Dear Pom Vandaag is het precies drie jaar geleden dat ik bij jou in dienst kwam om onze geweldige Mens en Melodie te maken. Ik doe dit nog steeds met enorm veel plezier. Mijn gedicht Eilandkinderen is door de Mookse performer Marjolein Pieks op muziek gezet. Beleef veel plezier aan deze jubileumuitgave.
Liefs Karin
lieve Karin, op poëziegebied ben jij het beste dat mij in mijn leven is overkomen. zo een geweldige dichteres vind je nergens in dit kikkerland. en het is niet dat ik het zeg omdat je voor pomgedichten punt nl wil schrijven – ik zeg het al zeker meer dan 20 jaar. de eerste keer dat we met de residentie optraden ergens in Alkmaar dacht ik – dat ik een dichteres hoorde en bijna een hartverlamming kreeg door de indringende schoonheid en kracht van de woorden – en daar stond zij: KARIN BEUMKES. uit de grond van mijn hart dank je voor de mooie bijdragen elke maandag hier op de pom. hoe goed bedoeld ook van marjolein – mijn mening – ze doet aan de woorden van jouw gedicht geen goed, geen recht. klanken dienen ondersteunend te zijn bij een gedicht – de klanken dringen zich in marjoleins versie op en verjagen de woorden. je kunt ook zeggen hoe maak je van een wereldgedicht kattengejank. nou zo!
Eilandkinderen
Ze ruiken naar onweer weten hoe bloedsiroop wordt aangelengd meisjes kennen hoge toppen, diepe dalen jongens halen vocht uit droesem beide seksen hebben de kuikendief ontmoet onthouden hoe angst van hazen peper maakt dat er na het niezen niet wordt nagehuild hagel soms vergeleken wordt met suiker dik broodbeleg dat op daken daalt rabarberstengels zijn met bananen zoeter hoe je regen in de grond stopt wortels liggen dieper weinig aan hen toe te voegen zo stappen ze aan boord hun voeten moeten voelen dat taal universeel is taal is het woord van fluitschepen in de snavel van de wind.
ik denk dat we vandaag CARTOUCHE maar eens in het gouden zonnetje moeten zetten – wat een prachtgedicht – om tranen van in je ogen te krijgen – schreef ik in het commentaar – Anke en Ien maken de onverwachte wending – de focus niet op een ander – maar Het Zelf centraal gesteld – om voor een ander te bestaan. mooi! zilver en brons delen zij deze week. van harte gefeliciteerd – alle inzenders dankjullie wel – en JAN ROT natuurlijk – dat we nog veel mooie songs mogen genieten.
Stel
Stel , ik kon je overdoen, ik zou je hemelblauw of papaverrood kunnen dopen, ofschoon zwart en wit is natuurlijk in het licht van huid en haar meer voor de hand
maar doe ik je recht als ik me jou verbeeld liggend op een canapé als ‘de oorsprong van de wereld’ blikvanger en topstuk in mijn goed geklimatiseerde vaste collectie
van verloren onderwerpen het beste is jij – en ons natuurgetrouw te bewaren in wit regels van dit gedicht-palet, hoe ontoereikend ook om jou ten voeten uit te schilderen mijn lieve – jazeker, je geeft me zo veel te betekenen nog, onnoemelijk veel met jou te stellen
05-09-2021 Cartouche
–> ach ja – stel dat het zou kunnen – dat prachtige zo persoonlijke thema deze week aangedragen – aangezongen door JAN ROT die prachtige gedachte – stel stel…. – maar ja een regel met ingebakken weemoed – de onvervangbaarheid een gegeven maar ook het besef van nooit meer, nooit meer zo, nooit meer zoals het was, alleen in de nachten wellicht nog waarin we toveren – toveren in het duister – dat zou een titel van een gedicht kunnen zijn – een titel, een gedicht, hoe ver weg ben jij.
Cartouche benadert de zaak op juridische wijze: doe ik je recht de vraag die hij stelt – niet meer aan haar maar aan zich zelf en aan de lezer, aan ons. het antwoord in schilderachtige bewoordingen gegeven in de laatste strofe. een voluit JA. met die mooie regel: ‘je geeft me zo veel te betekenen nog…’ om tranen in je ogen te krijgen zo mooi dat eerbetoon.
Bijzonder thema en ik aarzel dit keer om in te zenden omdat ik het lied van Jan naast heel mooi ook best confronterend vind. Vooral het idee dat het níet kan (soms verzin ik gewoon maar een hemel als het te verdrietig wordt).
Toch maar inzenden, dat het wat vreemd is besef ik, zoals je ziet.
Hartelijke groet, Anke
vreemd liefdesliedje
wie zou mij nog een keer willen zien stel dat dit zou kunnen als ik er niet meer ben
wie zullen mij missen
niet een beetje dat uiteindelijk wel went maar echt heel veel
jij
gelukkig ben jij er niet meer
anke labrie (04-09-2021)
–> ach ja – stel dat het zou kunnen – dat prachtige zo persoonlijke thema deze week aangedragen – aangezongen door JAN ROT die prachtige gedachte – stel stel…. – maar ja een regel met ingebakken weemoed – de onvervangbaarheid een gegeven maar ook het besef van nooit meer, nooit meer zo, nooit meer zoals het was, alleen in de nachten wellicht nog waarin we toveren – toveren in het duister – dat zou een titel van een gedicht kunnen zijn – een titel, een gedicht, hoe ver weg ben jij.
Anke houdt het bij de ’Umwertung aller Werte’ en maakt het heel persoonlijk – wie zou MIJ missen schrijft ze – op die ene onvervangbare wijze – die manier waarop we allemaal gemist zouden willen worden – stel dat het zou kunnen – hier beschreven in die wending – in die U bocht om toch weer uit te komen bij JOU – de enige echte, niet meer mogelijke.
ontwaken als een man wil ik zonder schroom de kroeg in zonder blikken die me keuren maar gewoon met vrienden slap lullen boven ’tbier die ene dag als man een vrouw versieren en weten bij die ene dag hoort ook de nacht
Ien Verrrips
–> ach ja – stel dat het zou kunnen – dat prachtige zo persoonlijke thema deze week aangedragen – aangezongen door JAN ROT die prachtige gedachte – stel stel…. – maar ja een regel met ingebakken weemoed – de onvervangbaarheid een gegeven maar ook het besef van nooit meer, nooit meer zo, nooit meer zoals het was, alleen in de nachten wellicht nog waarin we toveren – toveren in het duister – dat zou een titel van een gedicht kunnen zijn – een titel, een gedicht, hoe ver weg ben jij.
Ien pakt het thema anders aan – maakt het thema ook persoonlijk – zoals de stadsdichter van Amersfoort begreep ik uit zijn woorden graag zich innestelt in de zienswijze van het beschrevene – in zijn geval de ontsnapte en inmiddels dode wolven daar te Amersfoort – nestelt Ien zich deze week in de psyche van de man die – vrij naar sonneveld – het lonken niet kan laten. (onee in het liedje van sonneveld is een ZIJ beschreven.) hoe dan ook Ien komt bij zich zelf uit en wil een keer ongecompliceerd – misschien mag het gedicht zo samengevat.
Rik van Boeckel: morgen reikt de dag een warme hand naar moeders
Frans Terken: de maag met liefde gevuld als dat vandaag zou kunnen
Cartouche: Stel , ik kon je overdoen,
Anke Labrie: als ik er niet meer ben
Ien Verrips: ontwaken als een man…
wedstrijd gesloten
wie wint de enige echte virtuele – naar JAN ROT – ‘stel dat het zou kunnen’ – trofee op pomgedichten punt nl?
yvonne koenderman zat de afgelopen week in een rotterdams bootje met hem – mooie opnamen trouwens – van de heel vaak zo onderschatte singer songwriter jan rot- prachtig nummer ook – stel dat het zou kunnen – de nieuwe columnist van AD tot de dood hem van zijn lezers scheidt. maar deze week zijn de dichters hier aan bod – WAT DAN? als het zou kunnen – jan rot uw inspiratiebron – we lezen het graag hier bij de enige echte virtuele. u kent de regels:
gedichten niet te lang svp tenzij noodzaak – 20 regels is genoeg – insturen voor zondag 10 uur 30. stuur in op het u bekende gmail.com adres van pomgedichten@ – of benut de blauwe contact functie boven aan de pagina. of laat onder dit item een reactie achter -ik zorg er voor dat uw gedicht in het item wordt geplaatst. commentaar als altijd verzekerd.
en ik, ik wil de amstel zien
zwanen zwemmen witheet weg dat noem ik geen natuur
afgesloten vrouwen fietsen me voorbij de een de hel, de ander rood een derde kijkt nog even om zich heen en opgebroken weg
maar toch om één keer nog in die bezeten blik van de stuurvrouw van de laga acht het meisje zien zoals ze was wil ik altijd naar die amstel weer
pom wolff
Pom, hier mijn bijdrage geïnspireerd door het prachtige lied van Jan Rot en mijn reis door la douce France.
Groeten, Rik
Met de douce Franse slag
Zal de reis toch niet vergeten la douce France zal het wel weten met moeders eau de cologne langs de groene weiden in de Dordogne de megalithische franje van Bretagne
doch die reis is nu een droom van Duinkerken naar Brugge raakt de werkelijkheid in zicht
vandaag hangt liefde in de lucht wordt het lustig lied zo snel gezongen met de stem van Pavarotti de ladderende tonen van Jacques Brel
morgen reikt de dag een warme hand naar moeders aan de overkant laat de harp haar tonen strelen met de douce Franse slag.
Rik van Boeckel 4 september 2021
–> ach ja – stel dat het zou kunnen – dat zo persoonlijke prachtige thema deze week aangedragen – aangezongen door JAN ROT die prachtige gedachte – stel stel…. – maar ja een regel met ingebakken weemoed – de onvervangbaarheid een gegeven maar ook het besef van nooit meer, nooit meer zo, nooit meer zoals het was, alleen in de nachten wellicht nog waarin we toveren – toveren in het duister – dat zou een titel van een gedicht kunnen zijn – een titel, een gedicht, hoe ver weg ben jij.
Rik memoreert de 4711 van moeder ooit op weg naar douce france – eau de cologne – kölnisches Wasser inmiddels verdampt. het einde van de reis waarin gisteren, vandaag en morgen zijn beschreven. mooi gedaan.
Dwarsdenken
Jaja maar toch zei m’n moeder steeds alsof ze niet halfdoof was voor m’n dwarsdenken
alles kon ik tegenwerpen maar niet hoe ze de emaille pan – de betere wereld van Cousances – met een halve gebraden kip van het fornuis haalde
en zei ‘neem dit nu maar mee’ dan zou ik wel anders denken over hoe het ons en de wereld verging
niet de smaak van wat gedacht maar de vingers afgelikt de maag met liefde gevuld
als dat vandaag zou kunnen haar hand aan de knoppen het vuur als onder de pan
–> ach ja – stel dat het zou kunnen – dat zo persoonlijke prachtige thema deze week aangedragen – aangezongen door JAN ROT die prachtige gedachte – stel stel…. – maar ja een regel met ingebakken weemoed – de onvervangbaarheid een gegeven maar ook het besef van nooit meer, nooit meer zo, nooit meer zoals het was, alleen in de nachten wellicht nog waarin we toveren – toveren in het duister – dat zou een titel van een gedicht kunnen zijn – een titel, een gedicht, hoe ver weg ben jij.
ook Frans memoreert – op smaakvolle wijze moeder – in de keuken, woorden, geuren en het gerecht en wat wijze raad. de woorden vandaag met liefde gevuld – zo kan het gedicht samengevat.
Weer wakker in het Franse en Bretonse land. Het verleden wordt een droom die vandaag in Mont St.Michel werkelijkheid wordt.
Salut, Rik
De Bretonse Droom
De Tumulus verlaten de energie in de gaten na vele trappen in Le Puy-en-Velay duizenden stappen in Menhirland langs de ruige kust van Quiberon de megalithische site van Gavrinis de dolmen van Karnag
de Bretonse droom leidt naar wallen van Port Louis y Hennebont stappen zo gezond nieuw dorp hallo de zending van Concarneau brengt la rêve verder dan de herder
Quimper of Kemper koerst naar de ruime haven van Brest het bos van Sapins brengt bruggen voort in Le Relecq Kerhuon dwars over de zee de huizen van Lannion klimmen hoog zoals de kapel van Mont St.Michel.
De okergele wind wappert gordijnen. De gebakken lever van de buurman ruik ik. Nog net bij bewustzijn pak ik mijn tandenborstel en paspoort in mijn tas. Voort gaat het naar koele bergtoppen met eeuwige sneeuw,
Ik besta uit loszittend loof, de bom zal snoeihard vallen.
Dear Pom
Soms heb je van die ogenblikken dat je je eigen nachtmerries herinnert. Dat is een akelig gevoel, maar desondanks moet je daar toch doorheen. Hier heb ik zo’n gedicht. Het is nieuw, maar gelukkig kan ik zeggen dat het een aantal jaren achter me ligt. Gelukkig kan ik zeggen: weg met al die herrie. Hopelijk vind jij dat ook. Liefs Karin
Loszittend loof
Immuun voor de galm van klokkentorens niet gevoelig meer voor de geuren uit de zee. Olie in mijn veren, plastic in mijn hoofd, een haarbal in mijn hart.
Verward gespeeld, vals gedroomd, zonder geld en in een grote stad, het is nu drie voor twaalf en jij bent bijna bij me weg.
Feestje gehad, maar niet geleefd en dat gelogen ook.
Rook op mijn netvlies, een ernstige vlinder daalt neer op mijn neus en bekijkt me bitter en ik stamel: dit leven is niet langer serieus.
Ik besta uit loszittend loof, de bom zal snoeihard vallen.
laat ik beginnen de dichters te bedanken voor de inzending van de gedichten bij zo een moeilijk thema: een door ACG VIANEN aangereikt woord ‘bedachtzaamheid’ – Cartouche, Erika de Stercke en Rik van Boeckel reiken aan het eremetaal wat betreft dit jurylid – het zo in evenwicht zijnde gedicht van Rik van Boeckel waarin heden en verleden in het zo mooie franse land is gesitueerd omhangen wij van hier met het goud van de zonnekoning. Cartouche schreef al die liefdesregels wat ons betreft in zilver en Erika sloop subtiel naar brons. Van harte, heb een mooie zondag en beste lezers geniet de dichtpracht van deze zondag.
Wakker in het Franse land
Wakker in het Franse land en route schuift het nabije verleden de wereld van herinnering in
de reis passeert bedachtzaam langs golven groen van de Ardèche de Thèze stroomt de toekomst binnen
uit zonnebloemen springt het levenslied de nieuwe dag parkeert in Bretagne voor de minstreel van het heden
het zingend licht is een vergezicht wolken laten klanken gaan toen en nu ze zijn nimmer klaar.
Rik van Boeckel 29 augustus 2021 Carnac. Bretagne
Een echte van Boeckel mogen we hier aanvaarden – maar deze keer volkomen in evenwicht. het heden, het verleden – een rivier die de toekomst instroomt, het licht als vergezicht – en zo dat toen en nu nimmer klaar zijn. mooi beschreven!
Wie ben ik zonder woorden niet meer dan een vat bezonken jonge, klare wijn
zeg jij – liefde behoeft geen krans sonnetten, bedachtzame zinnen of slam, laat staan spoken word
die valt alleen te voelen – moet je weten, lezen als een paar aren, zo onnoemelijk zie ik je liefst
rood – als een vel van het allerfijnste perkament me maanzacht als de nacht branden en merken kan
hoe jouw ogen van een afstand – hand over hand mij de lijnen weten te dichten in mijn gezicht
–> ik zie dit toch als een min of meer pure liefdesverklaring. voor een beschrijving van het youtube filmpie alleen moeten we niet bij Cartouche zijn. deze dichter door emoties overmand gaat zich bij zo een film te buiten in dichterlijke liefdestaal – als je cartouche leest is het filmpie bijna overbodig geworden. tsja dat is cartouche – zijn bedachtzaamheid zit aan de voorkant van het gedicht: met welke woorden kan ik die alles overtreffende emotie in een gedicht neerleggen zonder dat ik zelf r aan onder door ga. wederom gelukt als geen ander. afgepast en afgemeten de woorden – een gedicht dat op ontploffen lijkt te staan. een gedicht met ontploffingsgevaar.
thermometer
moet ik de waarheid uitkotsen om gehoord te worden zij die me willen omzeilen met nieuwe woorden
bedachtzaam kijk ik toe naar grote sier rond lege lijven een handzoen vliegt voorbij hij mist zijn doel
in de keuken voel ik me veilig rol het deeg uit voor een taart appels spreken niet tegen laten het snijden begaan
de radio heel hard ik zing een verzonnen lied het oventje op temperatuur mijn leven bakt langzaam gaar
Erika De Stercke
–> na de eindhoven sessie van vorige week – weet ik – erika de stercke = minimaal 2X lezen. vorige week voltrok zich dat wonder. een eerste keer hoor je het gedicht en je denkt ok een gedicht. de tweede keer leest ze hetzelfde gedicht en je zit op het puntje van je stoel en na de derde lezing lig je gestrekt languit. (krijg je díe zo schone wonderbaarlijke ‘vlaamse’ klanken erbij cadeau. en zo ook gaat het met dit gedicht. ineens vallen wonderbaarlijke regels op na een paar keer lezen: een handzoen die voorbij vliegt, appels die niet tegen spreken en een leven dat langzaam gaar bakt. goeie titel ook.
Yvonne Koenderman: toch zal je er altijd zijn
Frans Terken: hoort de zondagochtendklokken
Erika De Stercke: bedachtzaam kijk ik toe naar grote sier rond lege lijven
Cartouche: Wie ben ik zonder woorden
Vera van der Horst: zelfs dat klinkt aangenaam
Anke Labrie: hier en daar nog wat verschoven
Rik van Boeckel: toen en nu ze zijn nimmer klaar
wie wint de enige echte virtuele – vrij naar ACG VIANEN – de bedachtzaamheid overgelaten aan wat woorden – trofee op pomgedichten punt nl?
de prachtige pentekening van ACG Vianen is deze week de inspiratiebron – hoe bedachtzaam kan een dichter wezen? en hoe brengt de dichter bedachtzaamheid tot uitdrukking in welke woorden. geen makkelijk thema maar poëzie bestaat ook niet voor het gemak. wel voor de bedachtzaamheid. u kent de regels: gedichten niet te lang svp tenzij noodzaak – 20 regels is genoeg – insturen voor zondag 10 uur 30. stuur in op het u bekende gmail.com adres van pomgedichten@ – of benut de blauwe contact functie boven aan de pagina. of laat onder dit item een reactie achter -ik zorg er voor dat uw gedicht in het item wordt geplaatst. commentaar als altijd verzekerd.
waar waren we gebleven jij sprak woorden van diepe aard dit wordt typisch weer… zo een gedicht… van jou… waarin…
ik hoorde je denken dit wordt inderdaad een gedicht bevestigde ik bedachtzaam
waarin… de woorden… elkaar net niet raken…
pom wolff
Het was geen gewone ontmoeting tussen liefde en genegenheid we leefden tussen woorden
bij de haren getrokken adjectieven werkwoorden die groeien als onkruid er zijn er die met geweld binnendringen
jij drong in alle rust, langs de buitenkant mijn hart binnen. we vonden elkaar toevallig tussen woorden.
persoonlijke voornaamwoorden zoals IK in liefdesverhalen draait het niet alleen om de liefde Geen ” ik hou van jou ”
toch zal je er altijd zijn
Yvonne Koenderman
–> hele sterke laatste regel. een onontkoombare laatste regel. hele sterke eerste regel ook onontkoombaar – en tussen die gouden regels het gedicht – lekker rauw geschreven – van Yvonne. met adjectieven en persoonlijke voornaamwoorden en meer – en met het hart – een met het hart geschreven gedicht om bij die bijzondere geliefde stil te staan. een ontmoeting waarna de wereld voor altijd anders is. en in welke woorden dan ook – het was een ontmoeting voor altijd – lezen we. dat dringt regel na regel meer bij de lezer door.
Stiltegebied
Je groet de visser met zijn dobber gespannen wacht hij op beweging kijkt je met een schuin oog vuil aan als een reiger die aast op z’n prooi je dempt het ploffen van je schoenzolen
hoort de zondagochtendklokken in torens waar gebeier niet van de lucht is honden op de dijk blaffen er schande van alsof enkel zij en krijsende meeuwen zich tegen de stilte mogen keren
ik vis naar woorden mompelt de visser niet dat je die hier kunt horen ze houden zich koest in het gebied waar klepels de grens overschrijden
hier zit ik in stilte vang woorden die voorbij drijven op zoek naar goed gezelschap wacht tot het fluistert in mn hoofd
–> de dichter die in de laatste strofe bij zich zelf uitkomt – mooie woorden opvangt neem ik aan – ‘die voorbij drijven’. prachtig gezegd – bedachtzaam – in contemplatie – en de locatie goed gekozen: stiltegebied – een zondagochtend, de kerkklokken, de visser, een hond wat meeuwen een reiger. voordat de dichter bij zich zelf uitkomt moet de wereld eerst aan de kant en de druktemakers in het stiltegebied tot stilte gebracht. pas dan is het vissen naar woorden in dichters hoofd mogelijk. apart stukje natuur op een willekeurige zondagochtend. gelukkig dat er dichters zijn.
Als jij zwijgt hoor ik mezelf weer
Op blote voeten loop ik over het parket geruisloos haast en pak het bakje van de kat dat is van metaal en tikt heel zachtjes tegen de gootsteen aan waarin ik het plaats onder de kraan die ik dan opendraai
Ik luister naar alle geluiden die ik maak als ik een glas pak uit de kast en dat op de aanrecht zet waar de melkopschuimer de melk tot een grote witte wolk draait die ik dan rustig glijden laat in het glas
Het koffieapparaat maalt de bonen vast hij maakt daarbij een enorm kabaal zelfs dat klinkt aangenaam waarna de koffie in het schuim druppelend twee bruine gaatjes achterlaat
En tussen deze klanken door neem ik sprakeloos mijn gedachten waar
Vera van der Horst
–> nu de dichtersrommel van vorige week in veraas tuintje is opgeruimd daarachter – in eindhoven – en vera weer een beetje bij zich zelf is uitgekomen – wordt het huis, de huiskamer, het parket, de keuken, het hele halve huis weer eens even goed gecleand. gelukkig is er ook KOFFIE. even een bakkie doen met connie lahnstein wellicht en dan in bedachtzaamheid het leven aanschouwen: eerst nog even zonder conny. als vera in haar huisje alleen aan de koffie is dan weet je er komen mooie regels aan: ‘sprakeloos (neem ik) mijn gedachten waar’ – en die dan opschrijven.
de juryvoorzitter van vorige week peter le nobel zou uitroepen – nieuwe tijden nieuwe normen. neen koffie in een gedicht dat kan echt niet meer – daarmee smokkel je oude plantages met tot slaaf gemaakten een gedicht in – daar komt in dit gedicht nog bij dat de witte melk met de melkopschuimer tot een grote witte wolk wordt opgeklopt – stuitend gewoon – vuig!
taal
behoedzaam neergeschreven ontstonden ze tegen de regels in
tot op de komma hier en daar nog wat verschoven kwamen er nieuwe woorden
eerst nog angstig bij elkaar
binnen de oude woordenschat werd elke wijziging gemeden
–> Anke schrijft heel inclusief – peter le nobel kan tevreden zijn. dichter geeft de voor elke taal algemeen geldige regels – dat uiteindelijk de taal haar eigen zinnen wel zoekt. de dichter als doorgeefluik – bijna zoals kunstenmaker anton heijboer hier aan de komiek van duin illustreert – alleen bij heijboer ontbreekt de in dit gedicht zo mooi neergelegde behoedzaamheid.