
foto 1
ik geloof dat jur jur wordt genoemd, jur is inmiddels 19 jaar en dat is een respectabele leeftijd – jur mi-au!!!-t nog als de beste. als bezoeker van het huis neem je al snel plaats op een bank of stoel waar jur gewend is te verpozen – en dat laat jur niet ongemerkt voorbij gaan. laten we zeggen een bezoek aan het dichtershuis ROOP en de BEUM (karin beumkes) begint met een niet ingestudeerd maar desondanks klagelijk mi-au-concert van ongeveer een kwartier.
vervolgens is er ruimte voor een hartelijk welkom – en terecht – je verlaat 020 je moet heel noordholland door – de firma TESO brengt je begeleid door meeuwen naar een eiland – en vind dan nog maar eens de juiste afslag – er is één weg voor je gevoel – de kransslagader van Texel – links en rechts dorpen en lammetjes – je kunt er geen touw aan vast knopen – en dat doen ze daar op texel dan ook niet. alles loopt door elkaar – mensen, lammetjes, eilanders, toeristen, dichters, kunstenaars.
foto 2 en foto 3 en foto 4
een warm welkom – de omhelzingen van karin en roop overleefd – jur heeft zich op het vloerkleed neergelegd bij iets voor jur onontkoombaars én tevens onverteerbaars – je zit net op het bankje van vroeger – of achterom komt een man binnen met een schilderij – een kunstenaar HENK SUILEN – op 2 mei de opening van zijn tentoonstelling met schilderijen OERSPRONG genaamd met poëzie van Roop.
foto 8
het achterom binnenkomen ken ik nog van Onderdijk – het dorp aan het ijselmeer – tussen medemblik en wervershoof waar ik 7 jaar heb gewoond tussen de opperdoezer rondes – aardappelen en de penen in het wapen van die dorpen. op de terugweg nog even langs het door ons verlaten huisje gereden – het lag er vredig bij – de aardappelvelden vervangen door water, de tuin omgewoeld – de bomen gekapt en de pruimenstruiken aan de slootkant weggehaald, het huisje verstevigd tegen het onweer en de vreselijke westenwinden die daar kunnen heersen. nee de natuur is mooi maar je moet er inderdaad veel bij te zuipen hebben. dat is ook zo op Texel. het waait altijd in de kop van noordholland en de eilanden daarboven en de temperatuur is altijd onder nul.
foto 5 en foto 6
een warm welkom – gebak van prenger had ik aangekondigd mee te nemen. ik vertrouw het banketwezen van texel minder. ja gebak van de jumbo kun je daar krijgen en de jumbo is de hema – kortom en samengevat niet te vreten gebak. nee hoe anders de aardbeienslof van de prenger uit amstelveen en die ging er in als koek bij de dichters en bij de kunstenaar.
de kunstenaar werd door Roop uitgelaten en ik wist de Beum te verleiden haar prachtige gedicht voor moeder voor te dragen – ik neem je op hoor – ik lees het één keer voor klonk het streng – haar antwoord. en zo geschiedde.
Roop keerde weerom en kwalificeerde mijn recensiewerkzaamheden in de zondagochtendwedstrijd als mild. verder bespraken wij de werken van max lerou – en zijn gezondheid – de uitgeverij van prachtwerken uitgeverij P., het weer ter hand genomen dichtwerk van ROOP zelf – een tijdje niet geschreven en nu voor de tentoonstelling weer wel. verder kwam al gebak etende en slagroom verorberende het afvallen van de Beum en de dichter pom wolff ter sprake. en er was nog even een forse scheldkanonade te beluisteren vanuit mijn eigen mond, die ik een minuut of tien volhield op een kots misselijk makend persoon zeg maar personage – terwijl de Beum mij ondersteunde met instemmende lieve knikjes vol empathie – en Roop met bovenmenselijk plezier de wandaden van de zo terecht aangevallen persoon vergoelijkte met opmerkingen als – ach het is ook maar een mens.
foto 7
tot slot bracht ik een bezoekje aan het toilet en daar viel het volgende te lezen – we waren hier eerder in 2009. een lerou, een jee kast, een groet, een van der linden, een baljon etc etc







pw – 28-4-26
