ANKE LABRIE wint de enige echte virtuele schroevendraaier (Paul Bezembinder trofee) – trofee op pomgedichten – jako zilver, lisan en cartouche brons.

DE JURYVOORZITSTER SPREEKT:
Ik heb de gedichten met plezier gelezen maar niet altijd meteen goed begrepen. Soms komt dat begrijpen later ineens maar dan is het geen zondagochtend meer.
Over de edelmetalen  was enige innerlijke strijd,  daar ik iedereen de, door  Paul bezembinder aangeboden,  bundel  gun.
Gefeliciteerd met je bundel trouwens Paul.
Het besluit is als volgt:

Goud Anke
Zilver Jako
Brons Cartouche en Lisan

 



vier mei
 
 
elk jaar om deze tijd
legt zij de schroevendraaier
binnen handbereik
 
zij durft het niet
nog altijd niet
 
in de krant en op tv
zelfs enkele keren op de dam
zij leeft echt wel mee
 
maar in haar eigen hoofd
blijft alles veilig vastgeschroefd
 
 
anke labrie
4-05-2019



pom: Paul Bezembinder komt de eer toe de schroevendraaier te bevrijden uit de donkere gereedschapskist en een plek te geven in de wereld van de poëzie. waar je als schroevendraaier beter uit bent moet de schroevendraaier nog even afwachten. en wij ook natuurlijk – als straks de commentaren van jeanine hoedemakers – de juryvoorzitter van deze week ons zullen bereiken – aan de poorten van pomgedichten worden geschroefd. ik had er eerlijk gezegd een hard hoofd in – zoveel schroevendraaiers las ik niet tot nu toe in de gedichten. maar we kregen prachtige schroevendraaiers aangereikt- dank aan alle dichters – in tal van soorten en maten.
over een mooie en indringende 4 mei schroevendraaier lezen we bij Anke Labrie. in 10 eenvoudige regels weet anke de beklemmende, de toch altijd ook een beetje dreigende sfeer van een herdenkingsdag op te roepen. ik houd van de eenvoud, ik hoop de juryvoorzitster ook.
 
jeanine hoedemakers:


Wat een mooie manier om de schroevendraaier in te zetten. Zelfs als je het thema niet kent lees je door, simpelweg omdat een schroevendraaier binnen handbereik leggen best apart is. Als lezer wil je weten waarom dus je moet wel verder lezen. Wat verdrongen/ weggestopt is oproepen, tranen en herinneringen de vrije loop laten?  Nee, toch maar niet. De schroevendraaier blijft liggen waar hij ligt.

de wedstrijd is gesloten – juryvoorzitster moet om 1100 uur zelf optreden – dus heeft de commentaren aangeleverd – kon jako OOK NOG net meenemen – én lisan – alle dichters wil ik danken – zo een schroevendraaier een gedicht in duwen is niet echt een alledaagse bezigheid – maar zie hieronder hoe de schroevendraaier zich een plaats wist te veroveren in de poëzie. dichters dank jullie wel.

  • Anke Labrie elk jaar op 4 mei…..
  • Frans Terken met koevoet en schroevendraaier
  • Marc Tiefenthal aan de handenarbeid
  • Rik van Boeckel dansend langs moeren
  • Petra Maria van den E de dood is jong, het leven oud
  • Cartouche – je aandraaien zo hard ik kan
  • Jolies Heij met de taal als schroevendraaier om ongerijmdheden des levens vast te zetten
  • Erika de Stercke met een blikopener
  • Lisan Lauvenberg bij die schier onmogelijke klus
  • Jako Fennek met moker en beitel

Paul Bezembinder meldt: “Als je dat een goed idee vindt, dan stel ik graag een exemplaar van mijn bundel als prijs voor de winnaar beschikbaar.” – graag aanvaard natuurlijk.


de gedichten niet te lang svp – 20 regels is genoeg – insturen voor zondag 10 uur 30. stuur in op het u bekende gmail.com adres van pomgedichten@ – of benut de blauwe contact functie boven aan de pagina. of laat onder dit item een reactie achter -ik zorg er voor dat uw gedicht in het item wordt geplaatst. juryvoorzitster the one and only jeanine hoedemakers beter bekend als bregje zonderland. commentaar als altijd verzekerd.

wie wint de enige echte virtuele schroevendraaier (Paul Bezembinder trofee) –  trofee op pomgedichten?

de hele dag waren wim en ik  vandaag in de weer met tangen, schroevendraaiers ook – stortbakken kunnen lekken zoveel is zeker – MAAR zijn er eigenlijk wel gedichten met schroevendraaiers? of tangen?  erik-jan harmens was zeker ooit een specialist in schroevendraaiers maar erik-jan is nu van de proza. Hebben we gelukkig de dichter Paul Bezembinder nog –

met die prachtige regels uit zijn gedicht

‘Langs de zijde route’:

‘Zij kiest met zorg de glanzende schroevendraaier,
rond van boven, recht van voren, wig van opzij,
als vanouds weet zij, verstopt achter haar waaier,
welke instrumenten zij nodig heeft voor mij.’

deze week dichters lezen we graag over een  schroevendraaier in uw gedicht – een oude tang mag natuurlijk ook – hoe dan ook dichters !!! handwerk gevraagd.


‘erg he van pappa’
 
 
hoe jij toch altijd weer met van die kleine
steeds dichter toegeknepen ogen
als ze niet zo lief keken
zou je zeggen
steek er een schroevendraaier in
 
én met van die hele kleine knikjes
en als ze niet zo subtiel zouden zijn
zou je zeggen
iets uit de wereld van SM
met zwepen, vleeshaken ook
waar ze vroeger mensen aan ophingen in kelders
 
én die woordjes van je
die zo onschuldig kunnen klinken
uit je mond van leugenleer
 
dat jij mij dan toch liet weten
dat je voor mij gekozen hebt
en we alleen nog even moeten wachten
totdat hij zich met zijn dronken kop
te pletter heeft gereden
 
en dat ik je op de crematie troosten moet
en tegen je kind  ‘erg he van pappa’ moet zeggen
 
pw



Kruiskoppen

Dat je je omringd weet door maffe gasten
die halfgaar met schroefjes los
de buurt lopen te jennen
je bent je dagelijks leven soms niet zeker
als het weer op hun heupen slaat

hoe ze met die heupen beter swingen
of de koppen streetwise draaien op beton
zie ze uit hun materiaalgordel
koevoet en schroevendraaier trekken en
wat met moeite vastgezet is losbikken

als het even kan onder de arm naar huis getild
waar de zooi al niet te overzien is
tussen kruiskoppen en platbekken kruipen multibits
verloren rond als zoeken zij een warme hand
met gevoel voor het ware van een vak

de gasten zouden in oude tijden
aan het kruishout geschroefd
wij dragen het kruis van een zotte kliek

FT 03.05.2019


pom: de schroevendraaier leent zich wonderwel om verzet te plegen of om een aanklacht te schrijven tegen het de dichter omringende geweld. frans laat deze gelegenheid niet voorbij gaan:  een aanklacht tegen een maffe zotte kliek in een wereld van multibits. en wij zitten op de blaren – dragen het kruis – lezen we in de laatste strofe. als frans zich boos maakt dan spatten de vonken uit de taal. fonken de regels.
 
jeanine:


Al die dieven en bandieten ook. Koper en brons zijn niet veilig maar bushokjes en geldautomaten ook niet. Ook wij zijn niet veilig. Hier wordt het gereedschap ingezet op een manier die ons een bijzonder onveilig gevoel bezorgt. We hebben hier de schroevendraaier van Anke nodig om ons te verweren.
Handenarbeid

Het valt makkelijk mij voor te stellen
een schepper die jou uit klei draait en keert,
een schroefje vastdraait, een veer vastknijpt,
met zijn handen woelt, tot je vorm krijgt
en met zijn adem

Ik woel en handel je, vlees geworden,
kneed, draai met mijn vingers,
ontlok aan je adem het geluid
dat los komt als je vrij wordt en je je opent.

Was de schepper ook zo door drift
bevlogen en bevangen?

marc tiefenthal



pom: hier wordt op gebouwd en nog net niet afgebroken – wel worden er vragen gesteld bij het edele handwerk dat wordt beschreven. het thema handenarbeid pakt tiefenthal op zonder de gereedschapskist aan te raken. voor mij had het gedicht met het bouwwerk mogen eindigen – zonder de laatste vraag in de laatste strofe. dan krijg je als lezer waar voor je geld zonder storende vragen achteraf.

jeanine:

Ineens klinkt er een melodietje in mijn hoofd; ik weet nog goed hoe ik geboren werd, met schroefjes en met moertjes in elkaar werd gezet….. Ik moet tekst en zangeres ervan opzoeken, ik denk dat het van Martine Bijl is maar weet het niet zeker.  Enfin, hier doet je gedicht me aan denken. En de schepper, als we daar toch eens antwoord van kregen. Bevlogen en bevangen. Je gedicht glipt niet soepel naar binnen maar volgens mij is het doodgewoon een liefdesgedicht. Soms is het jammer dat de dichter een rookgordijn van taal opwerpt terwijl …  Joh!
 
Schroevendraaiers ballet

Hamer en aambeeld
op oevers van de tijd

schroevend de jaren
een draaiend deja vu

dansend langs moeren
steeksleutels in pirouette

het schroevendraaiers ballet
links los rechts vast

houten plank in boekenkast
zal zinnen dragen woorden vragen

kaften lezen tot de nacht valt
de maan haar licht op boeken schrijft.

Rik van Boeckel
4 mei 2019 – Ibiza



pom: rik van boeckel laat op Ibiza de schroevendraaiers dansen – zo worden de jaren aan elkaar geschroefd – wel bijzonder hoe rik altijd weer met elk thema de wereld, de tijd, de locaties om weet te toveren tot een ritmisch dansend geheel van universele spiritualiteit. hier gaat een boekenkast helemaal uit zijn dak totdat de maan tot kalmte maant.
 
jeanine:


De dichter zit tijdens het schrijven te dansen, dat kan bijna niet anders. Hij schuift naar voren, gaat even staan, weer zitten, schuift naar achteren. Neemt een slokje van het een of ander en wiegt het hoofd. Geinig plaatje dit; steeksleutels in pirouette.  Kaften lezen tot de nacht valt….
 

HET VALIES

zijn ogen hameren vuur en vlam
althans dat voelt zo, aan de telefoon
de wimpers krullen als een hanekam
ach, waarom niet gewoon

gelukkig, beiden gevangen
achter eigen tralies
ze bellen dagelijks en zagen urenlange
gesprekken uit hun valies

hij snijdt zijn ergernis
in scherpe lege zinnen
dat ze hem niet op zijn blauwe ogen, zo’n gemis
houd je tranen binnen

kan geloven op zijn woord
dat hij van haar houdt
en als hij straks verreist naar een blauw met wit oord
stromen alle tranen, want de dood is jong, het leven oud

Petra Maria


pom: ouderwets woord: valies. hij houdt van haar zoveel is hier zeker. maar zij wil er niet aan – wilde er eigenlijk nooit aan. een variant op – tot de dood ons scheidt – maar het leven had ‘ons’ al doen scheiden. de tragiek hier verpakt  in een oud koffertje met leed. waar de schroevendraaier toch gebleven is?

jeanine:
 
En zagen urenlange gesprekken uit hun valies,  wat een mooie regel is dit. Trouwens valies is een erg mooi woord, deftiger dan koffer. Door valies te gebruiken zet je meteen ook een toon in waaraan de lezer niet ontkomt. Dat is nog eens spijkers met koppen slaan zou ik willen schrijven maar helemaal vatten doe ik het gedicht niet. Is hier sprake van een soort doodsstrijd tussen twee geliefden? Een liefde die afloopt…?
 


Wegzingen
 
Jij hebt zeker en vast een schroef los
haperende draaischijf, lied op repeat
als ik jou zo zie en hoor, zei zij de vrouw
uit de hoogte, mijn lieve, luister nou eens
 
doe me een lol en houd in godsnaam op
met dat geklop, gerammel aan mijn poort
daar zit een sticker – reclame : non blatare
sed polire, niet lullen maar poetsen dus
 
laat mij maar – ouwe tang in jouw ogen –
je hand en oog leiden naar mijn kist
met het blinkendste gereedschap
de kruiskopschroevedraaier
 
– jouw hoofd tussen mijn knieën –
je aandraaien zo hard ik kan
   dat jij me mag wegzingen
                                                  likkebaarden en naaien
 
zonder einde
 
04-05-2019
Cartouche




pom: toestanden weer in huize Cartouche. alles zit los daar en moet – mogen we begrijpen – worden aangedraaid. nou dichter  cartouche laat zich dat geen twee keer zeggen en  draait en draait dat het hem een lust is. mij duizelt het een beetje – draaischijven, vrouwen, ouwe tangen – alles maar dan ook met alles lijkt in het gedicht  aan elkaar genaaid, geschroefd – of draait de dichter een beetje door? zou dat het zijn. een echt bregje zonderland gedicht.

Jeanine:

Wat een heerlijke vaart en dan als domper op de vreugde die laatste twee regels. Het gedicht wordt er voor mij als lezer ineens erg plat van, terwijl ik aanvankelijk rechtop ging zitten en nog eens las en weer. Het zijn voor mij zelfs de laatste drie regels die weg mogen. Ja, dan blijf ik als lezer achter op het puntje van mijn stoel en denk, met Cartouche kun je beter geen woorden krijgen. Voor je het weet pakt hij zijn kruiskopschroevendraaier erbij.
 
de redenaar die verhult dat hij taalpurist is

hij wil woorden vermorsen op ieders graf
al is hij anders en trekken aubades hem meer

dan de mooiste vrouw, taal is de schroevendraaier
waarmee hij de ongerijmdheden des levens vastzet

hij wenst geen fijne dag aan werklieden die rotzooi
bouwen noch aan blokhoofden die met stenen gooien

bij stukjes verplichting denkt hij aan de taart
die minutieus tot op de kruimel wordt opgedeeld

hij is scrabblekampioen en kruiswoordpuzzelaar ineen
zegt van boven als hij van onderen bedoelt

krijgt tranen in de ogen van foute vrienden en vakjargon
maar houdt het droog bij misbaar

buitenbaarmoederlijke werken omarmt hij
rederijkers hebben zijn zegen, ezelsbruggen bouwt hij hier en daar

zet het taalkundig epicentrum tot elastieken acrobatiek aan
zandlopers kunnen hem niet uitstaan, hij beitelt letters in cement

nog liever dan het kofschip is hem de trein en de noodrem
dat iedereen zwijgt terwijl hij de coupé vult met stopverf en slijm


Jolies Heij



pom: 19 regels – op de rand van 20. steeds maar weer die voorspelbare 2 aan 2 regels vorm. HET LEEST NIET LEKKER! en het leidt af. dichter lijkt geen rekening te houden met de lezer. ja op het laatst schrijf je alleen nog voor jezelf. maar dat terzijde. ik haak af na 2 strofen – pak ik wel nog even die ene wereldregel mee: ‘taal is de schroevendraaier waarmee hij de ongerijmdheden des levens vastzet…’ – kijk ze kan natuurlijk wel schrijven onze jolies.

jeanine:

Jolies gaat los, ze kan gewoon niet ophouden zo lijkt het en ik begrijp dat ook wel, dit gedicht laat zich soepel, strofe voor strofe aan elkaar breien. Volgens mij had het nog veel langer kunnen worden want zelfs ik als lezer schrijf na de laatste strofe automatisch nog even door. Echter, de meest intrigerende strofe vind ik deze:
krijgt tranen in de ogen van foute vrienden en vakjargon
maar houdt het droog bij misbaar


Foute vrienden en misbaar , deze combinatie doet mijn brein kraken en piepen maar het gedicht is in feite in zijn geheel een aaneenschakeling van hup en hop en doe er iets mee lieve lezer.
 


Op losse schroeven

Onze ogen
draaien zenuwachtig
rond een baan van aftasten.

Ze peuzelen weetjes los
jij van daar
ik van dichterbij.

Het lawaai
werkt als stoorzender
in een café zonder tijd.

Op een viltje
volgt een nummer
in hanenpotengeschrift.

Je gaat weg
een blikopener op rust.

Ik blijf achter
met verroeste verlangens.


Erika De Stercke



pom: bij erika moeten we het van de titel hebben – en erika geeft in het gedicht de titelverklaring. eerlijk gezegd val ik er niet van achter over. verroeste verlangens – losschroeven maar kind is mijn advies. zie het leven als een feestje van steeds maar losser zittende schroeven. en laat de schroevendraaiers dansen! lees rik van boeckel hierboven. past de ene schroevendraaier niet neem een andere. erika schroeft leuk gevonden woorden en gevoelens aan een gedicht vast waar ze eigenlijk beter de boel los kan wrikken.

jeanine:

Wat een uitnodigende openingsstrofe en die tweede strofe sluit er uitstekend op aan. En dan weet ik als lezer waar we zijn.
Achterblijven met verroeste verlangens, nee dat is niet geweldig.
En die ogen maar draaien, ik weet dat het niet je bedoeling is maar ik zit hier echt even te gniffelen. Gelukkig staat er een nummer op het bierviltje.
 

Bevrijding.

Er valt altijd weer wat vast te draaien
aan de kermis in haar hoofd.
Niemand had beloofd haar te helpen
bij die schier onmogelijke klus.

Zo stuitert ze verlegen door het leven
bloost van elk onvertogen woord.
Heeft nooit gehoord van tegenspraak
die je bevrijdt en dapper maakt.

Haar kleuren zijn nog niet vervaagd
zijn gelaagd en tonen de barsten niet
die ze in haar wildernis moet schragen.

We zien haar wel, we zien haar scheuren
en wat ze heeft moeten verduren,
maar vinden geen toegang in haar verdriet.

©Lisan Lauvenberg
5 mei 2019



pom: sonnetterig gedicht met een zekere  ritmiek over de kermis in haar hoofd. enige oude woorden als schragen en onvertogen vallen op. hoe dan ook dichter weet de woorden te plaatsen – hoe de HOOFDpersoon  ook stuitert door het leven – dichter weet de woorden binnen de gekozen vorm te houden en vliegt nergens uit de bocht.

jeanine:

Mooi gedicht met wat schoonheidsfoutjes waar de dichter nog even naar kan kijken. Een voorbeeldje; de tweede regel in de een na laatste strofe, ‘ze ‘ zijn gelaagd….
Hier en daar stoort de opbouw, in de laatste strofe bijv. , we zien haar wel, we zien haar scheuren en wat ze heeft moeten verduren. 
Zelf lees ik hier steeds schuren in plaats van scheuren maar bovendien zeg je er, met de eerste twee regels in deze strofe,  ook al mee dat ze heeft moeten doorstaan. 
 
Een gedicht om nog eens goed naar te kijken. Gereedschap vind ik niet in het gedicht, wel de noodzaak ervan. We willen soms helpen maar het gaat niet altijd.   Graag gelezen.

hoi pom,
een nachtmerrie, die schroevendraaier. jolies rende me, met zo’n ding in haar hand, achterna over een bietenakker, schreeuwende ‘geilsoldaat, ik krijg jou wel’, frans stond me bij de kerk op te wachten met een schroevendraaier achter de rug, cartouche zat onder een lindenboom een gedicht te schrijven, zoals mensen koudbloedig bij een zwaar ongeluk met hun mobieltje de doden staan te filmen.
nee, dit is geen goed thema, maar ik doe toch maar mee, 
groet van jako.

 
dubieuze levens
 
zijn moker en beitel
zijn als vuisten
daarmee slaat hij stukken
van de steen
graveert hij namen van doden
in het gepolijste oppervlak
 
schroevendraaiers, zagen
en lijmklemmen kent hij niet
zijn dagen bestaan uit
grafzerken en viooltjes
 
zo ziet hij het leven ook
stijfgestreken plooijurken of
kaalgesleten dijen
van lichtkooien
 
jako fennek

jeanine:
 
Aha, een nieuwe invalshoek. Helder neergezet, ik kan enkel schrijven dat ik het las in één ruk en toen herlas om me ervan te vergewissen dat ik niets over het  hoofd zag. Stijf gestreken en kaal gesleten, dat zijn twee door de dichter samengevoegde woorden waar ik bij stil sta omdat ik ze niet nodig acht.  Een karakter- en beroepenschets ineen. Knap gedaan.

Share This:

vader, dat je een school sloopte voor hout….

4 mei – 2 minuten stilte om 20.00 uur

Share This:

Lisan Lauvenberg over de doden

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is lisanl1-225x300.jpg

LEVEN

Vandaag wilde ik er niet zijn
omdat ik afscheid moest nemen

van iemand die me dierbaar was,
die mijn woorden als kristallen las
en altijd in mijn ogen woonde.

In mijn hoofd dans je nog
de lachwekkenste cha tja cha
en bega je flaters voor het leven.

Zo schaterlach ik ons verleden
de tranen hebben geen tijd gehad.


©lisan lauvenberg
27 september 2013


pom:
Gedicht loopt als een trein tot voorbij de laatste wissel. Een oprecht gevoel in een waardig rijm neergelegd. Bijna zou je willen sterven om dit gedicht voorgedragen te krijgen op je crematie.


roop: lisan lauvenberg
of het gedicht oprecht is of niet, doet er niet zo veel toe: oprechtheid kan een gedicht net zo goed helpen als vernietigen. het lijkt oprecht en voor poëzie is dat genoeg, want het maakt dat het gedicht niet te lijden heeft onder woorden als afscheid, dierbaar en verleden. mooi ritme in een mooi gedicht, waarin subtiel rijm het melodieuze karakter nog eens extra versterkt.

We waren in de Algarve in Portugal en hoorden het bericht over de dood van Komrij via een vriend uit Nederland. En dan gebeuren er vreemde dingen met de waarneming, De dode verschijnt steeds weer, levendiger dan ooit, in alle honderden kleine herinneringen verschijnt hij steeds weer opnieuw.



Hoe het fabeldier verder leeft.


Je zweefde op het strand voorbij
niet een keer
maar in honderden gedaantes
van je geboorte tot je sterven

het was alsof ik tussen zee
en hemel jou pogingen
tot overleven zag

Een laatste kans om woordeloos
te bewijzen dat het genoeg
en voor eeuwig was.

Wist je toen je op sterven lag
dat je vermenigvuldigd zou worden
in woorden en in liefde.

Dat geven we je nu mee
hoe geliefd en gezien je was.
We vinden je steeds opnieuw
in je woorden, bij de zee en in ons hart.


©lisan lauvenberg
juli 2012

Share This:

Abraham Von SOLO: klaar is kees


VON SOLO
DICHTER, COLUMNIST,  PERFORMER EN CINEAST

Check de actualiteiten van VON SOLO op www.vonsolo.nl

Deel 335. Klaar

Het gevoel van halfslaap dat overgaat in een lichte vorm van bewustzijn. Tot doordringt wat er gebeurt. Pulserend ontlaadt het lichaam zich en zaad bevlekt lakens. Midden in de nacht. Je probeert het te vergeten en terug door te gaan met slapen. Maar langzaam ontwaak je in het duister. De wekker geeft een tijd aan tussen drie en vier uur. Alles is stil, behalve een ademhaling naast je in bed. Je wankelt naar de badkamer en plast. Buiten is er geen licht meer aan, in de woningen. Het is een eenzaam moment. Wakker worden uit een natte droom.

Chemie veroorzaakt bij de mens een verlangen naar orgasmes. Het schijnt erbij te horen. Maar ik vind het maar een eenzame aangelegenheid. Je doet het altijd in je eentje. Het is iets dat je nooit echt kan delen. Je kan tegelijk met een ander klaarkomen en dat heeft dan wellicht iets verheffends. Maar dan nog steeds zijn het twee mensen, die apart van elkaar klaarkomen. De Fransen noemen het een kleine dood. Ik denk dat klaarkomen inderdaad hetzelfde lamento herbergt als sterven. Zeker bij mannen. Al dat verspilde zaad dat door handen sijpelt jaar na jaar. Zaad spuiten is een bezigheid die je leeg en eenzaam achterlaat. Volgens pornoregisseurs is het heel belangrijk. Zelfs zo belangrijk dat het beter buiten de vrouw, dan daarbinnen moet plaatsheeft. Maar hoe de porno acteur zich daarna voelt, dat vraagt nooit iemand.

Hoe het orgasme bij een vrouw is, weet ik niet. Ook zij doen het klaarkomen zelf. Al mag je daar als man dan bij zijn, of zelfs deel aan zijn in de uitvoering tot de aanloop. Maar van het moment dat de heupen schokken, tot het manen te stoppen, gebeurt er iets, dat een enigma blijft. En toch zit daar dan wellicht nog enig nut.

Het is iets dat de één bij de ander kan veroorzaken, in een bijzonder spel. In een ontdekkingstocht, die nooit exact hetzelfde pad volgt. Het hoogtepunt is daarmee misschien nog wel belangrijker voor de veroorzaker, dan voor degene die het ervaart. Kortom, als je klaarkomt, kun je maar beter zorgen dat er in ieder geval nog een ander van geniet. Dan heb je het niet voor niets gedaan.

Share This:

Merik van der Torren zweeft binnen

Hoi Pom,
 
Het is weer een tijd geleden dat mijn straat opgebroken was. Het inspireerde me tot het gedicht – groet, Merik

Na de opbreking

Alleen als hier een diepe kloof gaapt

en slanke mannen behendig over de hangbrug dansen,

juk met twee dampende pannen op hun schouder,

alleen als het zulk mooi weer is, echt geen wolkje,

zweef ik bij je binnen.

Share This:

Jolies Heij – De tuin stond vol

Over veldsla & energiebanen

De vogels kwinkeleerden dat het een lieve lust was. De tuin stond vol anjers, rozen, tulpen, margrieten, paardebloemen, maar ook veldsla, rucola, basilicum en radijsjes die liefdevol door het servokroatische leraresje werden begoten. Op de patio zat de natuurgenezer in de schaduw van de palmboom, fris geschoren met een hagelwit tuniek aan en een rieten hoed op zijn gekortwiekte energetische knot. De bulldog wroette met haar neus in de aarde en hapte in een aardappel. Nee maar, riep ik verbaasd uit, heb je het leraresje toch maar weer in het tuinhuis opgenomen, Radovan?

Nou ja, grijnsde hij, aangezien mijn geilsoldate nog steeds de gort op is met die boef van een Arkan die mij tijdens de oorlog al dwarszat door dorpen en steden uit te moorden terwijl ik als de vredesduif die ik ben get Servendom langs diplomatieke weg probeerde te verspreiden en gij toen uit wraak ook al achter mijn geilsoldate aanging, bijna gad gij gaar mantelpakje opengerukt en gaar doorboord met zijn speer, maar nu geeft zij zich vrijwillig naar zijn roversgol begeven en zit ik nog steeds zonder guisgoudster. En get leraresje miste gaar ouwe vriend zo erg, dus ach… Moet jij niet levenslang achter de tralies zitten, Radovan? gaf ik scherp. Welnee, ik mag gier rustig blijven, glimlachte hij, er is toch geen land dat mij wil opnemen. O? gaf ik verbaasd. Ik meende dat je weer voortvluchtig was, het leraresje had je een paar weken geleden bij de Biltsche Hoek gespot, waar jij duister praktijk hield in een martelkelder, billen aan flarden slaand om boze geesten uit te drijven.

Zijn ogen schoten plots vuur. Dat was ik niet, dat was mijn dubbelganger! Sinds jouw column is de natuurgenezerij ongemeen populair en wil iedereen mij zijn. Ze laten gun baard en energetische knot maar staan alsof get niets is, alsof daar een magnetische uitwerking vanuit zou gaan, maar get is gard werken, jaren van studie gaan erin zitten om de juiste drukpunten te kunnen vinden en de energiebanen de juiste kant op te leiden. Is al goed, suste ik, ik ben blij dat jij het niet was. We maakten ons al zorgen, want die figuur leek danig in de war. Natuurlijk was gij in de war!

Dat word je wel als je je voor mij uitgeeft zonder je in de natuurgenezerij of mijn persoon te verdiepen. Wat ik al niet geb uitgestaan met oorlog, bezetting, onuitstaanbare leiders en diplomaten, vervolging, processen… Maar nu ben ik weder opgestaan, ik voel mij als gerboren. Zoals je ziet geb ik een moestuin aangelegd, dat doen wij allemaal op de Balkan nadat we de buurman van zijn land gebben afgeknald. Er is niets rustgevender dan met je ganden in de aarde wroeten en toe te kijken goe de plantjes groeien. O? gaf ik. Ik zie nu anders het leraresje in haar eentje wroeten. Get is ook geel rustgevend om naar gaar kontje in de strakgespannen denimbroek te kijken, grijnsde hij, en ik oogst de plantjes als ze volgroeid zijn. Geel zen. Zou jij ook moeten doen. Ik vind het heel rustgevend om over vertaalproblemen na te denken, gaf ik leunend met mijn kont tegen het hek rond de patio, aangezien de natuurgenezer me nog steeds geen stoel had aangeboden, ik vertaal regelmatig werken uit jouw taal. Dit leek hem te interesseren.

Kun jij dan ook mijn gedichten vertalen? Alleen als je me een stoel aanbiedt. Hij wees uitnodigend naar de zetel naast hem en de rest van de middag brachten we keuvelend in de schaduw van de palmboom door. Ik ben net terug uit het Zeeuwse, vertelde ik. We hebben een rondreis gemaakt van Goes door de tunnel naar Zeeuws-Vlaanderen naar België en kwamen door plaatsjes met poëtische namen als Philippine, Posthoorn, Maagd van Gent, Sas van Gent en Assenede. Dat vind ik nou zo fijn aan jou, glunderde de natuurgenezer, ik kan nergens heen, maar dankzij jou kom ik overal.

mozes door de westerschelde

dit is een schaal uit wind met verre randen
het dak bestaat uit zilt nat waarin hier en daar

ijsvogelblauwe gaten dat de populieren bekladt
met gifgroen, hier bestaat geen kilometerteller

alleen de borden schrijven op de weg en in de lucht
we zijn vogels op de vlucht in een nauw lijf

we pikken met onze snavels in doorzichtige zijde
vergeten dat er glas tussen zit, laat de doornstruik maar branden

de schoolslag kennen we niet noch het drijven, de gewichtloosheid
verleerd zuigt de kleigrond zich snikkend aan ons vast

de doodsklok reikt ver, het café is alleen op vrijdag open
de accordeonist is versteend, de tijd staat fier rechtop

als waterwanden van klokken zonder harteklop, de wijzers
gekruisigd, hier ben jij ver, je vergeten gezicht blanco in de ruit

er is maar één weg terug, die voert onder het wier
en de vissen door, je graaft je een doorgang door het zwart

in die onderwatercapsule, complimenteert de tollenaar
aan de overkant, mevrouw, nooit was er een

mooier kattegat en een gestroomlijnder tunnel dan die van u
bedankt dat u aan het einde het licht opgehangen hebt

Jolies Heij

Share This:

Karin Beumkes terug naar het meisje dat ze is geweest

ons aller karin beumkes is er voor ons allemaal – op de maandag verzorgt zij Mens&Melodie – deze week voor alle geliefden, voor alle dromers, voor alle meisjes, voor alle vlinders, herfstlichtjes, nou ja voor velen:

Voor geliefden

Voor als je droomt:
kom terug bij mij
terug naar het meisje dat ik ben geweest
met mijn vlinders in de buik van vroeger
met mijn duizenden herfstlichtjes in najaarshaar
met mijn open handen waarin een visitekaartje gemaakt van humusblad
met mijn schaterlach uit zee en diepe wouden
waar de krekel kakelt
waar de stilte is
en is
en is.


Muziek: The Mamas and the Papas-Dedicated to the one I love https://youtu.be/4M7gKZqgHn4

Share This:

deze week slechts een eerbetoon voor de dode of de nog levende:  uw favoriete dichter

  • Anneke Wasscher sluit dit prachtige item met een eerbetoon aan VASALIS
  • Max Lerou eert Heer Campert
  • Pom Wolff eert Menno Wigman
  • Marc Tiefenthal eert Rein Bloem/Hans Faverey
  • Petra Maria eert de dichter bij de IJssel
  • Frans Terken eert Herman De Coninck
  • Merik van der Torren eert Simon Vinkenoog
  • Cartouche eert Hugo Claus
  • Paul Bezembinder mist Joseph Brodsky
  • Max Lerou eert een hematoloog en broedt nog op Campert
  • Jeanine Hoedemakers eert Rutger Kopland

weerspiegeling
(bij ‘appelboompjes’ van Vasalis – Literatuurmuseum, Den Haag)

ze gaf haar bloesem aan gedachtegoed
het dichterswoord won aan betekenis

ze vlocht de beelden van een jaargetij
door taal die steeds de eenvoud zocht

haar pen gaf richting aan de dunne inkt
bescheiden letters schetsten een bestaan

in spiegels van elk nieuw seizoen zie ik
hoe bloei al met verval verbonden is

het lot van groei is de verandering
een blad verkleurt en laat dan los

vitrines waken over iets dat tijdloos is
de levensloop die hier gelezen wordt

lichtinval weerkaatst voor mij de zin
ik vind mezelf in appelboompjes weer

Anneke Wasscher
en wie doet Campert? Max lerou eert heer Campert:

heer campert

voor mij op tafel staat een doos met letters
wat ze waard zijn staat beschreven
ze zijn in elk geval belangrijker dan seks
en gelukkig er mag wel vermenigvuldigd worden

liep dat maar zo met po we zie – helaas
de mensen vreten wel maar kopen niet
des dichters plank behoeft geen brood
laat staan wat kruimels satisfaction

poor starv’ling bard, how small thy gains!
how unproportion’d to thy pains!
in den haag – u welbekend zeggen we
nog altijd hagt voah wènag en dat het went

je begint als dichter zoekt al snel een wilg
en dan de kat die je op de tramhalte
van het leidseplein een list verkoopt
maak er een verhaal van – powezie verbindt

t-is waar – de mensen raken snel verliefd op woorden
maar gulzig zijn ze heer ze willen altijd meer
schrijf ze af en toe een boek dat houdt ze even bezig
het gemene volk en dat u weer ruimte heeft en tijd

om te dichten en te feesten tot de flessen leeg
dan tikt u weer (u krijgt er al wat lol in)
een volgend boek – zo zal het gaan tot in de eeuwigheid
jan mulder heeft het zelf gezegd

ml
28 04 2019

deze week geen wedstrijd – wel is er dit weekend plaats voor een gedicht van uw hand voor DE door u geliefde dichter – vrouw/man of dichter zonder hokje. zeg maar een eerbetoon voor de dode of de nog levende:  uw favoriete dichter. de gedichten niet te lang svp – 20 regels is genoeg – stuur svp in op het u bekende gmail.com adres van pomgedichten@ – of benut de blauwe contact functie boven aan de pagina. of laat onder dit item een reactie achter -ik zorg er voor dat uw gedicht in het item wordt geplaatst


bij wijze van afscheid


dan zie ik je weer menno
ik zie ik zie wat jij niet meer
dan een filmpje op youtube

hoe jij over je moeder
over je zus
en weer over je moeder

met je gewichtige hand
hoe noemen ze dat
gesticulerend vermoed ik

de andere hand statig
langs het lichaam dat jou los liet
langs het leven dat jij los liet

kapot als mijn moeder zou jij zeggen
en je zou 2x knikken met die rechterhand
op kapot


pom wolff



Pom, kan jij de vreugde ten hier huize voorstellen? Eindelijk kies je een thema dat naadloos aansluit bij een gedicht dat ik net schreef. Het onderstaande kwam tot stand en tot mij bij het fietsen en heb ik op de telefoon ingesproken en daarna uitgeschreven. Voor de goede verstaander zijn de twee namen uit Amsterdam overbodig, je kan het gedicht zonder die referentie volmaakt lezen, op voorwaarde dat je het surrealisme eigen aan deze beweging in acht neemt. Prettig gestoorde zondag verder

Constructivisme
In memoriam Rein Bloem en Hans Faverey
(uittreksel uit mijn memoires van mijn leven als boom)

Er kwamen twee mannen op mij af.
De een droeg een pot
chrysanten en een roeispaan.

De andere, een pak ouder,
droeg een pot Franse lelies.

Ze keuvelden gezellig,
zetten de zaken
uit hun handen aan mijn voet
en gingen dan naar links
met afgemeten stappen.

Ze hielden halt,
kwamen terug,
gingen naar rechts
met evenzeer afgemeten stappen.

Opnieuw hielden ze halt
op bekwame afstand
van de volgende boom.

Toen gingen ze,
nog altijd met afgemeten stap,
verder
naar een andere boom toe,
hielden halt,
draaiden zich om, kwamen terug
en tot slot stonden ze stil aan mijn voet.

De oudere sprak tot de jongere:
‘Kijk, als jij niet hier niet
bij was geweest,
was ik ongetwijfeld gek geworden.’

marc tiefenthal
dichter essayist / poète essayiste
Sint-Niklaas



Pom:
Op enig moment woonde hij in de lumeijstraat in Amsterdam west. draaide buster keaton daar op de muur van zijn kamer voor zijn studenten. reden we met zijn achten met hem mee in zijn renaultje-klein. smeedden we plannen voor de democratie. Hij leerde ons van suspense in de film, van hadewych en haar sappen, van polleke van ostaijen en zoveel meer.

hij de levensgenieter die kon vertellen als de beste. alsof het allemaal geen moeite kostte. En het kostte hem geen moeite. Hij moet een zeldzaam hoog iq hebben gehad en een goed geheugen. doceerde daaruit slechts wat van waarde was en bijzonder. hij wist alles van alles. wist van records in de atletiek, de bergen in de tour, de elementaire deeltjes van heel veel vrouwen en altijd voor de avant garde uit. hij was gehaat en geliefd. rook rechte harten pleegde verzet tegen onwaarachtigheid waar hij kon. Vertrok niet ongemerkt met een rel maar van hier tot ginder als het klimaat hem niet beviel – met het gelijk aan zijn zijde. Werd vervolgens vanzelfsprekend binnengehaald met alle egards bij mensen die wisten wat goed was en voor de troep uit.

zo anders dan kruithof zijn collega op de lerarenopleiding – die toegewijd en serieus – rein was een dichter en jacques was dat niet – deze rein bloem die vol van leven het literaire leven doorgaf, maar met precisie, puttend uit enorme kennis. Ik zie hem nog steeds in een renaultje door amsterdam scheuren. de gebogen rug en twee armen over het hele stuur – dat was rein bloem. faverey zijn liefde in de poëzie:



Laat de god die zich in mij verborgen houdt
mij willen aanhoren, mij laten uitspreken,
voor hij mij met stomheid slaat en mij
doodt waar ik bij sta, waar jij bij staat.

Hans Faverey, laatste gedicht,
laatste regels in ‘Het ontbrokene’
DICHTER
BIJ DE IJSSEL



wat ik ben
daarover zwijg je
en spreekt slechts
van het voor jou
zo vreemd
aanwezig zijn

als juist alles
in mij wacht op
de steelse blik
ligt het moment
al vast

als hier en nu
betrapt
in de hunkering
ooit jouw
gedicht te zijn
geweest

als de dood
ons aantikt
leg ik alles af
het kleed van boete
heb ik niet
geweven

niet om jou mijn lief
dan rest ons slechts
verlies

en in de laatste adem
zucht de schoonheid
van besef

jij staat in mij
geschreven

Petra Maria
Goedemorgen Pom,
een poging om deze dode dichter bij me te houden.
Dat het weer een memorabel weekend mag zijn.
Dichterlijke groet,
Frans


Plek voor Herman

Niemand die zo lenig van liefde schrijft
dat ik hier ‘schreef’ zou moeten zeggen
is me nu nog te scheef voor woorden –

woorden die jij in alle eenvoud aan het
papier vertrouwde en zo aan ons gaf
je ziet dat ik meeleef in wat verleden is –

het is bij je lezen hoe poëzie helpt
‘als de hand op het hete hoofd van een ziek dochtertje’
hoe je erin gelooft dat het je beter maakt

hoe je ons leert te zien en te zorgen
om hier iets achter te laten
als je de plek bereikt van sterfelijkheid

jij in de armen van Anna met Hugo bij je in Lissabon
oh Lisboa ziel van saudade
waar je hart het veel te vroeg begaf

hoe ik je nodig heb – en niet kan missen
het verdriet van je stem niet meer te horen
je gedichten zijn en blijven het grote geluk

de gedichten dagelijks nog beduimeld
omdat ik er de vinger op wil leggen

hoe je me dan bij de hand neemt
langs woorden die ik sluit in het hart

FT 27.04.2019



Hoi Pom,
 
Dit tekstje schreef ik na het heengaan van Simon Vinkenoog.
Simon was een liefhebber van whisky, maar uitsluitend van het merk Jameson en dan in een glas half water half whisky,
 
Groet,
 
Merik



Daar ga je



Op een zonnige dinsdagmiddag in juli
zie ik Simon Vinkenoog
zitten schrijven in zijn Eden,
Adam in Eva uit.


Morgen koop ik een fles whiskey,
merk Jameson en schenk in,
half water, half whiskey.


Daar ga je, Simon

Buitenzorg, 13 juli 2009, Merik van der Torren



Voor de opening van het Simon Vinkenoogtheater , Tuinpark Buitenzorg, 16 juli 2011


Ode aan Simon


Je ademt vurige poëzie
In het dansen van de bloemen
Seringen en Oost-Indische kers
En de bomen van Vlieghenbos tot Zamenhofstraat.


Je ruime adem in het groen blaast
Steeds maar weer tobberige muizenissen
Hersenschimmen als spinnenwebben
Van de probleemkern weg.


Ik voel weer hoe
Op die druilerige zondagochtend
Aan de oever van het Ij
Je eigenlijk zonder dag te zeggen
Ging wandelen over de wanden van het bos
De wolken over


En de bomen en bloemen
Wiegen en ruisen je lied van licht en liefde


De geest die waait
Door de woorden van dichters
Door de klanken van muziek


Merik van de Torren

Hommage aan Hugo
 

alle dagen
raak en licht verdorven
deze wereld keer op keer
in alledaagse vragen vangen
 
‘mijn vrouw, mijn heidens altaar
dat ik met vingers van licht bespeel en streel, mijn jonge bos dat ik doorwinter, mijn zenuwziek
onkuis en teder teken’

je moet er niet aan denken
de eeuwigheid te bereiken
stel je voor almaar door
geest voorgoed, nee
zo dwaas ben ik niet
 
               ‘het eeuwige geluk
wordt ook dodelijk vermoeid
en ik heb geen huis geen bed
voor jou niet eens verjaardagsbloemen
 
ik schrijf je neer
op papier terwijl je
als een boomgaard in juli
zwelt en bloeit’

alom ligt stof
het stuk is uit en ik
ik ben, ik was niet meer
dan even slechts

de claus


Cartouche
27-04-2019

Beste Pom,
Is er een plekje op jouw site voor onderstaand eerbetoon?


Hartelijke groet,
Paul Bezembinder
www.paulbezembinder.nl


In memoriam Joseph Brodsky

Dat het gevoel geïncarneerd te zijn
niet doorbreekt, Iosif, is niet werkelijk
jouw fout. Als abstractie en scholastiek
een uitweg bieden als het ongeluk
verstoppertje spelen wil met de pijn,
so be it. Velen worden geestesziek
nadat het ziektebeeld is vastgesteld.
‘Een parasiet.’ Er wordt niet bijverteld
wat verder de verwachtingen nog zijn.
Jij overleeft het, Joseph, gaat publiek,
wordt een socialite of sorts en laat
jouw duizelingwekkende acrobatiek
een stug verlangen naar de verte zijn.
En nu jij voorgoed vertrokken bent,
nou missen we jou en je vreselijke
enjambementen, jouw smartelijke
sjamanenstem, je gedichten, je pijn.

Paul Bezembinder

ik broed nog op campert – de wereld zal het voorlopig met pom wolff moeten doen
love you buddy x
hematologie volgens pom wolff


wanneer ik bloed ruik
vreet ik daaruit het ijzer
het staalt zo lekker de po we zie
waarmee ik alles zeggen kan

de harde woorden kneed ik
tot ze van de liefde zijn
zoals gesteente soms zacht
of de nacht verlicht

dan zijn er nog de mooie woorden
die niemand zal begrijpen
totdat ze eenmaal uitgesproken
voor altijd weer tot zwijgen zijn gebracht

ml
27 04 2019


Voor Rutger Kopland

 
brief aan een meester
de punt van mijn potlood breekt
al bij de aanhef

Jeanine Hoedemakers

Share This:

Lisan Lauvenberg als een lammetje: Er waren jonge blaadjes aan de bomen, die me blij maakten, die flirten met mij in het stralende zonlicht …

Voorjaar

Er was een lange stilte, want met open ogen genoot ik van de lente. En de lente genoot van mij.

Er was een jonge man met rode krullen en lichte ogen die flirtte met mij, terwijl we beiden bloeiende planten uitzochten voor ons balkon. Ik had hem zo in een doosje willen doen om er af en toe voorzichtig naar te kijken, zo mooi was hij, zo aardig ook en jong, zo jong dat je op slag vergeet hoe oud je zelf al weer bent.

Er was een man met een olijke blik en een slechte bril, of lelijke bril, dat was het een lelijke bril, die met me flirtte op de Nieuwmarkt bij de aprilfeesten. Ons koor zong daar en nog veel meer leuke, grappige en ontroerende koren. De bekendere liedjes werden door de hele tent uit volle borst meegezongen. Ook Shaffy was veelvuldig aanwezig, al dan niet prachtig vertolkt of vreselijk vals gezongen. Maar ondertussen flirtte deze heer met mij, olijk en zo te zien verbaasd over zichzelf dat hij dat durfde en ik giechelde ervan, als een jonge meid en mijn koorleden zagen het ook en riepen dat ik sjans had, wat het nog grappiger maakte. En ik voelde me zo jong, onder zijn aandacht, zo jong als ik al lang niet meer ben.

Er was een oude man met een sik en pretlicht in zijn ogen, die voor me boog en me vertelde dat ik zijn dag goed had gemaakt, door voor hem op straat te verschijnen in mijn mooie bloemetjes jurk en hij vroeg me of hij even een stukje met me mee mocht lopen. En ik zei ja en hij flirtte met mij, bood me wat te drinken aan in een kroegje verderop, maar dat sloeg ik vriendelijk af. En hij boog nogmaals en zij dag mooie vrouw en ik voelde me mooi en jong, zo mooi en jong als ik allang niet meer ben.

Er waren jonge blaadjes aan de bomen, die me blij maakten, die flirten met mij in het stralende zonlicht bewogen ze als talloze ogen, met een schitterende kleur.

Er was jonge prei, die ik in de aarde stopte, door met  een vinger een gaatje te maken en er dan zo’n dun iel sprietje in te laten glijden met de wens dat hij groot en lekker zal groeien.

Er was ook jonge sla, trillend in de wind, in een hun net natgemaakte bedjes. Ik dacht aan dat gedicht over ontroerend jonge sla. En voelde me weer jong en ik lachte erbij.

De vuilnisman die net voorbij reed, trapte op zijn rem en sprong  uit zijn grote vrachtauto en ontvoerde mij, naar mesthopen en vuilstort, terwijl we lachten en dachten, dit nemen ze ons niet meer af, deze voorjaarsdag, dit leven, deze  lach.

©Lisan Lauvenberg

25 april 2019

Share This:

Peter Posthumus – in doorgeschoten logica soms gruwel ik er nog eens rond…


hoe het was ooit – het onontkoombare realisme terug in de poëzie – daarvoor moeten we bij Peter Posthumus zijn – wat zijn we blij met zijn tweewekelijkse bijdrage aan pomgedichten. dat we weer weten hoe het was en weten hoe het is nu – het leven in doorgeschoten logica.

Ik groeide op
in het ijle licht
van lege straten
met verderop 
braakliggend land


dat alles nu
is in beton gegoten
gevat. in doelgerichte dwangmatigheid
vergruist, in doorgeschoten logica


soms gruwel ik er nog eens rond
over het astfalt
tussen het afgepast
hermetische geweld 
van de in steen gestolde tijd
tussen de bastions
aan onontkoombaarheid


dan weet ik weer
hoe ik hier ben verdwenen
hoe ik ben zoek geraakt



                            peter posthumus

Share This: