NO WAR! GEDICHTEN – oa van Ien Verrips, Pom Wolff, Anke Labrie, Rik van Boeckel, Ton Huizer, Peter Posthumus, Frans Terken, Merik van der Torren, Cartouche, Gerraldine Caenen, Gerben de Ruiter, Max Lerou, Jako Fennek, Anna Eikelboom. —>Cartouche en Merik van der Torren opgenomen in de eregalerij van deze site

lees ook de commentaren onder de gedichten –

‘oma drijft al in de zee’ zingen gentl en de boer hieronder het einde tegemoet. pomgedichten punt nl mocht een prachtig poëtisch NO WAR protest van de dichters ontvangen – bij de putsch die momenteel in het kremlin wordt gepleegd door één mannetje die zo nodig zijn minderwaardigheidscomplex moet overcompenseren – door die ‘dictator uit Vodka’. er drijven al heel veel oma’s in de zee en de komende dagen zullen er nog veel meer – kinderen ook – moeders, vaders. dank aan alle dichters voor het insturen van de werken van protest. er moet heel wat gebeuren tot half elf vandaag wil de voorkeur hieronder gegeven wijzigen. we schreven al hieronder in een commentaar dat aan deze warcrime geen moedertje maria lief helpt – dus geraldine zal niet worden opgenomen in de erelijst van de gedichten van de week. op de titel na een prachtig gedicht. ook de herinneringen van frans en anke  aan vroeger tijden – hoe zeer ook gewaardeerd krijgen niet de voorkeur deze week. de inmiddels klassieke juweeltjes van Ien en Max hebben eerder  al genoeg woorden van eer gekregen. de kwinkslag van ton huizer met heel veel glimlach aanvaard maar kent toch teveel afstand tot het gevraagde thema NO WAR. Rik van Boeckel stuurde twee gedichten in – het gedicht buiten mededinging ingezonden veel sterker dan het eerdere ingezonden gedicht. Jako Fennek belicht hoe een oorlog je leven insluipt – uit ervaring de waarschuwing. een waarschuwing ook in de woorden van Anna Eikelboom: barsten in het plafond als de bom valt – ook die heerlijke gedrevenheid in de gedichten van Peter en Gerben zeer en zeer gewaardeerd maar kiezen we uiteindelijk toch voor de  TWEE ingezonden  uitersten – pracht werken –  en nemen we deze straks op in de eregalerij van het gedicht van de week – zie rechtsboven op de site en klik op het rondje. Cartouche / gerard vromen en Merik van de Torren van harte gefeliciteerd – ik wil/kan niet kiezen – dank aan alle dichters – zij die altijd al voor het vrije woord staan en stonden.

deze week geen zondagochtendwedstrijd op pomgedichten punt nl – wél kiezen we zondag HET GEDICHT VAN DE WEEK uit de ingezonden NO WAR! – gedichten – en plaatsen we het gedicht in de eregalerij – voor alle gedichten van de week klik op het bolletje met 3 puntjes rechts boven op de frontpage. dat het snel geen oorlog meer hoeft te zijn – dat – citeren we fotograaf lonneke – dat ‘die dictator uit Vodka’ zijn OORLOG stopt. u kent de regels: gedichten niet te lang svp tenzij noodzaak  – 20 regels is genoeg – insturen voor zondag 10 uur 30. stuur in op het u bekende gmail.com adres van pomgedichten@ – of benut de blauwe contact functie boven aan de pagina. of laat onder dit item een reactie achter -ik zorg er voor dat uw gedicht in het item wordt geplaatst. commentaar als altijd verzekerd.



Achter geloken ogen
 
Als ik mijn ogen sluit zie ik jou, jullie
zo onbevangen nog als zonen vaders omarmen
en moeders ten afscheid zoenen, harten breken
bepakt en bezakt de treeplank opgaan om
te belanden op terrein zo anders dan
het vertrouwde veld zonder palen waar
alleen voet en bal het doel bepaalden
 
een vlakte die een trap nageeft
alles wegvaagt – de warmte van vrouwen
oud en jong gelijk zoals een omhelzing kan zijn
er geen vree vinden, maar neerliggen
als handenvol aarde samen een heel
hemeldeel van een bijeengeraapte divisie
 
in het licht van een kille voorjaarszon
zonder schaduw op het kruis dat jullie droeg
waarop – in zwart op wit – alleen een paar
woorden van waarde, een naam een tijdspan
om de vrijheid op de nek te nemen
uit dankbaarheid en als dure plicht


– jazeker – tot samenleven
als ware broeders en zusters van liefde
als brothers in arms en sisters of mercy
onder de vlag van ‘de nood van de een
is de opdracht voor de ander’
 
05-03-2022 / Cartouche

het gedicht als een waar heldenepos beschreven – Cartouche pakt weer eens even uit in zijn verhalende maar zeer poëtische paraplutaal – als een paraplu de woorden gebogen over de scenes en situaties heen die we als lezer hier meemaken – en toch ook in een soort abstractie van het geheel waarbij de bedreigingen voelbaar zijn, het mededogen invoelend weergegeven en uiteindelijk neergelegd in een conclusie – bijna een opdracht in de laatste strofe.
zo ziet een dichter die voor even zijn ogen heeft gesloten.
soms zweef je bij de woorden van een gedicht even weg. Cartouche heeft er een handje van in zijn gedichten om dit zweven te bewerkstelligen
Hoi Pom,
 Hierbij mijn bijdrage voor “het paneel”, groet,
Merik


Drama

Deze dag in de lentezon
op mijn terras in Tuinpark Buitenzorg
 
Rozenknoppen zwellen,
koolwitjes wervelen rond appelbloesem,
 
Bettty danst op tonen van Ravels de Wals,
 
boort een geluid  in mijn hoofd:
Dommbass, Kiev,
Marionopoel,
Putler.
 
Laat ik nog een olijfje nemen,
een stukje stokbrood met Brie,
Betty aaien,
met jou klinken op vrede.
 
Merik van der Torren
1 maart 2022

zo heel anders deze poëzie dan die van Cartouche hierboven. waar Cartouche als het ware een droomwereld creëert beschrijft Merik heel nauwgezet de plaatsen , de dingen , de geluiden, het hondje en het olijfje. natuurlijk is het een selectie – zijn selectie der dingen. je kunt over 1000 dingen schrijven maar Merik kiest deze en voegt ze samen tot een gedicht. aandoenlijk ook.

Wanneer de tijd dat het nog kon
als klagen niet meer helpt
sommigen nog kans zien
om te vluchten, te vluchten
door as en sintels
in vervlogen illusies
over vergane grenzen
langs stuk geschoten muren
waar het druipt
van bloed en bodem


waar de poorten van verlangen
liefde, lust en luister
veranderde in tunnels 
van wreedheid zonder licht


zeg dat het onverantwoord
noem het slechte politiek
zeg dat het nergens op slaat
al die wijsheid: je bent te laat

Peter Posthumus


in een heerlijke gedrevenheid wordt hier bericht gedaan van de dingen die aan de hand (van de dichter) zijn. dat mooie – zeg! – in de laatste strofe – misschien bij de tweede keer zeg  – zeg me – schrijven om het nog persoonlijker te maken. om ook de onzekerheden bij de dichter te benadrukken. in zoveel ellende de dichterlijke schreeuw dat dit niet kan dat dit nergens meer op slaat.
Goedemorgen Pom, 
In deze trieste tijden komen ook gemengde herinneringen boven. 
Weekendgroet, Frans




Blokhoofd


Dit zijn de dagen dat ik 
meer dan ooit mijn vader mis
Blokhoofd bij de BB
– Bescherming Bevolking 
voor wie van net na de oorlog is –


welke oorlog – vroeg ik hem dan
als hij van een oefening thuiskwam
‘niet die oorlog tegen de Mof jongen
maar straks misschien een tegen de Rus
hopen van niet daar gaan we voor zorgen


dat we er goed klaar voor zijn 
met “wenken voor de bescherming 
van uw gezin en uzelf”
kijk bij nood maar in de bruine envelop
die hangt onder de trap in de kelderkast’


zoals wij nu klaar zijn met deze Rus
geen boodschap die zo duidelijk is
al is een handleiding ver te zoeken
gelijk bescherming tegen zijn oorlogsmisdaden
tot in de schuilkelders schiet die radeloos tekort


© FT 05.03.2022

frans schrijft zijn herinneringen op – zoals de dingen in de dagen van zijn jeugd existeerden. vader als de belangrijkste persoon  daarbij – die in tijden van het ijzeren gordijn in de tijden na WW2 – voor de vrijheid op kwam. de plaats van de handleiding en de tips ter bescherming een plaats gegeven in het gedicht. dat we weer weten wat oorlog was en wat oorlog is. weten we nu weer bij elk journaal. om de hoek.
 


als jij vechten moet
en ik zal vluchten
hoe gaat dat dan met ons
ons kind dat komt
zul je stralen als je terugkeert
ons in je armen sluit
of zijn je ogen  dof geworden
door wat je hebt gezien

gedaan
misschien
 
feb.2022
Ien Verrips


het gedichtje van Ien vorige week al besproken – een prachtige scene – een eenvoudige monoloog van een paar woorden om wat onmogelijk zal zijn om uit te spreken in een gedicht te vatten.
Beste Pom,
Ditmaal een muzikale bijdrage vanuit de thuisbasis van
het jaarlijkse Gergiev festival. Je weet wel, die kameraad
van Poetin. Dirigeert met een lucifer als baton. Ook grote
vuurtjes moeten klein beginnen.


Bekend van ‘le sacre du printemps’. Een vurig lenteritueel.
De ruwe bolster Valery was hier heel populair in sommige
kringen. Veel dames hielden het niet droog op de duurste
eerste rijen.
Feestje is inmiddels afgeblazen.
 
Door een Oekraïner met een schuiftrompet. 


Kop op
T. 



Het is lente
 
Sprak merel
het klonk ernstig
Zijn soort is ziek
net als mijn soort
 
doodziek
Vorig jaar zong hij
Vaughan Williams
The Lark Ascending
 
Kop op
covid gaat voorbij
Nu klinkt hij als de
Matthäus van Bach
 
gedirigeerd door
Valery Gergiev
Met een
luciferhoutje
 
Ton Huizer


dichter huizer is niet in een thema
te vangen – hij gaat zijn goddelijke eigen gang in de poëzie – en ergens komen de dingen toch bij elkaar. heer biedermann und die brandstifter was een werkje dat je op de middelbare school moest lezen van durrenmatt geloof ik – was die ook niet wat in de oorlog – nouja ik weet het niet – ook geen zin om op te zoeken. een gedicht waarin gestookt wordt. en altijd goed ton huizer voor een glimlach. hebben we meer dan ooit nodig.

 
 
we doen aan documenten
één woord per dag
één zin per week
dan heb je wel de zin die niet geschreven mag


na verloop van taal weet je dat het dezelfde zin is
dezelfde woorden zijn
dezelfde hond
dezelfde lege ogen op het bordes

pomwolff


ach laat ik mezelf eens recenseren – waarom ook niet. ik mag hem wel die wolluf. mooie beelden die wel bij de situatie passen – die lege ogen – die vreselijk lege ogen. ja inderdaad.

gaat u rustig door met schrijven meneer wolluf. het kan nog best wat worden met u.

De oude spoorlijn


Er werd geschoten in de tuin bij oma Looien
achter de struiken zag ik twee soldaten
een zat er op zijn hurken bij de heg
de andere liep hard weg en struikelde


Grote geweren hadden ze die heel hard knalden
ik hoefde niet naar school, mijn zusje wel
die was al weg voor de soldaten kwamen
een heleboel op grote vrachtwagens


Ze hadden helmen open maakten veel lawaai
ik werd een beetje bang en mama denk ik ook
want papa werd gehaald, helemaal achter van het land
die was nooit bang, hij lachte mee met de soldaten.


Ze mochten van hem op het erf bij de grote schuur
ze moesten eten voor ze verder gingen vechten
er stond een grote ketel met een kraantje op een jeep
een donker straaltje kwam eruit gelopen.


IJzeren kroezen hadden ze, sommigen slurpten
zij aten brood, alleen maar bruin met kaas en jam
wij aten net als altijd warm en papa ging gewoon
naar bed na het eten en sliep door alle herrie heen.


De jeep bleef staan, zij gingen naar de oude spoorlijn
voor ons huis, waar wij altijd soldaatje speelden
ze vertrapten onze hutten, verborgen zich in onze kuilen
renden gebukt door onze tunnels en schoten heel de tijd


Mama bleef alsmaar in de keuken en papa was alweer
naar het land gegaan. Ze noemden het een oefening
maar de geweren waren echt waarmee ze schoten
ik bukte achter het raam toch maar een beetje


Ik mocht niet mee toen ze mijn zusje op ging halen
ze werd erg boos en zei dat het geen echte oorlog was
toen ze weg was ben ik onder het tafelkleed gekropen
waar ik het grind rondom ons huis kon horen knarsen


Het was al donker toen ze terugkwam met mijn zusje
ze schoten in de lach toen ze me zo zagen zitten
het oefenen was voorbij, maar ik had niet durven kijken
ik had het niet begrepen, dat zij ook alleen soldaatje speelden


Anke Labrie
mei 2005
https://www.ankelabrie.nl/


een lang gedicht en de dichter  vol van herinneringen- de oprechte ervaring en gevoelens bij een kind – in voor een kind niet te begrijpen fenomenen. als je kinderen nu in die schuilkelders ziet dan is na lezing van dit gedicht  een beetje meer invoelbaar hoe ze zich voelen.
Rusteloos doel


Bloedbeton nagelt de dromen vast
listen van de krijger zwijmelen


vrede is het rusteloze doel
van de verdediger des vaderlands


de krankjorume strijder schiet
verkeerde wensen af op de wereld.


Rik van Boeckel
2 maart 2022

inderdaad een gedicht vol met rusteloosheid – rusteloze woorden – rusteloze gedragingen – iets van een tijdsbeeld vermoed ik zo weergegeven.

Pom, ik voeg dit gedicht buiten mededinging toe aan mijn gedicht Rusteloze tijd.
Groeten,
Rik


Tergende Tijd

Nu rusteloze soldaten oprukken
Russen de ViRussen achterna trekken
Poetin COVID moordzuchtig vervangt
breekt de Tergende Tijd aan
laat ze in colonne stilstaan
bij de Balalaika van Kiev
zodat de oorlog aan de boom hangt

Oe Oe Oekraïne laat het een mooi lied zijn
geen doden meer geen pijn
geen kernvenijn maar muziek zo fijn
laat het leugenachtig harnas verbrokkelen
de krankjorume strijder ten onder gaan
de Tergende Tijd stilaan verdwijnen

de Derde voorkomen toen ik elf was
op Fidels eiland later ritmes van liefde
gehoord geleerd en gespeeld
van Guacango tot Balalaika Clave
laat het ritme van de Tergende Tijd
uptempo wegkwijnen in geleden lijnen.


Rik van Boeckel
6 maart 2022


laat het – laat het – laat het asjeblieft weer van de muziek, van de klanken, en de ritmes, uiteindelijk van de liefde zijn. een min of meer uitgeschreven wanhopig verlangen uitgeschreven in drie strofen door Rik. de derde strofe met die terugblik op de geschiedenis toen de derde WO net aan werd voorkomen – boeit het meest.
Help ons Maria troosteres der bedrukten.

We komen maar niet samen
alles wat we willen zeggen
Sterft onderweg
zo kunnen we niet de wereld lopen.

We sliepen naast de zomer
hadden angsten, hoorden de kettingen
de roep achter de laatste huizen
En als we toch zouden kunnen vergeten
zal alles wat we schreven voor altijd
de geur hebben van spijt.

Omdat we nooit samen kunnen leven
omdat we gek zijn
omdat we alleen zijn
omdat er zoveel zijn.

Geraldine Caenen


die titel maakt alles kapot. weg met die moeder maria op deze site. maar ja dat kun je niet weten als je deze site voor het eerst bezoekt. het is hier een goddeloze bende Geraldine.  en zo willen we het ook graag houden daar helpt geen lieve moedertje maria aan – maar zonder die titel. vind ik het gedicht prachtig. bijna cartouchiaanse beelden – zie mijn  recensie bij Cartouche boven in. soms zweef je bij de woorden van gedichten even weg. Cartouche heeft er een handje van in zijn gedichten dit te bewerkstelligen. jij hier ook! mooi! die gekozen wij vorm ook prachtig.
Zadkine

aanschouw mij
zie in mij de leemte
hoe ik tors of buig
gelang de zon van de dag
buigzaamheid stoelt in mij 
kentering
smijdig ben ik
–         voor het oog

schreeuw, schrijf maar blijf
in dit barre land
met de voeten in scherven
tot nooit meer
zo hard een hart
uit een stad slaat


tot nu toch weer
sterven


—
Vriendelijke groeten,  Gerben de Ruiter

een oorlogsmonument in woorden van dichter de ruiter – de verwoeste stad –  de bijna gebroken armen naar de hemel uitgestrekt – inderdaad KIEV is ook aanschouwen schreeuwen scherven en sterven.
Over kosmische poëzie gesproken. Dit gedicht heeft in mijn archief volgnr. 88
 
mulisch baby – ich habe angst

bij de buren slaat de klok
het uur onrust – even verderop
schreeuwt een moeder heil hitler
bij het ochtendorgasme

pas in de middag wordt ze anti-duits
eerst moeten ze nog de hond afknallen

ja er ligt een mooie dag
in het verschiet

ml

een treffende klassieker ingestuurd door max. die mooie dag die in het verschiet ligt als cynisch hoogtepunt gegeven voor de lezer maar eerst moet er nog even wat gebeuren – hahaha – zo zie je dat de dichter ook de humor inzet bij het beschrijven van een poëtische werkelijkheid.
Hoi Pom,

Hoe onbewust ook, ik heb de 2de WO van zijn begin af meegemaakt. Het komt allemaal sluipend binnen, voor je het weet zit je er midden in. Het is onbegrijpelijk dat de mensheid hier steeds weer in tuint. Hier mijn bescheiden bijdrage.


Heb het goed, groet van jako.



zonder titel

bij nachtlicht las hij machiavelli
paste in gedachten spreuken toe

zo verschoonde hij oorlog
als noodzaak voor vrede, greep
zijn bezeten geest naar macht
werd hij van spion tot heerser

men liet hem groeien, verzaakte
het krankzinnige in zijn wezen
in de kiem te smoren

nu blaast hij licht uit
als een kind verjaarskaarsjes


jako fennek

een mooie dichterlijke helikopterblik op het tragische gebeuren in het oosten – hoe ze zover kunnen komen dat ze onvoorspelbaar zijn in het doen. wijze woorden van Jako in het begeleidend schrijven – dat het sluipt en dat je er zomaar midden in zit.
Oefenen met de nieuwe taal 

zondagmorgen op de rug gelegen 
lome lijven bij ons, rennende voetjes 
bij de buren, een goederentrein passeert 
aan het eind van de straat 

in de spiegel de gordijnenrij 
die lijkt door te gaan tot het eind 
der tijden, maar op een dag ging-ie 
open, en nu misschien weer dicht 

de rozet met plafonnière 
doet me ineens overdreven 
groot aan, een steen in het water 
die de grillige plafondbarst bedreigt 


Hartelijke groet, Anna Eikelboom Post

dichter Anna Eikelboom is mij niet bekend. welkom. ‘op de valreep’ schreef ze. achter onbekende namen schrijven vaak bekenden die onbekend willen blijven. maar het ingezonden gedicht mag er zijn. het huiselijk tafereel dat toch op poëtische wijze in een licht van bedreiging wordt gezet in de laatste strofe. doemaars ‘als de bom valt’ lijkt dichteres daar op poëtische wijze te beschrijven.

Share This:

pomgedichten feliciteert de dichter FRANS TERKEN

pomgedichten feliciteert de dichter Frans Terken met zijn verjaardag en van harte. Frans schrijft regelmatig voor genoemde site. zijn poëtische bijdragen waarderen we elke keer weer opnieuw, gelet op de permanente kwaliteit – al jaar en dag. ook persoonlijk wens ik frans een mooie dag, een mooi jaar met vrede.

Share This:

Merik van der Torren met een hommage voor de overleden Hetty Nung: ‘Over de bladeren op  de paden gaat ze op naar de zon.’

Over de bladeren op  de paden
gaat ze op naar de zon.

Hoi Pom,
Hierbij een hommage voor Hetty Nung, een tuinder in Buitenzorg die enige tijd geleden is gaan hemelen, groet, Merik
 




Voor Hetty

Ze loopt weer in Tuinpark Buitenzorg,
 
buurvrouw Hetty met haar lach.
 
Ze ziet de brandnetels,
de gevels met klimop,
het hout in de tuinen,
hoort het geroep,
gekir en gehijg
 
en ziet dat het goed  is.
 
Over de bladeren op  de paden
gaat ze op naar de zon.


Merik van der Torren

Share This:

pom wolff – …zie ze vliegen met de polder nog aan hun poten…



ik heb er geen zin meer in
adoreer de vogels
hoor ze
zie ze
vliegen met
de polder nog aan hun poten
 
geen zin meer in
ziektes inslagen
en verderf
ik wil die polder ook
de polder in
de polder aan mijn poten
 
weer zo’ n ochtend
waarin alleen de vogels
in mijn hoofd
bedoel ik
ver van iedereen
en alles
 
pom wolff

Share This:

terwijl men voorzichtig spreekt over een begin van worldwar3 dicht onze dichter Ditmar Bakker lustig voort: ‘Ze kende een manier de geest te doven,…’

VII.

Ze kende een manier de geest te doven,
verlossing van verzorging als emplooi;
er lag decente redding, als van boven,
in ’t maken van wat lelijk was weer mooi:
de zwartberoete ketels, die steeds weer
zo lang boven het vuur hadden gebrand;
kranen en kandelaars, zo groenverweerd
dat je ze maar blijft schuren; chic als kant
doen rokjes van papier de lades kleden;
nieuw vaatdoek in de hoeken van de zinken
goot, pannen poetsen totdat ze weer blinken,
en als de nacht valt, pijnlijk rug en leden
en nieuw de keuken, stralend als een weide,
een annonce, te mooi om een diner in te bereiden.


Ditmar Bakker

tsja misschien kan ze het achter haar laten

Share This:

Peter Posthumus: geen plaats voor honden op pomgedichten punt nl


Een neus die fris en rond is
als dat geen hond is
overal ziet ie wat
altijd wil ie dit of dat
kom op baas, kop op
laat die koffie staan
we gaan

anders gaat m’n poot omhoog
en hou je het niet droog
vrolijk tot op het bot
want alles kan kapot
paspop dat ie in je been
een bot vermoed
met daaraan nog 
wat vlees en bloed
z’n verjaardags wens:
rauw vlees met gekookte pens


en hun baasjes?
lijken op den duur
meer op hun hond
dan op een mens

Peter Posthumus

Share This:

terwijl een kilometerslang russisch konvooi oprukt naar Kiev dicht onze dichter Ditmar Bakker lustig voort..: ‘Wie zet nou frisdrank híer? Dáár suiker? Hei?…’

VI.

Ze opende de kelderdeur, wat aarz’lend,
stapte de keuken in, en zag het spoor
daar op de vloer van modderige laarzen;
een stapel aan pakketjes stond ervoor
op het aanrecht; ze knipte heel voorzichtig
de touwtjes door, vouwde de tassen, met
beleid, voor kinderogen evenwichtig
en of ’t eenvoudig was, opengezet.
Zo simpel, saai, gerieflijk dit karwei,
en tevens zo verraderlijk bekend
dat zij toch vragen stelde op het end:
Wie zet nou frisdrank híer? Dáár suiker? Hei?
Toen brak de droom. Stil pakte zij een dweil,
prikte de bon op de bekende spijker in de stijl.

Ditmar Bakker

Share This:

Peter Berger op de maandag: ‘…hoor zijn ruggengraatloze lichaam weerloos week tegen de muur kletsen…’

Clickbait. Steeds weer diezelfde droom. Altijd. Je bent er, maar je bent het vergeten. Mensen kennen je. Maar jij kent niemand. Er kruipt een wit wormachtig wezen uit je hiel. Wild kronkelend zodra je ernaar grijpt. Contractie. Expansie. Het kreng voelt slangachtig droog aan, bijna glad als fotopapier, en laat een perfect rond donkerpaars gaatje achter. Midden in je voetzool. Mooi. Ik zie het. Een kleverig bloedspoor dat langs je achillespees omhoog druipt.

Het monster kijkt me sissend aan. Het bindt zich om mijn vingers. Het bijt zijn tandeloze beten. Ik slinger het ding radeloos de duisternis in en hoor zijn ruggengraatloze lichaam weerloos week tegen de muur kletsen. Splash! Ik ruik het. Hopeloze stilte. Misschien.

In mijn vlees is een put gevreten. Vol met kleverige gele gelei. Het ziet er bitter uit maar smaakt naar bloemen in zeep. Naar mescal. Jij bent er om te troosten. Je streelt mijn rug en je handen kroelen mijn haar. Gisteravond nog speelden we in het theater. We waren sterren. ‘Werk voor deze nutteloze handen,’ fluistert ze. ‘Bij de geboorte had je geen naam. Je moeder heeft me voor de gek gehouden. Ik was waarschijnlijk dronken toen ze ermee begon. Ik zal eerst de juiste maat moeten nemen.’ 

Haar afbeelding stort in bij de eerstvolgende klik. Ik droom over het instituut voor plastination. Körperwelten. Carrosserieën. Gorilla’s. Iemand kotst een sliert van rijmwoorden. Het klinkt hol en loos als uit de mond van een voor eeuwig dolende dichter: ik zie het allemaal niet meer zo helder, maar als we zo doorgaan gaan we finaal naar de kelder. We dissen en we haten als een stel banale fanaten zonder echt met elkaar te praten. Ook al ben ik een melkmuil, ik maak van mijn hart geen moordkuil en declameer de tekst op mijn grafzuil totdat ik hulpeloos bloed huil:

Er is altijd hoop.
En snapchat.


Peter Berger

Share This:

terwijl de wereldvrede nucleair wordt bedreigd dicht onze dichter Ditmar Bakker lustig voort… ‘de grutter die zij kende kwam naderbij. Haar hart sloeg over…’

V.

Ze hoorde ’n busje stoppen voor het huis,
de voetstap van de grutter die zij kende
kwam naderbij. Haar hart sloeg over, ruis
werd het, als bij ’n geschrokken kip; ze rende,
schoof de grendel weg—dan kon hij vrij werken,
verstopte zich ter kelder tot hij ging,
hijgend, en hopend dat hij niets zou merken
van de -door haar vluchtige aanraking-
wiegende stoel. Door ’t vocht, de lucht beneden
verrees in haar die welbekende kou;
ze zag de houten trap zich eng en nauw
de aarde instorten, waar zout de treden
vol kieren vrat; en tot ze hem weg wist,
bleef staan, al luist’rend, kijkend naar een sinaasappelkist. 

Ditmar Bakker

Share This:

MAX LEROU wint de enige echte virtuele laten we  in deze dagen maar van de liefde zijn- trofee op pomgedichten punt nl – Frans Terken zilver, Cartouche brons, Ien Verrips de vermelding

bij webmaster komen drie/vier gedichten erg binnen.  dank natuurlijk aan alle dichters die instuurden en de zondagochtend tot een poëziefeest maken – toch de Nikita van Cartouche – met name de laatste twee strofen dus van het ingestuurde gedicht. een gedicht bezegeld met een vredeskus verdient eremetaal – brons. de handreiking van dichter Frans Terken die poëtische deuren opent voor een ieder die de vrijheid zoekt – een prachtig gedicht deze week bekroond met zilver. goud deze week voor het theater Max Lerou. onder zijn  gedicht leest u waarom. geven we Ien Verrips een eervolle vermelding voor het kleine tafereel – een miniatuurtje tegen barbarisme. van harte allemaal.

Vanavond in dit theater
 
Het spokenuur markeert de poort waardoor
ik westwaarts langs de bloedlijn trek
stroopsoldaatjes tegemoet.
 
Het loopt gesmeerd de sleutel draait
op volle toeren alle gaten dicht.
 
Mocht ik een god zijn, ik zet seizoenen
naar mijn hand, creëer wat ruimte in de tijd
om de dag met herfst te kleuren.
 
Voorzichtig zal ik blazen, net voldoende wind
waarin je dan je hoofd kunt baden.
 
Paradijs weten in de werkelijkheid.
Jawel. Ik doe mijn best maar geluk
is gevaarlijk. Vraag het Kopland.
 
Nirwana ligt nog zeker op een lichtjaar reizen.
Je zou ook kunnen stellen dat ik een sukkel ben.
 
Je voelt ik smeer melancholie. Het visje schiet
weer alle kanten uit. Het water is brak.
De tuin der lusten een romantisch prieel meer niet.
 
ml


Paradijs weten in de werkelijkheid.
Jawel. Ik doe mijn best maar geluk
is gevaarlijk. Vraag het Kopland.


roep ik uit tot de strofe van de week. komt in ieder geval bij mij binnen op hoogste sport van mijn poëtische ladder. ach iedereen kent zijn eigen afwijkingen – die van mij is nu eenmaal die van de poëzie. en zie hier hebben we te maken met poëzie. met de onmogelijke wetten van de poëzie die tot de gewoonste zaak van de wereld behoren. een wereld waarin wahrheit und dichtung zo onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn dat zij een werkelijkheid op zich vormen. in die werkelijkheid lezen we de dichter lerou. in dat theater zijn woorden.
 
Handreiking

Hang voor het raam van alle kamers
het geel van de zonnebloem
onder het blauw van heldere luchten

maar drijf eerst de kruitdampen uit
dat de vredesduiven er niet in stikken

en zet de deur wijd open
voor ieder die een veilig thuis vraagt

omgord wie binnenkomt met liefde
dat je elkaar vasthoudt door alle strijd heen

hoe dan hand in hand
tot diep in de ogen

monden zo sprakeloos
die elkaar vinden


© FT 26.02.2022

in deze dagen de handreiking aan de vluchtelingen die huis en haard verlieten – moeders en kinderen – de mannen bleven achter om te vechten –
 
‘zet de deur wijd open
voor ieder die een veilig thuis vraagt’
 
zo begrijp ik de woorden van dichter frans terken.
een oproep, een constatering, een handreiking.
zo staan duizenden en duizenden moeders en kinderen aan de grens.
het is verschrikkelijk.
  • FRANS TERKEN: voor ieder die een veilig thuis vraagt…
  • TON HUIZER: Klompvoet uit het knellend leer – Dank u wel ik hoef niet meer…
  • GERBEN DE RUITER: bom of geen bom
  • ANKE LABRIE: liefde stopt niet
  • DITMAR BAKKER: en door het raam keek, dicht tegen het glas, de blauwe nacht.
  • CARTOUCHE: ach – laat ons toch aanstonds met rode ogen nog eenmaal in stilte optrekken
  • MAX LEROU: Ik doe mijn best maar geluk is gevaarlijk. Vraag het Kopland.
  • ERIKA DE STERCKE: het lijkt of mijn hart in een tijdloos afscheid valt 
  • RIK VAN BOECKEL:  moeder vindt haar kind achter de grens van verzet
  • IEN VERRIPS:
lang nagedacht over een thema passend in deze barre tijden
van oorlog, bommen, schuilkelders en misdaden. en toch gevonden:
ergens tussen die puinhopen daarachter in een schuilkelder dook ze op –
de liefde – liefde tussen twee mensen die door alles heen hoopten
op een toekomst zonder bommen en granaten –
laten we  in deze dagen maar van de liefde zijn:  wie wint de enige echte virtuele
laten we  in deze dagen maar van de liefde zijn- trofee op pomgedichten punt nl?
u kent de regels: gedichten niet te lang svp tenzij noodzaak  – 20 regels is genoeg – insturen voor zondag 10 uur 30. stuur in op het u bekende gmail.com adres van pomgedichten@ – of benut de blauwe contact functie boven aan de pagina. of laat onder dit item een reactie achter -ik zorg er voor dat uw gedicht in het item wordt geplaatst. commentaar als altijd verzekerd.


 
het moet mij toch ook een keer lukken
een liefdesgedicht
 
iets van lentezon en zacht
van in de war en veel te veel
 
om ergens tussen hemel en aarde te zeggen
ik kan niets meer zeggen
 
anders dan hier is mijn hand
en ga mee ga mee
 
 pomwolff
 
Dag Pom,
Duistere tijden. Virussen en psychopaten. Duizend bommen en granaten.
Je kent me. Buiten mededinging, want te lang en thema – net – niet
gehaald. Lag aan haar dit keer… 
Dikke pech, maar wellicht toch bruikbaar voor een milde glimlach bij de
zondagochtendkoffie.
Prettig weekend,
Ton


Liefdesleed

Menukaart
schaars verlicht
Rekening
weer opgelicht
Zoengedoe
niet echt een feest
Tandarts
lang niet langs
geweest
Haarlak
op mijn beste pak
Naar haar huis
het vlees is zwak
Liefdesnest
flink uitgewoond
Beddengoed
lang niet verschoond
Proefballon
hopelijk niet lek
Doe wat
aan die moedervlek
Klompvoet
uit het knellend leer
Dank u wel
 
ik hoef niet meer
 
Ton Huizer


dichter ton huizer schreef het gedicht en zijn eigen recensie daarbij. een recensie die ik van harte onderschrijf – en zeker is daar ook mijn milde en dikke dikke glimlach bij de
zondagochtendkoffie. de slotpassage is werkelijk briljant en laat hier webmaster zeker uit zijn stoel rollen – uiteraard  tot het moment dat er weer over een volgend bombardement wordt bericht op kiev.

 
 
Klompvoet
uit het knellend leer
Dank u wel
 
ik hoef niet meer


 
 
kind
kelder
kiev

bom of geen bom


—
Gerben de Ruiter


dichter de ruiter geeft stof/ woorden om na te denken – een soort meerkeuzeformulier – allitererend – maar voor het zelfde geld is het geen meerkeuzevraag en de beschrijving van een barre en onaanvaardbare waarheid.

liefde stopt
niet
bij jou en mij
onze kinderen
onze familie
onze buren
onze vrienden
onze landgenoten
 
liefde zou grenzeloos kunnen zijn
als we maar met z’n allen
 
als we dat eens konden
 
anke labrie
26-02-2022


anke schrijft in een wensvorm – bijna tegen beter weten in – in deze tijd – de woorden lijken te stokken in de laatste  twee regels die niet zijn afgemaakt – ‘als we als we’ – een dichterlijk geluid – een verstilde schreeuw – bij de werkelijkheid van genadeloze en  harde bominslagen
IV.

Gelijk een vis krulde de witte bast
de sintels op, rook vulde het vertrek.
Ze knielde, blies; een gloed in háár alvast
die warmte vroeg. De as, uit slaap gewekt,
dwarrelde omlaag–maar geen mager vuur
brak uit; het hout was door de regen nat.
Zij liet haar hoop al varen, en secuur
(terwijl ze dacht hoe zij zich vergeefs had
gekweten van iets derg’lijks, vroeger dan)
op koppig kooltjes al haar adem blazen,
ze hief haar borst omhoog en deed het razen
uit haar lijf: daar ontstak een kleine vlam!
De helhond vloog meteen op in de schacht,
en door het raam keek, dicht tegen het glas, de blauwe nacht.

Ditmar Bakker


Ditmar schenkt ons het vierde deel van zijn serie ingezonden werken lees bij de items hieronder  de eerste drie delen. hoe de wereld ook ontploft de dichter dicht zolang het kan nog – genieten we van die prachtige wereldregel – slotregel – een beeld dat zij die in de schuilkelders van een brandende dor ontploffingen oplichtende wereld moeten vertoeven niet meer kunnen waarnemen.

‘en door het raam keek, dicht tegen het glas, de blauwe nacht.’



Landkaart
 
Honderd jaren lijden, eeuwen eenzaamheid
buik- en hoofdwonden, “vechten – wordt gezegd*
is de grootste vreugde te beleven met je broek aan”
 
dat mannen van vechten houden en vrouwen
van mannen die vechten“, stormlopen
in plaats van in stelling gaan, het gaat
nooit over, hongerzucht en oorlog
een oorlam voor alle zonden
 
maar ach – laat ons toch
aanstonds met rode ogen nog eenmaal
in stilte optrekken, jij uit oost, Nikita en ik
uit west, naar Lviv en Brest-Litovsk
– zoveel dichterbij dan Benidorm –
 
elkaar daar treffen, de sneeuw
uit de ogen wrijven – onze
gesprongen lippen likken
in een lieve vredeskus


26-02-2022 / Cartouche

(*Martin van Creveld)


een soort poëtische wanhoopswens  – (‘maar ach laat ons toch..’ ) hier wel uitgeschreven tot aan het zoenen met Nikita toe – Cartouche hakt zijn gedicht in twee – de ellende in strofe 1 en 2 en het zachte zoenen in de strofen 3 en 4. een fijne zoen dat moet gezegd.



voor altijd


hoe het geweld sprongen maakt
over muren van afstand 


bombardementen brengen
verradende lichtbundels 


tussen een wachten zonder hoop
liggen jouw woorden 


het lijkt of mijn hart in een tijdloos
afscheid valt   


wat achterblijft is onze snikkende 
glimlach


Erika De Stercke

 deze week krijg ik de indruk dat het wit tussen de strofen de lange denkpauzes zijn die dichteres neemt om de volgende strofe te formuleren. alsof erika tijdens het schrijven van haar gedicht steeds weer even de beelden van het oorlogsjournaal toe moet laten – en daar duikt dan plotseling ook nog de geliefde uit een verleden op – voor altijd voorbij.
 
Het gegeven lot

In elk harnas leven wij
van leugen tot waarheid
de levenslijn spinnend

we dansen zingen het lied
van het groene licht
het wakkere drama in zicht

moeder vindt haar kind
achter de grens van verzet
onthult het gegeven lot.


Rik van Boeckel
27 februari 2022

de dichter beschrijft de lotsgebondenheid van de mens – zichtbaar gemaakt in een beeld van moeder en kind in de laatste strofe – de verwijzing in de tweede strofe naar het groene licht – begrijp ik niet – maar ja een mens kan niet alles weten.
als jij vechten moet
en ik zal vluchten
hoe gaat dat dan met ons
ons kind dat komt

zul je stralen als je terugkeert
ons in je armen sluit
of zijn je ogen  dof geworden
door wat je hebt gezien

gedaan
misschien
 
feb.2022
Ien Verrips


een in eenvoud geschilderd tafereel – hoe de daden in een oorlog een even lang beheersen – in zwijgen wellicht – of zoals dichter schrijft: dof kunnen ogen – ik houd van kleine taferelen bij zaken zo groot en moorddadig die we nauwelijks meer kunnen begrijpen.

Share This: