elke vreugd van korte duur en
aan het eind de dood
PETER BERGER aan het cement: ‘Nu eerst de handen in het vet want cement bijt venijnig. Nog steeds. Ongeblust. Olijfolie. Morgenochtend maak ik de klus af. Daarna genadig verder zweten. Gewoon lekker liggen. Pijnloos. In de wildernis. In de zon. Tijdloos. Totdat de avond valt. Tot de oranje maan…’

Vier zakken. Dacht je. Hoogstens. Je nam er vijf. Voor de zekerheid. Eentje te weinig. Alsnog. Het blijft een raadsel. Waar het blijft. Die zakken. Dat cement. In de muur verdwijnt het. Tussen stenen. Dat weet je inmiddels wel. Het verdwijnt altijd zodra je aan het voegen slaat. Als sneeuw voor de zon verdwijnt het. En toch steeds weer te weinig. Un seul sac. Keer op keer. Reden voor een ritje. Altijd leuk. Heen en weer. Op en neer. Grietje ronkt. Grietje knort. Ik geniet. Ik heb haar gemist. Crazy car.
De kassajuf heeft haar dag niet. Vandaag niet. Ze zaagt een rafelige glimlach en haar ogen lijken te klotsen in een poel van onbestemde tranen. Lippen dansen een tandeloze tango. Het hart gebroken. Snap ik. Douleur. Maar toch. Daarbuiten immers druipt de zon wellustig terwijl het hierbinnen, in de bricolage, onvervalst riekt naar gezaagd pershout en oude mensen. Er is niets. Morgen misschien.
Beter zwoegen in stinkende zon. Nat van zweet. De buitenmuur op zuid is trouwens een complete woning. Flatgebouw. City. Wereldstad. Muizen. Bijen. Hommels. Mezen. Borstjes. Zwaluwen. Mieren. Van alles woont er tussen de spleten en spelonken. De stenen zijn kriskras gestapeld met rauwe klei ertussen. Ooit. Klei zo uit de koude grond getrokken. Hier. Ook de stenen. En dat driehonderd jaar geleden. Okee. Tweehonderdvijftig dan. Ofzo. Mensenhanden. Tijd. Eva. Stof. Het is niet raar dus.
Wind. Regen. Droogte. Vorst. Spleten en spelonken. Steeds weer nieuwe. Gatenkaas.
De muur leeft. Gisteren de losse boel uitgehakt en vandaag was dichtsmeerdag. Waar het blijft is me een raadsel. Ieder jaar opnieuw. Vandaag is mooi geweest. Nu eerst de handen in het vet want cement bijt venijnig. Nog steeds. Ongeblust. Olijfolie. Morgenochtend maak ik de klus af. Daarna genadig verder zweten. Gewoon lekker liggen. Pijnloos. In de wildernis. In de zon. Tijdloos. Totdat de avond valt. Tot de oranje maan. Rien ne manque sauf la jungle.
Peter Berger
Anke Labrie neemt deel aan de Kunst 10 Daagse Bergen, in oktober – vandaag haar gedicht ‘ditjes en datjes’ op pomgedichten punt nl


een kind maakt zich niet druk
om ditjes en om datjes
totdat van lieverlee
een ditje vaak een dit wordt
een datje een grote dat
een slecht rapport
dat ene vriendje
het ontslag
later pas bij zijn dood
kwamen de hoofdletters
de gemaakte echo was een Dit
de uitslag bleek een Dat te zijn
de zorgen om de ditjes en de datjes
waren voorlopig wel voorbij
anke labrie
29-05-2022
JORGE BOLLE wint de enige echte virtuele dit en dat zus en zo – trofee op pomgedichten punt nl – Jako Fennek zilver, Anna Eikelboom brons
Jorge, Jako en Anna Eikelboom Post deze week wat mij betreft in het zonnetje. GOUD. ZILVER en BRONS! van harte gefeliciteerd. Dank ook aan de andere dichters die werk inzonden. Vera welkom weer terug. Het thema evenwichtig aangepakt door Jorge , speels aangepakt door Jako, en min of meer vilein door Anna – dat we daarmee een evenwichtige en speelse bij tijd en wijlen zo nodig ietwat vileine zondag vandaag zullen beleven! wensen wij u van hier toe!

Mijn zus, die mij niet kent, zou ik willen vragen mij te zoeken. Met open armen zou ik je ontvangen. We zouden kunnen dansen in zee. Of elkaar een brief schrijven. Een brief die blijft steken in de tijd en ruimte van een onvervuld verlangen. En zo is het.
Jorge Bolle
een prachtig geschreven evenwichtig gedicht geschreven op het thema zus en zo. eigenlijk klopt alles aan de woorden. geen een te weinig geen een te veel. persoonlijk maar voor de lezer zeer invoelbaar gedicht. schrijf een regel als deze: ‘Een brief die blijft steken in de tijd en ruimte van een onvervuld verlangen.’ en ik geef mij gewonnen.

steeds grenzeloos blauw hier en droog, griezelig droog. En veel zwaluwen, die in de lucht mug noch vlieg heel laten. Vreemde tijden. Maar dat houdt ons niet tegen er een fijne dag van te maken. En dat wens ik je. Groet van Jako.
licht
je zet het op papier
met een paar krabbels ernaast
hoe je het bedoelt
ze zullen je meewarig aanstaren
er geen jota van begrijpen
je tikt met je vingers op tafel
ongeduldig en legt uit
dat ze het zwart of wit mogen zien
of dik of dun
dat het allemaal lood om oud ijzer is
er zal ze een licht opgaan
jako fennek
we lezen een erg aardig taalspel opgezet door Jako rond het thema zus en zo – niet zwart of wit, niet dik of dun maar wel lood om oud ijzer – een uitdrukking die zo het vergeten woorden item van de taalstraat in kan. een leuke en waardige afsluiting van deze luchtige – zo jako wil – lichte zondagochtendwedstrijd op pomgedichten punt nl – zeker gelet op de droge humor van jako.

Mijn kerel
Als hij boos wordt
echt boos, steekt zijn moeder
uit Oud-West met vet
Amsterdams accent
als een volgroeide lintworm
haar platte kop op:
“En jij dit! En jij dat!”
Wat een jeugd heeft die man gehad.
Anna Eikelboom Post
als we toch in de klas aan het uitleggen zijn – zie het commentaar bij frans terken – dan nemen we dit gedicht er meteen ook maar bij. een fijne korte tekst – waar de een van zou kunnen zeggen maar dit is toch geen gedicht dit is een anekdote – de ander zou kunnen zeggen een gedicht mag ook een anekdote als uitgangspunt hebben. maar je moet wel oppassen dat de tekst niet TE persoonlijk bij de lezer overkomt. dat gevaar schuilt wel een beetje in deze tekst – maar wordt naar mijn smaak opgeheven door de kortheid van de tekst en de enorm geestige en vreselijk onredelijke uithaal richting schoonmoeder – zullen we maar invullen. geestig omdat schoonmoeders wordt neergezet als ‘een volgroeide lintworm’ zich door de tijd heen vretend – onredelijk in de zin dat volgroeide lintwormen met een plat amsterdamswest accent nog geboren moeten worden. en zie daar hoewel ze nog geboren moeten worden – treft deze dichter nou net het enig tot leven gekomen exemplaar! ja dat exemplaar moet dan wel een gedicht in. terecht.
- Rik van Boeckel – zus en zo verlopen die tijden
- Frans Terken – dat het zus of zo…
- Anna Eikelboom Post – “En jij dit! En jij dat!”
- Vera van der Horst – t is dan weer dit en dan weer dat
- Jorge Bolle – En zo is het.
- Jako Fennek – dat het allemaal lood om oud ijzer is
wie wint de enige echte virtuele dit en dat zus en zo – trofee op pomgedichten punt nl? een uitgelezen gelegenheid voor de dichters om het een of het ander met ons te delen. zal het zus zijn of zal het zo zijn – wij van hier nemen u dit of dat echt niet kwalijk – én u kent de regels – die zijn duidelijk: gedichten niet te lang svp tenzij noodzaak – 20 regels is genoeg – insturen voor zondag 10 uur 30. stuur in op het u bekende gmail.com adres van pomgedichten@ – of benut de blauwe contact functie boven aan de pagina. of laat onder dit item een reactie achter -ik zorg er voor dat uw gedicht in het item wordt geplaatst. commentaar als altijd verzekerd.

ik weet wel
dat er achter een naam
een mens zit of moet je zeggen schuilt
en daarachter weer een moeder
alles wat hij uitspookte
viel in het niet bij de eerste jaren
die in haar verankerde warmte
zijn eerste woorden
later zijn spoken words
over dit en dat
en zusje
het kind dat zij verloor
pom wolff

Verborgen verleden
Zussen en broer en opa
vragen beantwoorden verhalen
het eiland Nias is de wortel
voor de kust van Sumatra
de stam van de stamboom
leidt naar ons verborgen verleden
in de lijnen van het nu
gedijen de zinnen met vraagtekens
zus en zo verlopen die tijden
naar 19e eeuwse familieband
de njais nimmer opgeslagen
in de piramide van de stamboom
waar het DNA toe leidt
de vraag hangt in onzekerheid.
Rik van Boeckel
28 mei 2022
rik verzorgt een adequate uitwerking van het ietwat onduidelijke zus of zo vakantiethema deze week op pomgedichten punt nl. met het onduidelijke familie verleden als uitgangspunt – wordt het gedicht bijna een scenario voor een goed bekeken televisie programma. met dichter rik van boeckel als bewegend strateeg door de tijd. op weg naar de plaatsen en tijden van weleer.

Doe jezelf niet tekort
steek niet onder stoelen of banken weg
dat je met de hand nee éen vinger al
wil wijzen dat het zus of zo
dat je ergens steun zoekt
als het nog naar alle kanten open
er valt zo weinig over te zeggen
moet het als altijd zelf doen
en vraag het niet aan een dichter
die op zoek naar een pen in zijn tas graait
hij haalt slechts oude papieren boven
en stuurt je daarmee het bos in
waar richting ver te zoeken is
vinden hoe het de goede kant op
het hoofd er klaar voor maken
nu nog een vaste hand
en het verlossende woord
© FT 28.05.2022
frans terken kleurt de onduidelijkheid in met een duidelijk advies – de juiste weg vind jij zelf! dichters zijn daar niet voor uitgevonden. dichters doen daar niet aan mee. geestig is dat als en terwijl dichters ergens niet aan meedoen hier in het gedicht er toch aan meegedaan wordt.
weer eens een bewijs dat linksaf en rechtsaf – boven en onder – wellus en niet nietus, redelijkheid en onredelijkheid, 0 en 1 in de poëzie heel goed tegelijkertijd samen kunnen gaan. als je wil uitleggen wat poëzie is dan lijkt me dit gedicht als voorbeeld inhoudelijk heel geschikt.

Tja
liefde is een theatrale trut
wil altijd uitgesproken worden
in plaats van er bedeesd te zijn
nooit kan ze stil de ruimte vullen
t is dan weer dit en dan weer dat
als ik haar daar op aanspreek
zegt ze doodleuk
ach je kent me niet
Vera van der Horst
aha onze vera weer eens terug op het vertrouwde dichtersnest dat pomgedichten toch ook is. blijkt er geen nest te zijn – zit je zo maar in een vrije val van die vreselijke webmaster bij wie je je nooit een moment veilig zult kunnen voelen. nou ja wat betreft zijn commentaar op ingestuurde werken. en zo is het ook. als je gedichten instuurt moet je ook tegen kritiek kunnen anders moet je de gedichten nog even in je eigen veilige omgeving houden. geef je je poëzie aan pomgedichten dan geef je je poëzie aan de wereld van de lezers. als ik van mezelf weet dat ik een briljant gedicht heb geschreven en het commentaar is vreselijk dan maakt de recensent zichzelf voor het leven belachelijk. lijkt me geen pretje. als ik een matig gedicht heb geschreven en de recensent legt de vinger op de pijnlijke wond dan moet ik daar blij mee zijn. zo ongeveer ook het goede advies aan onze brabanders. die nog wel eens webmasters woorden kwalijk nemen. ik denk aan een cartouche, een adelaar, een van der horst. hahaha. de tekst van vera zou door peter le nobel betiteld worden als een lekkere eenhapscracker – vermoed ik zomaar. ik vind het een hele geestige tekst – kan zo het cabaret in. ik lees ook in de tekst de droefheid van een clown. de hele wereld lacht over dingen die hij/zij aandraagt maar hem/haar zien ze niet staan in die hier in de laatste regel subtiel beschreven ellende.
Yvonne Koenderman: “Schorum”
Ongetwijfeld kwam hij
net van de kapper.
gestyleerd haar en baard
met niet in het zicht
geweldige krul in snor.
Totaal anders
als de man ernaast
ondanks gezamenlijke
polkadot die wat stug
de wereld achter glas
bezag en een hmmmm
voortbracht bij iedere
greep van de buurman
in de zak M&M’s.
Je zag hem denken
vanonder de hoed
Schorem…
Yvonne Koenderman
VON SOLO: ‘Het is de onverschilligheid, die onverschilligheid voortbrengt. Onverschillig is niet hetzelfde als geen verschil. Het verschil wordt enkel maar groter….’

Jonge gasten, die uit ellende of op zoek naar een betere toekomst hier beland zijn. Die de hele dag pakjes in moeten laden bezorgen. Bij mensen, die wel het geld hebben om pakjes te bestellen. Dat zal hun niet overkomen. Ze krijgen per pakje betaald en dat is door de accountant van het pakjesbedrijf zo uitgerekend, dat het het laagst mogelijke loon is, dat nog uitbetaald mag worden. Maar eigenlijk is het te veel werk voor één persoon, dus daarom moet zijn neef ook meehelpen. Voor dat ene bedrag, dat salaris genoemd wordt, maar eigenlijk niet meer is, dan een ontoereikend, beledigend schijntje, voor een dienst, waar ze zelf nooit gebruik van zullen kunnen maken.
Op zondag hangen ze rond in de stad met hun lotgenoten. En kijken naar blonde meisjes. Meisjes, die in huizen wonen, waar het in de geschiedenis van de browser vol staat met Zalando, Amazon, Bon-prix, bol.com en wat dan al niet meer. Onbezorgde jonge meisjes, met mild bezorgde ouders. Niet bezorgd over hun meisjes, maar over hun energierekening of de wachttijden op Schiphol. Of wanneer dat pakje nou komt. En dan klagen, dat het boek, dat ze besteld hebben gekreukt door de brievenbus is gekomen. Wel op tijd overigens. Want het is de jongens inderdaad gelukt het pakje door de gleuf te forceren. Het zal niet het laatste en enige gleuf zijn.
Intussen voert men discussies over woke zijn. Betuigt spijt en wist het verleden. Doet yoga en bestelt een nieuw matje op yogashop.nl, of koopt het op Bali, na de wachtrij getrotseerd te hebben op Schiphol en een soepele overstap in Bangkok en een hemelse ontvangst in het paradijs. Terwijl de nieuwe slaven hier intussen weer in hun gammele bus stappen en bijna tegen de afgeragde bus met Bulgaars kenteken botsen, waar de gravers van de greppels voor de glasvezelkabels in rondrijden. Wat de Oostafrikanen en de Bulgaren gemeen hebben is de gammele bus en de onderaannemingsconstructie. Tot stand gekomen na een geheel legale aanbesteding door respectievelijk DHL en KPN. Beursgenoteerde bedrijven. Zij zullen hun handen niet vuil maken, maar besteden dat op die manier ook weer uit. Juridisch waterdicht.
Het is de onverschilligheid, die onverschilligheid voortbrengt. Onverschillig is niet hetzelfde als geen verschil. Het verschil wordt enkel maar groter.
VON SOLO
DICHTER, COLUMNIST, PERFORMER EN CINEAST
Check de actualiteiten van VON SOLO op www.vonsolo.nl
Lees ook de wekelijkse column van VON SOLO op www.POMgedichten.nl
die bijzondere vlinder van LOES ESSEN

Jij, in een kuipstoel
in de zon, waardoor
je schaduw op de grond
een zwarte vlinder leek
we lachten droevig naar elkaar
wisten wat de ander dacht
toen de ober aan je vroeg
wat je poison was
zwak, maar gretig, steeds
naar alles wat je lijf
nog aan leven op kon nemen,
nam je afscheid van New York
ik keek naar jou
vertraagde film in kleur
te midden van gehaast zwart-wit
het was geen hersenschim,
we stonden stil, we zagen hem allebei:
een grote witte vlinder
boven een veld van yellow cabs
alsof hij opvloog
uit een bloemenzee
en je vóór ging
– steeds hoger
waar hij voor eeuwig
uit het zicht
verdween.
Loes Essen
Merik van der Torren: ‘Een klein koolwitje fladdert om de seringen, danst luchtig ballet…’
Een klein koolwitje
fladdert om de seringen,
danst luchtig ballet

In Tuinpark Buitenzorg wordt al jaren een poëzieroute ingericht. Op een paar plekken in het park worden
gedichten geplaatst van tuinders met betrekking tot Buitenzorg. De redactrice van dit gebeuren vroeg mij onlangs om een bijdrage. Dat zijn deze vier haiku geworden.
De vierde haiku is geïnspireerd door de zinsnede “Auf Flugel des Gesanges” door Heinrich Heine,
Groet, Merik
Vier haiku
( voor Buitenzorg )
Ergens verder weg
richten tanks verwoesting aan,
lees ik in de krant.
Een klein koolwitje
fladdert om de seringen,
danst luchtig ballet
knipoog van de zon
in fantastisch Buitenzorg,
klink op de vrede.
Op vleugels van zang
over zeeën en bergen
vind en zoek ik je.
Merik van der Torren,
15 mei 2021
Peter Posthumus: …’sommigen moesten huilen…’
Peter Berger in een jubelstemming: ‘Vandaag is feestdag. Straks zie ik alles scherp. Op Netflix. Tien films tegelijk als het moet. Glasfiber. Dat belooft wat…’

Vandaag is feestdag. Straks zie ik alles scherp. Op Netflix. Tien films tegelijk als het moet. Glasfiber. Dat belooft wat. Adieu! Vaarwel. Er komt nu definitief een einde aan het gewoonlijk nogal waterige beeld over de schokkerige connexion die me hier jarenlang met de bewoonde wereld verbonden hield. Snel. Sneller. Snelst. Einde mist. Dat moet ook want Suikerberg´s Metaverse rukt op. De monteur, die niet zonder trots in een kleine Renault hoogwerker kwam aanzetten, had zijn aankomst vanochtend vroeg al aangekondigd. Mondeling. Per telefoon op mijn nieuwe mobiele nummer. In onverstaanbaar Frans uiteraard. Dat ´ie al in aantocht was. Niet dat ik nou op een Frans telefoonnummer zat te wachten. Het is een kwestie van koppelverkoop. De man in de Orange winkel twee weken geleden liet er geen twijfel over. Doen!
Want met mobiel nummer erbij betaal je minder dan zonder. Bijna twee tientjes minder zelfs dan voorheen. Per maand! Meer voor minder zeg maar. En als Hollander ga je dan gauw overstag. Toch? Mijn trouwe Nokia heeft twee SIM slots bovendien dus alles kan verder bij het oude blijven. Of moet ik toch aan de smartphone? Met zo´n aanraakscherm dat niet voelen kan? Even niet nog denk ik. Laat die Metaverse maar ijskoud zitten. Voorlopig heb ik genoeg aan de ongekende snelheid van glasvezel. Het is in een uurtje gepiept. Klaar is kees. Fini. Ze waren met z´n tweeën trouwens. Die monteurs. In van die Franse werkman overalls die hier wel goed van schnitt zijn. Modieus bijna. Nu heb ik turbospeed. Sneller typen kan ik niet. Dat blijft aanmodderen. Maar downloaden kan nu zonder gemopper. Gamen ook. New horizons. Uploaden? Dat was voorheen mission impossible. Ik ga het meemaken. Vanavond nog.
Peter Berger






