Geen categorie

pomgedichten feliciteert CARTOUCHE met zijn verjaardag: een prachtdichter met hele bijzondere poëzie

Geplaatst op

wij van pomgedichten feliciteren onze CARTOUCHE met zijn verjaardag – weliswaar een dag te laat maar dat is op zijn leeftijd niet erg. want zoals de echte brabander weet –  een kwartiertje (‘kwartierke’) te laat is precies op tijd. wij van hier hebben CARTOUCHE de hand geschud in mei in 020. en 020 viel hem mee. maar antwerpen is hem liever. en we weten van CARTOUCHE dat hij het liefst verblijft in brabantland met de likeur onder de ene arm en de hondenriem aan de andere hand. de poëzie in het hoofd. niemand sleepte het afgelopen dichtseizoen zoveel goud binnen uit de zondagochtendwedstrijden als Cartouche – een gefortuneerd mens. laat het gezegd zijn cartouche is een prachtdichter met hele bijzondere poëzie. in goud belegd wensen wij hem nog vele jaren. over antwerpen lezen we Cartouche hieronder:

 

E=mc2, nee tijd vertraagt en massa krimpt

de zeilen gehesen, de deur haast gesloten
zie ik ze nog steeds voorbij de kaai komen
haar mond, lange benen en diamanten ogen
van het steen naar de groenplaats, waar ik
ze op staminee Bon Vivant naast me nood

één grote frites met pickles en twee bollekes
gebaar ik als lambiek vol zwier naar de garçon
terwijl haar rechterhand aan mijn lippen hangt
en mijn andere nog in de lucht van het parfum
van Stef Bos‘ chanson d’amour in de Arenberg
alwaar ik gezocht had naar een nieuw geluid

jou van mij af dacht te spoelen maar je zit
op mijn huid als zuiveringszout voor elkaar
in elkaar verward ging de onschuld verloren
maar ik houd te veel van haar, verleden stad
van toekomst, tijdloze rivier, ik heb je haven
nooit verlaten, ik schooi zo graag, weet je

je staat in een hand- geworpen in de Schelde
stroom – die mij omkadert, aardt en kleurt

23-12-2017
Cartouche
https://www.youtube.com/watch?v=QCYwFhfaspc
(Mijn stad – Stef Bos)

 

een juweeltje van Gérard deze week – hier valt alles op zijn plaats – (h)antwerpen zijn stad zijn hart- zijn geliefde – zo hoort een hommage geschreven – bijna op en naast  de opzwepende klanken van stef bos. de arenberg het mooie kleine theater waar alles mogelijk is – waar uw webmaster ook optrad – waarin   de prachtregels van Cartouche eigenlijk moeten worden uitgesproken en worden gehoord – te mooi om niet te herhalen – als ze ooi nog eens een stadsdichter zoeken dan vinden ze geen betere, PRACHTIG!:

de onschuld verloren
maar ik houd te veel van haar, verleden stad
van toekomst, tijdloze rivier, ik heb je haven
nooit verlaten, ik schooi zo graag, weet je

je staat in een hand- geworpen in de Schelde
stroom – die mij omkadert, aardt en kleurt

Share This:

Geen categorie

wat geven wij de ruimtevaarder mee op zijn of haar reis – op pomgedichten? we geven de ruimtevaarder de gedichten van Frans Terken, Cartouche en Anke labrie mee!

Geplaatst op

MERIK VAN DER TORREN Het welkomstcomité zwaait met vlaggetjes

PETRA MARIA slaap zacht

RIK VAN BOECKEL geeft de sterren mee

FRANS TERKEN een hemels blauw bereiken

CARTOUCHE hier is het bar, broos en koud

ANKE LABRIE nooit meer verdwalen

 

wedstrijd gesloten – ik dank de deelnemende dichters voor de aangeleverde werken bij het o zo tere thema. even kijken hoe we het doen met de metalen. we doen het als volgt. merik is me net te vrolijk en te levendig vandaag met dat gepelde eitje. petra maria klinkt oprecht maar heel veel poezie zit er niet in de woorden. rik van boeckel geeft natuurkunde les. daar is het te warm voor. voor hoeveel verkoeling die zwarte gaten ook kunnen zorgen. houden we frans, gérard en anke over. die gedichten geven we de ruimtevaarder mee.  mooie gedichten voor onderweg. Van harte!

 

wie wint de enige echte virtuele – wat geven we de ruimtevaarder mee  op zijn of haar reis – op pomgedichten?

meester frank vertel – dichters schrijf – wat geven we mee? soms lezen we de aankondiging en weten we niet precies wat we daarmee aan moeten – maar laten we het serieus nemen – laten we in ieder geval wat meegeven – hoe lang de reis ook zal zijn of hoe kort de reis ook  – hoe lang de weg tot aan het vertrek nog is …  of hoe kort nog.  wat geven we de ruimtevaarder mee – u kent de regels: inzenden voor zondag half 11. het commentaar is verzekerd. stuur in onder ‘contact’. (zie hierboven in de zwarte kolom) – of op het u bekende gmail.com adres van pomgedichten@ – ik zorg er voor dat uw gedicht in het item wordt geplaatst.

 

toen
 
vandaag reed de tram langs het balkon
waarop we ooit samen stonden
 
ik weet nog dat ik naar een tram keek toen
toen jij het over poëzie had
 
niets is veranderd maar in wezen alles
een tram, een leeg balkon
 
pw

Vakantie

Een ruimtereisje boeken,
astronautenopleiding volgen,
werken aan je conditie,
zwevend een kaart kunnen lezen,
een eitje pellen.

Buiten de capsule wandelen,
een maanstofmonster meenemen.
Is er leven op de maan?
Een zachte landing op de Oceaan.

Het welkomstcomité zwaait
met vlaggetjes in de hoofdstad,
over de rode loper naar de koningin.
Handenschudden.
Zoenen.

De eerste krant lezen.
Zelf koffie zetten.
Waar ga je volgend jaar naar toe?

 

Merik van der Torren

 

een prachtig liedje, een zwaar thema. de dichter en de romanticus in me weten er wel raad mee – een heerlijk zwelgen –  de rationele in me denkt er anders over: verafschuwt het gekokketeer met de dood dat pathologische trekken aanneemt – het is maar goed dat er poëzie is – zo zal ik ook beoordelen deze week – slaagt de dichter erin om nog wat leven en lucht  te krijgen in die loodzwarte wereld van een zelfverkozen dood. een zware taak – de liedjesmaker heeft het makkelijker. die heeft tenminste nog een liedje. de dichter alleen maar zichzelf en wat woorden. daarom ook weinig inzendingen deze week. dit thema is vele dichters TE moeilijk.

merik houdt het wel heel luchtig – te luchtig –  neemt het thema zo letterlijk dat er een vakantiereisje overblijft – dan maar de lucht in zal ie gedacht hebben. de passage ‘een eitje pellen’ werkt op mijn lachspieren. dan zie ik merik voor me – met de pen in de hand ‘een eitje pellen’ schrijven – en ik hoor hem ook ‘een eitje pellen’. nooit eerder pelde een dichter in een gedicht een eitje. volgens mij. merik wel. zo kun je elk thema aan.

 

 

 

ga nu maar

ja natuurlijk
ik houd je vast
als nooit tevoren

stil nu maar
slaap zacht
ik zal je kussen

zon maan wolken
en zee
alles is voor jou bedoeld

ga nu maar
want echt
er is nog niets verloren

PetraMaria

 

de laatste regel begrijp ik niet goed. er gaat toch een leven verloren? of lezen we hier woorden van troost gesproken aan een euthanasiebed? ja zo lees ik dit gedicht – met een petra maria in de kamer – ga nu maar je mag – rustgevende woorden – het leven is gestreden.

 

Verkenning

Als we de ruimte hebben
brokkelen de dagen af

het zal afscheid zijn
van de woorden van de pijn

we schieten er niets mee op
tot de raket met stille trom vertrekt

eenzaam de nacht verkent
we geven de sterren mee

een aapje dat in de maan logeert
in een boom aan de hemel klimt

een slinger aan de Melkweg geeft
tot de tijd in golven verdwijnt.

Rik van Boeckel
14 juli 2018

 

dat rik de natuurkunde erbij haalt – de te meten golven van de zwarte gaten waarin we allemaal uiteindelijk verdwijnen – dat ze bestaan de zwarte gaten waarin wij allen ondergaan –  waarin tijd en ruimte en mensen overbodig zijn en worden ontkend.

 

 

Buitenaards

Niet de noten op de zang
van wereldleiders
te vals om vocaal
de bandbreedte te doen trillen

nee de zuivere stemmen
van zwoele zangeressen
die in hun hoogste regionen
al een hemels blauw bereiken

in elke melodie een liefdesverklaring
die weerspiegelt in hun ogen
alsof er een wereld gedicht

hoe wij daar onze oren naar hangen
bij elke zucht adem tekort komen
in ijlen opgaan

FT 14072018

 

frans haalt de wereldleiders erbij – maar we kunnen best zonder strofe een hier – de eenheid verstorende wereldleiders verstoren ook  de eenheid in dit gedicht waarin de zangeres centraal gesteld is door de dichter. ik haal nog een regeltje weg – dan hebben we echt een plaatje:

 de zuivere stemmen van zwoele zangeressen
die in hun hoogste regionen een hemels blauw bereiken

in elke melodie een liefdesverklaring
die weerspiegelt in hun ogen

hoe wij daar onze oren naar hangen
bij elke zucht adem tekort komen – in ijlen opgaan

 

 

 

Ruimtevucht

Eén dag, vooruit
een maand vrouw zijn
als een onbemande planeet
door de ruimte dartelen, zweven
als ster in een stoffig firmament

tot aan, doorheen het zwarte gat
om als maansteen terug te keren
als levende laika, wakkere herder
landen om ons als hoogpolige
schoten aan elkaar te warmen

hier is het bar, broos en koud
dus ik neem een eind mezelf
mee op droomreis weet je
pas wat je tegenkomt buiten
zand, kalk en kunstgras

en de bal is rond

14-07-2018
Cartouche

 

hij zal toch wel vlucht bedoelen in de titel? ik lees in dit gedicht 5 regels poëzie en voor de rest een paar leuke gedachten die me te particulier zijn – dat cartouche ook graag in vrouwenkleuren door de ruimte wil zweven – ik vind het prima hoor. van mij mag ie. het zal hem goed staan. zijn puntige sikje ook wel gezellig. maar hier dienen we de poëzie. 5 regels halen we uit gedicht en koesteren we:

 

hier is het bar, broos en koud
dus ik neem een eind mezelf
mee op droomreis weet je
pas wat je tegenkomt buiten
zand, kalk en kunstgras

 

daar hoeft geen verhaaltje bij.

 

maan
verlicht kompas
 
wassend in het donker
de naald zien trillen
in de albasten kom
 
nooit meer verdwalen
in dit vreemde land
 
 
anke labrie
anke zoekt het vandaag in laten we zeggen iets van  symbolisme  – waarin ze het thema oplost – nooit meer verdwalen – donker maan  en een vreemd land – we lezen op internet : ‘De innerlijke, irrationele ervaringen worden belangrijk, met de nadruk op droombeelden en de dood. Vormen van machteloosheid, loomheid en decadentie roepen een sfeer op van onheilsverwachting en dreiging. ‘ nou iets van dat heeft dit gedicht wel.

Share This:

Geen categorie

LISAN LAUVENBERG – ‘….dan heb je míj en in dit geval de statige bomenlaan van de Bosboom Touissantstraat erbij..’

Geplaatst op

 

Onvolmaakt gedicht – Onze buurt

Soms als je moet optreden dan doet zich de gelegenheid voor om een op maat gemaakt gedicht te maken, creëren of in elkaar te flansen.

Pom hoorde in dit gedicht de rebelse actievoerder die hij nog nooit eerder in mij had gehoord. Ik toon jullie bij deze het maakproces. Als ik ooit zin krijg, of dit gedicht over een jaar of zo eens uit mijn la vis, dan vervolmaak ik het.

Nu weet ik wat niet loopt, niet prettig klinkt of ronduit een slechte beeldspraak is, maar mis ik de swung om het zo te veranderen dat het in mijn kritische optiek wel poëzie is en niet zomaar een gelegenheids ding. Dat ik, als ik dat wil, zo uit mijn losse kleurige mouw schud.

Vrolijk ronkende woorden als ik het voordraag. Maar ja dan heb je míj en in dit geval de statige bomenlaan van de Bosboom Touissantstraat erbij.

Vaak hebben goede dichters redacteuren, die dan precies weten waar je moet sleutelen en schrappen ( Oooooh hoooor mij Huiveren) om van een bijna goed taalgebeuren poëzie te bakken. Vaker zag ik echter het tegenovergestelde gebeuren. Een door mij bewonderde podium dichter viel in de klauwen van een poëzie redacteur en plots was alle frisheid, ruwheid en die brood noodzakelijke onvolmaaktheid verdwenen en was er een eenheidsworst gedichtenbundel ontstaan, ontdaan van de ziel van de dichter.

Of herkennen jullie dit niet ?

Wie wil helpen dit onderstaande poëtische tekstding tot een gedicht te smeden, dat onze buurt roemt, noemt en met zichzelve en de herrie verzoent.

 

Onze buurt lijdt aan verbouw zucht
de huizen en straten kreunen
onder sloophamers, jekkerhamers,
voorhamers, krijsende cirkelzagen
en Radio Holland op volle kracht.
De stoepen zijn bezaaid met Dixies en
de straat bezet door enorme vrachtauto`s
bestelbusjes en afzethekken.
 
Ondertussen sterven de oudjes uit
en de bemoeizuchtige wijven
die het cement zijn van een buurt
worden weggehoond of uitgekocht.
Groot geld zwaait hier de scepter
Waar eens de zeurderige, klagende buurvrouw
de straat in het gareel hield
we elkaar hielpen om de rotzooi
op te ruimen,
heerst nu Groot geld
Die de tuinen onderkelderd
en de etages aan buitenlanders least.
 
Op het balkon heerst nu altijd herrie, altijd lawaai,
Bomen worden weggehaald en er is steeds kabaal.
 
Redt de oude buurvrouw, luister naar haar verhaal
Over samen zorgen, er zijn voor elkaar.
Want oud worden we uiteindelijk allemaal.
 
@ Lisan Lauvenberg
7 juli 2018

 

Share This:

Geen categorie

VON SOLO Bevrijd! van de sociale media: ‘Dat ogen meer tonen dan schermen.’

Geplaatst op

POMgedichten presenteert de donderdag column:

VON SOLO, FEAR AND LOATHING IN POWEZIE LAND!!!

Openhartige openbaringen van de Jeff Koons van de vaderlandse powezie.

Afgelopen weekend was is ik op sport retraite in Düsseldorf. Zonder gezin of vrienden in een vreemde stad. Lopen, zwemmen en fietsen en verder vooral nietsen. Na drie dagen viel me iets op toen ik mijn telefoon uit mijn zak te pakken om op Google-maps de weg weer eens te zoeken. Al drie dagen had ik niet op Facebook of Messenger gekeken.

 

Deel 297. Social medium

Iets meer dan een half jaar geleden was het idee ontstaan om op retraite te gaan. Eén van mijn doelen naast het sporten was was om volledig vrij te zijn in doen en laten. Geen overleg te hoeven plegen een aantal dagen. Helemaal afgesneden te zijn van normale sociale omgang. Dat kan uiteraard in een klooster, maar de eenzaamheid van de grote stad leek me net zo wel geschikt. De reden dat ik er voor koos naar Düsseldorf te gaan was dat het dicht genoeg bij was met de trein, mogelijk saai genoeg, en genoeg ruimte bood om ongebreideld te rennen en fietsen. Mijn onderdak bestond uit een AirBNB kamer bij een jong gezin in huis. Een ruime kamer met ruim bed op de vijfde verdieping van een vooroorlogse woonkazerne. Mijn gastheer en gastvrouw waren erg vriendelijk en gunden me de rust en ruimte zonder enige vragen te stellen.

In de ochtend verliet ik het pand in hardloopkleren. Wanneer ik terugkwam om mijn zwemkleding te halen, na ontbijt buiten de deur, was er meestal al niemand meer thuis. Na het zwemmen was het heerlijk in een park wat koels te drinken en te beslissen of er gewandeld of gefietst zou worden. Nou ja, beslissen. Het gewoon laten lopen zoals het loopt. Volledige vrijheid. Niets hoeft, alles mag. En dat voelde heerlijk. De tijd verdween, tot later op de avond een natuurlijke vermoeidheid zich deed gelden. Met het raam wijd open, zonder gordijn, het geruis van de bomen in het achter oor, in de omhelzing van een vrije nacht inslapen. Om wakker te worden in het aanschijns van de glimlach van een zonnige morgen. Om de dag opnieuw te beginnen. En dat vier dagen lang.

En zo kwam ik er na drie dagen achter dat ik helemaal geen behoefte meer had aan sociale media. Een stuk papier, een dag als onbeschreven blad en een boek waren genoeg. Het geheel ontbreken van de bestaande sociale structuur van werk, gezin, familie en netwerk deed ook de behoefte aan sociale media helemaal verdwijnen. In de ‘echte grote wereld’ lijkt het of de virtuele contacten nodig zijn om de structuur intact te houden. In mijn kleine korte nieuwe wereld was er geen enkele behoefte aan. Het voelde als bevrijding.

Zo snel ik thuis was keek ik in de avond weer op Facebook. Dat voelde verdrietig. Weer terug te zijn in een structuur. Ik klikte weg. Hier had ik geen zin meer in. Morgen wilde ik weer opstaan als een vrij man. Slechts gebonden door dat wat niet te digitaliseren is. Mijn verstand zegt dat ik gelukkiger ben op de bank in mijn leeshoek met een boek of een schijfblok. Gelukkiger ben met een boek voorlezend op de rand van een kinderbed, of luisterend naar de kleine ervaringen aldaar. Dat ogen meer tonen dan schermen. Er kan me verweten worden dat ik niet ‘met de tijd mee wil’. Na dit weekend weet ik dat dat het niet is. Het is het ontkoppelen van iets veel groters. Een daad van verzet. Tot de wederopstanding van het zuivere individu.

Share This:

Geen categorie

MERIK VAN DER TORREN voor MAGDA

Geplaatst op

Hoi Pom, bij deze een tekstje over Magda die ik ruim vijftig jaar ken, de moeder van een klasgenootje van me op de Lagere School, voor pomgedichten op woensdag, groet, Merik

Voor Magda
(overleden 3 juli 2018, 98 jaar )
 
 
Voor ik het weet, zie ik je, zestig jaar later.
 
Je kent de verhalen,
de troebelen van de klassen,
kinderen op school.
 
En later de uitbundige feesten,
met muziek en altijd mooi weer.
 
Als een tante was je,
die je schoenen strikt,
je bal opraapt uit het gras.
 
Magda, waar ben je nu ?
Dwaal je daar ergens
en groet je wie lang niet gezien.
 
 
Merik van der Torren, 5 juli 2018

Share This:

Geen categorie

JOLIES HEIJ bij Witteman, in het Vondelpark, met een diepte interview AACHENENDE

Geplaatst op

Over ezelsbruggetjes & jaartallen

Columniste het hele weekend op pad geweest met Peter Posthumus. Duo-optredens verzorgd in het Vondelpark en bij Jazz en Dichters in Eindhoven samen met de band. Mijn compagnon noemde ik hem waarop vroeg of laat de onvermijdelijke vraag volgde of we ook buiten de poëzie een stel zijn. Welja, zo heb ik vele liefdesaffaires in de poëzie die daarbuiten maar zelden houdbaar blijken. Dat is aan meneer Heij voorbehouden. Niet voor niets bedrijf ik met de natuurgenezer enkel de liefde op papier. Niet voor niets laat ik hem het grootste gedeelte van de tijd in het tuinhuis stijfkoppig en eigengereid zijn en voer hem alleen als personage op als mijn muts ernaar staat. Dus nu eens niet naar het tuinhuis getogen, maar met Posthumus naar het Vondelpark waar men erg verguld was met mijn column van vorige week waarin ik U, nu! onder de aandacht bracht. Het leverde aanzienlijk meer dichters op, Merik was er met Mirjam en Saartje, Dave Bouw en ook de Terk, plus een zwik muzikanten. Vanaf de steen keek je uit over het veld waarover reuzenblaasbellen zeilden. Men was muisstil toen ik mijn tekst “De stad, het zilver” over Srebrenica ten gehore bracht. Nou, je hebt me overtuigd, zei Posthumus na afloop, ik kom woensdag naar de herdenking.

Maar eerst moesten we naar Eijlders voor de opening van de dichtersfoto-expositie door Babs Witteman. Dankzij het voetbal kwamen we daar nog op tijd aan. En daar deed de ouwe Aachenende zijn entree. Loes parkeerde hem aan onze tafel, zodat ik eindelijk eens geduchtig met de nestor van Eijlders kon babbelen. Natuurlijk wist hij niet meer wie ik was – niet zo verwonderlijk gezien zijn gevorderde leeftijd. Denk maar aan de J.P. Heijestraat, gaf ik hem als ezelsbruggeltje. Daar woon ik vlakbij, zei hij. Ik kan niets meer onthouden, zelfs niet welke dag het vandaag is. Dat is een ramp voor een Asperger met een geheugen als een pot als ik. Nou, u ziet er in ieder geval patent uit, gaf ik, en als altijd pico bello in uw donkere pak gestoken. Ja, een Asperger als ik houdt van standvastigheid, ik heb vier van zulke pakken, allemaal even identiek donker. Ik snap wat u bedoelt, zei ik.

Als Aspergirl breng ik natuurlijk wat meer variatie in mijn kleding aan, maar mijn geheugen is eveneens een ijzeren pot, vooral wat betreft jaartallen. Dan kunnen we elkaar een hand geven, glimlachte hij. Echt waar? riep Posthumus ongelovig. Ben jij dan ook zo sociaal onhandig en laat je je leiden door je eigen logica waar geen speld tussen te krijgen is? Ik ben nou niet het meest babbelzieke meisje van de klas, gaf ik toe, zeker niet in het eerste contact. Maar ik ben slechts een halve Asperger, op een schaal van 50 scoor ik 31. Psychiaters hebben mij geregeld voor borderliner versleten vanwege mijn woede-aanvallen als de dingen niet lopen zoals ik ze voor ogen heb, maar ja, wat moet je ook met die psychiaters. Daarstraks nog, toen ik op de Kostverlorenkade tegen meneer Heij stond te tieren dat hij me naar het Vondelpark moest gidsen omdat die vermaledijde reisplanner me helemaal in de Kinkerstraat uit de tram had laten stappen in plaats van bij de J.P. Heijestraat.

Maar alle Aspergers op een stokje, laten we het liever over uw leven hebben, mneer Aachenende. Heeft u de oorlog nog meegemaakt? Welzeker, knikte hij, wij woonden in Maastricht en moesten vluchten omdat mijn vader joods was. Eerst naar Parijs, maar toen dat werd bezet, kwam er een vluchtelingenstroom, vooral van kunstenaars, op gang naar het zuidoosten van Frankrijk, dat dankzij het marionettenregime van Vichy nog geruime tijd autonoom bleef. Tot dat ook werd bezet, maar een geluk was dat de Wehrmacht er de touwtjes in handen had en die moest niet veel van Hitlers antisemitisme hebben. Twee dingen uit mijn jeugd zijn me altijd bijgebleven: Hitlers Sportpalastrede op de radio over de annexatie van het Sudentenland in 1938 en de oorlogsverklaring van Chamberlain op 3 september 1940. Welnu, lieve lezer, we klappen de oude doos van de ouwe Aachenende bij deze weer dicht. Oorlog is helaas ook nog iets van deze tijd. Komt allen morgen naar de Srebrenica-herdenking om 15.00 uur op Het Plein in Den Haag.

naoorlogse genade

hij was het kind van de oorlog, ik van de rekening
ze hebben iets meegemaakt wat wij nooit zullen kennen

nooit kunnen aanraken, niet over kunnen meepraten
de genade van de late geboorte houdt uitsluiting in

we begrepen niets van het morse, de geheime codes
de onderduik van het geweten, de besloten geheimen

waarmee ons de mond werd gesnoerd, onnozel
onbevlekt, onschuldig – wat een voorrecht om niet te weten

van de kerker van het hart, waar loopgraven dichtgegooid
beerputten niet meer stinken en kogels niet doden

behalve wanneer op het verkeerde doel afgeschoten, als het toeval
hard treft en een splinter van een flard boven komt

er was een geel korenveld, onder aren wordt veel geschoven
in de voederbakken de kruimels geteld, in de goot het bloed

dat voor water wordt aangezien en na al die jaren
witgekalkt uitgewist, de graven gevernist in gepolitoerde kisten

en geen kind dat het zwijgen kan kraken

Jolies Heij

Share This:

Geen categorie

eens een….. altijd een.…. bij gerdin linthorst op bezoek – over kreukelkont en voortenttokkies – over liefde en de troost – over woorden van verlangen

Geplaatst op

 

eens een….. altijd een.…. bij gerdin linthorst op bezoek – over kreukelkont en voortenttokkies – over liefde en de troost – over woorden van verlangen…

 

als je een mens zoekt van mens gemaakt dan moet je richting gerdin linthorst. laat ik met één strofe beginnen van haar hand en de goede lezer weet meteen van welk vlees in welke kuip:

(…)

kom
dan reik ik je mijn hand en met mijn
warmte zal ik jouw kou verdrijven
omdat mijn beurt zal komen dat
ook ik wat warmte af moet smeken

 

Gerdin Linthorst

 

waar zijn de bolletjes – arie heeft de bolletjes

 

ach er zijn zo van die zondagen die aan je voorbij vliegen. niets genoteerd en door de witte wijn heen niet onthouden wat onthouden had moeten worden en vastgelegd voor het nageslacht. zo een zondag beleefden we gisteren. in ‘dins doorzon datsja’ zoals men van egmond tot ver in de bollenstreek het optrekje van gerdin kwalificeert. met annemarie en arie op de zondagmiddag richting plassen. vraag me niet welke plassen – ze woont te midden van de plassen – je hebt de kagerplassen, de westeinderplassen. allemaal wim kan plassen. er zijn recreatiegebieden, onder andere bij Vrouwentroost, je hebt daar strandjes bij de watertoren. alles heeft ze voor der deur. laten we het op vrouwentroost houden – nou ja daar dus ongeveer.

 

maar naar gerdin ga je niet voor de plassen, je gaat voor de  levenswijsheden – 72 jaar en nog een beetje – met max lerou deelt ze een beperkte longinhoud – beiden halen alles maar dan ook alles uit het leven – uit hun restant aan longinhoud zeg maar –  en van slachtofferschap willen ze niet weten.  gerdin en max al helemaal niet – op een zwak moment schreef ze max aan in de nacht – en per kerende post kwam het troostrijke antwoord retour: eens een …. altijd een….. – ik vraag het vergeten woord nog even voor u na.

 

en je gaat naar gerdin  voor verhalen over de liefde – haar lijfspreuk wordt mij door arie hier ingefluisterd: vrij naar reve altijd maar weer moedig voorwaarts – én er is sprake van een geheim landgoed waar de koningin-moeder van de Volkskrant filmrecensenten in de zomer huist, resideert. ze citeert dorrestijn als we over DE liefde spreken: ‘Tijd heelt alle wonden maar slaat er nog veel meer.’ zo weten we weer waar we aan toe zijn in de tijd die ons allen rest.

Gerdin is natuurlijk een prachtige vrouw – in de zotte wilg werd gisterenavond gegeten – alle deuren gaan voor deze koningin moeder open en het voelt als een voorrecht om zo een dagje met haar op te trekken. dat het gezegd is – het is gezegd. dank je wel.

naar gerdin ga je ooook natuurlijk  om even lekker te roddelen over de medemens. nee dat schrijf je niet op hoor!!!  en dat ook niet!!!  ik mocht niks opschrijven lieve lezer  – helemaal niks – dat u het weet alles wat u hieronder gaat lezen is allemaal illegaal voor u binnengesleept om in pleziervaartboottermen te blijven. de tokkies op de campings aan de plassen krijgen er van langs – zo horen we van het bestaan van ‘voortenttokkies’en hun onbetaalde  aanmoedigingen: ‘Lese doe je maar in de biebeleteek’ – en zo ging vanzelfsprekend ook die ene leidsepleintokkie met forse narcistische inslag over de tong – bij het toetje.  om de goede verhoudingen in stand te laten maak ik u niet bekend met de persoon voor wie onze lieve gerdin het volgende gedicht schreef. van de liefde en de troost de woorden van verlangen – van dat mooie diepe verlangen in woorden van de poëzie gevangen – poëzie is poëzie – daar moeten we het meedoen en schrijven kan mevrouw. het koste wel moeite om het gedicht uit haar mobieltje te krijgen – maar we kregen het voor U – voor ons.

 

Oude man

De oude man weet nog van wanten
spreidt charme gul ten toon
in rafeljasje losse zomen een
broek met knieën en kreukelkont
gewichtloos drijft hij op zijn jeugd
de Harley Davidson voorbij
ooit hyena proeft hij nog met ogen
het onbereikbaar schoon en treurt
afscheid neemt de geest van dromen
waarachter ooit een leven was
vol stormen van verlangen die zijn
gaan liggen ongevraagd kom
dan reik ik je mijn hand en met mijn
warmte zal ik jouw kou verdrijven
omdat mijn beurt zal komen dat
ook ik wat warmte af moet smeken.

 

Gerdin Linthorst

Share This:

Geen categorie

FRANS TERKEN wint de enige echte virtuele – kind wat zie je wit vandaag – trofee op pomgedichten – Cartouche & Karin Beumkes zilver/brons

Geplaatst op

prachtige prachtige inzendingen vandaag – dank jullie wel  – de metalen – zoveel is duidelijk – moeten verdeeld onder Cartouche, Frans Terken en Karin Beumkes. maar moeilijk is het deze week niet. het absolute goud gaat naar een 18 karaats gedicht geschreven op de sterfdag van dichter komrij. de entree strofen die de lezer brengen, vervoeren,  naar die prachtige twee laatste strofen – in liefde gedrenkt – zou ik willen opmerken. frans gefeliciteerd –  beumkes en cartouche delen zilver en brons deze week. van harte ook.

 

Leids Laken

Aan de Witte Singel vind ik je
lijkbleek staar je naar het water
als wil het je verzwelgen

ik reik je een hand
een arm de tak van een kastanje
om je op het droge te houden

geef mij een boom
desnoods met kunstsneeuw
waar omheen wij

daaronder onze voornemens
in cadeaupapier gewikkeld
dat jij bij het uitpakken
ziet hoe ik je alles gun

in vrede gevouwen
en met jou gedeeld
tot er witte rook

tussen de lakens
een hart open
voor de liefde

 

FT 07072018

 

 

CARTOUCHE (steen en ijzer breekt maar onze liefde niet)

MARC TIEFENTHAL heeft er weer schik in

KARIN BEUMKES ze zwoer het dragen van felle kleuren af

FRANS TERKEN met open hart

PETRA MARIA “ik heb vandaag iets moois gezien”

JAKO FENNEK in onvermogen

wie wint de enige echte virtuele – kind wat zie je wit vandaag – trofee op pomgedichten? nou een keer een thema waar we alle kanten mee op kunnen. hebben we een kleurenthema, of een beeldenthema. Hoe ziet bezorgdheid eruit in poëzie? wat ziet ze wit vandaag – aan u dichters – geef aan het meisje kleur. u kent de regels hier: inzenden voor zondag half 11. het commentaar is verzekerd. stuur in onder ‘contact’. (zie hierboven in de zwarte kolom) – of op het u bekende gmail.com adres van pomgedichten@ – ik zorg er voor dat uw gedicht in het item wordt geplaatst.

 

en ook dat
.
weet je nog dat we in vinkel liepen
langs de randen van ons onvermogen
het alleenrecht op onzekerheid
dat we deelden
.
er hoorden dagen bij
de lippen van de nacht toen we
te weinig nog en dronken van de scherven
de ruimte niet begrepen
.
er was vuur in de tuin in de regen
een vrouwenbeen hing in een boom
te overleven, jij leed aan orde
ik aan aarde, er was applaus
.
de wereld zwijnde
en varkens paarden schatje
zo leek het toch nog ergens op
de liefde stal iets van de oorlog
.
als een dichter van de woorden
dood van leven
in een ver veroverd land
we moesten lachen en ook dat verging
.
pw

Marmer

Waar je kleur verwachten zou
lichtbrons, een sprankje rood
hangt in hoofdzaak grijs-
wit als een douchegordijn
over land in overgang

– bevroren tijd –

bloter, bleker dan ooit
tot de kim, stilgevallen wind
rook voel ik, die steken blijft
aan een mondhoek
een wang, je long

– benauwenis –

verlangen om op te gaan
in het wit van een gezicht
troost je, mijn kind, vertrouw
op je pupil, de weerman
‘morgen warmt het weer’

06-07-2018
Cartouche
(steen en ijzer breekt
maar onze liefde niet)

 

marmor stein und eisen bricht – was dacht ik de originele tekst van drafi duitser – cartouche laat oude duitse tijden herleven  – hij kan het nog wel he dichten – een dreigend wereldbeeld tevoorschijn toveren uit een lieflijk beeldje – och wat zou de vrouw geraakt zijn als ze het zou weten – ik haalde het beeldje bij haar op – was van haar vader geweest – het kwam allemaal te dicht bij zei ze  – ze zocht een goed onderkomen voor het beeldje  – een goed onderkomen voor haar vader – het beeldje in liefde aanvaard natuurlijk – zo ben ik wel. gelukkig ook woorden van troost van cartouche aan het einde. hier vallen verhaal, beeldje en wereldbeeld (nederland anno 2018 – een land in overgang) in elkaar – cartouche is een meester-  mooi gedicht.

 

Schik ik je?
.
Ik ben in mijn schik,
nu jij nog.
Maar ik maak je
aan het schrikken
zo bleek zie je nu.
.
Op het veld van eer
valt dra de vogelverschikker
getroffen neer.
.
Meer valt hier niet te rapen
dus kom maar binnen,
schik je haar wat
en leg wat poeder
om je bleke neus.
.
marc tiefenthal
dichter essayist / poète essayiste
Sint-Niklaas
blogs: Tieftalen (nl) Profonde lalangue (fr)

tiefenthal maakt er een verhaaltje van – geen dubbele lagen of listen – is me net te eentonig.

 

Serajewo

.

Heb een vrouw ontmoet
ze was begonnen schoeisel te herstellen
voordat de mayakalender afliep
ze zwoer het dragen van felle kleuren af
noemde het onkruid steeds vaker liefste
ik beschrijf nu een hele poos ons nies zeggen
.
daarom in het midden dit
.
heb een vrouw gezien met tandafdrukken
op haar bovenarmen
ik noem dit heden pleistoceen
.
Karin Beumkes

een tijd van grote veranderingen – pleistoceen – ja als de beum  zich er mee bemoeit verandert alles in huize plaat. het serajewo op tessel. prachtige regels toch weer: ze noemde het onkruid steeds vaker liefste – (wat nies zeggen betekent god mag het weten) – hoe dan ook  DE beum dichteres van tessel van formaat die het geboefte en de ploeteraars op dat eiland poëtisch wegblaast. het is jammer voor ze maar op tessel heerst karin beumkes. in alle bescheidenheid en liefde die ene regel neergeschreven voor wie het maar wil horen, voor wie het maar wil lezen – de koningin van tessel bericht:

‘ze zwoer het dragen van felle kleuren af
noemde het onkruid steeds vaker liefste’

prachtig!

 

Leids Laken

Aan de Witte Singel vind ik je
lijkbleek staar je naar het water
als wil het je verzwelgen

ik reik je een hand
een arm de tak van een kastanje
om je op het droge te houden

geef mij een boom
desnoods met kunstsneeuw
waar omheen wij

daaronder onze voornemens
in cadeaupapier gewikkeld
dat jij bij het uitpakken
ziet hoe ik je alles gun

in vrede gevouwen
en met jou gedeeld
tot er witte rook

tussen de lakens
een hart open
voor de liefde

 

FT 07072018

 

een werkelijk prachtig gedicht – frans losgezongen van de strakke regels die hij vaak componeert – hier is alles ineens lichtvoetig – alsof de taal is opengesprongen – alles mag vandaag uitgepakt – en frans pakt uit – het hart open voor de liefde. goede poëzie heeft weinig commentaar nodig – goede poëzie brengt de lezer in een staat van omarmen.

 

In de tram

zelden rijd ik met de tram
maar ik stel mij zo voor
dat het kan
wachtend bij een halte

ogen naar in de verte
brandende zon op de daken
dat ik dan instap
een plek vind aan de paal

meehangen
in de plotse bochten
jij stapt in
en we lichten beiden op

hoe gaat het met je liefste
vraag je met verwachting

dan glimlach ik en fluister
in je oor

“ik heb vandaag iets moois gezien”

 

PetraMaria

 

ik ga wel mee hoor in deze beschrijving – in deze tram – in dit verhaal. in dit proza. het is meer retorica dan een gedicht – hoe plaats je een regel zo dat ie ongenadig direct binnenkomt – nou zo als petra maria dat vandaag en hier doet – in die tram: dan glimlach ik en fluister
in je oor – “ik heb vandaag iets moois gezien” – ja zo willen we allemaal wel instappen in lijn 13. (en dan vindt ze ook nog een plek ‘aan de paal’) – liefde leven en lust in lijn 13. ik koop een strippenkaart.

 

onvermogen

ik draag het in mijn armen
als een wit kleinood
vaal het gezicht, in de ogen hoop
en streel het vurig
maar met de neerslag van de regen
komt toch de dood
het laat alleen een glimlach achter
die ik als anjer
in mijn vestzak steek
van tijd tot tijd beweeg
zoals een mens nerveus
zijn vingers schikt
doch mijn kleinood blijft bleek
wit als aluin
de glimlach tot een plooi geworden

jako fennek

 

het gedicht lijkt opgehangen aan de regel: ‘maar met de neerslag van de regen komt toch de dood’- een prachtige regel. maar het probleem is dat de andere regels niet in de schaduw kunnen staan van de geciteerde regel. het is alsof de dichter zijn onvermogen een vorm heeft willen geven,  regels om de dood heeft geschikt.

Share This:

Geen categorie

ANNAGRIET DIESMAN HOORT GRAAG JULLIE ONGEZOUTEN, CONSTRUCTIEVE MENINGEN OVER HAAR POM-GEDICHTEN

Geplaatst op

 

ANNAGRIET DIESMAN HOORT GRAAG JULLIE ONGEZOUTEN, CONSTRUCTIEVE MENINGEN OVER HAAR POM-GEDICHTEN

++ 12 MAART 2017 ++

…en ik,
het zout in de gaten van mijn vel, slaapdronken nog, met stramme knoken noteer:
niet eens heel ver hier vandaan sluipt sloom de winter door het huis
en klit jouw geur als al wat nog rest nog even aan mijn trui.

of misschien:
jij ging weer sneller dan verwacht, een taxi in de sneeuw na middernacht,
onrust op de stoep en verder: vierde colonnes, meer onrust en een kat.
de straat leeg als je hazenhart, de stad is koud als wij.

en ook:
ik zal niet langer schikken, ik zal mijn boezem niet meer branden aan jouw vingers
het zijn slagpinnen, kortstondig, het zijn wrede waarheden
het zijn oudbakken woorden, oudbakken woorden die komen te laat.

 

 

++ 5 MAART 2017 ++

Hugo in Brussel

Aan het Théâtre Français paalt nog steeds verleden grond in taal van bloed gedrenkt,
slingeren gebroken flessen rond in vuile glazen plassen. Niets gloeit:
deze stad wordt donker gewekt, door woorden en zinnen gekrenkt.

Verslagen ontwaakt dan, ginds, de dichter die roeit
met de riemen die hij schreef, wiens vers te water gaat
en volgzaam glijdt tot op een Brussels plein

waar de dichter weet waar niemand over praat.
Verdoken blaast dan, daar, de wind, zijn
letters rollen langs elkaar door doordeweeks gewoel.

Ik hoor zijn lied.
Ik ken zijn doel.
Terug naar ‘t land dat hem verried.

Share This:

Geen categorie

VON SOLO tot de stekker er uit gaat

Geplaatst op

POMgedichten presenteert de donderdag column:

VON SOLO, FEAR AND LOATHING IN POWEZIE LAND!!!

Openhartige openbaringen van de Jeff Koons van de vaderlandse powezie.

Regelmatig krijg ik van mevrouw Solo de opmerking dat ik wel wat beter en eerder bepaalde zaken had kunnen communiceren. Dat betreft dan meestal informatie waarvan geldt, dat, als ik ze eerder gedeeld had, zaken acceptabeler waren geweest. Data van optredens bijvoorbeeld. Maar in relaties gaan dergelijke zaken veel verder. Het kan elk willekeurig onderwerp betreffen. Menig relatie die ik heb zien stukgaan op binnenvetterij. Maar ook aan de verkeerde, onjuiste, onvolledige of onbegrepen informatie op het verkeerde moment.

 

Deel 296. Random Acces

Als je jong en verliefd bent kun je niet genoeg krijgen van je geliefde. Je wil alles weten en zó vaak schieten woorden te kort. Dit resulteert in eindeloze brieven en gedichten, waarmee je wederzijds probeert de kern van jullie liefde te vinden. Ook eindeloze gesprekken zijn het gevolg. En steevast komt er het moment dat je wel in elkanders hoofd wil kruipen en de één aan de ander de gedachte oppert hoe gaaf het zou zijn als je gewoon met een snoertje in zou kunnen pluggen.

Soms zou ik ook nu nog weleens willen dat mijn geliefden konden inpluggen op mijn gedachten. Ik zou open source willen zijn. Mijn gedachten gedeelde code. Maar dan wordt het ingewikkeld. Wie geef ik toegang tot mijn Random Acces Memory. Wie geef ik welke schijfrechten. Wie geeft ik beperkte of volledige toegang. Weet ik zelf eigenlijk nog wel welke data ik allemaal herberg. Zijn er plekken waar corrupte of beschadigde data staat? Waar zitten de bugs? Wat zijn de virussen? Ben ik nog wel ‘up-to-date’ in het moment dat ik leef of heb ik een update nodig? Is al die data wel geschikt om te delen. Kan het niet leiden tot een systeemcrash als de verkeerde knopjes ingedrukt worden? Zijn mensen wel op die manier ‘compatible’?

Aan de voorkant in mijn mens zijn, blijk ik nu opeens een informatiemanager, systeembeheerder en moderator in één, die het systeem draaiend houdt. Terwijl ik niets liever zou hebben dat ik helemaal open source was. Maar mensen kiezen toch vaak voor een Mac. Dan gaat alles vanzelf.
En hoef je weinig van computertaal te weten van wat er achter de schermen en in de processoren gebeurt. Ik voel me ineens een robot, die weet dat hij de droom van zijn dierbaren nooit helemaal optimaal in vervulling zal kunnen laten gaan. Een product van mijn tijd, met beperkte functionaliteit.

Het is voor de mens onmogelijk om elkaar honderd procent te kennen of begrijpen. Elk systeem verschilt op kleine onzichtbare puntjes. En toch heb ik de hoop dat, als we willen we van elkaar kunnen leren. En op basis van missende stukjes data, kleine storingen of onvolkomenheden nieuwe dingen maken. Zoals kinderen en levens, hoop en dromen, en wat we nog niet weten. En koesteren wat we samen geprogrammeerd hebben.

Misschien hoeven en willen we diep in onze kern ook wel gewoon niet alles weten. Wat men makkelijk vergeet is dat er ook heel veel data op de schijf staat, waarvan het beter is, dat hij niet voor communicatie wordt gebruikt. Het is die stille rekenkracht, een besturingssysteem dat op de achtergrond draait, waar je niets van merkt. Dat zorgt dat sommige dingen moeiteloos lijken te lukken. Maar daar hoor je mensen nooit over. Dat hoeven ze ook niet te weten. Die code blijft net zo goed ongebroken, tot de stekker er ooit uit gaat.

Share This: