JOLIES HEIJ: ‘tot er iemand komt die onze flanken streelt, ons iets liefs in het oor fluistert.’

Posted on Leave a commentPosted in Geen categorie

gier orakelt de natuurgenezer nog een keer. allereerst moet ik de lieve lezertjes mijn excuses aanbieden dat ik mij vorige week niet geb gemeld met mijn belevenissen, maar ik lag in mijn ligbad in de biltsche goek van een zuurverdiende vakantie te genieten. welnee, niet met mijn garem van trumpiaanse poessies, maar gegeel alleen. zelfs voor mijn vrouw is dit verboden terrein. vrouw, zei ik, we zijn nu zo gelukkig, maar zo nu en dan moet ik even ontsnappen aan al dat geluk door mij in de biltsche goek neer te vlijen en mij geerlijk en deerlijk in mijn eigen vuil en ellende te wentelen. en ook om get bloed van mijn ganden te wassen, je moet zelfs als veroordeeld oorlogsmisdadiger geregeld met een schone lei beginnen. nu kan ik er weer gelemaal tegenaan om andermaal de columnistentaken op me te nemen. waar columniste uitgangt weet ik nog steeds niet, ik neem aan dat zij van de weg is geraakt ergens tussen wesel en keulen, bij de loreley is vergaan, of ingesneeuwd in get bergische land. of zij is ontvoerd door duitse poessies en gaantjes die gaar na de furores die ze op de bühne vierde niet meer wilden laten gaan. nou ja, das gaar probleem, met roem omgaan is een kunst die alleen ik begeers, juist omdat get me niks kan schelen. columniste doet er altijd zo gewichtig over met die turing en dan weer de top 100 niet galen… ik geb geen top 100 nodig om bij get neusje van de zalm te goren, alleen mijn schier oneindige zelfvertrouwen en optimisme. niets kan ooit stuk in get radovanrijk, zelfs geen gart, want alles is van solide en roestvrijstaal geluk. daarom kan get tribunaal mij ook niet breken. daarom is alles kits onder en boven de gordel. zeg, wat goor ik daar? moet die gelse bulldog niet aanslaan? de deur vloog open en columniste stond in de opening.

radovan! riep ik ontzet. wie heeft jou geautoriseerd om de column te vullen? ik in ieder geval niet. en wat voor gelukzalige praatjes ben je de lieve lezertjes in de ogen aan het strooien? de bulldog is half verhongerd, daarom slaat ze niet aan, de geilsoldate masseert deur clitoris boven jouw foto omdat je je al weken niet aan haar hebt getoond, de vuile vaat groeit door het dak en het servokroatiese leraresje ligt gebroken tussen de geknakte roosjes. ze zegt dat ze niet meer kan schrijven omdat jij haar dood hebt verklaard. dat je haar eruit hebt gegooid en van spionage beschuldigd! eg, nou, dat zit zo, zei hij met een scheef lachje, zij geeft dingen over mij geschreven die belastbaar bewijsmateriaal voor get tribunaal kunnen zijn, bovendien geeft zij mijn curriculum vitae gepubliceerd, zodat ik als psychiater en natuurgenezer nergens meer aan de bak kom. iedere werkgever zal mij vragen naar get gat tussen ’92 en ’95, toen ik niet als psychiater werkzaam was, maar als president van de serviese republiek en as zo’n werkgever een beetje goochem is en op 11 juli 1995 googelt, want de moeilijke naam van dat stadje is gij toch allang vergeten, evenals de naam van de generaal daar die klinkt as ma de jong, wie weet is gij wel de geïncarneerde slager van de balkan, dan gang ik! radovan! riep ik radeloos uit, je hebt veertig jaar, dus je hangt toch al!

wanneer stap je nou es van die roze wolk en ga je inzien dat je een veroordeelde oorlogsmisdadiger bent en je daar ook naar gaat gedragen? alsof een werkgever je na dat gat van veertig jaar nog wil! trouwens, wat kan het jou schelen? je houdt toch praktijk in het tuinhuis voor die enkeling die geen been in jouw goed doorbloede handen ziet, dus haal het leraresje maar weer gezellig bij het haardvuur, rijg de geilsoldate aan je penis nu het nog kan, hangende het hoger beroep, deel het vlees met de bulldog en de vaat, ach, die doe ik wel. weg met de stofnesten van jouw zogenaamde geluk! laat ons wat meer realiteit scheppen door het tuinhuis te ontluchten van rozige fluitekruiddampen, daar ga je ook maar olifanten van zien. en toch ben ik volmaakt gelukkig, mompelde de natuurgenezer, een roze fluitekruidstok in de plantenbak dovend.

 
 
Ezelskuren
 
We laten de ezels uit in het kwartier aan
de Rijn omdat de schippers naar de Loreley
balkten en zij hun echo verschalkte tot ze
kwezelig onder de hanebalken en tussen
 
de dansende glazen in Wesel beëzeld
zwalkten zo stapelen wij verwijt op
verwijt tot zelfs pakezels ze niet meer
verdragen. Jij noemt mij ezelin zonder
 
vertrouwen jouw Mata Hari en werpt mij
voor de hoeven dat ik jouw fictie schrijf
terwijl je jouw leven als een sneeuwbol
koppig in eigen hand houdt. Je verklaart
 
de dichter dood en verheft het geborneerde zwijgen
tot vorm. Je oren zijn te groot om te scheepstoeter
te kunnen horen, laat staan mijn gelispel.
Ik breek ijs met handen door het enige wapen
 
in stelling te brengen dat ik bezit: je terugsturen
naar de eigen wei en zo staan wij beiden te kijk
ferm in steen of brons tot er iemand komt die
onze flanken streelt, ons iets liefs in het oor fluistert.
 
Jolies Heij

Share This:

ontroerend

Posted on Leave a commentPosted in Geen categorie

Share This:

RIK VAN BOECKEL wint de enige echte virtuele gouden sjonnie trump trofee op pomgedichten

Posted on 6 CommentsPosted in Geen categorie

hier een vlammend protest met de dokwerker van boeckel voorop in een rij die zich afkeert van de autist met de grote muil. de kant van rik op – richting leven, richting ritme, richting geluk. rik wil trump niet zien.  kan trump niet aanzien: de oorzaak van  ‘de dood van de wereld & de uitvaart van de tijd’ in een paar pennenstreken geschetst – vlammend en prachtig de woorden.

De tronie

Ik heb niet gekeken
naar de dood van de wereld

de tronie van trompettende Hein
met die zelfgenoegzame lip
schaamteloos als een drol

United Selfish Autists First
het bedrijf van Dagobert Trol
leidt de uitvaart van de tijd
sluit een deal met demonen

ik heb niet gekeken
omdat kijken naar een man
met nonsens in z’n hart
m’n lippen laat barsten
van voortschrijdend ongeluk.

Rik van Boeckel
22 januari 2016

 

 

 

FRANS TERKEN: ‘dat het haar uit de plooi trekt’

PETRA MARIA: ‘En alles poëzie’

CARTOUCHE: ‘Hilaria’

JAKO FENNEK: ‘haiku voor sjonnie’

MAJA COLIJN met een sonnet

RIK VAN BOECKEL over ‘die zelfgenoegzame lip’

JOOP KOMEN over cultuurbarbaren

wie wint de enige echte virtuele  gouden sjonnie trump trofee op pomgedichten?

wij willen er hier na één dag al weer graag vanaf – neemt u hem mee?  de gouden sjonnie trump trofee op pomgedichten? we kunnen er niet omheen – dan maar minder inzendingen deze week –  misschien dat joke kaviaar een poging waagt? hoe dan ook – dat de god van sjonnie u moge helpen. u kent de regels: de gedichten niet te lang tenzij noodzaak – (of als u er  acuut een einde aan wil maken pak dan gerust nog eens lekker uit.)  u kunt uw gedicht als reactie plaatsen – onder ‘leave a comment’ – (even registreren, dan inloggen en dan uw reactie) – of stuur in voor zondag 1100 uur  onder ‘contact’. (zie rechtsboven) – ik zorg er voor dat uw gedicht in het item wordt geplaatst.

 

melania
 
ze proeft en wil en aarzelt
schuift nog wat en vraagt
zullen we dansen
denkt
ik ga je op het kerkhof zoenen
 
of in die schuur daar
achterin
met potjes
zegt
we gaan op het kerkhof zoenen
 
denkt
ik heb bloed gedweild
jij moet gewoon begraven
ook bloed is resultaat
en danst en danst macaber
 
pw

 

.

Uithalen

Vandaag denkt hij dat iedereen gek is
de hele wereld een vooropgezet plan
om vooral hem te misleiden
complot van allen tegen hem en
hij in de zekerheid dat het anders is

dat als het toch nog anders is
hij van de prins geen kwaad weet
beruchte voorganger ziet aanhangers
in uniform en met passend hoofddeksel
zij die zich roekeloos aan hem spiegelen
– mijn pet gaat het te boven –

voor wie wacht op klap & slag van ontsteking
met kunststof veiligheidsbril tegen blind woeden
zoekt hij een hoek waar hij zichzelf buiten schot waant

dat hij meent je vol te raken als hij uithaalt
terwijl jij de missers mijlenver ziet aankomen

nu nog het ontploffen van vuurwerk
in het eigen gezicht
dat het haar uit de plooi trekt

FT 21012017

 

de vrouwen protesten all over the world maar toch vooral die in het land van sjonnie trump zelf zeggen genoeg. het volk moet ‘het mondje’ niet. het volk moet hem niet. de lompe boer met het scheefgegroeide zuigmondje brengt zijn usa terug naar één staat van middeleeuwen en patriottisme. economisch gezien zal het beleid van sjonnie rampzalig uitwerken – ook volgens onze eigen barbara jaarsma – onze buuf hier in 020 – en als barbara streng en economisch de tv inkijkt dan weet je het wel –  dan is het oppassen geblazen sjonnie. hoe dan ook wij van de pom willen zo snel mogelijk van de enige echte sjonnie trump trofee af. en heten de inzendingen dan ook van harte welkom. prachtige uithalen van frans terken lezen we met een welgemeend vuurwerk aan het slot van het gedicht. zo blijft er weinig over van sjonnie – in een klap weggevaagd. frans analyseert sjonnie tot dat de vonken van het misbaksel afspatten.

 

Heaven Earth Hell

Het gedicht is niet voor mij
De woorden zweven hoog
Armen zijn tekort
Bestaan boven de mist
Loop achter rivieren
Dijken langs onzekerheid
Schilder zon met woorden
Kijk mijn ogen in de regels
Wandel het pad van klank
Duizend jaren telt mijn tijd
Immers
Niets en toch in het verschiet

En alles poëzie

PM 2017

 

 

petra maria zweeft hier op de pom uit de werkelijkheid van sjonnie weg. richting poëzie. een manier van overleven. hoe overleef ik de titel is hier de vraag. ‘Heaven Earth Hell’ voor petra is sjonnie een pot trump. een pot nat. een pot mondje. petra verschanst zich vooralsnog liever  in een duizendjarig vredesrijk als ik het goed lees. (maar petra goed lezen is het zelfde als de mens achter de eilanddichter roop een goed mens noemen – je roept het kwaad aan en haalt het boven.)

 

 

Hierbij een paar
woorden op de valreep
van deze legendarische dag

 

Hilaria

Vannacht kwam het over hem
zijn stoutste droom, hij zat vast
in het gevang werd hij bezocht
door een dame, die hoopvol sprak

ik heb de poes verzopen, je huis
verpatst, de hond uit huis geplaatst
enkel en alleen om te voelen hoe
het is om op droog zaad te zitten

toe nou, wees eens lief, mijn eendje
kom op, nog altijd kun je triomferen
give it to me baby, die vuist, die mond
die prangende vinger, anders kleed ik je

volledig uit, mijn uitverkoren ex-
president van ons natte dromenrijk
grijp ik je bij de ballen en kom je
nooit meer in het reine, klim je

– ik zweer het je- voor het allerlaatst
onder stralen van een gouden regen
zul je de zon zien zakken in mij
on top of you val je op je plaats

21-01-2017
Cartouche

 

cartouche heeft overal zijn mannetjes voor – lees in dit specifieke geval voor mannetjes vrouwtjes. er zit wel wat gif in het gedicht dat moet gezegd. je ziet cartouche met moeite afscheid nemen van de dichter cartouche – zeker bij het afbreken van de regels  – om vervolgens de tekst te laden met explosieve elementen – voor dit op zich hem wezensvreemde werk zet de dichter een vrouw in:  dan maar een vrouw! je ziet het cartouche denken. zo beschouwd is de dichter in cartouche in wezen in zekere mate een klein trumpie.

 

sjonnie

dag pom,
gatverderrie, nooit ben je met een zo’n rottig thema gekomen. moet dat nou?
ik heb de televisie afgezet, de fotovertoningen in de pers dichtgeslagen. ik vind rutte
opeens een hele aantrekkelijke man, verdomd!
groeten van jako

frei nach lauvenberg

haiku voor sjonnie

ja, ook lievelings
mensen sterven al te vaak
waarom jij nog niet

jako fennek

 

erg aardig en verbindend ook naar onze vrijdag columniste lisan lauvenberg toe – mogen we de lezer er toch ook nog eens op wijzen dat lisan hier op de pom het ene juweeltje na het andere achterlaat op de vrijdag in de vorm van haar column. ja waarom onze trump nog niet. lang kan het niet duren jako als jij de pen hanteert – de vlijmscherpe zeis inzet vanuit het veilige zwitserland. op CNN hoorde ik al honderdduizenden vrouwen scanderen – we want jako – we want fennek – je hebt met je poëzie altijd al vele vrouwen bereikt in het amsterdamse – met name in amsterdam zuid wist je huis te houden –  nu verover je de USA.

 

 

SPERM SPLATTERD BANNER
 
our Sjonnie met his pickled dick
zit vast verschrikkelijk te rukken
is sterker nog, zijn mind aan `t fucken
verzot op een of and`re kick
 
met goudvismuil en swaffelzwans
kon sjonnie ook johannes heten
dan ben je echt geen lul vergeten
en heette hij geen fucking hans
 
max zou zich ergeren en zeuren
`ach schei toch uit met dat gedoe
dit is een vers om weg te pleuren`
 
maar wat hij vindt doet er niet toe
in plaats van in mijn neus te peuren
staat hier een waarheid als `n koe
.
Maja Colijn
.

maja zet de zaken stevig in en aan – zeker in de eerste strofe. de ‘goudvismuil’ is goed getroffen – muil is eigenlijk een  te groot woord voor het mondje – goudvismondje klinkt viezer. aan de andere kant de muil benadrukt meneers grofheid. ook weer waar. na de eerste 5 regels wordt het gedicht meer particulier en stelt maja sjonnie niet meer centraal. beetje jammer. ik had graag gelezen – nu sjonnie toch al lekker bezig was in haar kamertje – hoe maja bepaalde onderdelen van sjonnie had afgerukt, voor het eten en het slapengaan.

Zal ik wel meedoen, dacht ik nog, die man is geen gedicht waardig. Nou, vooruit dan maar, geef ‘m van katoen Van Boeckel!!

De tronie

Ik heb niet gekeken
naar de dood van de wereld

de tronie van trompettende Hein
met die zelfgenoegzame lip
schaamteloos als een drol

United Selfish Autists First
het bedrijf van Dagobert Trol
leidt de uitvaart van de tijd
sluit een deal met demonen

ik heb niet gekeken
omdat kijken naar een man
met nonsens in z’n hart
m’n lippen laat barsten
van voortschrijdend ongeluk.

Rik van Boeckel
22 januari 2016

 

een hartenkreet lezen we – ik ken rik en hij meent het – zijn woede sijpelt beheerst door in de tekst – wat mij betreft mag er nog net iets minder direct benoemd – maar als geheel staat hier een vlammend protest met de dokwerker van boeckel voorop in een rij die zich afkeert van deze autist met zijn grote muil. de kant van rik – richting leven, richting ritme, richting geluk. rik wil trump niet zien.  kan trump niet aanzien: de oorzaak van  ‘de dood van de wereld & de uitvaart van de tijd’ in een paar pennenstreken geschetst – vlammend en prachtig de woorden.

de aap

de aap, geef hem een linnen doek,
drie kleuren verf, een kwast, daar gaat ie.
vol enthousiasme, inspiratie,
creëert hij een spekpannenkoek.

tenminste…, iets wat daarop lijkt.
de “kenners” knikken opgetogen
met eurotekens in hun ogen:
“een aap die onze kunst verrijkt!”

en ziedaar, binnen enkele jaren
schoten de banksaldi omhoog
van het clubje cultuurbarbaren.

het droeve eind van deze fabel:
de aap kreeg voor zijn scheppend baren
gewoon een appel, niet van karel.

=========

dus apen, staak uw kunstvertoon
het volk noemt u eerst hun idool

maar zit u eenmaal op de troon
noemt men u snel u een halve zool.

joop komen

 

joop herstelt de fabel in ere. met beesten. apen kunnen ook beren zijn tegenwoordig zag ik in het journaal. joops goede raad én de moraal van joops verhaal zullen in het witte huis niet worden opgepakt of begrepen. ze zijn voor het volk vinden ze totdat ze worden opgehangen of afgeschoten. zo zal het gaan.

 

Share This:

LISAN LAUVENBERG: ‘Ja ook je lievelingsmensen sterven. Maar soms zijn ze plots weer bij je. Zoals vandaag op een heldere, koude januari dag.’

Posted on Leave a commentPosted in Geen categorie
Tijd/time
 .
And  the things you can’t remember
tell the things you can’t forget that
Historie put a saint in every dream
.
Bij tijd en wijle zingt dit stukje tekst door mijn hoofd. Heel lang geleden hoorde ik voor het eerst die vreemde onnavolgbare groggy stem en verspreidde zich een aangename kippenvel-van-binnen sensatie door lijf en brein. 
We hadden die dag heel erg hard gewerkt bij de uitverkoop van Atheneum boekhandel, die plaats vond in de toen nog bestaande disco Odeon aan het Singel, waar je de drank en sigaretten lucht nog goed kon ruiken, als we om 7 uur in de ochtend begonnen met opbouwen van de lange tafels, die we vol stouwden met verweesde boeken. Boeken die niemand wilde hebben toen ze nog netjes in de kast stond bij de mooiste boekhandel van de stad. Die ochtend zag ik een verwilderde meute “boekliefhebbers” naar binnen stormen met plastic vuilniszakken en grote tassen. Jan Meng en ik werden bij het openen van de deur bijna onder de voet gelopen, door deze wilde massa koopjesjagers. Daarna werd het muisstil, op het geluid van graaiende handen na en wat nerveus gesnuif als er twee mannen bij dezelfde stapel hetzelfde boek wilde hebben. Tassen werden razendsnel gevuld, daarna ging bijna iedereen in een hoekje zitten en werd er zorgvuldiger geselecteerd.  Sommige boeken verweesden opnieuw, werden teruggelegd, zelden in de catogorie waar ze vandaan kwamen. 
Dat was mijn taak, de verdwaalde boeken weer ordelijk neerleggen. Bij de kassa’s stonden de twee rouwdouwers van de winkel, door te pakken, snelheid te maken. Rond 12.00u kwamen de andere kijkers pas, die hier en daar een boek oppakten, een vondst koesterden en dan overgelukkig met hun pakketje de kou inliepen. Het was koud die dag, net zo’n heldere koude dag als vandaag. 
Om zeven uur s’avonds waren we klaar met sjouwen en was Het Odeon weer leeg en gereed voor de dans en dansers van de avond, de funk beneden en boven de Classic rock muziek. Waar ik ook graag kwam om te swingen. Maar niet die avond. 
Die avond had ik in de warme woonkamer van Jan Meng en Petra Prins een stem en muziek ontdekt, die me in een warme melancholieke huls legden. Iedereen om me heen was doodmoe van de lange dag, ik ook,  maar in de muziek zweefden mijn cellen op een nieuwe manier door mijn lichaam. Ze hebben me in tranen gehuld naar bed gebracht, denkend dat ik ladderzat was. Alleen Petra wist wat er gebeurd was en bracht mij de dag erna de lp. Deze lieve, bijzondere en bijzonder openhartige buurvrouw van het Spui leeft niet meer.  In het jaar dat ze met pensioen ging van haar werk, in weer en wind bij het Nieuwscentrum, werd er bij haar een zeldzame vorm van kanker gevonden. Ze grapte erover dat ze die naar haar gingen vernoemen. Prins tumorius.  Net toen ze beter leek, toen ging ze toch dood. En vreemd genoeg zijn er nog drie andere mensen dood, die die avond met mij in die kamer zaten. Jong gestorven, te jong. Carla, Sjaak en Twan. Boekenliefhebbers, lieverds in velerlei opzichten. 
En elke keer als ik Tom Waits hoor dan zit ik ook weer even in die kamer in hun armen, ben weer tweeëntwintig en vol hoop. 
      Ja ook je lievelingsmensen sterven. Maar soms zijn ze plots weer bij je. Zoals vandaag op een heldere, koude januari dag. 
.
Grapefruit moon, one star shining, shining down on me
Heard that tune, and now I’am pining, honey, can’t you see?
Cause every time i hear that melody,  well, something breaks inside
And the frapefruit moon, one star shining, can’t turn back the tide
.
Lisan Lauvenberg 
.

Share This:

VON SOLO gaat de diepte in – DE RECENSIE – ‘Pussy Album’ van Stella Bergsma autobiografisch!

Posted on Leave a commentPosted in Geen categorie

POMgedichten presenteert de donderdag column:

VON SOLO, FEAR AND LOATHING IN POWEZIE LAND!!!

Openhartige openbaringen van de Jeff Koons van de vaderlandse powezie.

Uiteraard is Stella Bergsma vaker dankbaar mik- en middelpunt geweest in artikelen op deze kwaliteitssite. In de tussentijd heeft ze een boek geschreven. Enige tijd geleden las uw trouwe dienaar dit boek. Intussen is hij van de eerste schok bekomen en in staat eindelijk verslag te doen.

 

Deel 164. Poes

Pussy Album’. De pakkende titel van de debuutroman van Stella Bergsma. Eigenlijk had ze het boek ‘Kanker’ willen noemen, maar dat was Nijgh-en-Van-Ditmarketingtechnisch geen goed idee. De uiteindelijk gekozen titel in combinatie met de Jan Wölkerzische roos-van-vlees-omslag heeft de uitgeverij en Stella ongetwijfeld geen windeieren gelegd. Ook de hype rond Stella en het boek zijn goed uitgepakt. Ik heb er van gesmuld. Kut hier, neuk daar, bef maar raak voor een knaak. Maar ik lees nog liever gewoon een boek. Dat geeft me de ruimte voor mijn eigen beleving en fantasie. En dat heb ik geweten.

Bij mij sloeg het boek tijdens het leesproces mijn libido finaal aan stukken. Het heeft tot zeker een week na uitlezen van het boek geduurd voor ik weer een keer normaal en vol overgave de liefde bedrijven kon. Het boek suggereert met zijn titel en voorkomen natuurlijk een orgie van seks. En het begin van het boek lijkt die belofte ook deels in te lossen. Waar ik in het begin van het boek nog een voorzichtige stuwing van bloed in mijn lid voelde, verging dat gevoel me als snel. Tussen de regels door las ik dat dit boek helemaal niet over neuken ging. Het boek raakte me kneiterhard. De desolate aftakeling die de hoofdpersoon Eva doormaakt, wordt steeds evidenter.

Aan het einde van het boek had ik mezelf bijna een neurotische depressie ingelezen. Zo pakkend was het. Zo…..boekenlijstfähig. Het begin van het boek vertoont nog overeenkomsten met ‘Memoirs of a Beatnik’ van Diane di Prima, maar gaandeweg wordt het meer en meer Bergsma, zoals we haar ook van haar poëzie kennen. Het boek heeft een klassiek einde van een Nederlands literair boek à la pakweg weer die Jan Wolkers. Na twee keer lezen snapte ik het nog steeds niet helemaal. En wat doe je als het niet snapt? Dan vraag je het toch de schrijfster zelf. Ik stuurde Stella terstond een dickpic die ze meteen herkende en waarop ze licht geprikkeld vroeg wat er aan de hand was. Toen bleek dat het om haar roman ging was ze bereidwillig mijn prangende vragen aan te horen.

Het was me niet duidelijk of de hoofdpersoon Eva aan het einde van het boek sterft en waarom ze niet in staat is boven zichzelf uit te stijgen. En of het allemaal wat met haar vader te maken had. Stella antwoordde me hierop dat het inderdaad klopt dat Eva gewoon doodgaat aan het einde. Je kunt mensen niet laten leven als je serieus genomen wilt worden. De dood is daarmee een verplicht nummer als je een literair boek wil schrijven. Het moest dus wel zo aflopen. Daarnaast moet er altijd wat te raden overblijven, waar de critici over kunnen blijven palaveren, dus het heeft vast wel wat met haar vader te maken. De antwoorden stemden me tevreden en verschaften me bijna de absolutie die ik nodig had. Toch brandde er op mijn lippen nog één vraag. Dus vroeg ik tegen alle goede zeden in of het boek autobiografisch is. Niet geheel tot mijn verbazing gaf Stella aan dat het inderdaad bijna allemaal waargebeurd is. Er verscheen een glimlach op mijn lippen. Heerlijk.

Ik wil dan ook besluiten met de conclusie dat ‘Pussy Album’ van Stella Bergsma een vreselijk boek is. Het is slecht voor je libido, misleidend qua marketing, niet geschikt voor lezers met een zwakke maag of weke hersens en al helemaal niet voor minderjarigen. Maar als mijn dochter over zeven jaar overweegt het voor haar boekenlijst of een spreekbeurt te lezen, dan juich ik dat van harte toe. Eindelijk weer eens een boek dat zich niet in veilige rijtje van de middenmoot begeeft, maar bewijst dat de Beat nog springlevend is. Hulde!!!

 

Wat wil je eigenlijk van het leven,’ vraagt hij.

Ik ben juf geweest, bijna veertig, Ik had ooit een ander leven, een leven. Je vraagt geen dingen aan een dame, knul. Je likt keurig haar kut leeg en schenkt haar glaasje bij. We hebben het leuk samen, kijken films, vrijen, koken, eten in bed, blowen, zuipen, lachen. Ik drink stiekem van je biertje als je naar de wc gaat. Jij wilt gesprekken en ik wil naar huis.

Hij vertelt over zijn ex-vriendinnetje. Ik laat hem praten en wil dat hij ophoudt, dat hij me beft terwijl ik langzaam verdwijn.

Langzaam verdwijnen,’ zeg ik. ‘Dat wil ik van het leven.’

(uit ‘Pussy Album’ van Stella Bergsma)

 

in 2014 wist VON SOLO de oude dame al te strikken voor het grote STELLA BERGSMA interview:

We komen aan bij de villa. Ik druk op de gouden deurbel. De deur gaat open, en daar staat ze. Latex kousen, een paar stiletto hakken, een kanten body en een glimmende zwarte halsband met blinkend juweel. De lippen vuurrood gestift. Haar ogen wenken me binnen. Ik kan enkel volgen…
Op dat moment word ik met een ferme ochtend erectie wakker van de wekker. Even wrijf ik me de slaap uit de ogen en realiseer me dat vandaag de grote dag is, dat het grote Stella Bergsma interview gaat plaatsvinden.
En een goede tien uur later zitten we in de wagen op weg naar Bussum. Ik en de hof-fotograaf van cultureel Rotterdam, Theo Huijgens. Om kwart voor negen hadden we tussen de statige panden van het Gooische jetset-dorp de woonstede gevonden van één van de verpersoonlijkingen van het neo-feminisme in de poëzie. Met knikkende knieën stapte ik uit en drukte op de, inderdaad, gouden deurbel…..

lees verder:

Dichter onder de oppervlakte, deel 6 : Stella Bergsma

VON SOLO

DICHTER, PERFORMER, COLUMNIST EN CINEAST

www.vonsolo.nl

Lees ook de wekelijkse column van VON SOLO op www.POMgedichten.nl 

En volg VON SOLO ook op Facebook, Twitter en LinkedIn!!!

Share This:

MERIK VAN DER TORREN: ‘En ik zag je prille borsten in de oranje schemering…’

Posted on Leave a commentPosted in Geen categorie
Hoi Pom, bij deze een jeugdherinnering, onlangs geschreven, voor de Pom op woensdag. In de bijlage,
groet, Merik
 .
Weet je nog?
 
In de vijver tussen bloeiende boomgaarden,
spelende mollen in het gazon,
later onafzienbare aantallen pruimen,
kijk uit voor de wespen in het vruchtvlees.
En ik zag je prille borsten in de oranje schemering
en ik zag je grote groen-bruine ogen.
Weet je nog?
De stretcher waar de man altijd lag, radio naast zich,
De ratels om de spreeuwenzwermen te verjagen.
Hoor je ze nog?
De urenlange wandeling langs de stinkende Rijn,
Het pontje en de Grebbenberg over
met de honden.
Ik bewaarde een foto in mijn album.
Daar lach je op, het haar voor je ogen.
Ik draai “Like a rolling stone”
en veel van de Beatles
en vind mezelf weer onder aan de dijk
tussen de pinksterbloemen
.
Merik van der Torren

Share This:

JOLIES HEIJ – over hoeveel er doorheen gegaan is

Posted on Leave a commentPosted in Geen categorie

 

onze starreporter, columniste jolies liet eerder weten deze week te moeten overslaan met haar servisch kroatisch verantwoorde dinsdagvulling van de site. de geile natuurgenezer moeten wij een weekje missen. juffer heij is richting oosten. bereidt zich voor op de slams van januari – maandagavond bereikte deze site een bijdrage van onze jolies voor de zondagochtendwedstrijd. nou u begrijpt hoeveel er doorheen gegaan is.

 

 

bed voor jou en mij
 
we schuiven en glibberen, glibberen en schuifelen
hier zijn bergen en dalen relevant
 
de brug van de keizer, ingebed tussen hoogte
en laagte, de hangmat tussen vorst en volk
 
de tuinen besuikerd, de oevers onbemand
braakliggend voor maanlichtbestuiving
 
die eeuwige sneeuw met zijn grijnslachpoppen
onthand omdat ze ooit zullen smelten
 
daar is geen vorst tegen opgewassen
en wat maagdelijk zal worden ontgonnen
 
door brute voetstappen, ook hier rept men van spotlicht
op de met rood bezaaide trappen
 
waarover hij afdaalt, de neonchristus zonder partij
op wie wij tezamen zouden moeten wachten
 
als er niet binnen de reikwijdte van een vlam
zich een bed ontvouwde voor jou en mij
.
Jolies Heij

Share This:

op de boot bij catelijne 8 feb – kachel aan – flesjes open – woorden vloed

Posted on Leave a commentPosted in Geen categorie

 
 
loosduinen 2022 – honeckerplatz
 
oude man voor die lege winkelruit
waar kijk je naar
ik vraag het in gedachten
 
dit plein het kent geen imker
en de mensen zijn er allang
zo vroom niet meer
 
en waar de oude staat
beweegt er niets dan schimmen
 
ik bedenk voor hem mechanisch
de poppen en hun instrumenten
in een bonte entourage en verdomd
er rijdt een treintje
 
de oude draait zich om
hij zegt ik lees een beetje
fantasie ik denk dat ik
mijn benen bijzet in deze etalage
 
voogd van de toekomst
namens hem
de minister van kosmische zaken
15 01 2017 – Max Lerou
 .
wat er is
 
wat is er met de dagen gebeurd
ik herken ze niet meer
een vrouw schrijft een jongen
vaal van verlangen naar nodeloos licht
schrijft een gedicht
mooier dan ze eerder ooit schreef
vraagt ken jij ze nog terug
wat heb ik gemist wat zal ik nooit weten
 
en hij in zijn pantykousen met siliconenrand
een zwarte naad over zijn kuiten
mooi gesneden jasje
met een baret schuin op gewatergolfd haar
schrijft misschien is het beter
de woorden de stilte te laten
zoveel van mezelf al gegeven
 
pom wolff

Share This:

JOOP KOMEN over de ontvangen woedende dreig- en- haatmails van geschokte lezers en lezeressen

Posted on Leave a commentPosted in Geen categorie
goedemorgen pom,
 
snuffelend in mijn onmetelijke archief kwam ik vannacht bijgaand dubbelsonnet tegen dat ik schreef omstreeks 2001 in schrijfnet en daar enig succes mee behaalde.
het is niet geschikt voor de weekendwedstrijd op pomgedichten evenmin is het bruikbaar als column, maar toch wilde ik het onze lieve lezers en lezeressen van pomgedichten niet onthouden.
indien de vuiligheid van het eerste sonnet alsmede de verblindende schoonheid van het tweede sonnet jouw toetsen van kritiek kunnen doorstaan, voilà plaats het met een glimlach tot kots en vermaak.
 
===================
 
Drang
 
Hij zat thuis op de plee in stil verdriet,
wat komen moest dat wilde maar niet komen.
Het laatste restje hoop werd hem ontnomen,
toen luid een droge wind zijn lijf verliet.
 
Maar hij had veel karakter, zette door.
Zweetdruppels op zijn hoofd als nooit tevoren.
Door ’t hele huis was zijn gekreun te horen.
Zijn hoop ging langzaam in verdriet teloor.
 
Maar plotseling, hij perste als een kraamvrouw,
voelde hij zijn kans op succes vergroten.
“Het komt, het komt”, riep hij in dolle pret.
 
En met een hoofd, van ’t persen purperblauw,
stortte hij, bij ‘t gejuich der huisgenoten,
zijn zwaarbevochten vrachtje in ’t toilet
 
 
Nadat ik dit sonnet had geplaatst het tijdschrift ‘Diamantjes van het puik der Nederlandstalige dichters’, ontving ik woedende dreig- en- haatmails van geschokte lezers en lezeressen. “Of ik niet begreep dat hun kinderen dergelijke vuiligheid onder ogen kregen” en “Als je die smerigheid niet snel verwijdert dan vereren we je met een bezoekje” en meer van dergelijke angstaanjagende mailtjes.
Snel en laf wijzigde ik 1 letter in de titel en 9 woordjes in het sonnet en veranderde de laatste zin en de volgende edelsteen was geboren:
 
Drank
 
Hij zat thuis op bank in stil verdriet,
wat komen moest dat wilde maar niet komen.
Het laatste restje hoop werd hem ontnomen,
toen luid een droeve snik zijn mond verliet.
 
Maar hij had veel karakter, zette door.
Zweetdruppels op zijn hoofd als nooit tevoren.
Door ’t hele huis was zijn gekreun te horen.
Zijn hoop ging langzaam in verdriet teloor.
 
Maar plotseling, hij werkte als een kraamvrouw,
voelde hij zijn kans op succes vergroten.
“Hij komt, hij komt”, riep hij in dolle gein.
 
En met een hoofd, van ’t werken purperblauw,
rukte hij, bij ‘t gejuich der huisgenoten,
de halsstarrige kurk uit de fles wijn.
 
Joop Komen
 

Share This:

hevige verontwaardiging bij de 86 jarige JOOP KOMEN over de kwalificaties van en door jury voorzitster BREGJE ZONDERLAND

Posted on Leave a commentPosted in Geen categorie

http://www.pomgedichten.nl/wp-content/uploads/2015/12/joop-komen.jpg

 

Filomijntje
Men zocht de hele nacht naar Filomijntje,
in straten, stegen, lanen van de stad,
in tuinen, parken, schuren, op het plat,
in school, theater, jeugdhuis, op het pleintje.
vroeg de vrienden van nu en uit ’t verleden,
aan de drogist, de bakker, in ’t café,
maar iedereen die schudde heftig ‘nee’,
tenslotte werd voor Filomijn gebeden.
maar oude Trui, die woonde in het bos,
zei dat ze Filomijntje had zien vliegen,
een bezem was het voertuig van die meid.
men riep: “oudje, er zit wat bij je los,
denk niet dat je ons zomaar kunt bedriegen.”
Maar Filomijntjes ma, die was haar bezem kwijt.
Joop Komen

 

 

hevige verontwaardiging bij de 86 jarige JOOP KOMEN over de kwalificaties van en door jury voorzitster BREGJE ZONDERLAND

Joop Komen voelde het vrijdag  al aankomen lieve lezer – met een zekere berusting in zijn woorden: “bregje doet maar wat ze niet laten kan. vermoedelijk prikkelt ze met haar recensies haar erogene zones.” ging joop vol frisse moed – goed geluimd en vol verwachting van een eerlijke strijd op pomgedichten de zondagochtend wedstrijd in met zijn geliefde bregje zonderland als jury voorzitter. joop stuurde in –  een realistisch sonnet over vliegende bezemstelen, meisjes op dorpspleintjes die niet meer op het dorpspleintje waren waar te nemen – laten we zeggen het dorpspleintje ontstegen waren. prachtige poëzie die zelfs uw webmaster bracht tot uitbundige commentaren – ‘goed zo joop, vormvast, verrassend thema, invoelend ook’ –  bijna wezen wij van hier joop al aan als de enige echte winnaar van de wedstrijd.

zo niet juryvoorzitster BREGJE ZONDERLAND – bregje wees het sonnetgedicht van joop af in duidelijke woorden: ‘veel om het lijf heeft het niet – beetje flauw maar och. Zozo, een sonnet…’ duidelijk is geworden dat de juryvoorzitster niet echt van haar stoel is gevallen bij het lezen van joops werk. Ook in persoonlijke sfeer liet bregje zich uit over joop komen: “Joop Komen heeft alweer commentaar las ik,  tja, oud, eenzaam en dementerend, gelukkig heeft hij zijn mobiel, daar kan hij op naar huis tuffen.”

en met name dat laatste heeft alle laatste haren van joop komen overeind doen staan. joop klimt in de pen en spreekt over GIFTIG GEBRAL en RIOOL

 

http://www.pomgedichten.nl/wp-content/uploads/2015/12/joop-komen.jpg

ik snap er ook niets van pom, dat ze haar gif naar mij sproeit.

het is waar, ik ben oud en ze vergeet er bij nog te vermelden dat ik invalide
ben, hoewel ze dat met die scootmobiel wel bevestigt.

maar ik ben om de sodemieterij niet eenzaam en dementerend.
dus mevrouw begeeft zich op medisch terrein met dat dementerend.

en waarop staaft ze dat eenzaam en dementerend?

ze moet mij persoonlijk kennen en tevens medisch geschoold zijn om dat
te beweren.

gelukkig kan ik e.e.a. weerleggen en mijn naam zuiveren van alle blaam.

ten eerste vraag de vrouwelijke bevolking onder de dertig jaar van gendringen
of ik eenzaam ben en een hoongelach wordt je deel.

ten tweede vraag het grote aantal intellectuelen dat gendringen bevolkt of ik
dementerend ben en ze zullen u vragen of u door de dromedarissen bezeken bent.

blijft dus over dat ik oud en invalide ben, iets waarmee ik instem maar wat heeft
dat te maken met het recenseren van mijn werk?

met mijn eeltige handen heb ik meegewerkt aan de wederopbouw van ons land na
de tweede wereldoorlog.

ja, iemand die dat kan zeggen is oud, die moeten wij dankbaar zijn en hem de
ouderdom zeker niet verwijten en met dank en kussen voorzien.(KNOOP DAT IN UW OORTJES ZONDERLAND).

en misschien is de oorzaak van mijn invaliditeit wel het feit dat ik me het schompes
heb gewerkt aan die wederopbouw en daardoor al gammel was met mijn twintigste jaar
waardoor ik me krakend en piepend naar mijn zesentachtigste heb gesleept.

boze kwade tongen beweren echter dat de drambuie de oorzaak ervan is maar dat spreek ik aarzelend tegen.

ik heb nu het giftige gebral van zonderland voldoende weerlegd en toegelicht en sluit
hiermede het riool annex zonderland.

joop komen

 

fijn joop dat je mij spaart. jouw kritiek richt tot bregje. zij is tenslotte juryvoorzitster. ik ben slechts een trouwe dienaar die in een wereld van haat en nijd altijd weer de vrede op het eerste plan tracht te krijgen. ik zal geen verdeeldheid zaaien. ik zal mij zeker niet onwelvoeglijk uiten over de medemens of over dichters. er zitten wel honden tussen maar dat zul mij nooit in het openbaar horen zeggen. ik ben wel benieuwd wie achter bregje schuilt. naar mij toe is ze altijd voorkomend en strikt op tijd. inzenders weet ze vaak op de kast te krijgen en ook naar jou toe is ze niet echt vriendelijk. zoals ze jou ook beschrijft: oud eenzaam en dementerend. dat kan nooit opbouwend bedoeld zijn. er zit meer euthanasie in dan bouwsteen. en ik weet van jou dat jij iedereen een kans geeft. uit jouw pen lezen we nooit een aanval op deze of gene zomaar uit het ongerijmde. daar ben jij te beschaafd voor en te beschaafd voor opgevoed. heel vreemd dat bregje jou nou net moet hebben en jou zo wegzet. mocht je mentale ondersteuning nodig hebben roep het rustig. ‘oud eenzaam en dementerend’ het is niet niks.

 

Share This: