we namen afscheid van de man die zeg maar rustig grenzeloos onder prikkeldraad door en door elk prikkeldraad heen wel iets van vrede wist te vinden
we namen afscheid van zijn vrouw die hoe geweldig het allemaal ook was en hoe fijn het feestje klopte zichtbaar genoot van het oorlogspad wellustig spanningen te snijden kreeg
we namen afscheid van hun kind dat waar het ook verbleef of hing kauwgom onder een tafel wist te plakken en altijd wel een glas vol cola over een nieuwe bank te kegelen wist
en we namen ook afscheid van hun hond die ook dit keer weer kwijlend binnenkwam zindelijkheid niet echt in het vaandel droeg naar alles hapte wat bewoog rusteloos het huis door rende
en blafte blafte ja onophoudelijk blafte ‘gezellig toch’ zei de man van vrede bij het weggaan
Vroeger waren we blij, dat we in Nederland woonden. We waren vrij. Dat waren we sinds 1945, toen de Amerikanen ons kwamen bevrijden. Het waren de Amerikanen, die ons de echte vrijheid kwamen brengen. Zo brachten ze ons het geld van Marshall, later de hippies en de losse moraal. Daarna dat hebzucht goed is en ieder voor zich. Alles moest maar kunnen. En kon de facto ook. Gek was nooit gek genoeg. Dat was aan de andere kant van het IJzeren gordijn wel anders als je door de Russen was ‘bevrijd’. Neem de Duitse Democratische Republiek, de DDR. Daar had je de Stasi. De ‘Staatssicherheit’. Die controleerde het openbare leven. En niet alleen het openbare leven. Ook achter de voordeur was de invloed van de Stasi niet te ontkennen. Je buren zouden je verraden, als het ze uitkwam. Tot aan je familie toe. Je was eigenlijk voor niemand veilig. Al je gangen werden minutieus gevolgd door het staatsapparaat. Dissidente gedachten waren verboden en dito gedrag werd streng bestraft. Daar wisten ze nog wat heropvoeden was. Zo hield je het volk in de pas.
Wat ben ik blij, dat ik niet in zo’n land ben opgegroeid. Ik mocht zeggen wat ik wilde en kon daar hoogstens door mijn ouders of leraren op school in gecorrigeerd worden. Als die niet in de buurt waren, was ik volledig vrij in mijn doen en laten. In mijn denken al helemaal. We deden de gekste dingen. Maakten graffiti, zopen veel te veel, altijd maar blowen, krenkende gedichten schrijven en voorlezen aan vrienden, zoenen met meiden, vechten met jongens en niets van dat alles bereikte ‘ons gezag’, want die zaten thuis voor de buis. Enkel aan een zuigvlek, blauw oog of een katerkop konden ze zien hoe de avond verlopen was. Als ze vroegen hoe het was geweest, kon je daar soms zelf ook enkel maar naar raden. Je had dan in ieder geval nog je vrienden om een reconstructie te maken van de vierentwintig uur daarvoor. Bewijs was schaars en vaak al verdwenen, voor welk gezag dan ook, daar iets mee aan had kunnen vangen.
Ik ken tegenwoordig collega-ouders, die ‘afspraken’ maken met hun kinderen. De kinderen mogen enkel de deur uit als ze laten weten waar ze heen gaan en met wie. Ze moeten dan beloven, dat ze het volgsysteem op hun slimme telefoon aanzetten en bereikbaar zijn. Hun lesroosters, cijfers en banksaldo’s worden gecontroleerd door de hoeders. Onder de zestien, kom je de meeste kroegen niet binnen in het weekend. Een alcoholische versnapering kun je al helemaal wel vergeten. Geen barman of -vrouw meer, die het risico nog neemt de vergunning te verliezen door een ‘lok-tiener’. In supermarkten worden identiteitsbewijzen, die je overigens altijd bij moet hebben, ook grondig gecheckt. Vriendjes, vriendinnetjes, vijanden, bewakingscamera’s en omstanders filmen alles, dat ook maar een beetje uit de pas loopt. Dat staat dan binnen twee minuten op de het digitale netwerk. Het verband met je hele levensverhaal en je zoek- en consumptiegedrag is dan snel gelegd. Om nog maar het zwijgen van je meningsuitingen op de diverse kanalen. Alles, maar dan ook alles wordt vastgelegd en waar nodig gemodereerd en door slimme algoritmes is een onwrikbare context gebracht. Het mag ook allemaal gebruikt worden door justitie en de ordediensten. Voor de ‘veiligheid’. En dat is volledig normaal.
We zijn er met z’n allen in gelopen. We leven tegenwoordig in de Europese Democratische Republiek. De vrijheid die ons gebracht is, hebben we met twee handen aangepakt. We zijn gewillige staatsburgers geworden, die vergeten zijn, waarom onze eigen jeugd zo goed voelde. We zijn overtuigd, dat het zo beter is. Voor de kinderen. Alles voor de kinderen.
VON SOLO DICHTER, COLUMNIST, PERFORMER EN CINEAST Check de actualiteiten van VON SOLO op www.vonsolo.nl Lees ook de wekelijkse column van VON SOLO op www.POMgedichten.nl
Het kersenboompje stond stralend geel vanochtend voor mijn raam herinnerde me aan de kortstondigheid van schoonheid
en op de mat lag weer een rouwkaart blozende buurman nu alleen nog dood te zien
mijn tuin vermagerd en verwaaid vertoont steeds meer gaten een eindeloze regen roffelt blues.
een beetje gezapig. Ik heb daarna nog een herfstgedicht geschreven, misschien beter voor de woensdag
Herfst
Hier heerst opnieuw de herfst we verkleuren, dwarrelen neer overdenken dat we gaan sterven we liggen verweekt in de goot en schrijven weemoedige gedichten
zo zou het kunnen zijn als niet ook de waanzin aan de macht het bittere einde regisseert verblinde mensjes vechten hun bloedende gelijk uit we zien de video’s van alles in puin en schuld die turft de dode kinderen.
onherroepelijk het eind in zicht het laatste hoofdstuk is ophanden dit komend afscheid wil je niet in deze wereld wil je langer wonen stribbelend tegen het naderend slot ben je gedoemd om door te gaan pas op de plaats is geen optie voor de lezer
Smullen werd het zeker niet. Maar het volk heeft gesproken. Luid en duidelijk. Arme Frans. Dat nou juist hij, de gedroomde premierskandidaat op links, door datzelfde volk werd genegeerd valt hem uiterst zwaar. Gekrenkt en gekwetst is ‘ie. Vol ongeloof dat hij van Geert verloren heeft. Dat juist hem dat moest overkomen is ook wel een zure appel. Een deuk voor z’n ego. Maar verblind door ijdele woede sloeg Frans met z’n eerste reactie de plank meteen weer mis. Als een slechte verliezer schoffeerde hij een kwart van de Nederlandse kiezers door ze rücksichtslos weg te zetten als ultrarechtse extremisten. Hij moet toch beter weten? Het zijn toch juist mensen aan de onderkant, allochtonen inbegrepen, die massaal voor Geert kozen? Frans´ klassieke achterban nota bene! Dat past blijkbaar niet in zijn Europese denkraam. Dat die mensen niet op hem stemden: Frans, redder van Nederland. Verslagen op eigen terrein. Woest is ´ie. Toegegeven, het was natuurlijk niet makkelijk balanceren op die splijtzwam. Rood met groene stippen. Daarvan heeft Geert optimaal profijt getrokken. Nou ben ik helemaal geen fan van Geert, integendeel, maar hij hamert al jaren op thema´s die zwaar op de onderkant van de samenleving drukken. Of men dat nou horen wil of niet, heeft hij daarvan consequent een punt gemaakt. Zowel op links als op rechts werd Geert steevast genegeerd als een roepende in de woestijn en weggezet als louter een racistische clown. Op zijn best werd hij in de kamer gedoogd. Nooit serieus genomen.
Doof voor duidelijke signalen uit de samenleving ging de politiek gewoon door met het eigen droombeleid voor een betere wereld. Vanuit de eigen koker, comfortabel in het pluche gezeten. Groen, groener, groenst. Kom allemaal maar lekker binnen. Vlees in de ban. Sturen op stikstof en CO2. Als een rupsje nooitgenoeg moest Nederland daarin per se voorop lopen. Geert mag dan op deze thema´s een stevig conservatief beleid willen voeren, maar vanuit sociaal economisch oogpunt is de man gewoon keihard links. Meer geld in de schrale portemonnee van de burgers! En mede op dat thema heeft hij de winst binnengeharkt. Dat het onmogelijke is gebeurd verbaast mij weinig. Een kat in het nauw maakt nu eenmaal rare sprongen. Die stemt met hart noch hoofd; maar met de portemonnee. Als daarvan de bodem is bereikt, laat dat weinig ruimte voor idealen. Alle huilers likken nu hun wonden. Hadden ze nou maar beter naar Geert geluisterd. Ook voor Dilan is het zuur. Zij werd afgestraft voor het draaideurbeleid van haar voorganger die daarmee de eigen achterban keer op keer in de kou liet staan. Zachte heelmeesters maken nu eenmaal stinkende wonden. Boontje komt om z’n loontje. Met haar laatste stellingname laat Dilan via diezelfde draaideur de splijtzwam ook bij haar achterban floreren. Geert, nota bene ooit politieke mentor van Rutte, heeft nu het heft in handen.
Met dank aan Frans en Dilan, die, langzaam verdrinkend, campagne voerden met hun kop in het eigen drijfzand. Oogkleppen op, in de blinde overtuiging het gelijk aan hun zijde te hebben. Maar gelijk hebben is iets anders dan gelijk krijgen. Hun schaduw staat hen in de weg. Politiek is nu eenmaal lelijk. Verliezen? Dat is ook democratie. Of je het nou leuk vindt of niet. En gelukkig hebben we Omtzigt nog, als hoeder van de rechtsstaat. Dat gaat nog wat worden. Wie er straks ook als laatste lacht zal dat hoe dan ook als een boer met kiespijn doen. Wat er ook gebeurt. Na regen komt zonneschijn. Vroeger of later. Altijd.
————-PETER BERGER———-
Ilja Leonard Pfeijffer in HP/DE TIJD over ‘de populist‘ OMTZIGT: “…Maar een pleidooi voor een zakenkabinet is een populistisch pleidooi. De buitenstaander Omtzigt wil het land laten besturen door buitenstaanders. Hij wil ministers die verre staan van de politieke elite. Bovendien is het allemaal niet zo simpel als Omtzigt het wil doen voorkomen. Het is een illusie om te denken dat beleidskeuzen objectiveerbaar zouden zijn, zodat specialisten louter op grond van hun kennis de juiste besluiten zouden kunnen nemen. De keuzen die gemaakt moeten worden zijn politieke keuzen. …“ “Je ziet het aan zijn irritante glimlachje tijdens de debatten. Hij is ervan overtuigd dat dossierkennis alle kennis is die ertoe doet tussen hemel en aarde en dat hij in dat opzicht superieur is aan zijn uitdagers. Hij heeft een continu wereldbeeld, waarin goed en fout overzichtelijk uitgesplitst zijn op een spreadsheet…”
Balancerende spreeuwen in hun vlucht het roekeloze verwijt aan een huidige november. Er wordt van alles beloofd – dat het gras groener wordt – aan gene zijde. Maar nu de dood voor ogen,
Op het scherpst van de snede. In het natte land nooit iets van vrede – de boer hij ploegde voort. Een vreemdeling is verdwaald zeker. Een zeer lieflijk landschap, maar wat dan nog –
Er valt weinig te lachen – kijk hoe eenzaam wij geworden zijn – in rang te sluiten nu je niet meer luistert, nu je in weer en wind sluimert, verdoold en schichtig je ongewisse toekomst in –
Elbert Gonggrijp
goud voor Elbert Gonggrijp deze week. dank aan de dichters die instuurden. op zeer eigen wijze en in heel eigen woorden verwoordt dichter gonggrijp de beschreven opdracht – hoe maak je van proza poëzie – nou dat is elbert goed gelukt. de opdracht luidde: dichters voelen haarfijn tijden van verbinding / ontbinding aan – tijden van teloorgang tijden van solidariteit – de wereld lijkt aan tijd gebonden – zolang er dichters zijn zal er geschreven worden over goede tijden of over slechte tijden. elbert beschrijft de teloorgang in elementen van natuurfenomenen.eigenlijk schrijft elbert zoals willink schilderde. ik doel op het schilderij Jobstijding (1932) – het naderend onheil – van Carel Willink.
De yogamoeder, weet eenelk, zorgt goed voor geest en rikketik, verlustigt zich aan havermelk en vindt men niet in Medemblik. Zij houdt van woke, yohimbethee en stemmen op de VVD.
***[D.B.]
zilver voor het zeer geestige gedicht van Ditmar Bakker deze week – toevallig ken ik medemblik haha – ik heb 7 jaren aan de rand van medemblik aan het ijselmeer gewoond – het land van opperdoezers, vette klei, de bootjes in de zomer, de vreselijk snijdende koude in de winter – ja daar in het westfriese wordt geen havermelk gedronken – daar lopen boeren nog vrij rond. hooguit vraagt import om havermelk – ‘van wie is dat er een? die is niet van hier!’ Ditmar beschrijft de groenlinks elite van de grachtengordel hier in 020. zaterdags havermelk snuiven op de noordermarkt. heeft ze toch stiekum vvd gestemd? een heerlijk gedichtje.
Cartouche – vanwege een en ander niet helemaal haaks…
Ditmar Bakker verlustigt zich aan havermelk
Frans Terken – altijd nog hoop
Anke Labrie – net kind genoeg gebleven
wie wint de enige echte virtuele – en wat wilt u nog over de wereld kwijt – trofee op pomgedichten punt nl?
dichters voelen haarfijn tijden van verbinding / ontbinding aan – tijden van teloorgang tijden van solidariteit – de wereld lijkt aan tijd gebonden – zolang er dichters zijn zal er geschreven worden over goede tijden of over slechte tijden – u kent de regels:gedichten niet te lang svp tenzij noodzaak – 20 regels is genoeg – insturen voor zondag 10 uur 30. stuur in op het u bekende gmail.com adres van pomgedichten@ – of benut de blauwe contact functie boven aan de pagina. of laat onder dit item een reactie achter -ik zorg er voor dat uw gedicht in het item wordt geplaatst. commentaar als altijd verzekerd.
foto: Ben Kleyn
brief aan de hemel
beste gerard, lieve jongen zoals jij de dingen in de wereld beschrijven kon deftig en altijd god bij de hand als jouw Steun & Toeverlaat en zijn moeder voor de broodnodige genade
jij die altijd op weg was naar onmogelijke dorpen in oostgroningen en friesland of waar die jongens van jou ook woonden jij die in het land der belgen voor alle nederlanders schreef maar vooral voor vrouwen
lieve gerard, beste jongen in dit land moeten we straks met die oude ‘peroxideproleet’ aan het hoofd zoals een dichter uit groningen hem ooit omschreef sinterklaas vieren
geven we hem dat prachtboek van jou kado De taal der liefde waarin jij schreef over al “die prachtvolken” die “met een zak vol spiegeltjes en kralen op de tjoeki tjoeki stoomboot” naar het “Takki Takki Oerwoud” verscheept moesten worden
kan ie op de albert cuyp markt alvast kralen en spiegeltjes kopen zeg maar Voor De Verbinding gerard Allemaal Naar God
pom wolff
Goedemorgen Pom, De wereld steeds kleiner, het schrijven groots. En toch verdwalen? Wereldwijds de doolhof.
Wereldwijds
Dolende ridders Draven door Grenzeloos
Don voorop Vanuit Quichot Richting Molenklap
Verkiezingstrijd Links en rechts Poppendans
Horlepiepen Temmen leeuwen Plukken druiven
Ongezond klimaat Jaagt zee op hol Bomen vallen om
Wereldwijds Drupt inkt uit pen Bloedrood
Tekst ingekort Woorden vuil Sprakeloos
Rob Mientjes
toch wel aardige impressies in korte vorm gegoten – peter le nobel zou van eenhapscrackers spreken. snoepjes die te denken geven. van oud en nieuw, van natuur en politiek, van de dichter tot ons en aan het einde sprakeloos. leuk gedaan. het is echt niet makkelijk om de wereldellende in poëzie te gieten. rob heeft een leuke vorm gevonden en benut.
Van verbinding naar vrede
De tijd rust in verbinding zelfs voor wie is heengegaan
het universum is voor een ieder gewenst het land lijkt op het solidaire verhaal
harde werkers schrijven zinnen in een lied vol zinnige compassie
zij spreken de gelijknamige taal de wereld laat hen overal toe
zij zingen over bar en boos gelijk het geluk van de ontheemde
een zekere zin vertelt de tijd vreedzaam te ontwapenen
stil te staan bij droevenis van de dood tijd rust nooit in ontbinding
van verbinding naar vrede wordt de mensheid tevreden.
Rik van Boeckel 25 november 2023
ergens tussen wens en droom de woorden van rik – de wereld ellende al omvattende woorden van rik mogen we wel tellen – de passage over de harde werekrs – dichters bevalt mij nog het meest:
zij zingen over bar en boos gelijk het geluk van de ontheemde
Soortelijk gewicht
vandaag is het tijd voor een dag opname vanwege een en ander niet helemaal haaks
ontschroeven geboden want windingen waren na jaren onredelijk in de war geraakt
de kop tolde, helde vervaarlijk naar rechts zodat het midden het niet meer bij kon benen
welgeteld dreigde onhoorbaar doldraaien aan de wandel raken, een zich repeterende breuk
fracturen behoeven kraakbeen om naar elkaar te groeien niet in schroeven verankerd hangen in pijlers van pijn
rijgcorsetten – zo vastbesloten als jij en ik nu niet anders vermogen dan zwichten voor de snee
waarna een bandage het verdonkerde bloed met zachte mond in zich op zal nemen
zijn kloppen, door hechting overbrugd kan winnen aan gewicht
zoveel – in een hand en polsgewricht
25-11-2023 / Cartouche
ik kan met deze beschrijving van een op hol geslagen mechaniek niet zo veel. sorry beste cartouche. de woorden doen me denken aan een verwoestende machine – een soort vuilniswagen waarin de vuilnisman het straatvuil vermaalt – hier lijken mensen in de machine geworpen. in ieder geval wordt er van alles en nog wat uit elkaar geschroefd tot bloedens toe zoveel is zeker. het zal allemaal wel overdrachtelijk bedoeld zijn – maar de woorden hebben mij niet bereikt – het zal de witte wijn wel zijn.
In tijden van zorg
Met een zwachtel uiteengevallen ledematen omwikkelen en een rekverband het werk laten doen
daar zijn verplegers en verpleegsters voor nodig die hoofdschuddend zoeken naar hoe te hechten
en waar het begin te maken misschien helpt een dokter erbij een die nooit om woorden verlegen zit
zolang niet het hoofd van de romp gescheiden zegt hij is er altijd nog hoop
de dichter vraagt – waar een begin te maken? in tijden van zorg – uiteindelijk gaat alles over – uiteindelijk gaat alles voorbij – hoop op een nieuw begin hoe ver een nieuw begin ook nog uit het zicht is.
ineens belandde je op deze wereld zonder ook maar te weten waar een vrije keuze heb je nooit gehad
de longen uit je lijf geschreeuwd voor je in zoete kleertjes werd gehesen en snel een fopspeen hebt gekregen
al gauw ben je op weg gegaan het sprookjesboek onder je arm de goede afloop die verzon je zelf
nu veel ellende van het scherm spat ben je nog net kind genoeg gebleven om vaak je eigen wereld in te kleuren
anke labrie (26-11-2023)
hoe de wereld de wereld van kinderen kan overkomen. in zekere zin een boze buitenwereld blijft als kinderen binnen spelen. gelukkig maar.
beste gerard, lieve jongen zoals jij de dingen in de wereld beschrijven kon deftig en altijd god bij de hand als jouw Steun & Toeverlaat en zijn moeder voor de broodnodige genade
jij die altijd op weg was naar onmogelijke dorpen in oostgroningen en friesland of waar die jongens van jou ook woonden jij die in het land der belgen voor alle nederlanders schreef maar vooral voor vrouwen
lieve gerard, beste jongen in dit land moeten we straks met die oude ‘peroxideproleet’ aan het hoofd zoals een dichter uit groningen hem ooit omschreef sinterklaas vieren
geven we hem dat prachtboek van jou kado De taal der liefde waarin jij schreef over al “die prachtvolken” die “met een zak vol spiegeltjes en kralen op de tjoeki tjoeki stoomboot” naar het “Takki Takki Oerwoud” verscheept moesten worden
kan ie op de albert cuyp markt alvast kralen en spiegeltjes kopen zeg maar Voor De Verbinding gerard Allemaal Naar God
XV. Op het kozijn een potloodstreep: je zag ’t belang om twaalf uur als de zon die lijn schaduw toewierp, maar donker was de dag, dus was ’t een potloodstreep op het kozijn. De klok stond zwijgend stil; het was een rank roze herderinnetje, een huls die ooit herinneringen opriep op de plank, maar die nu alles leeg liet: zij sloeg nooit. Toen kwam het bij haar op dat hij misschien, want van zijn geest gesprongen ook de veer, gelijk was, zo men wou: klok evenzeer, die ook stilstond om twintig over tien – De reden hiervoor was, dacht zij sereen: Gestorven waren dingen klok noch mens, maar dood alleen.
There was upon the sill a pencil mark, Vital with shadow when the sun stood still At noon, but now, because the day was dark, It was a pencil mark upon the sill. And the mute clock, maintaining ever the same Dead moment, blank and vacant of itself, Was a pink shepherdess, a picture frame, A shell marked Souvenir, there on the shelf. Whence it occurred to her that he might be, The mainspring being broken in his mind, A clock himself, if one were so inclined, That stood at twenty minutes after three — The reason being for this, it might be said, That things in death were neither clocks not people, but only dead.