
Rond mijn vroege pubertijd ontpopte ik me tot een soort hardrocker. De muziek sprak me aan en ik trachtte me geheel tegen de wil van mijn ouders in te kleden als een echte metalhead. Dat ging nooit helemaal zoals gewenst. En ik was in het donker ook nog eens bang voor de elpeehoezen van Iron Maiden. Uiteindelijk heb ik dat persona losgelaten, zodat ik me beter in kon passen bij de lokale hangjeugd op het dorp. Het leidde er wel toe dat mensen tot op de dag van vandaag denken, dat ik van metal muziek houd.
Bij mijn nieuwe vrienden moest ik stoer zijn. Gezien ik dat niet was en ook niet participeerde in de stoere sport van het voetbal, besloot ik me een vechtsport aan te meten. Muay Thai klonk goed en beviel me ook. Maar ik was er echter niet goed in en miste het echte vechtershart. Toen mijn schouder chronisch uit de kom bleef vliegen, was het einde van mijn vechtsport carrière bereikt. Ook deze persoonlijkheid kon ik weer vaarwelzeggen. Toen mijn zoon hier echter van hoorde, steeg ik wel in zijn aanzien.
Toen ik in Breda woonde heb ik nog een tijdje geprobeerd om op een skateboard te rijden. Maar net als bij schaatsen, ging me dat maar heel matig af. Het bijbehorende graffiti maken beheerste ik ook maar matig. Deels door gebrek aan ervaring, deels door het missen van een intrinsieke motivatie om de hele dag te zitten schetsen. In ‘het wereldje’ heb ik echter nog steeds vrienden die me als een soort fenomeen kennen. Het is raar hoe dat aan je blijft plakken.
Toen ik eenmaal wat ging verdienen heb ik nog een fase doorgemaakt, dat ik elke dag in pak liep. Dat was naar aanleiding van een boek van Herman Brusselmans, waar een wodka drinkende mogol in zat, die er ook altijd netjes bij liep. Dat heb ik vrij lang volgehouden, tot ik me bijna dood dronk en het erbij lopen zoals ik deed en het karakter, dat ik na-aapte hun glans wel goed verloren hadden.
Op een gegeven moment ben ik als podium dichter en verhaaltjes schrijver aan de slag gegaan. Ik heb een gezin gesticht een huis gekocht en ben eindelijk dicht bij mezelf. Een heel gewone man, met een beetje afwijkende hobby. De enige twijfel die me bekruipt is, of dit wel echt is. Zijn dit niet weer gewoon weer een paar van de zovele persona’s die ik de afgelopen jaren doorlopen heb. Een toneelspeler, die er een eind op los improviseert, zonder een idee te hebben, wat de verhaallijn zou moeten zijn? Een slechte acteur, die enkel goed is in mythevorming.
VON SOLO
DICHTER, COLUMNIST, PERFORMER EN CINEAST
Check de actualiteiten van VON SOLO op www.vonsolo.nl
Lees ook de wekelijkse column van VON SOLO op www.POMgedichten.nl





















