Anke Labrie wint de enige echte virtuele – vrij naar Anke Labrie – in welke doolhof  leefde u in uw kinderjaren- trofee op pomgedichten.nl – kortom: wie wint de kinderjaren trofee?

ik geloof dat de trouwe lezers van de site het mij niet kwalijk nemen dat we vandaag de morgen jarige ANKE LABRIE het goud toedichten – dank ook voor de inspiratie deze week – het doolhof van de kinderjaren – we kregen mooie inkijkjes in de jeugdjaren van de dichters die inzonden – dank daarvoor – het is altijd toch een beetje kwetsbaarheid die we lezen in de beschreven kinderjaren – van leiden tot limburg – een speciale vermelding voor Merelstraat 4 van André Heinekamp die de min of meer universele jeugdliefde een plaats gaf in zijn gedicht. dank aan alle inzenders – voor Anke een mooie dag morgen.



Jeugdliefde
 
 
 
De koplampen en de grill
 
van de Volvo uit de polder
 
zaten onder de muggen
 
en aan de rubber bumpers
 
hingen mistlampen van Hella.
 
 
 
Op het kentekenbewijs
 
dat achter het raam zat
 
kon je het adres lezen.
 
 
 
Merelstraat 4
 
daar woonde je
 
veel meer is het niet geworden.


 André Heijnekamp

Dichter memoreert naar ik aanneem zijn – onze – jeugdliefde(s) – je wist niet waar of wat of hoe je moest kijken – die jeugdliefdes die een leven in een mensenhoofd meegaan, zo af en toe nog rondspoken, in ieder geval tot enorme proporties buitenproportioneel vergroot zijn – veel is het niet geworden schrijft de dichter – veel zal er ook niet van over zijn is het grote realistische vermoeden – het is maar goed dat we niet weten waar zij zich ophouden – in de grond, in de oven, wellicht in de omaschappen of de opaschappen in het warenhuis van het leven. of heel misschien als lezer van deze site der sites uw pomgedichten. een mooie impressie André.
  • André Heijnekamp – Merelstraat 4
  • Rob Mientjes – Blacky de zwarte poedel hij is niet meer
  • Frans Terken – hangen in de kruisbessen
  • Rik van Boeckel – aan tafels vol nasi goreng en gado gado 
  • Magda Haan – …. het zuiden. (Schaesberg)Landgraaf.
  • Cartouche – onbezonnen
  • Luk Paard – elke ochtend voor de spiegel
wie wint de enige echte virtuele – vrij naar Anke Labrie – in welke doolhof  leefde u in uw kinderjaren- trofee op pomgedichten.nl? kortom: wie wint de kinderjaren trofee? eren we hier de dichter Anke Labrie – die aanstaande maandag haar jongste verjaardag viert – hier om de hoek in 020 – met dat mooie ‘kinderjaren’ gedicht – uitgegeven door Stichting Spleen 2023 in de verzamelbundel Dolende Ziel. elke dichter kent zijn eigen kinderjaren – we lezen er zo graag over hier. u kent de regels: gedichten niet te lang svp tenzij noodzaak – 20 regels is genoeg – insturen voor zondag 10 uur 30. stuur in op het u bekende gmail.com adres van pomgedichten@ – of benut de blauwe contact functie boven aan pagina. of laat onder dit item een reactie achter -ik zorg er voor dat uw gedicht in het item wordt geplaatst. commentaar als altijd verzekerd.
 


dode kip
 

ze zijn allemaal dood mijn helden
ome joep met zijn schilferhanden
dode huid op de grond
die verwoestende blik
als hij even niet kon krabben
en met 140 kilometer per uur
richting zee naar het zoute water
 
en dan had je tante stannie nog
die woonde in het dorp van oma
ga maar kip halen bij tante stannie
als ik aanbelde was de kip al dood
je kreeg een poot met een spier
om mee te spelen
en dode kip mee in een krant
 

pom wolff

Stille getuige

getuigen
van een blije jeugd
die helaas niet beklijven
foto’s laten los
zo ook de plastic hoekjes
vergeeld en verteerd
zelfs de bladen geven niet langer mee
dubbelgevouwen het tussenblad
op weg naar de laatste foto
wederom niemand in beeld
of toch
Blacky de zwarte poedel
hij is niet meer
nooit geweest
illusies in gedachten
achter het behang geplakt
conform de verwachting
getuigen
van een blije jeugd

Rob Mientjes

ach ja blacky – en wie zong ook alweer dat liedje met daarin die regel – getuigen van een blijde jeugd – oja boudewijn de groot – dat je altijd al zo enorm graag een hondje wilde maar dat het hondje nooit gegeven is of dat het hondje weg moest omdat hondje niet zindelijk te krijgen was of dat de hamster – nou ja het eerste verlies en het verdriet in een mooi kader geplaatst.
Goedemorgen Pom,
Even terug in het doolhof van de jeugdjaren, komt deze beleving boven, zo rond de Paasdagen.
Warme weekendgroet, en alvast de felicitaties voor Anke!

Frans

Zwerven vanuit de achtertuin

Je weg zoeken door de struiken
tussen notenboom perenboom
en stiekem van de kersen snoepen
bleven we hangen in de kruisbessen
die thuis ‘kroesjele’ heetten

dat we die voor de vlaaien plukten
om op het rechte pad te blijven
zo in een lijn over de stoep
naar de kerk net op tijd
voor de hoogmis in het latijn

liep ik daar met het missaal te struikelen
het kostte een draai om de oren
van eerwaarde meneer de deken

mochten we als pleister op de wond
met Pasen eieren ophalen in de parochie
voorzichtig neergelegd in de mand vol stro

hadden we toch nog een roomse vangst
om de grijze dagen kleur te geven

© FT 28.03.2026

ja het mij niet onbekende limburg van de dichter – land waar ik de zomervakanties doorbracht in de dorpen rond heerlen – bij oma en opa – nieuwenhagen en nieuwenhagen heide – de mannen in de mijnen, de vrouwen verzorgden kippen en kinderen – de löss vloog om je oren als je de berg op moest fietsen – naar beneden was je zo.
frans memoreert de kruisbes. inderdaad heel soms vond je ze ook in het bos – als ze dik waren kon je ze plukken – uitkijken voor de stekels – een heerlijk zoet. de onvermijdelijke kerk op zondag – het dorp liep uit – en na de mis nog even naar het kerkhof om de doden te groeten. je zondagse pak. en dan inderdaad met pasen de eieren. frans beschrijft hoe het was.
Goedemorgen Pom
Hier is mijn bijdrage aan het doolhof van de kinderjaren. Toen noemde mijn moeder mij een bazuin engel wegens de krullen in mijn haren. 
Lees mijn gedicht maar als een verwijzing naar 
hoe mijn jeugd toen in Den Haag was. En wat mijn ouders deden. De jaren vijftig van de vorige eeuw zijn nu zo lang geleden. Ik heb er echter een door mijn vader gemaakte film van.


De stille bazuin engel


De stille bazuin engel laat mijn gezicht zien 
in het labyrint van de kinderjaren 
de krullen in de haren vertellen mamma 
dat ik op een bazuin engel lijk
die rustig naar de toekomst kijkt 


de tijd gaat langzaam voorbij 
aan de Haagse Laan van Meerdervoort 
de straten in de Vruchtenbuurt 
vragen om wandelingen met de hond 
net als de Bosjes van Pex en Kijkduin 


opa introduceert Nederlands Indië 
tijdens het verre jeugdige verleden 
mamma laat de rijsttafel zo lekker eten 
aan tafels vol nasi goreng en gado gado 
de smaakmakers worden er gelukkig door 


het gezin reist naar campings 
in Frankrijk, Zwitserland en Italië
pappa handelt in textiel met de wereld
ik kijk in films naar zijn gezicht 
via het zwart-witte beeld van de jaren vijftig. 
.
Rik van Boeckel 
28 maart 2026

ja een mooi relaas – hoe het was in het haagse – een andere wereld hier geserveerd vol van nasi goreng en gado gado – het jongetje met de krullen – moeder blij en trots om en op het kleine goed.







Dag Pom 
…. het zuiden. (Schaesberg)Landgraaf. Een kleine terugblik van mijn schooltijd daar. 
 
 
Leven in een opgelegd stramien

Het heeft zo zijn voordelen
elke dag begon en eindigde op vaste tijden
de meeste vaders  waren onder in de Mijnen
moeders druk met het runnen van het gezin

we waren braaf en beducht
voor Meneer pastoor en zijn aanwijsstok
een speelkwartier kinderlijke vrijheid
wel onder toezicht gelucht

de bel beierde dan over het schoolplein
links de jongens rechts de meisjes
alles om later met een rein
kinderzieltje te kunnen belijden

Het heeft zo zijn voordelen
leven onder de hoede van God
de grote Kerk stond naast de school
zo kon je meteen je zonden opbiechten

op de knietjes en gevouwen handjes
kinderzieltjes van geen kwaad bewust
als je geluk had werd je door Hogerhand
liefdevol gesust
 
 
 Magda Haan

ook magda beschrijft het land van de zachte G – het schoolpleintje bij de kerk van meneer pastoor – inderdaad alles onder gods hoede. de mijnen, de stoflongen, de ongelukken in de ‘sjagt’, de mijnsluitingen en het sociale verval – de pijnen. op zondag zong een koor in de kerk alle pijntjes weg – de kroeg tegenover de kerk een plek om het leed iets te verzachten – als je dood ging daar ook de koffietafel. yess i remember.
de witte kaaskop zoals ze mij noemden kende daar gelukkige zomer vakantie maanden.
In dit doolhof van ons aller heden
komen mij woorden aangevlogen:
zon, storm en plots vallende regen
hoe een leven in elkaar kan steken


GV


Onbezonnen

zoals wij waren
wisten we nog van geen
god verbod en tijd bestond nog niet
in onontgonnen onszelf genoeg
om te verkennen, een en al

verwondering
in natuur en al die dingen vliegen
salamanders vangen graven
proeven ogen rode konen
kuilen in zilverzand

de godganse dag
de pure smaak van
ongebitterd op lippen
ongekende, ongehoorde noten
en melkmuilen waren we maar

hongerig, onverschrokken
als in het rond dollende wolven
welpen in elk weer tot de zon
de val van man zijn al te gauw
aan de leiband van later

28-03-2026 / Cartouche

ja een poëtische terugblik deze herinnering. het is het verhaal van de jonge puber Cartouche vermoed ik zo – geen zee ging hem te hoog. waar je keek was ie al weer weg. we leen helaas niet waar het jonge leven van dit doldrieste en onbezonnen boefje plaats heeft gevonden. iets in het zuidhollandse zal het zijn? de dichter cartouche is natuurlijk wel in staat om de jeugdjaren mooier te maken en weer te geven dan ze in werkelijkheid waren.





(de rockdichter): zo de zondag ter poms site (‘n favoriete dichter van mij) voor de wedstrijd die geen… (u kent dit al wel)…doe’k effe terug in de tijd…me stoute jongensdroom en sylvester in goede tijde…ik zeg rambo en ik schrijf…de terugblik op de droom en oooh ik zag me in hele verhale opdrave…ongenaakbaar en zo….ja die 


” jongensdroom ” luk paard

(ondertitel: rambo)

zwarte vege op de smoel
arme met spiere getooid
(stierenarme zegde boer claes zaliger)
en met ‘n doekje om’et hoofd
voor’et bloede

strong as horse
a rock
a rockin’horse
rambo
en neerhakke wat moet
moeiteloos

dag na dag
elke ochtend voor de spiegel
’n killersblik

verder de oeverloze fantasie
om rond te drage
as’n stoute jongensdroom

© luk paard

en’n hapje PAARD-art
” STALLONE ” by myself

prachtig kunstwerk ook – met daarin alles wat beschreven staat – we zien een bijna op hol geslagen jongeling op weg naar het latere  dichterschap waarin alle daden – wat zeg ik het gehele leven van de jonge Luk paard –  tot kunst verheven en gecomprimeerd worden/wordt beschreven. stoer, recht door zee, uiteen spattend en enorm.

Share This:

Xander Jongejan stevig aan de CHARMS – 2


My Charms 2
Al deze regels zijn gevonden in het werk van Daniil Charms


jij bent nooit waar ik ben
ik ben alleen
tussen ons en de gebeurtenissen 
staat een muur

je kunt urenlang 
van de kast naar de tafel lopen 
en van de tafel naar de divan 
zonder een uitweg te vinden

we staan allebei te zwijgen, ik weet niet hoe dat komt
we leven alsof we zijn opgesloten in een kist

ik lig roerloos achterover
in mijn hoofd een leeg gevoel
er iets dat ik zeggen moet
alle woorden moeten noodzakelijk zijn

op een dag gaat de kist 
van jouw gedachten open 
met een luide slag


Met Xander – ghostwriter & tekstschrijver

Share This:

VON SOLO en de geldende maatschappelijke moraal



Maandagochtend fietste ik rustig over de Kleiweg. Bij het passeren van de Statenlaan zag ik in volle vaart een vrouw van in de zestig op me af komen. Ze stak de Kleiweg onder een hoek van vijfenveertig graden over met een snelheid van dertig kilometer per uur. Door de hoge snelheid en het uitdrukkingsloze gelaat, was het voor mij onmogelijk zo snel nog in te schatten wat haar intentie was. Wilde ze me voor- of achterlangs passeren of zag ze me gewoon niet en wilde ze door me heen rijden? Of had ze een TIA? Op dat moment vloekte ik of mijn laatste uur geslagen had, terwijl ze op het laatste moment rakelings tussen mij en een achteropkomende fietser heen scheerde.

Een kort moment later kwam ik bij mijn positieven. Ik was bijzonder boos om deze gestoorde en roekeloze actie, keerde mijn fiets en zette de achtervolging in. En dat valt nog niet mee als je niet ook over een elektrisch aangedreven rijwiel beschikt. Driehonderd meter later kon ik haar echter tot halt houden manen. Ik vroeg haar hijgend en boos of ze nooit van de regel gehoord had, dat rechtdoor op dezelfde weg voorrang heeft. Daarop keek ze me met  ogen als een knaagdier aan en piepte, dat ze toch gewoon achterlangs me gefietst was. Ik stikte zowat in de woorden die ik allemaal uit mijn keel had willen braken op dat moment, maar hield het bij: ‘Wel verdomme…..dit heeft geen zin!’. Keerde mijn fiets en reed vloekend weg.

Wat me ertoe bracht het gesprek niet voort te zetten, was de directe ontkenning van haar debiele daad. Dat de eerste reactie gewoon was, te ontkennen dat er iets aan de hand was. Dat was me onlangs al eerder overkomen toen ons hondje was gegrepen door een Labrador. Dat bejaarde baasje ontkende ook stoïcijns dat het gebeurd was. 
Van mijn kinderen ben ik dat intussen wel gewend. Als je bij hen opgooit, dat ze iets verkeerds gedaan hebben, dan zullen ze het ook in eerste opzet ontkennen. Als een stel kinderen die met hun handen in de koektrommel betrapt worden en dan nog gaan ontkennen, dat ze een koekje hebben gepakt. Het kost je eerst een half uur om ze te breken en zo ver te krijgen dat ze het feit toegeven. Tijd, die beter besteed had kunnen worden. In mijn optiek is het gedrag, dat zijn oorsprong vind in de straatcultuur. Daar geldt ook, dat als je iets illegaals doet en het gezag grijpt je in de kraag, dat je ontkent, tot je erbij neervalt. Of één of ander lulverhaal ophangt. Van straatjeugd en aanverwanten ben ik dat intussen gewend. Maar het feit, dat nu zelfs bejaarden het al als norm gaan zien, doet me vertrouwen verliezen in de geldende maatschappelijke moraal.

Het zou mooi zijn als de vrouw van maandagochtend Ali B. op zijn fat bike aan zou rijden en vervolgens liefdevol door hem genomen zou worden. Waarschijnlijk zou bij het presenteren van de feiten de wederzijdse lezing zijn, dat er niets gebeurd was. 
Ik pas voor die Staat van Ontkenning.

VON SOLO
DICHTER, COLUMNIST,  PERFORMER EN CINEAST
Check de actualiteiten van VON SOLO op www.vonsolo.nl
Lees ook de wekelijkse column van VON SOLO op www.POMgedichten.nl 

Share This:

pom wolff – raar


raar

vind je het raar
dat ik bij mezelf blijf
niet als een hyena
 op een stuk vlees spring

 waar ik ook ben – mij thuis wil voelen
en niet voor mezelf applaudisseer
zoals ze dat in tv programma’s doen

ik wil op gewoon –  hoe zeg je dat
in mijn huiskloffie koffie drinken
een of twee paaseitjes eten

en mijn nieuwe hemd aandoen
als wij uit gaan –
trots omdat ik afgevallen ben


pom wolff

Share This:

Vera Jongejan – miljarden koppig is een mens als draak


“Wat gij niet wilt dat U geschiedt”

ach zo een gebod
dat alleen nog maar bestaat 
als bordje aan de muur

vroeger was van oud verdriet
en je verruilde het  
nu is het een rampzalig heden

de vrees dat je ontmenselijkt wordt
gedwongen zijn we toe te kijken
hoe haat opstaat uit angst en
vernedering als een wiekslag van de wraak

en dat het zich vermeerdert
miljarden koppig is een mens als draak


Vera Jongejan

Share This:

pom wolff – als billen zouden kunnen spreken dan heeft ze best een grote mond…


mijn god waar ben ik terecht gekomen
 
boze vrouwen zijn wel leuk
ik zit en kijk
ben wat verbaasd
 
hoge hakken
verder naakt hoor
haar resolute stappen
 
op naar het vermoede kwaad
als billen zouden kunnen spreken
dan heeft ze best een grote mond
 
pw

Share This:

Ien Verrips – ik kijk naar mijn hoofd…


ik kijk naar mijn hoofd
geploegde herinneringen
als oude kranten op de ochtendmat
ik zoek begrip

ik kijk naar mijn borsten
geharnaste lastpakken
ingesnoerd in last en lust
maar nooit in evenwicht

ik kijk naar mijn buik
broedplaats van begeerte
schuilplaats voor het huilend kind
mijn deinend ongemak

ik kijk naar mijn armen
het losse vel gekreukeld
niet meer in staat
jou blijvend vast te houden

maart 2026/ IEN VERRIPS

Share This:

Rob Mientjes – je kunt ook beneden blijven…


Op en af



Stille bordjes
minikunstwerken
nodigen uit
de trap te nemen
of nemen we de trap
linksom rechtsom op en af


vroeg of laat
gaan we allemaal naar boven
voor wie dat gelooft althans
je kunt ook beneden blijven
simpelweg in grond of vuur verdwijnen
dan is er gewoon niks niet meer


ik trap het af … van zero naar nul
zie dit prachtig lijnenspel zigzaggend
dagelijks in beeld verschijnen
maar waar in vredesnaam 
is nu die trap gebleven
open deur … daar is hij dan … toch?

Rob Mientjes

Share This:

Marjon van der Vegt en Magda Haan winnen de enige echte virtuele –  haal ajb de lente in je hoofd – trofee op pomgedichten.nl

dank aan alle dichters die hun lenteteksten instuurden. overweldigend veel – mogelijk een teken hoe zeer er verlangd wordt naar de lente en al hetgeen met de lente samenkomt of hangt of ligt. heel expliciet soms de teksten – lees Ien Verrips – of ietwat afstandelijk lees karlijn groet en of ditmar bakker – veelal liefdevol lees vera van der horst en of elbert gonggrijp en vurig door luk paard. de natuur bezongen als bij freda, rob mientjes, frans terken, rik van boeckel, jorge bolle en Cartouche en Anke Labrie.

kom ik bij goud dat ik mag uitdelen vandaag – terug naar mijn jeugd – de zomermaanden in het limburgse heuvelland – pluisjes blazen met wie ik liefhad op de lóssvelden, op het grasveld van zwembad zeekoelen in brunssum,  in de bossen aldaar, magda haan bracht me terug naar ooit en toen met haar fraaie gedicht ‘Paardenbloempluis’ – goud – en ook goud voor het gedicht waaruit de lente in  alle kleuren en geuren ons lezers tegemoet spat – ‘Voor altijd lente’ van marjon van der vegt. van harte! jullie gouden dichters.


Voor altijd lente

ik open de salondeuren zet twee stappen buiten, en verdwaal in dat wat lente heet kleine beestjes nodigen mij uit, en krioelen om mijn blote voeten, vers gras deint in de wind,  ik beweeg onder pirouettes van het magnoliabladerenballet, vlij mij neer en zie hoe kersenbloesem het krieken liefkoost, bijen verblijden bloemen die vragen om bestuift te worden, bosanemonen verleiden vlinders één voor één, aurora verwarmt ze tot de gevleugelden hongerig genoeg zijn om op zoek te gaan naar pure passie
Pom’s lente is geboren

Marjon van der Vegt
Voor de liefhebber:
Mijn gedichten 
Mijn fotowebsite
Website: Dichter bij de dood

met de hartverwarmende woorden van marjon zitten we helemaal midden in de lente – een heerlijke lente – alles wat je in de lente wil is hier uitgeschreven.
Dag Pom
 Ook hier is het lente. De nesten in nog kale bomen zijn al bezet. Ouders vliegen af en aan.
Fijn weekend.



Paardenbloempluis

ook nu gaan er dagen voorbij
met wisselend licht
van nacht en dag
zon en bewolking

nog niet zo lang geleden
toen we nog konden schaatsen
en ademen op bevroren glas
de lente lente was
de winters ijskoud
en nog van geen kwaad bewust
stonden we al met de voeten
in de natte klei

maar ik blijf blazen
als teken van voorjaar
in de wind

Magda Haan 

ach ja i remember de pluisjes die te blazen waren vroeger als kind – opnieuw hier de pom ingeblazen als signaal van de aankomende lente – een zacht en ontluikend gevoel.


  • Peter Knipmeijer – buiten mededinging
  • Anke Labrie – idem – én de regels van Pessoa
  • Marjon van der Vegt – vers gras deint in de wind
  • Vera van der Horst – in je blik lees ik het eerste bange bloeien.
  • Freda – hoe de merel zingt
  • Luk Paard – ik zie in’n dans van licht hoe je naam mooi bloeit
  • Rob Mientjes – frivool de gladiool
  • Karlijn Groet – bij het bottelen van de lente
  • Rik van Boeckel – men zingt zacht
  • Frans Terken – de goddelijke blauwe hemel buiten
  • Magda Haan – als teken van voorjaar
  • Elbert Gonggrijp – er hangt blauw licht in de lucht,
  • Jorge Bolle – ja dan ben je in aantocht
  • André Heijnekamp – het schone licht
  • Ien Verrips – nooit houdt het verlangen op
  • Cartouche – adem diep – schep nieuwe lucht
  • Ditmar Bakker – Jij was geen lente, maar een barre grond..
wie wint de enige echte virtuele –  haal ajb de lente in je hoofd – trofee op pomgedichten.nl?
 
laten we een keer hier volstrekt duidelijk zijn en de lente bezingen in poëzie – en alles wat de lente ons aanreikt aan liefde leven lust en zoveel meer nog. dichters ga uw goddelijke poëziegang u kent de regels: gedichten niet te lang svp tenzij noodzaak – 20 regels is genoeg – insturen voor zondag 10 uur 30. stuur in op het u bekende gmail.com adres van pomgedichten@ – of benut de blauwe contact functie boven aan pagina. of laat onder dit item een reactie achter -ik zorg er voor dat uw gedicht in het item wordt geplaatst. commentaar als altijd verzekerd.
 
 
wat is dat toch?
 
wat is dat toch
dat altijd weer
dat altijd altijd weer
onbenoembare sluipen
in mijn hoofd
 
en wat is dat toch
dat altijd weer en  
steeds maar weer
zo nodig moeten herhalen
van de jaargetijden
 
wat zo onherhaalbaar leek
en toch gewoon herhaalbaar bleek
 en ooit zo benoembaar leek
eenvoudigweg onbenoembaar bleek
 

pom wolff
  


 
Screenshot / PETER KNIPMEIJER – buiten mededinging

dank aan Peter voor de bijdrage aan de zondagwedstrijd die geen wedstrijd is. tussen de dikke dame en het raam op weg naar een geheime liefde – in utrecht is het nooit saai haha. mooi dichie.


 
dank aan Anke Labrie voor de – op de valreep ingestuurde ‘Pessoa’ bijdrage aan deze site – na de ochtendwandeling ontvangen – het jury rapport was al geschreven – net als hierboven de bijdrage van Peter Knipmeijer wordt Ankes poëtische bijdrage zeer gewaardeerd. zeer toepasselijk trouwens de beschrijving van een wandeling in de lente.

Waar het bloeit


Ik zie je staan in dit eerste licht,
grijs en onwennig van de lange kou.
Je handen bleek en gesloten als winterse knoppen,
die de warmte van de dag nog niet vertrouwen.

We zijn als de bomen, nog naakt en stram,
maar de lente eist ons op en haalt ons aan;
in je blik lees ik het eerste bange bloeien.

Onze vingers raken elkaar voorzichtig aan.
In de diepte van je ogen zie ik
het onherroepelijke, het onstuitbare,
dat ondanks alles weer wil groeien.

Vera van der Horst

gloeien – als laatste woord? laat de prille  liefde maar over aan vera en leg deze maar in aan veraas veilige en vertrouwde handen – ‘in je blik lees ik het eerste bange bloeien…’ ja dan ben ik al verloren als ik zo een regel lees.

vers groen

 
hoe diepe duisternis wijkt
voor wassend licht
teruggedrongen
naar koudere uren
 
prille zon zorgen 
van schouders smelt
oorlogen verder weg 
 
verwaaid in hoopvolle wind
 
hoe de dagen lengen
wij vergeten hoe bang we waren
 
nieuwe kleuren 
uit oude aarde breken
 
hoe de merel zingt tussen
vers groen


Freda 

mooi het wereldleed terug gebracht – voor ons lezers omgebogen –  tot het gezang van een vogeltje in dat verse verse groen. freda zal het groen bedoelen als op de foto hieronder.
” lentXplosie ” by luk paard

hoi pom,
de bijdrage voor de zondag die komt (22/3/26)….en’et is dus lente en ja zo welkom zo fijn dat’k dans as’n vlinder die fladdert…en dat’et van de liefde is dat’et voor de liefde is dat’et zo vurig is…en alles om en om dat’et lief zo ook naar mij en dat vuur en vlam….dat’et vuurt en vlamt…’n lente explosie…ja alles helemaal lente en dan komt’et schrijve…en voel je de kleure van’n gloeiend liefdeshart


<<<<<
(de rockdichter): zo de dag die’n zondag is en dus ter poms site de wedstrijd die geen….dat je’t dus kent en ik met’n vurige hart al van de lente in mij weet….en zo naar jou ja dans dans ja dans me dan tot vuur en vlam tot lente en nog van jou

” vurig hart ” 


asof’k vlinders vanuit de hande 
na zovele kere graaiend
in al de kleure

ze krijge adem mee
langs lippe die zoet en
ik kleef huid op vleugels
terwijl jij wordt bebloemd

ik zie in’n dans van licht 
hoe je naam mooi bloeit
in’n lente uit mijn buik

en laat je danse op vleugels
door me vurige hart


© luk paard


het is lente en de dichter luk paard weet wat hem te doen staat in taal en uitbundigheid – het is die gestyleerde uitbundigheid die we van Luk kennen – die bijna niet te temmen euforie – alsof er een paard uit de stal  in een lenteweide voor het eerst na de lange lange wintermaanden wordt uitgelaten. en de uitgesnoven woorden vliegen licht door de lente lucht – zij dwarrelen neer op de lezers en toeschouwers die vol verbazing niet anders kunnen dan deze lente met blij gemoed aanvaarden.



Dag pom, laten we drinken op de lente, heel langzaam, nu de lente al vroeg verschijnt in Twente en de rest van Nederland. Proost alvast.
Groetjes, Rob

Festina lente

… en het is nog zo vroeg
zij en hij … de lente
mogen allebei
de bloemetjes weer buiten zetten

frivool de gladiool
al moet die wel nog wachten
vierdaags en zelfs langer
hij haast zich langzaam

festina lente
de merels verslikken zich
in vrolijk lied zonder weerklank
het is nog veel te vroeg

zware lijven hunkeren naar zon
hoofden zijn op zoek naar frisse lucht
en toch zo voor de ogen
zou het zowaar nog kunnen sneeuwen

loom de poes en slap de hond
ze weten beter
baasje moet nog eerst vakantie boeken
en dan … is daar de lente … finally


Rob Mientjes

dichter wijst ons op de langzame gang die we hebben te gaan  richting lente – de elementen zorgvuldig in de strofen verwerkt. het zware kan langzaam maar zeker plaatsmaken voor het lichtere lentegevoel. eerst nog effe sneeuwlaarzen aan. als we rob mogen geloven.


lente

we dronken elkaar
tot de droesem eruit
sloegen lallend alle 
liefde achterover, klotsten 
o-ver-al over de rand


leegden elkaar 
tot er niets meer viel te 
proeven dan de dorst zelf;
een ordinaire smaak
in een ouderwetse kruik


bijvoorbeeld 
te gebruiken bij het 
bottelen van de lente of 
het schervengericht
de rest van het jaar


Karlijn Groet

ja karlijn heb er zin an. het zal een stevig jaartje worden als we dichter in dit gedicht mogen geloven – eigenlijk doet de tekst van  het gedicht me denken aan de prachtsong van alex roeka – Hemel En Hel – ‘het moet zijn zoals het is’ zingt de zanger – ‘geen berg zonder afgrond, geen vuur zonder rook, als je bloemen hebt gekregen krijg je het afval ook.’

Goedenavond Pom
Hier is mijn gedicht over de lente. Ik heb de lente zeker in mijn hoofd.
Met dichterlijke groet
Rik van Boeckel 


Het mooie beeld van de lente


De zon maakt ons leven warmer 
de lente leidt naar dagen vol stralend geluk 


kleurrijke tulpen en bomen vol groene bladeren 
geven het liefdevolle licht een mooi gezicht


de zee laat een horizon zien 
met water dat fraai naar het strand golft 


men zingt zacht met dit nieuwe seizoen mee 
nu de zon met de warme wind speelt 


de blauwe hemel is een dagelijks beeld
stijgende temperaturen laten ons vrolijk zingen 


de lente leidt naar de bekende toekomst 
het zomerse beeld dat niemand verveelt. 


Rik van Boeckel 
20 maart 2026

Rik maakt er bijna een liedje van – in ieder geval er wordt gezongen – de lente tegemoet.
Goedemorgen Pom, 
Eindelijk lente, tijd voor het grote genieten weer, mooi dat ik dit weer mag beleven! 
Mijn bijdrage hieronder.
Zonnige groet, Frans


Lentelicht

Hadden wij de nieuwe lente niet
wij zouden wegzinken in lusteloosheid
ons afkeren van een bloeiend bestaan
en begraven zijn in blijvende winterslaap

maakt het voorjaar ons eindelijk wakker
de katten springen krols door de tuin
doen we een dansje onder kersenbloesem
blaadjes waaien in het weinige haar

hoe de zon stralend ons hoofd verwarmt
het lentelicht duizelt ogentroost
trekt ons met kracht vanachter de ruiten

ach wie hier nog lang in bed blijft liggen 
dit verse seizoen droef verder slaapt
mist de goddelijke blauwe hemel buiten

© FT 21.03.2026

het weer volgende week moeten we maar vergeten – er worden vriesnachten voorspeld en dagen met mist en regen – voor die dagen hebben we dan in ieder geval dit sonnet van dichter frans terken. dan weten we hoe mooi de tijd zal zijn die komen gaat na de volgende week.

EN IK ZAL JE ZEGGEN WAAROM

Er staat een oude kastanjeboom achter het huis, er
hangt blauw licht in de lucht, er bloeien narcissen
in de tuin, allemaal voor jou natuurlijk – en alles
wat je ziet moet je al eerder hebben gezien – in
deze trage maar o zo mooie lente,

een en al verbazing aleer je het in de gaten kreeg –
is het daar, kan je er niet omheen, heeft het geen
enkele reden om vergeten te worden – is het daar
omdat het zo moet, omdat het niet anders kan –
aanwezig te kunnen zijn geweest –

vertel ik het jou, niet droefgeestig of bang, niet
verdrietig of boos, maar zoals het zich nu eens
aandient. Het zal nooit anders kunnen gaan –
het is ieder jaar weer anders, het is iedere
keer hetzelfde, elke herhaling weer – 

Elbert Gonggrijp

prachtregel: het – heeft het geen enkele reden om vergeten te worden –
eigenlijk is die regel zo sterk dat de andere regels het moeilijk hebben in het gedicht . het blauwe licht blijft bij mij ook hangen. je voelt dat een dichter bezig is geweest om te zeggen wat in wezen bijna niet kan worden gezegd.


als voor het eerst de koeien
uit de stal
als het eerste lammetje
als de krokus
het sneeuwvlokje voor is
als de laatste sneeuw
nog vluchtig smelt
dan
ja dan
ben je in aantocht


Jorge Bolle

ja in alle eenvoud heerst er lente in dit gedicht – lente zoals lente lente is.

Lak

Het is mooi hier op het bankje
ik wil niet nadenken over later
zoals ik deed toen ik het lakte.

Bescherming aanbrengen
voor invloeden van buitenaf
en nu ik hier zit
wil ik niets anders.

Het schone licht
de lauwe bries
de nieuwe geluiden.
Ze zullen mij verteren
en toch
ik kan mij niet verweren.

André Heijnekamp

die hele persoonlijke en aandoenlijke gedachten – een bankje – een gedachte – een idee – een gewaarwording – een voorspelling – een eigenschap – ze vertederen als je ze leest in al hun eenvoud.

nooit houdt het verlangen op
door de jaren sluimerend
misschien zoetgehouden
door zingeving en zorg
maar nooit houdt het verlangen op
naar dat goddelijk moment
van orgastische volmaaktheid
van woeste gloeiende ongebreidelde allesverzengende supergeile sex
er is lente in de lucht

maart 2026
Ien Verrips

het lente verlangen op een lentefrisse en weinig verhullende wijze uitgeschreven. dat mag gezegd worden over de voor veel dichters herkenbare laatste regels van het gedicht.

Keer op keer

als feniks eens, uit as herrezen
ontwinter mij – lente me langzaam
opdat ik niet langer meer eenzaam
jij, mensgelijk en mytisch wezen

die jubelt om het prille leven
lacht om wat was, het grijs verleden
verworden tot een breekbaar heden
vol aeonen oeroud streven

spreid nu je geurig kleurige pracht
adem diep – schep nieuwe lucht
vlieg uit in tomeloze vlucht
en verstom de stilte van de nacht

zoals de vader zich weet
voort te leven in zijn zoon
zo baart het voorjaar telkens weer
oud vertrouwde nieuwe toon

21-03-2026 / Cartouche

Cartouche neemt bij dit thema de kans waar om los te gaan.  de lente doet al het dichterlijk bloed in hem koken en dan krijgen wij als lezers mooie woorden, malse zinnen en met poëtische taalkracht doorspekte  regels voorgeschoteld.

DE VERLOPEN LENTE
Jij was de lente in de dolle klucht
die leven heet, die steels rimpels penseelde 
in het gelaat waar jij de wang van streelde
en zomers zouden komen, vol van vrucht!
Liefde als water. Lente is roemrucht,
belooft eenieder warmte, wol & weelde:
zelfs of vooral daarin minderbedeelden.
Er hangt nog vorst, reeds giergeur in de lucht.


Jij was geen lente, maar een barre grond
waarin ik plassen liefde plengen kon
totdat ik mij in voze modder vond
vermengd met vele kílo’s koeienstront.
Die stront was koud, als jij: geen lentezon
lag in jouw blik, maar leugens in je mond.
***[D.B]

ja Ditmar weet er wel raad mee – geen mooie lentepraatjes – er wordt niets gedoogd. de giergeur in strofe 1 nogal persoonlijk uitgewerkt in strofe 2 – haha – je zal zo de lente in moeten gaan – ook de ‘minderbedeelden’ krijgen een plaatsje in het gedicht. de zo sociaal de mensheid invoelende dichter vergeet echt de minderbedeelden niet. in huize wolluf hier drie hoog achter in de jordaan wordt luidruchtig gelachen om zoveel solidaridaad. buurvrouw bettie krijst in het trappenhuis – ze wil rust.

Share This:

KIKI genomineerd – ik ben voor KIKI – “kwaad wordt geholpen door alles wat zwijgt…”

Share This: