
Hoe deze recensie te beginnen? Een adembenemende zoektocht naar lucht en licht, naar leven en liefde wellicht. Een document humaine! Dat zij zich op een volstrekt eigen authentieke wijze een pad weet te effenen door de taal, door de poëzie. Dat zij als het ware een zeer persoonlijk nieuw poëtisch genre schept: levenspoëzie.
Zoals wij in de muziek het levenslied kennen, kennen we vanaf heden het levensgedicht. Debby Panken schrijft levenspoëzie van de hoogste orde. De nieuwe zangeres zonder naam is geboren, maar nu in de poëzie, en nu wel met een naam: DEBBY PANKEN.
De bundel ‘Geniepige beroering – dwalen in emoties’ kent ongeveer 60 gedichten, met een voorwoord waarin dichter Debby Panken schrijft dat de gedichten in haar debuutbundel een periode van meer dan 20 jaar van haar leven behelzen. Een leven van vallen en van weer opstaan. In het nawoord bedankt ze vader Panken voor de bundelomslag – een kunstwerk – én ze bedankt ons lezers (en toehoorders) dat wij ‘de gevoelige reis’ door Debby’s leven samen hebben willen afleggen.
In de eerste 10 gedichten maken we kennis met de beschreven IK-persoon van de dichter en ik denk dat de woorden heel dicht op dichters huid zijn geschreven. Een ik-persoon die de poëzie invlucht (poëzie kan nooit erger zijn dan de harde werkelijkheid), dan weer de natuur opzoekt, dan weer de harde nacht beschrijft en verhaalt over onzekerheden en verlatingsangsten – om uiteindelijk te concluderen: ‘ik wil nieuw zijn en gezien worden – ik moet bij mezelf beginnen’.
In de ongeveer volgende 5 gedichten wordt iets van een analyse beschreven: een moedige beschouwing van het verleden, van de hel, van de slapeloze nachten, van het gevoel ‘ik stik’. Maar de moed van de IK-persoon – om niet steeds maar voor jezelf weg te lopen – wordt niet meteen beloond – is zeg maar nog geen geëffend pad ( voor wie zichzelf aan het ontdekken is). Als er mooie dingen opdoemen kan ze die nog niet vertrouwen – nieuwe onzekerheden nemen de plaats in van de overwonnen onzekerheden: “Veilig – ben ik veilig?” roept de IK-persoon uit.
De volgende 10 gedichten behelzen het afscheid van een ex. Alle menselijke fasen van verdriet (de ontkenning- de woede en de berusting) worden in poëzie geplaatst in het leven van een IK-persoon die net aan het opkrabbelen was – net zichzelf aan het uitvinden was. Aangrijpend beschreven. De conclusie uiteindelijk is helder: het is voorbij. “Voor jou ben ik nu een hoop verkleumde botten” – “We hebben allebei de veldslag verloren”.
En dan de laatste reeks gedichten – maar beetje voor beetje – stapje voor stapje beter gezegd – ontdekt de IK-persoon dat je in je pijn nooit alleen hoeft te zijn, dat ze weer mooie dingen kan zien en voelen – mooie mensen ook. En dat ze eigenlijk ‘de pijn te lang gevoed heeft’. Dat ze een ‘drijvende wolk wil zijn – vrij wil zijn en dansen!’
Dat ze haar wil en leven heeft teruggevonden, die ene echt helpende hand heeft gevonden, dat ze ‘weer voeten in de aarde’ heeft gekregen ‘om nieuwe wegen te bewandelen’- wegen van geborgenheid en van genegenheid – de weg van de liefde! Of zoals Margreet Dolman zingt – “de weg van de liefde is de enige weg!”
Het is een adembenemende reis die Debby Panken ons lezers aanbiedt in deze prachtbundel met herkenbare ‘levenspoëzie.
pom wolff – oktober 2026


