn Büch zijn hele leven bij elkaar verzon, het dode zoontje incluis. Dat Halbe de datsja van Poetin in het leven riep om een verhaal over te brengen vind ik juist prijzenswaardig, het geeft namelijk ’s mans vermogen tot verbeelding aan.

We zouden er ook nooit om hebben gemaald als niet een bemoeizieke snuffeljournalist de “waarheid” had achterhaald. Die obsessie met de “waarheid” komt, me dunkt, eerder voort uit een soort misplaatste mondigheid. De mondige burger laat zich immers niet bedotten, zoals een klein kind door Sinterklaas. Maar wat schieten we ermee op te weten dat Lucebert als onbezonnen 19-jarige Heil Hitler riep? De waarheid verzwijgen is immers ook een leugen. Mijn vader was gewoon een heel bange man, stelde de dochter. Ook heel postmodern: een persoonlijkheidsstoornis of wat voor stoornis dan ook aanvoeren als excuus voor bepaalde gedragingen. Terwijl het zo klaar als een klontje is dat vlak na de oorlog geen weldenkend mens zich vrijwillig aan de inquisiteurs van Bijltjesdag wenste te onderwerpen, met gevaar voor eigen leven en de zekerheid van strontbesmeuring en een verkeken beroepscarrière.

Toen ik 19 was, stemde ik op de VVD. Ik heb dat altijd voor u verzwegen, lieve lezer, maar ik durf het nu wel op te biechten omdat het een jeugdzonde was en hedentendage geen misdaad meer om rechtsconservatief te zijn. In de tijd van Ban de bom en Hollanditis gold het als revolutionair om met je ruitsjaaltje te zwaaien en in bekakt Gooisch te verklaren dat die kruisraketten toch echt nodig waren voor het natuurlijke evenwicht in de wereld. Waar al die zogenaamde milieu-activisten waren toen Hoog Catharijne werd gebouwd, ik zou het niet weten. Een verdwaalde boom in Amelisweerd tegen de kettingzaag in bescherming nemen deden ze dan nog wel, echter zonder resultaat. De vernieuwing is niet te stuiten en ik moet voortaan zonder boek of patatje over dat tochtige noppenplein door het Utrechtse. Maar het kan altijd erger. Geen onverlaten hier? vroeg de zeemanspet bij binnenkomst in Eijlders.

Vorige week viel hier nog een granaat. De enige onverlaat in mijn leven is de natuurgenezer, gaf ik. En mijn woorden waren nog niet koud of daar schemerde een geitenwollen tuniek met daarboven baard en uilebril, met in het kielzog het Weesper Trekvaartmannenkoor. Ik kom “Get kleine café aan de gafen” speciaal voor jou zingen als blijk van mijn succesvolle integratie en mijn liefde voor jou. Ik gou van jou, goewel ik niet op je verliefd ben. Ik ben nog nooit verliefd geweest, als natuurgenezer in verbinding met de kosmos sta ik boven al get aardse en vleselijke geneugten en geb ik geen fluitekruidsels nodig om een roze olifant met een lange slurf te creëren, sprak de natuurgenezer plechtig. Da’s heel lief van je, Radovan, zei ik, maar mij hou je niet voor het lapje. Ik ken je als de zak van je tuniek en je weet net zo goed als ik dat psychiaters niet alleen beroepsleugenaars zijn, maar zo vergroeid met hun verzinsels dat ze er zelf in zijn gaan geloven. Kijk maar naar Karadzic. Daar staat 40 jaar cel op. Dan is Halbe nog goed weggekomen. Die staat alleen maar in zijn hemd.

 

ode aan de patatstraat
 
want hoe alles verdwijnt en de wortels
verstijven tot hijskranen bovengronds die niet weten hoe te dansen
 
ooit speelden wij hier op straat en moet ik je vastgehouden hebben
de knikkers die van hand tot hand gingen
 
je potte ze in verse aarde, maar als we rioleringsbuizen uitgraven
strijken we enkel stront op, zoals je voor me stond
 
we hebben elkaar eerder gezien, jij was degene
die veel te laat kwam, toen er betonnen paddestoelen
 
uit de grond rezen, met wolkende stippen
diep in het gelakte oog de talmende zielen
 
die de weg naar de stad niet wisten te vinden
als uitgehongerden op een vliegdek bijeengedreven zonder moed
 
om te zweven, de patatstraat is opgeheven, die knusse zelfkant
van frituur en tasjesdieven terwijl het geweten op groot scherm
 
een vierkante centimeter netvlies en de schrapende planken
van de boekspot waar ik je reizend reikhalzend uit kon lezen
 
 
Jolies Heij

Share This:

Geen categorie

DITMAR BAKKER – Het is enkel de liefde die uit zijn woorden stroomt

Geplaatst op

ons ditmar ging gisteren kopje onder in het geweld van de zondagochtenwedstrijd, dat de zondagochtendwedstrijd altijd met zich mee brengt. een krankzinnige juryvoorzitter zag zijn wonderschone werk over het hoofd en wist ditmars dichtwerk niet te waarderen – en dat ook nog op de dag van de Heer. van EO zijde werden wij van de pom geattendeerd op de verlichtende tekst van ditmar bakker – ‘een verlichtend gebed dat meer respect verdient dan het gebrek daaraan dat u op uw door de ratten aangevreten site elke zondag weer opnieuw presteert…’ – aldus de EO woordvoerder. “Ditmar weet op heel natuurlijke wijze een godsvruchtig leven te schetsen, een voorbeeld voor Nederland, voor Amsterdam in het bijzonder en voor Ruud Lubbers – hoe ie er ook bij ligt. Ditmar gooit geen parels voor de zwijnen, om over de krenkende en kwetsende kant van uw site maar te zwijgen. Het is enkel de liefde die uit zijn woorden stroomt”

 

 

De Verlichting

Bederven, rotten, ondermijnen.
Vergallen, aantasten, failleren.
Parels gooien voor de zwijnen.
Krenken. Kwetsen. Corrumperen.

Nekken, kneuzen en fausseren.
Vermemelen en met loog betten.
Beschadigen. Verzieken. Zweren.
Verzuimen beter op te letten.

Onbruikbaar maken door verfijnen.
Lepels op een slijpsteen wetten.
Achteruitgaan en verkwijnen.
Breken. Havenen. Besmetten.

Vallen. Stuk doen gaan. Verteren.
Vergaan, verliezen. En begeren.

Ditmar Bakker

Share This:

Geen categorie

FRANS TERKEN wint de enige echte virtuele lijstje van verlangen trofee – maar als het mag dan ook gewikkeld in iets van poëzie. Jolies Heij zilver – Cartouche het brons

Geplaatst op

dat het verlangen uiteindelijk leidt tot wat  ooit eerder al gevonden werd maar toen nog niet kon worden gewaardeerd – de zoektocht elders die je  tot het diepe inzicht brengt dat een leven lang onrust slechts tot onrust leidt  – zo pareert frans terken in zijn eigen woorden het lijstje van verlangen van lisan – gunnen we hem deze week het goud. het zilver voor jolies heij – die is nog onderweg – nou is de patatstraat weer onder haar neus gesloopt, vorige week was er iets anders en ook volgende week is de wereld nog niet ingericht zoals dichteres dat wenst. de laatste twee strofen van het gedicht van Cartouche zijn goed voor brons. een contemplatie van de hoogste orde. mar de compleetheid van het lijstje van frans terken steekt deze week boven alles uit. hij wint het lijstje van verlangen van lisan. een mooie dag, een mooie ochtend, een mooi gedicht. van harte!

Lijstje

Elke ochtend badend in het zweet
hopen op een betere dan de vorige
dat het je angst en je zorgen temt

je vinkt gespannen je lijstje af
zoals je een vogel bij de staart grijpt
kruist aan wat je blind zou kunnen doen

kleurt met trillende hand de opkomende zon
tekent op de kalender dag na dag aan
wat nog voor je weggelegd lijkt

in het achterhoofd zoemt het
verlangen om te blijven
waar je altijd wilt zijn

hoe het dichter bij huis is dan je denkt
bij het eerste licht wakker worden
rusten op de borst van je lief

FT 17022018

 

 

FRANS TERKEN hoe het dichter bij huis is dan je denkt

ANNAGRIET DIESMAN diep in een vers kondigt zich een beving aan

PETRA MARIA VAN DEN E want wij zijn

DITMAR BAKKER Vallen. Stuk doen gaan. Verteren. Vergaan, verliezen. En begeren.

ERIKA DE STERCKE  in de naden van verlangen zit het stof dat ons samenhoudt.

JAKO FENNEK laat me in je handtas kruipen

JOLIES HEIJ de patatstraat is opgeheven

CARTOUCHE opgaan in het blauw van inkt is wat mij het meest

ok lisan doen we – wie wint de enige echte virtuele – heeft u ook een lijstje van verlangen? trofee – maar als het mag dan ook gewikkeld in iets van poëzie.

u kent de regels – het mag weer mooi deze week – en kort. misschien doet lisan mee deze week als juryvoorzitster? nou ja dat hoop ik. u kent de regels. inzenden voor zondag half 11. het commentaar is verzekerd. stuur in onder ‘contact’. (zie hierboven in de zwarte kolom) – of op het u bekende gmail.com adres van pomgedichten@ – ik zorg er voor dat uw gedicht in het item wordt geplaatst.

van ergens vandaan en ergens naar toe

misschien dat ik daarom zo graag naast je zit
en nergens aan wil komen
om onderweg te zijn

dat de verwondering meereist
om haar later op ons te leggen
als sneeuw op sneeuw

om met weinig weer
mooi te zijn
maken we de grond bijzonder

pw

 

Lijstje

Elke ochtend badend in het zweet
hopen op een betere dan de vorige
dat het je angst en je zorgen temt

je vinkt gespannen je lijstje af
zoals je een vogel bij de staart grijpt
kruist aan wat je blind zou kunnen doen

kleurt met trillende hand de opkomende zon
tekent op de kalender dag na dag aan
wat nog voor je weggelegd lijkt

in het achterhoofd zoemt het
verlangen om te blijven
waar je altijd wilt zijn

hoe het dichter bij huis is dan je denkt
bij het eerste licht wakker worden
rusten op de borst van je lief

FT 17022018

 

hoe iets van noodzaak tot de conclusie van de eenvoud leidt. bijna een liedje van bram vermeulen dit gedicht. een leven lang erover doen om tot de eenvoud te geraken. altijd die onrust ook, de wrijving. blijkbaar kan leven niet zonder. in de eerste strofen lezen we van de onrust, in de volgende wat niet meer hoeft ontdekt en mogelijk nog voor je  weggelegd is, in de laatste over een thuisgekomen zijn. een bewust zijn. het nu.

 

een stem zelden zangerig
maar vol ondertonen als een tweede bloedsomloop
drager van een vertrouwd verhaal

stilte tussen ons
als aangeschoten wild op te dragen dagen
waarop dichten terug blaffen is

diep in een vers kondigt zich een beving aan

woorden als lava
schroeien mensen tot huid
als een bloedend hoopje naast hen ligt

Annagriet Diesman

 

ik lees in deze annagriet weinig verlangen. thema niet behaald zou een strenge juryvoorzitter concluderen. deze juryvoorzitter is echter van mens gemaakt en hanteert hier het vileermes niet. dat doet annagriet zelf wel – je bent nog niet wakker op een vrolijke frisse zondagochtend of de lava stroomt je kamertje binnen hier in het veel te dure amsterdam. we branden alles af en we beginnen bij die wolluf – zal ze gedacht hebben.  bij die diesman marcheert groningen zo maar je slaapkamertje binnen – waren we net tot rust gekomen in de woorden van frans terken kunnen we  meteen al weer vervoerd naar het brandwondencentrum in beverwijk.

VERLANGEN

als jij nou binnenschipper wordt
dan word ik binnenschippersvrouw
dan varen we met een aak door de binnenwateren
van her naar der en we laden en lossen

we sturen dat schip door smalle sluizen
we kennen de brugwachters
en de kroegen langs kades
van Hollandse stadjes

zwart van steenkool ademen wij het werk
dan hang ik mijn haar uit het raam
en bezie de watervogels die ons volgen
dan krijgt het leven vast zijn zin

dan volgen wij de wolken
dan staat er niets meer stil
en alleen het ruim is af en toe leeg
niet wij

want wij zijn binnenschipper
met zijn binnenschippersvrouw

PetraMaria

 

ja – ‘als’ ‘als’ petra maria – maar zo zijn we niet getrouwd. as is verbrande turf roept buuf van twee hoog achter uit het raam hier in de jordaan. als ie zo nodig binnenschipper wil zijn  in die vervuilde wateren laat hem gaan, laat hem varen. is mijn advies. er zijn mooiere zaken in dit kikkerland dan steeds weer hetzelfde vooronder. en een kapitein in vuile wateren die alleen maar van het water houdt.

De Verlichting

Bederven, rotten, ondermijnen.
Vergallen, aantasten, failleren.
Parels gooien voor de zwijnen.
Krenken. Kwetsen. Corrumperen.

Nekken, kneuzen en fausseren.
Vermemelen en met loog betten.
Beschadigen. Verzieken. Zweren.
Verzuimen beter op te letten.

Onbruikbaar maken door verfijnen.
Lepels op een slijpsteen wetten.
Achteruitgaan en verkwijnen.
Breken. Havenen. Besmetten.

Vallen. Stuk doen gaan. Verteren.
Vergaan, verliezen. En begeren.

Ditmar Bakker

 

tuurlijk lieve ditmar – begeren begeren – roep het uit. bevrijdingsdag! na een jaar zwoegen – we lezen met je mee. lekker voorspel dat mag gezegd. zo ken ik je helemaal niet – ‘geduld overwint alles’ – bij oma hing het bordje in haar keukentje. de nieuwe versie tegeltjeswijsheid bij ditmar te verkrijgen.

Hunkering

We zijn onderweg op een tocht
die slingert naar afgronden.

Geschreeuw weerklinkt in hopen
chaos.

Er is geen plan. De hitte rijt vergeten
verraad open. Zwijgen dekt toe.

In de naden van verlangen zit
het stof dat ons samenhoudt.

Erika De Stercke

het lijkt doortje martelgang wel. wat een toestanden weer. het leven is niet makkelijk te gaan en te overleven erika – we weten het. jij stuurt de grootste kwellingen altijd in naar pomgedichten. maar we willen lucht en lichtheid op de zondagochtend en geen zware martelgang door diepe donkere vooronders keldes opf chaos. wat een toestanden kun jij leggen in een paar regeltjes.

 

dag pom,
hierbij mijn bijdrage voor morgen. heb een fijn weekend, groet van jako.

echt koeienleer

hij dook onder de vloer
om aan de moffen te ontkomen
over het luik een kleed

ik zou willen onderduiken
in de geur van leer, echt koeienleer

laat me in je handtas kruipen
om bovendien je vingers te ontmoeten
als je vuur zoekt

jako fennek

 

gewaagde combinatie van thema’s – anne frank gekoppeld aan de niet te stillen lust van jako fennek. je moet maar durven. hier in buitenveldert valt dit dichie niet in goede grond. dat voorspel ik je. een beetje gezocht is het wel. dat lust ons ook nog in handtasjes doet belanden is een wijsheid die we alleen door jako krijgen aangereikt.

ode aan de patatstraat

want hoe alles verdwijnt en de wortels
verstijven tot hijskranen bovengronds die niet weten hoe te dansen

ooit speelden wij hier op straat en moet ik je vastgehouden hebben
de knikkers die van hand tot hand gingen

je potte ze in verse aarde, maar als we rioleringsbuizen uitgraven
strijken we enkel stront op, zoals je voor me stond

we hebben elkaar eerder gezien, jij was degene
die veel te laat kwam, toen er betonnen paddestoelen

uit de grond rezen, met wolkende stippen
diep in het gelakte oog de talmende zielen

die de weg naar de stad niet wisten te vinden
als uitgehongerden op een vliegdek bijeengedreven zonder moed

om te zweven, de patatstraat is opgeheven, die knusse zelfkant
van frituur en tasjesdieven terwijl het geweten op groot scherm

een vierkante centimeter netvlies en de schrapende planken
van de boekspot waar ik je reizend reikhalzend uit kon lezen

Jolies Heij

 

heij pakt lekker uit. patatje met met heij in utrecht. gaat u er maar even lekker voor zitten. de vernieuwing zint mevrouw niet – nou dan zullen ze het weten ook daar in dat dorp. ik hoor de dom al rommelen als heij haar regels utrecht in smijt. het gedicht lijkt op een hele diepe zucht geslaakt met  het vuur dat heij altijd in zich zelf weet op te stoken – onblusbaar meisje. indringend gedicht.

 

 

 

Tellen en wegen

Een bucketlist hoef ik niet, ik zit
in de lijst van mijn raam en kijk
naar het buitelen van vogels
rond de elektrische draad

langs kale kruin en grauwte in
het zwerk, hemelruim knik ik
naar het gezicht dat ik haarfijn
uittekenen kan en voor mij zie

trekken aan de dag dat wij twee
vliegen konden vangen in één hand
al het zand van de zee vasthouden
in boeien en vloeiende lijnen

opvliegen van de rand
uit de kou van een dodenprent
opgaan in het blauw van inkt
is wat mij het meest

17-02-2018
Cartouche

 

och gossie toch. het zat niet mee in het jongetje cartouche dat hier op de pom – eerlijk is ie wel – in een zwaar romantische bui terugblikt op het blauwtje dat hij liep. dan maar de natuur in moet cartouche gedacht hebben – olla vogela moeten uiteindelijk vliegen en die van cartouche ook. de strofen drie en vier kunnen op zich los van de eerste twee. laten we dat ook maar meteen doen. dan krijgen we toch ineens iets bovenaards –  zweven we in woorden van poëzie met cartouche mee – dan is het goed vliegen – weg met al die vogeltjes:

 

trekken aan de dag dat wij twee
vliegen konden vangen in één hand
al het zand van de zee vasthouden
in boeien en vloeiende lijnen

opvliegen van de rand
uit de kou van een dodenprent
opgaan in het blauw van inkt
is wat mij het meest

17-02-2018
Cartouche

 

Share This:

Geen categorie

LISAN LAUVENBERG met het lijstje van VERLANGEN

Geplaatst op
Verlangen
Lijstje met dingen die ik nog wil leren
 
Niets doen leuk gaan vinden.
Verveling koesteren.
Op tijd naar bed kunnen gaan.
Verdriet verwerken op de juiste manier.
Niemand iets meer kwalijk nemen
En nooit meer een slechte gedachte hebben.
 
Lijstje van wat ik nog wil kunnen
 
Altijd vrolijk wakker worden
Koesteren wat ik heb
Rijk worden
Zorgeloos zijn.
Iedere week moeiteloos een column schrijven.
Alleen maar goede gedichten maken.
En zuiver zingen in het koor.
 
LIjst van wat ik nog wil doen
 
In een cadillac langs de oost en west kust in Amerika rijden
Iedereen vergeven die ik nog iets kwalijk neem.
Mijn vrienden allemaal te eten vragen.
Voor mijn toekomstige kleinkinderen zorgen.
Mensen leren over vuur te lopen, want dan kan je alles
Goed voor de openbare tuin zorgen met zijn allen.
Doodgaan voor mijn kind en op hoge leeftijd.
 
Meneer Pom heeft u het gehoord?
Ik dien mijn lijstje bij u in, stuurt u ze naar universum?
Wat willen jullie lieve lezers?
 
Lisan Lauvenberg 15 februari 2018

Share This:

Geen categorie

VON SOLO in the pub – Het is een universele droom, dat er altijd een plek zal zijn, waar alles weer goedkomt. Een baken van belofte en hoop, vervuld met donker bier en milde melancholie.

Geplaatst op

POMgedichten presenteert de donderdag column:

VON SOLO, FEAR AND LOATHING IN POWEZIE LAND!!!

Openhartige openbaringen van de Jeff Koons van de vaderlandse powezie.

Deel 218. Paddy

Toen ik vanmiddag over het Rodezand fietste, werd ik overvallen door een verlangen om de Paddy Murphy’s binnen te gaan. De Paddy is een Ierse pub. Het zit onder in het World Trade Center. Aan de buitenkant lijkt er niet veel aan. Aan de binnenkant is het een andere wereld. Het is er gemoedelijk en warm. Zachte verlichting en robuust houten meubilair. Lambrizering en grote togen, houten vloeren, ruwe planken. Alles ademt rust en zachte gezelligheid. Ze hebben muziekprogrammaatjes die je in je binnenzak kunt meenemen die elke week dezelfde singer-song-writer-cover-muzikanten aankondigen met de boodschap ‘Paddy Murphy’s, where love stories start’.

Een Ierse pub is een magische plek. De herinnering aan de zaterdagen met ome Sjors op de Korte Lijnbaan bij de O’Sheas, waar we altijd een paar pinten Guinness ging pakken tegen de middag om de kater te kelen. Of de Kate Whelan’s op de Nationalestraat in Antwerpen, waar de barman dronken saxofoon speelde als we diep in de nacht telkens weer een laatste bestelden. De O’Learys in Utrecht, waar we plannen maakten om de wereld te veroveren. Of met de benen op de vensterbank naar buiten starend bij de Mrs Maguire, vanaf de eerste verdieping uitkijkend over de Liffey in Dublin. Lunchen met vis, chips en whiskey bij de Mullin’s in Maastricht. Onderuithangend met een pint ochtendlager op de stoffige stoep bij de Corcoran’s in Parijs. Zondagen na het voetbal of zittend, starend, drinkend en pratend op een kabouterkrukje in de Paddy. Tijdloos. Het roept je terug. Een Ierse pub heet je altijd welkom. Een Ierse pub is één van de zekerheden in het leven.

Daardoor realiseerde ik me ook iets anders. Een Ierse pub is tevens een valstrik. Het is een droombeeld dat altijd hetzelfde blijft, terwijl je zelf verandert. Het is iets dat je kan tegenhouden op je weg. Terwijl je een leven opbouwt blijft de pub hetzelfde. Ze zal je verleiden nog even hetzelfde te blijven. En nog even. Maar ik heb ervoor gekozen niet de rest van mijn leven te verdrinken. Ik heb gekozen voor een gezin. Voor liefde. Voor poëzie en film. Voor ochtenden met bedauwde velden terwijl de zon opgaat en de wind fris door mijn hoofd waait.

En toch wilde ik vanmiddag de Paddy ingaan. Ik stelde me voor dat ik er zou mogen blijven wonen. En nooit meer hoefde te slapen. Dat de pinten stout gratis zouden zijn. En dat de tijd zou stilstaan tussen mijn twintigste en mijn veertigste. Er zou gedronken worden. En dan zou er gezelligheid zijn, warmte en vrienden. Niemand zou echt dronken worden. Want de tijd leek niet meer door te gaan. Ik stelde me voor dat mijn lichaam ophield, maar mijn geest niet. Die zou ik dan stallen in de pub. Waar alles goed en veilig is. Mijn ‘Matrix’ zou een Ierse pub zijn. Waar het lijkt of alles oneindig is, terwijl de nacht nooit eindigt. En als hij dan toch eindigt, alles langzaam lichtgroen wordt en iemand je ter troost een groot glas aanbiedt. Zorgeloos. Als de hemel bestaat is het een Ierse pub.

Maar de hemel bestaat niet als zodanig. Een Ierse pub is als een Efteling. Enjoy it while it lasts. En daarom is het ook meteen zo waardevol. Het is meer dan een bar met een tap. Het is een universele droom, dat er altijd een plek zal zijn, waar alles weer goedkomt. Een baken van belofte en hoop, vervuld met donker bier en milde melancholie. En inderdaad, dit moet een teken zijn. Ik zou gewoon weer eens een lekkere pint moeten gaan pakken one of these days.

Share This:

Geen categorie

DITMAR BAKKER viert VALENTIJN met hoge heren – met merik vd torren met martin bril en god zelf

Geplaatst op

Tekening door J.O. Koren

 

Pom, liefste, omdat Merik me zo prikkelt, omdat het Valentijnsdag is vandaag, omdat Bril het perkans tot rokjesdag verheven had leefde hij nog, omdat ik daas raak van literatuurbenaderingen en vooral omdat er een God is—stuur ik je onderstaand. Ik wist niet wat te doen maar jij weet het vast beter.

.

HET OPGEBEURDE DRAMA

.
Vergetelheid—zal alles niet verglijden?
Neen, heren, wees indachtig toch het nu!
Wat staat er immers weer op het menu?
Denk Martin Bril, denk rokjes! Dolle meiden
.
die bronstig van door duinen heen paardrijden
en moe van dat gespannen-zwart tenue
het manvolk vinden. Men hoort ingénues
in bosjes openvouwen, dan zich spreiden
 .
om lid & hockeystick binnen te leiden:
gepiep om God daarvan het revenu
maar zacht, gevoeglijk-preuts om gene zijde,
 .
zoals dees dichter roept om vroeger tijden,
in hemels waanzin die een continu
orgasme van geen hellevaart weet scheiden.
.

-x-

D.

Share This:

Geen categorie

MERIK VAN DER TORREN in de mist

Geplaatst op

Hoi Pom, dit light verse achtig- gedichtje schreef ik ooit op Schrijfgroep de Klus. Voor de Pom op woensdag in de bijlage, groet, Merik

.

Mist

Hij trok maar niet op, die mist.
Mijn vriend zei: wat een pest die mist;
Voor je het weet bots je tegen iets op.
Je bent wel een pessimist, zei ik;
Hij trekt wel op, die mist.
Een onverbeterlijke optimist ben je, zei die.
Boem. We waren tegen een boom gebotst.
Langzaam werd het lichter.
Een waterig zonnetje brak door

 

 

 

Share This:

Geen categorie

DITMAR BAKKER – ‘Des avonds kijkt hij in zijn glazen bol gevuld met oude dromen en kristal…’

Geplaatst op

Tekening door J.O. Koren

De Schrijver (20 jaar)
 
De kleine man schrijft in zijn groots sonnet—
Wat maakt het uit. Hij werd nooit uitgegeven.
Zijn vers is dus, helaas, van a tot z
Gedwongen op één bladzijde te leven.
 
En stuurde hij iets in, met angst & beven,
Dan kreeg hij van een redacteur zijn vet:
‘U bent in poëzie niet zo bedreven,’
—epistels die hij schreiend leest in bed.
 
Waarom is het zo’n noest scribent gedaan?
Hij wenst zijn naam niet op reclameborden,
Slechts met zijn verzen in een kast te staan
 
En daar te Zijn van literaire orde,
Om, als de mensen langs de schappen gaan
Maar samen even opgemerkt te worden.
 
 
De Dichter (30 jaar—ongeveer)
 
Des avonds kijkt hij in zijn glazen bol
gevuld met oude dromen en kristal,
verwarmt de kleinste kloot in het heelal
en plengt het dan heus laatste glas weer vol
 
met afgeprijsde, wrange alcohol
waardoor zijn ziel zo zuiver slapen zal,
geplaagd door nieuwe dromen: carnaval
van drank en plastic zak en tramadol.
 
Bezwaren, wetten—die zijn géén bedrog:
des ochtends, bij de spiegel aanbeland,
ziet hij een steeds meer overjarig joch
 
niet tegen dood of eeuwigheid bestand,
en God blijft stil—of stierf, terwijl hij nog
een greintje zout als korrel zand ontbrandt.

Share This:

Geen categorie

JOLIES HEIJ: op de presentatie van Dean Bowens bundel Bokman. allemensen, wat een spetterende voordracht en wat een sprankelende taal!

Geplaatst op

 

Alle gezondheidsperikelen op een stokje, laten we het vandaag gewoon eens over poëzie hebben, lieve lezer. Niet over wat poëzie nou eigenlijk uitmaakt, want dat is een oeverloze discussie en in die wateren wens ik niet te varen. Het is ook een typisch nederlandse discussie omdat alles moet worden ondergebracht in keurig aangeharkte hokjes, kadertjes, strominkjes, genretjes en hypejes. Ik schreef al eerder dat de duitse Slammers van alle markten thuis zijn. In de bundel van Sebastian23 met de klinkende titel Hinfallen ist anlehnen, nur später staan rijmgedichten, klankgedichten, verhalende teksten, columns. Een allegaartje van een dichter die niet weet wat hij wil, zouden we hier zeggen. Daar niet. Daar is de ware kunstenaar iemand die alle registers weet te bespelen.

Het overkomt me wel eens dat als ik hier op een podium een wat langere, niet van humor gespeende tekst breng, mensen me na afloop vragen: “Hoe heet dat eigenlijk wat jij doet?” – en ik simpelweg antwoord: “Tekst.” Men ziet kennelijk graag dat er een etiketje aan bungelt. Ik ben al voor diverse vertelkringen gevraagd, alhoewel ik niet “vertel” en al helemaal niet uit het hoofd. Er wordt van mij verwacht dat ik dan zelf maar een genretje uitroep in de trant van het “prozagedicht” of de “autobiofictie” – ook al van die onzinnige modetermen. Als er één constante is in mijn leven, is het wel de weigering om mij in een hokje te laten stoppen en dat gaat zelfs zo ver dat ik pertinent weiger om zelf een hokje in te richten. Voor mij is dat hetzelfde als een gevangenis en de creatieve geest moet vrij kunnen “schweifen”, om maar eens een mooi antiek duits woord te gebruiken.

Bovendien hebben hokjes een houdbaarheidsdatum omdat ze tegenwoordig maar al te vaak aan hypes geliëerd zijn. Vanzelfsprekend is de poëzie daar ook aan onderhevig. “Ik ben gestopt met Slam, want de podia worden slechts nog bevolkt door meisjes met statements,” klaagde Melvin van Eldik tegen mij. “De meisjes van tegenwoordig produceren alleen nog maar oneliners,” zei ook Elbert Gonggrijp. “Ze zijn zo gewend aan het appen van korte berichten dat ze niet meer weten hoe ze een verhaal moeten vertellen.”

En het is succesvol, kijk maar naar de Kira Wucks en de Asha Karami’s. Mij doet zulke poëzie eerlijk gezegd niets. Oneliners en statements vind ik iets voor de politiek, maar ik wil een dichter er natuurlijk niet van weerhouden om politiek te bedrijven en geëngageerd te zijn. Ik mis echter het verhaal. Als er geen rode draad door een tekst loopt, kunnen de woorden nog zo mooi zijn, maar dan vervliegen ze als een vleugje chanel. Met een beetje geluk wordt het losse zand bijeengeveegd in een conceptbundel – nog zo’n rage. Nu heb ik daar op zich niks op tegen – een verhaal is een verhaal -, maar het gevaar bestaat dat als één balk verwijderd wordt, het hele bouwwerk instort, secu, één gedicht uit het concept maakt een totaal onbegrijpelijke voordracht. Een sonnet vertelt een verhaal met een heuse plotwending na acht regels. We zijn afgedreven van het vormvaste en dat is niet erg, maar iedere tekst heeft een handvat nodig om de toehoorder bij de les te houden, me dunkt.

En ja, Kira Wuck werkt op papier veel beter dan in de voordracht. Zijn het dan gewoon papieren meisjes die liever willen publiceren dan de toehoorder prikkelen? Zou kunnen. Maar vorige week was ik op de presentatie van Dean Bowens bundel Bokman. Ik heb ‘m nog niet gelezen, dus ik kan er nog niet veel over zeggen, maar allemensen, wat een spetterende voordracht en wat een sprankelende taal! Niks oneliners, maar een verhaal dat in elkaar greep en de toehoorder aangreep en nieuwgierig maakt naar de bundel. “Schreven er maar meer dichters zoals hij,” verzuchtte de redactrice van de uitgeverij. Dus dichters van morgen: gooi de oneliners bij het oud vuil, laat de taal zingen en vertel je verhaal!

 

 

Troubadour zonder lier
 
Je trekt van stek naar stek opgezweept
door de leenheer aan wie je het hart
in onderpand en de geuzentitel muze hebt
verstrekt. Je gaat door stad en beemd zij
 
aan zij met de papieren man die je niet
losweken kan. Zijn ziel voelt zwaar zijn
hand onbereikbaar. Je beklimt trappen naar
het hoogste podium de volgende stotteraar
 
die meent dat hij als vernuftig woordgoochelaar
van zijn tijd in dat beduimelde pantheon
verblijft. Overal staat een bed klaar en lieg
 
je over de doornen. Als je struikelt ligt het aan
de lier. Je bent vertier, je kent geen ander hier dan
tussen woord en wit, wal en schip, heg en steg.
 
 
Jolies Heij

Share This:

Geen categorie

KARLIJN GROET wint de enige echte virtuele – zeg het ook eens in vier regels – trofee op pomgedichten – Marten Janse zilver – Max Lerou en Petra vdE brons

Geplaatst op

Oké, hier komen de edelmetalen: Goud Karlijn Groet – Zilver Marten Janse – Brons Max en Petra – Fijne dag, bedankt allemaal en … ehm – hmm, laat dit laatste maar, ik had een prachtige volzin maar hij verdween weer.

Bregje Zonderland (om mijn naam weer eens voluit te zien)

Karlijn Groet – we hadden moeten weten, dat…

We hadden moeten weten, dat als een mens het ooit van stilte wint,
zij in stilte heeft gewacht, heeft gedacht dat in geluid groter gevaar
zoals je in een labyrint, bij kanteling, nooit eerder dan het water,
de uitweg vindt.
 
Karlijn Groet

 

Marten Janse – alsof ik van glas was,

Petra Maria vandenE – kostbaar zijn de dagen

Rik van Boeckel – Laat mij nou maar poëzie zijn

Marc Tiefenthal – Onvermijdelijk valt het vijgenblad

Max Lerou – de gratis vakantie op deze planeet all-inclusive

Ditmar Bakker – de dood is enkel moeten zonder kunnen

Erika de Stercke – laat het bijhouden van herinneringen vallen

Maja Colijn – je draait de regenboog om

Jako Fennek – omdat het denken nu nog kan

Cartouche – over een steen in zijn woestijn

Frans Terken – naar de hemel wil ik reiken

Annagriet Diesman – dit is het dus

 

WEDSTRIJD GESLOTEN – dank jullie allemaal Annagriet ook voor de afsluiter van het jaar. dat ze haar tekst niet letterlijk neemt. dan zitten we deze week al weer bij een crematie. prachtige teksten – bregje zonderland heeft zojuist de uitslag aan mij bekend gemaakt.

 

 

wie wint de enige echte virtuele – zeg het ook eens in vier regels – trofee op pomgedichten? ja nu heb ik u. niks 20 -20 regel. we gaan deze week voor korter. de belangrijkste strofe uit al uw werken – zo zou het kunnen – uw liefste strofe dat mag ook – of wellicht een poging om in vier nieuwe regels de wereld iets moois aan te doen.  ja kopland ging ons natuurlijk voor.  in onvergankelijkheid. en wat er nou precies staat? hoe dan ook – u kent de regels – het mag weer mooi deze week – en kort. bregje doet mee. nou ja dat hoop ik. dat u het weet. u kent de regels. inzenden voor zondag half 11. het commentaar is verzekerd. stuur in onder ‘contact’. (zie hierboven in de zwarte kolom) – of op het u bekende gmail.com adres van pomgedichten@ – ik zorg er voor dat uw gedicht in het item wordt geplaatst.

 

nog wat woorden her en der
én natuurlijk die alles ontzettende stilte
in wie je hebt liefgehad
en wie jou
 
pw
.
.
We hadden moeten weten, dat als een mens het ooit van stilte wint,
zij in stilte heeft gewacht, heeft gedacht dat in geluid groter gevaar
zoals je in een labyrint, bij kanteling, nooit eerder dan het water,
de uitweg vindt.
 
Karlijn Groet
.

pom: het is deze week aan bregje het juryvoorzitterschap– in tijden van olympisch goud, zilver en brons. prachtige inzendingen trouwens  en van alle kanten – dank jullie wel.  hoeveel mysterie kun je tussen en in de woorden van vier regels krijgen. karlijn groet komt in dat opzicht in de buurt van de koplandregels – de suggestie prachtig uitgewerkt in vier regels. kennis, stilte, mens, labyrint en de elementen. het is bijna teveel – de regels lopen er bijna van over – maar in het wonder van de poëzie valt  alles hier precies samen – de vorm raakt ergens de betekenis aan – op een wijze die voor elke lezer eigen ruimte laat. deze strofe is een wonder.

 

bregje: Karlijn Groet – Dit is lezen en herlezen en dan vaststellen dat de dichteres iets zwaar opneemt. Als een waarschuwing haast, zo vat ik de woorden, ik verdwaal in de mystiek. Of nee, ik waan me in een ruimte met allemaal spiegels en glazen wanden, zie daar maar eens uit te komen.

 

 .
 alsof ik van glas was, adem en
zand verhit door onze woorden
en over hoe dat voelde glas
op je huid… hoe het licht werd
.
Marten Janse
 .

pom: een breekbare en zeer persoonlijke invulling – ook hier is de mysterie in alle hevigheid aanwezig, een beschrijving, een toestand, geen richting. we moeten als lezer invullen wat we zien maar de woorden maken het ons niet mogelijk. alleen de dichter weet hier van het alsof en het hoe. en dat maakt het voor mij net te persoonlijk. kijk bij karlijn groet weet je als lezer welke kant je op moet: ‘zoals je in een labyrint, bij kanteling, nooit eerder dan het water, de uitweg vindt.’ – dan weet je weliswaar nog niets – maar uiteindelijk wel iets van de weg die je hebt te gaan.

 

bregje: Marten Janse – Breekbaar dat glas. Een helder gedicht en tegelijkertijd wat duister, weemoedig en bij herlezen ook wat beklemmend.

.

ik heb een vriend
en nooit leen ik hem uit
want kostbaar zijn de dagen
met zijn lange armen om ons heen

PetraMaria vdE

.

pom: mooi opgebouwd en de poëzie komt in de laatste regel voorzichtig om de hoek kijken. maar dan is wat mij betreft de spanning er al lang (al drie regels) af. fijn voor je denkt de lezer nadat ie regel 1 heeft gelezen. denkt de lezer ook na regel 2 en na regel 3 ook. oja de lange armen van de liefde – versje over holleder? en vrouwe justitia?

bregje: PetraMaria vdE – Oh wat heerlijk lezen die eerste twee regels, daarna wordt het me net iets te benoemend maar mijn ochtend heeft er dankzij jou een sterretje bij.

 

 

Laat mij

Laat mij nou maar poëzie zijn
woorden beschrijven mijn gemoed
zinnen mijn waarde voor ‘n lezer
vormvast of vrij ‘t is wel goed.

Rik van Boeckel
10 februari 2018

.

pom: (… ) tekst op verzoek  van rik van boeckel verwijderd) – nee rik  ramses zong al over het thema ‘laat me’ mooier – met iets meer overtuiging dan ik in deze vier regels lees.

bregje: Rik van Boeckel – Je bent dicht bij jezelf gebleven hier, dat is niet zo erg maar het had van mij iets meer mogen meer zijn.

 

 

Onvermijdelijk valt het vijgenblad
op geregelde tijden:
bij het afnemen van schaamte en in de herfst.
Boom en mens laat het bloot achter.

 

marc tiefenthal
dichter essayist / poète essayiste
Sint-Niklaas
blogs: Tieftalen (nl) Profonde lalangue (fr)

.

pom: ja het bekende werk bij de tief – ik kan er niks mee. hier wordt drie keer hetzelfde gezegd in andere woorden. maar ik ben in het te overbodig beschreven gegeven/thema helemaal niet geinteresseerd.

bregje: Een vijgenblad in plaats van het doek. Proef ik hier een verwijzing naar de biografie van Lucebert? Ik weet het niet zeker, in elk geval lijkt hier kort maar krachtig het onontkoombare te staan. Saaie regel hè dat: op geregelde tijden en dan die laatste regel. Het ergste vind echter ik dat ik me een mening over het vallen van dat vijgenblad vorm, ik heb nooit graag dat ik in discussie met een gedicht wil gaan. O.a. omdat dat niet kan en dan zit ik hier mijn bevindingen te herkauwen.

 

de gratis vakantie op deze planeet
je krijgt hem niet all-inclusive
de bedjes aan het zwembad apocrief
het leven is een natte scheet
.

max lerou – 10 02 2018

 

.

pom: tekst voor  oma op een bordje in haar keukentje. oma – lijkt me – wel richtinggevend. voor als oma all inclusive op vakantie wil – dat ze het weet. of als ze het verzamelde werk van lucebert zou willen aanschaffen.

bregje: Het leven is een natte scheet, ai max en ik maar denken dat het meer is, meer kan worden, soms tegenvalt, soms alles, soms iemand en soms de hele vakantie.

 

 

De dood is enkel moeten zonder kunnen,
en oorlog dient om dieren uit te dunnen,
en liefde is des duivels instrument
waardoor de mens zichzelf een God blijft gunnen.

Ditmar Bakker

.

pom: nou we weten weer wat we weten moeten. net teveel moralisme toegevoegd aan de woorden. het lijkt de pvda wel – daar weten ze ook wat goed voor je is. (en voor zichzelf)

bregje: Ditmar Bakker – En oorlog dient om dieren uit te dunnen…. Oh Ditmar, is dat het! Wat ik als eerste vooral proef is dat er meer uit te halen was geweest maar de tweede en de laatste regel smaken goed, naar meer zelfs.

 

.

Laat het bijhouden van herinneringen vallen
nu de avond en uitgegraven zand verkleuren.
Sterren verstoppen zich achter een horizon
van bleekheid. De pakketboot neemt me mee.

.

Erika De Stercke

 

pom: er zullen hele diepe dingen bedoeld zijn – dat is zeker – maar ik zie ze niet. we kunnen alles wel opgraven. griekenland? spanje? de betekenis is onder het zand gegleden dat zal het zijn. stoute kinderen zeker – die verdwaald zijn zeker – mee op de boot – 5 december is de dag dat ik mijn schoentje zetten mag. maar erika niet.

bregje: Erika De Stercke – De pakketboot, jeetje, ik zie Sinterklaas staan zwaaien en dat is dankzij jou en ik denk niet dat het je bedoeling was.   Sorry meid, je hebt me vaak te pakken maar vandaag niet zo. Sterren die zich verstoppen, maar, maar toch. Het niet meer bijhouden van herinneringen vind ik dan wel weer verstandig. Herinneringen moet je gewoon af en toe even langs laten komen dat is veel leuker.

 

 

je draait de regenboog om
roetsjt omhoog en knijpt onderweg
schaterend in de  neus van de  maan
laat  je maar gaan
 .
Maja Colijn
 .

pom: misschien beste maja kun je met rik meeliften. die laat ook van alles gaan hierboven en lopen.

bregje: Maja Colijn –  Kinderlijk versje dat me niet te pakken krijgt, hoor je me zingen: pak me dan als je kan ….

 

 

Dag Pom,
nog laat op de avond, kan ik morgen ochtend pennen. slaap lekker ook
en heb het goed. greetz van jako.

 

ik denk steeds aan jou, omdat het denken nu nog kan
maar wat als straks een van ons tweeën, ik bedoel maar
wie denkt dan aan wie, en waaraan en hoe vaak
ik moet er nu al niet aan denken, laat staan straks

.

Jako Fennek

 

pom: en ik denk dat dat denken niet helpt lieve jako. nee als je vier regels hebt asjeblieft vul ze niet op deze manier in – doe dat voor je zelf en niet voor de lezer. veel te persoonlijk.

bregje: Jako Fennek – Een denkspelletje. Ik had toch iets anders van je verwacht, meer richting Kopland, beeldender.

 

 

 

 

 

Dat er niets, niets is om je aan vast te grijpen
Geen oog, geen paardenstaart, woord of zin
Hoe strak we ons ook voor de kar spannen
Je blijft de struikelsteen in mijn woestijn

.

10-02-2018
Cartouche

.

pom: tsja. maar daar gaat het in het leven van de lezer niet om mijn beste cartouche. gele kaart. kijk van jako, op zijn leeftijd kunnen we het nog hebben. maar van jou – jij sprankelende jongeling van gereformeerde huize – van jou verwachten we hier poëzie. en geen desolaat zanderig en klagerig ego documentje. bind haar vast zou ik zeggen. doen ze in gereformeerde kringen wel vaker in het donker.

bregje: Cartouche – Tja, je ging bijna weer van me houden hè maar nu zie ik me echt genoodzaakt om aan onze tere band te tornen. De twee eerste regels, mager, de twee daarop volgende regels ronduit bah en ik was nog wel zo blij dat ik je naam tussen de inzendingen zag staan. Soms zijn dichters te veel met zichzelf bezig, dat zie je dan aan de inzending. Noem iemand een struikelsteen en je bent er zelf een.

 

Dichter naar de hemel wil ik reiken
beklim tree voor tree de hoogste toren
nog even en ik kan de sterren horen
waarop woorden van dode dichters prijken

.

FT 10022018

.

pom: het rijm is me net te geforceerd frans. en in vier regels te eenvoudig.

bregje: FT 10022018 – Nog even en ik kan de sterren horen, dat is het soort regel waarvan ik er graag meer lees. Misschien kun je het met Petra op een akkoordje gooien, bijv. haar eerste twee regels, dan samen een derde regel bedenken en dan als vierde regel deze van jou. Doe het!

 

 

dit
is
het
dus

 

Annagriet Diesman

 

bregje: Grappig zo op de valreep maar te weinig, je had zeker haast.

pom: een mooie afsluiting

Share This: