Lisan Lauvenberg als een lammetje: Er waren jonge blaadjes aan de bomen, die me blij maakten, die flirten met mij in het stralende zonlicht …

Voorjaar

Er was een lange stilte, want met open ogen genoot ik van de lente. En de lente genoot van mij.

Er was een jonge man met rode krullen en lichte ogen die flirtte met mij, terwijl we beiden bloeiende planten uitzochten voor ons balkon. Ik had hem zo in een doosje willen doen om er af en toe voorzichtig naar te kijken, zo mooi was hij, zo aardig ook en jong, zo jong dat je op slag vergeet hoe oud je zelf al weer bent.

Er was een man met een olijke blik en een slechte bril, of lelijke bril, dat was het een lelijke bril, die met me flirtte op de Nieuwmarkt bij de aprilfeesten. Ons koor zong daar en nog veel meer leuke, grappige en ontroerende koren. De bekendere liedjes werden door de hele tent uit volle borst meegezongen. Ook Shaffy was veelvuldig aanwezig, al dan niet prachtig vertolkt of vreselijk vals gezongen. Maar ondertussen flirtte deze heer met mij, olijk en zo te zien verbaasd over zichzelf dat hij dat durfde en ik giechelde ervan, als een jonge meid en mijn koorleden zagen het ook en riepen dat ik sjans had, wat het nog grappiger maakte. En ik voelde me zo jong, onder zijn aandacht, zo jong als ik al lang niet meer ben.

Er was een oude man met een sik en pretlicht in zijn ogen, die voor me boog en me vertelde dat ik zijn dag goed had gemaakt, door voor hem op straat te verschijnen in mijn mooie bloemetjes jurk en hij vroeg me of hij even een stukje met me mee mocht lopen. En ik zei ja en hij flirtte met mij, bood me wat te drinken aan in een kroegje verderop, maar dat sloeg ik vriendelijk af. En hij boog nogmaals en zij dag mooie vrouw en ik voelde me mooi en jong, zo mooi en jong als ik allang niet meer ben.

Er waren jonge blaadjes aan de bomen, die me blij maakten, die flirten met mij in het stralende zonlicht bewogen ze als talloze ogen, met een schitterende kleur.

Er was jonge prei, die ik in de aarde stopte, door met  een vinger een gaatje te maken en er dan zo’n dun iel sprietje in te laten glijden met de wens dat hij groot en lekker zal groeien.

Er was ook jonge sla, trillend in de wind, in een hun net natgemaakte bedjes. Ik dacht aan dat gedicht over ontroerend jonge sla. En voelde me weer jong en ik lachte erbij.

De vuilnisman die net voorbij reed, trapte op zijn rem en sprong  uit zijn grote vrachtauto en ontvoerde mij, naar mesthopen en vuilstort, terwijl we lachten en dachten, dit nemen ze ons niet meer af, deze voorjaarsdag, dit leven, deze  lach.

©Lisan Lauvenberg

25 april 2019

Share This:

Peter Posthumus – in doorgeschoten logica soms gruwel ik er nog eens rond…


hoe het was ooit – het onontkoombare realisme terug in de poëzie – daarvoor moeten we bij Peter Posthumus zijn – wat zijn we blij met zijn tweewekelijkse bijdrage aan pomgedichten. dat we weer weten hoe het was en weten hoe het is nu – het leven in doorgeschoten logica.

Ik groeide op
in het ijle licht
van lege straten
met verderop 
braakliggend land


dat alles nu
is in beton gegoten
gevat. in doelgerichte dwangmatigheid
vergruist, in doorgeschoten logica


soms gruwel ik er nog eens rond
over het astfalt
tussen het afgepast
hermetische geweld 
van de in steen gestolde tijd
tussen de bastions
aan onontkoombaarheid


dan weet ik weer
hoe ik hier ben verdwenen
hoe ik ben zoek geraakt



                            peter posthumus

Share This:

menno wigman – bij wijze van afscheid


bij wijze van afscheid


dan zie ik je weer menno
ik zie ik zie wat jij
een filmpje op youtube

hoe jij over je moeder
over je zus
en weer over je moeder

met je gewichtige hand
hoe noemen ze dat
gesticulerend vermoed ik

de andere hand statig
langs het lichaam dat jou los liet
langs het leven dat jij los liet

kapot als mijn moeder zou jij zeggen
en je zou 2x knikken met die rechterhand
op kapot


pom wolff

Share This:

VON SOLO over NUSCH: “De zachte kromming van haar hals en de tederheid in de ogen. De kwetsbaarheid en geborgenheid…”


Onderweg naar Brussel voor wat poëzie
En voor onze lezers nog wat kleine overpeinzing, terwijl ik morgen mijn bier en woorden van komende avond overpeins

XxV

VON SOLO
DICHTER, COLUMNIST,  PERFORMER EN CINEAST
Check de actualiteiten van VON SOLO op www.vonsolo.nl
 

Deel 334. Nusch

Haar gezicht, nabij dat van een andere vrouw. Ogen bijna gesloten. Naakt tussen droom en inslapen verkerend. Alsof ze minimaal leven inademt. Daar, boven het gezicht en de blote borsten van die andere vrouw. Te rustig om ongemak te voelen.

Een andere foto. Hoe ze als een hondje opkijkt naar de blonde vrouw die haar aan de boezem koestert. De zachte kromming van haar hals en de tederheid in de ogen. De kwetsbaarheid en geborgenheid.

Dan de foto op de Impasse de Deux Anges. Samen met haar geliefde. Engelen in een wereld, waar de realiteit in een moment gevangen wordt. Waar het lot geliefden net zo makkelijk weer van elkaar scheidt.

Het is negentienzesenveertig. In de stad der engelen stort een vrouw ter aarde. Haar hart stopt. De man op de foto is op dat moment in Zwitserland. Het is een eenzaam passeren. Veertig jaar is ze op dat moment.

Drieënzeventig jaar later ploegt een man van vierenveertig door wat fotoboeken van Man Ray. Zwartwit foto’s op papier. Stilstaand beeld, decennia oud, dat in staat blijkt snaren te raken die diep verborgen liggen. De waarnemingen van ogen, die mengen met gedachten en voorstellingen. Of je een veulen opgraaft uit het permafrost, om er na ontdooien achter te komen dat het bloed nog vloeibaar is en warm als levend. Wat heeft schrijven dan nog voor zin?

Dat we enkel verhalen zijn. Bij dood en bij leven. Bij nooit meer en altijd weer.

Share This:

Merik van der Torren op de woensdag met alle aandacht voor zijn liefste maar toch ook voor de gehakkelde aurelia


Hoi Pom,
 
Verblijf te Buitenzorg met dit zonnig Pasen, bracht me tot het tekstje in de bijlage, groet, Merik

Buitenzorg 11

Liefste, hier een bericht uit tuinpark Buitenzorg;
ik heb haar weer gezien, zij fladderde rond de geraniums,
die vlinder met gerafelde vleugels en oranje stippen;
ik geloof- zoals Vlinderman Jaap doceerde:
de gehakkelde aurelia.

Niet dat zij door een kat is gegrepen, nee, zo zien
de vleugels van deze vlinder er nu eenmaal uit,
niet voor niets gehakkelde aurelia geheten.

Ze doet je de groeten, de gehakkelde aurelia,
dacht ik.

Share This:

Andrea van Herk: BRIEF AAN VOORMALIG GELIEFDE OF WAT DAAR VOOR DOOR GAAT / GING



BRIEF AAN VOORMALIG GELIEFDE OF WAT DAAR VOOR DOOR GAAT / GING


Lieve meneer van de afdeling fusies en overnames,

Ik weet niet zo goed wat het is. Maar sinds ik bedacht heb dat ik wat woorden wil wijden aan voormalige geliefden, of wat daar voor door gaat / ging, duiken jullie of jullie namen als vanzelf weer op. Misschien slinger ik verkeerde boodschappen het universum in, maar dat risico neem ik dan maar. “De literatuur moet geleefd worden”, zei een dichter mij afgelopen week, dus daar hou ik me voor nu maar aan vast (en bestempel dit voor het gemak dus als literatuur). De dichter zei me ook dat ik teveel ruis toe liet op de lijn, wat mannen betreft. Ik was er even stil van. Voor mijn gevoel is er eerder sprake van een gevalletje “de verbinding komt niet tot stand”. Maar goed, daar heb jij natuurlijk helemaal geen last van, lieve schat. Jij bent getrouwd, waarschijnlijk vader en verhuisd naar een van de omliggende gemeentes van 020. Het is al weer zo lang geleden dat we brakend over de reling hingen tijdens dat zeiltochtje met zogenoemde young professionals. Even los van het feit dat die term uberhaupt al om te kotsen is, zijn nasi en hoge golven blijkbaar niet zo’n goede combi. Dit in tegenstelling tot vodka, primatourtjes en jij. God wat hebben we genoten. Niet in de eerste plaats van dat spectaculaire optreden van Bonny St. Claire maar vooral van het hoge burgerlijke gehalte om ons heen. Zo zouden wij nooit worden toch? We zouden de wereld over reizen, nooit hetzelfde windjack aantrekken en nooit in een buitenwijk gaan wonen..Ik zie dat je af en toe nog mijn linkedin profiel bekijkt. Ik hoop dat het je een beetje voldoening geeft. Het je er misschien wel toe verleidt mijn naam te googlen. Je dit leest. Het gaat goed met me, ondanks de ruis. En gelukkig, zijn tijden niet meer wat ze zijn geweest.

Kusjes! Andrea

Share This:

de koppen vandaag in de texelse dagbladen – ‘hang de gedichten maar aan de bomen!’ aldus de honderdjarige oude mevrouw beumkes – vandaag jarig – eilanders zetten de bloemetjes buiten


ook de felicitaties van pomgedichten gaan vandaag richting eiland en eilanders!
de koppen vandaag in de texelse dagbladen – ‘hang de gedichten maar aan de bomen!’ aldus de honderdjarige oude mevrouw beumkes – vandaag jarig  – eilanders zetten de bloemetjes buiten

texel viert vandaag eeuwfeest met de honderdjarige mevrouw beumkes – de moeder van dichter karin beumkes oudste inwoonster van het dorp – burgemeester van texel op de koffie en het hele dorp aan de polonaise – de oude mevrouw beumkes hoopt haar verjaardag te overleven – ‘voor mij geen herrie en goedkoop vertier’ liet de oude mevrouw beumkes al weten bij haar 90ste verjaardag – ‘vruchtenpunten wil ik hebben en  geen moorkoppen!’ aldus de kranige oude mevrouw beumkes. ‘hang de gedichten maar aan de bomen!’ aldus de weduwe beumkes –  roop en karin beumkes vandaag al vroeg op pad!
 
Hoi lieverd
 

Hierbij mijn maandagdicht. Ik hoop dat je er een beetje om zal lachen. We nemen de boel vandaag niet te serieus. Mijn moeder wordt vandaag honderd jaar, dus we hebben een feestje! Dit gedicht komt uit de Amerika-cyclus
 
gedicht:
 
Liedje

 
Johnny drop die gun
laat al die bijlen vallen
zo heb ons moeder
dat toch nooit bedoeld
don`t tell dad about it
no no no

vannacht was the vampireman
around this bed with nasty
the poor boy eat out strange flesh

so darling moedloos was mijn naam
veranderd in a morning paper
sadly enough no God was here
to pay our stekelpaarse witpotatoes

nu leer ik dom Americaans
sir and applepie
changing my days
filth with letters

though babybrother
would you laptop me?
toedoe toedoe toedoe.
 

Muziek: Camping ’t Vrije Schaep-Ik ben blij dat ik je niet vergeten ben https://youtu.be/vUViXoJtSEA
 
Yours sincerely
Karin
 

Share This:

Rik van Boeckel wint de enige echte virtuele ‘Je schreef over leegte, verre vriend..’ – (de wilma van den akker) trofee op pomgedichten – zilver voor Frans Terken en brons voor Cartouche en Anke Labrie

juryvoorzitster jeanine hoedemakers bepaalt vandaag wie van hout is en wie van goud. wie van zilver en wie van brons. danken wij alle dichters voor insturen, wensen wij jako fennek van harte beterschap – here are the results of the rosmalen jury- may i have your votes please?

Allereerst complimenten voor Wilma van den Akker. Zij schreef een mooi  gedicht waardoor deze week terecht de trofee aan haar wordt opgehangen.
Ik heb alle inzendingen graag gelezen. Jako, ook jij bedankt voor de haiku., dat wordt hier in Rosmalen zeer gewaardeerd.
 
En dan nu de edelmetalen.
 
Goud Rik ten Boekel
Zilver Frans Terken
Brons Cartouche, voor die eerste kyoka  en Anke, omdat we met haar mee mochten voelen, denken en herkennen.
 
Maar nogmaals, in feite hebben alle inzendingen wel iets verdiend. Tante zou gegarandeerd met eitjes strooien nu
Fijne Paasdagen dichters.
 
 
ook de paashaas weet pomgedichten te vinden – paashaas wenst alle dichters een enerverend pasen en zeker vandaag. de dag met dat prachtige door Wilma van den Akker aangedragen thema: leegte. beter gezegd de zo troostrijke leegte in haar gedicht voor Babak, onder de gedichten straks de commentaren van jeanine en webmaster – jeanine zal het paasgoud, zilver en brons bekend maken, rond de klok van half 11. danken we alle dichters voor de bijdragen natuurlijk. zij maken als altijd de zondagdochtend tot een mooie ochtend. zeggen wij van hier voor nu – net als het meisje straks aan uw terrastafeltje – “geniet ervan”.
http://www.schrijftaal.org/

Mevrouw SchrijfTaal Schrijfster en schrijfdocent

Wilma van den Akker
  • JAKO FENNEK vanuit het ziekenhuis – sterkte Jako! met een haiku voor jeanine
  • Petra Maria – noem mij maar thuis
  • Frans Terken – dat het ooit goed komt
  • Marc Tiefenthalleegstand
  • Rik van Boeckel naar een horizon van tederheid
  • Cartouche ik laat je niet los
  • Erika De Stercke hier de leegte
  • Wilma van den Akker – Je bent een stuk proza dat ik al uit had
  • Ellis van Atten – Ik kus haar Ik kus haar tot haar lippen droog zijn –https://ellisvanatten.nl/
  • Anke Labrie zijn stoel vandaag nog leger

wie wint de enige echte virtuele ‘Je schreef over leegte, verre vriend..’ – (de wilma van den akker) trofee op pomgedichten?

een troostrijk gedicht voor een verre vriend die op enig moment niets meer en niets minder dan van de leegte voor zich wist. wilma van den akker omarmt die leegte – dat we allemaal weer nieuw kunnen worden nieuw kunnen zijn – dat deze leegte gezien kan worden als liefde voor een nieuwe liefde – dat we elkaar de leegte mogen gunnen – na verloop van pijn – het is aan de dichter nu om deze troostrijke leegte te vullen – dat is deze week de opdracht

u kent de regels:
de gedichten niet te lang svp – 20 regels is genoeg – insturen tot zondag voor 10 uur 30. stuur in op het u bekende gmail.com adres van pomgedichten@ – of benut de blauwe contact functie boven aan de pagina. of laat onder dit item een reactie achter -ik zorg er voor dat uw gedicht in het item wordt geplaatst. juryvoorzitster the one and only jeanine hoedemakers beter bekend als bregje zonderland.

Wilma van den Akker schreef een gedicht voor een Facebookvriend. Zonder bijbedoelingen – voor Babak Amiri

Geschenk
(voor Babak Amiri)

Je schreef over leegte, verre vriend
zij wordt door de meesten vermeden
maar wij kunstenaars kijken haar
diep in de ogen, kennen het geheim
van verveling, tijdverspilling en gemis

Wij hebben aandacht voor wat er is:

ruimte voor nieuwe
ontmoetingen en waarnemingen

Het kleine is eindeloos voorradig
verrassende cadeaus voor onszelf

Leegte is het mooiste wat er is,
mijn vriend. Hierna komt de overgave
aan het vernieuwde vertrouwde

13 april 2019 – Wilma van den Akker

onvertaalbaar

ach wie denkt niet terug
aan die onvertaalbare nachten
zoals het zong van de liefde

en ze zag hem niet meer terug
hoe het gaat
en niet mag gaan soms

dat als het ware uit zich zelf
poëzie ontstaat
om er net niet bij te kunnen

pom wolff

Dag Pom,
Heb geen mogelijkheid mee te doen vandaag. Mooi thema. Gisteravond op de noodafdeling van het ziekenhuis beland, maar gelukkig alles OK. Wens jullie beiden fijne Paasdagen en een goede gedichtenoogst. Tot de volgende keer!
Voor Jeanine een haiku:

leegte als einde
van een bewogen leven
licht volgt op duister
groet van Jako

de zwijgende reiziger

zoals je niet meer
achterom kijkt
naar de stad
langs de rivier

wandelen
van brug tot brug
het silhouet

van mensen
die niet leven
als een klaproos
in de berm

het alles beweegt
ogenschijnlijk soepel
alsof ze het zonlicht
inademen

dan neem ik je koele hand
in de mijne
warm

alles past niet
in je koffertje
een kwetsbaar deel
blijft hier

bij mij
noem mij maar

thuis

Petra Maria


pom: gaan we op zoek naar troostrijke leegte: dat we elkaar de leegte mogen gunnen – na verloop van pijn – het is aan de dichter nu om deze troostrijke leegte te vullen – dat is deze week de opdracht.

petra schrijft in ieder geval van de troost. plotsklaps is daar de klaproos. en in het gedicht is wel heel erg veel “alles” opgenomen – 1x “alles” lijkt me genoeg – dan heb je alles wel te pakken toch? of is er naast of boven alles nog meer alles – bedoelt ze de zwarte gaten van de leegte – lezen we geen gedicht hier maar een natuurkundige verhandeling? mogelijk onbedoeld is een prachtige multi interpretabele regel – strofe –  ontstaan in dit gedicht:

het alles beweegt
ogenschijnlijk soepel
alsof ze het zonlicht
inademen

het alles lees ik hier als een zelfstandig naamwoord. en dan passen we de wet van de beperking toe om uit het aangeboden geheel  een wereldgedicht te lichten van de leegte ende troost:

het alles beweegt
ogenschijnlijk soepel
alsof ze het zonlicht
inademen

dan neem ik je koele hand
in de mijne
warm

hier

bij mij
noem mij maar

thuis

jeanine:

Petra Maria

langs de rivier

wandelen
van brug tot brug

zo stapt de dichteres over van strofe op strofe. Langs de rivier wandelen\wandelen van brug tot brug. Een apokoinou. Je ziet het nogal eens bij haiku, dat je de eerste twee regels samen kunt lezen maar ook regel twee en drie aan elkaar kunt verbinden.

Ook van strofe twee naar drie gebeurt dit maar in iets mindere mate.

Deze overgangen vallen me op omdat ik ze aanvankelijk niet doorhad. Het stoorde me een beetje, tot ik ontdekte hoe je het gedaan had en wat je gedacht zult hebben.

Alles past niet in je koffertje, dat is een hele mooie regel, alles past nergens in of juist overal in, daarom is het dat wij dichters eindeloos kunnen dichten. Het is mooi opgemerkt.

Een bijzonder liefdevolle afsluiting; noem mij maar thuis.


Goedenavond Pom,

Las het gedicht voor het thema al mooi bij Wilma v.d. Akker (mooi werk!)
ik houd het vooralsnog bij de leegte zelf, met permissie.
Goede Paasdagen, voedt de hoop uit de leegte te herrijzen!
Groet, Frans

Aan de rand van leegte

Het vraagt je vooruit en opzij te kijken
de ogen niet dicht voor werkelijkheid
of wat je daar voor aanneemt
in dromen mag alles anders

daar bloeit bloesem nog in het najaar
bonkt het hart van verwachting
dat het ooit goed komt met
wat in je leven overhoop is gegooid

hoe het als een kinderhand
boordevol met liefde gevuld was
maar de kunst dat vast te houden
dansen op het koord boven de valkuil

nog is het de streep door de rekening
wie het in handen hield liet alles los
je hoort de afwezige in elk gesprek
hoe woorden klinken als gelogen

FT 19.04.2019

pom: gaan we op zoek naar troostrijke leegte: dat we elkaar de leegte mogen gunnen – na verloop van pijn – het is aan de dichter nu om deze troostrijke leegte te vullen – dat is deze week de opdracht. frans beschrijft hier die leegte. in een viertal strofen – waar het allemaal vandaan komt, hoe het ontstaan kan, waar het toe kan leiden. wat niet werd vastgehouden ging verloren. resteren de dromen nog – als, in dit gedicht, schrale troost. met een vleugje cornelis vreeswijk over de liefde: neem je maar een slok teveel dan schiet het gal je in de keel – bij frans: ‘dansen op een koord boven de valkuil’.

Jeanine:

FT 19.04.2019

Een gedicht dat beetpakt. Niet zo van boem ik heb je maar zachtaardig en vloeiend, zo je iemand toespreekt die zich voor je af lijkt te sluiten.

Je staat hier inderdaad aan de rand van de leegte en de dichter houdt je op die rand. Je hoeft enkel met hem mee te kijken.

Leegstand

Het ziet er niet naar uit
dat er nog iemand hier komt wonen.
Wil iemand het kraken?

liever een leeg pand dan een in brand.

De eerste vlam kraakt en slaakt
en slaat uit de pan en vult al.

marc tiefenthal

pom: gaan we op zoek naar troostrijke leegte: dat we elkaar de leegte mogen gunnen – na verloop van pijn – het is aan de dichter nu om deze troostrijke leegte te vullen – dat is deze week de opdracht. ik zeg: het thema wordt met deze woorden niet gehaald. tiefenthal nog helemaal in de war van de notredamebrand. dat zal het zijn.

jeanine:

marc tiefenthal

Een pakkende eerste strofe en dan zit er ineens de dichter in. Als hij weg was gegaan had het pand het wellicht overleefd maar helaas, de dichter hield er een lucifer bij.  Hoe anders had het af kunnen lopen.  Hè! Maar het thema is leegte en ja, dat is hier inderdaad het geval, een leegte die verkeerd wordt gevuld. Er zijn er die dat doen.

Voorbij de leegte

In de leegte ligt alles besloten
zelfs het besluit jou te dragen
naar een horizon van tederheid

daarachter liggen de volle heuvels
het bos dat dromen verwelkomt
takken vragen niet eenzaam te zijn

voorbij de leegte ligt het licht
voorbij de stilte roept jouw stem
voorbij de heuvels danst de tijd

voorbij de tijd is er niets dan eeuwigheid
daar zijn dromen gedoemd langer te zijn
dans jij voorbij mijn bewogen armen

zing jij de wolken uit de lucht
tot de zon haar stralen roept.

Rik van Boeckel
20 april 2019

pom: gaan we op zoek naar troostrijke leegte: dat we elkaar de leegte mogen gunnen – na verloop van pijn – het is aan de dichter nu om deze troostrijke leegte te vullen – dat is deze week de opdracht.

ja hier hebben we wel een hele mooie te pakken – alleen het woord ‘gedoemd’ mag wat mij betreft weg. (dissoneert zeg je dat zo?) maar voor de gehele andere rest gaat rik voorbij de leegte van de pijn en schept een zeer troostrijke nieuwe lieve wereld voor de wanhopigen onder ons – dat er weer geademd kan worden – prachtige regels om blij van te worden in een prachtig gedicht:


voorbij de leegte ligt het licht
voorbij de stilte roept jouw stem
voorbij de heuvels danst de tijd

jeanine:

Rik van Boeckel
20 april 2019

Prachtig Rik, ik ben maar een keer uit mijn leesritme gegooid en dat was bij de regel ‘daar zijn dromen gedoemd langer te zijn’. Het woord ‘gedoemd’ voelt voor mij niet juist gekozen, ik zou er bijvoorbeeld liever een woord als ‘uitgenodigd’ lezen.

Randschrift in kyoka

Wees maar niet bevreesd
voor ledigheid, verre vriend
ik laat je niet los

van achter de horizon
voel ik jouw bekommernis

***
laten we samen
vieren, een mens bestaat niet
alleen uit kop en kont

hij is zowel kruis als munt
en rand van één medaille

***
beeld en beeldenaar
hoe graag je ook één wilt zijn
lichaam ziel en geest

hinken hoef je niet meer nu
wij op twee benen lopen

***
daarom blijven wij
nog altijd paasfeest en -ei
in tweeën delen

mijn liefste

20-04-2019
Cartouche

pom: we lezen ook bij Cartouche van de troost en het leven dat weer opgepakt en verder kan gaan – ‘ hinken hoef je niet meer nu
wij op twee benen lopen ..’ – ach ja onze Cartouche weet de lezer, en ook deze lezer hier te raken. pakt ie gelijk als een paashaas onze juryvoorzitster jeanine in met de vormdichten die hij heeft ingestuurd – jeanine het koninginnetje van de haiku’s krijgt me hier een paar kyokaas voor der kiezen dat ze zal omvallen – moet cartouche gedacht hebben. wonderschone liefdevolle woorden hier geschreven voor ons. jeanine gaat uit haar bol – dat voorspel ik u.

jeanine:

Cartouche

Mijn liefste, zo eindigt Cartouche zijn kyoka-suite. Keurig in de maat, 5-7-5-7-7. Ik heb ze graag gelezen en het enjambement in de derde kyoka, ‘nu’  stoort me ietwat maar tegelijkertijd is het wel prima zo. Als spetterende aftocht het paasfeest in haikuvorm gegoten en daar dan onder mijn liefste. Even voel ik me dan die liefste en denk, je stuurde vier gedichten in smiecht, denk je dat ik dat niet zie? Dankjewel Cartouche. Niet voor dat ‘mijn liefste’ maar voor je taalspel.

In de vaas
staart een tulp
verweesd
naar schimmen
van twijfels

ik kijk om
voel verbindingen
door mijn hoofd
ze willen antwoorden
ik blijf ze schuldig

jij verdwenen
hier
de leegte
spreekt een taal
van vragen

Erika De Stercke

pom: tsja kind – ik schreef ooit van de liefde – van de bloemen die verschillen in één vaas. bij erika zijn het verweesde tulpen. de taal der liefde is verworden tot een taal van vragen – in dit gedicht. erika zit midden in de ellende – lezen we hier – de troost is nog ver te zoeken. ik adviseer: lees rik van boeckel, lees cartouche hierboven je en je bent er zo weer boven op, kind – lees het gedicht van wilma voor babak. nou nog meer goede raad kan ik niet bieden.

jeanine:

Erika De Stercke

In de vaas
schimmen
van twijfels


de leegte
spreekt een taal
van vragen

Wat mooi is dat, de rest heb ik niet nodig en even ‘voor mezelf vooral’ geschrapt, meestal in de hoop dat de dichter het dan ook ziet.



Hoi Pom,
Dan doe ik zelf ook maar een duit in het lege zakje.
Goede Pasen, Wilma

Opgelost

Je bent een stuk
proza dat ik al uit had
ik was vergeten hoe het
afliep jaren geleden

Ingevulde puzzels
gooi ik weg. Oud papier

Toen ik dertien was
las ik Turks Fruit en
miste mysterie in mijn
eerste grotemensenboek

Moest ik afscheid nemen
van mythen en sprookjes
was lezen voortaan echt kaal

Pas later ontdekte ik de
magie van poëzie. Een gedicht
heb je nooit helemaal uit

15 april 2019 – Wilma van den Akker

pom: wilma schreef voor babak – lees boven in haar onvergankelijk troostdicht – meer troostrijk kan het niet worden – in dit gedicht lijkt nog een antwoord geschreven op mijn bijdrage bovenin – eindigend met een waarheid die alle dichters zullen onderschrijven: ‘ Een gedicht heb je nooit helemaal uit’ – hoe uiteindelijk de poëzie alles (ook de leegte) overwint – net als de liefde.

jeanine: Een gedicht heb je nooit helemaal uit, dat onderschrijf ik. Ook herinner ik me dat ik vroeger boeken las waar ik qua leeftijd niet helemaal aan toe was, dat ontdekte ik pas toen ik diezelfde boeken later nog eens las. Ik heb toen meerdere keren gedacht, oh, eh, ik dacht… las.., enzovoort. Ik was gegroeid, niet het boek. Soms kijk je dan nooit meer om naar zo’n boek maar je was er al min of meer door getekend. Jaja. Gelukkig omarm je later dankbaar de nieuwe magie, de poëzie. Verwondering, magie, hoe leeg is een leven zonder dat.

Pom, Met een dichterlijke, bijna nachtelijke groet.

Een laatste kus

Als Judas kus ik haar natte lippen ten afscheid
Ik drink haar laatste levenssappen
alsof ik die nodig heb om het gat te vullen
dat zij achter zal laten. Ik herkauw
haar speeksel, bevochtig mijn woorden,
en fluister adem in zodat zij
bij mij kan blijven. Ik kus haar
Ik kus haar tot haar lippen droog zijn
en mijn hart hol klinkt in de nacht

Het verraad van haar geboorte
bijt zich vast en laat niet los,
is sterker dan onze
laatste kus
©ellis van atten

Met vriendelijke groeten,
https://ellisvanatten.nl/
Taalspeler Ellis van Atten

pom: ik ben blij dat jeanine jureert vandaag – ik lees bij ellis prachtige hartveroverende hartstochtelijke regels: Ik kus haar Ik kus haar tot haar lippen droog zijn .. – ik ben meteen wakker in deze vroege ochtend. maar hoe dit gedicht te duiden? een paasgedicht met een judaskus. welke geboorte? geboorte van de leegte – van het niets? jeanine hellup? wat wordt hier zo adembenemend beschreven, opgeroepen, verbeeld. ik denk dat we hier een moderne passievolle versie van het paasverhaal zonder die EO pathetiek aangeboden krijgen door ellis. wat is sterker dan die laatste kus? de leegte die zij vervolgens achterlaat?

jeanine:

©ellis van atten

Ik denk het gedicht te begrijpen, echter het ‘als Judas’ begrijp ik niet zo goed.  Het wordt me ook niet helemaal duidelijk na die laatste strofe, al kan ik daar verraad en Judas wel met elkaar rijmen natuurlijk. Een gedicht om over na te denken, daar is trouwens niets mis mee. Ik denk dat er in dit geval bedoeld wordt dat degene die kust niet echt afscheid wil nemen….. hmm. Het verraad van haar geboorte….blijdschap die weer wordt afgenomen?

feestdagen

de gele tulpen staan best mooi
door haarzelf gekocht
twee sneetje minipaasstol
natuurlijk verse jus d’orange
één ei is voor haar genoeg
de koffie zet ze nu al jaren zelf

de dikke weekendkranten liggen klaar

zijn stoel
vandaag nog leger lijkt het wel

tradities zijn verraderlijk

anke labrie

pom: geel de kleur van pasen hier geaccentueerd weergegeven – onontkoombaar geel tegenover de kleurloze leegte van de lege stoel – over hoe het leven was en hoe het leven is. de titel – het woord feest met name – omgeven met iets van bitterheid. over wat wel terugkeert en wat niet meer. en hoe hard het geel kan uitslaan ineens.

jeanine:

anke labrie

Ja, feestdagen kunnen pijn doen, dat is hier goed getroffen. Misschien die gele tulpen verhuizen en laten aansluiten bij;  de dikke weekendkranten liggen klaar. Ik schuif even met de woorden:


door haarzelf gekocht
twee sneetje minipaasstol
natuurlijk verse jus d’orange
één ei is voor haar genoeg
de koffie zet ze nu al jaren zelf

de gele tulpen staan best mooi

de dikke weekendkranten liggen klaar

zijn stoel
vandaag nog leger lijkt het wel

tradities zijn verraderlijk

Een helder neergezet gedicht.


Share This:

het grote lijden

foto: ben kleyn

het grote lijden

vroeger kwamen ze
met goede bedoelingen langs de deur
om je te redden

nu kun je op ze stemmen
je weet als je schrijft dat ze je lezen
als ze je halen dat je nooit meer terug komt

pw

Share This:

Abraham Von Solo op het eiland: ‘Puck en Floris-Jan zijn sinds mei niet meer gezien. Wel een tuinman, die de tuin is komen doen op hun eilandje…’


VON SOLO
DICHTER, COLUMNIST,  PERFORMER EN CINEAST
Check de actualiteiten van VON SOLO op www.vonsolo.nl
 

Deel 333. Eiland

De lente was van oudsher de tijd dat iedereen weer begon de zaken in orde te maken voor het seizoen. Bootjes meerden weer aan op de eilandjes in de Bergse Achterplas. Buren groetten elkaar en hielpen elkaar met kleine reparaties. Kinderen maakten de tuigage van hun kleine zeilbootjes weer in orde en maakten afspraakjes voor de eerste onderlinge wedstrijdjes ronde de eilandjes. In de avond fonkelden over de plas de lichtjes op de eilandjes. Zelfgemaakte hutjes op het veen, die van aanloop tot uitloop van het zonnige seizoen kleine paradijsjes vormden voor hele families, die dan op hun beurt ook weer een hele familie vormden van eilandbewoners.

Mijn buurvrouw van vierentachtig kijkt naar buiten door haar ruitje van enkel glas in een houten sponning, waar aan de buiten- en binnenkant de verf langzaam afbladdert. Haar man loopt krom over het eilandje met een jerrycan om het motortje van het bootje bij te vullen. Bij het belendende eilandje meert een sloep aan. Een grote, nieuwe, open boot met zo’n kabeltouw rondom. Wit met een Nederlands vlaggetje. Twee yoga vrouwen en een man in een polo met opgezet kraagje gaan aan land. Eén van de vrouwen ziet mijn buurvrouw en werpt een kushandje. Even later komt er een waterscooter aan gescheurd met daarop een zongebruinde man.

Op het eiland is het jaar daarvoor een uit de kluiten gewassen tiny villa opgetrokken in stemmig grijs, wit en zwart. Met een groot terras en aansluitend een aanlegsteiger. De glazen schuifwanden staan open en op het terras houden de mannen zich bezig met het braden van een côte de boeuf van slager Tol op de Green Egg BBQ. Ibiza lounge muziek golft over het water naar het eilandje van mijn buren. Puck en Floris-Jan heten ze. De nieuwe buren. Puck is lifecoach en werkt aan een reisroman. Floris-Jan werkt bij een grote verzekeraar en zijn functie is een afkorting, die blijkbaar een algemeen bekende functie beschrijft. Ze hebben het eilandje via een tussenpersoon op de kop getikt. Ver boven de vraagprijs natuurlijk, want dit is zó uniek. Ze hadden geluk dat ze de kans hadden. Iets met oude mensen en overlijden of zo.

Het is bijna juli. Vroeg in de middag. Mijn buurvrouw zit op haar vlondertje en kijkt over het water. Haar man zit er ook en is ingedut. Vroeger waren ze hier met hun vier zonen. Later kwamen daar kleinkinderen bij. Door de weeks werkt iedereen en is er weinig aanvaart. Maar in het weekend is het een komen en gaan van bootjes. Puck en Floris-Jan zijn sinds mei niet meer gezien. Wel een tuinman, die de tuin is komen doen op hun eilandje. Elke twee weken. En ook is er nog een schoonmaakster geweest een keer. Puck is op wereldreis, voor haar boek. Floris-Jan werkt ook veel en als hij tijd heeft vliegt hij Puck graag even achterna. Maar begin augustus komen ze weer naar het eiland. Beloofd. Zeker een weekend.

Geld koopt je alles. En geld kan je alles afkopen van degenen zonder geld. Onze buurvrouw weet het ook. Al die yuppen, die eilandjes kopen voor een paar ton en dan voor een paar ton een huisje op gooien om drie weekends per zomer zichzelf te bevestigen dat ze de rijkdom inderdaad voor zichzelf hebben. En het is niet dat het ze niet gegund is. Het is meer dat het zoveel anderen nooit meer gegund zal zijn. Waar vroeger families en generaties konden genieten van de gezamenlijkheid, is het nu een schaars goed voor de rijken geworden. Die met alles wat ze kunnen kopen hetzelfde omgaan. Ze consumeren en gooien weg, of laten verrotten. Maar oh wee, als je eraan durft te komen.

Mijn buurvrouw kijkt naar de vogels die aan en af vliegen om nestjes te maken. En met leven en wel wezen zal ze het seizoen weer zien veranderen na de zomer. Voor haar staat het eiland voor een stukje geluk en een schatkamer aan herinneringen. Ze vertelt ons erover, met twinkelingen in haar ogen. Die herinneringen houdt ze bij zich. Als een reddingsvest.

Share This: