Geen categorie

MERIK VAN DER TORREN – Aan het woord is Simon Vinkenoog, dichters swingen opgewonden…

Geplaatst op

Hoi Pom, gisteren heb ik weer meegeschreven met Schrijfgroep de Klus. Het thema was : de Klus. De schrijfgroep die in 1983 door Simon Vinkenoog is opgericht inspireerde vele tot mooie verhalen en gedichten. Ik schreef dit pantoum. Voor pomgedichten op woensdag, in de bijlage, groet, Merik

De oude Klus
 
Tsjonge, jonge, wat is het een Klus !
Sprankelende woorden, vrij en op rijm,
door jonge wilden en die ene Rus
en hoe bouw je verzen zonder lijm.
 
Sprankelende woorden, vrij en op rijm,
aan het woord is Simon Vinkenoog;
van hoe bouw je verzen zonder lijm
over jouw zwaluw-wenkbrauwboog.
 
Aan het woord is Simon Vinkenoog,
dichters swingen opgewonden
over jouw zwaluw-wenkbrauwboog,
nieuwe woorden uitgevonden.
 
Dichters swingen opgewonden,
Tsjonge, jonge wat een Klus !
Nieuwe woorden uitgevonden
door die jonge wilden en die ene Rus.

Share This:

Geen categorie

RIK VAN BOECKEL in SKAGEN

Geplaatst op
Pom, vanuit Skagen, de noordelijkste stad van Denemarken, stuur ik je het gedicht Deense Morgenstond. Groeten, Rik

Deense Morgenstond 

 

In de Deense Morgenstond

ontbijten met smörrebröd 

wakkere flitsen van gisterdag

 

de Deense taal als klankpoëzie

in oren van brons 

met een tong van zilver

lippen van sprookjeskind

deinend op westenwind

 

uit de kliffen van Bovbjerg 

rijst de toekomst omhoog

het voorbije daalt neer

golfslag neemt jaren mee

eeuwen deinzen terug 

naar gulzige drakenschepen

vliegen angstig de meeuwen

 

de geur van Vikinghout

ademt de wind van Fyrkat tegemoet

de dagen van Harald Blauwtand

fortenbouwer koning der Denen

voordat ze er op uit trokken

naar Angelsaksenland om de Danelaw

over de Noordzee te vestigen

Hamlet als spinsel van Shakespeare 

de geschiedenis in te schrijven

 

nu zijn ze stil in eigen land

vertellen verhalen hoe het was

in Vikingtijd niet alleen plundertijd

een robuuste werkelijkheid

 

schuimen Noord en Oostzee in elkaar

Skagerrak en Kattegat botsen

dansen golven voor de wind

wandelen duinen geruisloos door ‘t land

het Vendsyssel-Thy schuift langzaam op

de vissen geloven er nog in

tot de haak hen uit de ligging slaat.

 

Rik van Boeckel 

Skagen. Denemarken 

Share This:

Geen categorie

jolies heij viert vakantie: ‘ik verspil inkt, vermors de wijn om mijn leven wat minder stil te laten zijn’

Geplaatst op

 

minzaam aanraken

nu jij overal om mij heen zwijgt
en ik geen been meer heb om op te staan

zij heeft jouw poëzie binnengehaald
om je zwerfzucht in banen te leiden

ik knik minzaam tegen het hoofddoekje bij de aldi
in plaats van er wulpse haren bij te verzinnen

ik ben de yin en jang zelve
ik weet wat er leeft na blijvend letsel

je kleinkinderen zie ik op facebook wel
zo kan ik mij geduldig om jouw bestaan weven

tot dusver moest ik genoegen nemen
met flessenpost, wankele hemelbedden

ik verspil inkt, vermors de wijn
om mijn leven wat minder stil te laten zijn

Jolies Heij

Share This:

Geen categorie

wie wint de enige echte virtuele hangjongere – of – we kijken nergens meer van op – trofee op pomgedichten?

Geplaatst op
CARTOUCHE alles voor niks
FRANS TERKEN vangt op
PETRA MARIA met een vlinder
MARC TIEFENTHAL over landerigheid
RIK VAN BOECKEL en de wees
niet echt een makkelijk thema deze week – de op een romantische wijze geschilderde hangjongere, te bezichtigen als schilderij  in het verbouwde singer laren museum, van de onbekende schilder graafland. een prachtig werk – op schandalige wijze gepresenteerd op deze site pomgedichten.  singer laren is een heerlijk museum geworden met een nieuw ingerichte prachttuin van tuinarchitekt piet oudolf – de tuin vrij toegankelijk – een heerlijk toeven – wat een heerlijkheid. dat uw webmaster een dergelijke presentatie – een exploderend boek en doek –  toe heeft gestaan zal zonder meer morgen tot enorme discussies leiden op deze site.
de dichters lieten zich niet afschrikken. ieder op eigen wijze sloegen zij zich door de explosies heen om in een verstilde woordenpracht de hangjongere te presenteren zoals het een goed dichter betaamt. CARTOUCHE op bewogen wijze, FRANS TERKEN zorgzaam, PETRA MARIA als altijd vol van verlangen, TIEFENTHAL in zijn eeuwige woordenspel en RIK VAN BOECKEL in beweging. dank jullie wel!
.

 

wie wint de enige echte virtuele hangjongere – of – we kijken nergens meer van op –  trofee op pomgedichten? vrij naar een schilderij van Rob Graafland – ‘Meisje in hangmat’ – 1910.

in de zomermaanden, in ieder geval in augustus nog – geen echte wedstrijd – (in september hebben we een nieuwe echte frisse en zelfs ook voor cartouche acceptabele – in ieder geval een met verstand van zaken schrijvende jury voorzitster – maar dat tussen haakjes) – geen wedstrijd maar een uitnodiging aan U om rond het gegeven thema met een aantal mooie regels ons te laten genieten van uw dichterschap. eeuwige dankbaarheid is uw loon –  u kent de regels: commentaar is verzekerd – insturen voor zondag 10 uur 30. stuur in onder ‘contact’. (zie hierboven in de zwarte kolom) – of op het u bekende gmail.com adres van pomgedichten@ – ik zorg er voor dat uw gedicht in het item wordt geplaatst.

 

 

te

het moet wel begonnen zijn met een aarzeling
ik weet nog hoe ik je voor het eerst liggen zag
 
je las een boek jawel het was een boek
ik herinner mij dat veel te blauwe blauw van de kaft
 
en dan toch zo zoet en vredig jouw liggen
zeg maar rustig te zoet te vredig zo
 
pw
 

Sectie

Ze zorgt goed voor je als ex
jongere, je deel-gemeente
ze weet verrekdes goed
hoe het moet – voelen

als je verlaten, verloren
ga je toch elke dag uit
hangen op het bankje
van de leugen hier
om de hoek

te zien

hoe mooi het gebeente
dat langskomt, de zon brandt
en regen blijft stromen
in je ogen, plek zat
tijd te over

voor onnut volk
schooiers en dichters
ik en jij – o mijn god –
en alles voor niks

11-08-2018
Cartouche

Cartouche kruipt in het wezen van de hangjongere – we lezen over bankjes van de leugen, over de deelgemeente die je aan je lot overlaat. over voortdurende regen in ogen en dat je op je bankje alles voor niks mag zijn. een sociale aanklacht deze regels – meer kan ik er niet van maken. en zie toch hoe zoet het meisje in der hangmat ligt. het maakt jonge schooiers en oude dichters niet uit. zij dragen hetzelfde niet zoete niet romantische lot. is  dat het wat Cartouche ons meegeeft op deze stralende zondag?

 

Hangjongere

Tussen de rozen het duikelrek
waaromheen onkruid groeit
en tiert op stugge stengels
elke speelbal prikt hier lek

hoe jonge armen zich strekken
twee kleine vuisten zich sluiten
het hoofd met blonde krullen
hangt omlaag in het groen

zwiepend aan de stang
staat de wereld op zijn kop
ook dit is ontdekken van ruimte en tijd
leren dat je van wat steekt niet schrikt

ik wacht tot je roept van loslaten
vang je vandaag nog op

FT 11082018

 

voor de kleine wordt gezorgd – de hangjongere – om de oppas heen – die de wereld ontdekt – met zorg omringd nog tot het loslaten een aanvang zal nemen. het thema op deze wijze vorm gegeven: ik lees over  voetballen met de kleine in het park – en dat er gemene struiken zijn en adembenemende schommels.

 

HET HANGMATLEVEN

zacht en schrijnend
voortbewegend
de wiegende bomen, de hitte
die als een zielepijn overspoelt

als iets in jou van liefde is voor mij

gelijk de vlinder die mij niet genoeg vertrouwt om op mijn hand te zitten
maar wel in mijn buurt blijft

dan komt de zachtheid terug

PetraMaria

een wens hier in zachte wiegende woorden uitgesproken – ik lees hoe de gedachten in wensvorm wiegend de plaats innemen van wat niet te verdragen leek. maar dan moet er wel IETS van liefde nog over zijn. hoe het afloopt mogen we – de lezers – naar wiegen.

 

Geen weg spoelt weg na het voorspel
.
Daar reeds liggen we uitgestrekt.
Daar waaien reeds zulke geuren
uit de tuin.
.
Zeker, niets is eindig,
alles gebeurt.
Daarom niet getreurd.
.
Soms komt de heuvel
aangewandeld alvorens
plaats te nemen.
Soms komt de heuvel
helemaal niet. Daar is ze.
.
Wolken en wonderen waaien
uiteen.
Ze verstrooien zich in spel.
.
Landerigheid vindt geen land
om aan te spoelen.
Daar dus liggen we uitgestrekt.
marc tiefenthal
dichter essayist / poète essayiste
Sint-Niklaas
blogs: Tieftalen (nl) Profonde lalangue (fr)

een impressie door tiefenthal in de wij vorm – langzaam openbaren zich scenes bijeen gedroomd door het meisje in de hangmat. de hangmat als voorspel – die  hadden we nog niet gehad.

Wees
Ze ligt daar wees te zijn
een wees van de morgen
.
‘s middags rijdt ze op haar fiets
langs kanalen van zacht rumoer
.
als de avond breekt hard en genadeloos
zoekt ze beschutting van het bos
.
ze droomt van het zingen van een ster
als die gevallen is raapt ze hem op
.
vereenzelvigt zich met het lied
dat uit het hart van velen klinkt
.
het verweesd zijn laat haar los
in de stroom die leven heet.
.
Rik van Boeckel
12 augustus 2018

 

hoe er toch altijd weer hoop op leven is in de poëzie van Rik van Boeckel. van de hangmat hup de stroom in die leven heet – in je gedachten moet je niet blijvend wonen – lijkt rik ons te willen meegeven. laat de hangmat aan de wilgen – in volle vaart moedig voorwaarts het devies.

Share This:

Geen categorie

LISAN LAUVENBERG: ‘Wonend op het Spui, boven de mooiste boekwinkel van de stad was ik zwanger. Zo was ik teruggekomen uit Italië.’

Geplaatst op

 

Zwangerschap en bevallen

In mijn buurt huist het geboortecentrum, een diagnostisch echocentrum en het geboortehotel. En ook nog een winkeltje met alles voor moeder en kind en een cafeetje waar zwangeren en net bevallen vrouwen elkaar treffen om te delen. Dat ik regelmatig zwangere vrouwen zie in alle stadia van hun zwangerschap komt dus niet omdat ik erop gefixeerd ben om zelf zwanger te zijn of om oma te worden, maar simpelweg doordat er allerlei soorten zwangere vrouwen door mijn buurt moeten lopen. En ook de vele kinderwagens met jong spul erin is geen innerlijke waarschuwing dat ik wil moederen of anderzijds moet bevallen van nieuw leven.

Ik zie dus de roze wolk zwangere, de tikkeltje bezorgd zwangere, de trotse buik vooruit en platte voeten zwangere. En de stralende moeders en de vermoeide moeders achter buiten modellen kinderwagens. Tjeetje wat zijn er veel soorten en maten kinderwagens en handige buggies en samenklik onderdelen waar je een tweede kind op kunt vervoeren. Wij moesten ons, zo’n dertig jaar geleden, zien te redden met de eerste versies van een Maxi Cosy en een oude kinderwagen waar alle kinderen van Atheneum Boekhandel ook in waren rondgereden. Die werd na gedane diensten weer opgeslagen achter de voorraad in de kelder bij Nirk. En voordat ik ga uitweiden over alle jong gestorven werknemers en ex werknemers van de boekhandel ga ik door over de zwangerschappen.

Wonend op het Spui, boven de mooiste boekwinkel van de stad was ik zwanger. Zo was ik teruggekomen uit Italië. Waar we met twee dierbare vrienden (die nu helaas geen vrienden meer zijn) een grote reis hadden gemaakt in mijn oude Ford Taunus. Ik weet nog precies waar ik zwanger werd. En vlakbij Napels op een camping bij Sorrento wist de oude oma het ook meteen toen ze me zag. Die oude kennis is verloren gegaan, van weten en delen over wat er allemaal gebeurd en zichtbaar is, als je zwanger wordt. Jonge zwangere vrouwen hebben zelden nog steuncirkels met kennis en ervaring die hun door deze mooie en ook verwarrende tijd kunnen gidsen, leiden of begeleiden.

 

Denkend over dit onderwerp ging ik op zoek naar gedichten over zwangerschap en bevallen. En ik vond ze niet of ze kwamen uit de hoek van de zondagsdichters met – Ik hou van jou, de lucht is blauw- stijlvorm. Uit mijn herinneringen drijft er ook weinig boven, behalve Vasalis, maar dat gaat dan over het lijden na de dood van een van haar kinderen.

Is het onderwerp te groot,  te heftig, te veel intern, te privé? Ook ik heb het nooit gedaan, wel heb ik geschreven over de waanzinnige bevalling die ik had gehad. Ik schreef  in de lange nachten in het AMC vlak na haar geboorte, maar dat is geen poëzie en heeft ook geen enkel gedicht voortgebracht.

Ook nu nog herinner ik me details en beelden, maar woorden om de alles overheersende ervaring te bevatten vind ik niet. Mooi en zalig was het niet, omdat mijn baby vruchtwater had ingeslikt moest ze vanuit het Prinsengracht ziekenhuis met een Babylance in een couveuse naar het AMC Emma kinderziekenhuis om twee uur in de nacht, met haar vader. Ik mocht niet vervoerd worden na een bevalling van 36 uur. En zag haar pas, gelukkig roze, maar aan de infuus, 9 lange uren later, nadat een vriend me mee mocht nemen om ver buiten de stad, eindelijk mijn kind vast te mogen houden.

Ik zie de zwangere vrouwen gaan, slagschepen onder de statige bomen in de straat. Ogen vol dromen, ogen vol schrik, ogen die hopen. Ik hoop met ze mee, dat het makkelijk zal zijn en dat het genieten is. Een kind krijg je niet, die wordt je gegeven om lief te hebben en er goed voor te zorgen. En het is makkelijker als er ooms en tantes en vaders en moeders in de buurt zijn om dit te delen. Of zoals wij het hadden een hele stoet ervaren mensen, die om ons heen woonden en hun kennis met ons deelden. De liefsten en de zachtsten van die groep zijn helaas vroeg gestorven. Eentje heeft net nog haar kleinkind geboren zien worden, wat moet dat hard zijn om dan te sterven. Terwijl je wil leven voor het jonge leven, om je eigen kind bij te staan met dit nieuwe leven.

Maar poëzie heb ik er niet van gebakken.

Geboorte, zwangerschap, is het ultieme teken van  leven. Dat we leven maken. Is dat te groot? Of heb ik me niet goed gezocht en is er wél mooie gedicht over het begin van alles?

 

© Lisan Lauvenberg

10 augustus 2018

 

Share This:

Geen categorie

RIK VAN BOECKEL vanuit Rømø. Denemarken- ‘met jou wil ik geen verleden zijn…’

Geplaatst op

Pom, hier mijn volgende reisgedicht: van Drenthe via het ene Waddeneiland- Schiermonnikoog- naar het andere- Rømø.
Alle zekerheden even weg na het overlijden van een vriend, de enige zekerheid die blijft is dat het leven wel eindig is maar dat men het zou moeten vieren, zo lang als het duurt. Al kan niet iedereen dat en zit men elkaar te veel en te vaak dwars, smelten relaties als sneeuw voor de zon zoals ook blijkt uit Van Solo’s laatste column.
Maar het leven is niet kort. Dat vind ik zo’n negatieve uitdrukking.
En net als Jolies Heij ben ik hoogsensitief maar geen psychiatrisch geval. Mijn redding, mijn troost, mijn passie is de muziek, nog meer dan de poëzie. Ik hou niet van heavy en death metal, gothic, punk, hardcore maar van muziek met een warme en ritmische uitstraling: van Afrikaans, salsa, Cubaans, Kaapverdisch, Braziliaans, flamenco tot soul, funk, hiphop (niet de gangsta style), fado, Eagles, Coldplay ea.

Groeten uit warm Denemarken, waar het nu rond de 28 graden is.

Groeten,

Rik

Het reizende ritme

Het leven trekt weg uit een vriend
met een hart vol rouw op pad
door het Drentse land het podium op
het podium af het ritme tikt door

sneller op Schier met de Mandingue
uit Senegal Mali Burkina Ivoorkust
de handen tikken als slagen van goud
het djembé hout verslaat de ritmiek

balafoon kora en talking drum
dansende harten van zilver
soms keert de rouw de gedachte terug
herinnering in verdriet gegoten

zo snellend met Salif Keita op radiotoon
over de autobahn naar Cuxhaven
langs Danevirke Schleswig Flensborg
naar Deense wadden op Rømø

de zomerdans van hitty zon
legt de djembé geen beperking op
proostend op leven en dood
slapen dromen rustig door

zingt de dichter de gulden regel
met jou wil ik geen verleden zijn
nu in het heden zo in de toekomst
de dageraad van ons leven verstaan.

 

Rik van Boeckel
9 augustus 2018.
Rømø. Denemarken

Share This:

Geen categorie

VON SOLO – Openhartige openbaringen van de Jeff Koons van de vaderlandse powezie. een breekpunt. ‘Arbeid bestaat voor haar uit zelfstudie in esoterie…’!

Geplaatst op

POMgedichten presenteert de donderdag column:

VON SOLO, FEAR AND LOATHING IN POWEZIE LAND!!!

Openhartige openbaringen van de Jeff Koons van de vaderlandse powezie.

Jaren geleden kwam een vriend van ons koffie drinken met zijn nieuwe vriendin. Een charmante vrouw. Knap, welbespraakt en vriendelijk. We vonden haar bijna wat te goed voor hem. Een sociale klasse of twee te hoog. Maar toch heeft hij het er jaren mee uitgehouden. Daarna is het zeer zuur verlopen met diverse beschuldigingen over een weer. Ik heb alles uit eerste handen gehoord. De verhalen spraken elkaar zonder uitzondering tegen. Als maskers af vallen, is soms aan de gezichten die je kende niet meer af te lezen wat je dacht dat de waarheid was. Of hoopte.

Deel 300. Breekpunt

Hij was een psychisch altijd al een probleemgeval. Moeder die was blijven hangen in een trip in de hippietijd. Doorgesnoven vader die coke schoof op de Antillen en er niet wilde zijn voor zijn zoon. Altijd een overdaad aan interesse van de meisjes. En zelf ook de nodige lijntjes lopen. Daarnaast altijd net te hard werken. Te slecht voor zichzelf zorgen. En vooral zo veel en zo vaak mogelijk gelijk hebben. Tot en met instructeur zijn op psychologische bootcampweekends voor ‘mannen’. In ieder geval een vriend waar de gesprekken nooit saai bij zijn en waarmee ik Zeeuwse roots en een ex-vriendin deel. Die Zeeuwse arbeidersroots blijken dieper in de klei verankerd te liggen dan ik zou (willen) denken.

Zij was een knappe vrouw rond de veertig. Vier kinderen van een steenrijke succesvolle ex-man. Een huis in het betere deel van de gegoede wijk en een SUV voor de deur en een riante toelage. Arbeid bestaat voor haar uit zelfstudie in esoterie, ondersteunende gecertificeerde cursii tot yoga instructrice en life coach. Leven is be-leven. Eigenlijk wat je elke vrouw (of man) toewenst. De miljoenen daartoe ontbreken echter de meesten.

De breuk tussen de twee typeerde zich door drama. Van beide zijden verwijten. Zijn ongevoeligheid, zijn excessen en agressie. Zijn ontkenning van problemen en niet willen werken aan oplossingen. Hij die haar verweet te slapen met een goeroe. Haar verweet dat ze nog nooit had gewerkt en niet wist hoe het ‘harde leven’ is. Kortom, een pijnlijk lange weg zonder winnaars. Maar wat had deze mensen dan toch bij elkaar gebracht? Volgens mij het probleemgeval en de hulpverleenster. Het Afrikaantje en de ontwikkelingshelper. Iemand die een ander uit gewenste overtuiging wil helpen en vervolgens toch moet concluderen, dat de geboden hulp, niet leidt tot het gewenste resultaat.

Mevrouw Solo en ik hebben met haar ook altijd een goed verstaan gehad. Als gewone mensen. Maar een paar weken geleden ging er ineens iets mis. Ik schreef een column waarin ik de ongelukkige dood van een socialite afdeed als pech in combinatie met een zeer gebrekkig praktisch wereldbeeld. Dat leverde me een berg commentaar van haar kant op, waar ik mij sterk over verbaasde. Het was alsof ik mijn zoontje op zijn kop had gegeven en ik een veeg uit de pan kreeg van mevrouw Solo. Die reageert in dat soort gevallen ook in de lijn van ‘kom-je-aan-mijn-zoon-dan-kom-je-aan-mij’. De rationaliteit verdwijnt en maakt plaats voor agressief emotioneel offensief. Alle Rudolf-Steiner-principes en mindfulness dingen smelten als sneeuw voor de zon. En je weet je geconfronteerd met een furie, die teruggeworpen is op haar basisprincipes.

En daar stonden we dan op Facebook. De gewraakte columnist en de gerechtige justitia. De kleine ambtenaar tegenover de respectabele rentenierster. De klasse van onder de plas tegenover de klasse van boven de plas. De proleet en het meisje met de zilveren lepel. En toen werd het me opeens duidelijk. Dit was een breekpunt. We dachten dat we elkaar al die tijd hadden geaccepteerd, maar dat was dus eigenlijk niet meer dan tolereren. Met de wens tot accepteren en wellicht acceptatie. We waren ver gekomen. Maar nu liep het mis. Beiden toonden we onze ware aard en die bleek onverenigbaar. Terwijl we al zoveel gemeen hadden gemaakt. Een geschiedenis herhaalde zich in het klein.

Maar wat erger is, dit was het punt dat er echt verschillen gemaakt hadden kunnen worden. Als er geen gelijk had hoeven zijn. Als er echt ruzie was ontstaan. Als we het uitgevochten hadden. Maar dat ging niet, want het was digitaal. Te ver weg allemaal. Te veilig, ver weg. En dat is wat maakt dat globale grenzen verder dan aan de oppervlakte nooit vervagen. Een proleet blijft een proleet voor een rijke. Een knor blijft een knor voor een corpsbal. Een neger blijft een neger onder de oppervlakte van een blanke. En een Jood blijft een Jood voor een nazi. Een Palestijn blijft een Palestijn voor een Jood. Het is degene met de macht die bepaalt of het dubbeltje óók een kwartje mag worden. Degene van de hoogste klasse die bepaalt of je er ook bij mag horen. En onder welke voorwaarden. Maar altijd met de clausule tot royeren.

Mensen snuffelen aan elkaar. Ze dromen zich verwantschap. Als dat uitkomt. Maar als dat betekent dat je los moet laten wat je altijd dacht dat de waarheid was, dan is er geen sprake meer van verwantschap. Als je er echt wat voor moet doen, dan klikt men liever weg. Vijandschap is dan gewoon weer evident. En toch, als het met mekaar paart, dan is de kans groot dat er toch een fysiek gezond kind uitkomt. Als het zuur loopt noemen we dat dan toch maar een bastaard. We denken dat we al een eind onderweg zijn in de digitale wereld. Maar daarbuiten heerst nog steeds gewoon de grootste hond. En als het moet daarbinnen dus ook.

Woef.

En toch weiger ik me hierbij neer te leggen en blijf schrijven. De discussie en actievoeren we wel in het echt.

 

VON SOLO

DICHTER, PERFORMER, COLUMNIST EN CINEAST

www.vonsolo.nl

Lees ook de wekelijkse column van VON SOLO op www.POMgedichten.nl 

En volg VON SOLO ook op Facebook, Twitter en LinkedIn!!!

Share This:

Geen categorie

300ste column van VON SOLO altijd over het leven, beleven, over relaties en hoe deze ook voor je ogen uiteen kunnen spatten

Geplaatst op

 

VON SOLO op donderdag in dit theater met zijn 300ste column – over een breekpunt – ‘Arbeid bestaat voor haar uit zelfstudie in esoterie…’ – schetsen uit het leven gegrepen – schrijft VON SOLO voor ons – altijd over  het leven, beleven,  over relaties  en hoe deze voor je ogen uiteenspatten – net niet waar je bijstaat. de schone schijn houdt op.

300 columns op pomgedichten – het leven leent zich blijkbaar voor het schrijven van een column – ik wil VON SOLO van harte bedanken – jonge mensen kunnen bij hem lezen hoe het gaat worden – de meer oude van dagen lezen hoe het ook al weer was  – morgenochtend is het genieten in het hier&nu.

Share This:

Geen categorie

MERIK VAN DER TORREN meldt: hoi pom, rood brandt de maan boven de daken.

Geplaatst op

Hoi Pom, dit zomers gedichtje lijkt me zeer toepasselijk voor het klimaat waarin we de laatste weken leven. In de Bijlage, groet, Merik

Zomerhitte
 
De zon steekt door haar transparante jurkje.
Mooie benen wentelen door de stad.
Opwaaiende creaties, feest voor het oog
 
dansen ’s nachts in de klamme kelders,
dertig graden in de vochtige schaduw,
maken hete drukte in mijn hoofd.
 
Rood brandt de maan boven de daken.
 
Wil je een ijsje van oom Kees?

Share This:

Geen categorie

jolies heij: “Jan Arends was zo gek als een deur. Kloos eveneens. Sylvia Plath was depressief, bipolair en borderline tegelijk…”

Geplaatst op

Over asperger & rock ’n roll

Een psychiatrisch verpleegkundige, die ook nog eens dichter was, wist mij ooit te vertellen dat tachtig procent van de dichters een psychiatrische stoornis heeft. Dat is best veel, vindt u niet, lieve lezer. En wie zijn dan die “normale” twintig procent? Zijn dat de betere of juist de slechtere dichters? Wel is het zo dat de lijst van (te) jong gestorven dichters, in de regel door inname van drugs/alcohol schier oneindig is. Maar of die verslavingen, of gewoon het “wilde leven” verband houden met een psychiatrische aandoening? Het kan natuurlijk een vorm van zelfmedicatie zijn, die jas van rock ’n roll die dichters maar al te graag aantrekken om hun gekte te verbloemen.

Anderen zijn het openlijk, of koketteren er zelfs mee. Jan Arends was zo gek als een deur. Kloos eveneens. Sylvia Plath was depressief, bipolair en borderline tegelijk volgens de literaire hobbypsychiaters op afstand. Ingmar Heytze heeft reisangst, hij durft Utrecht nauwelijks uit. Later had hij naar verluidt spijt als haren op zijn hoofd dat hij hieraan ruchtbaarheid had gegeven omdat hij in de media stilletjesaan als “die gek” werd bestempeld en alleen nog maar door zorginstellingen werd benaderd om lezingen over zijn gekte te geven. Dus misschien is het nu ook heel schadelijk voor mijn imago als ik op deze plek beken ook wel eens iets met psychiatrie uit te staan te hebben gehad. In mijn jonge jaren ben ik zelfs enige tijd opgenomen geweest, maar dat hadden mijn toenmalige psychiater en mijn moeder bekokstoofd toen ik nog te braaf was om ook maar ergens tegenin te gaan.

Zelf was ik van mening dat ik overspannen was van de studie, die me maar matig boeide en klonk een time out in een rusthuis in een uithoek van het land me wel aanlokkelijk in de oren. Nadeel was dat iedereen die er binnenwandelde het etiket borderline kreeg opgedrukt. Dat wordt dan in de boeken opgetekend en is de rest van mijn leven aan me blijven kleven. Tja, wat wilt u, u hebt immers borderline, dus u ervaart nu eenmaal persoonlijkheidsproblemen, was het steevast als ik me dan eens met een depressietje tot de hulpverlening wendde. Tot die borderline zo mijn keel, neus en oren uitkwam dat ik er maar over ging lezen. Toen wist ik dat ik het niet kon hebben. Een wezenlijk kenmerk van borderline is impulsiviteit en als ik nou iets níet ben, is het impulsief. Ik bedenk me honderd keer voordat ik een beslissing neem of tot actie overga.

Ik bijt liever mijn tong af dan er iets onverstandigs uit te floepen. Laatst had ik het in Eijlders met de ouwe Aachenende over asperger, een vorm van autisme. Ik scoorde in een aspergertest 31 van 50, wat bovengemiddeld is. Nu is autisme bij vrouwen geen thema, kennelijk komt het nog altijd alleen bij mannen voor. Bekende vrouwelijke autisten zijn er al helemaal niet, al had de nieuwzeelandse schrijfster Janet Frame – die werd misgediagnosticeerd met schizofrenie – onmiskenbaar autistische trekjes. De autistische heren kunnen zich dan tenminste nog optrekken aan beroemde autisten als Einstein en maarschalk Montgomery. Is het dat je een bepaalde psychiater ervan wilt overtuigen dat je geen borderline hebt dat je nu het autisme hebt omarmd? vroeg de historicus mij op het terras van het Kurhaus te Kleve en het voormalige atelier van Joseph Beuys. Daar had hij wel een puntje.

Ik ken een psychiater die zo rotsvast overtuigd is van mijn borderline dat hij daarvan heel autistisch geen millimeter vanaf wil wijken. Onzin, gaf ik, mijn vader heeft het ook. Die terroriseerde het hele gezin met zijn structuurdwang en woede-aanvallen als de dingen niet liepen zoals hij in zijn hoofd had geprent. Dat klinkt inderdaad wel heel autistisch, meende hij, maar zo ben jij in geen geval. O nee? riep ik. Ik leef mijn dagen volgens een vaste structuur en word kwaad als iets anders loopt dan ik had verwacht. Ik ben sociaal onhandig, ik kan niet met onuitgesproken boodschappen uit de voeten. De mensen moeten duidelijk tegen me zeggen wat ze van me verlangen. Maar ik ben uiteindelijk maar een halve asperger, voor de andere helft ben ik hoogsensitief.

 

Homo normalis

Ik ben met afstand de normaalste mens op
aarde. Ik sta ’s ochtends op, wandel en sla
een gat in de dag. Mijn werk is een hard gelag
op verjaardagen lach ik me een kriek om het

kazige gezelschap dat zich vergrijpt aan
borrelnootjes en nonalcoholische bowl en er
niet van opkijkt als ik op mijn kop sta.
Iemand die Allahu Akbar roept vind ik

verdacht, maar ik zal er niet onder lijden
laat staan het land bevrijden van roeptoeters
en clownsneuzen. Ik ben een heuse windbuil
zo lang ik wind mee heb. Als mijn hoofd

boven het maaiveld uitsteekt laat ik het
overwoekeren met onkruid. Net als de kinderen
die ik in de schoot geworpen kreeg door
een gebrek aan liefde maar met succesvolle

lustplanning en personeelsorganisatie. Mijn
testament is in de maak, maar ik heb geen
haast. Na mij de zondvloed of de eeuwige
droogte. Dan schrijf ik af en toe ook nog een vers.

Jolies Heij

Share This: