Het was een regenachtige zaterdagavond half jaren negentig in Goes. Het moment, dat ik een kans zocht om mijn leven inhoud te geven. Het gebied waar alles gebeurde was misschien een vierkante kilometer groot. Op de Grote Markt had je wat kroegen. Nog een dancing daarachter en verderop nog eentje. Daartussen wat doelgroepgerichte kroegen. Die avond was ik in discotheek La Plaza. In die tijd was ik slank en knap en had lang haar. Maar dat zijn dingen, die je je pas decennia later realiseert. Daarbij is het een gegeven, waar je weinig aan hebt als je je sociale vaardigheden niet mee hebt.
Ik dronk bier. Het perspectief van de avond vervaagde. Zoals dat vaak ging. Om dan in de ochtend weer wakker te worden en weer een week te moeten wachten eer het weer zaterdag was. Wachten op een nieuwe kans. Waarop wist je nooit. Maar altijd waagde je de gok weer. Als de in krantenpapier in een grabbelton verstopte presentjes. Zo graaide ik me een weg door het leven. Er zat niet veel in de ton. Maar die avond had ik aanspraak. Aan de bar trakteerde een weinig aantrekkelijke meid me. We hadden een gesprek. Gedeelde eenzaamheid en bier. Vermoeidheid en verveling. Het gebrek aan perspectief deed ons zoenen. Dat was in orde. Ze vroeg zich af waarom ik zoende met zo’n lelijk ding. Ik zei, dat ik haar aardig vond, daarom. We dronken meer bier en zoenden later nog wat meer.
De zaterdag daarop zag ik haar weer. Ik was niet naar haar op zoek, maar het liep zo. Nu betaalde ik een biertje voor haar. We gingen naar buiten en zoenden in een steegje. Weer vroeg ze me waarom ik zoende met haar. Ik zei, dat ik haar aardig vond en dat zoenen fijn was. We konden ook goed kletsen. Of ik verliefd was? Nee, antwoordde ik. Goed zei ze. Beter. Zo ging dat een tijdje door. Tot ik haar op een zekere zaterdagavond bijzonder dronken aan de bar aantrof. We gingen naar buiten, ze kon bijna niet lopen. En moest vreselijk huilen. Ik probeerde haar te troosten. Dat ging niet. Ze vroeg waarom ik zo lief voor haar was. Ik bracht haar terug naar binnen. Er was verder niemand die zich om haar bekommerde. Op een gegeven moment was ze weg.
Vreemd genoeg weet ik haar naam nog en ik moest aan haar denken vandaag. Vanavond heb ik die door de zoekmachines op internet gedraaid. Ze bestaat niet meer.
VON SOLO DICHTER, COLUMNIST, PERFORMER EN CINEAST Check de actualiteiten van VON SOLO op www.vonsolo.nl Lees ook de wekelijkse column van VON SOLO op www.POMgedichten.nl
Share This:
Gepubliceerd door Pom Wolff
Hoi, welkom op mijn site pomgedichten. De site is in langzame opbouw net als de dichter. Ik ben geboren in Amsterdam, ik leef daar en wil daar ook wel doodgaan. Ik studeerde Nederlands aan de Universiteit van Amsterdam, Rechten aan de Vrije Universiteit en werk als juridisch adviseur in de hoofdstad. Jan Arends is mijn favoriete dichter dan Kopland dan Menno Wigman. Paul van Ostaijen mijn dandyman.
In slammersland geniet ik van Roop, Karlijn Groet, Peter M van der Linden - ACG natuurlijk, Ditmar Bakker, Jürgen Smit en Daan Doesborgh. En wat moet ik zeggen nog van Robin Block ( “hee ouwe wolf”) de wildemannen, lucky fonz III - Sander Koolwijk of Tom Zinger: "er is hier zeker 80 centimeter plant waar jij geen weet van hebt...." - mijn windroosmaatjes.
Mijn optredens bezorgden mij eretitels: landelijk slamfinalist 2003, 2004, 2005 en brons in Tivoli in 2006, 2007 en 2010, 2011, 2012 en ook weer in 2013. - Dichter van het jaar in Delft 2005, voorts slamjaarwinnaar 2005 van de poëzieslag in Festina Len-te te Amsterdam, winnaar van Slamersfoort 2006. Jaarfinale Zeist 2007 en de BRUNA poézieprijs 2007 in mijn zak. Ik ben de hoogste nieuwe binnenkomer op de jaar-lijkse top-200 lijst van bekendste dichters Rottend Staal – Epibreren 2005. In 2008 kreeg Pom Wolff De Gouden Slamburger uitgereikt vanuit de Universiteit Utrecht – afdeling letteren en won hij het 2e Drentse open dichtfestival. op 19 april 2009 verscheen de bundel 'die ziekte van guigelton' - winnaar jaarfinale slamersfoort 2009. in 2010 won hij de dicht-slam-rap van boxtel en de dobbelslam van entiteit blauw te utrecht. in 2012 de grote prijs van Grimbergen én DE REBELPRIJS voor de poëzie van de REBELLENKLUP. Tot zover enig geronk. In 2014 presenteerde uitgeverij Douane op 22/11 in Café Eijlders de pracht bundel: 'een vrouw schrijft een jongen'.
Sven Ariaans schreef in zijn juryjrapport Festina Lente Amsterdam: “Het is iemand die je zenuwen blootlegt om vervolgens op vaderlijke toon te zeggen dat die pijn jouw pijn moet zijn en dat er geen zalf bestaat. Elke cognitieve dissonantie die je voor jezelf op prettig hypocriete wijze had opgeheven, wordt je ingewreven, of zoals medejurylid Simon Vinkenoog het kernachtig zei: "hij verschaft illusieloos inzicht in de werkelijkheid". Ik voel me in deze omschrijving wel thuis.)
'je bent erg mens' van pom wolff verscheen in de befaamde Windroosserie in september 2005 en was in een mum van tijd uitverkocht. Nieuw werk - 'toen je stilte stuurde' verscheen op 18 november 2006 wederom bij Uitgeverij Holland te Haarlem. ook deze bundel was meteen uitverkocht. erik jan Harmens interviewde pom wolff over deze bundel in de avonden van villa VPRO.
Bekijk meer berichten