JAKO FENNNEK wint de enige echte virtuele en hoe heeft u getracht te leven trofee op pomgedichten – PETRA MARIA zilver en TON HUIZER brons

zo schreven we in 2018!

FRANS TERKEN dwaalt

PETRA MARIA vond

ANNAGRIET DIESMAN wikte woog en stikte – en annagriet is woedend omdat haar  enjambementje  (over de strofe heen) niet direct door webmaster in sferen van grandmarnier werd onderkend – lees het vlammende commentaar

RIK VAN BOECKEL danst over eilanden van verlangen

ERIKA DE STERCKE tussen de meubels

MARC TIEFENTHAL met lees en letterwijzer

TON HUIZER op reis

JOLIES HEIJ ligt aan de verkeerde kant

JAKO FENNEK in wording

 

wedstrijd gesloten – dank aan alle dichters voor de mooie levenswerken deze week. ze waren bijna allemaal stuk voor stuk bijzonder van karakter. het was genieten. bregje mailt me zojuist de uitkomst van de metalen. ze worden direct gepresenteerd. dank aan alle vroege deelnemers aan deze wedstrijd. voor jako het goud – bregje en ik waren het roerend met elkaar eens – van harte!

 

handbereik

het komt zo anders dan je wilt
op stilten volgen stormen
en wat je voor het leven houdt bevindt zich
buiten handbereik

tot dan dat wezen komt, dat nevel
stijgen laat alsof getergd door een warme wind
bloed door je leden jaagt
je laat worden
tot wat je niet voor mogelijk hield

je loopt de straten, pleinen van de stad af
in je binnenste steeds
het weerzien van een dag

 

jako fennek

 

ach laten we – vrij naar starik – en ook omdat we dichters als starik niet willen vergeten – een eigen ego document doen – de dichtregel van Starik uit zijn gedicht KAPSALON:  ‘Zo heb ik tenslotte geprobeerd te leven.’ en hoe heeft u getracht te leven? jaha – geen makkelijke. maar we willen het wel weten – en bregje zonderland óók –  onze juryvoorzitter deze week. wie wint de enige echte virtuele en hoe heeft u getracht te leven trofee op pomgedichten? u kent uw regels: inzenden voor zondag half 11. het commentaar is verzekerd. stuur in onder ‘contact’. (zie hierboven in de zwarte kolom) – of op het u bekende gmail.com adres van pomgedichten@ – ik zorg er voor dat uw gedicht in het item wordt geplaatst.

 

 
ach weet je
 
er zijn vergezichten
impressies
gewonde vogels
hollandse landschappen
 
wat er is is er
weet je
pas als je op je bek bent gegaan
weet je wat troost is
 
pomwolff

Tussen god en afgod

Dwalen tussen kathedraal en café
ik leg een hand op de deurklink
graaf me door het gordijn naar binnen
hang jas en das aan een haak
en omarm wie op me wacht

wie ik liefheb bied ik een biertje
wie wat van me wil wacht verderop
maar op zijn beurt
als ik hem al niet over het hoofd zie

op de achterkant van een viltje teken ik het uit
een grillige lijn van bidbank naar hier
warme woorden schrijf ik bij de puntjes
die de pen drukt in het karton

in elk groeit je gezicht
hoe ik alleen voor jou op de knieën
het gewicht draag dat leven weegt
tot ik uitgeveegd lig
een vlek tussen kerk en kroeg

FT 24032018

 

.

pom: hoe ik alleen voor jou (…) het gewicht draag dat leven weegt – zo heeft frans getracht te leven. de beminde mag vereerd met zoveel toewijding – het beeld van het café aan de haven dringt zich op – de dichter aan een tafeltje  – de pen in de hand om bijna willoos bij haar uit te komen. om even niet alleen te zijn worden mooie regels geschreven. soms  binnen buitengewoon mooie.

bregje:

FT 24032018

Op een dag krijg ik van Frans een biertje, dat denk ik echt.

Goede titel, veelzeggend.

 

 

 

 

de winters

de lucht kan soms zwaar van dragend geel zijn
de volgende dag een pak van blijvend wit
waren dat de winters dat ik de kinderen wakker maakte alleen om de oplichtende ogen van belofte te zien
alsof het allemaal uit mijn handen kwam
dat ik dat ook geloofde en was

dat is genoeg geluk
tot ik jou vond

PetraMaria

 

pom: kijk aan heeft mijn petra maria zo getracht te leven? – de kids nog niet naar bed en jawel hoor petramaria schudt de kinderen weer wakker. is dat opvoeden? mevrouw wil oplichtende oogjes zien. eindelijk heb je die krengen in bed of petra maria staat al weer aan ze te rukken. WAKKER WORDEN en jij ook WAKKER WORDEN – ik wil die oplichtende oogjes zien en dat allemaal in die onverlichte slaapkamer. HIER WORDT NIET GESLAPEN! wat denk je wel. toestanden daar in het oosten van het land. dit lees je niet vaak hoor.

.

bregje:

PetraMaria

Zwaar van dragend geel, hmm maar wat een mooie lange regel, ik hak hem even in stukjes:

waren dat de winters

dat ik de kinderen wakker maakte

alleen om de oplichtende

ogen van belofte te zien

 

Mooi hè Petra, ze zijn van jou!

 

.

 

gesprekken hadden we niet. zwijgen was al lastig genoeg,
zelfs in eufemismen. spraakverstard struikelden we
over onze klankgeworden onzekerheid,
de invallen die we weer inslikten

met een slok bier spraken voor zich.
we wogen, wikten, stikten
in goede bedoelingen die fout vielen;
als boterhammen op de besmeerde kant

Annagriet Diesman

 

pom: een wereldregel – ‘zwijgen was al lastig genoeg.’ daarna lopen we tegen wat verwarring op: wat is spraakverstard? wat is klankgeworden onzekerheid? mooi is in ieder geval anders.

en wat is ‘met een slok bier spraken voor zich.’  correctie na de strenge woorden van meesteres annagriet: ‘nooit gedacht dat ik op een poëziesite zou moeten uitleggen hoe een enjambement (over de strofe heen) werkt, maar gezien de totaal verkeerde lezing tot gekke commentaren leidt, doe ik het toch maar.
lees niet: de invallen die we weer inslikten PUNT WITREGEL NIEUWE ZIN met een slok bier spraken voor zich, maar lees: de invallen die we weer inslikten met een slok bier spraken voor zich, OPGESPLITST DOOR EEN ENJAMBEMENT OVER DE STROFE HEEN’

nee van die prachtige eerste regel is dichteres zelf een beetje in de war geraakt. en we nemen het annagriet niet kwalijk. wie zo schrijft:  ‘gesprekken hadden we niet. zwijgen was al lastig genoeg,..’ – zal zeker als een gevierd dichteres ooit sterven. dat er na regel 1 wat alcohol doorheen is gegaan om deze eerste regel te vieren – alle begrip.

.

bregje:

Annagriet Diesman

Als boterhammen op de besmeerde kant, ja, als je zo valt plak je vast . Smeuïg beeld Annagriet al die aan de grond vastgekleefde bedoelingen en een mooie beginregel.

.

 

 

 

Leven in brokken
 
Geboren achter de duinen van Den Haag
ren ik door de tijd met een hamer
sla de beelden uit het verleden in brokken
zoveel leven uit mijn vingers geslagen
 
kijk naar de mimische bewegingen
met zo’n brok in de keel
leef mee met de poëtische clown
met het gemak van het woordencircus
 
‘zal ik dan maar’ roept de acteur in mij
slaat de rumba het ritme van Dakar
in de groeven en rimpels van de jaren
reist naar het fluwelen Praag
 
danst over eilanden van verlangen
om in spagaat met veel gedonder
eindeloze grachten te verleiden
de ramen van ‘t nu te beminnen
 
met een lied vol melancholische brokken
over reizend de tijd dichten
zingend de dagen afsluiten
zwijgend de nacht ontdekken.
 
Rik van Boeckel
24 maart 2018
 .
pom: en hoe heeft rik getracht te leven? in brokken begrijpen we. tot en met in de laatste strofe – melancholische zelfs. de laatste strofe bevalt me het beste – in die daarboven wordt me net teveel gezocht – naar beelden, woorden, beweging – te veel wervelwind om in die laatste tot rust te komen – te gaan liggen.
 .

bregje:Rik van Boeckel

24 maart 2018

Waarom ren je nou door de tijd met een hamer? Was dat de enige manier om de titel te rechtvaardigen of was het gedicht er eerst?

Twee hele mooie laatste regels, het jezelf opzwepen heeft gewerkt, soms zijn twee regels genoeg en die ontstaan nu eenmaal vaak door te schrijven

 

.

 

.

Weegschalen
 .
We houden feesten, drinken flessen
op buiken leeg. Gordijnen sluiten
tegenspraak buiten. Kaarsen doven
uit. Meubels cirkelen rond.
 .
Onze lichamen hoeven niet meer te
wijzen wat leven is. Kranten en zalven
op tafel. In een taal, los van strakke
etiketten praten de dagen.
 .
De verhuisdroom in onze handen.
 .
Erika De Stercke
pom: dat de dagen praten in de kranten op tafel – wel een heel mooi beeld  hoor – prachtig!- verder lijkt het wel of rik van boeckels wervelwind over erika de stercke is gevlogen – welk een bewegingen. dat de meubels meebewegen – geloof je het zelf erika of was het toch een pilletje?
.

 bregje:Erika De Stercke

Oh dear, ik ben bang dat ik er niet veel van begrijp Erika terwijl ik juist bij jou vaak blij word. Toch voel ik wel iets in het gedicht wat dankzij de titel is. Alles in het gedicht wordt gewogen, we wegen ook elkaar. Dag in dag uit.

 .
Leuk sonnet
 
Hoe leuk licht ik wordt, aanstekelijk
hoe het werkt, buiten en binnen me om.
Wat dan nog te zeggen valt,
komt van anderman of vrouw.
 
Ophef maakt niet meer los dan
twee centimeter, ferm genoeg
voor wie zich opricht
en weg wordt geraakt.
 
Koppig in lucht,
luchtig in kop
is de buik vol.
 
Hardop in vluchtvogel,
Vluchtig, ernstig
is de maat vol.
 
 
(er staat geen dt fout in ik wordt; dat is gewild)
 
 
 
 
marc tiefenthal
dichter essayist / poète essayiste
Sint-Niklaas
blogs: Tieftalen (nl) Profonde lalangue (fr)
 .
pom: wel een beetje veel ik hoor. ophef komt van buiten en maakt niet meer los dan 2 cm. hahaha. grappig. meer kan ik er niet van maken. e=mc in het kwadraat. tiefenthal = licht en 2cm los.
 .

bregje:marc tiefenthal

dichter essayist / poète essayiste

Sint-Niklaas

blogs: Tieftalen (nl) Profonde lalangue (fr)

 

Ferm genoeg voor wie zich opricht, ik weet het niet, Koppig in lucht, Hardop in vluchtvogel. Er is hier aan een gedicht gewerkt dat ons vertelt hoe Tiefenthal door het leven gaat, hij zet zichzelf bescheiden neer zullen we maar zeggen. Een stofje zo we allemaal zijn. Dust in the wind.

 .

 

Zendeling

Er stond een christenman voor
het station
met zendingsdrang
en een bord voor zijn kop
gelukkig lag er een krijtje naast
‘ik heb een bom’ schreef ik
vier woorden maar
ik had haast
het werd stil rond de man
politie betrok de wacht
tot de bommendienst verscheen
die de zendeling op veilige
afstand tot ontploffing bracht
iedereen blij
de christenman in zijn paradijs
wij zonder gezeur op reis

 

Ton Huizer

.

pom: een zeer zeer grappige topper. ik hoop dat bregje niet van gristelijke bloed is. dan moeten we haar voortaan missen. de wijze zondagochtendgedachte van ton huizer omarmen we hier in ieder geval. de tussenregel: “ik had haast” doet me van plezier op de grond rollen. starik zou gezegd hebben – dit is cabaret van de hoogste plank – ik zeg dit is poëzie zoals poëzie hoort te zijn.

.

bregje:

Ton Huizer

Politie betrok de wacht, wat een gekke regel. Een beangstigende gedachte vind ik het dat iemand ‘ik heb een bom’ op je kan schrijven en dat je dan daadwerkelijk kunt ontploffen.
Helemaal begrijpen waarom het een christenman moet zijn doe ik niet maar het zal een verwijzing zijn naar iets waar hele boekwerken over geschreven kunnen worden of zelfs al werden. Een gelovenmix of gezien de bom, een cocktail. We willen veilig reizen, niet steeds lastig gevallen worden door/met welk geloof dan ook, hè, dat is de boodschap.

.

 

van hart tot hand
 
ik kwam uit het korenveld en hield drie poppen
vast in de hand, zonder benen, het lopen verleerd
 
de vijand was gecamoufleerd, geen soldaat in zicht
heiligdommen nog niet ingericht, rondhangen
 
niet zonder risico omdat de fluittoon te hoog
we verplaatsen het huis, laten geen kruimels na
 
hangen het hart op aan de regenboog
opdat niemand ziet wat ik geloof, te hoog
 
om te reiken, te star om te vliegen
wat rest is de loopgraaf, het tandenknarsende
 
van zand, het laagbijdegrondse voorover vallen
het hout van zweet, bloed en tranen ontdaan
 
het korenveld in as, een ingelijste zelfkant
het is niet eens dat we evenwijdig opstaan
 
ik lig aan de verkeerde kant van het bed
jij bent fluitend in andere handen overgegaan
 
 
Jolies Heij
.
pom: het gedichtje komt niet binnen bij me. de laatste twee regels wel die begrijp ik – maar wat er allemaal aan vooraf moge gaan – de christenman van ton huizer zal het weten. loopgraven, kruimels, fluittonen, regenboog en zelfkant – het is wel allemaal VEEL. misschien kan bregje er worst van maken.
 .

bregje:

Ik vraag me af hoe je zonder benen dat korenveld uitkwam, of hebben de poppen geen benen? Lastig lezen dit gedicht, er komt iets uit een sprookje in voor (kruimels), er is oorlog, ravage na vernietiging, de vijand onherkenbaar.
Die laatste regel vind ik prachtig, jij bent fluitend in andere handen overgegaan…. Meisje, lees nog eens wat je hier schreef, alles wat er aan vooraf gaat is zowat overbodig met zo’n zin. Je kunt het. Doe het.

 .

handbereik

het komt zo anders dan je wilt
op stilten volgen stormen
en wat je voor het leven houdt bevindt zich
buiten handbereik

tot dan dat wezen komt, dat nevel
stijgen laat alsof getergd door een warme wind
bloed door je leden jaagt
je laat worden
tot wat je niet voor mogelijk hield

je loopt de straten, pleinen van de stad af
in je binnenste steeds
het weerzien van een dag

 

jako fennek

pom: hmm een tekst om te genieten – regel na regel. hoogtepuntje in de werken fennek – DAT WEZEN prachtig! raadselachtige laatste twee regels – ja poëzie van de hoogste orde – binnen de stroming die me lief is:  de bijna onleefbare romantiek.

.

bregje:

jako fennek

Fijn gedicht, heel even haper ik, dat komt door de beginregels, ja dat weet ik wel, denk ik daar maar ik lees verder en ook al zie ik hier en daar iets, ik ben om; in je binnenste steeds het weerzien van een dag… Mooi hoor.

Share This:

Gepubliceerd door Pom Wolff

Hoi, welkom op mijn site pomgedichten. De site is in langzame opbouw net als de dichter. Ik ben geboren in Amsterdam, ik leef daar en wil daar ook wel doodgaan. Ik studeerde Nederlands aan de Universiteit van Amsterdam, Rechten aan de Vrije Universiteit en werk als juridisch adviseur in de hoofdstad. Jan Arends is mijn favoriete dichter dan Kopland dan Menno Wigman. Paul van Ostaijen mijn dandyman. In slammersland geniet ik van Roop, Karlijn Groet, Peter M van der Linden - ACG natuurlijk, Ditmar Bakker, Jürgen Smit en Daan Doesborgh. En wat moet ik zeggen nog van Robin Block ( “hee ouwe wolf”) de wildemannen, lucky fonz III - Sander Koolwijk of Tom Zinger: "er is hier zeker 80 centimeter plant waar jij geen weet van hebt...." - mijn windroosmaatjes. Mijn optredens bezorgden mij eretitels: landelijk slamfinalist 2003, 2004, 2005 en brons in Tivoli in 2006, 2007 en 2010, 2011, 2012 en ook weer in 2013. - Dichter van het jaar in Delft 2005, voorts slamjaarwinnaar 2005 van de poëzieslag in Festina Len-te te Amsterdam, winnaar van Slamersfoort 2006. Jaarfinale Zeist 2007 en de BRUNA poézieprijs 2007 in mijn zak. Ik ben de hoogste nieuwe binnenkomer op de jaar-lijkse top-200 lijst van bekendste dichters Rottend Staal – Epibreren 2005. In 2008 kreeg Pom Wolff De Gouden Slamburger uitgereikt vanuit de Universiteit Utrecht – afdeling letteren en won hij het 2e Drentse open dichtfestival. op 19 april 2009 verscheen de bundel 'die ziekte van guigelton' - winnaar jaarfinale slamersfoort 2009. in 2010 won hij de dicht-slam-rap van boxtel en de dobbelslam van entiteit blauw te utrecht. in 2012 de grote prijs van Grimbergen én DE REBELPRIJS voor de poëzie van de REBELLENKLUP. Tot zover enig geronk. In 2014 presenteerde uitgeverij Douane op 22/11 in Café Eijlders de pracht bundel: 'een vrouw schrijft een jongen'. Sven Ariaans schreef in zijn juryjrapport Festina Lente Amsterdam: “Het is iemand die je zenuwen blootlegt om vervolgens op vaderlijke toon te zeggen dat die pijn jouw pijn moet zijn en dat er geen zalf bestaat. Elke cognitieve dissonantie die je voor jezelf op prettig hypocriete wijze had opgeheven, wordt je ingewreven, of zoals medejurylid Simon Vinkenoog het kernachtig zei: "hij verschaft illusieloos inzicht in de werkelijkheid". Ik voel me in deze omschrijving wel thuis.) 'je bent erg mens' van pom wolff verscheen in de befaamde Windroosserie in september 2005 en was in een mum van tijd uitverkocht. Nieuw werk - 'toen je stilte stuurde' verscheen op 18 november 2006 wederom bij Uitgeverij Holland te Haarlem. ook deze bundel was meteen uitverkocht. erik jan Harmens interviewde pom wolff over deze bundel in de avonden van villa VPRO.

Doe mee met de conversatie

5 reacties

  1. de winters

    de lucht kan soms zwaar van dragend geel zijn
    de volgende dag een pak van blijvend wit
    waren dat de winters dat ik de kinderen wakker maakte alleen om de oplichtende ogen van belofte te zien
    alsof het allemaal uit mijn handen kwam
    dat ik dat ook geloofde en was

    dat is genoeg geluk
    tot ik jou vond

    PM

  2. Tussen god en afgod

    Dwalen tussen kathedraal en café
    ik leg een hand op de deurklink
    graaf me door het gordijn naar binnen
    hang jas en das aan een haak
    en omarm wie op me wacht

    wie ik liefheb bied ik een biertje
    wie wat van me wil wacht verderop
    maar op zijn beurt
    als ik hem al niet over het hoofd zie

    op de achterkant van een viltje teken ik het uit
    een grillige lijn van bidbank naar hier
    warme woorden schrijf ik bij de puntjes
    die de pen drukt in het karton

    in elk groeit je gezicht
    hoe ik alleen voor jou op de knieën
    het gewicht draag dat leven weegt
    tot ik uitgeveegd lig
    een vlek tussen kerk en kroeg

    FT 24032018

  3. gesprekken hadden we niet. zwijgen was al lastig genoeg,
    zelfs in eufemismen. spraakverstard struikelden we
    over onze klankgeworden onzekerheid,
    de invallen die we weer inslikten

    met een slok bier spraken voor zich.
    we wogen, wikten, stikten
    in goede bedoelingen die fout vielen;
    als boterhammen op de besmeerde kant

  4. nooit gedacht dat ik op een poëziesite zou moeten uitleggen hoe een enjambement (over de strofe heen) werkt, maar gezien de totaal verkeerde lezing tot gekke commentaren leidt, doe ik het toch maar.
    lees niet: de invallen die we weer inslikten PUNT WITREGEL NIEUWE ZIN met een slok bier spraken voor zich, maar lees: de invallen die we weer inslikten met een slok bier spraken voor zich, OPGESPLITST DOOR EEN ENJAMBEMENT OVER DE STROFE HEEN

    1. nou je zat wel aan het bier lieve annagriet – dus iets van alcohol is er wel ingeslopen. maar je hebt gelijk. het wit tussen jouw twee strofen lijkt onnodig tussen de strofen gekalkt.

Laat een reactie achter