Horatius schreef het al: […] wees wijs, klaar de wijn en zet je toekomstdroom af tegen de korte tijd die je gegeven is. Terwijl wij praten is de jaloerse tijd al gevlogen: pluk de dag en reken zo min mogelijk op morgen. De werken beumkes worden met de week voller, poëtischer, wellustiger. een heerlijk begin van de loodzware week die we allemaal weer zullen moeten bestaan. maar met de beum kunnen we in ieder geval de maandag aan. we lezen een mix van natuurlijke elementen en dagelijkse dingen waarbij zij algemeen menselijke zaken altijd weer liefdevol opvoert. zelf ziet dichter graag het youtube filmpje liever prominent getoond – wij van hier kiezen voor een meer prominente plaats voor haar poëzie.
Carpe Diem
Ik beloofde je een beetje maan warme lieveheersbeestjes, eekhoorntjes met warme wantjes, een hut van wilgentenen en oude kranten en ’s winters wonen in een oude blokkendoos.
Ik zag je lach en beloofde meer een keulse pot, kabouters en elfen met lange puntoren en altijd blij.
Ik vouwde fragiele bootjes verzon een zee waarop het dragelijk varen was,
Nu heb ik een tas vol fotòs en een roze maillot
jij hoeft jezelf niet meer te bewijzen lief, dit woord moet open blijven.
ik kondigde het al aan lieve lezer – de zo open minded dichter willem adelaar is snel op zijn gevoelige teentjes getrapt. hij heeft hulptroepen ingeroepen en heeft uitgehuild bij de hier zeer wel bekende dichter gérard vromen. alles mag op pomgedichten – uithuilen en opnieuw beginnen. kleinzielig doen mag ook – zelfs eenvoudig fröbelwerk mag aangeleverd worden – al hebben we er wel wat commentaar op natuurlijk. ik schreef gérard na zijn lelijke scheldpartij het volgende:
Beste Gérard, hierbij een vriendelijke groet uit uw hoofdstad. laten we het bij het onderwerp houden: dichters die aan grootheidswaanzin lijden/leiden – zal het in het brabantse zijn – en elk eigen frutsel als hoogwaardige kunst beschouwen mogen best een keertje lezen dat de fröbelfase voorbij is. daar gaat het om bij die Willem Adelaar en trouwens ook bij Jaap Montagne : ‘dichter is nu aan het plakken en knippen geslagen een kartonnetje hier en een papiertje daar én ja hoor de onnavolgbare kunstwerkjes zijn al weer klaar…’
deel 1 geniet u hieronder:
de dichter adelaar sprak mij enige tijd geleden aan – hij wilde niets meer tegen mij zeggen. dat is een goed recht van elke dichter – komt bij daar in eindhoven – je verstaat ze toch al niet – dus dat schiet lekker op. ik was nieuwsgierig naar de reden van de boosheid van deze dichter. ik had een opmerking gemaakt begreep ik bij een enkel gedicht en die opmerkingen waren in willems verkeerde keelgat geschoten. zoiets. waar je ook komt in brabant willem is aanwezig. voor die 10 mensen die het werk van willem niet kennen en zijn optreden hierbij een korte karakteristiek. willem doet naar goed brabants gebruik in het openbaar wat taalgrapjes en kijkt dan naar de hemel met lichtblauwe ogen – dat houdt ie 2 minuten vol om vervolgens met een lichte glimlach op de lippen – halfschuchter en licht schuddend het publiek aan te kijken met een blik van – dat heb ik toch maar weer weer mooi voor jullie bij elkaar gedacht. vervolgens doet ie nog 10 keer hetzelfde en loopt verguld van zichzelf het geboden podium af. was het daar maar bij gebleven lieve lezer. megalomaan heeft de dichter zich geworpen op de beeldende kunst. als een ware jaap montagne in de serie adelaar knipt en plakt ie dat het aan het plafond kleeft. en de toeschouwers moeten van de dichter vooral aai en ooi – ja en mooi roepen. maar zeg je – nou nee voor mij hoeft dat geknutsel niet – dan heb je het gedaan. een en ander leidde tot het volgende gedicht:
in de serie grootheidswaanzin majesteit (oftewel eindhoven boven!)
de vaak zo eigenzinnige dichter willem adelaar (W.A.) uit het altijd weer zo mooie eindhoven is – dat moet gezegd – nogal snel op zijn o zo gevoelige teentjes getrapt
majesteit deze willem is geen gewone willem – zoals u zelf wel altijd tracht te wezen gelijk uw moeders diepste wens in uwes eigen diepste eigenheid
neen majesteit deze willem is een wonderkind wel is waar naar eigen zeggen
en ziet ze vliegen de hoge kunsten tegemoet wederom naar eigen zeggen hoger dan uw koninkrijk
dichter is nu aan het plakken en knippen geslagen een kartonnetje hier en een papiertje daar én ja hoor de onnavolgbare kunstwerkjes zijn weer klaar
de dichter adelaar sprak mij enige tijd geleden aan – hij wilde niets meer tegen mij zeggen. dat is een goed recht van elke dichter – komt bij daar in eindhoven – je verstaat ze toch al niet – dus dat schiet lekker op. ik was nieuwsgierig naar de reden van de boosheid van deze dichter. ik had een opmerking gemaakt begreep ik bij een enkel gedicht en die opmerkingen waren in willems verkeerde keelgat geschoten. zoiets. waar je ook komt in brabant willem is aanwezig. voor die 10 mensen die het werk van willem niet kennen en zijn optreden hierbij een korte karakteristiek. willem doet naar goed brabants gebruik in het openbaar wat taalgrapjes en kijkt dan naar de hemel met lichtblauwe ogen – dat houdt ie 2 minuten vol om vervolgens met een lichte glimlach op de lippen – halfschuchter en licht schuddend het publiek aan te kijken met een blik van – dat heb ik toch maar weer weer mooi voor jullie bij elkaar gedacht. vervolgens doet ie nog 10 keer hetzelfde en loopt verguld van zichzelf het geboden podium af. was het daar maar bij gebleven lieve lezer. megalomaan heeft de dichter zich geworpen op de beeldende kunst. als een ware jaap montagne in de serie adelaar knipt en plakt ie dat het aan het plafond kleeft. en de toeschouwers moeten van de dichter vooral aai en ooi – ja en mooi roepen. maar zeg je – nou nee voor mij hoeft dat geknutsel niet – dan heb je het gedaan. een en ander leidde tot het volgende gedicht:
in de serie grootheidswaanzin majesteit (oftewel eindhoven boven!)
de vaak zo eigenzinnige dichter willem adelaar (W.A.) uit het altijd weer zo mooie eindhoven is – dat moet gezegd – nogal snel op zijn o zo gevoelige teentjes getrapt
majesteit deze willem is geen gewone willem – zoals u zelf wel altijd tracht te wezen gelijk uw moeders diepste wens in uwes eigen diepste eigenheid
neen majesteit deze willem is een wonderkind wel is waar naar eigen zeggen
en ziet ze vliegen de hoge kunsten tegemoet wederom naar eigen zeggen hoger dan uw koninkrijk
dichter is nu aan het plakken en knippen geslagen een kartonnetje hier en een papiertje daar én ja hoor de onnavolgbare kunstwerkjes zijn weer klaar
De dichter Frans Terken wint deze week het goud met een eerbetoon aan de zangeres zonder naam – in Leiden geëerd met een tentoonstelling in the old school. met een persoonlijk gedicht raakt vandaag Frans de harten van de lezer. van harte!
Alle lucht is uit het lijf verdwenen na zonder naam ben ik ook zonder stem om het lied van het leven te laten horen ik ben van alle kleuren ontdaan
maar zie dat er genoeg zwarte schijven zijn waarop mijn gezang is vastgelegd alle nummers verzameld van begin af aan voor wie mij vandaag nog wil horen
zonder stem nog maar niet gebroken zoals het bij leven was ik vocht voor een beter bestaan dan ik in tijden van armoede had
hoe ik van lief en leed stond te zingen liedjes voor het leven bewaard dat je ze nooit vergeet nog in geen honderd jaar
FT 03.08.2019 Goedemorgen Pom,
Het gedicht dat ik bij ‘inloggen’ geplaatst heb, is opgedragen aan Mary Servaes-Beij, van wie het a.s. maandag de 100ste geboortedag is. Ze wordt met een mooie tentoonstelling in Old School in Leiden herdacht deze maand. Goed weekend! Frans
een eerbetoon in de serie de limburgse Mary Servaes – ons aller zangeres zonder naam – volkszangeres zonder weerga – alleen hazes senior trad in haar voetsporen. het levenslied in optima forma klinkt ondanks de dood van de betrokkenen nog overal door van limburg via amsterdam en mexico tot aan groningen. frans terken geeft er woorden aan in een kader van de tentoonstelling te leiden vanaf heden te bezichtigen: “Goedemorgen Pom, Het gedicht dat ik bij ‘inloggen’ geplaatst heb, is opgedragen aan Mary Servaes-Beij, van wie het a.s. maandag de 100ste geboortedag is. Ze wordt met een mooie tentoonstelling in Old School in Leiden herdacht deze maand. Goed weekend! Frans” mooi initiatief, prachtig gedicht – met hele persoonlijke regels: ‘ik ben van alle kleuren ontdaan..’ – in het gedicht ‘zonder mij’ lezen we een heel persoonlijke frans terken – dan schiet de dichter terken wat mij betreft meteen door richting hart van de lezer. dan verenigt frans het dichterschap met een persoonlijke emotie en lees ik hem zo het liefst.
LIED VAN DE UNITARISTISCH-GEKOOIDE VOGEL
Je bent lelijk, lelijk, lelijk, als een eend of de nacht
Je bent lelijk, lelijk, lelijk, al mag zo’n vogel nog geslacht.
Elke vent, of jong, of ouder, en om ’t even waarzo
Zingt dit lied over mijn schouder en het gaat fortissimo;
‘k Hoor ze zeggen “’t is een neger,” en ze schelden me uit
Was ik iets minder integer, nou dan haalde ik wel uit.
Je bent lelijk, lelijk, lelijk, als een eend of de nacht
Je bent lelijk, lelijk, lelijk, al mag zo’n vogel nog geslacht.
In de avondzon oranje, met de lucht zo rood als bloed,
En gekooid als immer, kan je horen zingen, bitterzoet.
Slechts gedachten als een vlinder zeggen mij ‘binnenkort
Heb je andersoortig hinder omdat je nagefloten wordt’.
Je bent lelijk, lelijk, lelijk, als een eend of de nacht
Je bent lelijk, lelijk, lelijk, al mag zo’n vogel nog geslacht.
Op een mooie dag der kerke, toen ik om verlossing bad
Zag ‘k de meute weer bemerken dat ik een ander teintje had.
Maar de knapste onder vromen schreed me langzaam voorbij
Heeft wat twijfels weggenomen: het kind zei tegen mij
Je bent mooi, zo mooi, zo mooi, net een panter bij nacht!
Je bent mooi, zo mooi, zo mooi, zoals een zwaan wordt toebedacht.
Ditmar Bakker
onze ditmar vergeet in tijden van de PRIDE het ietwat afgekloven thema “’t is een neger,” niet. wat een toestanden allemaal in de wereld en in LEIDEN ook – het grote lijden is begonnen – een jaap montagne in alle staten maar vooral toch ook in leiden – eveneens de ik citeer “Yasmina Lemsiah is een Marokkaans Belgische queer- feministische activiste” ook al in alle staten boos op pomgedichten – maar vooral in de flanderfields – hahaha – pomgedichten gaat gouden tijden tegemoet. morgen zullen we over deze YL berichten – nadat ze een kalmerend pilletje heeft gehaald bij der huisarts. NU hebben we Ditmar die zich opwerpt voor een inmiddels vergeten groep. onze ditmar legt als het ware witte zoete romige sjokolaatjes rond de pijnlijke plekken in onze samenleving en tracht met fijne poezelige poëtische likjes het wereldleed te lijf te gaan. en ja zoals het een goed dichter betaamt – bij likken hoort nu eenmaal heel veel herhaling:
‘Je bent mooi, zo mooi, zo mooi, net een panter bij nacht!
Je bent mooi, zo mooi, zo mooi, zoals een zwaan wordt toebedacht.’
Ditmar Bakker
Mijn eigen gebrouwen reeks heet: Mijn leven als boom. Ik ben er al een tijdje mee bezig, sporadisch eerst, nu dus stelselmatig. Uit die reeks twee gedichten voor de prijs van een en voor een prijs om de pom
Water zoekt geen vuur op maar water.
Vuur zoekt geen water op maar krijgt het ervan.
Man over boom valt niet steeds op zijn voeten.
De eerste steen viel uit mijn hand. Naakt wendde ik me tot de golven.
Mijn leven als boom achter de rug, een aanname met zorg gemaakt, ik droeg dan ook de eerste steen.
Er viel niemand te verwerpen.
— marc tiefenthal
de tief experimenteert er stevig op los. of de lezer van de tak valt of ter aarde stort en of uit de boom dondert – het maakt tief niet uit. experimenten zijn experimenten – de lezer hoeft niet bediend te worden – tiefenthal is een boom – dan schrijft tiefenthal ik ben een boom. de eerste steen hier valt niet ver van de boom. zoveel is zeker.
Kleurrijke stilte
De muziek van de kleurrijke stilte trilt met vingers langs de snaren
klanken van de Kora spiegels van de ziel zingende dromen van hier op Schier omhelzen ritmes van de morgenstond
tot het eilanden avondrood spelers laat dansen op afrobeat
wie eerst de oranje horizon ziet laat zich verrassen door de maan
de Kora speelt ‘t universeel liefdeslied wadlopers zingen zachtjes mee met het weemoedig refrein van de Waddenzee.
Rik van Boeckel 3 augustus 2019 Schiermonnikoog
rik bericht van KORA. prachtige slotstrofe in zachte woorden schiermonnikoog getekend in en met de klanken van rik van boeckel:
‘de Kora speelt ‘t universeel liefdeslied wadlopers zingen zachtjes mee met het weemoedig refrein van de Waddenzee.’
ja daar hebben ze op texel niet van terug. daar heeft de eilanddichter altijd weer op van alles en nog wat commentaar – daar houden ze niet van de zee noch van de mensen! – nee op texel ligt de focus alleen op die veelbezongen economische eenheid die ze ook wel schaap noemen. het schaap – nou ja moet kunnen- schiermonnikoog doet het anders en heeft een romanticus binnen de perken: de heerlijke zachte weemoedige klanken van riks romantiek.
Mogge Pom, Goed idee! Geeft een ander aspekt. Fijne dag en groet, Jako
Serie ‘bijverschijnselen’
lucht
het verging hem als met een zalfje dat je tegen het jeuken op muggesteken smeert de dag erop aan netelroos lijdt
zo werd zijn huwelijk
ze leek een gat op te vullen dat hij sinds tijden voelde waar alleen zij een vondst uit duizenden het recht op bleek te hebben
men vond hem jaren later dagelijks in het sarphatipark waar hij naar eenden keek wolken vervolgde en wanhopig naar lucht hapte
jako fennek
ha het sarphatiepark weet meer dan je denkt. jako fennek behandelt in de serie lucht&luchtig het huwelijk op zijn fenneks. het is allemaal prachtig maar een man kan het niet allemaal hebben lijkt hij ons te leren. wanhopig lucht happen in een openlucht park – hahaha – dat is het huwelijk – volgens onze zwitserse troubadour – die we vaak thuis weten in amsterdamse kroegen – daar aan de drank zag ik nooit jako naar lucht happen. nee alleen in schuimkragen omringd door schonen.
in welke serie wilt u lieve dichter weleens een gedicht geplaatst zien – jaren lang gedichten schrijven en nog geen serie hebben – wij maken deze week in de zondagochtendwedstrijd een beginnetje. wie wint de enige echte virtuele – in de serie van watte – past uw zondagochtendgedicht deze week op pomgedichten? u kent de regels: de gedichten niet te lang svp – 20 regels is genoeg – insturen voor zondag 10 uur 30. stuur in op het u bekende gmail.com adres van pomgedichten@ – of benut de blauwe contact functie boven aan de pagina. of laat onder dit item een reactie achter -ik zorg er voor dat uw gedicht in het item wordt geplaatst. commentaar als altijd verzekerd.
in de serie oranje
de ons zeer wel bekende dichter J.M. uit het grootsteedse leiden die erg thuis is in machinerieën en andere zaken die nogal veel herrie maken
heeft zich nu gestort op tampons en tomaten op gehakt, de bof ook, zullen het de mazelen zijn je kunt het zo gek niet bedenken of dichter draait er wel een gedicht van in ‘zijn’ serie rood
majesteit lees die rode retro rotzooi als het u belieft niet u past slechts ware poëzie – met uw wangen als mandarijnen in oranje hockey-rokjes
de ons allen zo inspirerende en zelfs tot voorbij goes geprezen dichteres J.H. mag zich dan wel bezighouden met de diepere gevoelens van de medemens ook haar eigen gemoed wil nog wel eens ontploffen
sommigen noemen het een deinen op wat heeft overleefd anderen spreken weer over een drijvend waterbed in een volgelopen tranendal
ik zeg prachtig allemaal! wel worstelen maar bovenkomen ho maar majesteit
in de serie oranje – ook wel in de serie snel aangebrande dames op het randje genaamd – ook wel: de serie leiden in last:
de ons zeer wel bekende dichter Jaap M. uit het grootsteedse leiden die erg thuis is in machinerieën en andere zaken die nogal veel herrie maken
heeft zich nu gestort op tampons en tomaten op gehakt, de bof ook, zullen het de mazelen zijn je kunt het zo gek niet bedenken of dichter draait er wel een gedicht van in ‘zijn’ serie rood
majesteit lees die rode retro rotzooi als het u belieft niet u past slechts ware poëzie – met uw wangen als mandarijnen in oranje hockey-rokjes
Jaap Montagne – stadsdichter van het grootsteedse Leiden of (voorheen stadsdichter van het grootsteedse Leiden) je houdt het allemaal niet bij daaronder in Leiden – hebben we vandaag nog niet op enige humor kunnen betrappen. kom vooral niet aan dichters kunstige kindjes. de dichter valt het FB publiek al jaren lastig met kiekjes waarop rode voorwerpen te zien zijn en betitelt trots als een pauw met rode ogen vervolgens het zouteloze kiekje met de eindeloos aansprekende titel: “in of uit de serie ROOD nummer 389”. oje al weer een rood doekje tegen het bloeden roepen de mensen op FB tegenwoordig al bij het zien van al dat rood van onze jaap. hoe dan ook de dichter laat ons het volgende weten: ‘Ik heb op mijn 6e jaar al mazelen gehad dus dat zal het niet zijn. Bof is ook al ver achter mij. Ik heb me niet op tampons gestort, nergens een te zien in de serie rood. ‘ Dichter Montagne scheldt nog wat na en verdwijnt op FB in de rode avondgloed.
uw webmaster reageerde op de ontstane commotie als volgt: ‘ jaap heeft zich nu gestort op tampons en tomaten..’ hahaha, hoewel de eerste 8 regels anders doen vermoeden – in het gedicht staat majesteit met zijn wangen als mandarijnen in hockey-rokjes centraal – beste jaap.
Tot dusver Het regent nu. Vorige week was het te heet. Het heeft geen zin om het huis te verlaten, de weersomstandigheden maken het zo niet fijn om buiten te zitten, terrasje te doen. boek te lezen op mijn mooie balkon dat door de (G)oud-West verbouwingen ook nog in een constante stroom zaag- breek- boor-herrie zwelgt, met bouwvakkers uit alle windstreken van de wereld met hun radio op Arbeidsvitamines uit god-weet-waar-vandaan. De hoopvol begonnen vakantiestemming is beneden nul.
de nachten werden lang vorige week, sloom ook en half breindood kwam ik na 21.00u dan toch voorzichtig naar buiten om wat menselijk verkeer te ervaren, een oververhitte kluizenaar zijn is niet goed voor het hart. In een luchtige jurk gehuld begaf ik me dan tussen de dampende muren van mijn lieve stad. Overal plek zat om te parkeren, dat wel, maar ook smog, muggen, herrie,stinkende barbecues, dronken fiets-toeristen, overvolle terrassen, waar je door personeelsgebrek lang moet wachten op een warm en duur drankje.
En nu Regen, oh god ik kan nog steeds niet naar buiten, de vriendin waarmee ik naar zee zou gaan heeft afgezegd en ik ik schrijf en weet dat ik overdrijf. Zomers in de stad zijn heerlijk Oh zo heerlijk, onontbeerlijk en ik blijf hier.
Het
heeft zo zijn voordelen. Goed overweg kunnen met je buren. Zowel ik als
mevrouw Solo hebben allebei daarnaast schijnbaar de uitstraling dat we
redelijk makkelijk benaderbaar zijn. Dat brengt mensen er toe dat ze
snel een gesprek met ons beginnen. We worden blijkbaar als sociaal
aangezien. Dat kan evidente voordelen hebben. Soms ontmoet je daardoor
erg sympathieke mensen met mooie verhalen. Er ontstaat dan iets dat te
vatten zou kunnen zijn onder het containerbegrip gezelligheid. Soms
ontmoet je bij uitzondering zelfs iemand die je een heel leven bij je
zou willen houden. Daarnaast zijn er de praktische voordelen zoals wat
ons eergisteren overkwam dat een buurman die tot laat had zitten
borrelen bij ons een vers gevangen forel kwam bezorgen die zo het vuur
op kon en ons perfect smaakte. Maar het kan ook anders. Zoals gisteren.
De
kinderen had ik in hun slaapzakjes weten te manouvreren. Die keetten
nog wat na, maar het had er alle schijn van dat ik en mevrouw Solo nou
toch eindelijk wat zouden kunnen mijmeren bij het kampvuur en lekker een
gesprek zouden kunnen hebben met een lekker wijntje en dito
schnappschje erbij. Maar toen kwam de overbuurvrouw melden dat ‘ze nog
heel even kwam storen’. Letterlijker kon zoiets niet worden. Nu kan het
zoals gezegd natuurlijk zijn dat dat gecompenseerd wordt door een goed
verhaal, maar die hoop had ik na de avond daarvoor al opgegeven. Dat had
ik bij de buren naast ons ook. Maar die waren lekker op zichzelf, dus
vormden in die hoedanigheid dan ook geen storende factor en bleken
naderhand erg mee te vallen. Ook de man die de vis was komen brengen had
goede verhalen over zijn werk en leven als helicopter mecanieker.
Zoniet deze buurvrouw.
In haar kielzog voerde zijn ook nog eens
twee van haar, naar ik schat vier, bemoeizieke kinderen mee. En daar
zaten we dan. Gevijven rond ons kampvuurtje. Haar dochter had zelfs de
euvele moed gevat op ‘mijn’ plek te gaan zitten. En de verhalen die je
dan hoort. Zelden had ik iemand uit Winterswijk zoveel dat me niet
interesseerde horen spuien in zo één korte tijd. Haar man was een stille
Willy. Die zei niet veel en bleef nu ook in de tent om God weet wat te
doen. Eén ding was duidelijk. Wie de broek aan had bij de overburen. En
vrouwen met de broek aan in een relatie, daar houd ik niet van. Tenzij
het een geile leren broek is. Wat dat betreft mag er met gelijke wapens
gestreden worden, daar gaat het om in een relatie. Maar in dit geval had
de man dus duidelijk niets te vertellen. De vrouw hield daarentegen tot
overmaat van ramp niet op. Elke zin kon ik op basis van de vorige al
voorspellen. Wat haar allemaal dwarszat en had dwarsgezeten in haar
werk. Hoe het weer ook niet altijd is wat je ervan hebt besteld. Hoe ze
maar één rosé-tje drinkt en dan ook enkel op zeer specifieke niet nader
te duiden tijdstippen. Hoe ze koopwoningen bezichtigden waarin gerookt
was, hetgeen zeer tegen de goede smaak van hun oudste dochter in was.
Dat het zo irritant is dat de Fransen rijden met hun lichten uit. Hoe
dat ene meertje dichtbij eigenlijk net zo mooi was als dat meertje ver
weg, dus voor niks zo’n eind gereden. Kortom één groot klein drama.
Ik
was uit ellende maar aan de andere kant van de campingtafel gaan zitten
om te typen wat u nu leest. Kun je het zo’n mevrouw nu kwalijk nemen
zult u vragen. Had ik zelf niet het heft in handen kunnen nemen in deze
situatie? Ja. Eigenlijk zou ik open moeten zijn. En moeten zeggen dat we
een avondje alleen zouden willen hebben. Liefst had ik haar
toegeroepen: ‘Ga naar je man! Doe er iets mee of zo, in plaats van enkel
kinderen maken en zijn loonstrook benutten om lekker interessant ZZP te
zitten doen. Ga iets meemaken. Of niets voor mijn part. Maar val mij er
niet mee lastig. Ga desnoods maar naar huis! Maar ga!’ Na een tijdje
was ik wel klaar met het uittypen van mijn frustraties en vond ik een
modus door me weer in het gesprek te mengen met doorlopend baude
uitspraken. Dit gefaciliteerd door de Saint James rhum van Martinique
(45%). Dat maakte het alsnog draaglijk.
Zoals gesteld, hoewel ik
graag luister naar mooie verhalen, ben ik geen sociaal baken. Het
liefst ben ik alleen. Ik verdraag niet goed mensen om me heen. Zeker
niet als ze beslag op me leggen. Of op mijn tijd. Of op mijn bezigheden.
Ik had bijvoorbeeld liever een geanimeerd gesprek willen hebben met
mevrouw Solo of een potje hebben ge-Yatzhee-d vanavond. En nu zaten we
weer opgescheept met een brave burgeres die ons verveelde met haar
dagelijkse deprimerende besoignes. De volgende dag ga je echter wel
nadenken. Misschien moeten we er gewoon een wat minder sociaal
toegankelijk schijnende attitude op nahouden. Of gewoon ingrijpen
wanneer zaken niet meer dreigen te gaan stroken met het gevoel. En
misschien is dit ook wel gewoon ons lot. Dat we door te zijn wie we zijn
soms de mooiste, liefste en gaafste mensen ontmoeten. En soms in de
marge ook een keer een bak koffie voorgeschoteld krijgen die
eenvoudigweg niet te zuipen is. Ik ga in ieder geval weer wat water
koken om mijn cafetière te vullen met een zekerheid waar ik soms naar
verlang. Me realiserend dat dat alles is wat ik in de hand heb. En ik
ook niet wil dat zaken veel zekerder worden dan dat. Daar is het
uiteindelijk ook vakantie voor. Wacht…maak daar gerust het hele leven
van.
De Walvis van de Vogezen
Het is zomertijd De zon zindert het landschap Van stralen zon, sleurhutten en slaapstedelingen Foldervolgers alle landen verenigt U! Met uw landgenoten in den verre En zondert U vervolgens af
Oases van regulerende rust Asemen deodorant en zonnebrand Zonnige dag, snel de camping af Regenachtige dag, ééntje mag En dan weer door
De zon zindert het gehaagde landschap Behaaglijk stil voor de achterblijver Verblijvend achter gekloonde coniferen Ligt een luchtbed Met daarop een corpulent corpus In strakke zomerkleren van de V&D Net, niet te zweten door het vet Voelt het niet Is wel ontspannen in dit vreemde land Stiekem is er een walvis in de Vogezen gestrand
Bijna niemand die het ziet Verrast slechts de schaars passerende campinggast Die op vakantie Geen hulpdienst zal bellen